CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS325176 Bijlage 1a Programmarekening 2025

Gemeenteraad 9 juli 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake programmarekening 2025 (RIS325176)49.993 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 6

2 alinea's met “heffing”: 13 136

Programmarekening 2025

financien.denhaag.nl

Voorwoord Voor u ligt de programmarekening 2025. Hiermee wordt het jaar 2025 financieel afgesloten. We blikken terug op wat er is bereikt en leggen verantwoording af over het geld dat hiervoor uitgegeven is. Den Haag blijft groeien. Op veel plekken in de stad wordt gebouwd aan nieuwe huizen en voorzieningen, zodat de stad leefbaar blijft. In 2025 is gestart met de bouw van meer dan 3.000 woningen, waarvan een groot deel betaalbaar. Ook zijn belangrijke stappen gezet in grote gebiedsontwikkelingen. Het gebiedsprogramma Binckhorst heeft ter inzage gelegen en er zijn met marktpartijen afspraken gemaakt over de ontwikkeling van de Laakhavens. Samen zijn deze ontwikkelingen goed voor bijna 20.000 nieuwe woningen. Voor Den Haag Zuidwest zijn in 2025 de bestuurlijke afspraken Woondeal Zuidwest 2025-2029 ondertekend. Hierin zijn onder meer afspraken gemaakt over de versnelling van de bouw van 6.000 betaalbare woningen in Zuidwest. Deze groei vraagt ook om investeringen in mobiliteit, zodat Den Haag leefbaarheid zich ook uit in een bereikbare en verkeersveilige stad. Daarom hebben we het gebruik van de fiets gestimuleerd. Er is meer ruimte gemaakt voor fietsverkeer, fietsonvriendelijke verkeerssituaties zijn aangepakt en de Wheelieweken zijn georganiseerd om de fietsvaardigheden van kinderen te verbeteren. Hier deden 1.500 kinderen aan mee.

Ook zijn er 680 kinderfietsen verstrekt aan gezinnen die rond de armoedegrens leven. Om zowel de huidige als de toekomstige inwoners van de stad een prettige en leefbare woonomgeving te bieden, investeren we continu in een groene, duurzame en gezonde stad. Er zijn in 2025 meer dan 350.000 tegels vervangen door groen en planten; we hebben meer dan 2.000 bomen uitgedeeld aan Hagenaars en er zijn ruim 500 regentonnen geplaatst in de stad. Om spelen en bewegen te stimuleren zijn er in 2025 circa 75 openbare sport- en speelplekken vernieuwd. Daarnaast hebben we 5.600 huishoudens geholpen met kleine energiebesparende maatregelen, hebben inwoners bijna 1.800 duurzame witgoedapparaten aangeschaft met korting via de Ooievaarspas en hebben we samen met woningcorporaties 757 huishoudens geholpen met besparen op hun energierekening. Dit draagt bij aan het wooncomfort van de inwoners van Den Haag én verlaagt hun energierekening. Iedereen in Den Haag verdient het om met gelijke kansen op te groeien. Onderwijs speelt hier een belangrijke rol in. Met de in 2025 gepresenteerde Haagse Educatieve Agenda 2026-2032 is het fundament gelegd voor toekomstgericht en inclusief onderwijs. Leesvaardigheden zijn hierbij van groot belang en we zijn dan ook verheugd dat de Haagse bibliotheken vorig jaar meer dan 2 miljoen keer zijn bezocht.

Bovendien zijn er nog nooit zo veel kinderen lid geweest van de bibliotheek. In alle Haagse bibliotheken wakkeren we leesplezier aan, bieden we ruimte voor ontmoeting en helpen we bij digitaal contact met de overheid. Daarmee is de bibliotheek in haar 120-jarig bestaan uitgegroeid tot een vertrouwd gezicht voor inwoners, waar zij laagdrempelig terecht kunnen met welke vraag dan ook. Om te zorgen dat Den Haag een aantrekkelijke stad is voor zowel bewoners als bezoekers is flink geïnvesteerd in de economie en lokaal ondernemerschap, met name in Transvaal en de Schilderswijk. Winkelstraten in deze wijken zijn opgeknapt en de Haagse Markt wordt extra gepromoot. Het culturele landschap in de stad is verder versterkt met de opening van Subterra, een culturele broedplaats in het hart van de stad. Daarnaast hebben er evenementen plaatsgevonden die bezoekers van dichtbij en ver weg aantrokken. We hebben € 2,4 mln. toegekend aan publieksevenementen voor het volgende jaar en ook op het gebied van sport viel er genoeg te beleven: in juni vond de openingsetappe van de eerste Tour of Holland plaats in het Zuiderpark en was Den Haag gaststad van het EK-rolstoelrugby. Eén van de meest in het oog springende gebeurtenissen van 2025 is de NAVO-top die op 24 en 25 juni in Den Haag plaatsvond.

Rondom die top verwelkomden we circa 9.000 bezoekers en waren de ogen van de hele wereld voor even op Den Haag gericht. Ten slotte kende het jaar 2025 ook een moment van zeer bijzondere betekenis: het monument ‘Remember Our United Beginning’, ter nagedachtenis van het transAtlantisch slavernijverleden is onthuld. Met dit monument heeft Den Haag een fysieke en blijvende plek voor herinnering, bezinning en vooral ook verbinding. Het jaar 2025 is afgesloten met een financieel resultaat van € 64,4 mln. positief. Ten opzichte van de totale begroting is dit ongeveer 1,7%. Ook als we verder kijken dan alleen het financieel resultaat, heeft Den Haag een gezonde financiële positie. De verbeteringen die de afgelopen jaren zijn doorgevoerd naar aanleiding van de contourenbrief hebben hier een belangrijke bijdrage aan geleverd. Voorbeelden hiervan zijn de begrotingsregels, de spelregels rond het cofinancieringsfonds, het vereenvoudigen van de programmabegroting en het versterken van de planning- en controlcyclus. Hiermee staat er een solide financiële basis voor de komende jaren. Maar dit is geen vanzelfsprekendheid, grote opgaven rondom de groei van de stad, onzekerheid over bekostiging van de jeugdzorg en over de herverdeling van het gemeentefonds, vragen om zorgvuldige afwegingen en bewuste keuzes.

Samen blijven we ervoor zorgen dat Den Haag een prettige stad is om te wonen, te werken en te bezoeken. 1

Inhoudsopgave 1 Algemeen ..................................................................................................................................... 3

1.1 Programmarekening op hoofdlijnen ............................................................................................................ 3 1.2 Burgemeester en wethouders...................................................................................................................... 12 1.3 Leeswijzer .................................................................................................................................................... 14 1.4 Infographic burgerjaarverslag .................................................................................................................... 16 2 Jaarverslag ................................................................................................................................. 17

2.1 Gemeenteraad .............................................................................................................................................. 17 2.2 College en bestuur ...................................................................................................................................... 22 2.3 Duurzaamheid, milieu en energietransitie ............................................................................................... 26 2.4 Openbare orde en veiligheid ...................................................................................................................... 42 2.5 Cultuur en bibliotheek ................................................................................................................................ 51 2.6 Onderwijs ................................................................................................................................................... 62 2.7 Werk en inkomen ....................................................................................................................................... 72 2.8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid ..................................................................................................

85 2.9 Buitenruimte ............................................................................................................................................. 114 2.10 Sport......................................................................................................................................................... 135 2.11 Economie ..................................................................................................................................................143 2.12 Mobiliteit ................................................................................................................................................. 156 2.13 Stadsontwikkeling en wonen ..................................................................................................................169 2.14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening ..............................................................................................196 2.15 Financiën ................................................................................................................................................

210 2.16 Overhead ..................................................................................................................................................219 3 Paragrafen ............................................................................................................................... 226

3.1 Bedrijfsvoering ......................................................................................................................................... 226 3.2 Lokale heffingen ....................................................................................................................................... 249 3.3 Weerstandsvermogen .............................................................................................................................. 253 3.4 Vastgoed ................................................................................................................................................... 260 3.5 Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................................................. 265 3.6 Financiering ............................................................................................................................................. 274 3.7 Inspraak en participatie ........................................................................................................................... 280 3.8 Grondbeleid ..............................................................................................................................................

282 3.9 Verbonden partijen ...................................................................................................................................291 3.10 Subsidies ................................................................................................................................................. 296 3.11 Openbaarheid en hergebruik overheidsinformatie ............................................................................... 299 4 Jaarrekening ............................................................................................................................. 301

4.1 Overzicht van baten en lasten per programma ....................................................................................... 301 4.2 Overzicht van baten en lasten per hoofdtaakveld .................................................................................. 309 4.3 Toelichting baten en lasten op hoofdlijnen .............................................................................................319 4.4 Balans inclusief vergelijkend cijfer ......................................................................................................... 332 4.5 Toelichting op de balans inclusief waarderingsgrondslagen ................................................................. 334 4.6 Rechtmatigheidsverantwoording ............................................................................................................ 368 4.7 Sisa verantwoordingsinformatie ............................................................................................................. 369 4.8 Controleverklaring accountant ............................................................................................................... 407 2

1 Algemeen 1.1 Programmarekening op hoofdlijnen Het financieel resultaat over het jaar 2025 is € 64,4 mln. positief. In totaal heeft de gemeente bijna € 3,9 mld. uitgegeven. Daarmee is het resultaat ongeveer 1,7% van de totale uitgaven. Dit is iets hoger dan het financieel resultaat over 2024: € 49,9 mln.; gelijk aan 1,4% van de totale uitgaven. In dit hoofdstuk wordt het resultaat op hoofdlijnen nader geduid. Hiervoor wordt eerst stilgestaan bij het resultaat per programma en vervolgens bij de grootste afwijkingen op het investeringsprogramma toegelicht. In het laatste deel van dit eerste hoofdstuk wordt de relatie gelegd met de financiële positie van de gemeente Den Haag en tot slot wordt ingegaan op de uitkomsten van de rechtmatigheidsverantwoording. De gemeentelijke inkomsten en uitgaven De totale gemeentelijke inkomsten in 2025 zijn ruim € 3,9 mld. Het grootste deel hiervan, ongeveer 2/3 e, is afkomstig van het Rijk. Het gaat hierbij zowel om het gemeentefonds als om middelen die het Rijk met een specifiek bestedingsdoel aan de gemeente geeft (specifieke uitkeringen). Een voorbeeld van zo een specifieke uitkering is de BUIG: de middelen die een gemeente ontvangt ter verstrekking van bijstandsuitkeringen. Bijna 15% van de totale inkomsten is afkomstig van bewoners en bezoekers van de stad, hierbinnen zijn de OZB en parkeerbelasting de belangrijkste inkomstenbronnen.

Tot slot is ook een belangrijk deel van de inkomsten afkomstig uit eigen reserves; in totaal vormt dat ruim 10% van de inkomsten. De onderstaande figuur laat zien hoe de totale gemeentelijke inkomsten in 2025 over de begrotingsprogramma’s opgebouwd zijn:

3

De uitgaven tellen in 2025 op tot bijna € 3,9 mld. Het grootste deel hiervan heeft betrekking op het sociaal domein; de programma’s ‘werk en inkomen’ en ‘zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid’ zijn samen goed voor ongeveer de helft van de gemeentelijke uitgaven. Aanvullend op het sociaal domein is het beheer en onderhoud van de buitenruimte een onderwerp waar veel geld aan wordt uitgegeven, evenals cultuur en onderwijs. De onderstaande figuur laat zien hoe de totale gemeentelijke uitgaven in 2025 over de begrotingsprogramma’s verdeeld zijn:

1.1.1 Financieel resultaat per programma Onderstaande tabel bevat het financieel resultaat over 2025 per begrotingsprogramma. Onder de tabel is vervolgens per programma een toelichting op dit resultaat opgenomen. Deze toelichting is beknopt en op hoofdlijnen. In hoofdstuk twee van deze programmarekening is een uitgebreide financiële verschillenverklaring opgenomen, waarin per activiteit de afwijking op zowel de lasten als de baten wordt toegelicht. (incl. toevoegingen en onttrekkingen, bedragen x € 1.000,-) Begroting 2025

Programma 01 - Gemeenteraad 02 - College en bestuur 03 - Duurzaamheid, milieu en energietransitie 04 - Openbare orde en veiligheid 05 - Cultuur en bibliotheek 06 - Onderwijs 07 - Werk en inkomen 08 - Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 09 - Buitenruimte 10 - Sport 11 - Economie 12 - Mobiliteit 13 - Stadsontwikkeling en wonen 14 - Stadsdelen, integratie en dienstverlening 15 - Financiën 16 - Overhead Totaal 4

Jaarrekening Resultaat 2025 2025

18.050 N 18.888 N 43.012 N

17.559 N 19.735 N 37.549 N

491 V -847 N 5.463 V

82.393 N 147.573 N 99.516 N 291.928 N 728.162 N 161.194 N

78.938 N 147.016 N 99.983 N 288.890 N 717.386 N 159.959 N

3.455 V 556 V -467 N 3.038 V 10.776 V 1.236 V

58.032 N 44.266 N 111.657 N 86.660 N

57.483 N 41.938 N 110.197 N 69.203 N

549 V 2.328 V 1.459 V 17.456 V

148.769 N 2.336.622 V

146.465 N 2.346.498 V

2.304 V 9.876 V

296.523 N 0

289.787 N 64.410 V

6.736 V 64.410 V

Programma 1 – Gemeenteraad € 0,5 mln. V Het voordeel van € 0,5 mln. bestaat uit verschillende kleine voordelen bij de griffie, de rekenkamer en de gemeentelijke accountantsorganisatie. Hiertegenover staat een nadeel door de inzet van extra personeel bij de ombudsman. Programma 2 – College en bestuur € 0,8 mln. N Het nadeel van € 0,8 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een nadeel van € 3 mln. als gevolg van de wettelijk verplichte aanvulling van de voorziening pensioenen door de nieuwe Wet toekomst pensioenen. • Een voordeel van € 1,6 mln. bij verkiezingen vanwege een extra ontvangen Rijksbijdrage voor Kiezers buiten Nederland en het Kiescollege. Dit is bedoeld voor de voorbereidingen voor het kiescollege niet ingezetenen bij de provinciale statenverkiezingen in 2027. • Een aantal kleinere voordelen dat optelt tot € 0,6 mln. Bijvoorbeeld op collegehuisvesting, representatie en -vervoer. Programma 3 – Duurzaamheid, milieu en energietransitie € 5,5 mln. V Het voordeel van € 5,5 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een voordeel op de activiteit energietransitie van € 3,2 mln. Dit voordeel is voornamelijk ontstaan doordat de realisatie van de Solar Carport en de aanleg van de collectorsvelden is vertraagd. Daarnaast is de vaststelling van de subsidieregeling ‘proeftuin Bouwlust aardgasvrije wijk’ vertraagd, waardoor uitbetalingen nog niet in 2025 hebben kunnen plaatsvinden.

• Een voordeel van € 0,8 mln. doordat het vervangen van de verkeersborden voor de zero-emissiezone in het centrum, en het daadwerkelijk handhaven voor de kuststrook, in Q1 2026 plaatsvinden. De reden voor het uitstellen van deze uitgave is dat de noodzakelijke landelijke wetgeving in september 2025 vastgesteld is, waardoor een aantal zaken over de jaargrens zijn verplaatst. • Een voordeel van € 0,7 mln., omdat de sloopregeling voor oude bestelauto’s begin oktober 2025 is ingegaan en er minder aanvragen ingediend zijn dan begroot. De regeling is verlengd tot en met 30 juni 2026. • Diverse kleine afwijkingen die bij elkaar optellen tot een voordeel van € 0,8 mln. Programma 4 – Openbare orde en veiligheid € 3,5 mln. V Het voordeel van € 3,5 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een voordeel van € 2,4 mln. op de kosten voor de Veiligheidsregio Haaglanden (VRH). Dit wordt veroorzaakt doordat de VRH een bezuiniging heeft doorgevoerd en enkele incidentele voordelen heeft gerealiseerd. • Een voordeel van € 0,7 mln. door de toekenning van Rijksmiddelen aan het Zorg en Veiligheidshuis Haaglanden voor de aanpak voor personen met verward gedrag en hoog veiligheidsrisico. Omdat deze inzet aanvankelijk uit eigen middelen begroot was, is een voordeel ontstaan. • Een voordeel van € 0,4 mln. dat wordt veroorzaakt door diverse kleine voor- en nadelen. Programma 5 – Cultuur en bibliotheken € 0,6 mln.

V Het voordeel van € 0,6 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een nadeel van € 1,6 mln. op de activiteit Bibliotheken o.a. door meer inhuur- en facilitaire kosten als gevolg van intensiever gebruik van bibliotheken (meer schoonmaak en meer beveiliging), daarnaast was er sprake van een nieuwe aanbesteding waardoor de kosten voor schoonmaak duurder uitvielen. • Een voordeel van € 1,2 mln. door lagere kosten voor het onderhoud aan accommodaties voor de kunstbeoefening. • Een voordeel van € 0,4 mln. op de activiteit Archeologie, doordat bepaalde kosten die zijn gemaakt voor het renovatieproject Binnenhof door het Rijksvastgoedbedrijf worden betaald. • Een voordeel van € 0,6 mln. als saldo van verschillende overige voor- en nadelen. Programma 6 – Onderwijs € 0,5 mln. N Het nadeel van € 0,5 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een nadeel van € 0,8 mln. op onderwijsbeleid door hogere kosten voor onder andere het nationaal programma onderwijs, onderwijsachterstandenbeleid en schoolzwemmen. • Een voordeel van € 0,3 mln. op het beheer en onderhoud van kinderopvanglocaties. Met name door vertraging als gevolg van krapte op de arbeidsmarkt en langere levertijden. • Een voordeel van € 0,2 mln. op leerlingenvervoer, omdat er minder ritten zijn gereden dan vooraf begroot. • Een nadeel van € 0,3 mln. door hogere kosten in de uitvoering van het programma onderwijshuisvesting.

• Een voordeel van € 0,1 mln. als saldo van verschillende overige voor- en nadelen.

5

Programma 7 – Werk en inkomen € 3,0 mln. V Het voordeel van € 3,0 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een voordeel van € 3,3 mln. op de sociale werkvoorzieningen doordat overhead en salarislasten lager zijn uitgevallen dan begroot. • Een nadeel van € 4,9 mln. op inburgering doordat het aantal inburgeraars waar de rijksbijdrage op is gebaseerd lager is dan het aantal inburgeraars dat daadwerkelijk wordt begeleid. Dit komt voornamelijk doordat een groot gedeelte van de doelgroep langer dan de geldende termijn van 3 jaar nodig heeft om in te burgeren. • Een voordeel van € 1,7 mln. op schuldhulpverlening via de Gemeentelijke Kredietbank (GKB) door een gunstige rentestand en goudprijs. • Een voordeel van € 4,3 mln. op inkomen doordat het definitieve BUIG-budget hoger is uitgevallen dan de eerdere voorlopige bijdrage. • Een nadeel van € 1,6 mln. op re-integratie doordat het aantal mensen dat gebruik maakte van onze dienstverlening hoger lag dan begroot. • Een voordeel van € 0,2 mln. op overige kleine zaken. Programma 8 – Zorg, welzijn, volksgezondheid en jeugd € 10,8 mln. V Het voordeel van € 10,8 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een nadeel van € 5,3 mln. op maatschappelijke opvang, vanwege de toenemende problematiek rondom dakloosheid. De voornaamste redenen voor dit nadeel zijn de stijgende kosten van verschillende vaste opvanglocaties, de winteropvang en de hotelopvang.

Hierover bent u eerder geïnformeerd in de voortgangsrapportage aanpak dakloosheid (RIS322995). • Een incidenteel voordeel van ongeveer € 1,7 mln. op de verschillende Wmo-onderdelen. De voordelen zijn er op de Wmo-maatwerkvoorzieningen, maatwerkarrangementen van begeleiding, dagbesteding en PGB en op de toegang wijkteams. Hiertegenover staan nadelen op de maatwerkarrangementen van huishoudelijke hulp, beschermd wonen en maatschappelijke opvang. • Een voordeel op jeugd van € 4,9 mln. In de begroting is € 24 mln. extra ingezet om het verwachte tekort op de jeugdhulp in 2025 te dekken. Ten opzichte van deze bijgestelde begroting is nu een voordeel van € 4,9 mln. gerealiseerd. Zonder deze extra middelen zou er sprake zijn van een tekort van ongeveer € 19,1 mln. dat vooral ontstaat bij de regionale en lokale inkoop van jeugdhulp. • Een voordeel op nieuwkomers van € 7,2 mln. omdat de rijksbijdrage over 2023 definitief is vastgesteld. Deze bijdrage is gebaseerd op een standaard vergoeding per dag; in 2023 was deze vergoeding hoger dan de daadwerkelijke kosten, waardoor deze vaststelling tot een voordeel leidt. • Een voordeel op participatie en welzijn van € 2,2 mln. Het overschot wordt voor € 1,1 mln. veroorzaakt doordat de kosten voor onderhoud van panden lager zijn uitgevallen en voor € 1,1 mln.

doordat een aantal vacatures niet ingevuld kon worden en daardoor de uitvoering op sommige onderdelen ook licht achter is gebleven. • Een voordeel van € 0,1 mln. bestaande uit diverse overige voor- en nadelen. Programma 9 – Buitenruimte € 1,2 mln. V Het voordeel van € 1,2 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een nadeel op het onderhoud van civiele kunstwerken en waterbeheer van € 2,5 mln. De werkvoorraad is, net zoals in 2024, hoog als gevolg van een achterstand in het beheer en onderhoud. In het kader van veiligheid en bereikbaarheid zijn noodzakelijke werkzaamheden opgepakt. Tot slot zijn de baggerkosten binnenwateren hoger uitgevallen door indexatie en een inhaalslag op de werkvoorraad. • Een voordeel op het MJPK van € 2,6 mln. Bij de kleine investeringsprojecten (kleiner dan € 2,5 mln.) van het MJPK is een voordeel gerealiseerd. De besteding van de kleine projecten is onder andere afhankelijk van het uitvoeringsmoment en kent een grillig verloop tussen jaarschijven. • Een voordeel op het onderhoud van vastgoed van € 0,7 mln. • Diverse kleine afwijkingen die bij elkaar optellen tot een voordeel van € 0,4 mln. Programma 10 – Sport € 0,5 mln. V Het voordeel van € 0,5 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een voordeel van € 2,1 mln. door hogere inkomsten uit verhuur en als gevolg van een toename in het gebruik van sportaccommodaties. • Een nadeel van € 1,2 mln.

door extra inhuur die noodzakelijk was om de sportvoorzieningen te kunnen exploiteren. Deze kosten hangen samen met voornoemde inkomsten door het toegenomen gebruik. • Een nadeel van € 1,7 mln. door hogere kosten aan het onderhoud van vastgoed en sportaccommodaties. • Een voordeel van € 1,2 mln. door ontvangsten vanuit het Rijk en verrekeningen met het Rijk. • Diverse kleine afwijkingen die optellen tot een voordeel van € 0,1 mln. Programma 11 – Economie Het voordeel van € 2,3 mln. bestaat voornamelijk uit:

€ 2,3 mln. V

6

• • • •

Een voordeel van € 0,9 mln. door onderbesteding op het realiseren van kleinschalige bedrijfsruimte en projecten die onderdeel uitmaken van de regiodeal Zuidwest. Een voordeel van € 0,6 mln. doordat de kosten van het onderhoud aan het World Forum meevielen. Een voordeel van € 0,6 mln. op het Loosduinse Hoofdplein, omdat het groenplan en de subsidieregeling voor gevels vertraging hebben opgelopen. Diverse kleine afwijkingen die bij elkaar optellen tot een voordeel van € 0,2 mln.

Programma 12 – Mobiliteit € 1,5 mln. V Het voordeel van € 1,5 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een nadeel op de kosten voor INTHR van € 3,7 mln. Op grond van de samenwerkingsovereenkomst is 25% van de kosten voor het uitgevoerde werk van HTM aan INTHR bij de gemeente in rekening gebracht. Hier was onvoldoende rekening mee gehouden in de begroting. • Een voordeel op de pilot gratis OV voor kinderen van € 1,9 mln. In de begroting is rekening gehouden met het maximaal aantal kinderen dat zich aanmeldt en een gemiddeld aantal ritten. In de praktijk is gebleken dat deze pilot succesvol is en dat ongeveer 55% van de in aanmerking komende kinderen zich heeft aangemeld. Door een langere aanbestedingsprocedure is de pilot eind maart 2025 gestart, waardoor de kosten lager uitvallen. • Een voordeel op de kosten voor parkeren en parkeerhandhaving van € 1,6 mln., met name als gevolg van vacatureruimte. • Een voordeel voor parkeren op straat van € 1,7 mln. Dit is ontstaan door uitgesteld onderhoud aan parkeergarages, het plaatsen van goedkopere refurbished parkeerautomaten en uitstel van het invoeren van betaald parkeren in een aantal gebieden. • Een voordeel van € 1,6 mln. door hogere subsidie inkomsten voor de Velostrada Delft – Leiden en door overeenstemming over de bijdragen over 2023 en 2024 vanuit de MRDH en het ministerie van I&W voor de Oude Lijn. • Een nadeel van € 1,7 mln.

op HOV Vlietlijn. In verband met de complexe verkeerskundige knelpunten, onder meer ter hoogte van de sporendriehoek en Binck36 is extra onderzoek gedaan en zijn twee varianten uitgewerkt tot een SO+ (RIS323596). Dit heeft geleid tot hogere kosten binnen het project. • Diverse overige afwijkingen die bij elkaar optellen tot een voordeel van € 0,1 mln. Programma 13 – Stadsontwikkeling en wonen € 17,5 mln. V Het voordeel van € 17,5 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een nadeel op grondexploitaties van € 0,9 mln. Dit voordeel vloeit voort uit de herijking van de parameters onderliggend aan de grondexploitaties. Deze herijking wordt elk jaareinde uitgevoerd en heeft geleid tot een lichte verbetering van de grondexploitaties. • Een voordeel op stadsvernieuwing van € 14,5 mln. Dit is het gevolg van een vrijval van de voorziening, door een verbetering van het resultaat van de wijkontwikkelmaatschappij Zuidwest (€ 6,4 mln.), een positief resultaat door de afwikkeling van de ontwikkelmaatschappij Wateringsveld (€ 3,6 mln.) en een voordeel door de inkomsten vanuit het Rijk voor de realisatiestimulans (€ 3,2 mln.). Daarnaast is er sprake van € 1,4 mln. onderbesteding door vertraging in de besluitvorming over het verplaatsen van het gasoverslagstation in de Binckhorst en een nadeel van € 0,1 mln. op andere onderwerpen binnen deze activiteit.

• Een voordeel op de activiteit wonen van € 5,0 mln. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door vertraging bij projecten uit het doorbraakplan en het urgentieprogramma sociale en betaalbare woningbouw. • Diverse andere afwijkingen die bij elkaar optellen tot een nadeel van € 1,1 mln. Programma 14 – Stadsdelen, integratie en dienstverlening € 2,3 mln. V Het voordeel van € 2,3 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een voordeel op Burgerzaken van € 2,5 mln. doordat er minder reisdocumenten zijn uitgegeven dan begroot en doordat vacatures moeilijk in te vullen waren. Een aantal nieuwe functies kon pas in de tweede helft van het jaar ingevuld worden en ook door personeelsverloop is er onderbesteding op de personeelslasten ontstaan. • Een voordeel van € 1,3 mln. binnen de activiteit participatie. Dit voordeel is veroorzaakt doordat er een aantal subsidies lager zijn vastgesteld, met terugbetaling tot gevolg. Daarnaast is het bij het team Haags Samenspel niet gelukt om een aantal tijdelijke vacatures in te vullen. Ook zijn de kosten voor het onderhoud van vastgoed lager dan begroot. Tot slot is er minder gebruik gemaakt van de subsidieregeling leefbaarheid en bewonersparticipatie. • Een nadeel van € 1,2 mln. door de uitvoering van een aantal noodzakelijke extra groenwerkzaamheden. • Diverse kleine afwijkingen die bij elkaar optellen tot een nadeel van € 0,3 mln.

7

Programma 15 – Financiën € 9,9 mln. V Het voordeel van € 9,9 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een voordeel van € 16,0 mln. op de algemene uitkering gemeentefonds, door de inkomsten vanuit de september- en decembercirculaire. • Een nadeel doordat er € 17,5 mln. minder is onttrokken aan de gemeentebrede reserves dan begroot. Dit komt door vertraging bij de projecten die vanuit deze reserves gedekt worden en hier staan dan ook voordelen op het betreffende beleidsprogramma tegenover. Het gaat hierbij met name om de programma’s duurzaamheid, milieu en energietransitie en stadsontwikkeling en wonen. • Een voordeel van € 6,2 mln. op erfpacht. Dit resultaat bestaat voornamelijk uit voordelen op de erfpachtbaten en lagere taxatiekosten en nadelen op apparaat en het actualiseren van de voorziening canonrestitutie. • Een voordelig resultaat op de belastingen van € 5,0 mln. bestaande uit een nadeel op de lasten door onder andere de vorming van een voorziening voor de naheffingsaanslagen parkeren en een voordeel op de geheven belastingen, met name ten aanzien van de OZB niet-woningen. • Een voordeel van € 0,2 mln. opgebouwd uit diverse kleinere voor- en nadelen. Programma 16 – Overhead € 6,7 mln. V Het voordeel van € 6,7 mln. bestaat voornamelijk uit: • Een voordeel op onderhouds- en facilitaire projecten van € 3,1 mln., ontstaan doordat aanbestedingstrajecten langer liepen dan verwacht.

• Een voordeel op personele lasten van € 2,6 mln. Dit is ontstaan door het terugdringen van externe inhuur, vacatures die later of maar gedeeltelijk zijn ingevuld, en doordat de loonstijgingen vanuit de cao pas later in het jaar van kracht werden. • Een voordeel in de exploitatie van vastgoed van € 2,3 mln. als gevolg van meevallende energietarieven en voordelige afrekeningen met externe partijen uit voorgaande jaren. • Afwijkingen op andere onderdelen binnen het programma overhead, waaronder het subsidiebureau en de bestuursondersteuning, tellen bij elkaar op tot een nadeel van € 1,3 mln.

1.1.2 Financieel resultaat meerjarig investeringsprogramma De onderstaande tabel bevat de begrote en gerealiseerde investeringsuitgaven voor 2025 per programma. Onder de tabel worden de programma’s met een afwijking van meer dan € 5 mln. kort en op hoofdlijnen toegelicht. Een uitgebreidere toelichting bij elk programma is opgenomen in de programmaverantwoording, hoofdstuk 2 van deze programmarekening. In algemene zin is onderuitputting op investeringsbudgetten vaak het gevolg van vertraging binnen een project. Het geld kan in dergelijke gevallen daarom niet op een andere manier worden ingezet, omdat de werkzaamheden in de toekomst alsnog uitgevoerd zullen worden. bedragen x € 1.000,Programma 01 - Gemeenteraad 03 - Duurzaamheid, milieu en energietransitie 05 - Cultuur en bibliotheek 06 - Onderwijs 07 - Werk en inkomen 08 - Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 09 - Buitenruimte 10 - Sport 11 - Economie 12 - Mobiliteit 13 - Stadsontwikkeling en wonen 14 - Stadsdelen, integratie en dienstverlening 15 - Financiën 16 - Overhead Totaal

Begroting 2025 Realisatie 2025 2.977 1.110 13.421 9.830 11.532 5.348 35.819 31.519 5.620 1.533 7.709 5.077 110.324 94.186 25.759 10.197 1.911 1.517 36.790 34.929 13.193 17.964 7.054 4.314 15.175 846 29.682 19.297 316.968 237.667

Afwijking 2025 1.867 3.591 6.184 4.300 4.087 2.632 16.138 15.562 394 1.861 -4.771 2.740 14.329 10.385 79.301

Programma 5 – Cultuur en bibliotheek € 6,2 mln. De lagere investeringsuitgaven binnen dit programma bestaan voornamelijk uit: • € 1,9 mln. doordat de verbouwing van de bibliotheken in Wateringseveld, Benoordenhout en Mariahoeve – op basis van verslaggevingsregels – niet als investering verwerkt mogen worden. Dit komt doordat de

8

•

• •

gebouwen geen gemeentelijk eigendom zijn. Het investeringsbudget is omgezet in regulier budget, zodat de verbouwingen alsnog plaats kunnen vinden. € 2,0 mln. door lagere investeringen in musea. Zo is de bouw van het nieuwe Eschermuseum in de Amerikaanse ambassade door externe ontwikkelingen aangehouden. Bij het Fotomuseum en het Kunstmuseum zijn voorbereidingen getroffen voor het vervangen van installaties, maar deze vervanging vindt pas in 2026 plaats. Tot slot is de verbouwing van Muzee uitgesteld naar 2026. € 1,7 mln. als gevolg van een presentatiefout in het budget van de Noodzetel. De resterende € 0,6 mln. bestaat uit onderuitputting binnen het IHP cultuur en bibliotheek en op overige investeringen in accommodaties voor kunstbeoefening.

Programma 9 – Buitenruimte € 16,1 mln. De lagere investeringsuitgaven binnen dit programma bestaan voornamelijk uit: • € 9,1 mln. door vertraging van de werkzaamheden aan de Hubertustunnel. Als gevolg hiervan zijn ook de werkzaamheden aan het viaduct bij de afrit Raamweg vertraagd, omdat deze pas kunnen starten nadat de werkzaamheden aan de Hubertustunnel afgerond zijn. • € 1,6 mln. doordat de werkzaamheden aan de Westlandse Zoom tegen lagere kosten zijn uitgevoerd. • € 1,3 mln. doordat de kosten voor het wijkpark Transvaal niet volledig voor rekening van de gemeente komen. In de oorspronkelijke raming was hier wel van uitgegaan. • € 1,1 mln. door lagere kosten voor ORACS en afvalsorteerstraatjes. Dit komt enerzijds, omdat het steeds complexer blijkt om geschikte locaties te vinden voor het plaatsen van ORACS en anderzijds doordat de vervanging van ORACS, door lage staalprijzen, goedkoper uitpakte. • € 1,0 mln. door vertraging van de renovatie aan de Vissershavenstraat. Deze vertraging is ontstaan omdat er tijdens de renovatie afwijkingen geconstateerd zijn en hier eerst onderzoek naar plaats moest vinden, voor met de bouw verder gegaan kon worden. • De overige € 2,0 mln. bestaat uit diverse kleinere afwijkingen op de investeringen binnen dit programma. Programma 10 – Sport € 15,6 mln. De lagere investeringsuitgaven binnen dit programma bestaan voornamelijk uit: • € 9,1 mln.

door lagere uitgaven aan het IHP sport. Deze lagere uitgaven zijn het gevolg van vertraging in het ontwerpproces voor de renovatie van de Lindoduin; vertraging in de ontwerpfase van het zwembad Zuiderpark (een eerste ontwerp is afgekeurd door de Welstandscommissie) en vertraging in de voorbereiding van de werkzaamheden aan het sportterrein Escampcarré. • € 4,0 mln. door lagere bestedingen aan sport- en spelaccommodaties. Het gaat hierbij met name om uitstel van de verduurzaming van sportcomplex Overbosch. Dit project is uitgesteld naar 2026, omdat er – door de grootte en complexiteit van het project – meer voorbereidingstijd nodig was. • € 2,9 mln. door lagere uitgaven bij de aanleg van sportvelden en sportterreinen. Het gaat hier om diverse projecten en verschillende oorzaken, zoals bijvoorbeeld het niet verkrijgen van een aanlegvergunning voor een gronddepot. • Tot slot is er sprake van € 0,4 mln. hogere uitgaven in 2025 aan de voorbereiding voor de nieuwbouw van sporthal Loosduinen. Programma 15 – Financiën

€ 14,3 mln. Voor de waarde van gronden die nieuw in erfpacht worden uitgegeven wordt jaarlijks een vast bedrag van € 15 mln. begroot. In 2025 hebben er zes nieuwe uitgiften plaatsgevonden, echter is in alle gevallen de canon afgekocht. Wanneer dit gebeurt, wordt de waarde van de grond niet op de balans geactiveerd; dit veroorzaakt de afwijking op de investeringen binnen dit programma. Programma 16 – Overhead € 10,4 mln. De lagere investeringsuitgaven binnen dit programma bestaan voornamelijk uit: • € 3,2 mln. door vertraging in het vervangen van de installaties aan de Loudonstraat. Deze vertraging is ontstaan, omdat er meer tijd nodig was voor het doorlopen van het aanbestedingsproces. • € 2,8 mln. door lagere kosten voor de reguliere vervanging van hard- en software. Dit is met name het gevolg van marktomstandigheden en uitloop in het aanbestedingstraject. • € 1,6 mln. doordat de dakrenovatie van het stadhuis meerdere malen is uitgesteld, omdat er nog niet aan de randvoorwaarden was voldaan. Zo is de sloopmelding meermaals afgekeurd, waardoor er geen kraan geplaatst mocht worden op de Turfmarkt. • De resterende € 2,8 mln. bestaat uit diverse kleinere afwijkingen op de investeringen binnen dit programma.

9

1.1.3 Financiële positie Om de financiële positie van een gemeente te kunnen beoordelen, moet verder worden gekeken dan alleen het financieel resultaat. Een positief financieel resultaat betekent namelijk niet per definitie dat een gemeente er financieel ook goed voor staat. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat een gemeente geld overhoudt, maar tegelijkertijd niet beschikt over voldoende financiële buffers. Om meer gevoel te krijgen bij de financiële positie van een gemeente, moet het financieel resultaat daarom worden bezien in samenhang met het weerstandsvermogen en de financiële kengetallen. Het weerstandsvermogen De algemene reserve is de belangrijkste risicobuffer van de gemeente. Het geld in de algemene reserve wordt ook wel het weerstandsvermogen genoemd. In de kadernota weerstandsvermogen (RIS320223) is bepaald dat de algemene reserve altijd 3% van de gerealiseerde lasten moet bevatten. Op basis van deze programmarekening is dat € 105,9 mln. Bij de resultaatbestemming wordt voorgesteld om een deel van het resultaat uit deze programmarekening toe te voegen aan de algemene reserve. Daarmee stijgt de algemene reserve naar € 128,9 mln. en wordt voldaan aan de vereiste hoogte. Daarnaast wordt elk jaar, bij de begroting en bij de jaarrekening, het risicoprofiel geactualiseerd. De actualisatie in deze programmarekening resulteert in een risicoprofiel van € 110,0 mln.

Voor het risicoprofiel geldt dat als dit binnen een bandbreedte van 20% van de vereiste hoogte van het weerstandsvermogen is, het weerstandsvermogen hier niet op aangepast wordt. Het geactualiseerde risicoprofiel valt binnen deze bandbreedte en hiermee is het weerstandsvermogen toereikend. De financiële kengetallen Vanuit het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) worden vijf kengetallen voorgeschreven op basis waarvan de financiële positie van een gemeente wordt beoordeeld. Voor elk van deze kengetallen is door de provincie een norm bepaald, die aangeeft in welke financiële risicocategorie een gemeente zich op basis van dit kengetal bevindt. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in drie categorieën: minst risicovol, neutraal of meest risicovol. Onderstaande tabel geeft per kengetal de uitkomst van de afgelopen drie programmarekeningen aan en de classificering op basis van de risico-inschaling die de provincie hanteert. Kengetal

2023

2024

2025

Norm provincie

Netto schuldquote

28,71%

28,12%

28,59%

Minst risicovol

Solvabiliteit

34,26%

32,79%

33,87%

Neutraal

Grondexploitatie

0,00%

0,00%

0,06%

Minst risicovol

Structurele exploitatieruimte

1,91%

2,98%

4,08%

Minst risicovol

Belastingcapaciteit

94,12%

92,87%

91,15%

Minst risicovol

Voor vier van de vijf kengetallen valt Den Haag in de minst risicovolle categorie. Alleen met betrekking tot de solvabiliteit niet; dit kengetal is neutraal. De uitkomst van de kengetallen zegt met name iets over hoe kwetsbaar de financiële positie van de gemeente is. Zo heeft de gemeente relatief weinig schulden en is de financiële afhankelijkheid van grondexploitaties zeer klein, waarmee wordt voorkomen dat de volatiliteit van de grondexploitaties door kan werken in de hele gemeentelijke begroting. Bovendien zijn de kengetallen door de jaren heen vrij stabiel. Meer informatie over het weerstandsvermogen, de financiële kengetallen en duiding bij de uitkomsten 2025 is opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen. Conclusie financiële positie Op basis van het bovenstaande is de conclusie dat de gemeente Den Haag een duurzame en gezonde financiële positie heeft. Er is sprake van een positief resultaat, het weerstandsvermogen is op peil en uit de financiële kengetallen blijkt dat de gemeente in staat is om een financiële tegenvaller op te vangen. Bovendien geven de afgelopen jaren in dit opzicht een vergelijkbaar beeld, waaruit blijkt dat de gemeente een evenwichtige financiële koers volgt.

1.1.4 Financiële voortgang specifieke onderwerpen In de programmarekening 2023 was op vier onderdelen sprake van een omvangrijke financiële afwijking. Het ging om de grondexploitaties, Wmo, jeugdzorg en parkeren. Daarom is in de begroting 2025 aangekondigd dat de uitgaven en inkomsten op deze vier onderwerpen nauwlettend worden gevolgd en dat hierover ook steeds zal worden gerapporteerd. Nadien is in elk Planning en Control(P&C) -product expliciet stilgestaan bij deze onderwerpen. Met deze programmarekening komt de P&C-cyclus over het jaar 2025 tot een einde. 10

De financiële resultaten over 2025 op deze onderwerpen zijn voor drie van de vier onderwerpen in lijn met de prognose die is afgegeven in de najaarsnota. Voor de grondexploitaties is in de najaarsnota geen prognose afgegeven. Het resultaat op dit onderdeel is € 0,9 mln. negatief en daarmee ook in lijn met de begroting. In hoofdstuk twee van de programmarekening is in de betreffende programma’s een uitgebreide toelichting op de financiën per onderwerp opgenomen. Hiermee kan geconcludeerd worden dat er meer grip is gekregen op de financiën rondom deze onderwerpen. Daarom wordt er vanaf nu enkel nog op de reguliere wijze over deze onderwerpen gerapporteerd en worden deze niet meer expliciet uitgelicht in het eerste hoofdstuk van elk P&C-product. Dat laat onverlet dat de inzet en de aandacht die er de afgelopen jaren voor deze onderwerpen geweest is onverminderd blijft.

1.1.5 Rechtmatigheidsverantwoording Met de rechtmatigheidsverantwoording wordt een oordeel gegeven over de vraag of de lasten in de programmarekening rechtmatig tot stand zijn gekomen. Hiervoor geldt een verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten exclusief reservemutaties. Dit is gelijk aan € 70,6 mln. Over 2025 is in totaal voor € 38,1 mln. aan bevindingen geconstateerd. Dit valt binnen de geldende tolerantie van 2% en daarmee is de conclusie dat de lasten over 2025 rechtmatig tot stand zijn gekomen. In onderstaande tabel zijn de bevindingen per criterium opgenomen: (bedragen × € 1.000)

Onrechtmatigheden

Onduidelijkheden

Totaal

Begrotingscriterium

13.454

-

13.454

Voorwaardencriterium Misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium Totaal

22.573

2.061

24.634

-

-

-

36.027

2.061

38.088

Verantwoordingsgrens (2%)

70.587

De onrechtmatigheden ten aanzien van het begrotingscriterium hebben betrekking op vijf verschillende programma's: college en bestuur, werk en inkomen, sport, mobiliteit en financiën. Al deze onrechtmatigheden zijn acceptabel op grond van de criteria die hiertoe zijn opgenomen in de financiële verordening. De bevindingen ten aanzien van het voorwaardencriterium hebben bijna volledig betrekking op de naleving van de wet- en regelgeving rondom aanbestedingen. De rechtmatigheidsverantwoording is opgenomen in hoofdstuk 4.6 van deze programmarekening. Een toelichting op de bevindingen is opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering. Hier wordt ook ingegaan op verbetermaatregelen die erop gericht zijn onrechtmatigheden zoveel mogelijk te beperken.

11

Samenstelling college van burgemeester en wethouders

Jan van Zanen, Burgemeester Portefeuille: Openbare orde en veiligheid, Algemene bestuurlijke aangelegenheden en Representatie 2 College en Bestuur 4 Openbare orde en veiligheid 14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening

Klaas Verschuure Portefeuille: Stedelijke Ontwikkeling, Bibliotheken en Europa 5 Cultuur en Bibliotheek 11 Economie 13 Stadsontwikkeling en wonen Stadsdeelwethouder Segbroek

Saskia Bruines Portefeuille: Financiën, Cultuur en Economische ontwikkeling 5 Cultuur en Bibliotheek 11 Economie 15 Financiën Stadsdeelwethouder Scheveningen

Mariëlle Vavier Portefeuille: Armoede, Inclusie, Zorg en Internationale Zaken 7 Werk en Inkomen 8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 11 Economie 14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening Stadsdeelwethouder Laak

Arjen Kapteijns Portefeuille: Engerietransitie, Mobiliteit en Grondstoffen 3 Duurzaamheid, Milieu en Engerietransitie 9 Buitenruimte 12 Mobiliteit Stadsdeelwethouder Centrum

Robert Barker* Portefeuille: Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu 3 Duurzaamheid, milieu en energietransitie 9 Buitenruimte Stadsdeelwethouder Haagse Hout *Wethouder tot en met 21 april 2026

Co Engberts Portefeuille: Volkshuisvesting, Welzijn, Wijken en Zuidwest 8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 13 Stadsontwikkeling en Wonen 14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening Stadsdeelwethouder Escamp

Hilbert Bredemeijer Portefeuille: Onderwijs, Jeugd, Sport en Dienstverlening 6 Onderwijs 8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 10 Sport 14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening 16 Overhead Stadsdeelwethouder Loosduinen

Nur Icar Portefeuille: MKB, Werk en Participatie 7 Werk en inkomen 9 Buitenruimte 11 Economie 14 Stadsdelen, integratie en Dienstverlening Stadsdeelwethouder Leidschenveen-Ypenburg

1.3 Leeswijzer De programmarekening 2025 is conform de Algemene verordening financieel beheer en beleid opgesteld. De gemeente Den Haag heeft het gemeentelijke jaarverslag en de gemeentelijk jaarrekening samengevoegd tot één programmarekening 2025. De hoofdstukken 2 en 3 vormen het jaarverslag en hoofdstuk 4 vormt de jaarrekening. De hoofdstukindeling van de programmarekening 2025 sluit aan op de wettelijke voorschriften uit het BBV. Jaarverslag Programmaverantwoording (hoofdstuk 2) In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de beleidsmatige en financiële resultaten per programma. Per beleidsprogramma is het volgende opgenomen: • De doelstelling van het programma, gevolgd door een financiële verantwoording op hoofdlijnen. • Wat hebben we bereikt? Beleidsverantwoording per activiteit. Hier wordt per activiteit het behaalde beleidsmatige resultaat toegelicht. • Wat hebben we gedaan? Hier wordt per activiteit toegelicht welke concrete acties er zijn verricht die bijdragen aan het behalen van het beleidsmatige resultaat. • Wat heeft het gekost? Financiële verantwoording op hoofdlijnen, waarbij kort wordt geduid waar de uitgaven en inkomsten binnen het programma uit bestaan. • Waar bestaan de kosten uit? Financiële verantwoording per activiteit. Hier wordt per activiteit teruggeblikt op de financiële resultaten.

De begroting en de realisatie worden per activiteit in tabelvorm weergegeven en verschillen tussen de begroting en de realisatie die groter dan € 0,5 mln. bij de lasten en/of baten zijn, worden toegelicht. • Mutatieoverzichten reserves, voorzieningen en investeringen. Hier worden de ontwikkelingen op de reserves, de voorzieningen en de investeringen getoond en worden majeure afwijkingen ten opzichte van de begroting toegelicht. Paragrafen (hoofdstuk 3) In hoofdstuk 3 staan de paragrafen. Via deze paragrafen wordt verantwoording afgelegd over een aantal onderwerpen die op meerdere beleidsmatige programma's van toepassing zijn. Hiermee wordt voorkomen dat deze onderwerpen alleen gefragmenteerd aan de orde komen. Een deel van deze paragrafen is verplicht op basis van het BBV, andere paragrafen zijn dat niet en zijn bedoeld om aanvullende inzichten te bieden. Het gaat daarbij om de paragraaf bedrijfsvoering en de overige paragrafen lokale heffingen, weerstandsvermogen, vastgoed, onderhoud kapitaalgoederen, financiering, inspraak en participatie, grondbeleid, subsidies, verbonden partijen en openbaarheid en hergebruik overheidsinformatie.

Jaarrekening (hoofdstuk 4) Dit hoofdstuk bevat de jaarrekening zoals voorgeschreven in titel 4.4 en 4.5 van het BBV en bestaat uit de volgende onderdelen: 4.1 Overzicht van baten en lasten per programma: • 4.1.1 Overzicht gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen • 4.1.2 Overzicht overhead • 4.1.3 Overzicht Vennootschapsbelasting • 4.1.4 Overzicht gerealiseerd saldo per programma, algemene dekkingsmiddelen, overhead, VPB, en toevoegingen en onttrekkingen aan reserves, en resultaat 4.2 Overzicht van baten en lasten per hoofdtaakveld 4.3 Toelichting baten en lasten op hoofdlijnen: • 4.3.1 Overzicht aanwending Post onvoorzien • 4.3.2 Overzicht incidentele baten en lasten op hoofdlijnen • 4.3.3 Verloop overzicht reserves • 4.3.4 Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves • 4.3.5 Wet normering Topinkomens 4.4 Balans (incl. vergelijkende cijfers) 4.5 Toelichting op de balans (incl. Waarderingsgrondslagen) 4.6 Rechtmatigheidsverantwoording 4.7 SiSa verantwoordingsinformatie 4.8 Overige gegevens incl. controleverklaring van de accountant

14

Bijlagen online beschikbaar Om de boekversie van de programmarekening 2025 leesbaar te houden, zijn diverse bijlagen met verdiepende informatie alleen online beschikbaar op het portaal van de gemeente Den Haag (financien.denhaag.nl). Het gaat om de volgende gemeentebrede overzichten: • Kostenverdeelstaat per programma • Begroting/realisatie per activiteit • Begroting/realisatie per taakveld • Grote Projecten • Eneco reserves • Reserve Co-financiering • Reserves per programma • Doelen, looptijd, maximale hoogte reserves • Voorzieningen per programma • Gemeentelijke tarieven • Meerjaren investeringsplan • Bron indicatoren

15

Kengetallen Den Haag

(peildatum 1/1/2026)

Bron: Basisregistratie Personen (BRP) en Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)

Bevolkingssamenstelling Aantal inwoners naar leeftijd (in jaren)

Bevolkingsgroei

217

26.658 59.413 33.677

0-4 5 - 14 15 - 19

5.464

0,0%

211.936

20 - 44

4.547

147.924

45 - 64

69.251

65 - 79 80+

Geboorte- en sterftecijfers

20.745

Totaal

Migratie binnenlands

Absolute en relatieve verandering van het aantal ingeschreven personen ten opzichte van begin 2026

569.604

natuurlijke bevolkingsgroei

Migratie buitenlands

Verandering in de samenstelling van de Haagse bevolking

19.513

aantal personen uit de Middenen Oost- Europese EU-landen

vestigers uit het buitenland

vestigers uit het binnenland

917

3.986

4.128

vertrekkers

vestigers

23.315 27.314

16.103 vertrekkers naar het buitenland

vertrekkers naar het binnenland

Aantal huishoudens

288.388

Aantal nationaliteiten dat ten minste 500 keer voorkomt

40

22,7%

excl. niet geregistreerde gepriviligeerden

excl. niet geregistreerde gepriviligeerden

Zorg en Welzijn Aantal inwoners ouder dan 75 jaar

Percentage Hagenaars zonder Nederlandse nationaliteit

Werk Percentage jeugdigen van 0 tot 23 jaar

Aantal ingeschreven personen tussen 15 en 75 jaar (potentiele beroepsbevolking)

40.730 Demografische druk de verhouding tussen het aantal personen van 0 - 19 jaar en 65 jaar of ouder en de personen van 20 - 64 jaar

58,3%

25,2 % 20 - 64

0 - 19 > 65 jaar

op

1

1,72

442.803 Aantal ingeschreven personen bij UWV zonder werk en werkzoekend UWV

36.374 Bron: UWV

2 Jaarverslag 2.1 Gemeenteraad Portefeuillehouder: Presidium Ambitie De gemeenteraad heeft 45 leden. Zij worden gekozen door de inwoners van Den Haag. De raadsleden zitten in de raad namens de inwoners. De gemeenteraad geeft in grote lijnen aan hoe de stad moet worden bestuurd en controleert daarbij het college van burgemeester en wethouders. Samen besturen zij de stad. De gemeenteraad bepaalt met de begroting hoeveel middelen er komen voor alle plannen. De raad kijkt ook hoe het college van burgemeester en wethouders deze middelen hebben besteed. Samenvatting Het programma Gemeenteraad kent zes onderdelen: 1. Gemeenteraad 2. Apparaatskosten gemeenteraad 3. Bestuursondersteuning 4. Rekenkamer 5. Ombudsman 6. Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag

Rekening 2024 Lasten Baten Saldo exclusief reserves Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Saldo inclusief reserves

16.117 301 15.815 N 0 0 15.815 N

Activiteiten in 2025 Gemeenteraad Apparaatskosten Gemeenteraad Bestuursondersteuning Gemeenteraad Rekenkamer Ombudsman Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag Totaal

Begroting 2025 voor wijziging

Begroting 2025 na wijziging

17.578 331 17.247 N 0 0 17.247 N

18.065 336 17.729 N 500 179 18.050 N

Bedragen x € 1.000 Rekening Resultaat 2025 2025 17.376 309 17.067 N 500 9 17.559 N

689 V 27 N 662 V 0171 N 491 V

(incl. toevoegingen en onttrekkingen, bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2025 Resultaat saldo 2025 Lasten Baten Saldo 2025 2.117 N 2.055 0 2.055 N 62 V 5.175 N 5.148 9 5.139 N 36 V 3.004 N 2.775 0 2.775 N 229 V 1.336 N 1.127 0 1.127 N 209 V 1.202 N 1.461 44 1.417 N 215 N 5.216 N 5.310 265 5.045 N 171 V 18.050

N

17.876

318

17.559 N

491 V

Toelichting w-vragen per onderdeel

Gemeenteraad Wat hebben we bereikt? Doel van de gemeenteraad is samen met het college van burgemeester en wethouders de stad te besturen. De leden van de gemeenteraad nemen daarom besluiten over de begroting en belangrijke ontwikkelingen in de stad. De besluiten kunnen over allerlei onderwerpen gaan en worden voorbereid in commissievergaderingen.

Wat hebben we gedaan? Beleidsverantwoording per activiteit • De gemeenteraad heeft 16 keer vergaderd. 17

• • • • •

• • • •

Op 24 november heeft de gemeenteraad de heer J.C. van Zanen aanbevolen voor herbenoeming als burgemeester per 1 juli 2026 voor een periode van 6 jaar. 174 mensen hebben ingesproken bij een gemeenteraadsvergadering. Bij de openbare raadsvergaderingen zijn ongeveer 120 inwoners en bijna 160 (nieuwe) ambtenaren ‘Gast van de Raad’ geweest. In een speciaal programma zijn zij welkom geheten door raadsleden bij de raadsvergadering en hebben zij toelichting gekregen op het werk van een raadslid. De commissies hebben totaal 119 keer vergaderd, 27 keer een werkbespreking gehouden en zijn 5 keer op werkbezoek geweest. Het scholenprogramma van ProDemos met het programma ‘Democracity’ is in 2025 druk bezocht. Meer dan 56 schoolklassen uit de groepen 7 en 8 brachten een bezoekje aan de Raadzaal om het spel Democracity te spelen. Dit jaar is het aanbod uitgebreid met het programma Klassenbezoek@Gemeentehuis, voor middelbare scholieren en MBO-leerlingen. 26 klassen hebben dit programma gevolgd. Er zijn twee kindervragenuren gehouden: vóór de raad van 23 januari en 22 mei. Kinderen van een divers aantal Haagse scholen stelden vragen aan raadsleden, wethouders en de burgemeester. In stadsdelen Escamp en Laak is het programma Raad in de Stad gehouden. Er is een Engelstalige Raad in de Stad georganiseerd: Meet your City Council voor expats en inwoners afkomstig uit Oost-Europese landen.

Ook is een Haagse Jongerentop gehouden als bijzondere vorm van Raad in de Stad. Beide bijeenkomsten zijn succesvol verlopen. De raad heeft besloten het interne Reglement van orde en de Verordening raadscommissies te vernieuwen. Doel is de besluitvorming te versnellen en de werkdruk voor raadsleden te verminderen.

Wat heeft het gekost? Bedragen x €1.000 Gemeenteraad Lasten Baten Saldo

Begroting 2025 2.117 0 2.117

Rekening 2025 2.055 0 2.055

Resultaat 62 V 0 62 V

Toelichting lasten en baten De gemeenteraad sluit 2025 af met een positief resultaat.

Apparaatskosten gemeenteraad Wat hebben we bereikt? Het leveren van ondersteuning aan de raad. Het gaat om voorbereiding en uitvoering van raads- en commissievergaderingen en ervoor zorgen dat fracties in het stadhuis werkplekken kunnen gebruiken. Fracties krijgen op grond van de Verordening fractieondersteuning 2023 een jaarlijkse vergoeding voor de werkzaamheden.

Wat hebben we gedaan? De vernieuwing van de audiovisuele middelen in de raadzaal is afgerond. De verbouwing van de commissiekamer is gestart. De stuurgroep vernieuwing AV en verbouwing commissiezaal is verantwoordelijk voor deze verbouwing. Het presidium legt hierover verantwoording af aan de raad.

Wat heeft het gekost? Apparaatskosten Gemeenteraad Lasten Baten Saldo

Begroting 2025 5.354 179 5.175

Bedragen x €1.000 Rekening 2025 Resultaat 5.148 206 V 9 171 N 5.139 36 V

Toelichting lasten en baten De apparaatskosten gemeenteraad sluit 2025 af met een positief resultaat.

Bestuursondersteuning gemeenteraad Wat hebben we bereikt? De medewerkers van de griffie zorgen dat de gemeenteraad en de raadscommissies kunnen vergaderen. Ook wordt het presidium van de gemeenteraad ondersteund, wordt het fractievoorzittersoverleg met de

18

burgemeester door de griffie voorbereid en wordt de communicatie tussen inwoners en de gemeenteraad verzorgd. Daarnaast voorziet de griffie individuele raadsleden van advies.

Wat hebben we gedaan? De werkzaamheden van de griffie worden bepaald door de vergaderkalender. In aanvulling op deze algemene werkzaamheden heeft de griffie diverse projectmatige activiteiten uitgevoerd. • In 2025 heeft een extern bureau een onderzoek gedaan naar het proces van het burgerinitiatief dat een referendum wilde laten houden. • In september is een raadsconferentie gehouden onder het motto ‘Raad aan de nieuwe raad’. • Om te voldoen aan de Europese regelgeving is het notuleren van de raadsvergaderingen aanbesteed aan een nieuwe aanbieder. • In het kader van het programma ‘Weerbaar bestuur’ van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is deelgenomen aan een landelijke bijeenkomst met als doel ervaringen uit te wisselen en de veiligheid van vergaderingen te vergroten. Het (interne) protocol Weerbaar bestuur voor politieke ambtsdragers is voorbereid in samenwerking met het Expertisepunt Veilige Publieke Dienstverlening (EVPD). • De uitvoering van het Actieplan Opkomstbevordering voor de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026 is in 2025 gestart.

Wat heeft het gekost? Bestuursondersteuning Gemeenteraad Lasten Baten Saldo

Begroting 2025 3.004 0 3.004

Bedragen x €1.000 Rekening 2025 Resultaat 2.775 229 V 0 0 2.775 229 V

Toelichting lasten en baten De bestuursondersteuning gemeenteraad sluit 2025 af met een positief resultaat.

Rekenkamer Wat hebben we bereikt? De rekenkamer heeft met verschillende onderzoeken een bijdrage geleverd aan het verbeteren van het functioneren van de gemeente en het versterken van de publieke verantwoording daarover.

Wat hebben we gedaan? De rekenkamer heeft onafhankelijke en objectieve onderzoeken verricht. Hiervan is in het jaarverslag van de rekenkamer een overzicht opgenomen, zie Jaarverslagen en jaarplannen - Rekenkamer Den Haag.

Wat heeft het gekost? Rekenkamer Lasten Baten Saldo

Begroting 2025 1.336 0 1.336

Bedragen x €1.000 Rekening 2025 Resultaat 1.127 209 V 0 0 1.127 209 V

Toelichting lasten en baten De rekenkamer sluit 2025 af met een positief voordeel van € 0,2 mln. Zoals vastgelegd in de verordening op de rekenkamer neemt de rekenkamer hiervan 10% van de begroting (€ 0,134 mln.) mee naar 2026. De rekenkamer geeft in haar jaarverslag een nadere toelichting op de onderbesteding, zie Jaarverslagen en jaarplannen - Rekenkamer Den Haag.

Ombudsman Wat hebben we bereikt? De Ombudsman (inclusief de Jeugdombudsman) is goed vindbaar voor inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers die klachten hebben over de gemeentelijke dienstverlening. Interventies hebben geleid tot oplossingen in individuele zaken en aanbevelingen voor structurele verbeteringen in de dienstverlening van de gemeenten. Daarnaast heeft de Ombudsman drie onderzoeken uitgebracht en gebundeld signalen en klachten gerapporteerd in het jaarverslag aan de gemeenteraad en aanbevelingen gedaan, zie Publicaties - Gemeentelijke Ombudsman .

19

Wat hebben we gedaan? De Ombudsman Den Haag en Leidschendam-Voorburg heeft ruim 1000 klachten en signalen van inwoners (waaronder jongeren), maatschappelijke organisaties en ondernemers behandeld en daarnaast diverse onderzoeken en rapportages uitgebracht. De zichtbaarheid en vindbaarheid van de Ombudsman is vergroot door verbetering van de website en socials, aanwezigheid in de stad en in de media, wekelijkse spreekuren op locaties en een dagelijkse telefonische bereikbaarheid waar inwoners terecht kunnen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16868345/1