CConstaterende datDen Helder
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1_Notitie voorbereiding en uitwerking trace NDNW (def 2.0)

Gemeenteraad 21 september 2026, gemeente Den HelderBij agendapunt: 13: Voorstel tot het beschikbaar stellen van een voorbereidingskrediet van € 4,5 miljoen voor Het Nieuwe Diep/Nieuwe Werk.2.082 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknummer: 0000590716 BIJLAGE 1 Betreft: Notitie uitwerking en voorbereiding tracé Nieuwe Diep / Nieuwe Werk (NDNW) Datum: 16 juli 2026 1. Aanleiding en doel Geplande woningbouw, economische ontwikkelingen, toenemende havenactiviteiten, de groei van Koninklijke Marine en het verkeer van en naar Texel zetten het bestaande wegennet in Den Helder steeds verder onder druk. Uit onderzoek blijkt dat als de gemeente geen maatregelen neemt, er richting 2040 grote knelpunten ontstaan voor de bereikbaarheid en leefbaarheid van de stad. Het college verwacht dat de realisatie van het tracé Het Nieuwe Diep/Nieuwe Werk kan bijdragen aan het verbeteren van de bereikbaarheid. Daarom laat het college de mogelijkheden voor dit tracé in de periode 2026 – 2029 verder onderzoeken. Het tracé vormt een onmisbare ruimtelijke en infrastructurele schakel binnen de ontwikkeling van het Maritiem Cluster. Het gebied verbindt de Moormanbrug, Ravelijnbrug, Buitenveld, de haven en de Veerhaven. Daarmee is het tracé medebepalend voor de toekomstige bereikbaarheid van het havengebied, de stad, de Koninklijke Marine, Port of Den Helder en de veerhaven.

Op 12 november 2025 heeft de gemeenteraad € 1,5 miljoen beschikbaar gesteld als voorbereidingskrediet voor de uitwerking van het tracé NDNW en gevraagd om eerst met een concreter uitgewerkt voorstel terug te komen voordat het resterende krediet van 4,5 miljoen wordt vrijgegeven. Deze notitie geeft hier invulling aan. De afgelopen periode is gewerkt aan een verkeerskundige uitwerking, participatie en afstemming met stakeholders en de versterking van de samenhang met overige projecten binnen het Maritiem Cluster. Deze notitie bevat een terugblik, geeft een tussenstand van de huidige stand van zaken en beschrijft de benodigde vervolgstappen. 2. Terugblik De afgelopen periode is stapsgewijs gewerkt aan de verdere verkenning en uitwerking van het tracé Het Nieuwe Diep / Nieuwe Werk. Daarbij is voortgebouwd op eerdere mobiliteitsonderzoeken en het raadsbesluit van 12 november 2025. In dat besluit heeft de gemeenteraad € 1,5 miljoen beschikbaar gesteld als eerste deel van het voorbereidingskrediet en gevraagd om een concreter uitgewerkt voorstel voordat het resterende krediet beschikbaar wordt gesteld. 2 In opdracht van het programma Maritiem Cluster zijn in 2024 en 2025 door Sweco twee mobiliteitsonderzoeken uitgevoerd. Het eerste onderzoek gaf inzicht in de huidige verkeerssituatie en de prognose richting 2040.

Daaruit bleek dat het verkeerssysteem in Den Helder - zonder maatregelen – richting 2040 vast komt te staan. In het tweede onderzoek is verdiepend gekeken naar mogelijke maatregelen en de toekomstige verkeersstructuur, waaronder de rol van de Ravelijnbrug als robuuste schakel in het netwerk. Daarnaast is in 2025 een eerste inpassingsstudie uitgevoerd voor het tracé NDNW. Daaruit kwam naar voren dat het tracé niet los kan worden gezien van de Moormanbrug, Ravelijnbrug, het Buitenveld, Port of Den Helder, de Veerhaven, de Van Kinsbergenbrug en de verkeersafwikkeling richting TESO. 3. Stand van zaken / tussenstand Dit voorjaar is Goudappel in opdracht van het Maritiem Cluster gestart met de verdere verkeerskundige studie en uitwerking. Deze studie bouwt voort op de onderzoeken van Sweco en richt zich op de verkeerskundige werking, de effecten op het wegennet van Den Helder als geheel, de verkeersafwikkeling op de NDNW-route en de ruimtelijke inpasbaarheid van het tracé. Parallel hieraan zijn bewoners, ondernemers en stakeholders betrokken via de Klankbordgroep gebied NDNW1 en beeldvormende avonden met de raad. Het onderzoek door Goudappel kent drie hoofddoelen. Ten eerste worden de integrale effecten op het wegennet van Den Helder als geheel onderzocht. Ten tweede wordt ingezoomd op de verkeersafwikkeling op de NDNW-route.

Ten derde wordt gekeken naar de ruimtelijke inpasbaarheid van de nieuwe route, waaronder het ontwerp, de inpassing en de kostenraming. Het onderzoek wordt stapsgewijs en iteratief uitgevoerd. Dat betekent dat verkeersstromen, knelpunten, mogelijke maatregelen en ontwerpkeuzes steeds in samenhang worden onderzocht. De uitkomsten van de verkeerskundige analyses werken door in de gebiedsontwikkeling, de detaillering van het wegtracé en de nadere uitwerking van aansluitende projecten, zoals de Ravelijnbrug en de Moormanbrug. Een uitgebreidere toelichting op de aanpak en tussenstand van dit onderzoek is in de bijlage 2 bij het raadsvoorstel “Voorstel tot het beschikbaar stellen van een voorbereidingskrediet van €4,5 miljoen voor Het Nieuwe Diep/Nieuwe Werk”, maar laat zich als volgt samenvatten: • Voor de stadsbrede effecten worden meerdere verkeersscenario’s onderzocht. Daarbij wordt gekeken naar de huidige situatie, de autonome situatie in 2040, een plansituatie met Ravelijnbrug en NDNW en een variant waarin ook de mogelijke effecten van wegencategorisering worden meegenomen. De beoordeling van deze scenario’s vindt plaats aan de hand van een breder afwegingskader, waarin onder meer bereikbaarheid, robuustheid, leefbaarheid, gezondheid, duurzaamheid, waterveiligheid en sociale inclusie worden betrokken.

De eerste bevindingen bevestigen het beeld uit de eerdere Sweco-onderzoeken dat de huidige infrastructuur richting 2040 onvoldoende capaciteit biedt om de verwachte verkeersgroei op te vangen. Zonder aanvullende infrastructurele maatregelen loopt de verkeersafwikkeling in Den Helder de komende jaren vast en komen bereikbaarheid, leefbaarheid en economische ontwikkeling in het geding . De inpassing van de Ravelijnbrug en het tracé NDNW biedt kansen om een robuuster verkeerssysteem te ontwikkelen en de verkeersdruk op delen van de huidige N250 te verminderen. • Tegelijkertijd laat de eerste doorrekening zien dat er nog belangrijke aandachtspunten zijn die verder moeten worden onderzocht. Dit betreft onder meer de capaciteit van het kruispunt De Kooy N99, de effecten van brugopeningen, de aansluiting van de Veerhaven en de mogelijke effecten van een reserveringssysteem voor TESO. De eerste contouren voor het ontwerp worden inmiddels zichtbaar. Voor het tracé wordt uitgegaan van een gebiedsontsluitingsweg met aandacht voor autoverkeer, fietsverkeer en voetgangers. Daarnaast worden de gewenste 1 De Klankbordgroep gebied NDNW bestaat uit vertegenwoordigers van de Ondernemersvereniging Den Helder, andere bedrijven, inwoners, cultuur-historisch erfgoed, citymarketing en de Port of Den Helder.

Zie: https://maritiemclusterdenhelder.nl/participatie/ 3 aansluitingen op Port of Den Helder en de relatie met de Veerhaven, Moormanbrug, Ravelijnbrug en Van Kinsbergenbrug verder uitgewerkt. Deze contouren zijn nog geen definitief ontwerp, maar vormen een basis voor de vervolgonderzoeken en verkeerssimulaties. • De komende periode wordt gewerkt aan aanvullende verkeerssimulaties, het uitwerken van mogelijke maatregelen, het opstellen van schetsontwerpen en verdere afstemming met het kernteam, projectteam, stakeholders en de Klankbordgroep NDNW. De resultaten worden verwerkt in de rapportage van het verkeerskundig onderzoek. Daarnaast zijn de op 22 juni jl. tijdens de Beeldvormende Avond gepresenteerde uitgangspunten voor de verkeerskundige studie ook besproken met de Klankbordgroep gebied NDNW. De Klankbordgroep heeft op 25 juni jl. een advies uitgebracht met als hoofdpunten: - de parkeeropgave in het gebied NDNW niet geïsoleerd beschouwen, maar integraal betrekken bij de overige ruimtelijke en verkeerskundige ontwikkelingen; - een mogelijke afwaardering van de Van Kinsbergenbrug zeer gedegen te beschouwen alvorens definitieve beslissingen te nemen; - een pleidooi om het TESO-verkeer tot 4 ton gebruik te laten maken van de bestaande route via de N250 en de route NDNW in te zetten voor het overige vrachtverkeer en het bestemmingsverkeer. van de Nieuwe Haven.

Ondertussen werken de provincie Noord-Holland en Defensie onder de vlag van het programma Maritiem Cluster gestaag voort aan de planvoorbereiding van de Ravelijnbrug, respectievelijk verplaatsen Moormanbrug: - Gedeputeerde Staten van Noord-Holland hebben onlangs per brief aan het college van B&W van Den Helder de afspraken uit het Bestuursakkoord en het addendum benadrukt en bevestigd. Een belangrijke staprichting realisatie van een Ravelijnbrug. - Voor de Moormanbrug geldt dat deze inmiddels is opgenomen in het investeringsschema van Defensie (het zogeheten DefensieLifecyclePlan, DLP 26.1) en dat de daarop aansluitende behandeling van het projectvoorstel dit najaar is voorzien. 4. Vervolgaanpak en proces De verdere uitwerking van het tracé NDNW vindt plaats in samenhang met de andere onderdelen van het Maritiem Cluster. De Ravelijnbrug, Moormanbrug, de ontwikkeling van Buitenveld en de TESO-aansluiting zijn inhoudelijk met elkaar verbonden. Keuzes over het tracé hebben invloed op de verkeersafwikkeling richting de haven, de stad, het marinecomplex en Texel. Andersom bepalen de ligging, functie en planning van deze projecten welke verkeerskundige en ruimtelijke keuzes voor NDNW mogelijk en wenselijk zijn. De vervolgaanpak bestaat uit vier samenhangende sporen: • Het eerste spoor is de verdere verkeerskundige studie.

Daarin worden de effecten op het wegennet van Den Helder als geheel, de verkeersafwikkeling op de NDNW-route, de functie van de Van Kinsbergenbrug, het doseren van het TESO-verkeer en de mogelijkheden voor verkeersmanagement verder onderzocht. De komende periode wordt gewerkt aan aanvullende verkeerssimulaties, het uitwerken van mogelijke maatregelen, het opstellen van een schetsontwerp en verdere afstemming met het kernteam, projectteam, stakeholders en de Klankbordgroep NDNW. Zie hiervoor bijlage 2. • Het tweede spoor betreft de koppeling van de verkeerskundige studie aan de komende milieueffectrapportage en de planologische procedure. De milieueffecten die gerelateerd zijn aan de verkeerskundige oplossingen en de te maken afwegingen worden ook in dat kader beschouwd. 4 • Het derde spoor is de ruimtelijke en programmatische uitwerking van het tracé. Daarbij wordt onderzocht hoe het tracé ruimtelijk kan worden ingepast en hoe dit samenhangt met de gebiedsontwikkeling, parkeren, mobiliteit, fiets- en voetgangersstructuren, openbaar vervoer en de toekomstige inrichting van het havengebied. Hiertoe wordt een apart plan van aanpak gebiedsontwikkeling gebied NDNW opgesteld. • Het vierde spoor is het versterken van de financiële haalbaarheid.

In maart 2025 hebben de partijen van het Maritiem Cluster principe-afspraken gemaakt over de financiering van de projecten binnen het Maritiem Cluster2. Daarbij is ook afgesproken dat partijen zich gezamenlijk inspannen voor het verwerven van additionele middelen voor hun projecten. In de vervolgfase worden de bijdragen van de partners binnen het Maritiem Cluster concreter gemaakt wat betreft de zogenaamde koppelvlakken tussen de verschillende projecten. Daarnaast wordt met de gemeente Texel verder overlegd op welke wijze de uitgesproken intentie om financieel bij te dragen aan de projecten van het Maritiem Cluster concreet ingevuld wordt. Daarnaast zijn fasering van de realisatie (het opknippen van de uitvoering in deelprojecten) en kostenverhaal vanuit gebiedsontwikkeling belangrijke elementen die verder uitgewerkt worden. Tot slot worden mogelijke bijdragen vanuit toeristisch verkeer en subsidies via provincie, Rijk of Europa beschouwd. Kortom: de verkeerskundige studie, de gebiedsontwikkeling en de milieueffectrapportage worden in samenhang opgebouwd, zodat verkeerskundige keuzes, ruimtelijke keuzes en planologische haalbaarheid elkaar blijven versterken. Vanuit de hoofddoelstellingen van het Maritiem Cluster zal daarbij de balans tussen bereikbaarheid, economische ontwikkeling en leefbaarheid leidend zijn.

De gemeenteraad wordt gedurende de vervolgfase op meerdere momenten betrokken. In 2027 wordt de raad geïnformeerd over de voortgang van de verkeerskundige studie, de gebiedsontwikkeling, de milieueffectrapportage en de financiële uitwerking. Zodra de uitwerking voldoende concreet is, wordt de raad een voorstel voorgelegd over de inhoudelijke hoofdkeuzes. Op dat moment kan de raad richting geven aan de verdere uitwerking voordat sprake is van een realisatiebesluit. Een besluit over realisatie, investeringskrediet en definitieve uitvoering wordt op een later moment afzonderlijk aan de raad voorgelegd. Daarnaast is participatie een belangrijk onderdeel van het vervolgproces. De Klankbordgroep gebied NDNW, ondernemers, bewoners en andere stakeholders worden betrokken bij de verdere uitwerking. Daarbij wordt steeds duidelijk gemaakt welke keuzes al zijn gemaakt, welke onderdelen nog worden onderzocht en op welke momenten reacties en belangen kunnen worden ingebracht. 5. Toelichting voorbereidingskrediet Voor de verdere voorbereiding van het tracé Het Nieuwe Diep / Nieuwe Werk is in totaal € 6,0 miljoen exclusief btw geraamd voor de periode 2026 tot en met 2029. De gemeenteraad heeft op 12 november 2025 hiervan € 1,5 miljoen beschikbaar gesteld voor de eerste fase van de planvoorbereiding.

Met het voorliggende raadsvoorstel wordt gevraagd om het resterende voorbereidingskrediet van € 4,5 miljoen beschikbaar te stellen, zodat deze opgenomen kan worden in het meerjaren investeringsplan. Het resterende krediet is nodig om de planvoorbereiding de komende jaren voort te zetten en toe te werken naar een verkeerskundig, ruimtelijk, technisch, planologisch en financieel onderbouwd ontwerp voor het tracé. Daarmee wordt nog geen besluit genomen over realisatie of aanleg. De 2 Zie: https://maritiemclusterdenhelder.nl/noord-holland-den-helder-en-defensie-investeren-in-het-maritiem- cluster-van-denhelder/ totale projectraming is op dit moment indicatief gesteld op € 60 miljoen exclusief btw en exclusief indexering, waarvan € 6 miljoen voor voorbereiding en circa € 54 miljoen voor latere realisatie. Het resterende voorbereidingskrediet van € 4,5 miljoen wordt concreet ingezet voor: 1. de projectorganisatie, projectleiding, omgevingsmanagement en | de bijdrage aan de programma- organisatie Ontwikkeling Maritiem Cluster; 2. ontwerp, stedenbouwkundige uitwerking en ruimtelijke inpassing; 3. juridische, planologische, milieukundige en technische onderzoeken; 4. voorbereiding van mogelijke verwerving en vastgoedvraagstukken; 5. communicatie, participatie en samenwerking met stakeholders en partners; 6.

financiële begeleiding, investeringsraming, risicoanalyse, subsidies en cofinanciering. Hierbij geldt op hoofdlijnen de volgende fasering en raming: Periode | Hoofdactiviteiten | Raming Verdere verkeerskundige uitwerking, ontwerp, ruimtelijke inpassing, participatie, mobiliteits- 2027 | en parkeeronderzoek, milieueffectrapportage, plan-MER en verdere planologische | € 1,6 miljoen voorbereiding Vervolg ontwerpuitwerking, milieukundige en technische onderzoeken, 2028 | gebiedsontwikkeling, stakeholderafstemming, uitvoeringsstrategie en verdere financiële | € 1,5 miljoen onderbouwing Investeringsraming, fasering, cofinanciering, risicoanalyse, voorbereiding besluitvorming en 2029 | afronding planvoorbereiding | € 1,4 miljoen Totaal | Resterend voorbereidingskrediet | € 4,5 miljoen . 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.denhelder.nl/api/v1/meetings/2361/documents/27554