RIS325129 Uitwerking initiatiefvoorstel Haagse wijken aan zet
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
DPZ/11023298 RIS325129 Contactpersoon
Aan de gemeenteraad
Koen van Hemert Dienst
Dienst Publiekszaken Afdeling
DPZ Sector Stadsdelen en Wijken Telefoonnummer
Datum
14070
21 april 2026
E-mailadres
koen.vanhemert@denhaag.nl
Onderwerp
Uitwerking initiatiefvoorstel Haagse wijken aan zet
Op 13 maart 2025 hebben raadslid mevrouw van Doorn en fractievertegenwoordiger mevrouw Frey het initiatiefvoorstel ‘Haagse wijken aan zet’ (RIS321542) aan de voorzitter van de gemeenteraad aangeboden. Op 9 oktober 2025 is het gewijzigd initiatiefvoorstel aangenomen door de gemeenteraad. Initiatiefvoorstel Het initiatiefvoorstel vraagt om het participatielandschap van de Haagse wijken en de kansen om de wijkdemocratie te versterken te onderzoeken en in kaart te brengen. Het dictum van het gewijzigde initiatiefvoorstel luidt als volgt: I.
een wijkscan uit te voeren waarin in overleg met elk van de 44 wijken de behoefte aan democratische versterking in kaart wordt gebracht, gebruikmakend van bovenstaande opties en de resultaten van deze scan, inclusief financiële consequenties, in Q1 2026 aan de Raad terug te koppelen; II. deze scan te bekostigen door (een deel van) de in 2025 extra aan Haags Samenspel ter beschikking gestelde middelen te heralloceren; III. in samenspraak met bewoners tijdens de wijkscan te definiëren wat verstaan wordt onder wijkspecifieke en wijkoverstijgende projecten en stedelijke opgaven, gebruikmakend van bovenstaande opzet in paragraaf 4.4.1; IV. veelvuldig te communiceren met de wijk over het maken van deze scan en terugkoppeling goed te borgen, mogelijk in het kader van de wijkagenda’s; V. de kosten van behoeften per wijk in kaart te brengen, evenals voor de ambtelijke inbedding ervan op het stadhuis en in de stadsdelen en de financiële consequenties aan de nieuwe gemeenteraad en de onderhandelaars over een nieuw coalitieakkoord beschikbaar te stellen; VI. Haags Samenspel en de stadsdeelmedewerkers in te zetten om bovenstaande zaken te begeleiden en uit te voeren; VII. te onderzoeken en terug te koppelen aan de Raad waarom bewonersorganisaties, zoals de Commissie Loosduinen, tot op heden regelmatig geen ontvangstbevestiging of inhoudelijke reactie ontvangen op hun adviezen.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/11023298
De wijkscan Wijkdemocratie is de manier waarop in een wijk of buurt invulling wordt gegeven aan inwonersbetrokkenheid en gelegenheid wordt geboden om mee te praten en beslissen over onderwerpen die spelen in de wijk. Dat kan formeel georganiseerd zijn, bijvoorbeeld met stadsdeelcommissies of wijkraden. Maar het kan ook informeel tot stand komen, omdat bewoners onderling elkaar ontmoeten en verstaan, afspraken maken en zeggenschap regelen. Om de wijkdemocratie te versterken, moet duidelijk zijn hoe de behoefte aan democratische versterking eruitziet in de verschillende wijken. Dat is afhankelijk van het participatielandschap van de wijk. Het participatielandschap wordt in het onderzoek naar het participatielandschap in Den Haag (hierna: de wijkscan) opgemaakt uit de formele en informele manieren waarop bewoners meedoen en invloed uitoefenen. De formele manier van meedoen en invloed uitoefenen wordt gedefinieerd als participatie: de invloed van bewoners op de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleidsvoornemens, beleid of projecten – zoals gedefinieerd in de Inspraak- en participatieverordening (RIS319848). Inwoners kunnen individueel betrokken zijn bij participatie maar ook vanuit formele structuren: dit zijn formeel georganiseerde groepen, zoals bewonersorganisaties en belangengroepen.
De wijkagenda’s zijn een voorbeeld van participatie: waarbij bewoners, ondernemers en wijkpartners samen met de gemeente de belangrijkste opgaven in de wijk kiezen en daar concrete acties aan koppelen – sociaal én fysiek. Inwoners doen vanaf de start mee, bepalen prioriteiten en helpen bij de uitvoering en monitoring. Andere definities van het begrip participatie, zoals binnen de sociale basis of Participatiewet, vallen buiten de scope van de wijkscan. De informele wijze meedoen en invloed uitoefenen, wordt omschreven als betrokkenheid of bewonersbetrokkenheid. Voorbeelden hiervan zijn onder meer bewonersinitiatieven en burenhulp in de wijk. De wijkscan bestaat uit een breedte- en dieptebeeld. Het breedtebeeld schetst van alle wijken een kort overzicht in de vorm van infographics. De infographics zijn gebaseerd op openbare data over de wijken (vindbaar op denhaag.incijfers.nl), waaronder de opgaven die in de wijkagenda’s staan. Zo wordt per wijk gebundeld en in kaart gebracht wat we al weten over de formeel georganiseerde vormen of structuren van participatie en de demografische en sociaaleconomische kenmerken van de wijk. In de legenda wordt ook aangegeven wat de cijfers niet laten zien, zoals de kwaliteit van gevoerde participatie, gevoeld vertrouwen in de overheid en ongelijkheid in meedoen.
Voor een meer gedetailleerde foto van iedere wijk, waarop ook de informele netwerken in beeld worden gebracht, is meer tijd nodig. Vanwege de beperkte tijd, is pragmatisch omgegaan met de scan en is verdieping gezocht in acht wijken. In het dieptebeeld wordt onderzocht hoe bewoners, netwerken en initiatieven op informele wijze bijdragen aan de wijkdemocratie. Deze informele verbanden vormen de basis onder wijkdemocratie: ze versterken relaties, vertrouwen en gemeenschapskracht, en bepalen mede of formele betrokkenheid kan ontstaan. Hiervoor is gesproken met bewoners, vrijwilligers, sleutelfiguren en professionals in acht wijken, zowel in interviews als korte straatgesprekken. Uit de tweetrapsaanpak van het onderzoek ontstaat een beeld van de manieren waarop wijkbewoners meedoen in hun wijk: hoe zij zich inzetten, zich laten horen, en hoe zij vormgeven aan de wijkdemocratie.
2/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/11023298
Bevindingen en conclusies van de wijkscan In het dieptebeeld van de wijkscan worden overeenkomsten en verschillen tussen wijken uiteengezet in vier thema’s. Deze thema’s zijn kenmerkend voor hoe wijkdemocratie vorm krijgt. 1)
2)
3)
4)
De uitgangsposities van de wijken verschillen sterk. Wijken verschillen in collectieve effectiviteit: de mate waarin bewoners elkaar kennen en vertrouwen hebben dat zij samen iets voor elkaar kunnen krijgen in hun wijk. Dit versterkt onderlinge hulp en samenwerking maar leidt niet altijd automatisch tot participatie. In wijken waar bewoners hogere financiële druk en kansenongelijkheid ervaren, is participatie vaak kwetsbaar en afhankelijk van enkele individuen. Betrokkenheid wordt niet altijd herkend als bijdrage aan wijkdemocratie. In elke wijk zetten bewoners zich in maar informele uitingen van betrokkenheid zijn niet altijd zichtbaar. Betrokkenheid kan zichtbaar worden wanneer er een directe aanleiding is – zoals rond grote bouwprojecten of bij ervaren verslechtering van de (sociale) veiligheid. In periodes zonder directe aanleiding, wijst lage zichtbaarheid echter niet automatisch op afwezigheid van betrokkenheid. Formele structuren zijn aanwezig, maar verschillen in bereik, representativiteit en stabiliteit. Betrokkenheid kan bijvoorbeeld geconcentreerd zijn bij enkele sleutelfiguren of bij grote groepen wijkbewoners. Wijken verschillen ook in hoeverre zij zichzelf zien als gemeenschap. Waar bewoners zich in sommige wijken wijkbreed organiseren, doen bewoners in andere wijken dit op kleinere schaal, bijvoorbeeld per buurt, straat of hofje.
Contact en vertrouwen in de gemeente is doorslaggevend voor participatie. Wanneer bewoners specifieke vraagstukken kenbaar maken bij de gemeente, is het belangrijk dat zij een heldere reactie ontvangen en ervaren dat hun inbreng effect heeft. Een concrete vraag kan soms complex worden wanneer het raakt aan verschillende afdelingen van de gemeente. Consistente en heldere communicatie over wat de gemeente wel en niet doet, en over de mate van invloed die bewoners kunnen uitoefenen, is daarom belangrijk.
Twee overkoepelende en samenhangende lessen staan centraal in de conclusie van de wijkscan. De eerste les is dat participatie-activiteiten op wijk- en buurtniveau niet eenmalig kunnen zijn. Wijkdemocratie vraagt om voortdurend participatieve gebeurtenissen waarbij mensen elkaar ontmoeten en leren kennen. De tweede les is om als gemeente het gesprek met bewoners aan te gaan over wat belangrijk is voor de wijk, ook wanneer de tegenstellingen groot zijn. Totstandkoming project wijkdemocratie en wijkscan Het project wijkdemocratie is – zoals verzocht in het initiatiefvoorstel – begeleid vanuit Haags Samenspel in samenwerking met stadsdeelmedewerkers van alle acht stadsdelen. Het onderzoek voor de wijkscan is uitgevoerd door bureau EMMA. De opzet en uitvoering van het onderzoek zijn tot stand gekomen in samenhang met de Inspraak- en participatieverordening (RIS319848), het Actieplan verbeteren samenwerking bewonersorganisaties en gemeente (RIS322962) en de nota Vitalisering democratie in Den Haag (RIS309465). De wijkscan is bekostigd uit de middelen die in 2025 ter beschikking zijn gesteld aan Haags Samenspel. Met het aanbieden van de wijkscan en toelichting op de totstandkoming hiervan, geeft het college uitvoering aan dictum I, II, IV en VI uit het initiatiefvoorstel. In het vervolg van deze brief worden ook dictum III, V en VII uitgewerkt.
In de afsluiting wordt stilgestaan bij de bijdrage van de wijkscan aan lopend beleid en de verdere ontwikkeling van wijkdemocratie in Den Haag.
3/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/11023298
Wijkspecifieke en wijkoverstijgende projecten en stedelijke opgaven Dictum III vraagt om, in samenspraak met bewoners, te definiëren wat wordt verstaan onder wijkspecifieke en wijkoverstijgende projecten en stedelijke opgaven. Met deze begrippen wordt de omgeving geduid waar projecten en opgaven impact op hebben. Dat vertelt iets over welke bewoners en andere belanghebbenden deze impact ervaren en over de mate van invloed die zij hierop hebben. In de Inspraak- en participatieverordening en de nota Vitalisering democratie in Den Haag wordt het belang benadrukt van een scherpe afbakening van verantwoordelijkheden en invloed. Tijdens interviews voor de wijkscan is gevraagd naar zowel wijkspecifieke als wijkoverstijgende activiteiten. Een expliciete definitie van wat wijkspecifieke, wijkoverstijgende of stedelijke opgaven zijn, kwam daarbij niet tot stand. In de wijkscan komt wel naar voren wat bewoners belangrijk vinden en wanneer zij betrokkenheid voelen bij wat er gebeurt, of staat te gebeuren, in hun omgeving. De thema’s waar bewoners invloed op uit willen oefenen, worden ook in het initiatiefvoorstel genoemd – naar voorbeeld van de Rotterdamse definiëring van wijkspecifieke thema’s: de openbare buitenruimte, de welzijnspartijen en hun activiteiten, de verkeersveiligheid en bereikbaarheid en de (sociale) veiligheid van de wijk.
Dit komt overeen met de thema’s die ook in Den Haag worden gehanteerd bij de inwonersenquêtes voor Den Haag in Cijfers en de wijkagenda’s. Daarnaast is er de mate waarop bewoners zich actief inzetten om te participeren. Bijvoorbeeld wanneer een project of beleid voor het eerst wordt gepresenteerd, of wanneer het effect daarvan merkbaar of zichtbaar wordt in de wijk. Die betrokkenheid verloopt in een golfbeweging: er zijn momenten waarop bewoners zich actief organiseren en willen meepraten rond een project en er zijn periodes van rust wanneer er geen directe aanleiding is om mee te praten. Tijdens periodes van rust bestaat betrokkenheid wel degelijk maar kan het minder zichtbaar zijn. Betrokkenheid neemt niet in alle wijken dezelfde vorm of zichtbaarheid aan. Dat komt ook naar voren in de betrokkenheid bij stedelijke opgaven. Wanneer projecten of opgaven invloed hebben op grote delen van de stad of de hele stad, vraagt dat soms een manier van meedenken en meepraten die voor sommige groepen bewoners makkelijker is dan voor andere. Dat verschil zie je ook tussen wijken en hun vertegenwoordigers. In de wijkscan staat dat verschillen in opleiding, tijd en toegang tot netwerken ook zorgen voor verschillen in hoe mensen betrokken kunnen zijn. Daardoor heeft niet iedereen evenveel mogelijkheden om te participeren.
Wanneer wijkvertegenwoordigers worden gevraagd om mee te denken over dit soort grote opgaven, kunnen er verschillen zijn in hoe zij meepraten. Die verschillen zeggen niets over hoeveel zij betrokken zijn, maar kunnen wel invloed hebben op hoeveel invloed hun inbreng uiteindelijk krijgt. Financiële consequenties Dictum V vraagt om inzicht in de kosten van behoeften aan democratische versterking per wijk, de wijze waarop de ambtelijke inbedding hiervan moet worden georganiseerd, en de financiële consequenties die hiermee samenhangen. De wijkscan vormt hiervoor het fundament. Deze laat zien dat bewoners in alle wijken willen meedoen en meepraten, en dit ook al doen in uiteenlopende vormen. Eén manier waarop dit wordt geïllustreerd, is door een blik op het subsidieregister. Door te kijken naar subsidieaanvragen met een expliciete wijkvermelding, ontstaat een beeld van de activiteiten die in de wijk worden georganiseerd. Het is daarbij van belang te melden dat dit beeld slechts een deel van de activiteiten in een wijk toont: de meeste subsidieaanvragen, onder meer voor leefbaarheid, bewonersparticipatie, veiligheidsinitiatieven of Haags Vieren, bevatten geen expliciete
4/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/11023298
wijkvermelding en er zijn activiteiten die wel bijdragen aan de wijkdemocratie die zonder subsidie plaatsvinden – zoals ook in de veldwerkverslagen van de wijkscan naar voren komt. De inzichten uit het subsidieregister hebben betrekking tot de activiteiten per wijk, maar worden niet toegepast om tot vergelijkingen of conclusies te komen. De bevindingen uit het dataonderzoek en veldwerk laten zien dat ondersteuning van de gemeente al veelvuldig wordt benut, maar niet altijd aansluit op de vele manieren waarop betrokkenheid van bewoners vorm krijgt in de wijken. De wijkscan toont per wijk welke behoeften er bestaan en welke knelpunten bewoners ervaren. Op basis hiervan kan worden bepaald welke vorm van democratische versterking passend is. Het initiatiefvoorstel stelt klankbordgroepen voor en schetst daarbij twee scenario’s. In wijken met een actieve bewonersorganisatie kan een klankbordgroep aansluiten op bestaande structuren. Wanneer de raad kiest voor een vorm die meer zelfstandigheid vraagt, zijn extra middelen noodzakelijk voor begeleiding, ondersteuning en het opbouwen van de benodigde capaciteit. In wijken zonder actieve bewonersorganisatie is de benodigde ondersteuning groter.
Het opzetten, begeleiden en faciliteren van een gelote groep die mede mag besluiten over wijkspecifiek beleid vraagt om intensievere inzet van professionals, heldere communicatie en structurele ondersteuning. Voor de ambtelijke inbedding betekent dit dat een stabiele structuur noodzakelijk is waarin de verantwoordelijkheden op het stadhuis en in de stadsdelen logisch op elkaar aansluiten. Bewoners verwachten duidelijkheid en toegankelijkheid, en dat vraagt om vaste aanspreekpunten per wijk, voldoende deskundigheid voor methodiekontwikkeling en monitoring, en goede samenwerking tussen het stadhuis en de stadsdelen om lokale kennis te benutten. Daarnaast is ondersteuning nodig voor bewoners die niet vanzelfsprekend kunnen deelnemen, zodat wijkdemocratie daadwerkelijk inclusief wordt. De financiële consequenties zijn afhankelijk van de keuzes die de gemeenteraad maakt. Meer intensieve vormen van wijkdemocratie, zoals gelote klankbordgroepen of mede-besluitvorming, vragen om extra investeringen in begeleiding, ondersteuning en communicatie. Ook de ambtelijke capaciteit moet worden versterkt om deze vormen van betrokkenheid goed te kunnen dragen.
Het SCP benadrukte recent dat tegenover hoge verwachtingen van bewonersinitiatieven en betrokkenheid ook passende investeringen moeten staan.1 Dat principe geldt ook voor de versterking van wijkdemocratie: bewoners kunnen en willen adviseren, meebeslissen en initiatief nemen, maar hun inzet moet op passende wijze worden gefaciliteerd. Vormen en versterkingen van de wijkdemocratie Bij het versterken van de wijkdemocratie is het belangrijk dat de vorm zo goed mogelijk aansluit op het participatielandschap van de wijk. Een versterking van de wijkdemocratie is gericht op de behoefte van de wijk en laat vooral ook werken wat al goed werkt. Onderstaand worden scenario’s van democratische versterking geschetst en voorzien van een kostenindicatie. Onderliggend aan deze scenario’s is ook de capaciteit om wijkdemocratie te faciliteren vanuit de stadsdelen. Een lichte vorm van democratische versterking kan inhouden dat er een breed platform wordt opgezet op stadsdeelniveau. Dit is vergelijkbaar met de Utrechtse wijkplatforms (Utrecht heeft tien wijken, welke qua schaal beter aansluiten op de stadsdelen dan wijken in Den Haag). Deze platforms hebben een adviserende rol en bieden ruimte aan actieve en betrokken inwoners om mee te praten. De wijkplatforms in Utrecht, maar ook de buurtplatforms in Amsterdam, moeten aantonen dat hun adviezen breed gedragen tot stand zijn gekomen.
Representativiteit is daarbij niet verankerd door
1
SCP, ‘Een sociaal-maatschappelijke reflectie op het coalitieakkoord’, februari 2026.
5/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/11023298
gekozen of gelote deelnemers, maar door aantoonbaar verbinding te leggen met verschillende groepen en netwerken bij het opstellen van adviezen. Voor een dergelijke vorm van wijkdemocratie in Den Haag kan ondersteuning vooral gericht zijn op goed contact met de stadsdelen en de middelen die een (stadsdeel)platform nodig heeft om zo representatief mogelijk te functioneren. Denk hierbij aan hulpmiddelen voor communicatie en toegang tot de kennis en netwerken van de stadsdeelorganisaties. Geschatte kosten zijn ongeveer € 0,5 – € 0,6 miljoen structureel per jaar. Een verdieping op deze vorm van democratische versterking kan inhouden dat de uitwerking van een wijkgerichte begroting (met een beperkte scope) wordt verkend, ondersteund door mogelijk een thematische klankbordgroep of het stadsdeelplatform. Hierbij kan aansluiting worden gezocht met de totstandkoming, uitvoering en doorontwikkeling van de wijkagenda’s. Deze combinatie biedt wijkbewoners een concrete en zichtbare vorm van participatie, vergroot het draagvlak voor de wijkagenda’s en versterkt de legitimiteit van keuzes in de wijk. De kosten zijn indicatief € 200.000,per aangewezen wijk/gebied, echter sterk afhankelijk van de gekozen scope en de mate waarin uitvoeringskosten worden meegenomen. Een intensievere vorm van democratische versterking, zoals gelote klankbordgroepen, vraagt om grotere investeringen.
Het Rotterdamse model van wijkdemocratie met wijkraden kan hiervoor ter illustratie dienen. Naast het instellen van de wijkraden als nieuw onderdeel in het bestuursmodel van Rotterdam, is tegelijk geïnvesteerd in een kanteling in de organisatie om deze meer gebiedsgericht te laten werken. Voor het komende jaar begroot de Rotterdamse gemeenteraad een bedrag van € 7,9 miljoen voor wijkdemocratie. Onder dit bedrag valt de vergoeding voor wijkraadsleden, personeelskosten voor coördinatoren en ondersteuners van de wijkraden, representatie- en communicatiebudgetten en overige kosten – bijvoorbeeld voor opleiding en ICT-middelen. Rekening houdend met de verschillende inwonersaantallen, bedragen de geschatte kosten voor Den Haag tussen de € 6,0 - € 8,0 miljoen. Dergelijke intensieve vorm vraagt om een lerende aanpak – welke ook wordt benadrukt in de nota Vitalisering democratie in Den Haag (RIS309465). Een pilot met gelote klankbordgroepen, in vormen die passen binnen het participatielandschap van de wijken, geeft inzicht in wat nodig is om dit zowel binnen een wijk als stadsbreed invulling te geven. Los van de specifieke vorm of invulling, toont de wijkscan aan dat passende ondersteuning en aanwezigheid van de gemeente in de wijken onderliggend is aan democratische versterking.
Wijkdemocratie werkt wanneer deze ook stevig is aangesloten op de institutionele wereld: de gemeente en haar partners. Door capaciteit in te zetten op zichtbaarheid in de wijk, goed contact met bewoners en het doortastend oppakken van signalen in de wijk, wordt bijgedragen aan meer betrokkenheid en verbinding in de wijk én tussen de wijken en het stadhuis. Hierbij kan aansluiting worden gezocht bij de versterking van de stadsdeelorganisatie en de beweging naar gebiedsgericht werken. Zo wordt bijgedragen aan herkenbare aanspreekpunten binnen de gemeente en aan tastbare resultaten van participatie. Bij extra inzet om de brugfunctie van de stadsdelen te verstevigen en de uitvoeringskracht van op wijkniveau te vergroten, bedragen de kosten hiervoor tussen de € 1,0 - € 1,5 miljoen per jaar.
6/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/11023298
Samengevat geeft dit het volgende beeld van de financiële consequenties: Lichte democratische versterking - stadsdeelplatforms Onderdeel
Financiële consequentie 2026 e.v.
Toelichting
Basisondersteuning en € 1 mln. – € 1,5 mln. aanwezigheid in de wijk
Sterke gemeentelijke aanwezigheid in de wijk
Opzetten stadsdeelplatforms
€ 0,5 – 0,6 mln.
Brede platforms per stadsdeel met adviserende rol.
Totaal:
€ 1,5 – € 2,1 mln.
Lichte en laagdrempelige democratische versterking, gericht op brede betrokkenheid.
Verdieping – wijkgerichte begroting & klankbordgroep Onderdeel
Financiële consequentie 2026 e.v.
Toelichting
Basisondersteuning en € 1,0 – € 1,5 mln. aanwezigheid in de wijk
Sterke gemeentelijke aanwezigheid in de wijk
Opzetten stadsdeelplatforms
€ 0,5 – € 0,6 mln.
Brede platforms per stadsdeel met adviserende rol.
Wijkgerichte begroting
€ 0.2 mln. per wijk/ Wijkgerichte begroting uitgaande van circa 5 – 10 gebied. wijken/gebieden. Totaal: € 1,0 – € 2,0 mln.
Totaal:
€ 2,5 mln. – € 4,1 mln.
Diepere participatievorm, meer inhoudelijke betrokkenheid per wijk.
Intensieve democratische versterking – gelote klankbordgroepen/wijkraden Onderdeel
Financiële consequentie 2026 e.v.
Toelichting
Basisondersteuning en aanwezigheid in de wijk
€ 1 mln. – € 1,5 mln.
Sterke gemeentelijke aanwezigheid in de wijk
Gelote klankbordgroepen/ € 6 mln. – € 8 wijkraden mln.
Zwaardere variant
Totaal:
Hoogste intensiteit, sterkste democratische vernieuwing.
€ 7,0 – € 9,5 mln.
7/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/11023298
De wijkscan biedt een stevige basis om per wijk tot een kostenraming te komen. De uiteindelijke financiële consequenties zijn afhankelijk van ambitie van de gemeenteraad en van de mate van ondersteuning die noodzakelijk wordt geacht om de gekozen vormen van wijkdemocratie verantwoord en duurzaam in te richten. Hiervoor worden verschillende scenario's beschreven. Op dit moment is er geen budget beschikbaar om invulling te geven aan deze scenario's. Wanneer uw raad besluit om één van de scenario's over te nemen en op die manier invulling te geven aan dit initiatiefvoorstel, dan dient hierbij ook besloten te worden over de bijbehorende dekking. Reactie college op adviezen van bewonersorganisaties Dictum VII van het initiatiefvoorstel vraagt om “te onderzoeken en terug te koppelen aan de raad waarom bewonersorganisaties, zoals de Commissie Loosduinen, tot op heden regelmatig geen ontvangstbevestiging of inhoudelijke reactie ontvangen op hun adviezen.” Een soortgelijk signaal komt naar voren in de wijkscan, hier tegenover wordt ook gesteld dat contact met stadsdeel Loosduinen naar tevredenheid verloopt. In de Evaluatie Beleidsnota Bewonersorganisaties Den Haag 2021 (RIS320063) worden enkele conclusies en aanbevelingen gedaan met betrekking tot de samenwerking tussen de gemeente en bewonersorganisaties.
Hierin wordt onder andere het belang van duidelijke communicatie en betere samenwerking tussen bewonersorganisaties, stadsdelen en gemeentelijke diensten genoemd. Op basis van deze evaluatie is het Actieplan verbeteren samenwerking bewonersorganisaties en gemeente (RIS322962) opgesteld. Hierover heeft de raad in december 2025 een update ontvangen (RIS322365). Binnen actielijn 1 samenwerking en communicatie worden verbeter voorstellen gedaan voor relatie beheer en een nieuwe overlegstructuur. De eerste actie is het werken met basisafspraken vanuit de stadsdelen. Zo heeft elke bewonersorganisatie een accounthouder binnen het stadsdeel. De accounthouder is het eerste aanspreekpunt voor de bewonersorganisatie en heeft regelmatig overleg met de bewonersorganisatie. Daarnaast heeft elk stadsdeel een stadsdeeloverleg bewonersorganisaties. Naast de stadsdelen en bewonersorganisaties sluiten hier ook andere gemeentelijke diensten bij aan. Het doel van dit overleg is uitwisseling van informatie en signalen over wijkoverstijgende onderwerpen en het bevorderen van onderlinge samenwerking. Hierdoor ontstaan kortere lijnen tussen bewonersorganisaties, stadsdelen en de gemeentelijke diensten. Tijdens dit overleg kunnen inhoudelijke adviezen besproken worden en kan de gemeente een terugkoppeling geven wat er mee gedaan wordt.
Positie van commissie Loosduinen De voorzitter van de commissie Loosduinen benadrukt de waarde van transparante communicatie rond de afwegingen bij besluiten van het college. Dit kan via een schriftelijke reactie op adviezen maar de commissie Loosduinen nodigt collegeleden ook geregeld uit bij vergaderingen. Met oog op de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2026 waarborgt het college dat de samenwerking met bewonersorganisaties wordt behandeld tijdens het inwerken van het nieuwe bestuur. Met hierbij aandacht voor de bijzondere positie van de commissie Loosduinen binnen Den Haag. Een vertrekpunt voor wijkdemocratie De wijkscan brengt in kaart hoe bewoners in verschillende wijken meedoen, initiatief nemen en invloed ervaren. De scan laat zien hoe het participatielandschap per wijk is opgebouwd: welke formele structuren er zijn, hoe bewoners zich organiseren en welke vormen van betrokkenheid zichtbaar worden. Op basis daarvan ontstaat een beeld van wat wijkdemocratie in de praktijk vraagt en draagt, en op welke manieren dit verschilt tussen wijken.
8/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/11023298
Wijkdemocratie wortelt in de dagelijkse leefwereld van bewoners. Het sociaal weefsel van een wijk, de mate waarin mensen elkaar kennen, elkaar weten te vinden en verantwoordelijkheid willen delen, bepaalt in hoge mate of bewoners daadwerkelijk invloed kunnen uitoefenen. Elementen als sociale samenhang, wederkerigheid en samenredzaamheid zijn daarbij essentieel. De Inspraak- en participatieverordening is gericht op participatie in de formele zin. Met de wijkagenda’s wordt al gewerkt aan brede participatie op wijkniveau. In de wijken vormen bewonersinitiatieven, ontmoetingsplekken en informele netwerken de praktijk waarin democratische betrokkenheid kan groeien. De twee lessen waar de wijkscan mee afsluit, leren samen dat wijkdemocratie vraagt om een responsieve gemeente. Dat sluit aan bij de lopende inzet van de gemeente om benaderbaar te zijn en te luisteren naar de vragen, wensen en ervaringen van inwoners. Het vraagt om vroegtijdige en transparante communicatie en participatie, ook wanneer opgaven complex zijn of veel los maken. Inwoners verwachten in die omstandigheden dat de gemeente snel en adequaat handelt. En dat verhoudt zich niet altijd met het democratische besluitvormingsproces. En het vraagt om niet alleen ontvankelijk te zijn maar om ook actief in te zetten op aanwezigheid in de wijken: om het gesprek op te zoeken.
En is er aandacht voor het vergroten van de representativiteit van bewonersorganisaties. Door in te zetten op wijkdemocratie, voortbouwend op de wijkscan, kan de gemeente Den Haag bewust investeren en ruimte te geven aan de informele netwerken en betrokken bewoners die de Haagse wijken rijk zijn. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
9/9