RIS324897 Afdoening motie Gezinnen in Morgenstond
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de gemeenteraad
DSO/11040093 RIS324897 Contactpersoon
Arjan van Staalduinen Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
DSO Zuidwest Telefoonnummer
14070 E-mailadres
arjan.vanstaalduinen@denhaag.nl
Datum
21 april 2026 Onderwerp
Afdoening motie: ‘Gezinnen in Morgenstond’
Uw raad heeft, tijdens het debat over Zuidwest op 26 februari 2026, de door het raadslid KlokkenburgReedeker ingediende motie: ‘Gezinnen in Morgenstond’ (RIS324897) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende, dat: • in de Ambitie- en Scopebepaling Morgenstond staat dat de vraag naar gezinswoningen blijft; • in deze Ambitie- en Scopebepaling voor Morgenstond-Oost staat dat “bij het bouwen van de woningen aandacht moet zijn voor grote woningen: 4 à 5-kamerwoningen, met een minimum oppervlakte (sic) van 100 m2. Zo biedt dit deelgebied ook voldoende ruimte voor grote gezinnen.”; • in het participatieverslag behorend bij de bouwenvelop Denekamp zorgen geuit worden over het beperkte aanbod van grotere gezinswoningen; • in de bouwenvelop Denekamp hooguit enkele grotere gezinswoningen in het dure segment worden benoemd, wat in de brief van het college (RIS 324679) wordt bekrachtigd. Overwegende, dat: • in het projectdocument voor Dreven, Gaarden, Zichten is opgenomen dat 10% van de sociale huurwoningen een gezinswoning zal zijn (4-kamer, >80m2); • dit voor Morgenstond niet is opgenomen, omdat in de Ambitie- en Scopebepaling voldoende aanleiding was dat hier expliciet aandacht voor zou zijn.
Verzoekt het college: • in de verdere planuitwerking van plan Denekamp ook in te zetten op ruimere gezinswoningen in het sociale segment en de raad hier uiterlijk bij de omgevingsvergunning over te informeren.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/11040093
Het college doet de motie op de volgende manier af: De brief d.d. 16 februari 2026 (RIS324679), waarin de raad over woningdifferentiatie wordt geïnformeerd, geeft duidelijke kaders aan over de wijze waarop het huidige woonbeleid fungeert. Het gemeentelijk beleid woonvisie Den Haag 2040 (RIS319812) (hierna woonvisie) stuurt primair op woningdifferentiatie; woningaantallen, woningcategorieën). De woonvisie hanteert een norm dat maximaal 20% van het aantal woningen per nieuwbouwproject in Zuidwest mag bestaan uit kleine woningen (woonoppervlak van <50m2 GBO). Bij het opstellen van de uitgangspunten (bouwenvelop) van de ontwikkelingsmogelijkheden op gebieds- of op projectniveau, bepalen partners (corporaties, beleggers/ontwikkelaars en gemeente) gezamenlijk welke differentiatie (woningtype en aantal kamers) en woonmilieu (leefstijl) gewenst is. Corporaties bepalen zelf welke types nodig zijn aan de hand van hun portefeuillestrategie, woningbehoefteonderzoeken en de herhuisvestingsopgave. Voor het marktsegment zit de sturing ook primair op categorie maar impliciet hiermee ook op typologie. Een grote woning zal al snel meer dan 186 punten zijn en daarmee niet meer binnen de middenhuur vallen. In de woonvisie wordt voorgesteld om de mogelijkheden te verkennen voor een richtlijn om een minimaal aandeel grotere woningen bij projecten vanaf 200 woningen te realiseren.
Op projectniveau levert de gemeente uiteraard input, afhankelijk van locaties, doelgroepen en financiële parameters. In de vastgestelde bouwenenvelop Denekamp zijn momenteel 76 woningen groter dan 80 m² in het duurdere segment opgenomen. Voor het project Denekamp zal het college het gesprek aangaan met de betreffende woningcorporatie en de ontwikkelaar om zo te onderzoeken wat de mogelijkheden (nog) zijn om grotere gezinswoningen in het sociaal segment in te passen voor het project Denekamp. Over de resultaten van deze gesprekken zal de raad bij behandeling van de BOPA voor Denekamp worden geïnformeerd. Naar verwachting zal het BOPA in het vierde kwartaal 2026 aan de raad worden voorgelegd. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2