RIS324738 Beantw SV Huisbezoeken aan vreedzame demonstranten
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
21 april 2026 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid Faïd, luidend: ‘Huisbezoeken aan vreedzame demonstranten’
BSD/11022892 RIS324738
Het raadslid Faïd heeft op 18 februari 2026 een brief met daarin dertien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Naar aanleiding van berichtgeving over een medewerker van Amnesty International die na deelname aan een vreedzaam, aangemeld protest in Den Haag thuis is bezocht door de politie in het kader van een zogenoemd CTER-huisbezoek. 1.
Deelt het college de opvatting dat deelname aan een vreedzame, aangemelde demonstratie nooit op zichzelf aanleiding mag zijn voor een huisbezoek of registratie in het kader van terrorisme, extremisme en radicalisering? Zo nee, waarom niet?
Ja. Het college onderschrijft de opvatting dat alleen het deelnemen aan een demonstratie nooit aanleiding kan zijn voor een huisbezoek of registratie. 2.
Hoe vaak zijn in 2024 en 2025 in Den Haag demonstranten na afloop van een vreedzaam protest thuis bezocht door de politie en in hoeveel van die gevallen ging het om CTER-registraties?
De politie heeft haar handelingskader ten aanzien van demonstraties medio 2025 aangescherpt, zie: https://www.politie.nl/politie-verduidelijkt-werkwijze-huisbezoek-rondom-demonstraties In het handelingskader is onder meer opgenomen dat uitsluitend het deelnemen aan een demonstratie nooit aanleiding kan zijn voor een huisbezoek. Wel kunnen er andere redenen zijn voor het thuis bezoeken van burgers, bijvoorbeeld als de politie zorgen heeft over het welzijn of (mogelijk strafbare) gedragingen van personen. Daar worden geen cijfers van bijgehouden. 3.
Kan het college daarnaast aangeven hoe vaak de politie Den Haag en/of de burgemeester van Den Haag opdracht heeft gegeven tot het thuis opzoeken van een demonstrant, ook wanneer het feitelijke huisbezoek is uitgevoerd door agenten uit een andere eenheid of regio?
De burgemeester heeft geen opdracht gegeven tot het thuis opzoeken van demonstranten. De politie heeft aangegeven dat cijfers over eventuele huisbezoeken niet op geautomatiseerde wijze kunnen worden gegenereerd.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/11022892
4.
Onderkent het college dat huisbezoeken in de privésfeer, zeker wanneer deze plaatsvinden in een CTER-context, een intimiderend en afschrikwekkend chilling effect kunnen hebben op het uitoefenen van het demonstratierecht? Hoe weegt het college dit risico in relatie tot de verantwoordelijkheid van de burgemeester als bevoegd gezag bij demonstraties?
Het college benadrukt dat de burgemeester geen opdracht geeft (of heeft gegeven) tot huisbezoeken. De burgemeester richt zich als bevoegd gezag op het waarborgen van het demonstratierecht en het faciliteren van demonstraties. Zoals vermeld in het antwoord op vraag 2 heeft de politie in 2025 het handelingskader aangescherpt, waarbij expliciet is vastgelegd dat het alleen deelnemen aan een vreedzame demonstratie nooit aanleiding mag zijn voor een huisbezoek. Dit laat onverlet dat om het faciliteren, begeleiden en beschermen van een demonstratie naar behoren te kunnen invullen, het van belang is vooraf zo goed mogelijk geïnformeerd te zijn over o.a. de aard en de omvang van een demonstratie. In dat kader kan informatie worden verzameld bij een burger die (mogelijk) deel uitmaakt van de organisatie van de demonstratie. De vorm van contact met een burger ten behoeve van de informatievergaring over een demonstratie moet evenredig zijn en passen bij de situatie. Indien kan worden volstaan met telefonisch contact, wordt daarvoor gekozen 5.
Welke concrete criteria worden gehanteerd om over te gaan tot een CTER-huisbezoek en/of registratie na deelname aan een protest? Wordt daarbij expliciet getoetst aan noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit?
Indien er zorgen zijn over het welzijn, of indien er sprake is van (mogelijk) strafbaar gedrag kan worden besloten een huisbezoek af te leggen. Daarbij worden de uitgangspunten van proportionaliteit en subsidiariteit nadrukkelijk gewogen, evenals het effect dat een huisbezoek op de betreffende persoon kan hebben. In het dagelijkse politiewerk kunnen zich situaties voordoen die het noodzakelijk maken om een huisbezoek af te leggen. Dat zijn inschattingen en afwegingen die iedere dag door de politie in het operationele werkveld worden gemaakt. 6.
Wie maakt de afweging om over te gaan tot een CTER-huisbezoek of -registratie (welk team, welke functionaris of welke gezagsdrager binnen de politie is hiertoe bevoegd)? In hoeverre is het Team Openbare Orde Inlichtingen (TOOI) hierbij betrokken? In hoeverre wordt de burgemeester als bevoegd gezag bij demonstraties geïnformeerd over, dan wel betrokken bij, deze afwegingen en besluiten?
Een huisbezoek in het kader van CTER-zorgen wordt vooraf binnen de politie besproken en voorbereid. Dit gebeurt doorgaans in de zogenaamde CTER-regiegroepen. Het Team Openbare Orde Inlichtingen is daar niet bij betrokken. Het afleggen van huisbezoeken door de politie is onderdeel van de operationele politietaak en wordt niet met de burgemeester afgestemd. 7.
Worden bij dergelijke registraties gegevens vastgelegd over politieke opvattingen, deelname aan demonstraties, werkgevers of gezinssituatie? Acht het college dit verenigbaar met het recht op privacy en de bescherming van bijzondere persoonsgegevens?
Dergelijke gegevens worden, conform geldende wet- en regelgeving, alleen vastgelegd indien een casus daar aanleiding toe geeft.
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/11022892
8.
Kan het college inzichtelijk maken hoeveel CTER-registraties in Den Haag betrekking hebben op personen tegen wie géén concrete verdenking van een strafbaar feit bestond?
Uit navraag bij de politie is gebleken dat cijfers over het aantal CTER-registraties niet op geautomatiseerde wijze kunnen worden gegenereerd. Hierdoor kan dit niet inzichtelijk worden gemaakt. 9.
Op welke wijze worden inwoners geïnformeerd over het feit dat zij zijn opgenomen in een CTER-registratie? Wordt dit actief gemeld of uitsluitend na een inzageverzoek?
Een registratie wordt over het algemeen opgemaakt naar aanleiding van een politiecontact. Burgers worden na het opmaken van een registratie niet actief geïnformeerd. Burgers worden wel actief geïnformeerd indien zij zijn opgenomen in een zogenaamde persoonsgerichte CTER-aanpak. Daarnaast kan iedere burger een inzageverzoek indienen bij de politie. 10. Deelt het college de zorg dat effectieve rechtsbescherming onder druk staat wanneer betrokkenen geen volledig inzicht krijgen in hun registratie? Welke stappen worden gezet om transparantie en controle te verbeteren, mede in het licht van signalen van de Autoriteit Persoonsgegevens en de Nationale Ombudsman? Iedere burger kan een inzageverzoek indienen bij de politie en op die manier inzicht krijgen in de informatie die over die persoon in de politiesystemen is opgenomen. De Nationale Politie heeft het proces voor inzageverzoeken de afgelopen jaren duidelijker en toegankelijker gemaakt door uitgebreide informatie en uitleg op de website, betere communicatie over wat je als burger kunt verwachten en door de wettelijke termijnen strakker te bewaken. Het toezicht op het CTER-domein als geheel is belegd bij de Inspectie van Justitie en Veiligheid. Daarnaast is de Autoriteit Persoonsgegevens verantwoordelijk voor het toezicht op gegevensverwerking onder de Wet politiegegevens (waar registraties van CTER-incidenten onder vallen). 11.
In hoeverre is de burgemeester als bevoegd gezag op de hoogte van deze praktijk, en welke afspraken bestaan er tussen gemeente en politie over de omgang met vreedzame demonstranten na afloop van een protest?
De politie handelt op basis van een landelijk vastgesteld handelingskader demonstraties. De burgemeester is bekend met dit handelingskader. 12. Is het college bereid met de politie in gesprek te gaan om te waarborgen dat deelname aan een vreedzame demonstratie, zonder concrete dreiging of het plegen van een strafbaar feit, niet kan leiden tot een huisbezoek of CTER-registratie? Het college verwijst naar het aangescherpte beleid binnen de politie inzake demonstraties waarin de politie geen huisbezoeken aflegt indien uitsluitend sprake is van deelname aan een demonstratie. Het enkele gegeven van deelname aan een demonstratie zorgt daarnaast niet voor een CTER-registratie.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/11022892
13. Is het college bereid zich actief uit te spreken voor maximale bescherming van het demonstratierecht en tegen onnodige surveillance van vreedzame demonstranten in Den Haag? Het college onderschrijft het belang van het demonstratierecht en zet zich in voor veilige en onbelemmerde uitvoering daarvan. Tevens spreekt het college zich uit tegen iedere vorm van onnodige belemmering van dit grondrecht. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
4/4