CConstaterende datDen Helder
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel (Advies) vaststellen SAMP.pdf

Gemeenteraad 10 juni 2025, gemeente Den HelderBij agendapunt: 18: Voorstel tot het vaststellen van het Strategisch Assetmanagement Plan (SAMP) 2025-2030.3.200 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Advies

Raadsvoorstel-advies Aan:

De gemeenteraad

Portefeuillehouder:

Wethouder Zuiddam

Van team: Adviseur: E-mail:

Betrokken portefeuillehouder: Classificatie:

Openbaar

Kenmerk: 0000373533

Marieke Holthuijsen m.holthuijsen@denhelder.nl

Datum voorstel: 6 mei 2025 Onderwerp:

Raadsvoorstel tot het vaststellen van het Strategisch Assetmanagement Plan (SAMP) 2025-2030

Publiekssamenvatting: In het Strategisch Assetmanagement Plan (SAMP) 2025-2030 wordt de komende vijf jaar vooruitgekeken naar het beheer van de kapitaalgoederen (assets) in de openbare ruimte. Onder de assets vallen bijvoorbeeld bomen, wegen lichtmasten en het riool. In het SAMP wordt de strategie van beheer vastgelegd. Ook biedt het SAMP een doorkijk verder dan vijf jaar; hoe voeren we in de toekomst systematisch beheer uit in de hele gemeente. Het SAMP bouwt voort op de visie “Nieuw Perspectief op de openbare ruimte". Daarnaast legt het SAMP de waarden van onze organisatie vast, ons morele kompas, die we gebruiken als richtlijn voor projecten in de openbare ruimte. Geadviseerd besluit: Het college besluit de gemeenteraad voor te stellen: 1. Het Strategisch Asset Management Plan (SAMP) 2025-2030 vast te stellen. 2. Met de vaststelling van het Strategisch Asset Management Plan (SAMP) 2025-2030, de “Helder(s)e visie op Openbare Ruimte Nieuw Perspectief” in te trekken en ook het hieruit volgende uitvoeringsprogramma. 3. Met de vaststelling van het Strategisch Asset Management Plan (SAMP) 2025-2030 de daarin genoemde organisatiewaarden en waardering vast te stellen en het model te gebruiken als afwegingskader voor projecten in de openbare ruimte. 4. Het in het Strategisch Asset Management Plan (SAMP) 2025-2030 genoemde scenario 4 uit te voeren.

Aanleiding en context Het Strategisch Assetmanagement Plan (SAMP) 2025-2030, verder te noemen SAMP, is opgesteld om een duidelijke verbinding te leggen tussen de langetermijnvisie van de gemeente en het dagelijkse beheer van de kapitaalgoederen (assets) in de openbare ruimte. Assets zijn bijvoorbeeld de lichtmasten, bomen of fietspaden. Hiermee zorgen we dat onze acties en keuzes aansluiten op de ambities en doelstellingen die door de gemeenteraad zijn vastgesteld, zoals verwoord in bijvoorbeeld de Omgevingsvisie "Koers op een sterke thuishaven" en het Programma Duurzaamheid. Het SAMP vertaalt deze overkoepelende visies naar een concrete beheerstrategie. Dit betekent dat we bewuste keuzes maken over het beheer van onze assets. Hierbij moet het voor iedereen binnen de organisatie, van gemeenteraad tot medewerkers, duidelijk moet zijn wat we doen en waarom. Zo leveren we een actieve bijdrage aan de visie en ambities voor alle inwoners van de gemeente. Beleidskader Met dit SAMP als Omgevingsprogramma sluiten we aan op het invoeren van de Omgevingswet en professionaliseren we de gemeentelijke organisatie door middel van assetmanagement. 0000373533- pag. 1 van 7

Na de uitvoering van Nieuw Perspectief uit 2015 (RB17.0008) is er behoefte aan een update van het beleidskader voor de openbare ruimte, het SAMP is hiervan de uitwerking. Het SAMP vervangt dan ook Nieuw Perspectief vanaf moment van vaststelling door de raad. Het SAMP leggen we nu voor 5 jaar vast. Hoewel het SAMP een doorkijk geeft naar 2080, is het niet mogelijk om alles overziend zover in de toekomst te kijken. Met een looptijd van 5 jaar is het mogelijk om de strategie op gezette momenten bij te kunnen stellen. Bij vaststellen van het SAMP hoort ook het intrekken van De Helder(s)e visie op Openbare Ruimte Nieuw Perspectief. De visie op de openbare ruimte is inmiddels vastgelegd in de Omgevingsvisie. Het SAMP is als Omgevingsprogramma een strategische voortzetting hiervan. De uitvoering krijgt een vervolg in de projecten die volgen uit de beheerstrategie, GGW, risico-gestuurd en 'kansprojecten'. Op 20 januari 2025 heeft u besloten het SAMP van de agenda te halen. De wethouder heeft de voorgestelde motie overgenomen en daarmee de volgende punten afgesproken. 1. Een onderzoek uit te voeren naar de kosten van scenario 3, waarbij: a. Overlap met bestaande beleidsplannen en budgetten wordt meegenomen in de berekeningen. b. De haalbaarheid en financiële impact voor de gemeente duidelijk wordt gemaakt. c.

Mogelijkheden voor aanvullende financiering vanuit provincie, Den Haag en EU worden verkend. 2. de resultaten van dit onderzoek met de raad te delen vóór de behandeling van kadernota 2026-2030. Middels raadsinformatiebrief 373533 en de beeldvormende avond op 12 mei is invulling gegeven aan deze afspraak. Doelen en resultaten Beheerstrategie uitvoeren volgens de door de gemeente reeds vastgestelde doelen. Maar wel met een getemporiseerde en haalbare uitvoering, waarmee in 2080 deze doelen behaald zijn. Het SAMP borgt deze doelen in het programma Gebiedsgericht Werken (GGW). Met deze aanpak wordt de stad wijk voor wijk aangepakt en al het mogelijke werk aan de beheerobjecten (assets) waar dat kan in één keer uitgevoerd om de overlast tot een minimum te beperken en om de kosten zo laag mogelijk te houden. Werk dat buiten het GGW-programma valt, wordt risicogestuurd aangepakt. Hierbij wordt een risicoafweging gemaakt of werkzaamheden uitgevoerd of uitgesteld kunnen worden. Op deze manier wordt kritisch gekeken naar en de focus gelegd op de zaken die een substantiële bijdrage leveren aan de openbare ruimte. Naast de GGW en het risicogestuurd beheer, zijn er zogenaamde 'kansprojecten'. Binnen deze projecten sluit het beheer van de openbare ruimte aan op ontwikkelingen in de openbare ruimte. Voor de beheerstrategie is een afwegingskader nodig.

Dit wordt in het SAMP vastgelegd met de organisatiewaarden en een wegingsfactor. Kaders en omstandigheden De bestuurlijke context bestaat onder andere uit de algemene wet- en regelgeving en organisatie-specifiek beleid. Landelijk en Europees Landelijk is de Omgevingswet van groot belang voor de fysieke leefomgeving. Bijvoorbeeld de Wet Natuurbescherming is hierin opgegaan. Maar ook de Wegenwet en de Wegenverkeerswet zijn van belang voor duidelijkheid over de verantwoordelijkheid op het gebied van weten. Daarnaast zijn bijvoorbeeld de Europese Kaderrichtlijn Water, het klimaatakkoord en de recente Europese Natuur Herstelwet van invloed op het beheer van de openbare ruimte. Gemeentelijk beleid Bij het intrekken van De Helder(s)e visie op Openbare Ruimte Nieuw Perspectief en het Uitvoeringsprogramma, is een evaluatie hiervan op zijn plaats. De visie op de openbare ruimte is inmiddels vastgelegd in de Omgevingsvisie. Het SAMP is, als Omgevingsprogramma een strategische voortzetting hiervan. De uitvoering krijgt een vervolg in de projecten die volgen uit de strategie, GGW, risicogestuurd en 'kansprojecten'. De uitvoering krijgt ook een vervolg in de beheerplannen, die in 2025 worden aangeboden aan het college en indien nodig ook aan de raad. Organisatiewaarden Nieuw in dit omgevingsprogramma zijn de organisatiewaarden.

Dit zijn eigenlijk kernwaarden, die aangeven wat een organisatie nastreeft. Het zijn onderwerpen of thema’s die voor de gemeente en haar belanghebbenden belangrijk zijn. Je zou kunnen zeggen dat organisatiewaarden het morele kompas vormen van de organisatie. Ze vloeien voort uit de beleidshaven, de door de gemeente vastgestelde beleidsdocumenten. Werken met organisatiewaarden leidt tot een transparante manier van werken, gebaseerd op de ambities van de gemeente. 0000373533- pag. 2 van 7

De organisatiewaarden zijn richtinggevend voor de manier waarop keuzes worden gemaakt en besluiten worden genomen. Onze organisatiewaarden zoals opgenomen in het SAMP zijn: 1. Vestigingsklimaat (5) 2. Duurzaamheid & toekomstbestendigheid (4) 3. Omgevingskwaliteit (4) 4. Gezondheid & veiligheid (3) 5. Bereikbaarheid (2) Het getal tussen haakjes, achter de organisatiewaarden, geeft aan hoe belangrijk de gemeente de betreffende organisatiewaarde vindt ten opzichte van de andere organisatiewaarden. Hierbij is vijf de hoogste waardering en één de laagste. Ook de waardering van de organisatiewaarden komt voor uit de beleidshaven. Argumenten en alternatieven Er zijn keuzes te maken in welk tempo beheer en onderhoud uitgevoerd wordt. Deze keuzes hebben voor- en nadelen. De scenario’s hebben ook invloed op de nodige investeringskosten. De investeringskosten die hier genoemd worden zijn richtinggevend. Naarmate de projecten verder worden uitgewerkt, wordt het inzicht in de nodige investeringen ook concreter. De hierna genoemde bedragen zijn dus een indicatie van de kosten, voor het uitvoeren van het betreffende scenario. Deze scenario’s zijn als volgt: 1. Beheerstrategie uitvoeren in de basis, alleen uitvoeren noodzakelijk (groot) onderhoud;  Op dit moment is het budget voor de GGW-beheerstrategie vastgesteld tot en met 2027.

Dit volgt uit het beleidsdocument Nieuw Perspectief (2015) (Gemeente Den Helder, 2024) en het Programma Stedelijk Water & Riolering (2023-2027) (Gemeente Den Helder, 2024). Indien er na 2027 geen budget beschikbaar gesteld wordt voor de GGW-beheerstrategie, is het alleen nog mogelijk om op basis van risicogestuurd beheer de openbare ruimte te onderhouden. Grote vervangingen en klimaat-adaptieve maatregelen zijn niet mogelijk. 2. Beheerstrategie uitvoeren volgens de door de gemeente gestelde doelen in 2040;  Om in 2040 te kunnen voldoen aan de vastgestelde gemeentelijke doelen, zoals bijvoorbeeld in het Programma Duurzaamheid, is het noodzakelijk om gemiddeld vier woonbuurten per jaar te realiseren volgens de GGW-beheerstrategie. Dit vraagt een zeer grote inspanning op het gebied van participatie, werkvoorbereiding, onderzoeken, ontwerpen en de beschikbaarheid vanuit de markt. 3. Beheerstrategie uitvoeren volgens de door de gemeente gestelde doelen in 2050;  Om in 2050 te kunnen voldoen aan de vastgestelde gemeentelijke doelen is het noodzakelijk om gemiddeld drie woonbuurten per jaar te realiseren volgens de GGW-beheerstrategie. Dit vraagt een behoorlijke inspanning op het gebied van participatie, werkvoorbereiding, onderzoeken, ontwerpen en de beschikbaarheid vanuit de huidige markt. 4.

Beheerstrategie uitvoeren volgens de door de gemeente gestelde doelen, met getemporiseerde uitvoering tot circa 2080.  Om in 2050 te kunnen voldoen aan de vastgestelde gemeentelijke doelen is het noodzakelijk om gemiddeld drie woonbuurten per jaar te realiseren volgens de GGW-beheerstrategie. Dit vraagt een behoorlijke inspanning op het gebied van participatie, werkvoorbereiding, onderzoeken, ontwerpen en de beschikbaarheid vanuit de huidige markt. Om de uitvoering mogelijk te maken, zowel financieel als qua ambtelijke capaciteit, temporiseren we de uitvoering. Met dit scenario behalen we de gestelde doelen niet in 2050 maar in 2080. De huidige planning van de GGW-buurten wordt aangehouden. Dit betekent dat we voor één buurt per jaar de voorbereidingen starten. Advies Er wordt geadviseerd om scenario 4 te volgen. In dit scenario wordt een realistische planning gepresenteerd, gebaseerd op de momenteel beschikbare ambtelijke capaciteit. Bovendien is het investeringsniveau zowel voor de korte als lange termijn beter in balans; als je nu heel veel assets gaat vervangen (investeringskosten), dan zal de vervanging van deze assets in de toekomst ook op hetzelfde moment moeten gebeuren en zal er opnieuw grootschalig geïnvesteerd moeten worden in de assets van de openbare ruimte.

Als het SAMP niet wordt vastgesteld en besloten wordt scenario 4 niet uit te voeren, hangen hier de volgende risico's aan (risico's van scenario 1): 0000373533- pag. 3 van 7

       

Lager ambitieniveau dan de door de gemeenteraad vastgestelde gemeentelijke ambities en doelstellingen; Geen invulling kunnen geven aan GGW-doelen; Minimale participatie met bewoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties en geen ruimte voor het inpassen van wensen die volgen uit participatie; Op de lange termijn wordt ingeboet op de kwaliteit van de openbare ruimte, zowel de beeldkwaliteit als de (sociale)veiligheid lopen terug; Niet bijdragen aan landelijke en Europese (klimaat)doelstellingen; Niet voldoen aan reeds gemaakt afspraken met samenwerkende overheden; Op de lange termijn zijn grotere investeringen nodig om de assets te vervangen; Technische afschrijving van de assets gaat sneller, kosten lopen enorm op.

De risico’s van het volgen van scenario 2 of 3 zijn als volgt: Scenario 2:  Vraagt meer inzet van menskracht en financiële middelen. Met een versnellingsfactor 4, zal de capaciteit ook met een factor 4, ten opzichte van scenario 4, uitgebreid moeten worden;  Binnen de huidige gemeentelijke begroting is er beperkt ruimte voor investeringen;  Huidige markt biedt niet voldoende capaciteit/materiaal/materieel om werkzaamheden uit te voeren of er is onvoldoende interesse in de locatie;  Door de aanpak van vier woonbuurten tegelijk, gaat de afschrijving met een factor vier omhoog. In de toekomst zijn deze woonbuurten ook weer gelijktijdig aan vervanging toe;  Het volledig herinrichten van vier woonbuurten tegelijk, zorgt voor onoverkomelijke overlast voor inwoners, ondernemers en bezoekers;  Objecten zijn voor nood- en hulpdiensten niet binnen de normtijd te bereiken. Scenario 3:  Vraagt meer inzet van menskracht en financiële middelen.

Met een versnellingsfactor 3, zal de capaciteit ook met een factor 3, ten opzichte van scenario 3, uitgebreid moeten worden;  Binnen de huidige gemeentelijke begroting is er beperkt ruimte voor investeringen;  Huidige markt biedt niet voldoende capaciteit/materiaal/materieel om werkzaamheden uit te voeren of er is onvoldoende interesse in de locatie;  Door de aanpak van drie woonbuurten tegelijk, gaat de afschrijving met een factor drie omhoog. In de toekomst zijn deze woonbuurten ook weer gelijktijdig aan vervanging toe;  Het volledig herinrichten van drie woonbuurten tegelijk, zorgt voor onoverkomelijke overlast voor inwoners, ondernemers en bezoekers;  Objecten zijn voor nood- en hulpdiensten niet binnen de normtijd te bereiken. Duurzaamheid De gemeente heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan. In het Programma Duurzaamheid zijn dan ook stevige ambities beschreven. De vraag is hoe het SAMP, vanuit beheer, hier een bijdrage aan kan leveren. Daarbij dient ook rekening gehouden te worden met de natuurlijke afschrijving van de assets. Het vroegtijdig vervangen van assets die nog een goede bijdrage leveren aan de openbare ruimte, zorgt voor meer afval en een hogere CO2-uitstoot. Onnodig en niet duurzaam. Vanuit het SAMP kunnen de gestelde doelstellingen voor de gemeente dan ook niet binnen het gewenste tijdspad gerealiseerd kunnen worden (2040 of 2050).

Wel is het haalbaar om deze, met een acceptabele vertraging, in 2080 te bereiken. Op deze manier zorgen we voor een langdurig gebruik van assets en creëren we geen onnodig afval. Bestuurlijke vernieuwing Het SAMP is een voortzetting van visie- en beleidsdocumenten, waarvoor al participatie heeft plaatsgevonden. Volgend uit het SAMP worden de huidige beheerplannen (met een looptijd tot 2025) herzien. Deze worden samengevoegd in één integraal beheerplan voor de openbare ruimte.

0000373533- pag. 4 van 7

Financiële consequenties Financiële consequenties

De keuze in het uit te voeren scenario heeft financiële consequenties op de lange termijn. Kort samengevat worden de indicatieve kosten in onderstaande tabel weergegeven.

Indicatie Naarmate de GGW-projecten verder worden uitgewerkt, wordt het inzicht in de benodigde investeringen ook concreter. De genoemde bedragen zijn dus een indicatie van de kosten, voor het uitvoeren van het betreffende scenario. Voor de verschillen tussen de scenario’s geldt dat, los van de technische uitvoerbaarheid, scenario 2 en 3 een versnelling van investeringen met zich meebrengen. Het gevolg daarvan zal zijn dat ook de lasten in de vorm van rente en afschrijvingen sneller toenemen. Dit werkt door in sterkere stijging van het tarief voor de rioolheffing en een groter beslag op de algemene middelen voor de investeringen in de openbare ruimte. Indicatieve kosten scenario 1 De gemiddelde investeringskredieten voor scenario één bedragen €19 miljoen per jaar. Hierbij is geen rekening gehouden met de toekomstige (maatschappelijke) kosten voor het niet halen van de gestelde doelen en ambities. Op termijn zullen de kosten dus enorm oplopen in dit scenario. Indicatieve kosten scenario 2, 3 en 4 Voor het programma Nieuw Perspectief is in de huidige begroting tot en met 2027 jaarlijks €1,6 miljoen vastgelegd, in het scenario 2, 3 en 4 wordt deze ruimtevrager in opvolgende jaren voortgezet. De indicatieve kosten voor een GGW-project per buurt zijn €21 miljoen. In scenario 3, dient dit bedrag verdrievoudigd te worden. In scenario 2 gaat dit x 4.

Met deze indicatieve berekeningen is een aanname gedaan van VAT kosten, onvoorziene kosten en een risicoreservering van totaal 50% gedaan. Dit is ruim begroot. Ruimtevragers Ongeveer 2 jaar voor uitvoering van een project, is bekend wat de kosten zullen zijn voor de uitvoering van een buurt. Dit is de reguliere tijd die nodig is voor de voorbereiding van het uit te voeren werk. De kosten kunnen per buurt verschillen. Voorafgaand aan de voorbereiding is er nog een periode van eveneens twee jaar waarin het ontwerp en de aanpak wordt uitgewerkt en afgestemd met de buurt. Na de eerste twee jaar kan worden aangegeven welke krediet omvang per buurt nodig is. Omdat het SAMP een strategisch document is, zijn deze voorbereidende stappen voor de komende projecten nog niet doorlopen. Na vaststelling van het SAMP komt de eerste kredietaanvraag voor het volgende uitvoeringsproject bij de kadernota 2028. Beschikbaar budget  Voor de voor GGW is €1, miljoen is vastgelegd in de huidige begroting t/m 2027.  Jaarlijks is €8,2 miljoen beschikbaar vanuit de investering Riolering.  Vanuit de overige assets (Groen, Wegen, Spelen, Openbare Verlichting) is ook regulier budget (investeringen en exploitatie) beschikbaar voor het nodige onderhoud binnen een GGW-project. Met het voortzetten van €1,6 miljoen vanuit de GGW, blijft nog €9,8 miljoen nodig voor de overige assets.

Er is vanuit de overige asset-groepen per jaar gemiddeld een bijdrage beschikbaar van €1,8 miljoen. Deze bijdrage is beschikbaar, omdat vanuit de overige assets ook een beheeropgave is in de GGW-projecten. Verwacht wordt dat de ruimtevrager de komende jaren per GGW-project €8 miljen wordt. Dit kan echter pas specifiek worden uitgewerkt binnen een project, waarbij inzichtelijk wordt wat de te nemen maatregelen zijn.

0000373533- pag. 5 van 7

Financiële consequenties voor het regulier beheer van de assets, buiten de GGW, worden opgenomen in de komende beheerplannen. Uitvoering en Planning Beleidsstukken Het SAMP wordt vastgesteld voor een periode van vijf jaar. In het SAMP wordt wel een doorkijk gegeven naar 2080. Na vijf jaar wordt het SAMP herzien. Dat is het moment om bij te sturen naar de actualiteiten van dat moment. In navolging van het SAMP worden de beheerplannen van de assets in de openbare ruimte (die een looptijd hebben van 2020-2025) herzien. Deze worden met de herziening als één beheerplan voor de openbare ruimte aan de raad aangeboden. Op deze manier loopt de planning de komende jaren gelijk op, voor zowel het SAMP als de beheerplannen. Uitzondering hierop zijn beheerplannen voor specifieke gebieden. Het beheerplan voor het Bos Donkere Duinen bijvoorbeeld, heeft een looptijd van 10 jaar en is in 2023 vastgesteld. GGW planning Met scenario vier gaan we in de planning van de GGW in ongeveer 55 jaar de hele stad door, beginnende bij het gebied ‘Binnen de Linie’. In deze wijk zijn de klimaat- en onderhoudsopgaven het grootst. Momenteel wordt gewerkt in het Centrum en de Oostslootbuurt. Voor de buurt Binnen de Linie-West is de voorbereiding gestart. Daarnaast wordt voor alle buurten in de wijk Binnen de Linie doorgerekend welke maatregelen nodig zijn. In de figuur hieronder wordt dit weergegeven.

Globaal ziet de planning van een GGW-project eruit, zoals in de tabel hieronder weergegeven. Dit is een globale planning en elke fase kan per project anders zijn. Jaar 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10

Q1 – januari

Q2 - april

Initiatieffase Definitiefase Ontwerpfase Voorbereidingsfase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Nazorgfase

Initiatieffase Definitiefase Ontwerpfase Voorbereidingsfase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Nazorgfase

Q3 - juli Initiatieffase Definitiefase Ontwerpfase Voorbereidingsfase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Nazorgfase

Q4 - oktober Initiatieffase Definitiefase Ontwerpfase Voorbereidingsfase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Realisatiefase Nazorgfase

Met de planning van de GGW wordt actief de samenwerking gezocht met programma's zoals Kansrijke buurten. Communicatie 0000373533- pag. 6 van 7

De strategie beschreven in het SAMP is voornamelijk voor intern gebruik. Tijdens het opstellen van het SAMP is uitvoerig samengewerkt tussen verschillende teams. Na vaststelling van het SAMP wordt de beschreven werkwijze onderdeel van het dagelijks werk. Communicatie hierover zal dus op teamniveau worden opgepakt. De projecten die voortkomen uit het GGW-programma hebben een bijzonder grote impact op de inwoners van Den Helder. Goede communicatie en participatie is dan ook standaard een onderdeel van deze projecten. De uitvoering hiervan wordt per project opgepakt.

0000373533- pag. 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.denhelder.nl/api/v1/meetings/2237/documents/24761