RIS325415 Bijlage HEA Uitvoeringsagenda 2026-2027
Tekst van het document
Haagse Educatieve Agenda 2026-2032 Samen voor een sterke basis
Bijlage: Uitvoeringsagenda 2026-2027 Gemeente Den Haag Onderwijs, Cultuur & Welzijn mei 2026
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Inleiding Goed onderwijsbeleid vraagt om een duidelijke koers én het vermogen om mee te bewegen met een veranderende context, ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en technologische vernieuwingen zoals AI. Met de Haagse Educatieve Agenda (HEA), vastgesteld door de gemeenteraad, is die richting gegeven. De ambities maken duidelijk waar Den Haag naartoe werkt en waarom dat van belang is voor kinderen, jongeren en volwassenen, nu en later. De Uitvoeringsagenda vertaalt de HEA-ambities naar uitvoering en beschrijft welke gezamenlijke inzet nodig is om deze te realiseren. De Uitvoeringsagenda is een werkdocument en vooral bedoeld voor professionals en partners die op stedelijk, bovenschools of beleidsmatig niveau betrokken zijn bij de uitvoering van de HEA. De acties en afspraken richten zich op vraagstukken die het niveau van de individuele school of organisatie overstijgen. De uitwerking daarvan kan wel invloed hebben op de praktijk. De focus ligt op afspraken waarop partners binnen de HEA extra willen inzetten, aanvullend op ieders reguliere verantwoordelijkheid en met gezamenlijk commitment en organisatiekracht. Vanuit collectiviteit spreken partners met de Uitvoeringsagenda uit dat zij niet alleen bijdragen vanuit de eigen organisatie, maar ook medeeigenaar zijn van de gedeelde opgave. Dat betekent dat partners elkaar actief opzoeken, kennis delen en keuzes gezamenlijk dragen.
Waar knelpunten ontstaan, worden die benoemd en wordt bijgestuurd, zodat de voortgang op de ambities wordt vastgehouden. Zo houdt de Uitvoeringsagenda de ambities uit de HEA levend en verbonden met de praktijk. De Uitvoeringsagenda is een document dat op basis van monitoring en gespreksvoering iteratief wordt aangepast aan nieuwe inzichten, ontwikkelingen en opgaven die urgentie of prioriteit vragen. De Uitvoeringsagenda is geen verzameloverzicht van alle inzet van HEA-partners. Inzet die niet in de Uitvoeringsagenda is opgenomen, krijgt veelal vorm in de dagelijkse praktijk van organisaties, binnen wettelijke verantwoordelijkheden of via andere, waaronder regionale, samenwerkingen. Ook zijn successen uit de vorige HEA-periode geborgd in staand beleid, zoals de inzet op het jonge kind. De bekrachtiging vindt jaarlijks plaats in het wettelijk verplichte Op Overeenstemming Gericht Overleg, onderdeel van het Kamerbreed. De eerste Uitvoeringsagenda: het fundament Het werken met één gezamenlijke Uitvoeringsagenda is een eerste stap naar een samenhangende en structurele manier van samenwerken. Een dergelijke werkwijze vraagt tijd om zich in de praktijk te bewijzen en om partners te laten toegroeien naar goede afstemming en gezamenlijk eigenaarschap.
In deze eerste Uitvoeringsagenda ligt het accent op het realiseren van een stevig fundament onder de samenwerking: het versterken van relaties, organiseren van afstemming en het creëren van randvoorwaarden waarop in de komende zes jaar kan worden voortgebouwd. De Uitvoeringsagenda 2026–2027 geeft daarmee richting aan de eerste fase van een meerjarige inzet. Niet alle doelen worden binnen deze periode bereikt. Voor een deel van de opgaven markeert deze Uitvoeringsagenda het begin van een beweging die in volgende uitvoeringsagenda’s verder wordt uitgewerkt. Tegen die achtergrond is het in deze fase nog niet op alle onderdelen mogelijk om concrete doelstellingen te formuleren. De komende jaren wordt toegewerkt naar scherpere afspraken en concretere doelstellingen. Prioritering en fasering De HEA heeft een looptijd van zes jaar. Veel vraagstukken vragen om langdurige aandacht, terwijl de context in de stad kan veranderen door landelijke ontwikkelingen, demografische veranderingen, ontwikkelingen op de arbeidsmarkt of nieuwe inzichten. Daarom werken partners met prioritering en fasering: wat wordt nu opgepakt en wat volgt later. De Uitvoeringsagenda brengt daarbij twee sporen samen: gerichte investeringen waar dat nodig is én gezamenlijke acties die vragen om afstemming, commitment en organisatiekracht. Opbouw De Uitvoeringsagenda is opgebouwd langs de ambities van de HEA.
De strategische en tactische doelen vormen het uitgangspunt en zijn direct afgeleid van de HEA. Per ambitie worden deze doelen vertaald naar operationele doelen en werkafspraken. Zo ontstaat een duidelijke lijn van koers naar uitvoering: van het langetermijnperspectief uit de HEA, naar praktische afspraken over wat partners doen, met wie en wanneer.
Pagina 2
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Ambitie 1: Bouw aan sterke sectoroverstijgende netwerken Beleidskader Haagse Educatieve Agenda 2026-2032 Een gezonde ontwikkeling begint bij een omgeving waarin kinderen en jongeren zich veilig, gezien en gesteund voelen - in het gezin, in de kinderopvang, op school en daarbuiten. Wanneer zij te maken hebben met armoede, ontwikkelingsachterstand, niet zichzelf kunnen zijn of meervoudige problematiek, raakt dit direct hun leer- en ontwikkelproces. Een verkokerde aanpak vanuit afzonderlijke sectoren zoals onderwijs, zorg of jeugdhulp schiet dan tekort. Kinderen en jongeren moeten kunnen rekenen op een stevige basis, thuisnabij en gevormd door samenwerking tussen scholen, jeugdhulp, zorg- en welzijnsorganisaties, gemeente, politie, verenigingen en ouders.
Hoofdopgave eerste uitvoeringsagenda 2026/2027 Ambitie 1 gaat niet over wat we doen, maar over hoe we dat doen. Het gaat om efficiënt en effectief samenwerken, met als doel goed onderwijs te bieden en passende ondersteuning te organiseren voor kinderen, jongeren en volwassenen, aansluitend op de context waarin zij leven en opgroeien. Ambitie 1 vormt daarmee een belangrijke basis onder de overige ambities. Voor een sterke pedagogische basis is brede samenwerking nodig tussen onder meer kinderopvang, onderwijs, zorg, veiligheid, jeugd, welzijn en ouders. Dit moet bijdragen aan het terugdringen van urgente problematiek, zoals thuiszitten, voortijdig schoolverlaten (vsv) en schooluitval. Ook draagt dit eraan bij dat kinderen zich op school optimaal kunnen ontwikkelen, zowel cognitief als sociaalemotioneel. Binnen de gemeente vraagt ambitie 1 om sterke verbindingen en goede afstemming tussen diensten, zodat beleid, uitvoering en ondersteuning elkaar versterken en goed aansluiten bij wat in de praktijk nodig is. Daarnaast raakt ambitie 1 direct aan de vraag hoe de kennis en expertise die al in de stad aanwezig zijn, goed kunnen worden verbonden en benut. Die expertise komt samen in formele en informele netwerken, waarin professionals elkaar ontmoeten, kennis delen en samenwerken aan vraagstukken.
Het verbeteren van de netwerksamenwerking benaderen we vanuit twee dimensies: enerzijds het versterken van de relatie, het leren kennen van elkaars visie en het spreken van dezelfde taal, anderzijds het maken van concrete werk- en procesafspraken. Een veilige leer- en ontwikkelomgeving is een essentiële randvoorwaarde voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Daarom worden veiligheidspartners binnen de HEA gezien als belangrijke samenwerkingspartners bij het versterken van een stevige pedagogische basis. De Inspectie van het Onderwijs (2026) constateert echter dat het aantal door leerlingen gedane meldingen van fysiek geweld toeneemt. Er zijn bovendien aanwijzingen dat jongeren steeds vaker betrokken zijn bij vormen van online crimineel gedrag, zoals seksueel grensoverschrijdend gedrag, bedreiging, intimidatie en cybercrime (Toezicht Sociaal Domein, 2026b). Maatschappelijke ontwikkelingen, zoals het tegengaan van discriminatie, racisme, uitsluiting van queerjongeren, antisemitisme, anti-islamitische sentimenten, verharde omgangsvormen en criminaliteit, werken eveneens door in de schoolcontext. Dit onderstreept het belang van intensieve samenwerking tussen onderwijs en veiligheidspartners. Inzet uitvoeringsagenda 2026/2027 Tactisch doel
Inzet
Integrale aanpak met informele en formele netwerken
• Gerichte inventarisatie van formele en informele netwerken • Analyseren van good practices van goed functionerende (wijk)netwerken en vertalen naar werkkaders • Uitwerken vervolgstappen Kennisnetwerk Jonge kind
Doorbreken van schotten
• Inrichten bestuurlijk team kinderopvang – onderwijs – jeugdhulp - gemeente
Pagina 3
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
• Actualiseren Privacy Convenant Onderwijs Jeugd uit 2021 • Uitwerken van protocollen en afspraken financiële verantwoordelijkheid voor gezamenlijke voorzieningen.
Toelichting op inzet 2026/2027 Bij tactisch doel 1: Integrale aanpak met informele en formele netwerken Gerichte inventarisatie van formele en informele netwerken. We voeren een inventarisatie uit van formele en informele netwerken die bijdragen aan goed onderwijs en goede kinderopvang. De gemeente neemt hierin de regie en werkt daarbij samen met betrokken partners. Dit moet leiden tot een overzicht van relevante netwerken, als basis voor het later verspreiden van good practices en werkkaders. Daarbij onderscheiden we netwerken rond voortgezet onderwijs, primair onderwijs en kinderopvang, evenals netwerken gericht op preventie, casuïstiek, inclusief onderwijs en veiligheid. Analyseren van good practices van goed functionerende (wijk)netwerken en vertalen naar werkkaders. We onderzoeken op basis van good practices uit Zuidwest, het Leernetwerk Jonge Kind, het actieonderzoek naar de pedagogische basis en voortbouwend op de gebiedsplannen inclusieve kinderopvang, wat een effectieve structuur is voor netwerksamenwerking en welke rol de gemeente daarin heeft. De analyse moet inzicht bieden in werkzame elementen en werkwijzen die ook in andere wijken kunnen worden ingezet. De inzichten worden vertaald naar werkkaders voor professionals. Uitwerken vervolgstappen Kennisnetwerk Jonge Kind.
We bepalen hoe de volgende fase van het netwerk wordt ingericht om de samenwerking te versterken en de aansluiting tussen kinderopvang en primair onderwijs duurzaam te borgen. De gemeente faciliteert dit proces en stelt middelen beschikbaar voor onderzoek en kennisdeling. Onderwijsbesturen en kinderopvangpartners zorgen voor de verbinding met de praktijk en De Haagse Hogeschool inhoudelijke expertise inbrengt vanuit kennis en onderzoek. Samen werken de partijen aan een plan van aanpak voor de komende HEA-periode. Dit moet leiden tot een netwerk dat blijvend bijdraagt aan de kwaliteit van het aanbod aan jonge kinderen in Den Haag. Bij tactisch doel 2: Doorbreken van schotten Inrichten bestuurlijk team kinderopvang – onderwijs – jeugdhulp - gemeente. We richten een bestuurlijk team in als onderdeel van een drielaagse governancestructuur rond de tool OndersteunSamen. Deze structuur bestaat uit professionals uit de uitvoering, een beleidsteam en een bestuurlijk team. Professionals uit de uitvoering brengen stagnaties bij sectoroverstijgende vraagstukken op het snijvlak van onderwijs, kinderopvang en jeugdhulp in bij het beleidsteam. Daarin zijn kinderopvang, onderwijs, jeugdhulp en gemeente vertegenwoordigd. Het beleidsteam analyseert de vraagstukken en doet verbetervoorstellen aan het bestuurlijk team. Het bestuurlijk team stelt kaders, mandaten en richtinggevende keuzes vast.
Het beleidsteam werkt deze uit in werkwijzen, materialen en geactualiseerde versies van tools en vertaalt ze naar de uitvoering. De focus ligt op het grijze gebied waar onderwijs, jeugdhulp en kinderopvang vanuit wet- en regelgeving gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de ondersteuning van kinderen en jongeren. Het bestuurlijk team en de governancestructuur richten zich op dit domeinoverstijgende vraagstuk. Actualiseren Privacy Convenant Onderwijs Jeugd uit 2021 De sectoroverstijgende samenwerkingspraktijk wordt
soms onnodig belemmerd door onduidelijkheid over de mogelijkheden voor informatie-uitwisseling, terwijl de wettelijke kaders daarvoor in bepaalde situaties wel degelijk ruimte bieden. Heldere, gedeelde duiding, richtlijnen en handelingskaders zijn nodig om professionals hierin te ondersteunen. De gemeente, het onderwijs, de jeugdhulp en de kinderopvang actualiseren daarom het bestaande Privacy Convenant Onderwijs Jeugd uit 2021 over privacygevoelige informatie-uitwisseling, zodat professionals in de samenwerking weten wat kan, wanneer dat kan en hoe dit wordt vastgelegd.
Pagina 4
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Uitwerken van protocollen en afspraken financiële verantwoordelijkheid voor gezamenlijke voorzieningen. Onduidelijkheid over de afbakening van bekostigingsverantwoordelijkheden kost tijd en belemmert de voortgang in het grijze gebied. Middelen zijn niet onbeperkt en prioritering is noodzakelijk. SWVZHW, Kracht en rondomJou werken in 2026 een financiële verdeelsleutel uit bij een lijst van gezamenlijke aanbieders en voorzieningen waar onderwijs en jeugdhulp samenkomen voor leerlingen die tijdelijk, om uiteenlopende redenen niet naar school kunnen.
Pagina 5
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Ambitie 2: Samen leren – ononderbroken ontwikkeling in inclusief en taalrijk onderwijs Beleidskader Haagse Educatieve Agenda 2026-2032 In Den Haag streven we naar een stad waarin ieder kind en iedere jongere de kans krijgt om zich optimaal te ontwikkelen. Dat vraagt om een aanbod dat inclusief, taalrijk en samenhangend is – van de vroegste jaren tot en met het vervolgonderwijs. Ambitie 2 richt zich op het versterken van die doorgaande ontwikkellijn, met speciale aandacht voor kwetsbare momenten in de schoolloopbaan, gelijke kansen op taalontwikkeling en de waarde van leren binnen én buiten het klaslokaal.
Hoofdopgave eerste uitvoeringsagenda 2026/2027 In deze eerste Uitvoeringsagenda werken we aan het verder verstevigen van de samenwerking tussen onderwijssectoren, kinderopvang en ondersteunende organisaties, met als doel een ononderbroken ontwikkeling voor alle kinderen, in het bijzonder voor kinderen die extra ondersteuning of zorg nodig hebben. Vroege signalering en tijdige ondersteuning zijn daarbij essentieel. Daarom zetten we in op een sterke toeleidingsstructuur en een warme overdracht bij overstapmomenten, met effectieve kennis- en informatieoverdracht tussen professionals, zoals uiteengezet in ambitie 1. In het primair onderwijs en voortgezet onderwijs versterken we de ondersteuningsstructuur door specialistische ondersteuning dichter bij het reguliere onderwijs te organiseren, onderwijs-zorglocaties te ontwikkelen en het Orthopedagogisch Didactisch Centrum (OPDC) Zuid-Holland West verder ambulant in te zetten. Versterking van het taalonderwijs is een belangrijke opgave in de stad. Het tegengaan van taalachterstanden heeft prioriteit, evenals het verstevigen en uitbreiden van het onderwijsaanbod voor nieuwkomers. Hoewel er verschillende gerichte trajecten bestaan rond de overstap van primair naar voortgezet onderwijs, zijn de aansluiting en doorstroom niet voor alle leerlingen optimaal.
Ook is het aanbod, door de groeiende groep nieuwkomers en leerlingen met taalachterstanden, niet altijd toereikend. Dit vraagt om verdere versterking van en samenhang in de doorlopende taallijn, ook bij de overstap van voortgezet onderwijs naar mbo, zodat leerlingen zich duurzaam kunnen ontwikkelen. Tot slot zetten de HEA-partners in op het versterken van en deelnemen aan brede ontwikkelactiviteiten, zoals excursies, sport en cultuur. Binnen deze fase van de uitvoeringsagenda verkent het netwerk welke maatregelen nodig zijn om structureel te borgen dat alle kinderen hier toegang toe behouden.
Inzet uitvoeringsagenda 2026/2027 Tactisch doel
Inzet
1. Kansrijk in- en doorstromen
• Versterken van de doorgaande lijn voorschoolse educatie naar primair onderwijs • Ontwikkelen aanpak voor tijdige schoolinschrijving van vierjarigen • Bevorderen van een soepele overstap van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs
2. Taalonderwijs
• Ontwikkelen stedelijk plan nieuwkomersonderwijs • Vernieuwen samenwerkingsafspraken met Bibliotheek Den Haag
3. Inclusieve kinderopvang en inclusief onderwijs
• Structureel borgen van startklassen • Doorontwikkelen inclusieve kinderopvang en leer- en ontwikkelgroepen • Versterken samenwerking tussen gespecialiseerd en regulier onderwijs • Versterken schoolaanwezigheidsaanpak
Pagina 6
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
• Voorkomen van schooluitval door collectieve en ambulante ondersteuning • Verkenning signalering en ondersteuning dubbel-bijzondere (hoogbegaafde) leerlingen • Organiseren samenwerking rond afbouw gesloten jeugdhulp • Analyseren inclusieve onderwijshuisvesting 4. Brede ontwikkeling
• Verankeren cultuureducatie in het onderwijs • Verkenning maatregelen tegen financiële uitsluiting brede ontwikkelactiviteiten • Sport: Versterking van motorische vaardigheden en wijkverbinding
Toelichting op inzet 2026/2027 Bij tactisch doel 1: Kansrijk in- en doorstromen Versterken van de doorgaande lijn voorschoolse educatie naar primair onderwijs. De inzet van de afgelopen jaren om het bereik van voorschoolse educatie te vergroten, is succesvol gebleken en wordt daarom voortgezet. Tegelijkertijd vernieuwen kinderopvanglocaties, onderwijs en gemeente de resultaatafspraken voor voorschoolse educatie, zodat kinderen met een stevige basis instromen in het primair onderwijs. Daarbij wordt vastgelegd hoe kinderopvang en basisonderwijs samenwerken en zorgen voor een zorgvuldige overdracht. Zo ontstaat een sterke doorgaande lijn en kunnen kinderen zich ononderbroken ontwikkelen. Ontwikkelen aanpak voor tijdige schoolinschrijving van vierjarigen. Cijfers uit 2026 laten zien dat circa 500 vierjarige kinderen in Den Haag, ongeveer 10% van het totaal, niet staan ingeschreven op een basisschool. Onderwijs en gemeente ontwikkelen daarom samen via AanmeldenPO een sluitende aanpak om alle driejarigen tijdig in beeld te krijgen en ouders te stimuleren hun kind op tijd aan te melden. Daarmee streven we ernaar dat zoveel mogelijk kinderen op vierjarige leeftijd staan ingeschreven op een basisschool. Bevorderen van een soepele overstap van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs.
Om leerlingen beter te ondersteunen bij de kwetsbare overstap van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs, investeren we in maatregelen die een soepele overgang bevorderen. De samenwerkingsverbanden SPPOH en SWVZHW intensiveren hun inzet voor leerlingen met ondersteuningsbehoeften. Vanaf 2027 richten zij proeftuinen in om deze leerlingen al vanaf groep 7 beter in beeld te brengen. Daarnaast werkt BOVO Haaglanden vanaf schooljaar 2026–2027 samen met de regio Delflanden om ongewenste concurrentie-effecten door aanmeldingen vanuit grensgemeenten te voorkomen. Bij tactisch doel 2: Taalonderwijs Ontwikkelen stedelijk plan nieuwkomersonderwijs. Schoolbesturen in het primair en voortgezet onderwijs werken in 2026 aan twee afzonderlijke plannen die inzicht geven in een gedeelde visie en aanpak voor de organisatie van het nieuwkomersonderwijs. Deze plannen richten zich op de spreiding van de instroom, borging van expertise, differentiatie van leerroutes en de inrichting van voorzieningen voor nieuwkomerskinderen met extra ondersteuningsbehoeften. Er is behoefte aan uitbreiding van leerroutes en onderwijsomgevingen, zowel in het primair als in het voortgezet onderwijs, waarin nieuwkomers die taalonderwijs nodig hebben ook passende pedagogische en didactische begeleiding krijgen.
In dat kader werkt het SWVZHW samen met de ISKscholen in schooljaar 2026–2027 gericht aan de ontwikkeling van cluster 3- en cluster 4-onderwijs voor ISK-leerlingen. Daarnaast is aandacht nodig voor overdrachtsmomenten en doorstroommogelijkheden op een passend niveau naar de volgende onderwijsfase, zodat een doorlopende ontwikkeling en taallijn worden gewaarborgd.
Pagina 7
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Vernieuwen samenwerkingsafspraken met Bibliotheek Den Haag. Het onderwijs en Bibliotheek Den Haag werken al meerdere jaren succesvol samen aan het versterken van taal en lezen in de stad. Belangrijke voorbeelden zijn De Bibliotheek op School, beschikbaar in het primair en voortgezet onderwijs en in het mbo, en BoekStart in de kinderopvang. Deze initiatieven zijn de afgelopen jaren uitgevoerd binnen het Actieplan Taal. Omdat dit actieplan na 2026 afloopt, maken gemeente en bibliotheek dit jaar nieuwe, zelfstandige samenwerkingsafspraken waarin de succesvolle actielijnen worden voortgezet. Bij tactisch doel 3: Inclusieve kinderopvang en inclusief onderwijs Structureel borgen van startklassen. In schooljaar 2023–2024 zijn startklassen gestart als tweejarige pilot voor kinderen die extra ondersteuning nodig hebben om in te stromen in het basisonderwijs. In schooljaar 2026– 2027 maken de gemeente, SPPOH, Kracht en rondomJou afspraken over de doorontwikkeling en borging van deze startklassen. Doorontwikkelen inclusieve kinderopvang en leer- en ontwikkelgroepen. We werken verder aan de verbinding tussen inclusieve kinderopvang en het basisonderwijs. Specialistische kinderopvangvoorzieningen ontwikkelen zich door tot leer- en ontwikkelgroepen voor kinderen tot 4 jaar.
In aansluiting daarop worden, in samenwerking met SPPOH, binnen het primair onderwijs leer- en ontwikkelgroepen ingericht voor kinderen tot 6 jaar. Hiermee vergroten we de onderwijsdeelname van kinderen die leerbaar zijn en de potentie hebben om door te stromen, maar daarbij structurele ondersteuning nodig hebben. Kracht en rondomJou nemen hiervoor het initiatief en betrekken het onderwijsveld actief. We werken toe naar de realisatie van in totaal 150 leer- en ontwikkelplekken voor kinderen van 2,5 tot 6 jaar in 2028. Versterken samenwerking tussen gespecialiseerd en regulier onderwijs. In het primair en voortgezet onderwijs versterken en verbreden we de samenwerking tussen gespecialiseerd en regulier onderwijs, in lijn met de ondersteuningsplannen van SPPOH en SWVZHW. Dit doen we door gerichte kennisuitwisseling tussen professionals te faciliteren en combinatievoorzieningen te ontwikkelen, waarbij leerlingen uit het (voortgezet) speciaal onderwijs les volgen binnen een reguliere school. Daarmee vergroten we de mogelijkheden voor leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften om onderwijs te volgen in een zo regulier mogelijke context. Dit verbreedt hun toegang tot verschillende leerroutes en versterkt hun kansen op een passende vervolgopleiding of werkplek. Versterken schoolaanwezigheidsaanpak.
In schooljaar 2026–2027 neemt de gemeente, in samenwerking met onderwijs en partners, het initiatief voor een stadsbreed plan van aanpak schoolaanwezigheid. Dit plan richt zich op het versterken van een positief en veilig schoolklimaat en vormt de preventieve basis voor de verzuimaanpak binnen scholen. Daarin wordt beschreven wat nodig is om schoolaanwezigheid als werkwijze te implementeren en biedt een kader voor verdere gezamenlijke uitwerking met onder andere SWVZHW, Leerplicht en de JGZ. Daarbij wordt voortgebouwd op bestaande ervaringen en opbrengsten. In 2027 starten drie kleinschalige pilots in het voortgezet onderwijs om de uitvoerbaarheid te toetsen. Voorkomen van schooluitval door collectieve en ambulante ondersteuning. In het voortgezet onderwijs werkt SWVZHW aan uitbreiding van de Traject op Maat-voorzieningen (TOM) naar alle scholen. Deze collectieve onderwijsondersteuning, per school afgestemd op de eigen leerlingenpopulatie, helpt uitval te voorkomen en verkleint de noodzaak tot doorstroom naar gespecialiseerd onderwijs. Daarnaast worden de mogelijkheden verkend voor collectieve jeugdhulp die aansluit op de TOM-voorzieningen, zodat onderwijs en ondersteuning beter op elkaar aansluiten.
Parallel daaraan wordt de expertise van het OPDC steeds vaker ambulant en binnen reguliere scholen ingezet, zoals de ambulante dienst schoolontwikkeling dit doet in het primair onderwijs. Zo kunnen leerlingen zo veel mogelijk op hun eigen school blijven.
Pagina 8
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Verkenning signalering en ondersteuning dubbel-bijzondere (hoogbegaafde) leerlingen Aanhoudende signalen van ouders en hulpverleners wijzen op behoefte aan meer kennis en een passend aanbod voor zogenoemde dubbel-bijzondere leerlingen: kinderen met begaafdheidskenmerken in combinatie met ontwikkelings- of psychische problematiek. Daarom brengt de gemeente in schooljaar 2026–2027, samen met SPPOH, SWVZHW, schoolbesturen en jeugdpartners, in kaart hoe deze leerlingen binnen het onderwijs worden gesignaleerd, welke ondersteuning leraren nodig hebben voor tijdige herkenning en begeleiding, en waar kansen liggen om de aanpak en het ondersteuningsaanbod te versterken. Dit gebeurt conform de moties Hoogbegaafdheid Beter in Beeld (RIS324314) en Maak dekkend onderwijsaanbod inzichtelijk in uitvoerings- en monitoringsagenda HEA (RIS324306). Organiseren samenwerking rond afbouw gesloten jeugdhulp. Landelijk wordt toegewerkt naar de afbouw van de gesloten jeugdhulp in 2030. Dit heeft ook gevolgen voor het onderwijs in onze regio. Voor Den Haag betekent dit dat voor ruim vijftig jongeren een passende alternatieve onderwijsplek moet worden georganiseerd of dat bestaande onderwijs-zorgalternatieven moeten worden versterkt.
Dit vraagt om intensieve samenwerking tussen onderwijs, zorg en veiligheid en om voldoende voorbereidingstijd om tijdig een veilige en passende onderwijssetting beschikbaar te hebben. Deze samenwerking wordt in 2027 verder geïntensiveerd. Analyseren inclusieve onderwijshuisvesting. In 2026 start de gemeente, in samenwerking met schoolbesturen, een verkenning naar de fysieke randvoorwaarden die nodig zijn om inclusief onderwijs in schoolgebouwen te realiseren. Deze verkenning leidt tot een overzicht van criteria, gebaseerd op een beleidsmatige visie op de spreiding van doelgroepen en onderwijsvoorzieningen. Daarnaast brengen we kansen en belemmeringen in kaart voor de inrichting van inclusieve onderwijshuisvesting, zowel in bestaande bouw als bij nieuwbouw. Bij tactisch doel 4: Brede ontwikkeling Verankeren cultuureducatie in het onderwijs. Deelname aan cultuur draagt bij aan het welzijn en de sociaalemotionele ontwikkeling van kinderen. Samen met culturele aanbieders en het onderwijs zet de gemeente in op structurele verankering van cultuureducatie in het onderwijs en op gelijke toegang tot een divers cultureel aanbod voor iedere leerling. De uitwerking van deze ambitie is belegd in de nieuwe Nota Cultuureducatie en Cultuurparticipatie 2025–2028 (RIS322657). Verkenning maatregelen tegen financiële uitsluiting brede ontwikkelactiviteiten.
De gemeente verkent samen met scholen, schoolbesturen en partners welke maatregelen nodig zijn om te borgen dat geen enkel kind om financiële redenen wordt uitgesloten van onderwijsactiviteiten of programma’s voor brede ontwikkeling. Op basis van deze verkenning wordt bezien welke mogelijkheden er zijn, wat daarvoor nodig is en hoe deze kunnen worden uitgewerkt en opgenomen in de Uitvoeringsagenda, conform de motie Elk kind doet mee (RIS324312). Sport: versterking van motorische vaardigheden en wijkverbinding: De motorische vaardigheden van kinderen van 4 tot 12 jaar nemen af. Daarom krijgt het stimuleren van brede motorische vaardigheden een nadrukkelijke plek binnen de komende HEA-periode. In 2026 werkt de gemeentelijke werkgroep schoolsport, met DHS, Lucas Onderwijs en SCOH als leden van de klankbordgroep, aan vernieuwing van de subsidieregeling. In deze subsidieregeling ligt de nadruk expliciet op het stimuleren van brede motorische vaardigheden. Ook wordt ingezet op een sterkere verbinding met voorzieningen in de wijk, in lijn met de bredere ambitie van een geïntegreerde wijkaanpak die bijdraagt aan een stevige pedagogische basis.
Pagina 9
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Ambitie 3: Professionals in positie – voor het onderwijs van vandaag en morgen Beleidskader Haagse Educatieve Agenda 2026-2032 Kinderen en jongeren moeten kunnen rekenen op ondersteunende en veilige leeromgevingen. Goed opgeleide, kundige en gemotiveerde professionals zijn daarvoor een randvoorwaarde. In Den Haag investeren we in ruime ontwikkel- en professionaliseringsmogelijkheden, met bijzondere aandacht voor (onderwijs)vaardigheden passend bij de beweging naar inclusieve kinderopvang en inclusief onderwijs en lesgeven binnen een grootstedelijke context.
Hoofdopgave eerste uitvoeringsagenda 2026/2027 Kinderen en jongeren ontwikkelen zich het best vanuit een sterke pedagogisch-didactische basis. Een stimulerend leerklimaat voor professionals is daarbij onmisbaar. Zeker in een tijd waarin personeelstekorten en maatschappelijke druk toenemen, de grootstedelijke context veeleisend is en de beweging naar inclusief onderwijs verder vorm krijgt, is het essentieel dat professionals zich blijvend kunnen ontwikkelen. Op dit moment zijn de ontwikkelmogelijkheden voor pedagogisch medewerkers en leraren versnipperd en onvoldoende overzichtelijk. Met de start van het landelijke programma Nationale Aanpak Professionalisering Leraren (NAPL), onder regie van het ministerie van OCW, worden de eerste stappen gezet richting een meer samenhangend en doorlopend professionaliseringsaanbod voor leraren in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. Ook op regionaal niveau, binnen de Onderwijsregio Haaglanden, wordt stevig ingezet op versterking van de samenwerking rond professionalisering en kennisdeling tussen ko, po, vo, mbo, hbo en wo. De inzet vanuit de HEA-Uitvoeringsagenda is aanvullend op landelijke en regionale interventies. Daarom richten we ons specifiek op de Haagse grootstedelijke context, onder meer via het programma Gebiedsgericht Opleiden (RIS324047).
Daarnaast inventariseren we de mogelijkheden om opleiding en professionalisering meer sectoroverstijgend en in samenhang te organiseren. Goed lopende projecten worden via de Uitvoeringsagenda verder gebracht door deze te verbinden met andere partners, gericht te versterken waar nodig of, waar passend, stedelijk of regionaal op te schalen.
Inzet uitvoeringsagenda 2026/2027 Naast de reguliere inzet – waaronder het Haags Inductieprogramma voor het voortgezet onderwijs, Studenten voor Educatie en het professionaliseringsprogramma voor vakprofessionals – richten we ons in 2026/2027 op onderstaande operationele doelen. Tactisch doel
Inzet
1. Samen opleiden en ontwikkelen
• Opzetten Haagse kennistafel Opleiden & Professionaliseren (ko/po/vo/mbo/hbo/wo) • Haagse kennisinstellingen betrekken voor een gefundeerde aanpak • Ruimte, capaciteit en expertise verkennen voor de opzet van Haagse proeftuinen • Werkafspraken maken over monitoring, kennisdeling en borging
2. Opleiden in/voor de Haagse context
• Gebiedsgericht en grootstedelijk opleiden uitbreiden binnen bestaande partnerschappen • Scholingsbehoefte kinderopvang inventariseren
Pagina 10
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Toelichting op inzet 2026/2027 Bij tactisch doel 1: Samen opleiden en ontwikkelen Opzetten Haagse kennistafel Opleiden & Professionaliseren. We starten in 2026 met de inrichting van een Haagse kennistafel waar inhoudelijk betrokkenen vanuit de kinderopvang, onderwijs, de lerarenopleidingen en kennisinstellingen gezamenlijke vraagstukken op elkaar afstemmen. De kennistafel richt zich op de specifieke Haagse grootstedelijke context en op het versterken van sectoroverstijgend leren. Op basis van onderzoek, ervaringen van Haagse voorloperscholen en proeftuinen brengt de kennistafel in beeld welke innovatie, versnelling of gerichte investering wenselijk is. Waar nodig sluiten relevante partners aan, zowel vanuit het onderwijs, zoals de samenwerkingsverbanden passend onderwijs, als vanuit andere sectoren, zoals jeugd, welzijn en aanpalende domeinen. Zo ontstaat een breed gedragen samenwerkingsstructuur die richting geeft aan stedelijke keuzes en bijdraagt aan de duurzame versterking van opleidings- en professionaliseringsinitiatieven in Den Haag. De gemeente Den Haag neemt het initiatief tot het opstarten van deze kennistafel en vervult daarbij, in overleg met de deelnemende partijen, een faciliterende rol. Haagse kennisinstellingen betrekken voor een gefundeerde aanpak. Binnen de kennistafel betrekken we actief de expertise van Haagse kennisinstellingen.
Zij brengen onderzoeks- en praktijkinzichten in, ondersteunen bij het analyseren van stedelijke vraagstukken en dragen bij aan de duiding van resultaten uit voorloperscholen en proeftuinen. Door Haagse kennisinstellingen als onderzoekspartners te betrekken (waar passend in verbinding met de huisacademies en opleidingsscholen die Den Haag rijk is) versterken we de kwaliteit, onderbouwing en toepasbaarheid van de opbrengsten van de Haagse kennistafel. In 2026 gaan we hierover met elkaar in gesprek en verkennen we welke rol kennisinstellingen binnen de kennistafel kunnen vervullen. Ruimte, capaciteit en expertise verkennen voor de opzet van Haagse proeftuinen. Kinderopvang, onderwijs, lerarenopleidingen en kennisinstellingen verkennen gezamenlijk welke ruimte, capaciteit en expertise beschikbaar kunnen worden gemaakt om nieuwe vormen van leren en professionaliseren te toetsen. Daarbij hebben we nadrukkelijk oog voor Haagse voorloperlocaties. De beoogde proeftuinen bieden een concrete omgeving om vernieuwende aanpakken te ontwikkelen en te beproeven, zodat deze, wanneer zij kansrijk blijken, breder kunnen worden toegepast binnen andere scholen, wijken of sectoren. Werkafspraken maken over monitoring, kennisdeling en borging. We maken in 2026 werkafspraken over opbrengsten, monitoring, kennisdeling en borging.
Deze afspraken zorgen voor een consistente en transparante manier van volgen, leren en delen binnen de stad en vormen de basis voor een meer samenhangende en lerende Haagse praktijk. Daarbij is er structurele afstemming met de Onderwijsregio Haaglanden, waar Haagse partners eveneens deel van uitmaken, en zoeken we actief de verbinding tussen stedelijke, regionale en landelijke initiatieven, waaronder de NAPL/regio Zuid-Holland. Hierdoor sluiten stedelijke, regionale en landelijke inspanningen goed op elkaar aan en kunnen kennis en ervaringen wederzijds worden benut. De gemeente Den Haag neemt het initiatief voor dit gesprek over werkwijze en kennisdeling en maakt met betrokken partijen afspraken over inzet en het aanleveren van data en input. Bij tactisch doel 2: Opleiden in/voor de Haagse context Gebiedsgericht en grootstedelijk opleiden uitbreiden binnen bestaande partnerschappen. We breiden het
gebiedsgericht en grootstedelijk opleiden verder uit binnen de bestaande partnerschappen van Samen Opleiden & Professionaliseren. Zo vergroten we het aantal praktijkleerplaatsen in wijken met complexe onderwijs- en ondersteuningsvragen en versterken we interprofessionele leeromgevingen waarin kinderopvang, onderwijs, jeugd en welzijn gezamenlijk toekomstige professionals opleiden. We verzamelen daarnaast kennis en ervaringen uit het Programma Zuidwest en de Wijkaanpak Laak om de verdere ontwikkeling van grootstedelijk opleiden te versterken. De kennis die in deze wijken wordt opgedaan, bijvoorbeeld over effectieve
Pagina 11
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
samenwerkingsvormen, krachtige praktijkleeromgevingen en ondersteuningsstructuren, vormt input voor de verdere ontwikkeling van stedelijke en sectoroverstijgende opleidingsaanpakken. Scholingsbehoefte kinderopvang inventariseren. We brengen de scholingsbehoefte binnen de Haagse kinderopvang in beeld. Daarbij verkennen we welke kennis en vaardigheden nodig zijn om de beweging naar meer inclusieve kinderopvang te ondersteunen en beter aan te sluiten bij multidisciplinaire samenwerking.
Pagina 12
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Ambitie 4: Creëer flexibele leeromgevingen voor een toekomstbestendige arbeidsmarkt en veerkrachtige stad Beleidskader Haagse Educatieve Agenda 2026-2032 Het Haagse onderwijs streeft naar een wendbare onderwijspraktijk die leerlingen, studenten en volwassenen voorbereidt op een snel veranderende samenleving. Door sterke leeromgevingen te creëren die aansluiten op maatschappelijke opgaven en toekomstige arbeidsmarktdynamiek, versterken we persoonlijke ontwikkeling, sociale cohesie en volwaardige participatie.
Hoofdopgave eerste uitvoeringsagenda 2026/2027 Ambitie 4 bouwt voort op de bestaande samenwerking tussen onderwijs, werkgevers en overheid. Deze triple helix vormt daarvoor het fundament. In structuren als de sectortafels van het programma Onderwijs, Arbeidsmarkt en Bedrijfsleven, het Platform Student & Stad, de Haagse Taalketen en regionale samenwerkingen ontmoeten partijen elkaar al en werken zij aan de verbinding tussen leren, werken en de stad. Met deze Uitvoeringsagenda leggen we gerichte accenten. De komende jaren ligt de focus op het versterken en verdiepen van deze samenwerkingen, met als doel de veerkracht van (jonge) mensen en daarmee van de stad te vergroten. We benutten Den Haag en de regio nadrukkelijker als leeromgeving en verbinden onderwijs, praktijkleren en beroepsoriëntatie structureel aan maatschappelijke en economische opgaven. Daarmee versterken we zowel de aansluiting op de arbeidsmarkt als de betrokkenheid van leerlingen en studenten bij de stad waarin zij leren, wonen en werken. Tegelijkertijd werken we aan sterke, inclusieve en aantrekkelijke leeromgevingen waarin leerlingen en studenten zich thuis voelen, goede begeleiding krijgen en soepel hun weg vinden naar werk en verdere ontwikkeling. Daarnaast investeren we gericht in een toekomstbestendig systeem voor een leven lang ontwikkelen, met aandacht voor loopbaanontwikkeling en basisvaardigheden.
Zo geven we in deze eerste jaren van de HEA concreet invulling aan flexibele leeromgevingen die bijdragen aan duurzame participatie, economische vitaliteit en een veerkrachtige stad.
Inzet uitvoeringsagenda 2026/2027 Tactisch doel
Inzet
1. We benutten de stad en regio als leeromgeving
• Versterken sectortafels en samenwerking onderwijs-arbeidsmarkt • Uitbouwen leren in relatie tot de stad en de arbeidsmarkt • Versterken van beroepsoriëntatie met aandacht voor het Haagse profiel en vakopleidingen • Afstemmen opleidingsaanbod op Haags profiel en vitale sectoren • Verbeteren overgang van studie naar werk, ook voor internationale studenten
2. We werken aan verbinding en saamhorigheid in leeromgevingen
• Samenwerken in Platform Student & Stad (welzijn, introductie, huisvesting) • Implementatie Wet van School naar Duurzaam Werk • Focus aanbrengen in Haagse Aanpak Gelijke Stagekansen • Doorontwikkeling leer- en werktrajecten ROC Mondriaan en Den Haag Werkt
3. We blijven investeren in een leven lang ontwikkelen
• Doorontwikkeling regionaal LLO-systeem • Versterken basisvaardigheden via Haagse Taalketen en LLO-collectief • Versterking NT1-aanpak • Volgen momenteel in uitwerking zijnde landelijke kaders
Pagina 13
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
Toelichting op inzet 2026/2027 Tactisch doel 1: We benutten de stad en regio als leeromgeving Samenwerking tussen overheid, onderwijs en werkgevers. We zetten in op een sterke samenwerking tussen overheid, onderwijs, werkgevers en sociale partners. Daarbij benutten we bestaande ontmoetingsstructuren, zoals de arbeidsmarktregio en de sectortafels van het programma Onderwijs, Arbeidsmarkt en Bedrijfsleven. Deze sectortafels vormen het hart van de arbeidsmarktsamenwerking in onze regio. In deze periode ligt de focus op het versterken van de bestaande samenwerkingsstructuren, het verbeteren van de datagedreven onderbouwing en het verbreden van de deelname. De vitale sectoren zorg en welzijn, overheid en veiligheid, bouw en techniek, ICT en onderwijs krijgen daarbij prioriteit. Waar relevant sluit in 2026 ook het voortgezet onderwijs aan als partner bij de sectortafels. Uitbouwen en inbedden van onderwijs in relatie tot de praktijk. We bouwen leeromgevingen verder uit, waarbij stedelijke vraagstukken een herkenbare plek krijgen in het onderwijs. In het voortgezet onderwijs zetten we in op praktijkgerichte leeromgevingen. Bestaande initiatieven, zoals living labs en de scriptiewerkplaats, worden benut als fundament. Ook werken we aan nieuwe initiatieven, onder meer in de Scheveningse Haven en Den Haag Zuidwest.
Onderwijsinstellingen zijn verantwoordelijk voor de inbedding in het curriculum; de gemeente faciliteert de verbinding met het werkveld. Door praktijkopdrachten, stages, leerwerkplekken en co-creatie structureel te organiseren, kunnen leerlingen en studenten leren met en in de stad. Beroepsoriëntatie versterken. We werken toe naar een centrale poort die de kwaliteit en toegankelijkheid van het oriëntatieaanbod borgt. Daarbij hebben we oog voor het profiel van Den Haag als internationale stad van vrede en recht. Instellingen en partners zoals Spirit4You, JINC en Museon-Omniversum krijgen hierin een centralere positie. Spirit4You breidt de bestaande inzet rond begeleiding naar vervolgonderwijs uit, in afstemming met onderwijsinstellingen en de arbeidsmarkt. Museon-Omniversum lanceert in 2027 een doorlopende leerlijn po-vo-mbo, gericht op de beroepen van de toekomst. Vitale sectoren en maatschappelijke verantwoordelijkheid staan daarin centraal. Via een gezamenlijke agenda besteden we extra aandacht aan het vergroten van de interesse voor vakopleidingen, in lijn met de motie Trots op Haags vakmanschap (RIS324305). Verbinden opleidingsaanbod aan het Haagse profiel. Nieuw scholingsaanbod stemmen we af op de arbeidsmarkt én op het profiel van Den Haag. De The Hague Applied AI Campus is hiervan een belangrijk voorbeeld.
Mbo-, hbo- en wo-instellingen werken samen aan een dekkend LLO-aanbod voor de stad op het gebied van AI, waaronder aanbod voor hoven en internationale organisaties. Daarbij lanceren we een AIwerkplaats waarin studenten werken aan opdrachten voor ondernemers. Daarnaast werken we samen aan kennisontwikkeling rond AI, ethiek en governance, bijvoorbeeld over het vormgeven van de AI-transitie binnen organisaties en de impact daarvan op personeel. Ook verkennen we specifiek hoe het primair en voortgezet onderwijs hierbij kunnen worden betrokken. Verbeteren van instroom naar werk. We versterken de overgang van studie naar werk. Hbo- en wo-instellingen zetten daarbij in op passende career services en begeleiding richting de arbeidsmarkt. Internationale studenten vormen een specifieke doelgroep die Den Haag wil behouden voor de arbeidsmarkt, met name voor de vitale sectoren. Als onderdeel van de Human Capital Agenda Zuid-Holland lanceren we in 2026 een platform dat is gericht op het verhogen van de stayrate van internationale studenten. Daarbij verkennen we of en hoe deze inzet kan worden verbonden met het Werkcentrum Haaglanden. Tactisch doel 2: We werken aan verbinding en saamhorigheid in leeromgevingen. Platform Student & Stad.
Via het Platform Student & Stad werken onderwijsinstellingen en gemeente samen aan studentenwelzijn, studentensport en een stadsbrede gezamenlijke introductie voor mbo, hbo en wo. Onderwijsinstellingen blijven het eerste aanspreekpunt voor studentenwelzijn. De gemeente ondersteunt de samenwerking en verbindt, met inzet van een studentenambtenaar, waar nodig met zorg- en welzijnspartners. Daarnaast borgen we kennisdeling tussen professionals en een passende informatievoorziening voor (internationale) studenten. Binnen het platform geven we uitvoering aan het Haags Actieplan Studentenhuisvesting (RIS322961), gericht op voldoende en betaalbare studentenwoningen. Dit gebeurt in samenwerking met hbo- en wo-instellingen, studentenhuisvesters en studenten, met als doel het aantal wooneenheden tot en met studiejaar 2030–2031 uit te breiden. Daarbij hebben we oog voor duurzaamheid en
Pagina 14
Uitvoeringsagenda HEA 2026-2032 – Samen voor een sterke basis
sociale vraagstukken. Ook onderzoeken onderwijsinstellingen via het platform de behoefte aan en mogelijkheden voor zogenoemde third places als aanvulling op bestaande leer- en leefomgevingen. Wet van school naar duurzaam werk. De implementatie van de Wet van school naar duurzaam werk biedt de gemeente, het voortgezet onderwijs en ROC Mondriaan nieuwe kaders voor de regionale en Haagse jongerenaanpak, met een verbrede doelgroep tot 27 jaar. In 2026 ligt de focus op het verder uitwerken van deze kaders en op de regionale verdeling van middelen. Binnen Den Haag verschuift de nadruk daarbij naar preventie en vroegsignalering. Samen met onderwijs en partners versterken we de begeleiding op school structureel via leerwerkmakelaars, regionale coaches en extra ondersteuning op mbo-locaties. Daarbij is expliciete aandacht voor mentale gezondheid door de inzet van GGZ-expertise. Ook is specifieke aandacht nodig voor kwetsbare groepen, zoals ISK-leerlingen. Voor jongeren met zwaardere ondersteuningsbehoeften organiseren we maatwerk via voorzieningen, trajectgroepen en gespecialiseerde VSV-trajecten. Dit wordt ondersteund door een doorlopende pro/vso-aanpak en hybride leer-werktrajecten als schakel naar vervolgonderwijs, werk of duurzame participatie. Gelijke stagekansen. De Haagse Aanpak Gelijke Stagekansen wordt in 2026 voortgezet en verdiept.
Voor studenten zetten we in op bewustwording, herkenning en het versterken van handelingsperspectief via bestaande instrumenten en ondersteunende activiteiten. Voor onderwijsinstellingen en stageprofessionals ligt de focus op kennisdeling, professionalisering en het structureel benutten en borgen van ontwikkelde tools en werkwijzen binnen de organisatie. Voor werkgevers, met name het mkb, versterken we de aansluiting via gerichte matchingsbijeenkomsten, bewustwording en het stimuleren van actief commitment. Verdere samenwerking ROC Mondriaan en Den Haag Werkt. We starten met de doorontwikkeling van de coalitie Wonen, Onderwijs en Werk binnen de Regio Deal. Daarbij combineren we de leeromgevingen van Den Haag Werkt met opleidingen van ROC Mondriaan en werkgevers uit het coalitienetwerk. Zo lopen ontwikkeling, kwalificerend onderwijs en arbeidsparticipatie naadloos in elkaar over. De komende periode staat in het teken van het ontwikkelen van deze trajecten en het uitvoeren van een pilot. Tactisch doel 3: We blijven investeren in een leven lang ontwikkelen Den Haag beschikt al over een rijk aanbod aan LLO-trajecten. De financiering is echter versnipperd en het Rijk werkt aan nieuwe landelijke kaders. Zolang hierover nog geen duidelijkheid bestaat, zetten we deze pijler bewust beperkt in: we versterken de fundamenten en richten ons op een klein aantal focusgebieden.
Uitwerken van een regionaal LLO-systeem. De gemeente bouwt samen met onderwijsinstellingen verder aan de blauwdruk voor een toekomstbestendig LLO-ecosysteem. De sectortafels, het Werkcentrum Haaglanden en het scholingsfonds Haaglanden Leert Door spelen hierbij een centrale rol. We brengen concrete arbeidsmarktdata, sectorale knelpunten en scholingsbehoeften in beeld. Dit stelt ons in staat gerichte vragen te stellen, de juiste partijen aan tafel te krijgen en oplossingen beter te onderbouwen. Het commitment van partijen wordt vastgelegd in convenanten, zoals de MKB-Deal Leven Lang Ontwikkelen Den Haag (RIS323619). Versterking van basisvaardigheden. Binnen de Haagse Taalketen werken taalaanbieders, onderwijsinstellingen, bibliotheken en het Werkcentrum samen aan het versterken van basisvaardigheden. Voor deelnemers bij wie dit mogelijk is, staan doorstroom naar een vervolgopleiding en werk centraal. Daarbij zetten we extra in op taallessen op de werkvloer en op het LLO-collectief. In 2026 en 2027 ontwikkelt het LLO-collectief nieuwe trajecten op het gebied van lezen, schrijven, rekenen, digitale vaardigheden en vakvaardigheden. ROC Mondriaan is penvoerder; de gemeente faciliteert en verbindt werkgevers en inwoners. Onderwijs- en uitvoeringspartners verzorgen het aanbod en de begeleiding.
De gemeente zet in op een nieuwe subsidieregeling die de regeldruk voor partners verlaagt en deze inzet verder ondersteunt. Samen met het Taalhuis, gecoördineerd door Bibliotheek Den Haag, zetten we in op het vergroten van het bereik van de NT1doelgroep en blijven we inzetten op laagdrempelige taalactiviteiten én doorverwijzingen naar andere partners op verschillende plekken in de stad. Ook instellingen in het primair en voortgezet onderwijs spelen waar nodig een rol bij het signaleren en versterken van basisvaardigheden bij ouders.
Pagina 15