RIS324999 Inkomsten nevenfuncties collegeleden 2025
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
BSD/11030341 RIS324999 Contactpersoon
Aan de gemeenteraad
Annette Snel Dienst
Bestuursdienst Afdeling
BSD BGS Telefoonnummer
Datum
14070
17 maart 2026
E-mailadres
annette.snel@denhaag.nl
Onderwerp
Inkomsten nevenfuncties collegeleden 2025
Op grond van de artikel 41b en artikel 67 van de Gemeentewet en de Gedragscode Integriteit burgemeester en wethouders van de gemeente Den Haag 2021 (RIS307838) worden de nevenfuncties van de collegeleden openbaar gemaakt en wordt uw raad hierover geïnformeerd. Het college publiceert de nevenfuncties in een openbaar register op www.denhaag.nl. Op grond van artikel 41b en 67 van de Gemeentewet dienen burgemeester en wethouders ook de inkomsten uit nevenfuncties openbaar te maken. Dit betreft zowel de ambtsgebonden nevenfuncties (q.q.) als de niet-ambtsgebonden nevenfuncties. Ambtsgebonden nevenfuncties vloeien voort uit het ambt. Daar is in ieder geval sprake van indien het collegelid zich er niet aan kan onttrekken en de functie moet worden beëindigd zodra het ambt niet meer wordt uitgeoefend. Inkomsten uit ambtsgebonden nevenfuncties moeten in de gemeentekas worden gestort. Eventuele inkomsten uit niet -ambtshalve nevenfuncties worden niet in de gemeentekas gestort. De openbaarmaking van de neveninkomsten voor zowel ambtshalve als niet ambtshalve genoten neveninkomsten, geldt voor alle collegeleden die (een periode van) 2025 in functie waren. Gelet op het bepaalde in art. 41b, lid 5, en art. 67, lid 4, Gemeentewet gaat het bij nevenkomsten uitsluitend om belastbaar loon, niet om winst uit onderneming of het resultaat uit overige werkzaamheden.
De openbaarmaking van de neveninkomsten moet uiterlijk op 1 april volgend op het jaar waarin de inkomsten werden genoten, plaatsvinden.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/11030341
Alle (oud-) collegeleden, die (gedeeltelijk) in 2025 deel uit maakten van het college, hebben desgevraagd aangegeven dat zij tijdens het wethouderschap geen inkomsten uit een nevenfunctie, zoals hiervoor omschreven, hebben genoten. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2