Memo voorbereiding kadernota 2026 tbv commissievergadering 24 maart 2025.pdf
Tekst van het document
Onderwerp Te behandelen tijdens Van Aan Datum Zaaknummer 1.
Discussiestuk voorbereiding kadernota 2026 Commissievergadering 24 maart College van burgemeester en wethouders Gemeenteraad 11 maart 2024 345582
Inleiding
De concept kadernota 2026-2029 wordt voor vaststelling op 14 mei 2025 door het college aangeboden aan de gemeenteraad. Dit document schetst op hoofdlijnen waar Den Helder staat in de uitvoering van de beleidskaders, welke ontwikkelingen zich voordoen en op welke vraagstukken een richtinggevende uitspraak nodig is. Zoals bekend is Den Helder en de wereld om ons heen volop in ontwikkeling, dat geldt ook voor de financiële kaders waarbinnen het college de ambitie heeft een sluitende begroting en meerjarenraming voor te stellen. In de vastgestelde begroting en de meerjarenraming is een aantal beleidsrichtingen opgenomen die verdere invulling vraagt. Deze invulling is nodig om het financiële beeld voor de komende jaren meer vaste vorm te geven. Daarnaast zijn er onvermijdelijke financiële ontwikkelingen in de uitvoering van de begroting die een doorwerkend structureel effect kunnen hebben. En niet in de laatste plaats worden de mogelijkheden om tot een sluitende begroting en meerjarenraming te komen, beïnvloed door de ontwikkelingen op landelijk niveau als het gaat om de uitkering uit het gemeentefonds en de bijdragen. Met het presidium is afgesproken om u als raad bij de voorbereidingen van de totstandkoming van de kadernota te betrekken.
Dit heeft geleid tot de beeldvormende avond van 4 maart en het opstellen van dit discussiestuk ten behoeve van de commissievergadering van 24 maart. 2.
Doel
Doel van de commissievergadering is dat de raadscommissie in de gelegenheid wordt gesteld om het college zaken mee te geven die van belang zijn voor de kadernota. Dit discussiestuk is bedoeld om de huidige financiële stand van zaken mee te geven, de lopende ambities en ontwikkelingen te schetsen en om u te faciliteren in het gesprek aan de hand van diverse stellingen. 3.
Financiële stand van zaken
Voor de kadernota 2026 geldt als vertrekpunt voor het bepalen van de financiële ruimte de vastgestelde programmabegroting 2025 en de daarin opgenomen meerjarenraming. Sinds de vaststelling van de begroting zijn er nieuwe lokale en landelijke ontwikkelingen en inzichten. In de onderstaande tabel presenteren we het voorlopige financiële beeld. Bij deze tabel past de kanttekening dat richting 13 mei, de datum waarop de kadernota door het college wordt vastgesteld, er nog financiële ontwikkelingen zullen komen. De belangrijkste ontwikkeling is de voorjaarsnota van het kabinet waarin we informatie verwachten over de ontwikkeling van het gemeentefonds en over de wijze waarop de bevindingen van de Commissie van Ark over de budgetten in de Jeugdzorg worden verwerkt. Daarnaast wordt tot eind maart ook nog gewerkt aan de analyse van onvermijdelijke afwijkingen die wij zelf zien in de uitvoering van de vastgestelde begroting.
1
Voorlopig financieel beeld kadernota 2026 (negatieve bedragen zijn inkomsten/voordelige saldi, positieve bedragen zijn uitgaven/nadelige saldi) bedragen * € 1.000 1 Stand vastgestelde begroting 2025
2026 781
2027 -242
2028 -149
2029 -149
-249 -685 -200 -1.381 -2.515
-451 -56 -200 -1.381 -2.088
-830 -104 -200 -1.381 -2.515
-830 -104 -200 -1.381 -2.515
Autonome ontwikkelingen 7 Veiligheidsregio kadernota 2026 8 Te onzekere opbrengst in 9 Stelpost meerjarig onderhoud gebouwen Totaal autonome ontwikkelingen
50 300 350
50 845 300 1.195
50 845 300 1.195
50 845 300 1.195
Keuzes 10 Evaluatie afspraken begroting 2025 11 Uitwerking forensenbelasting 12 In vullen ruimte met keuzes in de kadernota
pm pm pm
pm pm pm
pm pm pm
pm pm pm
Totaal keuzes kadernota
-
-
-
-
Stand per 1 maart 2025
-1.384
-1.135
-1.469
-1.469
Eerste tussenrapportage 2 Effect Gemeentefonds 3 Effect vertraging investeringen 4 Effect daling rente nieuwe leningen 5 Toeristen- en forensenbelasting 6 Hervormingsagenda Jeugd Totaal 1e tussenrapportage 2025
In de vastgestelde begroting 2025 werd voor de meerjarenraming rekening gehouden met een eenmalige inzet van € 0,8 miljoen ten laste van de algemene reserve in 2026 (voor het dekken van het tekort). Hier is in dit overzicht geen rekening mee gehouden.
Hieronder volgt een toelichting op de tabel per regelnummer: 1. 2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
Stand vastgestelde begroting: op deze regel staat het saldo van de meerjarenraming zoals dat bij de behandeling van de begroting, inclusief de amendementen is vastgesteld. Effect Gemeentefonds: na de vaststelling van de begroting 2025 is er via de decembernota een aanvullend bericht ontvangen waarin de groei van het gemeentefonds wegens een rekenfout wordt bijgesteld. Dit effect staat los van de berekening van de Ravijnjaren Investeringsuitgaven 2024 zijn lager uitgevallen dan waarmee rekening wordt gehouden in de meerjarenraming 2026-2028. Er is geen sprake van afstel van investeringen maar van een vertragingseffect. Deze vertraging zorgt voor een incidenteel voordeel. Rentedaling: bij de opstelling van de begroting 2025 is voor nieuw aan te trekken leningen uitgegaan van een rentepercentage van 3,4%. Inmiddels zijn de rentetarieven gedaald en wordt rekening gehouden met een verdere verlaging van de rente door de Europese Centrale Bank. Voor nieuwe leningen wordt nu uitgegaan van 3% rente. Toeristen- en forensenbelasting: in 2024 is gebleken dat de opbrengst van de toeristen- en forensenbelasting hoger is dan de raming. Dit is het tweede jaar waarin dit achtereenvolgens is gerealiseerd. De opbrengst wordt structureel naar dit hogere niveau gebracht. Hervormingsagenda Jeugd: in de jeugdzorg wordt landelijk gewerkt met een zogenaamde hervormingsagenda.
Deze agenda veronderstelde dat de uitgaven van gemeenten omlaag zouden gaan. Deze, destijds verwachte, daling is op voorhand door het Rijk verwerkt in een lagere uitkering van het gemeentefonds. Nu de betreffende maatregelen niet het beoogde effect sorteren is de bijdrage aan de gemeenten verhoogd. Voor Den Helder is het effect structureel € 1,8 miljoen. Tegenover dit voordeel staat dat in de eerste tussenrapportage 2024 uit de algemene middelen € 1,4 miljoen is toegevoegd aan de budgetten voor Jeugd wegens hogere prijzen en toename zorgvraag. Hierom zal worden voorgesteld € 1,4 miljoen weer terug naar de algemene middelen te laten gaan en € 0,4 miljoen beschikbaar te stellen voor de budgetten Jeugd. Veiligheidsregio kadernota 2026: bij de behandeling van de kadernota’s 2026 van de verbonden partijen heeft de gemeenteraad als zienswijze uitgebracht dat de Veiligheidsregio minder hoeft te bezuinigen Onzekere opbrengsten: in de meerjarenraming 2026-2028 is rekening gehouden met inkomsten op grond van de zogenoemde Spreidingwet van € 415.000 per jaar. In 2024 is deze bijdrage van het Rijk niet toegekend. Omdat de opbrengsten vanuit de Spreidingswet inmiddels als (te) onzeker worden aangemerkt, wordt hier in het financieel kader geen rekening meer mee gehouden. Daarnaast werd
2
rekening gehouden met een provisie op nieuw te verstrekken leningen. Ook deze extra opbrengst wordt gezien als te onzeker en daarom verlaagd. 9. Onderhoudslasten gebouwen en voorzieningen: op basis van een aantal afwijkingen wordt voorzichtigheidshalve rekening gehouden met een structureel hogere onderhoudslast. Het exacte financiële effect zal blijken als de nieuwe meerjarige onderhoudsplannen zijn vastgesteld. 10. Evaluatie afspraken begroting 2025: in de aanloop naar de kadernota worden nog een aantal afspraken uit de begroting 2025 nagelopen. Op dit moment zijn er geen afwijkingen, anders dan de Spreidingswet en de provisie op leningen. Deze analyse is nog niet afgerond. 11. Forensenbelasting: bij de behandeling van de begroting 2025 is toegezegd om met een concreet voorstel te komen voor het aanpassen van de forensenbelasting per 2026. Dit betreft zowel een versimpeling van de berekeningswijze als de beoordeling van de omvang. 12. In te vullen ruimte: de keuzes die straks gemaakt worden in de kadernota worden hier opgenomen. Weging van de voorlopige ruimte •
•
•
4.
De ruimte die nu wordt geschetst gaat er vanuit dat er geen beweging is in de omvang van het zogenoemde Ravijn. Duidelijkheid hierover zal er zijn in de meicirculaire. Dit is te laat voor de opstelling van de kadernota. Mogelijk komt er eind maart al een signaal via de voorjaarsnota. Volledigheidshalve merken we, in aanvulling op regel 12, nogmaals op dat in het financieel beeld (dus) nog geen rekening gehouden is met de financiële vertaling van (grote) onderwerpen/ambities waar de gemeenteraad nog over moet besluiten. Denk hierbij bijvoorbeeld (maar zeker niet uitsluitend) aan cofinancieringen in het Volkshuisvestingsfonds of Maritiem Cluster. Ten aanzien van de budgetten in het sociaal domein, met name de Jeugdzorg en de Wmo, geldt dat u eind 2024 (in een beeldvormende avond) bent geïnformeerd over de financiële onzekerheid in de jeugdzorg. Verwacht wordt dat hier sprake blijft van hogere uitgaven dan geraamd in de begroting. Toch is op dit vlak ook sprake van een positieve ontwikkeling. De commissie Van Ark heeft het rapport over de kostenontwikkeling in de Jeugdzorg en de tegemoetkoming daarin vanuit het Rijk uitgebracht. Het advies van deze commissie wordt door het Rijk gezien als zeer zwaarwegend. De commissie heeft geadviseerd dat het Rijk de gemeenten volledig tegemoet moet komen voor de groei van prijzen én de ontwikkeling van de zorgvraag.
Voor de inmiddels achter ons liggende jaren is daarbij aangegeven dat dit beperkt kan worden tot 50%. Voor de jaren 2025 en later is deze beperking niet uitgesproken. Voor Den Helder betekent dit (dus) dat er enerzijds sprake is van een verwachte verdere stijging van de kosten en anderzijds verwacht wordt dat het zwaarwegende advies uitmondt in een jaarlijkse bijstelling van de inkomsten vanaf 2025. Als deze verwachting waarheid wordt, moeten we dat al kunnen terugzien in de voorjaarsnota van het Rijk. Keuzes Begroting 2025 en meerjarenbegroting die nog verder worden uitgewerkt
In de kadernota 2025 en begroting 2025 zijn beleidsrichtingen afgesproken die momenteel nog verder worden uitgewerkt en vormgegeven. De beleidsrichtingen komen niet apart terug als onderdeel van de kadernota 2026. Het college werkt de onderwerpen verder uit en legt deze voor aan de raad. Dit vanuit de gedachte dat er geen aanleiding is om de keuze opnieuw voor te leggen. Dit gaat onder andere over de volgende onderwerpen: • • • •
Realisatie HUB Julianadorp Verdere vormgeving en uitwerking van het beleid inzake dierenwelzijn verdere concretisering van het beleid inzake cultureel erfgoed Toezegging om een hogere opbrengst uit de forensenbelasting uit te werken
In richtinggevende zin zijn hiervoor de eerdere afspraken voldoende. Een eventuele budgettaire afwijking voor de HUB en dierenwelzijn wordt opgenomen in het definitieve financieel kader. Voor het cultureel erfgoed wordt gewerkt binnen het verruimde financieel kader zoals vastgelegd in de begroting 2025. In de begroting 2025 is rekening gehouden met € 1 miljoen structureel hogere lasten voor Erfgoed en Willemsoord én een investeringskrediet van € 4 miljoen voor de verduurzaming van Willemsoord. De uitwerking van de aanpassing van de forensenbelasting is gaande. De mogelijkheid wordt gepresenteerd in de kadernota die in mei aan de raad wordt aangeboden. Het nu opgenomen bedrag in de tabel is dan ook een indicatie. De raad kan hier in mei over oordelen. Voor de invoering is het belangrijk dat het voornemen van de 3
raad voor de zomer is vastgesteld. Daarmee ontstaat voldoende tijd om de verhoging ook tijdig aan te kondigen. 5.
Vraagstukken en uitdagingen
In de kadernota van vorig jaar werd ook al aangegeven dat de brede welvaart in Den Helder onder druk staat. Het gaat hierbij om vraagstukken die op landelijk niveau een antwoord behoeven en waar de regering afhankelijk is van het oplossende vermogen van provincies, regio’s en gemeenten. Voor Den Helder vertaalt dit zich naar onderstaande vraagstukken: •
•
• • •
Internationale veiligheid: de actuele geopolitieke ontwikkelingen gaan gepaard met het verhogen van onze weerbaarheid tegen militaire en hybride dreigingen. Den Helder helpt ook mee de Koninklijke Marine in haar kracht te zetten door samen te werken met het Rijk, de provincie en partners om gezamenlijk bij te dragen aan het realiseren van de weerbaarheidsopgave waar we als Nederland voor staan. Groei van de Koninklijke Marine zorgt onder andere voor meer ruimtegebruik buiten de Nieuwe Haven, verbinding van de Koninklijke Marine met de stad, arbeidsmarkt en onderwijs, extra woningbouwbehoefte en bereikbaarheid (onder andere de inzet op de investeringsagenda NHN) Energietransitie: onder andere productie en transport van waterstof, aanlanding van op zee opgewekte windenergie, transport en opslag: hoogspanningsnet en batterijopslag, alternatieve bronnen (zoals biovergisting en kernenergie), bevoorrading, onderhoud en aanverwante dienstverleningen.
Dit heeft effect op de ontwikkelingen voor Port of Den Helder, onder andere op de transitie wind (van zee) en waterstof (economie) en Airport (onder andere de transitie van olie en gas naar nieuwe bedrijvigheid zoals offshore wind op zee en drone-ontwikkeling) Woningbouwopgave: onder andere binnenstedelijk, wijk- en buurtgerichte herstructurering, verhouding koop/ huurwoningen, bouwen voor diverse doelgroepen en verduurzaming van woningen Transformatie van het landelijk gebied: onder andere verzilting, waterkwaliteit, biodiversiteit, grondwaterpeil en biologische teelt Bestaanszekerheid en kansenongelijkheid: dit gaat over de sociale veerkracht van onze samenleving. De vraagstukken gaan onder andere over de kansrijke buurten, veel ondersteuning en voorzieningen, een relatief groot aantal huurwoningen en gecompliceerde vraagstukken over zorg en veiligheid
Verder is het van groot belang om verschillende uitdagingen aan te pakken om Den Helder toekomstbestendig en veerkrachtig te maken. De belangrijkste urgente uitdagingen zijn: 1. Jongeren trekken weg en vergrijzing: Den Helder is een gemeente met een snel afnemende beroepsbevolking. Jonge mensen trekken weg, terwijl de regio hen hard nodig heeft voor het in stand houden van voorzieningen, voor de arbeidsmarkt en voor een innovatief, inclusief en duurzaam ondernemersklimaat. Daarnaast legt de toenemende vergrijzing steeds meer druk op de zorg- en welzijnssector 2. Mismatch op de arbeidsmarkt: werkgevers in alle sectoren hebben moeite met het vinden van personeel, vooral in technische sectoren, zorg en agrarische bedrijven. Het tekort aan technische vakmensen en meer algemeen HBO/academisch geschoolde mensen belemmert de economische groei en innovatie, vooral in de energietransitie 3. Klimaatverandering en duurzaamheid: Den Helder staat voor grote uitdagingen op het gebied van klimaatverandering, duurzaamheid en energietransitie. Specifieke problemen zijn onder andere netcongestie en de behoefte aan duurzame energieoplossingen 4.
Sociaaleconomische uitdagingen: Den Helder heeft te maken met een opeenstapeling van achterstanden (gemiddeld een lager inkomen, lager opleidingsniveau, meer vroegtijdig schoolverlaters, minder arbeidsparticipatie en meer gebruik van voorzieningen in vergelijking met het landelijk gemiddelde). Daarnaast staan de publieke voorzieningen zoals onderwijs, zorg en openbaar vervoer onder druk. Om goed in te spelen op de veranderde omstandigheden en de steeds complexere vraagstukken, is een andere aanpak nodig: nog meer samenwerking met anderen (overheden, partners, organisaties en inwoners) en werken vanuit een grote overkoepelende blik. De gemeente vindt het belangrijk om een samenwerkende gemeente te zijn en dicht bij haar inwoners, ondernemers en organisaties te staan. Participatie is breder en informeler dan inspraak en gaat over het vroegtijdig betrekken van inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en belanghebbenden. Participatie vindt niet alleen bij de voorbereiding maar ook bij de uitvoering 4
en evaluatie van gemeentelijk beleid plaats. Bij participatie is er ruimte of wordt er ruimte gecreëerd om de inbreng van participanten mee te nemen in het gemeentelijk beleid. Daarnaast is het van belang om als organisatie meer planmatig en efficiënter te werken en speelt datagedreven werken een steeds grotere rol in het verbeteren van gemeentelijke processen en diensten: door het verzamelen, analyseren en gebruiken van data kan de gemeente efficiënter en effectiever opereren, met als resultaat een betere dienstverlening voor burgers en een slimmere inzet van middelen. Kunstmatige Intelligentie (AI) vormt een belangrijk onderdeel van deze trend. AI kan helpen bij het automatiseren van routinetaken, het voorspellen van behoeften en het optimaliseren van besluitvormingsprocessen. Bijvoorbeeld, AI kan ingezet worden voor het verbeteren van verkeersstromen, het efficiënter beheren van gemeentelijke middelen of het snel en accuraat afhandelen van aanvragen van burgers. Kortgezegd biedt datagedreven werken de mogelijkheid om sneller te reageren op de dynamiek van de samenleving. 6.
Ambities en ontwikkelingen
De grotere ambities en ontwikkelingen uit de kadernota 2025 zijn nog steeds actueel. Hieronder volgt een uiteenzetting van hoe Den Helder inspeelt op de geschetste vraagstukken en uitdagingen en wat er de komende jaren onder andere op ons afkomt. Veiligheid: Preventie met gezag Den Helder is een van de gemeenten die een financiële bijdrage ontvangt vanuit het ministerie Justitie en Veiligheid voor de periode juli 2024 – juli 2027. Het gaat hierbij om drie keer maximaal €500.000 voor een lokale preventieaanpak van (georganiseerde en ondermijnende) jeugdcriminaliteit. Dit past in de domeinoverstijgende gebiedsgerichte aanpak die wij nodig achten in de kansrijke buurten. Met de extra bijdrage wordt momenteel een werkwijze ontwikkeld die de structurele gemeentelijke aanpak richting geeft. Regie op de volkshuisvesting De volkshuisvestingsopgave is in alle gemeenten aanwezig en heeft raakvlakken met tal van andere vraagstukken. Regie op volkshuisvesting zet onder andere in op de woningbouwopgave, voldoende huisvesting voor inwoners met urgentie en aandachtsgroepen, passende woonvormen voor inwoners met een zorg- of ondersteuningsvraag, dakloosheid, opvangvoorzieningen en de urgentieverordening. Daarnaast zetten we met het programma Nieuwkomers in op een aanpak om nieuwkomers te huisvesten en te laten integreren. De krapte op de woningmarkt wordt ook nog steeds in Den Helder gevoeld.
We faciliteren dan ook de inzet van Woningstichting Den Helder/Helder Vastgoed om over de periode 2022 -2027 in totaal +/- 500 nieuwe woningen in diverse prijsklassen te realiseren, zowel koop als huur, voor diverse doelgroepen en (deels) op onderscheidende locaties. Jeugdhulp/Onderwijshuisvesting Kinderen en jongeren moeten prettig, gezond en veilig kunnen opgroeien. Het onderwijs vormt hierin een basis waarop ieder kind zich ontwikkelt en voorbereidt op de toekomst. De komende jaren werken we met de schoolbesturen aan een goede huisvesting van de scholen. Zo wordt momenteel toegewerkt naar de nieuwbouwlocatie in Julianadorp voor de Prinses Margrietschool. De gemeente is verantwoordelijk voor het organiseren van de toegang tot jeugdhulp. We werken regionaal samen om afspraken te maken met aanbieders die jeugdhulp of jeugdbescherming bieden. De komende jaren zal veel inzet gericht zijn op het verbeteren van de hulp en het beter beheersbaar maken van het stelsel. Aan de hand van de Hervormingsagenda Jeugd pakken we knelpunten in de jeugdzorg aan en zetten we in op het houdbaar maken naar de toekomst. Regionale samenwerking De complexiteit van de opgaven van gemeenten vraagt steeds meer regionale samenwerking. In de Kop doen we dit aan de hand van een structurele gezamenlijke inkoop van voorzieningen Wmo, een Regiovisie Sociaal Domein en de Samenwerkingsagenda Samen op Kop.
Daarnaast zijn er de gemeenschappelijke regelingen als gezamenlijke uitvoeringsorganisaties. Om onze doelen te bereiken kijken we ook naar samenwerking op Noord-Holland-Noord niveau zoals op de thema’s wonen, economie en mobiliteit en in de uitwerking van het Ontwikkelperspectief met de provincie. 5
De Regio Deal 'Samen Nood-Holland Noord versterken' is in 2024 toegekend. Met de rijksbijdrage van 32,5 miljoen euro die hiermee beschikbaar is gekomen, zetten de 3 regio's (Westfriesland, Noordkop en Alkmaar) gezamenlijk in op initiatieven die bijdragen aan beter leven, werken en wonen in de regio. Het rapport Elke regio telt! wijst op het belang van beleid gericht op het bevorderen van brede welvaart in een specifieke regio. Dit vraagt interbestuurlijke samenwerking in voorbereiding en uitvoering. Daartoe onderhouden we contacten met de provincie en betrokken departementen. Europese agenda Regionale ambities en agenda’s zijn steeds vaker afhankelijk van Europese initiatieven. Europese fondsen en netwerken kunnen namelijk worden ingezet voor de realisatie van gemeentelijke beleidsprioriteiten. Om een Europese projectaanvraag met kans op succes in te dienen, is het van belang om hier ervaring in op te doen. Dit doen we door te participeren in relevante projecten van Europese steden in ons netwerk en door zelf initiatieven naar de Europese Commissie te nemen. In de afgelopen drie jaar is er bestuurlijk een goede relatie opgebouwd met de gemeentes Ravenna (Italië), Brest (Frankrijk), Cork (Ierland) en Svendborg (Denemarken). Ook zijn de eerste bestuurlijke contacten gelegd met de gemeentes Kiel (Duitsland), Esbjerg (Denemarken) en Göteborg (Zweden).
Daarnaast is er vanuit een uitwisselingsprogramma van de EU inmiddels toegang tot een netwerk van zo’n 100 Europese gemeentes. Hiermee is een goede basis gelegd om de samenwerking op gezamenlijke uitdagingen uit te werken. Duurzaamheid/Energietransitie De gemeente stimuleert en draagt bij aan de verduurzamingsopgave van zowel woningen, bedrijvigheid als overig (maatschappelijk) vastgoed. Ook zetten we in op verduurzaming van ons eigen vastgoed. Er is blijvende inzet op de aanpak van netcongestie en onze ambities op de ontwikkeling van waterstof en wind van zee. Op duurzaamheid zijn er de afgelopen jaren veel afspraken gemaakt, zowel mondiaal, Europees, landelijk, provinciaal als regionaal. In het Programma Duurzaamheid 2024-2027 zijn deze afspraken vertaald naar lokale ambities en wordt actief ingezet op de 5 thema’s (de Big 5) duurzame mobiliteit, biodiversiteit, klimaatadaptatie, energietransitie en circulaire samenleving. Investeringskader Waddengebied (IKW) Het IKW is het meerjarig investeringsprogramma van de provincies Noord-Holland, Friesland en Groningen om onderscheidende en bijzondere projecten in het Waddengebied mogelijk te maken.
Binnen dit programma werkt Den Helder aan drie grote projecten/gebiedsontwikkelingen: Maritiem Cluster, Mee met de Zee en Rondje Waddenbaai (regionaal) die van belang zijn voor de stad en bijdragen aan de versterking van de relatie van de stad met de Wadden. Deze projecten bieden veel meerwaarde aan de doelstellingen voor het Waddengebied en zijn daarmee kansrijk voor het verkrijgen van subsidie vanuit het Investeringskader Waddengebied, de subsidiepot voor grootschalige projecten/gebiedsontwikkelingen vanuit het Waddenfonds. Voor de Kop van Noord-Holland is hierin circa € 21 miljoen gereserveerd. Voor twee onderdelen is al in de begroting 2025 geld beschikbaar gesteld als cofinanciering. Dit zijn de Seasaw (€ 500.000,-) en een bijdrage aan totaalkunstwerk De Nollen (€ 1,2 miljoen). Maritiem Cluster/Bereikbaarheid Het bestuursakkoord Maritiem Cluster is nog steeds de basis voor de samenwerking van het ministerie van Defensie/Koninklijke Marine, de provincie Noord-Holland en de gemeente Den Helder. Het programma is gericht op het versterken van de haveneconomie en de stadsontwikkeling. Ook houdt het rekening met het faciliteren van de benodigde groei in het kader van (inter)nationale veiligheid.
De bouwstenen voor de komende jaren daarin zijn het verbreden en versterken van de havendijk langs het Nieuwediep, de verplaatsing van de Moormanbrug met daarbij het verdiepen van de vaarweg, aansluitend op de Moormanbrug de realisatie van de Ravelijnbrug, herinrichting van het tracé Nieuwe Diep/Nieuwe werk, de inrichting van de vaarroute Boerenverdriet en de inrichting van Buitenveld. Dit programma sluit aan bij de doelstellingen van een bredere mobiliteitsaanpak die samen met de gemeente Texel en de provincie Noord-Holland is ontwikkeld en in 2025 vastgesteld. Hierin gaat het om het op korte termijn bereikbaar houden van stad en regio. Ook de fiets als vervoersmiddel is een belangrijk onderdeel van de aanpak. Er wordt dan ook onder andere ingezet op de regionale doorfietsroutes en het fietsparkeren. Op langere termijn gaat het om de inzet voor toekomstbestendig openbaar vervoer, mobiliteitstransitie en het optimaliseren van de aanleghaven van de TESO.
6
Stedelijke vernieuwing/Kansrijke buurten Ook de komende jaren blijft inzet nodig op revitalisering en herstructurering in het stadshart. Zeestad cv/bv en Woningstichting Den Helder/Helder Vastgoed geven hieraan vorm in diverse projecten zoals de herstructurering van de Koningstraat, de herontwikkeling van het gebied van de Kroonpassage en Dijkkwartier. Met maatschappelijke partners, bedrijven en bewonersorganisatie werken we ook aan de versterking van onze buurten. Een boost aan deze gewenste versterking is de in 2024 toegekende bijdrage van ruim elf miljoen euro uit het landelijke Volkshuisvestingsfonds, om te investeren in de kwaliteit van de lokale woningvoorraad, leefomgeving en openbare ruimte. De gemeente draagt zelf ongeveer vijf miljoen bij. Deze in totaal zestien miljoen euro’s worden ingezet in zes verschillende kansrijke buurten, namelijk de Van Galenbuurt, Oostslootbuurt, Centrum, Sluisdijkbuurt, Visbuurt en Tuindorp-Oost. De gemeente werkt momenteel een plan van aanpak uit hoe met de subsidie het meeste gedaan kan worden. Binnen twee jaar wordt de uitvoering van de regeling gestart. De looptijd van de subsidie is tien jaar. Ook werken we aan de versterking van de winkelgebieden. Een subsidieregeling met bijbehorende middelen zijn door u beschikbaar gesteld voor gevelrenovatie aan de Marsdiepstraat en het Julianaplein.
Voor Schooten Plaza is een traject gestart met een kopgroep van eigenaren voor gedeeltelijke sloop en het toevoegen van woningen boven de winkels. Ook de andere winkelgebieden zijn in beweging om aantrekkelijk te blijven naar de toekomst. Willemsoord/Vrije tijd: Erfgoed-Cultuur-Toerisme-Sport Het Helders erfgoed verduurzamen in energieverbruik is een opgave die voor elk monument maatwerk vraagt. In ons beschermd stadsgezicht ligt daarnaast een onderhoudsopgave aan kunstwerken en kades. Ook wordt momenteel opvolging gegeven aan de adviezen en conclusies uit het Panteia rapport voor Willemsoord B.V. en stichting Erfgoed Den Helder. Er wordt ingezet op het behouden, ontwikkelen, benutten en gebruiken van ons erfgoed en cultuuraanbod. Verder nemen we maatregelen om sport en bewegen te stimuleren, om zo de kans te vergroten op een goede gezondheid. De openbare ruimte is ingericht voor deze activiteiten en is aantrekkelijk om te verblijven en elkaar te ontmoeten We werken aan een adequaat en kwalitatief goed aanbod van sportvoorzieningen en passend bij de behoefte. Helders perspectief We willen voor onze (toekomstige) inwoners een gemeente zijn waar het prettig en goed wonen, werken, leren en recreëren is.
Het Helders perspectief (2024-2027) richt zich op positieve veranderingen in de gemeente, zoals een toename van werkgelegenheid, verbeterde voorzieningen en een dynamischer stadsleven. En ook op een stijging van het aantal inwoners, nieuwe woningen en een toename van economische bedrijvigheid. Om de programmalijnen te faciliteren werken we vanuit een netwerk- en positioneringsstrategie en monitoren we de voortgang. Actualisatie gemeentelijk vastgoed- en grondbeleid Er vindt momenteel een actualisatie plaats van het vastgoed- en grondbeleid. Dit is onder andere nodig voor duurzaam vastgoedbeheer, actuele financiële kaders en om sturing te kunnen geven aan de ontwikkeling van specifieke gebieden in Den Helder. Een doordacht vastgoed- en grondbeleid helpt de gemeente om strategische keuzes te maken die bijdragen aan een leefbare en economisch gezonde omgeving. 7.
Mogelijke stellingen en principes voor de kadernota
1.
Gebreken worden hersteld, dit zijn zogenoemde autonome ontwikkelingen. Voorbeeld: lichtmasten die vervangen moeten worden terwijl dit nog niet was opgenomen in de meerjarenraming 2026-2028. Maar ook de bouwkundige gebreken aan het zwembad.
2.
Het beheer van nieuwe areaalgebieden wordt bekostigd uit de groei van de uitkering uit het gemeentefonds en de toename van de belastingopbrengsten (meer woningen en inwoners, leidt tot meer uitkering in het gemeentefonds en OZB opbrengsten).
3.
Den Helder heeft veel ambities. We maken eerst af waar we aan begonnen zijn voordat we nieuwe ambities afspreken.
7
4.
De Commissie Van Ark heeft een advies uitgebracht over de kosten in de Jeugdzorg en uitgesproken dat het Rijk de gemeenten tegemoet moet komen met volledige prijsstijging en de stijging van de zorgvraag. Den Helder heeft in 2024 zelf een deel van de stijgende kosten ten laste van het begrotingssaldo gebracht. De verbetering moet daarom ook teruggegeven worden aan het “begrotingssaldo”.
5.
Voor de toekomstbestendigheid van de stad moet er worden gewerkt aan regulier onderhoud én aan investeringen die het toekomstperspectief van Den Helder versterken. Daar vallen ontwikkelingen als het Maritiem Cluster onder en de verplichte cofinanciering van de uitgaven in het kader van onder andere het Volkshuisvestingsfonds en Regiodeal 2.0.
6.
De gebiedsgerichte aanpak die verder is uitgewerkt langs de lijnen in het Strategisch Asset Management Plan (SAMP), leidt onvermijdelijk tot hogere uitgaven dan alleen uitgaven voor beheersmatig onderhoud. Dit komt doordat niet al het beheergeld kan worden ingezet in de wijkgerichte aanpak als dit betekent dat daardoor het regulier onderhoud tientallen jaren wordt uitgesteld.
7.
De mogelijkheden die externen bieden om subsidies te gebruiken om de openbare ruimte verkeersveiliger te maken worden benut, ook als de gemeente hierdoor zelf een extra bijdrage moet geven bovenop de reguliere onderhoudsbudgetten.
8.
De gemeente moet het datagedreven werken (meer) inzetten voor beleidsontwikkeling en besluitvorming, aangezien het gebruik van data de efficiëntie en effectiviteit van gemeentelijke diensten aanzienlijk kan verbeteren. Een voorbeeld waarin datagedreven werken kan helpen, is verkeersveiligheid: door het analyseren van data uit verschillende bronnen, zoals ongevallencijfers, snelheidsovertredingen, verkeersstromen en meldingen van bewoners, kan de gemeente sneller risicogebieden identificeren en gerichte(re) maatregelen nemen.
9.
Zolang er geen oplossingsrichting is voor de ravijnjaren in het gemeentefonds worden er geen extra gelden vrijgemaakt voor de warmtetransitie. De gemeente houdt al rekening met een structurele inzet van € 200.000 voor duurzaamheidsprojecten.
10. Geen knaken, geen taken. Als de rijksoverheid specifieke geldstromen vermindert of afschaft, dan stopt de gemeente met de betreffende uitgaven. Waar dat gezien wordt als ongewenst kan dit worden opgevoerd als nieuwe keuze in begroting. 11. Voor de woonvraagstukken geldt als basisregel dat met behulp van de rijksmiddelen (o.a. woningbouwimpuls- en versnellingsgelden) de woningbouw grondexploitaties budgettair minimaal neutraal worden opgezet. 12. Bij gebiedsontwikkelingen door derden, wordt betaald voor de gemeentelijke inzet. Voor beperkte opstartkosten wordt de mogelijkheid van een incidenteel fonds voor de stimulering van deze ontwikkelingen verder uitgewerkt.
8