Bijlage 4 Vragen en Antwoorden Raadsbijeenkomsten Wijziging Wgr.pdf
Tekst van het document
Overzicht vragen en antwoorden Wijziging wet gemeenschappelijke regelingen N.a.v. regionale bijeenkomsten in West-Friesland, regio Alkmaar en Kop van Noord-Holland (mei-juni 2023) Algemene vragen Is het mogelijk om de input van de griffiers in de voorstellen te verwerken. In Westfriesland loopt naast dit traject een traject om de regionale samenwerking van de raden te verbeteren. Is het mogelijk om de inzichten ook te betrekken bij het samenwerkingstraject WF7, rekening houdend met de beschikbare capaciteit van de griffiers Hoe gaan we om met bestemmingsreserves en/of deelnemersbijdragen indien deze niet toereikend zijn om flexibel te kunnen inspelen op kostenstijgingen en bijvoorbeeld crisissen als gevolg van klimaatverandering, oorlogen of virussen. Is het mogelijk dat er alternatieven benoemd worden? Zodoende dat we als raden zien welke keuzemogelijkheden we hebben. Bv bij artikel 9 en artikel 10 lid 5 en 6. Artikel 1 Zienswijzeprocedure Is er ondersteuning mogelijk voor de raden bij behandeling/formulering zienswijzen?
Moeten alle gemeenten hetzelfde kaderstellende besluit nemen?
Artikel 9 Uittreden Hoe doe je dat met een GR in de GR? Als voorbeeld werd WerkSaam in DeSom genoemd.
Er ontstaat de indruk dat uittreden moeilijk wordt gemaakt. Wat is daarvan de achterliggende gedachte?
Reactie regietafel Ja, die verwerken wij in de definitieve voorstellen. De regietafel ziet mogelijkheden, echter dit is aan de gemeenten in Westfriesland om dat te bepalen en daar verder invulling aan te geven.
Dit betreft politiek inhoudelijke vragen, welke buiten de scope van dit traject vallen. Er worden derhalve in dit traject geen voorstellen gedaan die betrekking hebben op de hoogte van bestemmingsreserves of ontwikkelingen zoals het klimaat. Wij komen met één voorstel naar u toe. De alternatieven zijn in een eerder stadium met alle stakeholders besproken/opgevraagd.
De inzet van de ambtelijke organisatie en het college is gericht op het geven van advies aan de raden. Dat verandert in dit traject niet. Er komt als gevolg van dit traject ook niet vanzelfsprekend meer of minder ambtelijke capaciteit en/of capaciteit bij griffiers beschikbaar. Indien de raad zelf een actievere rol aan de voorkant wil hebben bij de totstandkoming van de zienswijze –kan de raad een beroep doen op ambtelijke bijstand zoals is vastgelegd in de Gemeentewet (artikel 33). Dit moet dan wel geregeld zijn in een verordening. Voor elke GR is differentiatie mogelijk op: • Uittreedregeling • Evaluatie (hoe evalueren) • Participatie als er overheveling Uiteindelijk moet wel elke raad hetzelfde besluit nemen over alle regelingen waar ze aan deelnemen. Voor alle GR-en geldt dat alleen gemeenten (en in een enkel geval de provincie) eigenaar zijn. Bij het genoemde voorbeeld is sprake van een afnemersrol, niet van een deelnemersrol. Dit vraagstuk is dus niet aan de orde. Vooraf moet je goed nadenken of en wat je wilt met een GR. Uittreden blijft altijd mogelijk. De indruk wordt gewekt dat het moeilijker wordt om uit te treden. De wet beoogt met deze wijziging niet dat het makkelijker of moeilijker wordt. Maar dit voorstel geeft meer duidelijkheid waar een
Kun je voor sommige GR-en de overbruggingsperiode verkorten? Kun je net als bij de HVC de termijn om op te zeggen verlengen en daarmee de daadwerkelijke opzegtermijn verkorten?
Is het mogelijk om meer wederkerigheid te introduceren? Als een GR niet functioneert dan ben je nog vier jaar verbonden en loopt de betaling 5 jaar door.
Wat is een voorbeeld van een onafhankelijke derde? Artikel 10, lid 5 en 6 Facultatieve zienswijze Er zijn wisselende mogelijkheden in het aantal keer dat je gemeenteraden om een zienswijze vraagt, variërend van 1 keer per jaar bij de begroting met verantwoording of ook bij kadernota. Wat zijn de voor- en nadelen? Is er voldoende aandacht binnen gemeenten voor het proces dat doorlopen moet worden/ zorgen dat raden tijdig kunnen afstemmen en input kunnen meegeven op zienswijze.
Artikel 10, lid 7 (participatie) Moet er participatie door de GR plaatsvinden bij meerjarige beleidsplannen of documenten met vergelijkbare strekking? Artikel 11a Evaluatie Hoe dragen doelmatigheidsrapportages bij aan de evaluatie en is uitgebreid evalueren wel nodig als de in de jaarrekening ook inhoudelijk terugblikt op behaalde inhoudelijke resultaten. Artikel 17 Actieve informatieplicht Hoe kunnen de raden eerder de informatie ontvangen?
deelnemer aan toe is als overwogen wordt uit te treden. Na het kaderstellend besluit komt er per GR een feitelijke vertaling.. Dit lijkt vanuit financieel oogpunt gezien gunstig te zijn, maar het gevolg is dat de partij die uittreedt voor een langere periode nog deelnemer blijft. Ook als deze heeft besloten uit te treden. Hierdoor beslist de uittredende partij nog mee in de GR. Dit wordt gezien als onwenselijk vanuit oogpunt van bestuurlijke verhoudingen en inhoudelijke belangen. Als deelnemende gemeente heb je rol in het bestuur van de GR. Hiermee is er invloed op het functioneren van een GR door de deelnemer zelf. Hier zit een wederkerigheid in geborgd. En uitgangspunt is dat je bij het aangaan van de regeling goede afspraken maakt over verwachtingen en dat je met instrumenten zoals de P&Cdocumenten, actieve informatieplicht en evaluaties ook continu vinger aan de pols kunt houden. Bijvoorbeeld een onafhankelijke accountant, die niet betrokken is bij de GR of de uittredende gemeente. De kadernota is ingesteld onder leiding van de regiegroep Noord-Holland Noord omdat de GR ver weg stond. Door de kadernota staat de raad dichter bij de materie. Net als regionale raadsavonden een bijdrage leveren om de afstand tussen raad en GR te verkleinen. Het spoorboekje dat door de regietafel is opgesteld is ook voor gemeenten leidend.
Wel hebben we geconcludeerd dat termijnen dusdanig krap zijn, dat dit goede afstemming van de vergadermomenten van alle betrokken gremia vraagt. Door de regietafel wordt daarom ook een verfijning van het proces ontwikkeld. Als de raad hier bevoegdheden heeft overgedragen dan ligt het voor de hand dat de gemeenschappelijke regeling de participatie organiseert. Het artikel evaluatie is maatwerk per GR. Deze uitwerking ziet u terug op het moment dat de gewijzigde GR voor een zienswijze aan u wordt aangeboden.
Door het bestuur van de GR hun informatie direct naar de raad te laten sturen en cc naar college. Nu gaat informatie veelal via het college naar de raden
met vertraging en verschillende snelheden als neveneffect. Indien er wordt gekozen voor het rechtstreeks informeren, dan adviseren we GR om zorg voor te dragen, dat alle AB leden een dag van te voren van de GR een signaal hierover ontvangen, zodat zij niet verrast worden en ook binnen de eigen gemeente hun actieve rol kunnen vervullen. Daarnaast adviseren we GR om het onderwerp actieve informatieplicht op te nemen als standaard agendapunt in bestuursvergaderingen. Artikel 24 (adviescommissie) Stel we beslissen nu geen adviescommissie in te stellen, missen we dan in de toekomst niet de boot? Is er een voorbeeld van een gemeenschappelijke adviescommissie?
Als voor Zaffier wordt besloten om in de vorm van een pilot te gaan werken met een adviescommissie, kunnen alle gemeenten dan kennisnemen van de ervaringen
Artikel 34, 34B en 35 Nieuwe uiterlijke termijnen kadernota en begroting Kan er duidelijkheid gegeven worden over de volgordelijkheid van de stukken? Is er ruimte om de raden meer tijd te geven tussen aanbod van stukken (incl. zienswijze door college) en raadsbehandeling?
Het instellen van een adviescommissie kan op elk moment op basis van het wetsartikel. Nee, deze zijn er nu niet. Zaffier heeft onderzoek gedaan, maar (nog) geen vervolg. Verder onderzoek leverde alleen een initiatiefvoorstel vanuit de RUD Zeeland op. De bevindingen die Zaffier opdoet met een pilot kunnen worden gedeeld en benut bij toekomstige keuzes van voor andere GR-en. Daarnaast heeft VRNHN aangegeven, dat ze graag gebruik wil maken van meedenken door raadsleden. Voor deze meedenkwens kan een profiel worden ontwikkeld.
1. Kadernota (december) 2. Jaarrekening en begroting (april) Er is weinig te schuiven in de termijnen vanwege het feit dat er al beperkt tijd is voor de voorbereiding en afstemming door ambtenaren en college. De Wgr voorziet wel in spreiding met een begroting die uiterlijk 15 september mag worden ingediend. Maar dat betekent: A: Vergaderen in het zomerreces. B: Extra vergadering omdat jaarrekening wel in juli moet worden aangeboden. Het voorstel is daarom om de termijn van het huidige spoorboekje te handhaven. Documenten van GR worden over het algemeen eerst behandeld door de colleges, voordat ze (voorzien van adviezen) naar de raden komen. Elke gemeente kan ervoor kiezen om de stukken van de GR al direct bij binnenkomst door te zetten naar de raden (met aankondiging dat advies nog volgt) en raadsleden op deze wijze te faciliteren in meer leestijd (en eventueel al input meegeven aan het college voordat het raadsvoorstel er ligt).