CConstaterende datDen Helder
Koppel je AI →
Document · PDF

Eindrapport evaluatie Sportbesluit.pdf

Raadscommissie Maatschappelijke Ontwikkeling 24 augustus 2021, gemeente Den HelderBij agendapunt: 5: Voorstel tot het vaststellen van de subsidieverordening sportverenigingen Den Helder en tarieven voor gemeentelijke sportaccommodaties2.790 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Eindrapport evaluatie sportbesluit 2021

1 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

Inhoudsopgave 1. Inleiding ........................................................................................................................................... 3 2.

Opdracht - Onderzoeksvragen ........................................................................................................ 3

3.

Context ............................................................................................................................................ 3 3.1 Opgave........................................................................................................................................... 3

4.

Onderzoeksvraag A: tarievensysteem ............................................................................................ 4 4.1 Constateringen ............................................................................................................................... 4 4.2 Aanbevelingen: .............................................................................................................................. 4 4.3 Indicatieve kostprijzen en tarieven per type sportveld (benchmark) ............................................. 5

5.

Onderzoeksvraag B: Voldoet het subsidiebeleid nog aan de doelstellingen? ................................ 6 5.1 Maatschappelijke rol vitale verenigingen ....................................................................................... 6 5.2 Kerntaak: schoenmaker (vereniging) blijf bij je leest! .................................................................... 6 5.3 Sportaccommodatie en omgeving wel betrekken bij sociaal domein ............................................ 6 5.4 Buurt sportcoach ............................................................................................................................ 7 5.5 Subsidie aan sportverenigingen .................................................................................................... 7 5.6 Van prestatiesubsidie naar waarderingssubsidie .......................................................................... 7 5.7 Constateringen ............................................................................................................................... 7 5.8 Aanbevelingen ............................................................................................................................... 7

6.

Onderzoeksvraag C: Sluit het beleid aan bij het nieuwe Beleidskader Sport (2020)? .................... 8 6.1 Hoofdpunten beleidskader Sport (2020) ........................................................................................ 8 Ad. 1. Vitale verenigingen .................................................................................................................... 8 Ad. 3. Bereiken van maatschappelijke doelstellingen ......................................................................... 8 Ad. 5. Sportaccommodaties. ................................................................................................................ 9 Resultaten enquête onder sportverenigingen; Presentatie interactieve bijeenkomst 22 april 2021: . 10

2 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

1. Inleiding Voor u ligt de rapportage ‘evaluatie sportbesluit 2021’. Het sportbesluit werd in 2010 van kracht en werd voor het eerst in 2015 geëvalueerd. Dit rapport kent een samenvatting van het gehele onderzoek dat door Holland Sport 2021 in uw opdracht is uitgevoerd. Er zijn per onderdeel aanbevelingen geformuleerd. Bij dit rapport behoort de volgende bijlage: presentatie 22 april en uitkomsten enquête onder sportverenigingen

2. Opdracht - Onderzoeksvragen U hebt Holland Sport benaderd om ondersteuning te bieden aan de evaluatie van het sportbesluit. U gaf ons de volgende onderzoeksvragen mee: A. Is het tarieven systeem uit 2010 nog kloppend en actueel? B. Voldoet het subsidiebeleid nog aan de doelstellingen? C. Sluit het beleid aan bij het nieuwe Beleidskader Sport (2020)? U vroeg ons een enquête onder sportverenigingen te houden om ervaringen te verzamelen. Vervolgens de resultaten te bespreken met de sportverenigingen en raad/commissie. Dat vond op een drukbezochte (digitale) bijeenkomst plaats op 22 april 2021. We mochten meer dan 55 deelnemers verwelkomen, hetgeen aangeeft dat het onderwerp leeft en het belang van sport en bewegen in deze tijd erkend wordt! Tot slot gaf u ons opdracht om de bevindingen te verwerken in concept besluitvorming. Deze zijn opgenomen in deze notitie.

3. Context In 2010 stelde de gemeenteraad het tarieven- en subsidiebeleid voor sport vast. Het tarievensysteem werd opgebouwd uit kengetallen van onderhoud en investeringen aan zowel velden als parkinrichting. De kengetallen leidden tot een kostenoverzicht per park/sportaccommodatie, waarvan sportverenigingen 15% van de kosten als huur gingen betalen. De subsidie component bestond (bestaat) uit een bijdrage voor leden van 23 jaar en jonger en van 60 jaar en ouder. De subsidie moet worden besteed aan de accommodatie, kadertraining en doelgroepen. De verantwoording bestaat uit een opgave van de uitgevoerde activiteiten op dit gebied. In het oorspronkelijke raadsbesluit is opgenomen dat het beleid elke vijf jaar geëvalueerd dient te worden. Uit de evaluatie in 2015 bleek dat er tevredenheid was over het beleid. Het tarieven- en subsidiebeleid is daarom grotendeels in stand gebleven (op tarievenbeleid is niets veranderd, de subsidieverordening heeft technische aanpassingen ondergaan)

3.1 Opgave In het beleidskader Sport ‘Den Helder beweegt vooruit’ (2020) is opgenomen dat de evaluatie plaats vindt in het 2e kwartaal van 2021.

3 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

4. Onderzoeksvraag A: tarievensysteem Het tarievensysteem zoals dat in 2009/2010 is opgesteld betreft een raamwerk van uitvoerige berekeningen en uitgangspunten. Dit systeem is destijds op een doordachte manier en zorgvuldig opgezet, maar helaas niet eenvoudig reproduceerbaar. Enkele kenmerken van het tarievensysteem: -

Er wordt uitgegaan van de totale kostprijs van sportcomplexen, waarbij gesteld werd dat sportcomplexen openbaar toegankelijk zijn. Meegenomen zijn, per sportpark/complex, de inzet van wijkbeheer (stadsbeheer), investeringen, zakelijke lasten, etc. Dit is op onderdelen via bepaalde verdeelsleutels gedaan. Verenigingen zouden 15% van deze totale kosten per sportcomplex moeten betalen voor gebruik. Dat betekent dat 85% van de kostprijs van de exploitatie vanuit maatschappelijk oogpunt gesubsidieerd is.

4.1 Constateringen We hebben op het vlak van het bepalen van de huurprijzen de volgende constateringen gedaan: 

   

Nacalculatie wijst uit dat er schommelingen zijn in de mate van kostprijs dekking van de ontvangen gebruiksvergoedingen op sportcomplex en ook qua boekjaren. Zoals gememoreerd zou de gebruiksvergoeding idealiter rond de 15% van de totaalkosten moeten zijn. Voor een aantal complexen ligt dit hoger, voor een aantal is dat inderdaad ca. 15% en voor een aantal is het lager. De vraag is in hoeverre er gestuurd kon worden op de jaarlijkse nacalculatie en de verhouding baten/lasten. De kostprijsberekening van sportaccommodaties was na 10 jaar aan herijking toe. Het initiële systeem van kostprijsberekening uit 2010 is o.i. te ingewikkeld en niet voldoende reproduceerbaar, waardoor de grondslag voor de tarievenbepaling niet transparant en duidelijk (meer) is. We constateren onbegrip over de term ‘openbare sportparken’ onder verenigingen die de gemeentelijke sportcomplexen huren. Bij wijzigingen op sportcomplexen (aanleg sportvelden, vervangingen, inkrimping of uitbreiding) kan het gecompliceerd zijn om de nieuwe kostprijs te bepalen en de gevolgen voor verenigingen duidelijk te maken.

4.2 Aanbevelingen: Op basis van ons onderzoek en onze bevindingen, hebben we een aantal aanbevelingen geformuleerd die de grondslag kunnen vormen voor aanpassing van het tarieven systeem: 1. Laat de ‘sportcomplex gedachte’ en het inschatten/berekenen van de totale kosten ervan los. Elk sportcomplex is anders. Het ene complex is meer openbaar (De linie, DSO buitenvelden) dan het andere (De Dogger, HCSC). De verschillende complexen vergen meer of minder onderhoud van o.a. wijkbeheer. Wij stellen dat je qua kostprijsberekening feitelijk beter kunt kijken naar de benchmark kosten van sportvelden. En daarvan dan slechts 15% in rekening te brengen bij de gebruiker/verenigingen. 85% van de kosten blijft dan nog steeds gesubsidieerd. Hierdoor blijft het tarief maatschappelijk en betalen verenigingen slechts een klein gedeelte van de totale kostprijs. Het voordeel hiervan is dat het volstrekt duidelijk is wat de kostprijs is en welk tarief per type veld er gevraagd kan worden. 2. Stel de kostprijs en gebruiksvergoeding per type sportveld vast voor: kunstgras voetbal, natuurgras voetbal, kunstgras hockey, natuurgras rugby, handbal asfaltveld atletiekbaan. E.a. 3. De nieuwe grondslag voor het tarieven systeem heeft beperkte gevolgen voor de in rekening te brengen gebruiksvergoedingen bij verenigingen.

De meeste verenigingen kennen een marginale aanpassing, een aantal verenigingen zouden theoretisch juist meer of minder gaan betalen. Het verdient aanbeveling om een gefaseerde overgangsregeling in te stellen.

4 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

4. Voor het (nog te renoveren) atletiekcomplex geldt dat er een indicatieve huur/gebruiksvergoeding is bepaald op basis van gelijkwaardige complexen elders (zoals Viaanse Molen, Alkmaar). 5. Velden zijn o.i. multifunctioneel inzetbaar. Dat wil zeggen: niet uitsluitend beschikbaar voor de ‘thuis vereniging’. Ook andere groepen en individuen zouden gebruik moeten kunnen maken van de velden. Daarmee laten we de term ‘openbaar sportcomplex’ los. Het is niet relevant meer in die gedachtegang. Omdat het gebruikstarief voor de hoofdbespeler maatschappelijk is (vanwege slechts 15% doorrekening van de kosten in het gebruikstarief), is het de gemeente die kan bepalen dat ook andere groepen gebruik kunnen maken van de velden. Uiteraard wordt multifunctioneel gebruik door de inzet van buurt sportcoaches en met medewerking van de thuisvereniging in goed overleg bepaald.

4.3 Indicatieve kostprijzen en tarieven per type sportveld (benchmark) Aan de hand van gegevens van sportbonden, onze eigen ervaringscijfers en markttarieven, lokale factoren en correcties, hebben we per Helders type sportveld een indicatieve kostprijs per jaar opgesteld. Deze vervolgens vertaald middels de 15% van de kostprijs regeling naar mogelijke nieuwe verenigingstarieven per veld. Verenigingen gebruiken soms meerdere velden en/of meerdere type velden. Door het tarief per veld te vermenigvuldigen met het aantal, kan het nieuwe (totale)gebruikstarief per vereniging worden bepaald.

5 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

5. Onderzoeksvraag B: Voldoet het subsidiebeleid nog aan de doelstellingen? De legitimering voor het in 2010 vastgestelde subsidiebeleid was als volgt: ‘De subsidie bestaat uit een bijdrage voor leden van 23 jaar en jonger en van 60 jaar en ouder. De subsidie moet worden besteed aan accommodatie, kadertraining en doelgroepen. De verantwoording bestaat uit een opgave van de uitgevoerde activiteiten op dit gebied.’

5.1 Maatschappelijke rol vitale verenigingen Verenigingen zijn bijzondere organisaties. Ze worden gerund door vrijwilligers. Leden van de vereniging komen doorgaans uit verschillende lagen van de bevolking en vormen daar een goede afspiegeling van. De sportverenigingen organiseren voor duizenden inwoners van Den Helder sport en bewegen en ze zorgen voor sociale cohesie. De sportvereniging is voor veel mensen een sociaal vangnet of een manier om zich in te zetten voor een ander. We beschouwen daarmee de sportvereniging als een zeer maatschappelijke instelling. In het beleidskader sport 2020 wordt gesproken over die maatschappelijke rol/identiteit van verenigingen. De indruk zou kunnen ontstaan dat sportverenigingen nog meer zouden kunnen betekenen op sociaal-maatschappelijk gebied. Je hoort wel eens dat verenigingen ook een rol kunnen spelen in het sociaal domein en activiteiten zouden (moeten) ontwikkelen op het gebied van doelgroepen: - Mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt - Ouderen in verpleegtehuizen - Allochtonen - Verslaafden - Etc

5.2 Kerntaak: schoenmaker (vereniging) blijf bij je leest! Zoals eerder aangegeven, vervult de sportvereniging al een zeer maatschappelijke taak door gelegenheid tot sporten aan te bieden in de buurt, aan een brede groep mensen met grotendeels vrijwilligers. Het is gebleken (onder andere uit de door ons uitgevoerde enquête onder sportverenigingen) dat sportverenigingen (zie bijlage) het al erg druk hebben met het uitvoeren van hun kerntaak. Het organiseren van trainingen, het inzetten van scheidsrechters, het draaiende houden van de kantine, het onderhoud, de schoonmaak en het wedstrijdprogramma leveren over het algemeen meer dan voldoende werk en hoofdbrekens op. Het draaiende houden van de vereniging (de kerntaak) is daarmee o.i. belastend genoeg. Het opleggen van extra verplichtingen (zoals werkzaamheden behorende bij het sociaal domein) ligt daarom niet voor de hand.

5.3 Sportaccommodatie en omgeving wel betrekken bij sociaal domein We zien wel duidelijk een meerwaarde van het inzetten van sport en accommodaties in het sociaal maatschappelijk domein. De sportieve omgeving en de accommodaties die overdag vaak minder gebruikt worden, lenen zich bij uitstek voor meer/beter gebruik. Zeker voor specifieke doelgroepen. Alleen in onze visie zou je de verenigingen niet extra moeten belasten met extra werkzaamheden op dit vlak.

Uit de enquête blijkt dat 84% van de verenigingen best (meer) maatschappelijke activiteiten zou willen ontplooien, maar dat professionele ondersteuning daarbij noodzakelijk is. Ze richten zich het liefst op de kerntaak: het draaiende houden van de vereniging.

Een aantal verenigingen gaf aan al wel enige sociaal maatschappelijke activiteiten te ontplooien, maar daarbij ook specifieke deskundigheid daarvoor in te (laten) zetten. 6 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

5.4 Buurt sportcoach De uitkomsten van de enquête en de dialoog met de verenigingen heeft bevestigd dat de inzet van buurt sportcoaches (zoals in het beleidskader sport genoemd) noodzakelijk is. Voor deze coaches ligt een belangrijke verbindende/begeleidende rol in het verschiet.

5.5 Subsidie aan sportverenigingen Het verstrekken van subsidie aan sportverenigingen gaat op basis van een proces, waarbij verenigingen moeten aangeven dat de subsidie verstrekt wordt aan drie hoofdzaken: 1. De accommodatie 2. Kadertrainingen 3. Doelgroepen Het moge duidelijk zijn dat sportverenigingen grotendeels ‘automatisch voldoen’ aan deze criteria. Punt 3 impliceert dat er ook voor andere doelgroepen dan de reguliere sporters activiteiten/inspanningen verricht zouden moeten worden. Zoals gezegd past dit minder bij de kerntaak van sportverenigingen en zou beter via de buurt sportcoach uitgevoerd kunnen worden.

5.6 Van prestatiesubsidie naar waarderingssubsidie Met de voorgaande motivaties in het achterhoofd, zouden wij pleiten voor een andere opzet van de subsidieverstrekking. Daarbij wordt de belangrijke maatschappelijke rol en kerntaak van de sportvereniging erkend en gewaardeerd. Dus in plaats van een prestatiesubsidie een waarderingssubsidie. De wijze van verstrekking kan daarmee vereenvoudigd worden, waarbij er niet meer een reeks aan activiteiten hoeft te worden overlegd. De basis van de bestaande (door verenigingen gewaardeerde) berekening kan echter wel worden aangehouden: De hoeveelheid jeugd- en seniorleden waarderen voor subsidie. Overigens vallen G-sporters die lid zijn van sportverenigingen op dit moment ook onder de reguliere subsidieregeling.

65% van de verenigingen vindt de bestaande subsidieregeling logisch. 28% vindt dat deze uitgebreid kan worden door bijvoorbeeld alle leden mee te wegen in de verstrekking. Daarnaast geeft de overgrote meerderheid aan zonder subsidie niet te kunnen overleven en deze in te zetten voor het dekken van de verenigingskosten (accommodatie, kader, bondskosten, huur, etc). 72% van de verenigingen is (zeer) tevreden met de bestaande subsidie regeling, 28% is neutraal. Geen enkele vereniging is ontevreden.

5.7 Constateringen     

Het bestaande subsidiebeleid wordt door verenigingen zeer gewaardeerd Verenigingen richten zich het liefste op hun kerntaak: het gelegenheid bieden van sportbeoefening voor leden. Er is behoefte aan professionele ondersteuning voor sociaal maatschappelijke activiteiten (doelgroepen). De buurt sportcoach wordt al genoemd in het beleidskader sport en lijkt het passende instrument te zijn. De subsidie wordt eerst en vooral ingezet om de vereniging draaiende te houden en de kosten voor huur, onderhoud, kader, bondsbijdrage, GWL, etc.

5.8 Aanbevelingen 1. Erken en waardeer het feit dat sportverenigingen (d.m.v. het uitvoeren van hun kerntaak met vrijwilligers en in de buurt voor een zeer brede doelgroep) al een grote bijdrage leveren aan sociaal-maatschappelijke doelstellingen. 2. Continueer de subsidieverstrekking aan sportverenigingen. 7 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

3. Handhaaf de bestaande weging aan de hand van jongeren t/m 23 jaar en ouderen vanaf 60 jaar, incl. de G-sport. 4. Nuanceer de subsidie verstrekking voorwaarden; stap af van een prestatiesubsidie en hanteer in plaats daarvan een waarderingssubsidie. 5. Vereenvoudig de aanvraagprocedure voor de subsidie. Alleen de geverifieerde jeugd- en oudere actieve leden per sportvereniging zijn immers van belang.

6. Onderzoeksvraag C: Sluit het beleid aan bij het nieuwe Beleidskader Sport (2020)? Deze vraag beantwoorden we aan de hand van een korte herhaling van de hoofdpunten van het beleidskader Sport.

6.1 Hoofdpunten beleidskader Sport (2020) In 2020 werd het Beleidskader sport door de raad vastgesteld. De volgende onderwerpen zijn in dit beleidskader belicht: 1. Vitale verenigingen. Te meten aan: leden, kader, beleid, accommodatie en financiën. Tevens is de maatschappelijke oriëntatie van belang. Bij het instellen (intensiveren) van de maatschappelijke inspanningen door buurt en verenigingen is de buurt sportcoach als belangrijke speler genoemd. 2. Beweegvriendelijke openbare ruimte. 3. Bereiken van maatschappelijke doelstellingen. Sport en bewegen inzetten als middel om sociaal maatschappelijke doelstellingen te bereiken. Denk aan programma’s die overgewicht bij jongeren bestrijden of het stimuleren van bewegen voor ouderen. 4. Onderwijs, de basis voor sport en bewegen; kinderen leren bewegen op school en een actieve levensstijl ontwikkelen. Inzet van vakleerkrachten in het bewegingsonderwijs en het uitvoeren van sportstimulering programma’s en kennismakingslessen. 5. Sportaccommodaties. Voldoende en kwalitatief hoogwaardige accommodaties in Den helder. In onze beleving sluit het beleid (nog) niet helemaal aan bij het beleidskader sport. Met betrekking tot een aantal hoofdpunten motiveren we dat:

Ad. 1. Vitale verenigingen. We hebben in de dialoog met de verenigingen geconstateerd dat de basis voor het vitale verenigingsleven redelijk op orde is: leden, kader, beleid, accommodatie en financiën. Tevens is de maatschappelijke oriëntatie van belang. Een aanscherping op dat vlak is o.i. op z’n plaats: Het overgrote merendeel van de verenigingen geeft aan de handen vol te hebben aan het draaiende houden van de vereniging. De maatschappelijke oriëntatie is onomstotelijk aanwezig en ook de bereidheid om deze te (blijven) ondersteunen. Echter, het organiserend vermogen en deskundige begeleiding kan het beste (en bij voorkeur) vooral bij professionals (zoals buurt sportcoaches of sportregisseurs) ondergebracht worden.

Ad. 3. Bereiken van maatschappelijke doelstellingen. De sportvereniging kent vanwege de rol in de buurt, leden uit diverse achtergronden en leeftijdsgroepen en vrijwilligers al een zeer grote maatschappelijke oriëntatie. Het is belangrijk dat feit te onderkennen en te waarderen. Een nog grotere maatschappelijke druk op verenigingen is niet wenselijk. Daarom is de genoemde buurt-sportcoach van essentieel belang om de maatschappelijke rol (buurt, doelgroepen) te versterken. Een afgemeten taakomschrijving voor de buurt sportcoach is daarom nodig. De buurt sportcoach regisseert en organiseert, de verenigingen ondersteunen.

8 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

Ad. 5. Sportaccommodaties. Voldoende en kwalitatief hoogwaardige accommodaties in Den Helder. Een aantal ontwikkelingen kan o.i. beter inzichtelijk gemaakt worden door het opstellen van specifiek sportaccommodatiebeleid (naast het algemeen beleidskader sport). In dit beleid is bijvoorbeeld opgenomen: - Spreiding van accommodaties - Binnen- en buitensportaccommodaties in beeld: bestaande kwaliteit, kwantiteit, ontwikkeling. - Capaciteitsonderzoek (zijn er voldoende sportvelden, gymzalen, sporthallen, openbare sportvoorzieningen, etc.?) - Trends m.b.t. sport en bewegen bevolkingsontwikkeling en passende accommodaties: bijvoorbeeld: gymzalen anno 2021 zien er heel anders uit dan pakweg 20, 30 jaar geleden! - Planning en investeringen: type, hoeveelheid, spreiding, onderhoud, ontwikkelingen. - Periodiek bij te stellen en vooruitkijken.

9 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

Bijlage

Resultaten enquête onder sportverenigingen; Presentatie interactieve bijeenkomst 22 april 2021:

10 Holland Sport 2021-concept 4 mei 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.denhelder.nl/api/v1/meetings/1685/documents/16266