RIS324795 Werksessies met rondvaartorganisaties en onderzoek beweegbare bruggen
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Robert Barker Wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de algemene raadscommissie (Leefomgeving)
DSB/11010426 RIS324795 Contactpersoon
Niels Oden Dienst
Dienst Stadsbeheer Afdeling
DSB Stedelijk beheer Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
26 maart 2026
niels.oden@denhaag.nl
Onderwerp
Werksessies met rondvaartorganisaties en onderzoek beweegbare bruggen
Op 20 november 2025 heeft uw commissie Leefomgeving het Meerjarenprogramma Kunstwerken V (RIS323402) besproken. Tijdens deze vergadering is door rondvaartorganisaties aandacht gevraagd voor hinder op het water bij werkzaamheden aan kademuren en bruggen en mogelijke tijdelijke ligplaatsen. Ik heb toegezegd (nummer toezegging 1167) hierover met hen in gesprek te gaan. Daarnaast heb ik toegezegd de raad te informeren over het onderzoek naar de functionaliteit van de Calandbrug en Leeghwaterbrug. In deze brief neem ik u mee in de huidige stand van zaken. Beheersbare hinder op het water voor rondvaartorganisaties Het college onderkent het belang van de rondvaartorganisaties voor de stad. Bij werkzaamheden aan kademuren en bruggen is het uitgangspunt om de rondvaartorganisaties zo goed mogelijk te faciliteren en de hinder waar mogelijk te beperken. Tegelijkertijd geldt dat de veiligheid van passagiers, medewerkers van de rondvaartorganisaties en uitvoerend personeel van de gemeente en de aannemer altijd leidend is.
In de praktijk betekent dit dat er verschillende gradaties van hinder voorkomen, waarbij de duur kan verschillen: • tijdelijke beperking van de doorvaartbreedte (doorvaart blijft mogelijk); • een korte stop voor bijvoorbeeld hijswerkzaamheden van circa een kwartier; • afsluitingen tijdens werktijden, waarbij buiten werktijden doorvaart mogelijk blijft (indien nodig uitsluitend zonder passagiers); • volledige afsluiting van de vaarweg (24/7). Tijdens verschillende werksessies verkennen we samen met de rondvaartorganisaties hoe we toekomstige hinder zo goed mogelijk kunnen beperken. We brengen de soort impact duidelijk in beeld en bekijken welke maatregelen helpen om de hinder te beheersen. Zo zorgen we er samen voor, dat de organisaties hun diensten kunnen blijven aanbieden en geen nadeelcompensatie hoeven aan te vragen. In december 2025 zijn de belangrijkste zorgen geïnventariseerd en zijn mogelijke maatregelen door de rondvaartorganisaties aangedragen. De rondvaartorganisaties maken zich met name zorgen over de hinder bij de kademuren en bruggenprojecten Uilebomen–Boomsluiterskade (start uitvoering verwacht halverwege 2027), de fietsbrug over de Trekvliet (onderdeel van de Verlengde Velostrada (RIS324960, start uitvoering verwacht in 2029)en Groenewegje (start uitvoering verwacht eind 2028/begin 2029).
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/11010426
De grootste zorg is dat het rondje grachtenring – hun belangrijkste route – tijdelijk niet of nauwelijks uitvoerbaar wordt. Hierdoor moeten zij omvaren, lopen de kosten op en kunnen minder rondvaarten per dag plaatsvinden. Daarnaast zijn er zorgen over de samenloop van hinder van verschillende projecten en over de doorvaart bij de Trekvliet. De rondvaartorganisaties zien verschillende oplossingsrichtingen zoals spreiding van ligplaatsen en doorvaart met passagiers onder het werkplateau bij het project Uilebomen-Boomsluiterskade. Bij eerdere projecten kon dit niet i.v.m. de bouwveiligheid. Daarnaast zijn nog een aantal kleinere maatregelen genoemd. Alle maatregelen worden momenteel onderzocht op hun effect op de doorvaarbaarheid en bereikbaarheid van het water en de consequenties voor overige stakeholders en de uitvoering (doorlooptijd, hinder, financiën etc.). De onderzoeken naar de verschillende maatregelen kennen uiteenlopende doorlooptijden. Om het proces zo efficiënt mogelijk te laten verlopen, worden de onderzoeken geprioriteerd op basis van de samenhang met het project dat als eerste richting aanbesteding gaat. Een van deze onderzoeken betreft ook de mogelijkheid van tijdelijke ligplaatsen. De meest recente werksessie v0nd plaats op 25 februari 2026 en later dit jaar zullen nog een aantal sessies volgen.
Komende werksessie wordt de stand van zaken teruggekoppeld, worden de aangedragen maatregelen verder verdiept, wordt aanvullende informatie opgehaald voor het onderzoek en wordt gezamenlijk gewerkt aan een protocol met duidelijke afspraken over hinder en bijbehorende maatregelen. We maken in dit protocol ook afspraken over de communicatie. Daarin leggen we vast wanneer en hoe rondvaartorganisaties geïnformeerd worden over verschillende vormen van hinder. Zo kunnen zij hun bedrijfsvoering tijdig aanpassen. De verwachting is dat de werksessies eind 2026 worden afgerond en dat er dan, in samenwerking met de rondvaartorganisaties, duidelijke afspraken zijn gemaakt om hinder te beheersen. Onderzoek functionaliteit beweegbare bruggen Voor het Meerjarenprogramma Kunstwerken V – werkprogramma 2026–2030 is de totale behoefteraming vastgesteld op € 340 miljoen. Voor een aanzienlijk deel van dit programma, namelijk € 290 miljoen, moet echter nog financiële dekking worden gevonden. Na afronding van de programmabegroting 2027-2030, zal een raadsvoorstel worden opgesteld met een geactualiseerd werkprogramma 2026-2029, op basis van het beschikbaar gestelde budget. Op basis van de beschikbare middelen wordt een uitvoeringsbesluit opgesteld voor het MJPK V - werkprogramma 2026–2030, waarin de definitieve scope wordt vastgelegd.
Onderdeel hiervan zijn onder meer de functionaliteit van beweegbare bruggen en de maatregelen die nodig zijn bij werkzaamheden aan kademuren en bruggen voor rondvaartorganisaties. In werkprogramma MJPK5 (RIS323402) is aangegeven dat de gemeente werkt aan een zorgvuldige afweging tussen het wel of niet beweegbaar houden van de Calandbrug en Leeghwaterbrug. De aankomende renovatie biedt een kans om de beweegbare functie van de bruggen te herzien in relatie tot gebruik en maatschappelijke waarde. Dit sluit aan bij de wens om zorgvuldig om te gaan met middelen en ruimte, zoals benoemd in de actualisatie van de Staat van de Buitenruimte (RIS322275).
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/11010426
Het huidige gebruik van de bruggen beperkt zich tot enkele openingen per maand. Daarom is een analyse opgesteld van de verwachte impact van het beëindigen van de beweegfunctie voor gebruikers en de omgeving. Uit deze analyse volgt dat het volledig vastzetten van beide bruggen impact heeft op het nautisch gebruik. Achter de bruggen liggen in ieder geval 110 woonboten die niet onder vastgezette bruggen door kunnen voor incidenteel gebruik - bijvoorbeeld voor onderhoud of verhuizing. Ook maakt momenteel de Schepencarrousel gebruik van deze route. Tegelijkertijd is het functioneel gebruik van de Laakhavens en het Laakkanaal aan het veranderen vanwege verschillende gebiedsontwikkelingen en zijn de mogelijke effecten van ontwikkelingen ten aanzien van logistiek over water nog moeilijk in te schatten. Er is een aanvullende verkenning uitgevoerd naar technische mogelijkheden om met een beperktere investering, op gezette tijden een beperkt aantal brugopeningen per jaar mogelijk te maken om zo de mogelijke impact op de omgeving te verminderen. Deze extra stap doet recht aan de gewenste zorgvuldigheid, maar betekent ook dat de te maken afweging meer tijd vraagt. Gezien de complexiteit en de grote belangen is meer tijd nodig. Het resultaat van de afweging wordt verwerkt in het uitvoeringsbesluit dat later in het jaar aan de raad wordt aangeboden.
Met vriendelijke groet, de wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu Robert Barker
3/3