CConstaterende datDen Helder
Koppel je AI →
Document · PDF

Compleet RKC Rapport Subsidiebeleid Den Helder.pdf

Gemeenteraad 10 maart 2025, gemeente Den HelderBij agendapunt: 10: Voorstel tot het vaststellen van de Algemene Subsidieverordening Den Helder.21.985 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De aanvrager krijgt in deze beschikking te horen of het verleende bedrag volledig wordt toegekend. Bij 16 van de 25 (volledig of gedeeltelijk) gehonoreerde aanvragen was de uiteindelijke vaststelling conform de beschikking. Dit houdt in dat de activiteiten volgens het college zijn uitgevoerd conform beschikking en het bedrag dat wordt toegekend volledig overeen komt met het bedrag uit de beschikking. Bij 4 aanvragen kon slechts een gedeelte van het ontvangen subsidiebedrag worden verantwoord, waardoor een gedeelte van het bedrag moest worden terugbetaald. Voor 2 aanvragen geldt dat de activiteiten wegens corona niet plaats konden vinden, waardoor ook zij een bedrag terug moesten betalen. Bij 3 aanvragen is de vaststelling van de subsidie niet aangeleverd bij de onderzoekers, waardoor niet kan worden gecontroleerd welk bedrag uiteindelijk is vastgesteld.

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

26

4.2.2 (Deel)subsidieverordeningen en (subsidie)regelingen In navolgende tabel staan de subsidieverordeningen en subsidieregelingen toegelicht. De (deel)subsidieverordeningen volgens reikwijdte / subsidiabele kosten, aanvraag, behandeling, toekenning/afwijzing, verantwoording. De (subsidie)regelingen volgens de relevante beleidskaders, verdeling, aanvraag / beoordeling / toetsingscriteria, subsidiabele kosten en verantwoording.

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

27

Tabel 5 | (Deel)subsidieverordeningen Verordening

Reikwijdte / Subsidiabele kosten

Subsidieverordening

Aanvragen voor evenementen en

Aanvraag 

Behandeling

Toekenning of afwijzing

De aanvrager geeft in de

Het college beslist

De weigeringsgronden zijn in lijn met de ASV. 

Verantwoording Evenementensubsidies die

evenementen Den

publieksactiviteiten die passen bij de

aanvraag duidelijk aan waar het

uiterlijk 1

Het college kan aanvragen weigeren als

op basis van deze

Helder 2020

promotie en profilering van Den

evenement of de

december over de

evenementen en publieksactiviteiten niet

verordening worden

Helder en aansluiten bij de

publieksactiviteit aan bijdraagt

ingediende

voldoen aan de definiëring en regels in deze

verleend kunnen door het

De Subsidieverordening

kernkwaliteiten van Den Helder op het

en op welke wijze. De aanvrager

subsidieaanvragen

verordening. Het college kan aanvragen

college direct worden

Publieksactiviteiten (2005)

gebied van cultuur(historie),

toont aan dat de subsidie

voor het komende

(gedeeltelijk) weigeren indien het

vastgesteld.

is ingetrokken na

maritieme, techniek- en energiesector,

noodzakelijk is om het

jaar. Deze

subsidiebudget voor evenementen dan wel

inwerkingtreding van deze

muziek- of landschapsfestival en

evenement of de

beslistermijn kan

publieksactiviteiten zoals dat voor het

aanvrager bij de

verordening.

sport.

publieksactiviteit doorgang te

eenmalig worden

betreffende subsidie jaar door het college is

subsidievaststelling

De subsidie heeft uitsluitend

laten vinden.

verlengd tot 31

vastgesteld, niet toereikend is om alle

verplichten achteraf bewijzen

Aanvullend op de vereisten in de

december.

Wel kan het college de

aanvragen te honoreren.

te overleggen dat de

Aanvullend wordt een aanvraag om subsidie

activiteiten waarvoor de

begroting) dient de aanvrager

op basis van de volgende algemene criteria en

subsidie wordt verstrekt, zijn

resteren na aftrek van bijdragen van

het promotieplan in, waaruit

in samenhang tot de andere

verricht en daadwerkelijk

derden en die naar het oordeel van

moet blijken dat het plan bij

subsidieaanvragen beoordeeld: identiteit,

hebben plaatsgevonden en

het college noodzakelijk zijn voor het

Citymarketing Den Helder is

ondernemerschap, publiek en publieksbereik,

dat is voldaan aan de aan de

realiseren van de gesubsidieerde

aangemeld voor de

lokale samenwerking, focus op maritiem,

subsidie verbonden

activiteiten: Organisatie, beveiliging en

Evenementenkalender.

techniek en energie, duur van de

verplichtingen.

Subsidieplafond

betrekking op de direct aan de

De raad stelt jaarlijks een

organisatie en uitvoering van een

ASV (beschrijving evenement en

subsidieplafond vast voor

evenement verbonden kosten, die

deze verordening.

veiligheid; Promotie; Inkoop horeca;

subsidieverlening.

Als de aanvrager een

Kosten voor vrijwilligers; Kosten om

onderneming is, wordt een

de inclusiviteit te bevorderen.

Ook kan het college de

Alle evenementensubsidies worden toegekend

aanvrager verplichten om

overzicht gevraagd van de al

in de vorm van een garantiesubsidie

achteraf aan te geven of de

Evenementen en publieksactiviteiten

ontvangen subsidies en een

(terugvordering als het niet doorgaat).

subsidie heeft bijgedragen

die worden georganiseerd voor

verklaring als bedoeld in de de-

De subsidie bedraagt maximaal 25% van de

aan de bij de aanvraag

commerciële doeleinden, komen niet

minimisverordening.

kosten die voor subsidie in aanmerking

kenbaar gemaakte doelen en

De subsidieaanvraag wordt bij

komen, met een minimum van € 500,- en een

(gewenste) resultaten. In dat

het college ingediend vóór 1

maximum van € 25.000,-.

geval vindt de vaststelling

voor evenementensubsidie in aanmerking.

Aan een beschikking tot subsidieverlening

plaats binnen 13 weken

voorafgaand aan het jaar waarin

kunnen verplichtingen worden verbonden met

nadat de volledige

het evenement plaats vindt.

betrekking tot het beheer en gebruik van hetgeen met de subsidie tot stand is gebracht.

verantwoording heeft

oktober van het jaar

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

28

plaatsgevonden.

Tabel 5 | (Deel)subsidieverordeningen Verordening

Reikwijdte / Subsidiabele kosten

Subsidieverordening

Activiteiten van sportverenigingen die

Aanvraag 

Behandeling

Toekenning of afwijzing

Aanvragen kunnen uitsluitend

Het college beslist

De weigeringsgronden zijn in lijn met de ASV. In deze verordening wordt een

Verantwoording

sportverenigingen Den

bijdragen aan het stimuleren en het

online/digitaal worden

op een

Het college kan aanvragen weigeren als

onderscheid gemaakt tussen

Helder (2021)

laten deelnemen van inwoners van

ingediend via de website van de

subsidieaanvraag

aanvragen niet voldoen aan de definiëring en

subsidies tot €50.000 en meer dan

Den Helder aan georganiseerde sport,

gemeente Den Helder.

vóór 31 december

regels in deze verordening.

€50.000.

Bij de subsidieaanvraag wordt

van het jaar waarin

De hoogte van de subsidie die een

Deelsubsidieverordening

het bevorderen van de kwaliteit van

“Subsidieverlening

sportbeoefening in

minimaal een overzicht

deze

sportvereniging kan krijgen wordt bepaald

kunnen door het college

Sportverenigingen (2016)

verenigingsverband en/of het

ingediend van het totaal aantal

subsidieaanvraag is

door het subsidieplafond, het aantal

direct worden vastgesteld.

is ingetrokken na

versterken van de rol van de

leden dat de sportvereniging

ingediend.

subsidieaanvragen en het aantal

Wel kan het college de

inwerkingtreding van deze

sportvereniging bij het via

heeft op basis van haar

subsidiepunten dat zij krijgt op basis van de

subsidieaanvrager

verordening.

sportbeoefening actief laten

ledenbestand per 1 september

kenmerken van haar ledenbestand.

verplichten om achteraf aan

Subsidies tot € 50.000,-

deelnemen van mensen uit

van het jaar voorafgaand aan

Het aantal subsidiepunten bepaalt het

te tonen hoe de subsidie

Subsidieplafond

achterstandsgroepen aan de Helderse

het kalenderjaar waarvoor de

percentage van het subsidiebedrag. Een

heeft bijgedragen aan de

Het subsidieplafond wordt

samenleving.

subsidie wordt aangevraagd.

sportvereniging krijgt één subsidiepunt voor

doelstelling van de

Een sportvereniging die voor het

ieder lid dat actief sport(en) beoefent en dat

verordening (zie bullet 1

op activiteiten die plaatsvinden

eerst een subsidie aanvraagt

op 1 september van het jaar waarin de

gedurende een kalenderjaar.

voegt een afschrift van de

subsidieaanvraag is ingediend 23 jaar of

Subsidieaanvragen kunnen worden

oprichtingsakte en de statuten

jonger dan wel 60 jaar of ouder is. Voor de

50.000,- dient de

gedaan door sportverenigingen die

toe aan de subsidieaanvraag.

sporten bord- en kaartspelen, biljart,

subsidieontvanger vóór 1

jaarlijks door het college

vastgesteld. 

De subsidieaanvraag heeft betrekking

reikwijdte).

Bij subsidies van meer dan €

Een sportvereniging dient vóór 1

wandelsport en veldsporten geldt een

april van het jaar dat volgt

waarvan minstens 70% van

oktober van het jaar

uitzondering op de weging, namelijk 0,3 op de

op het kalenderjaar waarvoor

ledenbestand hier woonachtig is en

voorafgaand aan het

toegekende subsidiepunten.

de subsidie is aangevraagd,

minstens 50 betalende leden kent,

kalenderjaar waarvoor de

een aanvraag tot vaststelling

tenzij die leden een sport beoefenen

subsidie is bestemd haar

van de subsidie bij het

die niet door een andere

subsidieaanvraag in bij het

college in. Dit is in lijn met

sportvereniging in Den Helder wordt

college. Indien de

de ASV.

aangeboden.

subsidieaanvraag op of na 1

Sportverenigingen die niet algemeen

oktober wordt ingediend wordt

toegankelijk zijn en sportverenigingen

de subsidieaanvraag niet in

die de beoefening van ijssport(en)

behandeling genomen.

statutair in Den Helder zijn gevestigd,

aanbieden, komen niet in aanmerking voor subsidie

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

29

Tabel 5 | (Deel)subsidieverordeningen Verordening

Reikwijdte / Subsidiabele kosten

Deelsubsidieverordening

De Topsportregeling heeft als doel om

Aanvraag 

Behandeling

Toekenning of afwijzing

Verantwoording

Aanvragen voor een subsidie

Het college neemt

Een amateur sporttalent heeft een leeftijd van

In afwijking van het bepaalde in

“Topsportregeling”

door middel van het verstrekken van

voor seizoensgebonden

voor

minimaal acht jaar en voldoet aan één van de

artikel 2.6 van de Algemene

(2018)

een subsidie aan amateur

topsportactiviteiten kunnen

seizoensgebonden

volgende profielen:

Subsidieverordening Den Helder

(sub)topsporttalenten de

digitaal worden ingediend tot

topsportactiviteiten

Subsidieplafond

mogelijkheden van deze sporters te

uiterlijk 1 mei voor de aanvang

De gemeenteraad stelt

vergroten om zich te kunnen

jaarlijks de hoogte vast van het voor de Topsportregeling

een topsporter heeft een status bij NOC*NSF;

2013 wordt bij toekenning van

voor 1 juli een

deze topsporters zijn bij het Olympisch

subsidies in het kader van deze

van het sportseizoen waarvoor

besluit over de

Netwerk Noord-Holland bekend als A-sporter,

deelsubsidieverordening een

ontwikkelen tot topsporters op

de aangevraagde subsidie

ingediende

sporter met een selectiestatus en HP-sporter,

drempelbedrag van € 500

nationaal of internationaal niveau.

bedoeld is.

aanvragen. Bij

of zij zijn bekend als bij het NOC*NSF

gehanteerd. Subsidies hoger dan

Aanvragen voor een subsidie

incidentele

geregistreerd talent (als Internationaal Talent,

€ 500 moeten door de

NationaalTalent of Belofte);

subsidieontvanger na afloop

Niet subsidiabel zijn: Kosten voor

beschikbare budget. Voor

aanschaf en/of exploitatie en/of

voor incidentele

sportactiviteiten

seizoensgebonden

onderhoud van vaar- en voertuigen,

topsportactiviteiten moeten

neemt het college

een topsporter maakt deel uit van een selectie

inhoudelijk en financieel worden

topsportactiviteiten is per

paarden en trainingstoestellen; Reis-

uiterlijk 4 weken voor aanvang

voor aanvang van

van een bij het NOC*NSF aangesloten

verantwoord. Bij subsidie voor

sportseizoen maximaal €

en verblijfskosten ouders /

van de betreffende

de activiteit een

sportbond;

seizoensgebonden

2.000,- subsidie

begeleiders; Consumpties, voeding,

topsportactiviteit, of uiterlijk 2

besluit over de

een topsporter maakt deel uit van een

topsportactiviteiten moet

beschikbaar. Voor

sportdrankjes en

weken nadat de sportbond de

indiende aanvraag.

programmalijn die is goedgekeurd door een

aanvrager binnen drie maanden

incidentele

voedingssupplementen; Sporttassen /

sporter op de hoogte heeft

bij het NOC*NSF aangesloten sportbond en/of

na afloop van het betreffende

topsportactiviteiten is per

bidons, etc.; Parkeergelden, kosten

gesteld van deelname, worden

van een bij het Olympisch Netwerk Noord-

sportseizoen - dus voor 1

topsportactiviteit

veerponten, etc.

ingediend. Een incidentele

Holland aangemeld trainingscentrum

november van het lopende

maximaal € 2.000,-

topsportactiviteit is een erkend

kalenderjaar een verzoek tot

subsidie beschikbaar.

nationaal of internationaal

vaststelling indienen. Bij subsidie

toernooi, zoals een NK, EK, WK

voor incidentele

Er zijn twee afzonderlijke

of de Olympische Spelen of een

topsportactiviteiten moet

budgetten voor

erkende trainingsstage. De

aanvrager binnen 13 weken na

respectievelijk jongeren

sportbond die dit organiseert

afloop van de betreffende

van 8 t/m 17 jaar en

dient aangesloten te zijn bij

activiteit een verzoek tot

volwassenen vanaf 18 jaar.

NOC*NSF.

vaststelling indienen.

De budgetten zijn onderling niet uitwisselbaar, tenzij de gemeenteraad anders besluit.

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

30

Tabel 6 | Subsidieregelingen of beleidsregels Regeling

Beleidskaders

Verdeling / Subsidiabel

Aanvraag / Beoordeling /

Subsidiabele kosten

Verantwoording

Toetsingscriteria Subsidieregeling evenementen

Den Helder 2020 

  

 

De Algemene

Het in de gemeentebegroting

Aanvragen voor subsidie voor

In de Verordening worden de

Indien de subsidie bij de verlening

Subsidieverordening Den

opgenomen budget wordt door

evenementen en

kostensoorten genoemd waarvoor

direct wordt vastgesteld, kan het

Helder

het college na de vaststelling van

publieksactiviteiten worden door

subsidie kan worden aangevraagd.

college besluiten dat de

De Subsidieverordening

de gemeentebegroting, verdeeld in

de adviescommissies (interne

Evenementen Den Helder

enerzijds een “subsidiebudget

ambtelijke commissie en externe

De volgende kosten worden niet

2020

evenementen” en anderzijds een

commissie zijn de Adviesraad

gesubsidieerd:

Het beleidskader ‘Toerisme

”subsidiebudget

Citymarketing) beoordeeld op

‘Den Helder bruist!’;

publieksactiviteiten”. Het college

basis van de mate waarin het

Het beleidskader ‘Cultuur

streeft naar een verdeling van 80%

evenement of de publieksactiviteit

kleurt het leven’;

van het budget voor evenementen

aantoonbaar en substantieel

en subsidieverlening aan

Het beleidskader Cultureel

en 20% van het budget voor

bijdraagt aan criteria die genoemd

andere organisaties

Erfgoed ‘Oog voor het

publieksactiviteiten.

zijn in de Verordening, te weten:

de subsidie heeft bijgedragen aan

verleden, visie op de

identiteit, ondernemerschap,

de bij de aanvraag kenbaar

toekomst’;

publiek en publieksbereik, lokale

gemaakte doelen en (gewenste)

Het beleidskader Sport ‘Den

samenwerking,

resultaten.

Helder beweegt vooruit!’;

Focus op maritiem, techniek en

Het sociaal beleidskader ‘het

energie en duur van de

sociale verhaal van Den

subsidieverlening. Zij krijgen

Helder’;

hiervoor een punten toegekend.

subsidieontvanger: binnen 3 maanden na het evenement een kort inhoudelijk verslag

Salariskosten voor organisatie van het evenement

achteraf bewijzen overlegt dat de activiteit daadwerkelijk heeft

Afdrachten aan goede doelen

plaatsgevonden 

achteraf aangeeft op welke wijze

Het coalitieprogramma 20182022 Helders akkoord

Op basis van het aantal punten dat

‘Voorwaarts in

de adviescommissies aan een

gezamenlijkheid’ en

subsidieaanvraag hebben

Het Helders Perspectief ‘Van

toegekend, bepaalt het college de

krimp naar groei!’

volgorde waarin de subsidies worden toegekend.

Beleidsregels subsidiëring

De Algemene

Het in de gemeentebegroting voor

deskundigheidsbevordering

Subsidieverordening Den

dit beleidsdoel opgenomen bedrag

2020

Helder

geldt als subsidieplafond. De

De aanvraag wordt schriftelijk,

De subsidie geldt alleen voor

Na verlening van de subsidie zal de

bij voorkeur elektronisch,

vrijwilligers van een in Den

organisatie de resultaten en effecten

gedaan.

Helder gevestigde en

van de training, cursus of workshop

werkzame organisatie.

melden aan de gemeente. Dit doet zij

subsidie bedraagt maximaal € 750

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

31

Tabel 6 | Subsidieregelingen of beleidsregels Regeling

Beleidskaders

Verdeling / Subsidiabel

Subsidiabele kosten

Aanvraag / Beoordeling /

Verantwoording

Toetsingscriteria per jaar per vrijwilliger en wordt

De subsidie wordt verleend

binnen 3 maanden na afronding van de

jaarlijks ten behoeve van ten

worden ingevuld en

voor de kosten die direct

training, cursus of workshop door

hoogste 3 vrijwilligers per

aangeleverd, inclusief een

verband houden met de

middel van een schriftelijk verslag over

organisatie verleend. Als sprake is

offerte van de training, cursus

training, cursus of workshop

de gesubsidieerde activiteiten.

van een in company-training,

of workshop. Onvolledige

ter bevordering van de

cursus of workshop, waarbij dus

aanvragen worden niet in

deskundigheid. Reis- en

meer dan 3 vrijwilligers gelijktijdig

behandeling genomen.

verblijfkosten vallen hier niet

De aanvraag dient vóór 1

onder.

geschoold worden, kan maximaal €

Subsidieregeling voorschoolse voorzieningen 2019

De aanvraag dient volledig te

2.000 verleend worden per

oktober van het lopende jaar

organisatie.

ingediend te worden voor het volgende jaar.

De Algemene

Het college stelt jaarlijks het

Subsidieverordening Den Helder

De subsidie wordt vóór 1

Subsidie in de vorm van een

Een aanvraag tot subsidievaststelling

uurtarief vast dat ten hoogste

oktober van het jaar dat

gemeentelijke toeslag wordt

wordt door de houder ingediend voor

wordt betrokken in de berekening

voorafgaat aan het boekjaar

uitsluitend verleend voor opvang in

1 april van het jaar dat volgt op het

van de omvang van de

aangevraagd door de houder.

een geregistreerd kindercentrum

boekjaar met de volgende informatie:

De aanvraag wordt ingediend

met of zonder voorschoolse

gemeentelijke toeslag.

Het contract tussen aanbieder en

op basis van de bezetting van

educatie, voor zover de opvang per

ouder(s), een verklaring van de

Subsidie wordt uitsluitend verleend

de kindplaatsen op de

kind een omvang heeft van ten

ouder omtrent de woon- of

ten behoeve van ouders van in Den

peildatum, onderverdeeld

minste zes uur per week verdeeld

verblijfplaats van het geplaatste

Helder wonende of verblijvende

naar soort uurtarief, en de in

over twee dagdelen gedurende ten

kind.

kinderen die een kindplaats

het boekjaar te verwachten

minste 20 aaneen gesloten weken

bezetten in een geregistreerd

inkomsten uit ouderbijdrage.

of van ten minste 120 uren.

kindercentrum dat gevestigd is in

Een onderbouwde verklaring van de ouder dat geen of een

Voor de aanvraag wordt

beperkte aanspraak gemaakt kan

Den Helder en die geen of, als

gebruik gemaakt van het

worden op de

gevolg van deeltijdarbeid, een

daartoe door het college

beperkt aanspraak hebben op

vastgestelde formulier.

kinderopvangtoeslag. 

Indien beschikbaar het

Gerealiseerde bezetting van de

kinderopvangtoeslag.

indicatiedocument. kindplaatsen per soort uurtarief.

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

32

4.2.3 Relatie subsidieverstrekking en beleidskaders De gemeente Den Helder toetst subsidieaanvragen waarvoor geen specifieke regeling is aan het desbetreffende beleidskader. Binnen verschillende programma’s zoals het Sociaal Domein, Cultuur Sport en Recreatie, Onderwijs en Economie zijn de betreffende beleidskaders en begroting leidend voor de toekenning, dan wel (gedeeltelijke) afwijzing. Binnen elk programma heeft de gemeente doelen geformuleerd waar een subsidie aan kan worden getoetst. De gesproken respondenten bevestigen dat voor hen de programmabegroting en het onderliggende beleidskader leidend zijn in het beoordelen van de subsidieaanvragen. Sommige respondenten geven aan dat zij de Kadernota ook raadplegen als richtinggevend document. Hieronder een overzicht van deze beleidsdomeinen met bijbehorende doelen. Sociaal Domein Voor het Sociaal Domein is het beleidskader ‘Helders Sociaal Beleid, Het Sociale Verhaal van Den Helder 4’ opgesteld. Hierin omschrijft de gemeente Den Helder dat het subsidie-instrumentarium wordt ingezet voor de algemene voorzieningen en specifiek de voorzieningen gericht op preventie en vroegsignalering. De afweging om subsidie wel of niet te verlenen hangt af van de vraag van het belang dat gediend wordt (bijdrage aan uitvoering van het beleid) en de daarvoor in de begroting beschikbaar gestelde middelen.

Het streven van de gemeente is om voor nader te bepalen thema’s en activiteiten een meerjarenafspraken maken om hiermee langdurige relaties met partners op te bouwen. Dit ziet de gemeente als een manier om partners meer continuïteit, zekerheid en mogelijkheden te bieden om te investeren. Ook ziet de gemeente dit als manier om de ketenregie beter borgen. De gemeente wil in aanvulling op de Algemene Subsidieverordening door het college een subsidieregeling Sociaal beleid uitwerken op basis waarvan vanaf 2021 maatschappelijke organisaties en inwoners subsidie kunnen aanvragen voor het verrichten van activiteiten die bijdragen aan: ‘De ontwikkeling van de Helderse samenleving, waarin iedereen kan meedoen en waar nodig wordt ondersteund om de eigen kracht en mogelijkheden te benutten5.’ Ambtelijke respondenten bevestigen dit beeld. Zij controleren op de inhoud van het relevante beleidskader, controleren op aansluiting op het beleid, de bijbehorende kaders en de begroting. Cultuur, Sport & Recreatie Cultuur De gemeenteraad heeft 25 april 2016 de visie Cultuur kleurt het leven! vastgesteld. De visie beschrijft de kracht van cultuur. De visie laat, in de vorm van speerpunten, zien welke maatschappelijke effecten de gemeente Den Helder willen bereiken met het cultuurbeleid. De visie Cultuur kleurt het leven! is in het beleidskader (2017-2020) uitgewerkt.

De gemeente Den Helder heeft een viertal speerpunten beschreven waar de subsidiepartners een bijdrage aan leveren. Per subsidiepartner heeft de gemeente doelstelling verbonden. Per doelstelling geeft zij aan welke subsidiepartner(s) verantwoordelijk is of zijn voor de uitvoering van een doelstelling. De subsidiepartners zorgen voor het behalen en uitvoeren van de meeste speerpunten die de gemeente zich binnen dit domein heeft gesteld. De zes organisaties die een subsidie ontvangen zijn in onderstaand schema weergegeven, evenals de speerpunten waar zij zich op profileren. Het cultuur budget wordt grotendeels besteed aan de subsidiepartners (alleen taakveld 5.3 wordt niet besteed aan de subsidiepartners). Deze doelstellingen worden meegenomen in de prestatieafspraken die de gemeente maakt met de subsidiepartners6. Voor meerjarige budgetovereenkomsten ligt een bevoegdheid bij de raad ter goedkeuring.

4 5 6

Helders Sociaal Beleid Het Sociale Verhaal van Den Helder pagina 15 Helders Sociaal Beleid Het Sociale Verhaal van Den Helder pagina 5 Beleidskader Cultuur: Cultuur kleurt het leven

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

34

Respondenten bevestigen dit beeld. Zij controleren op de inhoud van het relevante beleidskader, controleren op aansluiting op het beleid, de bijbehorende kaders en de begroting. Zij geven aan dat binnen het beleidskader ook de partners zijn beschreven. Niet alle aanvragers weten binnen welk beleidskader dan wel speerpunt hun aanvraag valt. In overleg met de gemeente bekijken ze in gezamenlijkheid waarbinnen de aanvraag het beste past. Onderstaand is weergegeven welke subsidieontvangende organisaties bijdragen leveren aan welke speerpunten.

Sport De gemeente Den Helder heeft in maart 2020 het beleidskader Sport opgesteld. Daarin geeft zij aan dat het subsidie- en tarievenbeleid een instrument vormt om de vitaliteit van de verenigingen verder te stimuleren7. Hierin stelt zij dat het subsidie- en tarievenbeleid (sportbesluit 2010) loopt tot en met 2020:  Subsidie voor verenigingen met meer dan 50 leden. De subsidie wordt berekend op basis van het aantal leden die 23 jaar of jonger zijn en 60 jaar of ouder.  De subsidie moet worden ingezet op accommodatie, kadertraining en bijzondere doelgroepen.  De tarieven voor de huur voor de gemeentelijke buitensportparken bedraagt 15% van de onderhouds- en investeringskosten. De gemeente geeft aan dat zij hiernaast projecten wil subsidiëren die inzetten op preventie en vroeg signalering. Omdat niet alle accommodaties gemeentelijk bezit zijn, heeft de gemeente een indirectere rol waarin zij zich stimulerend, faciliterend en ondersteunende rol opstelt ten aanzien van de verduurzaming ervan. Eén van de trajecten om sportverenigingen te helpen met verduurzamen doet zij met een subsidie:  Subsidie stimulering bouw en onderhoud van sportaccommodaties (BOSA-regeling) 30% subsidie van de in de regeling opgenomen voorzieningen De gesproken respondenten bevestigen dit beeld. Zij geven aan dat ook zij werken met vooral vaste partners.

Voor sportverenigingen geldt dat er een deelsubsidieverordening is, als er meer aanvragen zijn, dan wordt het beschikbare subsidiebudget evenredig verdeeld over de aanvragers via een verdeelsleutel. Het huidige subsidie- en tarievenbeleid loopt tot en met 2020. Na afloop van het huidige subsidie - en tarievenbeleid wil de gemeente de focus op maatschappelijke opbrengst meenemen. De precieze wijze waarop dit vorm krijgt volgt als volgend jaar het huidige subsidiebeleid geëvalueerd wordt en vervolgens het beleid voor de komende jaren wordt uitgewerkt.

7

Beleidskader sport ‘Den Helder beweegt vooruit’ pagina 7

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

35

Economie en Toerisme Om de marktpositie van de toeristische producten van Noord-Holland-Noord te verbeteren is in 2016 de destinatiemarketingorganisatie DMO Holland boven Amsterdam opgericht. Het doel is toename van het aantal verblijfstoeristen én bestedingen te realiseren8. In aanvulling hierop zal de stichting Top van Holland zich richten op de citymarketing in relatie tot wonen, werken en vrije tijd. De stichting krijgt hiervoor een jaarlijkse subsidie van de gemeente van 45.000 euro en daarnaast vanaf 2016 een substantiële bijdrage uit het ondernemersfonds. In de kadernota van de gemeente den Helder 2016 staat dat door culturele instellingen de behoefte is geuit om dit te positioneren binnen het programma cultuur, maar dat deze subsidie toch is ondergebracht binnen dit programma. De gemeente geeft als verklaring hiervoor dat van 2017 het programma Subsidie aan Top van Holland wordt betaald (was eerder Bestuur en Middelen)9. Onderwijs Binnen de Kadernota zijn de doelen waar subsidies een bijdrage aan leveren niet apart geformuleerd. Onder het kopje Nieuw Beleid in de Kadernota wordt beschreven dat Lyceum aan Zee een subsidie krijgt om haar leerlingen maatschappelijke stages te laten verrichten. In de toelichting wordt vermeld dat de kosten van 70.000 euro een subsidie betreft om de organisatiekosten van Lyceum aan Zee te dekken.

Respondenten geven aan dat zij de subsidies ook toetsen aan landelijke regels. Ten aanzien van een deel van de subsidie, bijvoorbeeld onderwijsachterstandenbeleid, geven respondenten aan dat zij als gemeente een doorgeefluik zijn van rijksmiddelen. Hierin zijn landelijke regels leiden. Zij controleren op de inhoud van het relevante beleidskader, controleren op aansluiting op het beleid, de bijbehorende kaders en de begroting. Gesproken respondenten geven aan dat er niet met subsidieplafonds wordt gewerkt. De geldtoekenningssystematiek van het Rijk speelt wel een rol bij de bepaling van de hoogte van de bedragen. De gesproken respondenten bevestigen het beeld dat naast de Kadernota en de begroting, de Rijksrichtlijnen ook leidend zijn in de toekenning en verdeling van de gelden. Het Rijk vraagt om extra informatie (zoals een draaiboek, waarin de momenten waarop zaken klaar moeten zijn vastgelegd zijn) en zijn er wettelijke taken waar een bijdrage aan wordt geleverd.

8 9

Kadernota gemeente Den Helder 2016 pg 26 Kadernota gemeente Den Helder 2016 pg 29

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

36

Klik hier en voeg via Invoegen Afbeeldingen een foto in. Om te vergroten: klik op een hoek en sleep. Om te verschuiven: klik op Bijsnijden in het rechtertabblad Opmaak.

5

OORDEEL SUBSIDIEBELEID EN UITVOERING

Bevindingen toepassing subsidiebeleid

38

5. Oordeel subsidiebeleid en uitvoering In dit hoofdstuk staat de beantwoording van de volgende onderzoeksvragen centraal: 3.

Rechtmatigheid: Wordt bij de uitvoering van het subsidiebeleid gewerkt volgens de gestelde regels? a. Sluit het subsidiebeleid aan bij het daartoe gestelde in de Algemene wet bestuursrecht? b. Wordt bij de toekenning van subsidies binnen de beleidsmatige, procesmatige en financiële kaders geopereerd? c. Is de administratie volledig, zijn beoordelingscriteria afgeleid van beleidsdoelstellingen?

4.

Doelmatigheid: Wordt bij de uitvoering van het subsidiebeleid doelmatig gewerkt? a. Wordt ernaar gestreefd om de subsidies te minimaliseren bij gelijkblijvend resultaat? b. Wordt ernaar gekeken of de gestelde doelen op een andere wijze dan het toekennen van subsidies te realiseren zijn? c. Hoelang is de doorlooptijd van een subsidieaanvraag? d. Is er inzicht in de uitvoeringskosten van het proces van subsidieverstrekking? e. Wordt ernaar gestreefd om de kosten van het uitvoeringsproces te minimaliseren?

5.

Doeltreffendheid: Worden de doelen van het subsidiebeleid gerealiseerd? a. Wordt het subsidiebeleid minstens eens in de vijf jaar op effectiviteit geëvalueerd, conform Awb, artikel 4:24? b. Op welke wijze vindt die evaluatie van het subsidiebeleid plaats? c. Heeft de evaluatie betrekking op het subsidiebeleid en het uitvoeringsproces of op de individuele subsidierelaties? d. Wordt beoordeeld, en zo ja op welke wijze, of de verstrekte subsidie en de geleverde prestatie bijdragen aan de gestelde beleidsdoelen? e. Wordt bij het beoordelen van het halen van de gestelde doelen onderscheid gemaakt tussen output (de afgesproken prestatie) en de outcome (het maatschappelijk effect)? f. Wie zijn bij die evaluatie betrokken? g. Met wie worden de bevindingen van die evaluatie gedeeld?

6.

Waardering: Hoe ervaren de (beoogde) begunstigden de subsidies van de gemeente Den Helder? a. Is de eventuele (gedeeltelijke) afwijzing van een aangevraagde subsidie helder voor de aanvrager? Is de argumentatie begrijpelijk? b. Is de eventuele (gedeeltelijke) toekenning van een aangevraagde subsidie helder voor de aanvrager? Is de argumentatie begrijpelijk? c. Is duidelijk aan welke voorwaarden de subsidietoekenning is gebonden en op welke wijze de verantwoording plaats moet vinden?

7.

Rol raad: Hoe geeft de gemeenteraad invulling aan de kaderstellende en controlerende rol? a. Wordt de gemeenteraad, naar het oordeel van de leden, adequaat geïnformeerd over de verstrekte, en eventueel niet toegekende, subsidies? Zo niet, wat zou er moeten veranderen? b. Wordt de gemeenteraad, naar het oordeel van de leden, voldoende betrokken bij de periodieke evaluatie van het subsidiebeleid? Zo niet, wat zou er moeten veranderen? c. Heeft de gemeenteraad initiatieven genomen om beter geïnformeerd te worden, en zo ja, welke en wat is daarvan het resultaat?

In de navolgende paragrafen starten we met een beantwoording van de betreffende vragen op hoofdlijnen. Daarna volgt de onderbouwing per norm.

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

39

5.1

Oordeel rechtmatigheid

Beantwoording op hoofdlijnen: a. Sluit het subsidiebeleid aan bij het daartoe gestelde in de Algemene wet bestuursrecht? Er is geen subsidiebeleid als zodanig maar de ASV sluit aan bij het daartoe gestelde in de Awb. b. Wordt bij de toekenning van subsidies binnen de beleidsmatige, procesmatige en financiële kaders geopereerd? Bij de toekenning wordt beleidsmatig geopereerd. Voor subsidies die vallen onder de verschillende regelingen worden de kaders, doelen en afspraken in de regelingen gevolgd. Voor de andere subsidies worden de beleidsdoelen gevolgd, zoals die per thema zijn bepaald. De toekenning van alle subsidies volgt de procesmatige kaders van de ASV. Voor financiën worden onder de regelingen de financiële kaders van de regelingen gevolgd en voor de subsidies waarvoor geen regelingen zijn, is de begroting het financiële kader. c. Is de administratie volledig, zijn beoordelingscriteria afgeleid van beleidsdoelstellingen? De beleidsdoelstellingen zijn volgens de gesproken respondenten de leidraad. Uit het casusonderzoek blijkt dat subsidieaanvragen worden beoordeeld op basis van criteria die zijn afgeleid van de beleidsdoelstellingen. Indien een subsidie niet voldoende ten goede komt aan de bewoners van Den Helder of niet past binnen de beleids- en financiële kaders wordt deze niet gehonoreerd.

De beleidsdoelstellingen zijn heel algemeen en breed geformuleerd, waardoor aanvragen al snel binnen deze kaders passen. In het casusonderzoek zien we terug dat aanvragen hierdoor vrijwel altijd binnen de breed geformuleerde beleidskaders te plaatsen zijn. In een beperkt aantal onderzochte casussen ontbreekt het aan de gevraagde verantwoordingsinformatie. Normenkader Norm: De gemeentelijke subsidieverordening is in overeenstemming met de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Eventuele deelverordeningen of beleidsregels zijn in overeenstemming met de algemene subsidieverordening. Toetsing: Voldoet. De ASV is in overeenstemming met de Awb en de regelingen zijn in overeenstemming met de ASV. Onderbouwing De gemeente Den Helder beschikt niet over een beleidsnota met daarin uitgangspunten en doelstellingen van het subsidiebeleid. De gemeente beschikt wel over een juridisch kader, de Algemene Subsidieverordening Den Helder 2019. Daarnaast kent de gemeente Den Helder verschillende subsidiegrondslagen. Drie (deel)verordeningen te weten, een Subsidieverordening evenementen Den Helder 2020, Subsidieverordening sportverenigingen Den Helder (2021) en Deelsubsidieverordening “Topsportregeling” (2018).

Enkele beleidsterreinen geeft de gemeente specifieker gestalte in nadere (subsidie)regels: Subsidieregeling evenementen Den Helder 2020, Beleidsregels subsidiëring deskundigheidsbevordering 2020, Subsidieregeling voorschoolse voorzieningen 2019. De deelverordeningen en beleidsregels zijn in overeenstemming met de ASV.

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

40

Norm: Het onderscheid tussen subsidie in de zin van de Awb en het verlenen van subsidie in natura is duidelijk Toetsing: Voldoet grotendeels. Er worden subsidies in natura toegekend, maar deze zijn niet altijd even goed vastgelegd. Het is de ambitie om zo min mogelijk subsidie in natura te verstrekken.

Onderbouwing Uit interviews blijkt dat het nog voorkomt dat subsidies in natura worden toegekend. Verschillende beleidsambtenaren geven aan zij zich hiervan bewust zijn en dat het niet altijd even goed wordt vastgelegd. In de gesprekken wordt aangegeven dat de er een ambitie is om zo min mogelijk subsidie in natura te verstrekken en dat er op dat vlak stappen worden gezet.

5.2

Oordeel doelmatigheid

Beantwoording op hoofdlijnen: a. Wordt ernaar gestreefd om de subsidies te minimaliseren bij gelijkblijvend resultaat? De gesproken respondenten geven dat een efficiënte inzet van de ingezette middelen een terugkerend onderwerp van gesprek is, met name bij de grote subsidieontvangers. b. Wordt ernaar gekeken of de gestelde doelen op een andere wijze dan het toekennen van subsidies te realiseren zijn? Eén van de onderzochte aanvragen uit het casusonderzoek is afgewezen omdat de activiteiten in het verleden doorgang hadden gevonden zonder een subsidie van de gemeente. Hier werd wel bij vermeld dat de aanvraag ook wegens het bereiken van het subsidieplafond niet in aanmerking zou komen voor subsidie. Er was niet voldoende geld beschikbaar om alle aanvragen te honoreren. Bij een andere casus werd gewezen op het belang van het werven van nieuwe sponsoren en inkomsten, zodat de organisatie in de toekomst minder afhankelijk zou zijn van de subsidie van de gemeente. Dit had nog geen direct gevolg voor de ontvangen subsidie. Bij de overige casussen is minder aandacht besteed aan de mogelijkheden om de doelen via andere wegen te bereiken. c. Hoelang is de doorlooptijd van een subsidieaanvraag? Volgens de ASV beslist het college op een aanvraag om een subsidie die per boekjaar wordt verstrekt uiterlijk op 31 december van het jaar waarin de aanvraag is ingediend.

Het college beslist bij periodieke subsidieaanvragen binnen 8 weken nadat de volledige aanvraag is ingediend. In bijzonder gevallen kan het college de hierboven genoemde termijnen verlengen. In de (deel)verordeningen komt het voor dat andere termijnen worden gehanteerd. Bij de Subsidieverordening evenementen Den Helder 2020 beslist het college uiterlijk 1 december over de ingediende subsidieaanvragen voor het komende jaar. Deze beslistermijn kan eenmalig worden verlengd tot 31 december. Bij de Subsidieverordening sportverenigingen Den Helder (2021) beslist het college op een subsidieaanvraag vóór 31 december van het jaar waarin deze subsidieaanvraag is ingediend. Tot slot neemt het college bij de deelsubsidieverordening “Topsportregeling” (2018) voor wat betreft seizoensgebonden topsportactiviteiten voor 1 juli een besluit over de ingediende aanvragen. Bij incidentele sportactiviteiten neemt het college voor aanvang van de activiteit een besluit over de indiende aanvraag. d. Is er inzicht in de uitvoeringskosten van het proces van subsidieverstrekking? Er is geen inzicht op de uitvoeringskosten van het proces van subsidieverstrekking, omdat een registratie van de urenbesteding ontbreekt.

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

41

e. Wordt ernaar gestreefd om de kosten van het uitvoeringsproces te minimaliseren? In de taakverdeling wordt gestuurd op de verdeling van de inzet over de verschillende medewerkers. Omdat geen inzicht is in de uitvoering, wordt ook niet gestreefd naar het minimaliseren van de kosten van het uitvoeringsproces. Verder werkt de gemeente Den Helder met twee verschillende registratiesystemen. Normenkader Norm: Het proces omtrent de subsidieaanvraag, de behandeling, beschikking en verantwoording wordt gemonitord en het is duidelijk wat de resultaten hiervan zijn. Toetsing: Voldoet merendeel. Uit het onderzoek blijkt dat op zich het proces wel goed in beeld en dat de regie op het bijhouden van de resultaten en de monitoring van het proces plaatsvindt. Documentatie van de resultaten van de monitoring zijn niet aangetroffen. Daarnaast geven respondenten aan dat er in verschillende subsidiesystemen verschillend wordt geregistreerd. Onderbouwing Uit het casusonderzoek blijkt dat sprake is van een vaste structuur van een aanvraag, (eventueel) B&W advies, beschikking, verantwoording en vaststelling van de verlening. Bij 3 van de 25 (volledig of gedeeltelijk) gehonoreerde aanvragen is de vaststelling van de uiteindelijke verlening niet aangeleverd bij de onderzoekers. Een aantal gesproken respondenten geven aan dat er in verschillende registratiesystemen worden geregistreerd.

Uit het onderzoek is niet gebleken dat het verloop van het proces wordt gemonitord. Dezelfde respondenten geven aan dat de stappen in het digitale systeem van process niet altijd worden opgevolgd omdat de registratiepraktijk soms weerbarstiger is dan systemen. Ook wordt aangegeven dat zij niet de ervaring hebben dat er omissies in het proces intern worden opgemerkt en medewerkers hier op worden gewezen. Tijdens de ambtelijke hoor en wederhoor wordt er aangegeven dat er verschillende functionarissen werkzaam zijn die die een extra check doen op de volledigheid van registraties van subsidies, een interne controller houdt zicht op de tijdigheid van het beslissen over aanvragen, doorlooptijd en tijdigheid van het afgeven van vaststellingen. In het kader van de Verbijzonderde Interne Controle (VIC) bekijkt deze functionaris een aantal subsidies in detail en geeft op hoofdlijnen de stand van zaken weer ten aanzien van het totaal. Deze functionaris stelt n.a.v. constateringen uit de VIC aan de beleidsadviseurs in sommige gevallen vragen omtrent de stand van zaken en wanneer e.e.a. wordt afgerond indien er sprake is van achterstand. Ten tijde van het onderzoek zijn is hier geen documentatie over aangeleverd. Daarmee kan er nog niets gezegd worden wat de resultaten zijn van de bevindingen van deze medewerkers.

Norm: De uitgaven, gemoeid met de uitvoering van subsidieverstrekking, blijven binnen de daarvoor gestelde kaders Toetsing:  Voldoet niet. Er zijn geen heldere kaders gezet voor de uitgaven gemoeid met subsidieverstrekking. De gemeente weet welke medewerkers zich bezighouden met subsidieverstrekking maar uren worden niet geregistreerd. Onderbouwing Subsidieverstrekking valt onder het takenpakket van enkele beleidsmedewerkers. Dit heeft de gemeente inzichtelijk. Echter ontbreekt de daadwerkelijke urenbesteding, omdat de inzet rondom subsidieverstrekking niet geregistreerd wordt. Hierdoor is het concrete aantal uren en het bedrag wat

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

42

gemoeid is met het proces van subsidieverstrekking niet bekend. Daarmee zijn geen heldere kaders gezet voor de uitgaven die gemoeid zijn met de subsidieverstrekking. Norm: Er is sprake van een overzichtelijke en complete administratie Toetsing:  Voldoet beperkt. De administratie is op zich overzichtelijk en compleet. In een paar casussen ontbreken verantwoordingsdocumenten. Daarnaast is sprake van registratie in twee systemen, wat foutgevoeligheid in de hand werkt. Onderbouwing De gemeente Den Helder registreert in twee systemen. De afdeling financiën registreert in Key2subsidies. Daarvoor is een specifieke medewerker aangewezen. De medewerkers van beleid registreren in het systeem InProces. Er zijn geen verschillen tussen het beleidsmatige registratiesysteem (Inproces) en het financiële registratiesysteem (Key2subsidies). Geïnterviewden geven desondanks aan dat door het werken in twee systemen zij niet altijd over alle informatie kunnen beschikken. Bovendien wordt een deel van de informatie vanuit het beleidsmatige registratiesysteem (InProces) handmatig geregistreerd in het financiële registratiesysteem (Key2subsidies) wat foutgevoeligheid in de hand kan werken. Het financiële registratiesysteem wordt gecontroleerd op volledigheid.

Ook geven gesproken respondenten aan dat zij altijd via een extra tussenstap, via een collega, de informatie in het andere systeem moeten opvragen. Dit is geen wenselijke situatie. Het voornemen is dat er een evaluatie plaatsvindt op het gebruik van Key2subsidies, en de mogelijkheden om met dit systeem het proces verder te optimaliseren en te digitaliseren. De gesproken aanvragers geven verder aan dat zij veel opmerkingen hebben ten aanzien van het registratiesysteem InProces. Bij terugkerende aanvragers wordt bij iedere nieuwe aanvraag gevraagd om reeds aanwezige informatie bij de gemeente (inschrijving KvK, etc.). Hiernaast geven zij aan dat zij zelf beperkte toegang hebben tot hun eigen digitale dossier en daarmee geen inzage hebben in de voortgang en documenten zoals aanvraag, beschikking, etc. Als ze iets zouden willen weten dan bellen ze hun contactpersoon bij de gemeente. Een aantal beleidsmedewerkers beaamt dit.

5.3

Oordeel doeltreffendheid

Beantwoording op hoofdlijnen: a. Wordt het subsidiebeleid minstens eens in de vijf jaar op effectiviteit geëvalueerd, conform Awb, artikel 4:24? Een uniform subsidiebeleid is niet aanwezig. Het subsidiebeleid wordt derhalve niet op effectiviteit geëvalueerd. Ook zijn er geen evaluaties aangetroffen op verordeningen en regelingen. Evaluaties op het betreffende subsidiedeel van de verschillende beleidsterreinen zijn niet aanwezig. b. Op welke wijze vindt die evaluatie van het subsidiebeleid plaats? Zie onder a. Er vindt geen evaluatie van het subsidiebeleid plaats. Een interne evaluatie van het subsidieproces heeft plaatsgevonden. Voor de grote subsidieaanvragen en voor de beleidsterreinen vinden wel reflecties plaats. c. Heeft de evaluatie betrekking op het subsidiebeleid en het uitvoeringsproces of op de individuele subsidierelaties? Er vindt geen evaluatie van het subsidiebeleid plaats. d. Wordt beoordeeld, en zo ja op welke wijze, of de verstrekte subsidie en de geleverde prestatie bijdragen aan de gestelde beleidsdoelen?

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

43

Nadat een aanvraag wordt ingediend volgt in de meeste gevallen een B&W advies (in 77% van de casussen uit het casusonderzoek). In dit advies richting het college wordt beargumenteerd of en in hoeverre de aanvraag past binnen de gestelde beleidsdoelen van de gemeente. In de overige casussen volgde na de aanvraag geen B&W advies, gezien afspraken al waren vastgelegd in een budgetovereenkomst, de aanvraag vergelijkbaar was met de aanvraag van het voorgaande jaar of de aangevraagde subsidie een bedrag van minder dan 5000 euro betrof. Bij de verantwoording wordt minimaal ingegaan op de mate waarin de gestelde doelen worden behaald. Vaak wordt alleen gerapporteerd over de uitgevoerde activiteiten maar niet over het bereik en de mate waarin doelen worden behaald. De gemeente vraagt niet om een verantwoording over de behaalde doelen maar lijkt de vaststelling van de subsidie te baseren op de gemaakte kosten en uitgevoerde activiteiten. De gesproken aanvragers geven aan dat zij een bijdrage leveren aan gemeentelijke doelstellingen, maar niet zozeer omdat zij daar actief door de gemeente op worden bevraagd. e. Wordt bij het beoordelen van het halen van de gestelde doelen onderscheid gemaakt tussen output (de afgesproken prestatie) en de outcome (het maatschappelijk effect)? Zie het antwoord bij vraag d.

De gemeente let bij de verantwoordingsdocumenten niet zo zeer op de mate waarin doelen worden behaald, hier worden geen afspraken over gemaakt met de aanvrager (tenzij sprake is van beleidsgestuurde contractfinanciering). Bij het vaststellen van de subsidie wordt gekeken naar de gemaakte kosten en uitgevoerde activiteiten en niet naar de mate waarin de beoogde doelen zijn behaald en welk maatschappelijk effect is bewerkstelligd. Geen van de gesproken aanvragers geeft aan dat zij actief worden bevraagd op maatschappelijk effect. f. Wie zijn bij die evaluatie betrokken? Zie a. Er vindt geen evaluatie van het subsidiebeleid plaats. g. Met wie worden de bevindingen van die evaluatie gedeeld? Zie a. Er vindt geen evaluatie van het subsidiebeleid plaats. Normenkader Norm: De aanvraag voor subsidieverlening geeft inzicht in de activiteiten die zullen worden uitgevoerd Toetsing:  Voldoet grotendeels. Bijna alle aanvragen hebben een overzicht van de activiteiten toegevoegd bij hun aanvraag. Onderbouwing Bij het indienen van een aanvraag dient een overzicht van de activiteiten te worden aangeleverd, tenzij het een aanvraag binnen de regeling topsport of voorschoolse voorzieningen betreft. Slechts bij één van de aanvragers uit het casusonderzoek ontbrak dit overzicht van activiteiten.

De gesproken aanvragers geven aan dat zij inzichtelijk maken wat de activiteiten zijn die zij uitvoeren. Norm: Er is een verband te leggen tussen de gemeentelijke doelen en de gesubsidieerde activiteiten Toetsing:  Voldoet niet. De gemeente is zich bewust dat het sturen op outcome een ontwikkelpunt is en is hier recent mee gestart voor het sociaal domein. Onderbouwing

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

44

Volgens geïnterviewden is het sturen op outcome een ontwikkelpunt. Enerzijds zou beter inzicht mogelijk zijn door het formuleren van de concrete doelen en de prestatieafspraken die bij de subsidie horen. Anderzijds moeten er dan ook afspraken gemaakt worden over de verzameling van gegevens en de rapportage hierover in de verantwoording. Voor het sociaal domein is dat nu in ontwikkeling met de vraag of iets echt effectief is en of de resultaten worden bereikt. Nagenoeg geen van de gesproken aanvragers vindt dat zij door de gemeente voldoende actief en concreet wordt gevraagd een rol te spelen in het bereiken van gemeentelijke doelstellingen. Twee van de aanvragers geeft aan dat zij weten onder welke beleidsdoel de aanvraag is gepositioneerd, het merendeel weet dat niet of onvoldoende. Norm: Bij het beoordelen van de aanvraag tot vaststelling wordt gecontroleerd of aan de bij de subsidieverlening vastgestelde verplichtingen is voldaan Toetsing:  Voldoet. In de subsidieverlening zijn afspraken opgenomen over de uiterste data waarop verantwoordingsdocumenten en eventuele tussentijdse rapportages moeten worden aangeleverd. Bij het beoordelen van de aanvraag tot vaststelling wordt de tijdigheid en volledigheid van de verantwoordingsdocumenten meegenomen.

Bovendien wordt gecontroleerd of de aanvrager zich aan eventuele andere verplichtingen heeft gehouden zoals opgesteld in de beschikking. Onderbouwing Bij het vaststellen van de subsidie wordt gekeken of de verantwoordingsdocumenten volledig en tijdig zijn aangeleverd en of de aanvrager zich aan eventuele andere verplichtingen zoals opgesteld in de beschikking heeft voldaan. In het geval van een onvolledige verantwoording of wanneer documenten niet (of niet tijdig) zijn aangeleverd wordt de aanvrager verzocht dit zo snel mogelijk in orde te maken. Uit het casusonderzoek blijkt dat het college hierbij geen sancties opgelegd, alleen het verzoek om in het vervolg wel tijdig en volledig te verantwoorden. De gesproken aanvrager bevestigen dit beeld. Zij zijn goed geïnformeerd wat de verantwoordingseisen zijn. Norm: Het subsidiebeleid wordt periodiek geëvalueerd conform artikel 4:24 Awb Toetsing:  Voldoet beperkt. Er vind geen vaststaande evaluaties van het subsidiebeleid plaats. Wel wordt met regelmaat teruggekeken naar de evenementsubsidies, naar de grotere subsidie-ontvangende organisaties en vinden er soms thematische beleidsevaluaties plaats. Onderbouwing Volgens geïnterviewden zijn er geen vaststaande evaluaties over subsidies in het algemeen in Den Helder. Er zijn hierover ook geen documenten aangetroffen.

Wel wordt jaarlijks teruggekeken op de evenementsubsidies en worden de grote drie subsidieontvangende organisaties regelmatig tegen het licht gehouden. Verder vinden er af en toe beleidsevaluaties plaats op gemeentelijke thema’s waarop ook subsidies worden verstrekt. Norm: De evaluatie biedt concrete handvatten voor verbetering. Toetsing:

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

45

Voldoet niet. Er is geen evaluatie van het subsidiebeleid, en daarmee zijn er geen concrete handvatten voor verbetering.

Onderbouwing Omdat er geen evaluatie is van het subsidiebeleid zijn er ook geen concrete handvatten voor verbetering.

5.4

Oordeel waardering

Beantwoording op hoofdlijnen: a. Is de eventuele (gedeeltelijke) afwijzing van een aangevraagde subsidie helder voor de aanvrager? Is de argumentatie begrijpelijk? Bij twee van de afgewezen aanvragen uit het casusonderzoek heeft een gesprek plaatsgevonden om de reden(en) van de afwijzing nader toe te lichten aan de aanvrager. Voor de andere afgewezen aanvragen geldt dat in de beschikking de weigeringsgronden zijn vermeld. Bij zes van de gesproken respondenten is sprake van een volledige toekenning. Deze respondenten geven aan dat ze goed worden geïnformeerd over de argumentatie van de beslissing en geven aan dat het besluit begrijpelijk is. Twee gesproken aanvragers die een gedeeltelijke afwijzing hebben gekregen geven in de interviews aan dat ze beiden de argumentatie onvoldoende tot niet begrijpelijk vinden. Zij geven aan dat de activiteit wel een bijdrage levert aan de algemene gemeentelijke doelstellingen. b. Is de eventuele (gedeeltelijke) toekenning van een aangevraagde subsidie helder voor de aanvrager? Is de argumentatie begrijpelijk? Beschikkingen van (gedeeltelijke) toekenningen zijn kort en bondig geformuleerd. Indien sprake is van een gedeeltelijke toekenning staat in de beschikking kort toegelicht wat de reden is van de toepassing van de korting. Een van de redenen van een korting is bijvoorbeeld een bezuinigingsmaatregel van 10% op alle subsidies.

Voor volledig toegekende subsidies geldt dat in de beschikking meestal geen reden wordt gegeven voor de toekenning. De argumenten voor het toekennen van een aanvraag zijn wel uitgewerkt in het B&W advies. De helft van de gesproken aanvragers geven aan dat zij vinden dat de (gedeeltelijke) toekenning helder geformuleerd is, de andere helft dat het te algemeen of onvoldoende helder beargumenteerd is. c. Is duidelijk aan welke voorwaarden de subsidietoekenning is gebonden en op welke wijze de verantwoording plaats moet vinden? Uit het casusonderzoek blijkt dat in de beschikking puntsgewijs staat beschreven welke verantwoordingsdocumenten moeten worden aangeleverd door de aanvrager. Ook staat voor ieder afzonderlijk verantwoordingsdocument de uiterlijke aanleverdatum vermeld. Indien sprake is van specifieke voorwaarden staan deze ook in de beschikking vermeld. Gesproken aanvragers bevestigen dit beeld. Normenkader Norm: Argumenten (gedeeltelijke) afwijzing dan wel toewijzing van een aangevraagde subsidie zijn duidelijk geformuleerd Toetsing:  Voldoet gedeeltelijk. Uit het casusonderzoek blijkt dat in de beschikking kort en bondig wordt ingegaan op de argumenten van de beslissing tot (gedeeltelijke) afwijzing dan wel toewijzing van een aangevraagde subsidie. Gesproken aanvragers bevestigen dit beeld. Onderbouwing

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

46

Uit het casusonderzoek blijkt dat beschikkingen kort en bondig zijn, dat geldt voor zowel (gedeeltelijk) afgewezen aanvragen als voor volledig toegewezen aanvragen. In het geval van een volledige toekenning wordt meestal niet ingegaan op de argumenten die aan deze beslissing ten grondslag liggen. Deze argumenten zijn wel terug te vinden in het B&W advies. Bij (gedeeltelijk) afgewezen aanvragen wordt in de beschikking wel een korte toelichting gegeven op de beslissing. De gesproken respondenten geven dat de gemeente niet altijd uitgebreid en duidelijk de argumenten formuleert. De ene helft van de gesproken respondenten is tevreden over de toelichting van de gemeente, de andere helft is van mening dat de beslissing te algemeen of onvoldoende helder beargumenteerd is. Norm: De voorwaarden (uitvoering en verantwoording) bij subsidietoekenning zijn duidelijk geformuleerd Toetsing:  Voldoet. Uit het casusonderzoek blijkt dat in de beschikking duidelijk wordt omschreven wat van de subsidieaanvrager wordt verwacht en welke verantwoordingsdocumenten moeten worden aangeleverd. Onderbouwing Uit het casusonderzoek blijkt dat in de beschikking duidelijk wordt omschreven wat van de subsidieaanvrager wordt verwacht (eventueel ook gezamenlijk gemaakte afspraken) en welke verantwoordingsdocumenten moeten worden aangeleverd.

Tevens staat beschreven wat de uiterste datum is dat de documenten moeten worden opgestuurd. De gesproken aanvragers bevestigen het beeld dat zij goed zijn geïnformeerd over wat de verantwoordingseisen zijn.

5.5

Oordeel rol raad

Beantwoording op hoofdlijnen: a. Wordt de gemeenteraad, naar het oordeel van de leden, adequaat geïnformeerd over de verstrekte, en eventueel niet toegekende, subsidies? Zo niet, wat zou er moeten veranderen? De gemeenteraad wordt naar oordeel van de leden niet adequaat geïnformeerd over de aangevraagde, verstrekte, gekorte en eventueel niet toegekende subsidies. Zij zouden graag meer geïnformeerd worden over het totaal aan aanvragen, toekenningen, kortingen en afwijzingen. Zowel financieel, inhoudelijk en op het niveau van effecten. b. Wordt de gemeenteraad, naar het oordeel van de leden, voldoende betrokken bij de periodieke evaluatie van het subsidiebeleid? Zo niet, wat zou er moeten veranderen? Er zijn geen periodieke evaluaties van het subsidiebeleid. Dit zou volgens raadsleden conform moeten worden uitgevoerd. c. Heeft de gemeenteraad initiatieven genomen om beter geïnformeerd te worden, en zo ja, welke en wat is daarvan het resultaat? Er is een motie ingediend, maar daar is geen opvolging aan gegeven. De gemeenteraad erkent dat ook zij hiernaast geen initiatieven hebben genomen om beter geïnformeerd te worden. Wel worden vragen gesteld over individuele gevallen. Normenkader Norm: De raad stelt inhoudelijk, financieel en procedurele kaders voor de subsidieverstrekking

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

47

Toetsing:  Voldoet beperkt. Raadsleden geven aan dat er weinig inhoudelijke kaders zijn. Zij stellen de financiële kaders vast met de begroting. De procedurele kaders zijn weergegeven in de ASV. Onderbouwing Het belangrijkste kader voor de raad is de programmabegroting, de kadernota en de jaarrekening. De gemeente heeft de laatste jaren gepoogd de doelen concreter te maken. Voor de raad is vooral relevant hoe de gemeente welke doelen gaat bereiken. Geïnterviewden geven aan dat de concreetheid van de doelen te wensen over laat. Dan is er ook geen basis waarop het college aanvragen op de goede manier kan beoordelen. Zijn de doelen en effecten niet concreet dan is het dus lastig om aanvragen daarop te toetsen en bovendien laat het meer ruimte voor interpretatie door zowel college als raad. De beleidsgestuurde contractfinanciering (BCF) is een vorm waarmee de gemeente meerjarige afspraken maakt met een aantal grotere subsidie-ontvangende organisaties. Daarover heeft het college ook een actieve informatieplicht richting de raad. Deze BCF’s worden vastgesteld door de raad. In de financiële controle is de programmabegroting en de tussenrapportage belangrijk en biedt de jaarrekening voor de controle het meeste inzicht. Echter dit is voornamelijk financieel ingestoken. Bij raadsleden heerst het gevoel dat er inhoudelijk weinig kaders zijn.

Zij geven aan dat ze actiever betrokken zouden willen zijn als raad. Het onderwerp subsidies is wel eens op de agenda geweest, maar raakt ondergesneeuwd door allerlei andere zaken die ook spelen. Er is een motie ingediend, maar daar is geen actief vervolg aan gegeven. De raadsleden geven aan dat er tijdens de bespreking van de begroting financiële kaders worden meegegeven.

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

48

Norm: De informatie aan de raad is relevant (bevat geen overbodige informatie) Toetsing:  Voldoet beperkt. Raadsleden krijgen informatie over de uitgaven en de gesubsidieerde organisaties, maar worden inhoudelijk niet geïnformeerd over de verstrekte subsidies en hebben geen zicht op het effect ervan. Onderbouwing De P&C-cyclus is het belangrijkste instrument waarmee de raad wordt geïnformeerd. Daarnaast wordt de raad ook door gesubsidieerde instellingen gevraagd om op werkbezoek te komen om zich een beeld te vormen. Geïnterviewden van college en ambtelijke organisatie geven aan dat de sturing op middelen best lastig is omdat de verantwoording vanuit de organisaties soms laat komt. Raadsleden geven aan dat zij via de begroting (en P&C cyclus) worden geïnformeerd over het totaal wat er is uitgegeven aan subsidies en ook welke organisaties zijn gesubsidieerd. Zij worden niet geïnformeerd welke organisaties geen subsidie hebben gekregen en ook niet welke organisaties voor welk bedrag zijn gekort. Zij hebben hierdoor geen zicht op wat er in totaal is aangevraagd, hoeveel er in totaal is gekort en uiteindelijk toegekend. Zij geven aan dat zij hiernaast inhoudelijk onvoldoende worden geïnformeerd over de subsidies die niet zijn toegekend, die gekort zijn en verstrekt. Ook hebben ze geen zicht op het effect van subsidies.

Norm: De informatie aan de raad is toegankelijk en begrijpelijk Toetsing:  Voldoet beperkt. Raadsleden krijgen te beperkt informatie. Onderbouwing Het lukt de raad op dit moment niet goed om erop toe te zien of de subsidies ten goede komen aan de bewoners en voldoen aan de doelen die de raad heeft gesteld. Zij zouden graag meer geïnformeerd worden over het totaal aan aanvragen, toekenningen, kortingen en afwijzingen. Zowel financieel als inhoudelijk. Raadsleden geven toe dat ook zij hier niet om gevraagd hebben en hier wel wat pro-actiever in hadden kunnen handelen. Norm: De informatie is informatief (geeft inzicht in de achtergrond) Toetsing:  Voldoet niet. Raadsleden hebben te weinig informatie om keuzes te kunnen maken en te kunnen sturen. Onderbouwing Raadsleden geven aan dat vanwege de beperkte informatie die zij als raadslid hebben het ook niet eenvoudig is om de juiste keuzes te maken en beter te kunnen sturen. Raadsleden geven aan dat de behoefte aan informatie groot is vooral omdat tien procent van de begroting in Den Helder wordt uitgegeven aan subsidies. Ze hebben te weinig zicht op wat er precies met dit geld gebeurt.

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

49

Klik hier en voeg via Invoegen Afbeeldingen een foto in. Om te vergroten: klik op een hoek en sleep. Om te verschuiven: klik op Bijsnijden in het rechtertabblad Opmaak.

6

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

Oordeel subsidiebeleid en -uitvoering

50

6. Conclusies en aanbevelingen 6.1

Antwoord op de centrale onderzoeksvraag

In hoeverre is de uitvoering van het subsidiebeleid van de gemeente Den Helder doelmatig en doeltreffend en hoe geeft de gemeenteraad invulling aan de kaderstellende en controlerende rol? Hoofdconclusie: De gemeente heeft, met het verstrekken van subsidies, onvoldoende zicht op het realiseren van maatschappelijke doelen bij de meeste verstrekte subsidies. De raad stelt alleen juridische kaders (Algemene Subsidieverordening) maar stelt geen kaders wanneer het subsidie-instrument moet worden ingezet en hoe de verbinding tussen subsidie en de doelen van de gemeente is geborgd. De raad kan de controlerende taak niet goed uitvoeren. De raad kan op basis van de ontvangen informatie niet toetsen of het subsidie-instrument goed wordt ingezet (evaluaties vinden niet plaats). De raad kan op basis van de ontvangen informatie ook niet controleren of de subsidies bijdragen aan het doelbereik van de gemeente. De hoofdconclusie is gebaseerd op de volgende vier deelconclusies: 1. Inzet van het subsidie-instrument is geen onderdeel van een afwegingskader, de raad heeft dit ook niet vastgesteld. 2. Onvoldoende sturing op een doeltreffende subsidieverstrekking. 3. Weinig sturing op de doelmatigheid van de subsidieverstrekking. 4. De raad kan haar controlerende taak op subsidieverstrekkingen niet goed uitoefenen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.denhelder.nl/api/v1/meetings/2221/documents/24159