Interpellatie BvDH, BBvDH&J, FP en PVV over ambtelijke organisatie.pdf
Tekst van het document
Geachte voorzitter, Graag zou ik een interpellatie aanvragen namens de partijen: Behoorlijk Bestuur voor Den Helder & Julianadorp Fractie Pastoor PVV Beter voor Den Helder Onze voorkeurs datum voor deze interpellatie is dinsdag 10 juni 2025, als 1e onderwerp op de agenda. Uiteraard sta ik open, voor suggesties uwer wijs, Inleiding plus vragen In de media verscheen afgelopen week een zorgwekkend bericht over het uitstel van de bezuinigingen op het ambtelijke apparaat. https://www.regionoordkop.nl/20/05/2025/college-den-helder-wilbezuiniging-ambtelijke-organisatie-twee-jaar-uitstellen/ De vorige gemeentesecretaris lag goed op koers met het 10puntenplan en wilde vaart maken in de ontwikkeling. Daarbij had hij de steun van de raadscommissie die zich met de ondersteuning van de ambtelijke organisatie bezighield. Wij beginnen nu te begrijpen waarom de heer Pothast van het toneel moest verdwijnen. U had ook de begeleidingscommissie niet meer nodig. De werkelijke reden van dit alles heeft er op die manier de schijn van dat u helemaal niet wilt bezuinigen. Wij vragen ons af of u eigenlijk daadwerkelijk in control bent. Wij hebben daarom enkele vragen: 1. In de programmabegroting 2025-2028 is een duidelijke keuze gemaakt om vanaf 2026 ongeveer €500.000 per jaar te besparen.
Op basis waarvan is het college van mening dit eenzijdig in de kadernota aan te passen? Terwijl er een raadsbesluit en een duidelijke opdracht ligt. Zonder mandaat van de raad kan dit niet! (Budgetrecht)
2. Als structurele afspraken uit begrotingen op deze manier worden losgelaten, ondermijnt dit het vertrouwen in de begrotingscyclus en het bestuurlijk commitment aan eerdere keuzes. Wat zegt dit volgens u over de bestuurlijke betrouwbaarheid van het college? 3. Waarom is het uitstellen bezuinigen ineens urgent? Waarom heeft het college de raad hierover, een groot onderwerp met nogal consequenties, niet eerder geïnformeerd bij de beeldvormende avond, middels raadsinformatiebrieven of in commissieverband? 4. Rijnconsult concludeerde dat er efficiënter gewerkt kon worden. Wat is er met deze aanbevelingen gebeurd en waarom leidt dit niet direct tot structurele besparingen? 5. Hoe is deze draai te rijmen met het rapport van Rijnconsult? Waar komt dit gewijzigd kader vandaan? Kunt u overzichtelijk toelichten wat de verschillen zijn in de rapportage en de inzichten van nu? 6. Als de organisatie, zelfs met twee jaar (intensieve) voorbereiding, nog niet klaar is voor efficiëntie, hoe serieus kunnen we dan eerdere hervormingsvoornemens nemen? En wat precies houdt het college tegen om de bezuinigingen door te voeren? 7. Heeft u interne signalen gekregen dat de organisatie nog niet in staat is om te veranderen of hiervoor misschien zelfs de wil nog niet heeft? 8.
Waarom zet het college de raad eenzijdig voor het blok en vraag zij aan ons dat wij dit gaan verantwoorden aan de inwoners die wél moeten inleveren? 9. Het terugdraaien van afgesproken bezuinigingen wekt de indruk van bestuurlijke willekeur en zwakte. Afspraak is dus wederom geen afspraak. Deelt u onze mening dat uw bestuurlijke geloofwaardigheid op het spel staat? Mede omdat dit in het coalitieakkoord zo door u is afgesproken? 10. Als afspraken uit een goedgekeurde begroting zomaar eenzijdig kunnen worden uitgesteld, zonder informatievoorziening waarom, wat is dan nog de waarde van het begrotingsproces? Deelt u onze mening dat dit een vorm van democratische ondermijning is via de kadernota? 11. Het college stelt zelf dat de financiële ruimte beperkt is, maar gebruikt vervolgens dit als argument om níét te bezuinigen. Hoe rijmt u dit met elkaar?
12. Het uitstellen van de nodige bezuiniging is geen structurele oplossing, maar het vooruit schuiven en wegduwen van een politieke verantwoordelijkheid. Tijd kopen en over de muur gooien van fondsen is geen oplossing. Bent u dat met ons eens? 13. Is de constatering juist dat er op de vooravond van de vaststelling door het college van de kadernota al gesproken is met diverse fractievoorzitters van de coalitie? Maar ook selectief met anderen zoals de ChristenUnie, en wel door diverse wethouders, terwijl de kadernota niet definitief was en de rest van de raad deze pas donderdag erna onder ogen kregen? Met andere woorden er konden nog aanpassingen aan gedragen worden? 14. Heeft dit ook kunnen leiden tot de bestuurscrisis waar wij nu in zitten, doordat fractievoorzitters op een ander informatieniveau zaten onderling? 15. Als het klopt dat dit in concept onderling besproken is tussen coalitie en college, hoe denkt het college dan over de verplichting en uitspraak: 1. De wethouder zit er voor de gehele raad. En 2. De raad zit altijd op hetzelfde informatieniveau. G. Assorgia Beter voor Den Helder