CConstaterende datDen Helder
Koppel je AI →
Document · PDF

535385 Memo Voorstel tot het vaststellen van de inhoudelijk ongewijzigde Huisvestingsverordening 2026 Den Helder.pdf

Gemeenteraad 19 januari 2026, gemeente Den HelderBij agendapunt: 21: Voorstel tot het vaststellen van de (inhoudelijk ongewijzigde) Huisvestingsverordening 2026 Den Helder.853 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknummer: 0000535385

Memo Datum:

8 januari 2026

Aan:

Gemeenteraad

Portefeuillehouder: Petra Bais Onderwerp:

Voorstel tot het vaststellen van de (inhoudelijk ongewijzigde) Huisvestingsverordening 2026 Den Helder.

Geachte leden van de raad, Per abuis is de onderstaande bijlage niet gevoegd bij de te behandelen stukken voor het agendapunt 21 Voorstel tot het vaststellen van de (inhoudelijk ongewijzigde) Huisvestingsverordening 2026 Den Helder van uw vergadering van 19 januari 2026. Hierbij ontvangt u deze alsnog. Q&A – vaststellen inhoudelijk ongewijzigde huisvestingsverordening 2026 Den Helder 1. Waarom is het nodig om nu een nieuwe huisvestingsverordening vast te stellen? • •

•

De huidige huisvestingsverordening verloopt op 28 januari 2026, omdat een verordening maximaal vier jaar geldig is (Huisvestingswet, artikel 4). Zonder nieuwe verordening zouden belangrijke instrumenten zoals de urgentieregeling en opkoopbescherming tijdelijk vervallen. Dit is onwenselijk, omdat het leidt tot onzekerheid voor woningzoekenden en risico’s voor leefbaarheid in kwetsbare buurten. Door nu een inhoudelijk ongewijzigde verordening vast te stellen, blijft de continuïteit gewaarborgd.

2. Waarom wordt de verordening inhoudelijk niet gewijzigd? •

•

•

Er zijn op dit moment grote landelijke en regionale ontwikkelingen, zoals de Wet versterking regie volkshuisvesting (verwacht in 2026) en de regionale woonzorgvisie. Deze hebben invloed op de inrichting van de verordening. Het is niet mogelijk om op dit moment een huisvestingsverordening vast te stellen die ‘Wet regie proof’ is, ook omdat de wet nog niet is aangenomen en de wettelijke kaders nog niet definitief zijn. Door de verordening nu ongewijzigd vast te stellen, ontstaat tijd om later in één keer een zorgvuldig afgestemde, inhoudelijk gewijzigde verordening op te stellen.

3. Wat zijn de belangrijkste instrumenten in de huidige verordening?

•

•

Urgentieregeling: Voor woningzoekenden die dringend woonruimte nodig hebben, zoals mantelzorgers, statushouders en mensen in opvangsituaties (zoals de vrouwenopvang of Blijf van mijn lijf-huizen). Opkoopbescherming: Verplicht zelfbewoning van woningen met een WOZ-waarde tot €250.000 in vier buurten (Centrum, Visbuurt, Van Galenbuurt en Oostsloot) om leefbaarheid te behouden en het opkopen van woningen door beleggers tegen te gaan.

4. Waarom is opkoopbescherming nog steeds nodig? •

• • •

• • •

De leefbaarheid in de vier buurten staat nog steeds onder druk. Uit recente cijfers (Leefbaarometer 2024) blijkt dat buurten als Centrum en Visbuurt ‘zwak’ scoren. Sinds invoering van de opkoopbescherming in 2022 is een lichte verbetering zichtbaar, maar de problematiek is niet opgelost. Continuering van deze maatregel is proportioneel en noodzakelijk om sociale cohesie en veiligheid te waarborgen. Het Rijk biedt gemeenten sinds 2022 de mogelijkheid om een opkoopbescherming in de huisvestingsverordening op te nemen. Dit onderdeel van de wet wordt in 2026 geëvalueerd. Het Rijk heeft namelijk ook andere zaken geregeld op dit gebied, zoals het fors verhogen van de overdrachtsbelasting voor tweede woningen, aanpassen van de belasting van vastgoed in box 3 en met het invoeren van de Wet betaalbare huur is het verdienmodel voor het verhuren van een pand/kamer uitgeknepen. Het is mogelijk dat het Rijk besluit om de wet na evaluatie aan te passen, de gemeente volgt dit op de voet. Wat nu vooral wenselijk is, is de opkoopbescherming te verlengen, tijd te kopen en een koppeling te maken met het Programma Kansrijke buurten. Wanneer dat programma loopt, kan ook een heroverweging gemaakt worden: is het wenselijk om het instrument uit te breiden naar andere buurten, in te perken (minder of geen buurten) of te houden zoals die is.

5. Waarom is er een onderbouwing van de opkoopbescherming in het voorstel opgenomen, terwijl er een inhoudelijk ongewijzigde verordening wordt vastgesteld? •

Dit is nodig omdat de Huisvestingswet een onderbouwing van de opkoopbescherming verplicht stelt.

6. Zijn er financiële consequenties voor de gemeente? • •

Nee, er zijn geen extra kosten aan verbonden. Het huidige beleid wordt gecontinueerd. Wel wordt de Legesverordening aangepast omdat de titel van de huisvestingsverordening wijzigt. Dit is ook meegenomen in het raadsvoorstel voor de wijziging van de legesverordening.

7. Hoe lang blijft deze verordening van kracht? •

De verordening geldt maximaal vier jaar, maar de verwachting is dat in het tweede of derde kwartaal van 2026 (waarschijnlijk het derde kwartaal) een inhoudelijk gewijzigde verordening wordt aangeboden aan de raad, afgestemd op nieuwe wetgeving en regionale afspraken.

8. Hoe wordt de raad betrokken bij toekomstige wijzigingen? • •

De raad wordt tijdig geïnformeerd over de voortgang van de regionale woonzorgvisie, het Omgevingsprogramma Volkshuisvesting en de landelijke wetgeving. Zodra deze kaders duidelijk zijn, wordt een nieuw voorstel met inhoudelijke wijzigingen aan de raad aangeboden.

9. Wat gebeurt er als deze inhoudelijk ongewijzigde huisvestingsverordening niet wordt vastgesteld? •

•

•

Dan is er vanaf 28 januari geen geldige verordening meer. Dit betekent dat de urgentieregeling en opkoopbescherming niet van kracht zijn. Dit kan leiden tot ongewenste effecten op de woningmarkt en leefbaarheid. De gemeente kan dan geen voorrang geven aan uitstromers uit de vrouwenopvang, aan mantelzorgers en kan niet voldoen aan de taakstelling voor statushouders. Het voldoen aan de taakstelling is nog steeds een wettelijke verplichting voor gemeenten. Voor de opkoopbescherming betekent dit dat deze niet langer van kracht is. Voor woningen met een WOZ-waarde tot €250.000 die tot en met 28 januari 2026 worden verkocht (en alle woningen die de afgelopen jaren zijn verkocht aan beleggers) geldt de opkoopbescherming nog wel voor 4 jaar (afhankelijk van de datum waarop het vastgoed is verkocht).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.denhelder.nl/api/v1/meetings/2348/documents/26191