Begroting 2026 en MJB.pdf
Tekst van het document
Begroting 2026 - 2030
1. 2.
Inleiding ............................................................................................................................................. 3 De richtlijnen ..................................................................................................................................... 4 2.1 Uitgangspunten begroting 2026 ............................................................................................................... 4
3.
Begroting 2026 .................................................................................................................................. 5 3.1 Baten ......................................................................................................................................................... 5 3.2 Overige baten ............................................................................................................................................ 6 3.3 Lasten ........................................................................................................................................................ 7 4. Financieringsparagraaf ................................................................................................................. 12 5. Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................................ 13 5.1 Risico’s ..................................................................................................................................................... 15 6. Ontwikkelingen .............................................................................................................................. 16 6.1 Schaalvergroting .....................................................................................................................................
16 6.2 Landelijke ontwikkelingen ....................................................................................................................... 16 7. Kostenverdeelstaat ........................................................................................................................ 18 8. Staat van salarissen en sociale lasten ......................................................................................... 19 8.1 Toelichting ............................................................................................................................................... 19 9. Financieel meerjarenperspectief 2027-2030 .............................................................................. 20 9.1 Investeringsplan ...................................................................................................................................... 22 9.2 Incidentele baten en lasten ..................................................................................................................... 23 9.3 Saldo dotaties en onttrekkingen ............................................................................................................. 23 9.4 Kengetallen meerjarenperspectief ..........................................................................................................
24 Bijlagen .................................................................................................................................................... 25
Begroting 2026 - 2030
Pagina 2 van 31
1. 1.
Inleiding Voor u ligt de begroting 2026 en de meerjarenbegroting 2027 – 2030 van de Gemeenschappelijke regeling Cocensus. Deze begroting geeft inzicht in de baten en lasten van Cocensus voor de jaren 2026 tot en met 2030. Cocensus is opgericht als een gemeenschappelijke regeling, wat betekent dat het fungeert als verlengd openbaar bestuur en diensten verleent aan de gemeenten Haarlem, Haarlemmermeer, Hillegom, Beverwijk, Oostzaan, Wormerland, Alkmaar, Bergen, Dijk en Waard, Den Helder, Uitgeest, Castricum, Heiloo, Landsmeer. Cocensus heeft de verantwoordelijkheid voor het innen van lokale heffingen en voert de Wet WOZ uit. De begroting is gebaseerd op de Kadernota 2026. In de Kadernota zijn de algemene, financiële en beleidsmatige kaders voor de begroting 2026 en het meerjarenperspectief 2027-2030 gepresenteerd.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 3 van 31
2. 2.
De richtlijnen 2.1 Uitgangspunten begroting 2026 Prijs bruto binnenlands product Het indexatiecijfer voor 2026 is 2,6% (CEP 2024, februari 2024)
Prijs overheidsconsumptie: beloning werknemers Het indexatiecijfer voor 2026 is 3,4% (CEP 2024, februari 2024)
Gewogen gemiddelde Voor het begrotingsjaar 2026 is voor de bijdragen aan de gemeenschappelijke regeling een gewogen percentage vastgesteld van 3,2%. Dit percentage is afgerond op een cijfer achter de komma opgebouwd uit een verwachte loonkostenstijging 3,4% en een materiële kostenstijging van 2,6%. Gelet op de huidige salarislasten telt in de weging het looncomponent voor 72% en het materiële component voor 28% mee.
Wijzigingen indexcijfers Bij het opstellen van de kadernota wordt uitgegaan van de meest recente cijfers van het CPB. De toegepaste indexcijfers worden uiteraard ook tussentijds getoetst en vergeleken met de werkelijke ontwikkelingen en bestaat de mogelijkheid om de indexcijfers en het gewogen gemiddelde middels een wijziging van de begroting van Cocensus aan te passen. De cao-onderhandelingen hebben nog geen resultaat opgeleverd. De VNG en WSGO hebben een loonbod gedaan van in totaal 6,1% over twee jaar, aangevuld met een eenmalige uitkering. De vakbonden beschouwen dit bod als ‘onvoldoende’. De uiteindelijke uitkomst zal gevolgen hebben voor de begrotingen van 2025 en 2026.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 4 van 31
3. 3.
Begroting 2026 3.1 Baten 3.1.1
Bijdrage deelnemers GR
De bijdragen van de deelnemende gemeenten aan de gemeenschappelijke regeling zijn vastgesteld op basis van de uitgangspunten uit de kadernota: Baten Bijdragen deelnemers GR
Begroting 2025 1e wijziging
Begroting 2026
Haarlemmermeer
-4.415.000
-4.556.000
Haarlem
-3.740.000
-3.860.000
Beverwijk
-903.000
-932.000
Hillegom
-397.000
-410.000
Oostzaan
-246.000
-254.000
Wormerland
-413.000
-426.000
Alkmaar
-1.972.000
-2.035.000
Bergen
-916.000
-945.000
Den Helder
-1.054.000
-1.088.000
Uitgeest
-291.000
-300.000
Castricum
-661.000
-682.000
Heiloo
-408.000
-421.000
Dijk & Waard
-1.473.000
-1.520.000
Landsmeer
-270.000
-279.000
-17.159.000
-17.708.000
Totaal bijdragen deelnemers GR
Begroting 2026 - 2030
Pagina 5 van 31
3.2 Overige baten 3.2.1
Uitbreiding dienstverlening opdrachtgevers
Met de opdrachtgevende gemeenten wordt gesproken over de overdracht van resterende taken en nieuwe heffingen op belastinggebied aan Cocensus. Zoals vermeld in de eerste begrotingswijziging van 2025, wordt verwacht dat door de inzet van de scanauto het aantal naheffingsaanslagen parkeren aanzienlijk toeneemt in de gemeenten Alkmaar en Beverwijk. Dit resulteert in een hogere bijdrage van €189.000 voor Beverwijk en €355.000 voor Alkmaar, aangevuld met enkele kleinere opdrachten van deelnemers ter waarde van €10.000.
3.2.2
Opdrachten
In de begroting is rekening gehouden met opdrachten van gemeenten, die niet direct met het primair proces van Cocensus te maken hebben of met onderwerpen, die niet in de dienstverlenings-overeenkomst zijn opgenomen.
3.2.3
Te ontvangen SKB rente
Vanwege de gestegen rente verwachten we een bedrag van €80.000 te ontvangen via schatkistbankieren. Overige baten
Begroting 2025 1e wijziging
Begroting 2026
Uitbreiding dienstverlening opdrachtgevers
-554.000
-554.000
Opdrachten
-81.000
-81.000
Te ontvangen SKB rente
-80.000
-80.000
Totaal
-715.000
-715.000
Begroting 2026 - 2030
Pagina 6 van 31
3.3 Lasten Lasten
Begroting 2025 1e wijziging
Begroting 2026
Personeel Salarissen
11.606.000
12.104.000
Dotatie verlof sparen
80.000
80.000
Woon-/werkverkeer
106.000
109.000
Tijdelijke inhuur
800.000
700.000
Opleidingen
232.000
242.000
Overig
199.000
205.000
13.023.000
13.440.000
Onderhoud huisvesting
85.000
87.000
Energie en water
72.000
75.000
Kapitaallasten
387.000
390.000
Diensten
203.000
208.000
Voorziening groot onderhoud
40.000
40.000
Totaal Huisvesting
787.000
800.000
Servers
14.000
-
Netwerk/infrastructuur
649.000
657.000
PC's en randapparatuur
74.000
89.000
Belastingapplicaties
1.145.000
1.140.000
Kantoorapplicaties
152.000
174.000
Telefonie
175.000
179.000
2.209.000
2.239.000
1.561.000
1.609.000
Rente langlopende lening
45.000
35.000
Totaal Overige uitgaven
1.606.000
1.644.000
Mutatie signalering
249.000
300.000
Totaal Uitvoering wet WOZ
249.000
300.000
TOTAAL LASTEN
17.874.000
18.423.000
TOTAAL BATEN
17.874.000
18.423.000
-
-
Totaal Personeel Huisvesting
ICT
Totaal Automatisering Overige uitgaven Diverse posten
SALDO
Begroting 2026 - 2030
Pagina 7 van 31
Salarissen en sociale lasten De raming van de salarissen is opgesteld op basis van de verwachte formatie voor het jaar 2026. Hierbij is rekening gehouden met een looncorrectie die conform de richtlijnen en uitgangspunten in de kadernota zijn opgenomen.
Dotatie verlof sparen Vanaf 1 januari 2023 hebben medewerkers conform de cao Gemeenten het recht om verlof te sparen, wat de noodzaak tot het instellen van een voorziening met zich meebrengt vanwege de onvoorspelbare opbouw en afname van deze verlofspaaruren. De voorziening wordt opgericht om middelen beschikbaar te hebben voor situaties waarin langdurig verlof wordt opgenomen, medewerkers vervroegd met pensioen gaan of vertrekken.
Woon- / werkverkeer De raming van de kosten van het woon-werkverkeer is vrijwel gelijk gehouden aan de begroting 2025.
Tijdelijke inhuur De raming van het inhuurbudget is gebaseerd op de verwachte inhuur van 2026.
Opleidingsplan Het budget voor opleidingen is vastgesteld op 2% van de loonsom.
Overige kosten Het budget voor overige kosten betreft uitgaven voor kerstpakketten, gedifferentieerd belonen, ambtsjubilea, personeelsfeest e.d..
3.3.1
Huisvesting
Onderhoud huisvesting Voor het klein onderhoud huisvesting zijn enkele onderhoudscontracten afgesloten. Het gaat hier onder andere over het onderhoud van het buitenterrein, lift, klimaat, elektra en beveiliging.
Energie en water De energiekosten en waterlasten zijn geraamd op basis van het gemiddelde verbruik en de bijbehorende kosten van de afgelopen jaren.
Kapitaallasten De kapitaallasten betreffen de afschrijving met betrekking tot de investeringen in de huisvesting van Cocensus. Een specificatie van de kapitaallasten is opgenomen in de staat van Activa.
Diensten De raming voor diensten betreffen serviceverlening, schoonmaak, koffievoorziening, kunst, planten en de aanschaf van klein meubilair.
Voorziening groot onderhoud Jaarlijks, zal er conform het onderhoudsplan een bedrag gestort worden in de voorziening groot onderhoud ter egalisatie van de onderhoudskosten.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 8 van 31
3.3.2
Automatisering
De diverse componenten onder automatisering zijn uitgesplitst naar kapitaallasten (afschrijving) en overige kosten. Automatisering Servers
Begroting 2025 1e wijziging
Begroting 2026 -
-
Kapitaallasten servers
14.000
-
Netwerk/infrastructuur
641.000
657.000
8.000
-
-
-
74.000
89.000
1.078.000
1.106.000
Kapitaallasten belastingapplicatie
67.000
36.000
Kantoorapplicaties
150.000
154.000
2.000
20.000
175.000
179.000
Kapitaallasten telefonie
-
-
Totaal Automatisering
2.209.000
2.239.000
Kapitaallasten netwerk/infra PC's en randapparatuur Kapitaallasten PC's en randapp. Belastingapplicaties
Kapitaallasten kantoorapplicatie Telefonie
Begroting 2026 - 2030
Pagina 9 van 31
3.3.3
Diverse posten
Voor de diverse posten in 2026 is de raming van 2025 na eerste wijziging als uitgangspunt genomen verhoogd met een indexatie. Diverse posten Representatiekosten
Begroting 2025 1e wijziging
Begroting 2026 2.000
2.000
Drukwerk/kopieerkosten
699.000
718.000
Kantoormaterialen
16.000
17.000
Abonnementen
182.000
192.000
Verzekeringen
32.000
33.000
Autokosten
125.000
128.000
Reis- en verblijfskosten dienstreizen
9.000
9.000
Onvoorzien
10.000
10.000
Werk door derden
24.000
24.000
Doorbelasting
74.000
76.000
Arbodienst
30.000
31.000
Ondernemingsraad
25.000
25.000
Bedrijfshulpverlening
9.000
9.000
Accountant
75.000
77.000
Salarisadministratie
44.000
45.000
Advieskosten
190.000
195.000
Portokosten
15.000
15.000
-
3.000
1.561.000
1.609.000
Kapitaallasten bedrijfsmiddelen Totaal
Begroting 2026 - 2030
Pagina 10 van 31
Overige uitgaven
Begroting 2025 1e wijziging
Begroting 2026
Rente langlopende lening
45.000
35.000
Mutatie signalering WOZ
249.000
300.000
Totaal
294.000
335.000
Kapitaallasten bedrijfsmiddelen Kapitaallasten als gevolg van investeringen in bedrijfsmiddelen.
Rente langlopende geldlening Voor de financiering van de activa zijn leningen bij de BNG afgesloten.
Mutatie signalering WOZ Middels mutatiesignaleringssoftware worden de wijzigingen van objecten (met name de vergunningsvrije aanbouw) gesignaleerd en door middel van deze software ook geactualiseerd. De kosten voor de mutatiesignalering stijgen jaarlijks. De begroting voor 2026 is daarom afgestemd op de verwachte uitgaven voor deze posten.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 11 van 31
4. 4.
Financieringsparagraaf Deze paragraaf geeft inzicht in de sturing, beheersing en controle van de treasuryfunctie van Cocensus. De kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten bij kortlopende financiering. Vlottende middelen en schulden hebben een looptijd korter dan een jaar. Het risico van kortlopende financiering is beperkt, aangezien meer dan 95% van de financiële transacties gerelateerd is aan de opdrachtgevende deelnemers. Cocensus hanteert een door het bestuur vastgestelde notitie treasurybeleid, opgesteld en geactualiseerd met advies van de BNG. Inzicht in kasstromen, zowel huidige als toekomstige, wordt verkregen via een actuele liquiditeitsplanning en een verplichtingenadministratie. Omdat alle belastinginkomsten bij de opdrachtgevende gemeenten binnenkomen, is de liquiditeitsplanning overzichtelijk en beheersbaar. Voor financiering sluit Cocensus aan bij de BNG, omdat de organisatie te klein is om zelfstandig de markt te benaderen en deze samenwerking maximale zekerheid biedt aan de gemeenten. De verwachte rentekosten voor langlopende leningen in 2026 bedragen € 35.000. Financiële Kengetallen ultimo 2026 Netto schuldquote
= 67%
Solvabiliteitsratio
= 2,0%
Structurele exploitatieruimte
= 0,0%
De GR werkt met een structureel sluitende begroting zonder winstoogmerk. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 12 van 31
5. 5.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen is het vermogen van de organisatie om klappen op te vangen. Het vormt als beheersmaatregel het sluitstuk van risicomanagement. Het weerstandsvermogen geeft de financiële robuustheid aan van de begroting, de jaarrekening en de financiële positie. Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) schrijft een weerstandsvermogen voor als ratio tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en het totaal aan gekwantificeerde risico’s, waar geen beheersmaatregelen tegenover staan. Bij de berekening van beide elementen is het van belang om hierin compleet te zijn. De ratio weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit. Ratio = Beschikbare weerstandscapaciteit/ benodigde weerstandscapaciteit
Benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de organisatie beschikt om niet voorziene lasten te dekken, zonder dat de begroting en het beleid moeten worden aangepast. De verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de gekwantificeerde financiële risico’s en daarmee het weerstandsvermogen kan vervolgens worden uitgedrukt in een verhoudingscijfer. Voor de beoordeling van een dergelijke ratio kan gebruik worden gemaakt van de onderstaande waarderingstabel, die door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement in samenwerking met de Universiteit van Twente is samengesteld Ratio
Betekenis
> 2.0
Uitstekend
1,4 – 2,0
Ruim voldoende
1,0 – 1,4
Voldoende
0,8 – 1,0
Matig
0,6 – 0,8
Onvoldoende
< 0,6
Ruim onvoldoende
Begroting 2026 - 2030
Pagina 13 van 31
Een hoog weerstandsvermogen kan dus worden gezien als een waarborg voor de financiële gezondheid van Cocensus. Hoe hoger het weerstandsvermogen, des te meer men in staat is om risico’s financieel af te dekken.
Beschikbare weerstandscapaciteit Omschrijving
Bedrag
Huidige stand weerstandsvermogen
€ 196.000
Totaal
€ 196.000
Klasse-indeling kans en gevolg Klasse
Kans
Kwantitatief
1
< of 1 keer per 10 jaar
10%
2
1 keer per 5-10 jaar
30%
3
1 keer per 2-5 jaar
50%
4
1 keer per 1-2 jaar
70%
5
1 keer per jaar of >
90%
In de bovenstaande tabel is de kans dat een risico zich voordoet gekwantificeerd naar een percentage. Waarbij klasse 1 de laagste kans en klasse 5 de hoogste kans weergeeft.
Benodigde weerstandscapaciteit Gekwantificeerde risico
Klasse
Kwantitatief
Risicobedrag
Kans x gevolg
Cyberaanval
1
10%
€ 1.500.000
€ 150.000
Privacywetgeving
1
10%
€ 650.000
€ 65.000
€ 2.150.000
€ 215.000
Totaal
Cyberaanval ICT-systemen zijn door cybercriminaliteit, zoals ransomware-aanvallen, niet toegankelijk. Dit leidt tot een onderbreking van de bedrijfsvoering door de onbeschikbaarheid van essentiële systemen. Bovendien brengt het herstel van deze systemen aanzienlijke kosten met zich mee voor Cocensus.
Privacywetgeving De AP kan organisaties die de AVG overtreden een boete opleggen van 4% van de jaaromzet, bij Cocensus zou de maximale boete uitkomen op € 650.000. Door de maatregelen die genomen zijn op het gebied van privacywetgeving wordt de kans op een boete laag ingeschat op 10%
Huidige ratio € 196.000 / € 215.000 = 0,9 Ondanks dat het huidige niveau volgens de tabel als matig wordt gekwalificeerd, is er vertrouwen in een toekomstige verbetering van het weerstandsvermogen. Er zijn positieve vooruitzichten op uitbreiding van dienstverlening, zoals eerder genoemd, wat kan resulteren in een toename van de inkomsten. Het bestuur van Cocensus heeft besloten dat voor een uitvoeringsorganisatie als Cocensus het opbouwen van een grote reserve niet noodzakelijk is, immers in geval van onverwachte ontwikkelingen fungeren de deelnemende gemeenten altijd nog als achtervang. Voor het weerstandsvermogen heeft het bestuur een maximum van 2,5% van het begrotingsbedrag vastgesteld. Hierdoor ligt het weerstandsvermogen onder de norm.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 14 van 31
5.1 Risico’s 5.1.1
Personeel
Cocensus heeft tot op heden succesvol het personeelsbestand op orde weten te houden, deels dankzij het gebruik van detachering. Dit heeft ons in staat gesteld om de benodigde expertise en capaciteit te behouden om onze diensten op een hoog niveau te kunnen blijven leveren. Echter, ondanks deze positieve ontwikkelingen, blijft de krapte op de arbeidsmarkt een voortdurend risico. Het aantrekken en behouden van gekwalificeerd personeel kan een uitdaging blijven, vooral in een competitieve arbeidsmarkt waar veel organisaties strijden om dezelfde talenten. Dit kan leiden tot problemen zoals verhoogde personeelskosten en verminderde capaciteit. Om deze risico’s te beperken, neemt Cocensus verschillende maatregelen. Er wordt geïnvesteerd in het opleiden van eigen medewerkers, het aanbieden van stageplekken om nieuw talent aan te trekken en het onderzoeken van automatiseringsmogelijkheden om repeterende processen efficiënter in te richten.
5.1.2
Informatiebeveiliging en Gegevensbescherming
Informatiebeveiliging en gegevensbescherming blijven voor Cocensus belangrijke aandachtspunten, vooral met de komende verplichtingen vanuit de NIS2-richtlijn. Cocensus heeft deze onderwerpen tot prioriteit benoemd om te voldoen aan de strengere eisen rond cyberveiligheid en gegevensbeheer. Cocensus beschikt inmiddels over een BIOen datagovernancebeleid. BIO 2.0 en de NIS2-richtlijn vereisen dat Cocensus extra maatregelen neemt om gevoelige gegevens adequaat te beschermen tegen datalekken, cyberaanvallen en andere beveiligingsrisico’s. Dit omvat onder meer verplichte risicobeoordelingen, beveiligingsmaatregelen, en het snel melden van incidenten aan de toezichthouder en het CSIRT bij cyberincidenten. Ondanks deze maatregelen blijft er altijd een risico op beveiligingsincidenten en datalekken. Cyberdreigingen evolueren voortdurend, en zelfs met robuuste systemen kan geen enkele organisatie volledige veiligheid garanderen. Een incident kan leiden tot aanzienlijke reputatieschade, mogelijke juridische gevolgen en hoge kosten voor herstel en naleving. Daarnaast brengt de snelle technologische ontwikkeling, in combinatie met een groeiende hoeveelheid verwerkte gegevens, voortdurend nieuwe uitdagingen voor Cocensus op het gebied van beveiliging en privacy.
Het beheersen van deze risico’s vereist voortdurende aandacht, investeringen in technologie en expertise, en regelmatige evaluatie en aanscherping van de huidige beveiligingsmaatregelen. Daarbij is het van belang dat medewerkers van Cocensus voldoende zijn opgeleid in beveiligingsbewustzijn en dat er duidelijke procedures zijn voor het omgaan met informatiebeveiligingsincidenten.
5.1.3
Gegevenslevering grootwaterverbruik
PWN heeft aangekondigd dat zij niet meer de volledige gegevens met betrekking tot grootwaterverbruik gaan leveren uit oogpunt van privacywetgeving. Op dit moment wordt in samenspraak met de VNG onderzocht of PWN eenzijdig dit besluit kan nemen. Mocht dit niet tot een oplossing leiden dan kan dat gevolgen hebben voor de verordeningen 2026 voor die gemeenten die met name voor de rioolheffing grootwaterverbruik als maatstaf voor de heffing hebben opgenomen.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 15 van 31
6. 6.
Ontwikkelingen
Cocensus heeft in de afgelopen jaren haar focus gelegd op het leveren van diensten tegen zo laag mogelijke kosten, terwijl tegelijkertijd de hoogste kwaliteit in dienstverlening wordt nagestreefd. Deze benadering zal ook in de komende jaren worden voortgezet, waarbij schaalvergroting en uitbreiding van dienstverlening belangrijke onderdelen zijn die hieraan kunnen bijdragen.
6.1 Schaalvergroting Per 1 januari 2025 is de gemeente Landsmeer aangesloten bij Cocensus. Daarnaast hebben enkele regionale gemeenten interesse getoond om toe te treden tot de gemeenschappelijke regeling, waarbij een positief besluit kan resulteren in toetreding in 2026 of 2027.
6.2 Landelijke ontwikkelingen 6.2.1
Verruiming van het gemeentelijk belastinggebied
In het kader van de hervorming van het belastingstelsel en de financiële verhouding tussen Rijk en gemeenten heeft een interdepartementale werkgroep voorstellen gedaan om het gemeentelijk belastinggebied uit te breiden. Dit moet de afhankelijkheid van rijksuitkeringen verminderen en gemeenten meer fiscale autonomie geven. Cocensus moet rekening houden met deze mogelijke uitbreiding, waaronder nieuwe heffingen zoals een ingezetenenbelasting en een ozb-gebruikersheffing op woningen. Dit kan de lokale belastingopbrengsten met circa 40% verhogen, maar ook leiden tot een verlaging van de rijksuitkering uit het Gemeentefonds. Voor Cocensus betekent dit een toename in complexiteit, waarbij systemen en processen moeten worden aangepast voor efficiënte inning. Ook vraagt dit om heldere communicatie richting inwoners over de impact op de lokale belastingdruk. Cocensus werkt hierbij nauw samen met gemeenten en houdt rekening met de randvoorwaarden van de VNG, zoals evenwichtige financiële verhoudingen en het voorkomen van extra lastendruk.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 16 van 31
6.2.2
Wet stroomlijning keten voor derdenbeslag
Het wetsvoorstel beoogt een wettelijke basis te creëren voor betere gegevensuitwisseling tussen beslagleggende partijen bij samenloop van beslagen en verrekeningen. Dit gebeurt via een routeervoorziening, die helpt om het bestaansminimum te beschermen en onnodige kosten en schulden te voorkomen. Beslagleggers kunnen vooraf zien of er al beslag ligt en bepalen of ze door moeten gaan met hun beslag. Ook kunnen ze onderling informatie uitwisselen, bijvoorbeeld over de beslagvrije voet, en inzicht krijgen in de coördinerend deurwaarder. Op dit moment is het nog onduidelijk wanneer de invoering zal plaatsvinden. Cocensus volgt de ontwikkelingen nauwgezet en neemt actief deel aan de werkgroep die de verdere uitwerking van de Rijksincasso verzorgt.
6.2.3
Waardering onroerende zaken
Verantwoordingsdocument en taxatieverslag nieuwe stijl Vanaf belastingjaar 2024 is Cocensus gestart met de implementatie van veranderingen rondom de onderbouwing van WOZ-taxaties. Het huidige taxatieverslag, dat de afgelopen 25 jaar weinig is aangepast, wordt vernieuwd. Deze aanpassingen komen voort uit de wens van de Waarderingskamer om de onderbouwing van de WOZ-waarde te verbeteren. Samen met betrokken partijen is er gewerkt aan een nieuw verantwoordingsdocument en een vernieuwd taxatieverslag, die samen de onderbouwing van de WOZ-waarde moeten vormen. Het doel is om hiermee te voorkomen dat aanvullende gegevens verstrekt moeten worden tijdens bezwaar- en beroepsprocedures. De verplichting om in bezwaar- en beroepsprocedures aanvullende gegevens, zoals een taxatiematrix, te verstrekken blijft echter voorlopig bestaan. Door de verbeterde onderbouwing van de WOZ-waarde hoopt Cocensus dat de waarden sneller worden geaccepteerd door belanghebbenden en rechters, wat op de lange termijn het aantal bezwaarprocedures kan verminderen. Het opstellen van het verantwoordingsdocument vraagt jaarlijks om extra inspanning, maar de verwachting is dat dit gecompenseerd wordt door minder complexiteit in bezwaar- en beroepsprocedures.
Ook wordt er gewerkt aan een gemoderniseerde versie van het taxatieverslag, die automatisch gegenereerd zal worden en mogelijk via moderne communicatiekanalen, zoals een app, aan belanghebbenden wordt verstrekt
Secondaire object kenmerken Landelijk is een project gestart met als doel inwoners meer verantwoordelijkheid te geven over hun secundaire objectkenmerken, zoals de staat van de keuken, badkamer of toilet. Dit stelt hen in staat zelf regie te voeren over deze gegevens. De gemeente zorgt voor transparantie door inzicht te bieden in de beschikbare objectinformatie en inwoners eenvoudige mogelijkheden te geven om wijzigingen door te voeren. Begin 2025 is in Heiloo een pilot uitgevoerd, waarbij inwoners zeer positief reageerden. Deze secundaire objectkenmerken zijn vaak aanleiding voor bezwaren. Door de regie hierover bij de inwoners te leggen, hoopt Cocensus deze informatie al vóór de waardering te ontvangen en te verwerken, wat het aantal bezwaren kan verminderen. Het project is geïnitieerd door een aantal belastingkantoren, waaronder Cocensus, in samenwerking met de Waarderingskamer. Bij positief resultaat zal deze werkwijze in 2026 worden ingevoerd.
Motie tweejaarlijkse herwaardering In juni 2024 is tijdens de algemene ledenvergadering van de VNG een motie aangenomen om de mogelijkheden van een tweejaarlijkse herwaardering te onderzoeken. Onderdeel van deze motie is ook om het bredere gebruik van de WOZ waarde in kaart te brengen. De WOZ-waarde wordt voor steeds meer doeleinden gebruikt. Daarbij is het van belang om de gevolgen die dit bredere gebruik voor gemeenten heeft inzichtelijk te krijgen vooral wat betreft de financiële consequenties. Immers breder gebruik kan tot gevolg hebben dat inwoners om een andere redenen dan de OZB bezwaar maken tegen de vastgestelde waarde.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 17 van 31
7. 7.
Kostenverdeelstaat
De lasten 2026 zijn ten behoeve van de tarieven zoveel mogelijk direct toegerekend naar de afdelingen. De kostenverdeelstaat verschilt van 2025. De overheadkosten zijn anders verdeeld. Er is gekozen om het inhuurbudget en de ICT-kosten bij de overhead te plaatsen. Voor de toerekening van de overheadkosten is gebruik gemaakt van verhoudingspercentages. Kostenverdeelstaat 2026
Overhead
WOZ
G&A
Inv.
H&B
Totaal
Personeel
2.539.000
3.601.000
1.919.000
2.503.000
2.878.000
13.440.000
Huisvesting
800.000
-
-
-
-
800.000
2.239.000
-
-
-
-
2.239.000
568.000
150.000
145.000
141.000
640.000
1.644.000
-
300.000
-
-
-
300.000
-6.146.000
1.844.000
1.229.000
1.352.000
1.721.000
-
-
5.895.000
3.293.000
3.996.000
5.239.000
18.423.000
ICT Overige uitgaven Project WOZ Doorbelasting overhead Totaal
Begroting 2026 - 2030
Pagina 18 van 31
8. 8.
Staat van salarissen en sociale lasten Afdeling
Salarissen en sociale lasten 2026
Directie
1.203.000
WOZ
3.601.000
G&A
1.919.000
Invordering
2.503.000
Heffen & Bezwaar
2.878.000
Totaal
12.104.000
8.1 Toelichting De raming van de salarissen is opgesteld op basis van de verwachte formatie voor het jaar 2026. Hierbij is rekening gehouden met een looncorrectie die conform de richtlijnen en uitgangspunten in de kadernota zijn opgenomen. Het inhuurbudget is verlaagd, omdat ervan wordt uitgegaan dat vanaf 2026 minder externe inhuur nodig zal zijn.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 19 van 31
9. Financieel meerjarenperspectief 2027-2030 9.
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Haarlemmermeer
-4.556.000
-4.556.000
-4.556.000
-4.556.000
Haarlem
-3.860.000
-3.860.000
-3.860.000
-3.860.000
Beverwijk
-932.000
-932.000
-932.000
-932.000
Hillegom
-410.000
-410.000
-410.000
-410.000
Oostzaan
-254.000
-254.000
-254.000
-254.000
Wormerland
-426.000
-426.000
-426.000
-426.000
Alkmaar
-2.035.000
-2.035.000
-2.035.000
-2.035.000
Bergen
-945.000
-945.000
-945.000
-945.000
Den Helder
-1.088.000
-1.088.000
-1.088.000
-1.088.000
Uitgeest
-300.000
-300.000
-300.000
-300.000
Castricum
-682.000
-682.000
-682.000
-682.000
Heiloo
-421.000
-421.000
-421.000
-421.000
Dijk & Waard
-1.520.000
-1.520.000
-1.520.000
-1.520.000
Landsmeer
-279.000
-279.000
-279.000
-279.000
-17.708.000
-17.708.000
-17.708.000
-17.708.000
Bijdragen deelnemers GR
Totaal bijdragen deelnemers GR
Begroting 2026 - 2030
Pagina 20 van 31
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Uitbreiding dienstverlening
-554.000
-554.000
-554.000
-554.000
Opdrachten
-81.000
-81.000
-81.000
-81.000
Ontvangen SKB rente
-80.000
-80.000
-80.000
-80.000
-18.423.000
-18.423.000
-18.423.000
-18.423.000
12.208.000
12.179.000
12.179.000
12.179.000
Dotatie verlof sparen
80.000
80.000
80.000
80.000
Woon-/werkverkeer
109.000
109.000
109.000
109.000
Tijdelijke inhuur
600.000
600.000
600.000
600.000
Opleidingen
244.000
244.000
244.000
244.000
Overig
205.000
205.000
205.000
205.000
13.446.000
13.417.000
13.417.000
13.417.000
Onderhoud huisvesting
87.000
87.000
87.000
87.000
Energie en water
75.000
75.000
75.000
75.000
Kapitaallasten
385.000
385.000
385.000
391.000
Diensten
208.000
208.000
208.000
208.000
Voorziening groot onderhoud
40.000
40.000
40.000
40.000
Totaal Huisvesting
795.000
795.000
795.000
801.000
-
-
-
-
Netwerk/infrastructuur
657.000
656.000
666.000
661.000
PC's en randapparatuur
58.000
58.000
38.000
37.000
Belastingapplicaties
1.140.000
1.140.000
1.140.000
1.140.000
Kantoorapplicaties
204.000
234.000
234.000
234.000
Telefonie
179.000
179.000
189.000
189.000
2.238.000
2.267.000
2.267.000
2.261.000
TOTAAL BATEN
Personeel Salarissen
Totaal Personeel
Huisvesting
Automatisering Servers
Totaal Automatisering
Begroting 2026 - 2030
Pagina 21 van 31
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Overige uitgaven Diverse posten
1.606.000
1.606.000
1.606.000
1.606.000
Kapitaallasten bedrijfsmiddelen
3.000
3.000
3.000
3.000
Rente langlopende lening
35.000
35.000
35.000
35.000
Totaal Overige uitgaven
1.644.000
1.644.000
1.644.000
1.644.000
300.000
300.000
300.000
300.000
18.423.000
18.423.000
18.423.000
18.423.000
-
-
-
-
Project WOZ
TOTAAL LASTEN SALDO
9.1 Investeringsplan Soort
Afschr. (jaren)
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Technische inst.
25
-
-
-
-
-
50.000
Kantoormeubilair
10
-
-
-
-
60.000
250.000
Kantoorautomatisering
5
100.000
150.000
150.000
-
-
-
Netwerkapparatuur
5
-
-
-
40.000
-
-
PC apparatuur
5
70.000
55.000
-
60.000
-
-
Randapparatuur
5
-
-
-
-
-
-
Telefooncentrale
5
-
-
-
50.000
-
-
Belastingapplicatie
10
-
-
-
-
-
-
170.000
205.000
150.000
150.000
60.000
300.000
Totaal
Het bovenstaande overzicht geeft een prognose van de verwachte investeringen voor Cocensus. Het is belangrijk op te merken dat de PC-randapparatuur en netwerkapparatuur naar verwachting economisch zijn afgeschreven in 2026. Echter, er is besloten om deze gefaseerd te vervangen. Deze gefaseerde aanpak wordt gerechtvaardigd door het feit dat sommige apparaten technisch verouderd zijn, terwijl anderen nog functioneel zijn. Met het oog op duurzaamheid wordt voor elk product beoordeeld of vervanging noodzakelijk is. In 2030 is het kantoormeubilair 10 jaar oud. Dit zal gefaseerd worden vervangen, met de eerste vervanging gepland voor 2029.
9.1.1
Kantoorautomatisering
De komende jaren richt Cocensus zich sterk op automatisering om bedrijfsprocessen verder te optimaliseren. Deze strategische koers omvat de inzet van geavanceerde technologieën. Voor deze technologische uitbreidingen zijn investeringen opgenomen in de begrotingsjaren 2025, 2026 en 2027. Door repetitieve taken te automatiseren en geavanceerde analysemogelijkheden in te zetten, ontstaat niet alleen een efficiënter proces, maar ook meer ruimte voor innovatie en kwaliteitsverbetering.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 22 van 31
9.2 Incidentele baten en lasten Volgens artikel 23, onderdeel b van het BBV, wordt hieronder het meerjarenoverzicht van de incidentele baten en lasten gepresenteerd. Overige baten
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Uitbreiding dienstverlening opdrachtgevers
-554.000
-554.000
-554.000
-554.000
Opdrachten
-81.000
-81.000
-81.000
-81.000
Ontvangen SKB rente
-80.000
-80.000
-80.000
-80.000
Totaal
-715.000
-715.000
-715.000
-715.000
9.3 Saldo dotaties en onttrekkingen Volgens de voorschriften van artikel 20d en 20e van het BBV, volgt hieronder het overzicht dotaties en onttrekkingen van de voorzieningen
9.3.1
Voorziening groot onderhoud
De dotaties en onttrekkingen van de voorziening groot onderhoud zijn conform het meerjarenonderhoudsplan. Op 31 december 2026 is het verwachte saldo van de voorziening groot onderhoud € 170.936 Overige baten
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Dotatie
40.000
40.000
40.000
40.000
Onttrekking
6.500
4.000
6.500
7.500
204.436
240.436
206.936
239.436
Saldo
9.3.2
Voorziening verlofsparen
Vanaf 1 januari 2023 hebben medewerkers conform de cao Gemeenten het recht om verlof te sparen, wat de noodzaak tot het instellen van een voorziening met zich meebrengt vanwege de onvoorspelbare opbouw en afname van deze verlofspaaruren. Het saldo van deze verlofspaaruren wordt bepaald aan de hand van het totale aantal uren dat medewerkers hebben, inclusief bovenwettelijke en nieuwe verlofspaaruren. De voorziening wordt opgericht om middelen beschikbaar te hebben voor situaties waarin langdurig verlof wordt opgenomen, medewerkers vervroegd met pensioen gaan of vertrekken. Op 31 december 2026 is het verwachte saldo van de voorziening verlofsparen € 375.000 Overige baten
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Dotatie
80.000
80.000
80.000
80.000
Onttrekking *
15.000
15.000
15.000
15.000
Saldo
440.000
505.000
570.000
635.000
* Aangezien het moment van onttrekking uit de voorziening onzeker is, zal deze voorziening jaarlijks worden herzien en kan deze variëren afhankelijk van de activiteiten van medewerkers. De daadwerkelijke af- en toename van deze voorziening zal worden toegelicht in de jaarrekening.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 23 van 31
9.4 Kengetallen meerjarenperspectief Kengetal
2026
2027
2028
2029
2030
Netto schuldquote
69%
64%
62%
61%
59%
Solvabiliteit
2,0%
2,2%
2,4%
2,2%
1,3%
0%
0%
0%
0%
0%
Structurele exploitatieruimte
9.4.1
Toelichting kengetallen
Netto schuldquote De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van Cocensus ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. Deze indicator brengt in beeld in hoeverre de netto schulden zich verhouden tot de totale baten. Met een schuldquote onder de 100% is Cocensus goed in staat om de rente en aflossingen te betalen.
De solvabiliteitsratio Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van Cocensus bestaat volgens artikel 42 BBV-Besluit begroting en verantwoording uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. De solvabiliteitsratio bij Cocensus is erg laag. Het is een bewuste keuze van het Bestuur van Cocensus om bij de verbonden partij geen grote algemene reserve te laten ontstaan.
Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Het onderscheid tussen structureel en incidenteel is ook in een notitie van de commissie BBV-Besluit begroting en verantwoording vastgelegd en moet conform het BBV-Besluit begroting en verantwoording ook in de begroting en jaarstukken worden onderbouwd. Het uitgangspunt van Cocensus is om altijd een sluitende begroting te presenteren. De doelstelling is dan ook om de structurele exploitatieruimte altijd rond de 0% te houden.
Begroting 2026 - 2030
Pagina 24 van 31
Bijlagen
Bijlage 1: Staat van Activa Omschrijving
Aanschafwaarde 01-01-2026 Alle investeringen
Lopende active 01-01-2026
Vermeerdering 2026
AanschafWaarde 31-12-2026
Kantoorpand
10.450.566
10.450.566
-
10.450.566
Grond
1.000.000
1.000.000
-
1.000.000
Technische installaties
1.170.717
1.170.717
-
1.170.717
Kantoormeubilair
2.465.450
1.056.976
-
2.465.450
Totaal
15.086.733
13.678.258
-
15.086.733
Centrale computerruimte
600.138
-
-
600.138
Software centrale servers
555.807
-
-
Software licenties
231.792
-
Kantoorautomatisering servers
655.462
Afschr. Mnd.
Afschrijv. t/m 2025
Boekwaarde t/m 2025
480
1.231.278
9.219.288
300 120
Afschr. 2026
Boekwaarde 31-12-2026
Kapitaallasten 2026
261.264
8.958.024
261.264
1.000.000
-
1.000.000
-
186.254
984.463
46.829
937.634
46.829
1.997.648
467.802
83.839
383.964
83.839
3.415.180
11.671.553
391.931
11.279.622
391.931
120
600.138
-
-
-
-
555.807
60
555.807
-
-
-
-
-
231.792
36
231.792
-
-
-
-
-
-
655.462
60
655.462
-
-
-
-
2.043.199
-
-
2.043.199
2.043.199
-
-
-
-
Netwerk
291.702
-
-
291.702
120
291.702
-
-
-
-
Netwerkapparatuur
195.801
-
-
195.801
60
195.801
-
-
-
-
Totaal
487.503
-
-
487.503
487.503
-
-
-
-
PC apparatuur
973.699
426.863
55.000
1.028.699
60
772.743
200.956
85.373
170.583
85.373
Randapparatuur
172.492
15.780
-
172.492
60
162.511
9.981
3.156
6.825
3.156
1.146.191
442.643
55.000
1.201.191
935.254
210.937
88.529
177.408
88.529
Servers
Totaal Netwerk/infrastructuur
PC's en Randapparatuur
Totaal
Begroting 2026 - 2030
Pagina 26 van 31
Omschrijving
Aanschafwaarde 01-01-2026 Alle investeringen
Lopende active 01-01-2026
Vermeerdering 2026
AanschafWaarde 31-12-2026
Afschr. Mnd.
Afschrijv. t/m 2025
Boekwaarde t/m 2025
Afschr. 2026
Boekwaarde 31-12-2026
Kapitaallasten 2026
Belastingapplicaties Gouwbelastingen Haarlem
880.376
-
-
880.376
120
880.375
-
-
-
-
Belastingapplicatie Haarl'meer
920.153
-
-
920.153
120
920.153
-
-
-
-
3.089.028
337.035
-
3.089.028
120
2.904.531
184.413
33.704
150.709
33.704
409.244
-
-
409.244
60
409.247
-
-
-
-
5.298.801
337.035
-
5.298.801
5.114.306
184.412
33.704
150.709
33.704
Kantoorautomatisering
300.081
100.000
150.000
450.081
60
200.081
100.000
20.000
230.000
20.000
PC software
203.819
-
-
203.819
60
203.819
-
-
-
-
DMS
437.464
-
-
437.464
60
437.464
-
-
-
-
Projecturen
1.336.698
-
-
1.336.698
60
1.336.698
-
-
-
-
Totaal
2.278.063
100.000
150.000
2.428.063
2.178.063
100.000
20.000
230.000
20.000
Telefooncentrale
421.133
-
-
421.133
421.122
11
-
11
-
Totaal
421.133
-
-
421.133
421.122
11
-
11
-
Vervoersmiddelen
21.815
-
-
21.815
6.233
15.582
3.116
12.466
3.116
Totaal
21.815
-
-
21.815
6.233
15.582
3.116
12.466
3.116
26.783.437
14.557.936
205.000
26.988.437
14.600.860
12.182.496
537.280
11.850.216
537.280
Belastingapplicatie geconverteerd Waarderingsapplicatie Totaal Kantoorapplicaties
Telefonie 60
Bedrijfsmiddelen
Totale activa
Begroting 2026 - 2030
Pagina 27 van 31
Bijlage 2: Geprognosticeerde balans Prognose meerjarenbalans
2026
2027
2028
2029
2030
Activa Vaste activa Bedrijfspand
8.958.000
8.697.000
8.435.000
8.174.000
7.913.000
Grond
1.000.000
1.000.000
1.000.000
1.000.000
1.000.000
Investeringen met economisch nut
1.892.000
1.773.000
1.625.000
1.388.000
1.336.000
Totaal vaste activa
11.850.000
11.470.000
11.060.000
10.562.000
10.249.000
Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar
2.323.000
2.369.000
2.416.000
2.464.000
2.513.000
Liquide middelen
156.000
156.000
159.000
159.000
159.000
Overlopende activa
192.000
192.000
196.000
196.000
196.000
Totaal vlottende activa
2.671.000
2.717.000
2.771.000
2.819.000
2.868.000
Totaal activa
14.521.000
14.187.000
13.831.000
13.381.000
13.117.000
196.000
196.000
196.000
196.000
196.000
-
-
-
-
-
Voorziening groot onderhoud
171.000
205.000
241.000
207.000
240.000
Voorziening verlofsparen
375.000
440.000
505.000
570.000
635.000
Vlottende activa
Passiva Vaste passiva Eigenvermogen Reserves Resultaat boekjaar
Begroting 2026 - 2030
Pagina 28 van 31
Prognose meerjarenbalans
2026
2027
2028
2029
2030
Vaste schuld met een rente typische looptijd van één jaar of langer
10.020.000
9.480.000
8.995.000
8.420.000
8.175.000
Totaal vaste passiva
10.762.000
10.321.000
9.937.000
9.393.000
9.246.000
Vlottende schuld
2.249.000
2.320.000
2.500.000
2.744.000
2.627.000
Overlopende passiva
1.510.000
1.546.000
1.394.000
1.244.000
1.244.000
Totaal vlottende passiva
3.759.000
3.866.000
3.894.000
3.988.000
3.871.000
Totaal Passiva
14.521.000
14.187.000
13.831.000
13.381.000
13.117.000
-
-
-
-
-
Vlottende passiva
Begroting 2026 - 2030
Pagina 29 van 31
Bijlage 3: Begroting taakvelden Cocensus is momenteel bezig met de invoering van een nieuwe kostprijsmethodiek, die in de loop van 2025 gepresenteerd zal worden. Vanwege de complexiteit van de verschillende belastingen per deelnemer, is de begroting op taakvelden nog gebaseerd op de oude methodiek.
Deelnemers
0.61 OZB - W
0.62 OZB - NW
0.63 Parkeer belasting
0.64 Belastingen overig
Haarlemmermeer
797.100
2.695.300
16.900
Haarlem
1.413.000
1.124.600
36.500
38.800
Beverwijk
304.000
291.300
7.000
41.700
Hillegom
188.800
65.500
500
Oostzaan
111.500
48.500
8.200
Wormerland
202.100
73.200
13.900
Alkmaar
532.200
807.200
63.800
5.800
Bergen
423.800
172.400
7.200
77.800
Den Helder
321.300
371.100
Uitgeest
153.100
Castricum
2.2 Parkeren
2.4 3.3 3.4 6.3 Econom. Bedrijfsloket Econom. Inkomenshavens en en promotie regelingen waterwegen regelingen
7.3 Afval
Totaal
16.200
272.900
15.200
246.700
495.000
4.556.000
23.700
76.500
36.500
352.800
691.600
3.860.000
4.100
13.500
104.500
153.000
932.000
3.600
50.300
101.200
410.000
900
38.000
39.500
254.000
4.300
56.700
76.000
426.000
13.300
15.000
237.200
360.600
2.035.000
73.000
5.200
83.600
101.300
945.000
20.900
23.700
12.600
115.700
222.500
1.088.000
54.100
12.600
2.700
1.800
30.600
45.200
300.000
304.500
123.700
37.200
34.600
3.500
81.900
96.700
682.000
Heiloo
220.700
65.600
14.400
1.100
2.300
51.800
64.700
421.000
Dijk en Waard
538.600
489.800
600
1.600
6.700
275.400
206.400
1.520.000
Landsmeer
152.400
35.900
800
700
1.800
32.300
54.200
279.000
5.663.100
6.418.200
511.700
122.900
1.757.500
2.707.900
17.708.000
Begroting 2026 - 2030
131.400
600
7.2 Riolering
273.200
66.100 13.000
7.500
800
400
66.100
13.600
41.100
Pagina 30 van 31
Deelnemers
0.61 OZB - W
0.62 OZB - NW
0.63 Parkeer belasting
0.64 Belastingen overig
2.2 Parkeren
2.4 3.3 Econom. Bedrijfsloket havens en en waterwegen regelingen
3.4 Econom. promotie
6.3 Inkomensregelingen
7.2 Riolering
7.3 Afval
Totaal
Beverwijk
189.000
189.000
Alkmaar
355.000
355.000
-
Begroting 2026 - 2030
-
544.000
-
-
-
-
Pagina 31 van 31
-
-
-
-
544.000