CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS325491 RV bindend advies voor omgevingsvergunning sporthal Groen van Prinstererlaan 500 (RS)

Gemeenteraad 9 juli 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies voor omgevingsvergunning sporthal Groen van Prinstererlaan 500 (RIS325491)3.461 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Ons Kenmerk

2 juni 2026

DSO/11063495 RIS325491

Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies voor omgevingsvergunning sporthal Groen van Prinstererlaan 500 Op 17 september 2025 is een aanvraag omgevingsvergunning gedaan voor het bouwen van een nieuwe sporthal met ondersteunende functies en parkeervoorzieningen ter plaatse van de te slopen sporthal alsmede het kappen en snoeien van bomen en het verplaatsen van een duiker. De voorgenomen activiteit voldoet niet aan de regels van het omgevingsplan en is daarom een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Op basis van de toetsing van de activiteit op alle relevante aspecten voor de fysieke leefomgeving is het college van oordeel dat de activiteit voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Omdat het uitgangspunt van de Omgevingswet is dat er ruimte moet worden gegeven aan initiatieven in de leefomgeving (ja, mits benadering) en het plan voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’, heeft het college het voornemen om een vergunning te verlenen voor de aangevraagde activiteit. Op 29 april 2023 (RIS313814) heeft de gemeenteraad een lijst vastgesteld van categorieën BOPA’s waarvoor het college een bindend advies aan de raad moet vragen. Op 29 januari 2026 (RIS323971) heeft de gemeenteraad een aangepaste lijst vastgesteld met categorieën waarvoor bindend advies is vereist.

Met dit besluit tot aanpassing van de categorieën is de oorspronkelijke bijlage bij RIS313814 vervangen door de aangepaste lijst met categorieën. De aangevraagde activiteit valt in de categorie 1, lid a: ‘het in afwijking van de regels van het omgevingsplan realiseren van meer dan 1000 m 2 bruto vloeroppervlakte aan gebouwen voor andere functies dan wonen’ en categorie 1, lid e: ‘het realiseren van een nieuw hoofdgebouw dat de op grond van het omgevingsplan toegestane bouwhoogte met meer dan 30% overschrijdt’. Daarom vraagt het college de gemeenteraad om advies of de activiteit voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Het advies is bindend voor het besluit van het college op de aanvraag omgevingsvergunning. Bij een positief advies van de raad verleent het college de vergunning. Bij een negatief advies van de raad weigert het college de vergunning op basis van een onderbouwing van de raad waarom het plan niet voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Hieronder volgt een korte omschrijving van het initiatief en de uitkomst van de beoordeling van de voor de activiteit relevante aspecten.

Initiatief en procedure De activiteit waarvoor een omgevingsvergunning is aangevraagd, betreft het bouwen van een nieuwe sporthal met ondersteunende functies en parkeervoorzieningen ter plaatse van de te slopen sporthal alsmede het kappen en snoeien van bomen en het verplaatsen van een duiker op het adres Groen van Prinstererlaan 500. De activiteit past niet in de bouw- en gebruiksregels van het Omgevingsplan gemeente Den Haag (bestemmingsplan Rosenburg) voor wat betreft het gebruiken van de gronden voor sport waar dit niet is toegestaan door het realiseren van een deel van een nieuw sportgebouw, het bouwen van een deel van een gebouw buiten het bouwvlak, het overschrijden van de maximaal toegestane bouwhoogte van 8 meter met 15,52 meter door het realiseren van een nieuw hoofdgebouw, het gebruiken van de gronden voor een duiker waar dit niet is toegestaan, het realiseren van een duiker op een locatie waar, binnen het bestemmingsplan, geen functieaanduiding 'brug' is aangegeven.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/11063495

Het college heeft de activiteit beoordeeld op een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Op alle relevante aspecten valt de beoordeling positief uit. Omdat het uitgangspunt van de Omgevingswet is dat er ruimte moet worden gegeven aan initiatieven in de leefomgeving (ja, mits benadering) en het plan voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ vindt het college dat de vergunning kan worden verleend. Dit is alleen mogelijk met een positief advies van uw raad over de gevraagde buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Bij een negatief advies vragen wij uw raad om een nadere motivering waarom niet wordt voldaan aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Beoordeling Hierna volgt de beoordeling van de aspecten voor zover die relevant zijn voor de afweging of sprake is van een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Stedenbouw & Planologie De planologische en stedenbouwkundige beoordeling is positief en vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Er is onderzocht of er vanuit planologisch en stedenbouwkundig oogpunt redenen zijn die medewerking aan het initiatief kunnen rechtvaardigen. De komst van een moderne sporthal met ondersteunende functies in Loosduinen wordt gezien als een positieve ontwikkeling met meerdere positieve aspecten voor het bevorderen van gezondheid en sociale gemeenschapszin in Loosduinen.

Het aspect sport en de multifunctionele opzet van de beoogde sporthal vindt aansluiting bij relevant beleid op meerdere schaalniveaus. De Nationale omgevingsvisie (NOVI) benadrukt het belang van gezonde, leefbare steden waarin de omgeving uitnodigt tot sporten, bewegen en ontmoeten. De omgevingsvisie Zuid-Holland geeft richting aan duurzaam en efficiënt ruimtegebruik, waarbij nieuwe ontwikkelingen primair binnen bestaand stedelijk gebied dienen plaats te vinden en moeten bijdragen aan een gezonde, veilige en klimaatbestendige leefomgeving. Het initiatief betreft vervangende nieuwbouw binnen bestaand stedelijk gebied en sluit daarmee aan bij het uitgangspunt van verdichting en meervoudig ruimtegebruik zoals opgenomen in hoofdstuk 5 en 6 van de omgevingsvisie. De omgevingsvisie Den Haag 2050 (RIS322469) beschouwt sportvoorzieningen als vitale wijkfuncties die bijdragen aan gezondheid, ontmoeting en leefbaarheid. Sportfaciliteiten moeten meegroeien met de bevolking, en multifunctioneel gebruikt worden. Een multifunctioneel sportcomplex draagt bij aan een vitaal en levendig Loosduinen. De beoogde nieuwbouw beslaat een groter vloeroppervlak dan de huidige bebouwing. De uitbreiding zorgt ervoor dat een deel van de hal op het noorden van het plot in de bestemming ‘groen’ valt. Dit heeft onder andere effecten op de aanwezige bomen en de biodiversiteit langs de slootrand.

Gezien de waarde van de bomen aan de noordzijde van het gebouw die deels gekapt moeten worden is bekeken of het gebouw naar het zuiden verplaatst kan worden. De aanvrager heeft echter aangegeven dat de nieuwbouw gebonden zit aan de huidige positie gezien de verticale koppeling met de fundering van de huidige sporthal. Bovendien is er aan de zuidzijde onvoldoende ruimte om te schuiven met het gebouw door de inpassing van een stoep en parkeren. Gezien het hogere belang van de komst van een moderne sporthal is het voorstelbaar dat de nieuwe hal voor een deel binnen de huidige bestemming groen valt.

2/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/11063495

De bestaande sporthal heeft een hoogte van 8 meter, één bouwlaag met constructie. Het nieuwe gebouw krijgt een veel groter oppervlak voor sport en beslaat vijf lagen. De nieuwe hoogte van 23,5 meter voegt zich in de schaal van de gebouwen langs de Groen van Prinstererlaan en is akkoord, mits de schaduwwerking op het noordelijk gelegen woongebouw in beeld gebracht wordt en voldoet aan de bezonningsnorm. Om het parkeerterrein ten zuiden van het gebouw te kunnen ontsluiten is het van belang de brug (duiker) te verplaatsen, zodat deze recht aansluit op de parkeerstraat. Dat is in het voorstel het geval, maar sluit nu dicht aan op het gebouw waardoor het trottoir erg smal wordt (1.80m). De inrichting van de openbare ruimte wordt als voorwaarde in de vergunning gezet. Pas na akkoord van de ACOR kan er worden gebouwd. In de ruimte tussen het nieuwe gebouw en het te handhaven sportveldje achter de school aan de Albardastraat is de parkeervoorziening en de groen/water compensatie opgenomen in de vorm van een wadi tussen de parkeerstroken. Het parkeren bestaat uit drie stroken haaksparkeren van in totaal 82 plaatsen. Het hele programma is op zich vindingrijk ingepast maar kent nog enkele knelpunten. Dit moet nog verder worden uitgewerkt, maar is geen onderdeel van de omgevingsaanvraag.

Het buitenruimteplan moet verder uitgewerkt worden en zal als voorwaarde in de omgevingsvergunning worden opgenomen. Er mag pas gebouwd worden als de Adviescommissie openbare ruimte (Acor) het buitenruimteplan heeft goedgekeurd. Welstand De Adviescommissie omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed Den Haag heeft aan de hand van de Welstandsnota geoordeeld dat het plan voldoet aan redelijke eisen van welstand. De beoordeling op het aspect welstand vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Ten opzichte van het eerder beoordeelde ontwerp zijn de gevels, binnen het concept van afleesbare functies, flink aangepast. De gevels zijn voorzien van een raster dat het gebouw horizontaal en verticaal geleed, grotendeels ingevuld met profielplaten, glas en groen. Deze geleding toont de opzet van het gebouw en de diversiteit van functies. De twee uitzondering op dit principe zijn de entree en de twee sporthallen. De hallen die boven elkaar geplaatst worden, zijn afzonderlijk herkenbaar en onderscheiden zich van de andere geveldelen door een eigen kleur en gevelmateriaal. De entree wordt benadrukt door een volume dat uit het raster en naar buiten springt. Beide ‘afwijkingen’ voegen zich goed in het geheel en maken het sportcomplex een leesbaar gebouw. De inrichting van de buitenruimte zal worden beoordeeld door de Acor.

De commissie vraagt daarbij aandacht voor het gevelgroen, de groeiplaats daarvan en de keuze van de beplanting in relatie tot de omgeving. Parkeren De beoordeling op het aspect mobiliteit is positief en vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Op grond van het Omgevingsplan gemeente Den Haag (bestemmingsplan Parapluherziening (fiets)parkeren) is de parkeervraag voor motorvoertuigen en fietsen berekend op basis van de parkeernormen en berekeningsmethode, zoals opgenomen in de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 en de Beleidsregel Fietsparkeernormen Den Haag 2016.

3/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/11063495

Voor het bepalen van de parkeereis wordt eerst de normatieve autoparkeervraag berekend. Dit is de totale parkeernorm van de ontwikkeling. Vervolgens wordt er gekeken of er een percentage van de autoparkeervraag kan worden afgetrokken als in mobiliteitsalternatieven (bijvoorbeeld deelauto’s) wordt voorzien of als de parkeerplaatsen voor meerdere functies kunnen worden gebruikt door verschillende groepen (dit noemen wij dubbelgebruik). Op voorwaarde dat de parkeerplaatsen niet worden verkocht of verhuurd aan anderen dan gebruikers van het gebouw waarvoor de omgevingsvergunning is aangevraagd. Wanneer er sprake is van de voorgaande reductiefactoren en deze afgetrokken worden van de normatieve parkeervraag, houd je de maatgevende autoparkeervraag over. Het maatgevend moment is het moment waarop de verschillende functies binnen een programma gezamenlijk op basis van het aanwezigheidspercentage hun maximale autoparkeervraag hebben, ervan uitgaand dat parkeerplaatsen voor iedere parkeerder toegankelijk zijn. Bij verbouw of functiewijziging wordt de parkeereis gesaldeerd met de parkeerbehoefte van de laatste formele bestemming. Er is sprake van een nieuwbouwsituatie binnen zone naoorlogse stadswijken. Hierbij gaat het om het bouwen van een sporthal met ondersteunende functies ter plaatse van de te slopen sporthal en het kappen en snoeien van bomen.

In de nieuwe situatie bedraagt de normatieve autoparkeervraag 72,08 parkeerplaatsen. Het maatgevend moment voor de aanwezigheid van het parkeren is in de nieuwe situatie werkdagavond. De nieuwe situatie heeft op dat moment een autoparkeervraag van 72,08 parkeerplaatsen, waarmee er sprake is van een toename op het nieuwe maatgevend moment. Conform de Nota Parkeernormen Den Haag 2024 is de gestelde autoparkeereis een heel getal en in voorkomende gevallen afgerond op de gebruikelijke wijze. De parkeereis is daarmee vastgesteld op 72 parkeerplaatsen. Er is vastgesteld dat er aanvullende tribuneplaatsen zijn gerealiseerd Voor iedere tribuneplaats geldt een parkeerbehoefte van 0,1 welke nog aan de totale parkeerbehoefte moet worden toegevoegd. Dit kan leiden tot een toename van de benodigde parkeercapaciteit. Er zijn 700 tribuneplaatsen, dit betekent dat er een extra parkeerbehoefte bijkomt van 70 parkeerplaatsen. De parkeereis is daarmee vastgesteld op 142 parkeerplaatsen. De aanvraag voorziet in 82 parkeerplaatsen op eigen terrein, conform de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 4:2 en de kwaliteitseisen zoals opgenomen in artikel 1:7 uit de Nota Parkeernormen Den Haag 2024. De afmetingen van de ruimte voor het parkeren zijn afgestemd op gangbare personenauto’s. De ontwikkeling komt 60 parkeerplaatsen tekort.

(Toekomstige) bewoners en gebruikers komen niet in aanmerking voor een bewoners- en of bedrijfsparkeervergunning. Er is een notitie verkeersafwikkeling aangeleverd die beoordeeld is op bereikbaarheid en verkeersveiligheid van het bouwplan. Gebleken is dat de verkeersafwikkeling functioneel en veilig gewaarborgd blijft. Eventuele piekbelastingen als gevolg van de sportfunctie zijn tijdelijk en incidenteel van aard en worden als inherent aan het gebruik van de voorziening beschouwd. Deze leiden niet tot structurele knelpunten in de verkeersafwikkeling. De voorgenomen aanpassing van de openbare ruimte, bestaande uit het realiseren van een doorsteek, draagt bij aan een verbetering van de verkeerskundige ontsluiting. Gelet op het voorgaande wordt de ontwikkeling, vanuit verkeerskundig oogpunt, in overeenstemming geacht met een goede ruimtelijke ordening en verkeersveilig inpassing op de bestaande infrastructuur.

4/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/11063495

De aanvraag voldoet daarmee niet aan de vastgestelde parkeereis voor motorvoertuigen en daarmee niet aan het omgevingsplan ‘Parapluherziening (fiets)parkeren’. Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van de parkeereis voor motorvoertuigen als bedoeld in de planregels. Het college heeft besloten (RIS325472) de autoparkeereis te verlagen, omdat dit aantoonbaar in het algemeen maatschappelijk belang is. De ontwikkelaar toont aan dat het terrein efficiënt en zorgvuldig is ingepast, met behoud en compensatie van groen en noodzakelijke waterberging. Daarnaast draagt de positionering van het sportcomplex bij aan sociale veiligheid, terwijl de bereikbaarheid voor fietsers, voetgangers, OV-gebruikers en mensen met een beperking de afhankelijkheid van de auto vermindert. Tot slot zijn er afspraken gemaakt over de verhuur en het toestaan van grote toernooien en evenementen. Daarmee is een lagere parkeereis beleidsmatig verdedigbaar en passend binnen de gemeentelijke ambities voor duurzame en veilige gebiedsontwikkeling. Tevens hebben wij de parkeerbehoefte voor fietsen berekend op basis van de fietsparkeernormen en berekeningsmethode, zoals opgenomen in de Beleidsregels Fietsparkeernormen Den Haag 2016. Hierin zijn fietsparkeernormen vastgelegd voor kantoren, bedrijven en voorzieningen.

Voor woningen wordt de fietsparkeereis opgelost in de bergingen, voorgeschreven voor nieuwbouw in het Besluit bouwwerken leefomgeving. De locatie valt binnen de zone met een hoge fietsparkeernorm. De nieuwe fietsparkeerbehoefte bedraagt 181,87 fietsparkeerplaatsen op maatgevend moment werkdag-avond. Hiervan zijn 9 fietsparkeerplaatsen voor personeel (langparkeerders) en 173 fietsparkeerplaatsen voor bezoekers (kortparkeerders). De gesaldeerde fietsparkeerbehoefte voor langparkeerders is lager dan 10 fietsparkeerplaatsen. Het plan is daarmee vrijgesteld van de fietsparkeereis voor langparkeerders conform de beleidsregels. De locatie ligt in een gebied zonder afwijkend toepassingskader. De fietsparkeerbehoefte voor bezoekers ligt niet onder de vrijstellingsgrens van 30 fietsparkeerplaatsen. Conform de beleidsregels is het plan daarmee niet vrijgesteld van de fietsparkeereis van bezoekers. De aanvraag voorziet in 174 fietsparkeerplaatsen op eigen terrein. Deze fietsparkeerplaatsen zijn voldoende bereikbaar en zijn in afmetingen afgestemd op gangbare fietsen. Daarmee wordt voldaan aan de vastgestelde parkeereis voor fietsen en aan de algemene bouw- en gebruiksregels van het bestemmingsplan ‘Parapluherziening (fiets)parkeren’. Ecologie De beoordeling op het aspect ecologie is positief en vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen.

Op basis van de natuurtoets zijn functies van beschermde soorten uitgesloten met uitzondering van algemene broedvogels. Een vergunning flora-en-fauna-activiteit is niet noodzakelijk. Het is van belang bij de uitvoering de zorgplichtmaatregelen te volgen die in de natuurtoets staan beschreven om effecten. De werkzaamheden hebben geen effect op de Stedelijke Groene Hoofdstructuur. Uit het stikstofonderzoek met (inmiddels verouderde) Aeriusberekeningen van SPA WNP volgt dat zowel de aanlegfase als de nieuwe gebruiksfase leidt tot rekenresultaten > 0,00 mol/ha/jr. Om vast te stellen of significante gevolgen voor Natura 2000 uitgesloten kunnen worden, is een ecologisch rapport opgesteld. Dit is ter beoordeling aan de omgevingsdienst Haaglanden. Water Waterbeheerder Hoogheemraadschap Delfland heeft laten weten dat het plan het waterbelang voldoende in acht neemt. Deze beoordeling vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Er zijn in en rondom het plangebied geen waterkeringen gelegen.

5/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/11063495

Voor de uitwerking van het buitenruimteplan moet een aantal zaken beschreven worden in het plan. Hiertoe zal een voorschrift worden verbonden aan de omgevingsvergunning. Het college zal bij vergunningverlening de initiatiefnemer verzoeken de verharde en onverharde oppervlakken in de huidige en de toekomstige situatie inzichtelijk te maken en deze vervolgens in de watersleutel in te vullen. Als er een wateropgave uit de watersleutel volgt, verzoeken wij de initiatiefnemer te beschrijven, hoe de wateropgave gerealiseerd wordt. Delfland heeft voor het realiseren van de wateropgave de Richtlijn Compensatie Verharding (Vernieuwde Richtlijn Compensatie Verharding - Delfland) opgesteld, waaraan voldaan moet worden. Wij vragen de initiatiefnemer te beschrijven, hoe de voorgestelde maatregel hieraan voldoet. In de toelichting van het thema grondwater dient ingegaan te worden op de drooglegging. Ter voorkoming van grondwateroverlast adviseert Delfland de initiatiefnemer een drooglegging van 1,2 m met een minimum van 1,0 m aan te houden. Ten noorden en westen van het plangebied bevindt zich secundair boezemwater. In de watergang ten westen van het plangebied bevindt zich ook een dam met duiker. Voor het verplaatsen van de dam met duiker is een omgevingsvergunning wateractiviteit aangevraagd bij Delfland.

Het college zal bij vergunningverlening de initiatiefnemer verzoeken te beschrijven, hoe het onderhoud plaatsvindt en hoe het onderhoud kan blijven plaatsvinden, nadat de plannen gerealiseerd zijn. Werken (zoals het planten van bomen) in de beschermingszone van een oppervlaktewaterlichaam zijn vergunningsplichtig. Watersysteemkwaliteit en ecologie Wij verzoeken de initiatiefnemer te benoemen, hoe het plan aan het verbeteren c.q. het vergroten van de watersysteemkwaliteit, ecologie en biodiversiteit bijdraagt. Achteruitgang van de waterkwaliteit is niet toegestaan. Het college zal bij vergunningverlening de initiatiefnemer verzoeken te vermelden, hoe het plan klimaatbestendig ingericht wordt. De gemeente Den Haag heeft hiervoor een wegwijzer gemaakt. Grondwater De Omgevingsdienst Haaglanden heeft namens Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, laten weten dat het plan het belang van het beschermen van grondwater voldoende in acht neemt. Deze beoordeling vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Bodemkwaliteit De beoordeling op het aspect bodemgeschiktheid is positief. Het bodembelang is voldoende beschermd. Deze beoordeling vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Het bodemonderzoek gaat over het gehele terrein inclusief het niet onderzochte deel van de bodem onder de huidige sporthal.

Onder de huidige sporthal kan de bodem pas onderzocht worden als het bestaande gebouw is gesloopt. De sloopwerkzaamheden op de locatie worden niet als grondwerkzaamheden gezien. Ook zullen tot na het slopen van de huidige sporthal geen bouw- of graafwerkzaamheden worden uitgevoerd. Vanuit milieu hygiënisch oogpunt is er geen bezwaar om te starten met de sloopwerkzaamheden op het terrein, inclusief de huidige sporthal. Daarna kan het resterende bodemonderzoek ingediend worden. Aangezien de aangetroffen asbestverontreiniging alleen in de funderingslaag is aangetoond en niet in de bodem zelf en in het kader van de bouwwerkzaamheden het pad niet wordt opgebroken, vormt de aanwezigheid van deze verontreiniging geen probleem voor het verlenen van de omgevingsvergunning. Eén grondwatermonster van een peilbuis op het midden van het terrein voldoet aan de onderzoeksstrategie (VED-HE-NL). Omdat de strategie wel uitgaat van een correcte spreiding van

6/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/11063495

boringen over de locatie (inclusief het nog niet onderzochte locatie) zijn eventuele afwijkende zintuiglijke of analytische waarnemingen tijdens fase 2 van het bodemonderzoek relevant. Als ter plaatse van de huidige sporthal geen afwijkende waarnemingen worden gedaan die mogelijk wijzen op een grondwaterverontreiniging, is het plaatsen van een nieuwe peilbuis en de bemonstering en analyse van het grondwatermonster hiervan niet noodzakelijk. Financiële uitvoerbaarheid De beoordeling op het aspect financiële uitvoerbaarheid is positief en vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Participatie De aanvraag betreft een BOPA. Daarvoor is participatie door uw raad verplicht gesteld (RIS 313814). De aanvrager heeft voor de indiening van de aanvraag participatie ingevuld door een brief naar de omgeving te verzenden waarin deze werd uitgenodigd voor een informatieavond. Deze avond is gehouden en bijgewoond door één persoon. De wetgever heeft nadrukkelijk niet ingevuld hoe (verplichte) participatie moet plaatsvinden. Wel kan worden gesteld dat verplichte participatie ‘enige betekenis’ moet hebben en in verhouding moet zijn met de aard van het project en de impact op de omgeving. Het doel van participatie is om burgers in een vroegtijdig stadium te betrekken bij de besluitvorming, maar het gaat niet zó ver dat de inbreng van omwonenden van beslissende betekenis is.

De uitgevoerde participatie voldoet hieraan en vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Conclusie beoordeling De ontwikkeling hebben wij getoetst aan beleid, instructieregels en andere onderwerpen voor zover relevant voor een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Uit de beoordeling van de onderbouwing volgt dat de aangevraagde activiteit kan worden vergund met het oog op een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 2 juni 2026, besluit: I.

het college te adviseren om de vergunning voor de aangevraagde buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor het bouwen van een nieuwe sporthal met ondersteunende functies en parkeervoorzieningen ter plaatse van de te slopen sporthal alsmede het kappen en snoeien van bomen en het verplaatsen van een duiker op het adres Groen van Prinstererlaan 500 te verlenen.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van De griffier,

De voorzitter,

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17021659/1