RIS324625 Afdoening motie Zekerheid over parkeren en mobiliteitshub in Denekamp
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Uw brief van kenmerk Ons kenmerk
Aan de gemeenteraad
DSO/11022282 RIS324625 Contactpersoon
Arjan van Staalduinen Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
DSO Zuidwest Telefoonnummer
14070 E-mailadres
Datum
arjan.vanstaalduinen@denhaag.nl
17 maart 2026
Faxnummer Aantal bijlagen
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Zekerheid over parkeren en mobiliteitshub in Denekamp’
Uw raad heeft, tijdens het Zuidwestdebat op 29 januari 2026, de door het raadslid Uduba ingediende motie: ‘Zekerheid over parkeren en mobiliteitshub in Denekamp’ (RIS324625) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende dat: in de huidige situatie parkeren in Denekamp grotendeels op straat plaatsvindt; de bouwenvelop voor Denekamp uitgaat van een verschuiving van parkeren naar eigen terrein en naar een nog te realiseren mobiliteitshub; de raad nog geen besluit heeft genomen over het investeringsbesluit en de uitgangspunten voor beheer en exploitatie van de mobiliteitshub; bewoners aangeven dat de parkeerdruk nu al hoog is en zich zorgen maken over verdere toename in de wijk. Overwegende dat: draagvlak vraagt om duidelijkheid vooraf over parkeren; voorkomen moet worden dat tijdens de uitvoering een tijdelijk parkeertekort ontstaat. Verzoekt het college: te borgen dat de raad eerst het investeringsbesluit voor de mobiliteitshub vaststelt, inclusief de uitgangspunten voor beheer en exploitatie, voordat parkeerplekken op straat worden gewijzigd of opgeheven; de raad vóór de start per fase te informeren over de beschikbare vervangende parkeercapaciteit. Het college doet de motie op de volgende manier af:
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/11022282
De huidige bewoners van Denekamp en hun bezoekers parkeren nu hun auto op straat. Als gevolg van sloop/nieuwbouw op de Denekamp locatie vervalt de huidige bestemming en ook de bijbehorende parkeervraag. Voor het nieuwe bouwplan geldt dat conform het beleid het parkeren op eigen terrein (POET) voorzien dient te worden. Deze voorziening dient bij ingebruikname van het gebouw operationeel te zijn. Naast de parkeervoorziening wordt er ook een hub gebouwd waarin deelmobiliteit en buurtlogistieke voorzieningen voor de omliggende buurt gerealiseerd wordt. Deze hub staat dus los van de parkeervoorziening voor de nieuwe bewoners en bezoekers. Om de hub mogelijk te maken zal te zijner tijd een investeringsvoorstel aan de gemeenteraad ter besluitvorming worden voorgelegd. Door de sloop en nieuwbouw verschuift het parkeren van de openbare ruimte naar eigen terrein, waardoor er ruimte vrijvalt in de openbare ruimte om parkeerplaatsen, die voorheen werden bezet door de bewoners en bezoekers, te benutten voor andere functies, zoals groen, spelen en voetpaden. Uitgangspunt is daarbij dat de parkeerdruk in de omgeving niet boven de 90% uitkomt.
Een recente parkeerdrukmeting van begin september 2025 laat zien dat de parkeerdruk rondom de locatie Denekamp onder de 90 % ligt, waardoor er mogelijkheden ontstaan om parkeerplekken die voor de voorgaande bestemming van het plot bestemd waren, weg te halen. Hiervoor wordt eerst een herinrichtingsplan voor de omliggende openbare ruimte met een bijbehorende parkeerbalans opgesteld. Over het voorlopig ontwerp voor de herinrichting van de aanliggende openbare ruimte, inclusief de hoeveelheid parkeerplaatsen op straat, dient de raad te besluiten. Pas na vaststelling van genoemde besluiten zal gestart worden met de uitvoering. Tijdens de realisatiefase van het project moet worden voorkomen dat er een tijdelijk parkeertekort ontstaat. Hiervoor dient de ontwikkelaar voorafgaand de uitvoering een plan aan te leveren waarin aandacht wordt gevraagd voor de bereikbaarheid en leefbaarheid tijdens de uitvoeringswerkzaamheden. De gemeente toetst dit plan op voornoemde aspecten, zodat het parkeren voor de uitvoering zorgvuldig is beschouwd. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2