Presentatie keuzeopgaven raad ihkv de Omgevingswet.pdf
Tekst van het document
Consultatie hoofdlijnen keuzeopgaven Omgevingswet gemeenteraad 1-9-2021
Keuzeopgaven gemeenteraad bij de Omgevingswet • U bent in april 2021 geïnformeerd via raadsinformatiebrief 2021011288 • Vier keuzeopgaven waar de gemeenteraad een besluit op moet nemen voor invoering van de Omgevingswet - Gevallen waarin er sprake is van advies met instemming - Gevallen waarin de uitgebreide procedure wordt toegepast - Gevallen waarin er sprake is van verplichte participatie - Onderdelen van het omgevingsplan die worden gedelegeerd van naar college
gemeenteraad
Vandaag: consultatie over de hoofdlijnen van deze keuzeopgaven
Toelichting op de vier keuzeopgaven: - Aanwijzen adviesrecht met instemming - Aanwijzen verplichte participatie - Aanwijzen toepassing uitgebreide procedure - Delegatie van onderdelen omgevingsplan
Toelichting: adviesrecht met instemming Met de omgevingsvisie en het omgevingsplan stuurt uw raad het te volgen beleid, zoals gebruikelijk is binnen een gemeente. Initiatieven en plannen die passen binnen het omgevingsplan kunnen eenvoudig en sneller verder. De besluitvorming rond initiatieven die in strijd zijn met het omgevingsplan en waarvoor een omgevingsvergunning nodig is wordt onder de Omgevingswet neergelegd bij het college. De standaardprocedure is dat het college van B&W het bevoegd gezag is voor het afgeven van alle omgevingsvergunningen. De Omgevingswet biedt echter de mogelijkheid dat de raad voor bepaalde situaties een bindend advies aan het college kan geven. De raad mag zelf besluiten voor welke situaties een dergelijk bindend advies gegeven dient te worden.
Toelichting: verplichte participatie De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie om tijdig belangen, meningen en creativiteit op tafel te krijgen. Daarom zijn in de Omgevingswet en in het Omgevingsbesluit enerzijds regels over participatie opgenomen, anderzijds wordt veel vrijheid geboden (de participatie is vormvrij). Er zijn in principe twee manieren waarop buitenplans medewerking kan worden verleend aan een van het omgevingsplan afwijkende activiteit: 1. Wijziging van het omgevingsplan; 2. Omgevingsvergunning voor activiteit die afwijken van het omgevingsplan (buitenplanse omgevingsplanactiviteit ook wel afgekort ‘opa’).
Toelichting: verplichte participatie In het eerste geval is het op basis van het Omgevingsbesluit (artikel 10.2) altijd verplicht om aan participatie te doen. Voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (opa’s) kan de gemeenteraad gevallen aanwijzen waarbij participatie door de aanvrager verplicht is. Bij de implementatie van de Omgevingswet moet uw gemeenteraad daarom voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit bepalen of en zo ja, in welke gevallen van activiteiten participatie verplicht is. Dit dient uw raad te doen voordat een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt ingediend.
Toelichting: toepassen uitgebreide procedure De reguliere procedure is het uitgangspunt in de Omgevingswet. De beslistermijn voor de reguliere procedure is 8 weken. Daarna is er nog bezwaar en beroep mogelijk. Het bevoegd gezag kan de beslistermijn eenmalig verlengen met 6 weken. Uitzonderingen op het toepassen van de reguliere procedure staan op diverse plaatsen in de Omgevingswet en in artikel 10.24 van het Omgevingsbesluit. In die gevallen wordt de uitgebreide procedure toegepast. Het bevoegd gezag beslist binnen 6 maanden na een aanvraag. Tijdens de uitgebreide procedure maakt het bestuursorgaan een ontwerpbesluit waarover zienswijzen openstaan. Nadat het besluit is genomen is er nog beroep bij de rechtbank mogelijk.
Toelichting: delegatie onderdelen omgevingsplan Uw raad kan de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan delegeren aan het college. Het delegatiebesluit vormt een afzonderlijk besluit, dat geen deel uitmaakt van het omgevingsplan. Het delegatiebesluit geeft de reikwijdte van de bevoegdheid. Het bepaalt binnen welke grenzen en onder welke voorwaarden de bevoegdheid kan of moet worden uitgeoefend. Ook kan in het delegatiebesluit bepaald worden hoe het college uitvoering moet geven aan de gedelegeerde bevoegdheid. Met delegatie wordt de uitvoering van het beleid bij het uitvoerende orgaan neergelegd.
Toelichting: delegatie onderdelen omgevingsplan Vooruitlopend op het werken met het omgevingsplan zijn bepaalde mogelijkheden voor delegatie denkbaar: 1. Delegatie van het vertalen van verleende omgevingsvergunningen in afwijking van het omgevingsplan. Waarschijnlijk worden ontwikkelingen in de toekomst steeds vaker met een omgevingsvergunning mogelijk gemaakt. Dit kan straks ook nog steeds in afwijking van het omgevingsplan. De Omgevingswet bepaalt dat de gemeenteraad vergunningen voor afwijkactiviteiten binnen vijf jaar moet verwerken in het omgevingsplan. De raad stuurt op hoofdlijnen en het vertalen van verleende omgevingsvergunningen is een administratieve handeling, daarom leent dit zich goed voor delegatie.
Toelichting: delegatie onderdelen omgevingsplan 2. Delegatie van het vertalen van beleidsregels van raad en college in het omgevingsplan. Wanneer de raad of het college beleidsregels heeft vastgesteld die doorvertaling in het omgevingsplan behoeven, kan dit door het college worden gedaan. Het gaat immers om het vertalen van beleid waar al sprake is geweest van een inhoudelijke afweging. Een dergelijke aanpassing van delen van het omgevingsplan is aan te merken als uitvoering en daarmee ligt delegatie aan het college voor de hand.
Toelichting: delegatie onderdelen omgevingsplan 3. Delegatie bij voorbereidingsbesluit. Het voorbereidingsbesluit is een besluit dat tijdelijk ontwikkelingen inperkt, die op grond van de geldende regels mogelijk zijn. Het kan bijvoorbeeld dat iets is toegestaan volgens het huidige bestemmingsplan, maar niet volgens het omgevingsplan in voorbereiding. De gemeenteraad kan dan een voorbereidingsbesluit nemen, waardoor regels tijdelijk niet gelden. De bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit kan worden gedelegeerd aan het college. Deze mogelijkheid bestaat onder de Wet ruimtelijke ordening niet. In de nieuwe wet is dit opgenomen omdat het college een omgevingsplan voorbereidt en daarmee dan ook goed in staat is om op een effectieve wijze een voorbereidingsbesluit te nemen ten einde de bestaande ongewenste situatie te ‘bevriezen’.
Consultatie: hoofdlijnen voor de keuzeopgaven
Bespreekpunt 1: Om de besluitvorming rondom buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor adviesrecht met instemming van de raad geldt praktisch uit te kunnen voeren (bijvoorbeeld met het oog op de bestuurlijke termijnkalender) dient ook de uitgebreide procedure in die gevallen toegepast te worden. Deze lijsten met gevallen dienen dus gelijkgeschakeld te worden. Aangezien het daarbij gaat om gevallen met veel gevolgen voor de leefomgeving is het logisch om voor die gevallen ook participatie door de initiatiefnemer verplicht te stellen. Voorstel: Te kiezen voor één lijst met gevallen waarvoor zowel adviesrecht met instemming, toepassen van de uitgebreide procedure en verplichte participatie door de initiatiefnemer van toepassing is.
Bespreekpunt 2:
Het adviesrecht met instemming bouwt voort op de bestaande verklaring van geen bedenkingen (VVGB) onder de huidige Wet ruimtelijke ordening, waarvoor in april 2021 een nieuwe lijst met gevallen is vastgesteld door uw gemeenteraad. Deze lijst is actueel en kan worden aangepast naar de nieuwe werkwijze. Voorstel: De huidige lijst met gevallen voor de VVGB als basis gebruiken en ombouwen naar de nieuwe werkwijze. Alternatieven: Een nieuwe lijst opstellen op basis van meest voorkomende (grote) afwijkingen of een nieuwe lijst opstellen op basis van belangrijkste thema’s voor de raad
Bespreekpunt 3: Onder de Omgevingswet kunnen onderdelen van het omgevingsplan (bevoegdheid van de gemeenteraad) worden gedelegeerd naar het college. In sommige gevallen kan dit zorgen voor meer snelheid en efficiëntie, maar de gemeenteraad kan bij sommige keuzes hiermee een deel van haar kaderstellende rol kwijtraken. Deze onderdelen kunnen worden gedelegeerd aan het college: - Het vertalen van verleende omgevingsvergunningen in afwijking van het omgevingsplan. - Het opnemen van verwijzingen in het omgevingsplan naar door college en gemeenteraad vastgestelde beleidsregels. - Het nemen van voorbereidingsbesluiten.
Bespreekpunt 3: Het eerste onderdeel is de administratieve verwerking van een bevoegdheid van het college (vergunningverlening) en het tweede onderdeel betreft uitvoering geven aan gemaakt beleid. Het derde onderdeel vraagt om een politieke afweging qua wenselijkheid. Voorstel: Voor een efficiënte werking van het omgevingsplan wordt voorgesteld om de onderdelen ‘vertalen van verleende omgevingsvergunningen in afwijking van het omgevingsplan’ en ‘het opnemen van verwijzingen naar vastgestelde beleidsregels’ te delegeren naar het college.
Bespreekpunt 4:
Discussiepunt: Moet het nemen van voorbereidingsbesluiten ook aan het college worden gedelegeerd? Denk hierbij aan recente voorbeelden (voorbereidingsbesluit Wonen, voorbereidingsbesluit Supermarkten). Zouden deze besluiten ook bij het college kunnen liggen?
Bespreekpunt 5:
De Omgevingswet is nieuw voor iedereen: raadsleden, college en ambtenaren. Daarom is nog niet volledig te overzien hoe de gemaakte keuzes zullen uitpakken. Tegelijkertijd dient vóór invoering van de Omgevingswet wel een besluit genomen te zijn over deze keuzeopgaven. Voorstel: Over anderhalf jaar, in het tweede half jaar van 2023, de werking van de keuzes door de gemeenteraad te evalueren en waar nodig bij te stellen.
Vervolgproces
• Opstellen raadsvoorstel aan de hand van de opbrengst van deze consultatie • Advisering raadsvoorstel: 17 november (commissie Stadsontwikkeling & -beheer) • Besluitvorming raadsvoorstel: 29 november (gemeenteraad) • Implementatie vanaf inwerkingtreding van de Omgevingswet (1-7-2022)