CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS324434 Aanvraag omgevingsvergunning voor hotel bij De Helena

Algemene Raadscommissie 28 mei 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: VERVOLG: Raadsmededeling inzake Stopzetten tender Helena790 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RIS-nummer: 324434 Schriftelijke vragen: Aanvraag omgevingsvergunning voor hotel bij De Helena Indiener: Lesley Arp, SP, Robin Smit, Partij voor de Dieren Datum: 16 januari 2026 Aan de voorzitter van de gemeenteraad, Op 9 januari 2026 is er een omgevingsvergunning aangevraagd voor het pand aan het Helena van Doeverenplantsoen 3, voor het veranderen van het pand tot filmtheater, een boetiek filmhotel met 76 kamers, creatieve werkplekken, horeca en een huiskamer. De SP en Partij voor de Dieren hebben signalen ontvangen van grote verbazing uit de buurt, de culturele initiatieven en huurders die hier gevestigd zijn over deze aanvraag met een plan voor een hotel. De SP en Partij voor de Dieren vragen zich af of dit hotelplan verenigbaar is met de tendervoorwaarden voor een nieuwe invulling van de Helena en wil hier zo snel mogelijk opheldering over van het college. Overeenkomstig art. 32 van het Reglement van orde stellen de raadsleden Lesley Arp (SP) en Robin Smit (Partij voor de Dieren) de volgende vragen: 1.

Is het college op de hoogte van de aanvraag van een omgevingsvergunning voor (onder andere) een boetiek filmhotel met 76 kamers op het Helena van Doeverenplantsoen 3? In het Verkoopdocument Filmtheater De Helena staat bij hoofdstuk 2.5 Planologie (blad 16) het volgende: “Een eventuele horeca-functie, die het filmtheater ondersteunt dient juridisch gezien gerelateerd te zijn aan de culturele voorziening. Dit wordt “aan de hoofdfunctie gerelateerde horeca” genoemd. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden (zie artikel 1.54 van het bestemmingsplan): 1. de openingstijden van de horeca zijn gebonden aan de openingstijden van de hoofdfunctie; 2. in ruimtelijk opzicht dient de uitstraling van de hoofdfunctie te worden gehandhaafd. Het voldoen aan deze voorwaarden maakt de realisatie van een restaurant met een alcoholvergunning mogelijk.” 2. Is het college het met de SP en de Partij voor de Dieren eens dat een hotel met 76 kamers strijdig is met de juridische voorwaarden zoals beschreven in de tender voor hoofdfunctie gerelateerde horeca? In hoofdstuk 1.2 De opgave (blad 10) staat het volgende: “De programmatische invulling van de Locatie omvat: [...] HORECA: een aantrekkelijke horecavoorziening ondersteunend aan het filmtheater voor de gebruikers van De Helena en de buurt” 3.

Is het college het met de SP en Partij voor de Dieren eens dat een hotel met 76 kamers strijdig is met de opgave zoals beschreven in de tender voor een horecavoorziening ondersteunend aan het filmtheater voor de gebruikers van De Helena en de buurt? 4. Hoe verenigt het college deze aanvraag met het huidige hotelbeleid? 5. Hoe rijmt het college de insteek van een boetiekhotel van 76 kamers met, zoals beschreven in het collegebesluit, een cultureel-maatschappelijke invulling en de toevoeging van een nieuwe culturele organisatie voor Den Haag met stedelijke impact?

6. Hoeveel ruimte is er in de aanvraag van de omgevingsvergunning voor broedplaatsfuncties? Hoeveel ruimte is er voor andere maatschappelijke functies? Hoeveel ruimte is er voor commerciële werkplekken? 7. Is het college het met de SP en de Partij voor de Dieren eens dat een hotel van deze omvang ten koste zou gaan van betaalbare werkplekken, maatschappelijke functies en nog meer vierkante meters aan broedplaatsen dan in eerste instantie door het college gepresenteerd? 8. In het verkoopdocument staat bij hoofdstuk 1.4 (blad 11) aangegeven dat het geen formele aanbestedingsprocedure is, maar dat de gemeente wel gehouden is aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Kan het college toelichten wat dit inhoudt als het gaat om het besluitvormingsproces en de rol van de tender? Heeft het college of de gemeenteraad een mogelijke rol in de besluitvorming of het proces? Zo ja, welke? In hoofdstuk 6.5 Staken Verkoopprocedure (blad 37) staat het volgende: “De Gemeente behoudt zich te allen tijde het recht voor om de Verkoop op te schorten, te staken en/of niet tot Toewijzing over te gaan. Gemeente Den Haag is op geen enkele wijze gehouden tot vergoeding van door de Geïnteresseerden gemaakte kosten of gederfde inkomsten. Net zo min is de Gemeente in dat geval gehouden tot het aangaan van een overeenkomst dan wel het voortzetten van de onderhandelingen hierover.” 9.

Kan het college toelichten wat bovenstaande paragraaf inhoudt als het gaat om het besluitvormingsproces en de rol van de tender? Heeft het college of de gemeenteraad een mogelijke rol in de besluitvorming of het proces? 10. Biedt de grote twijfel die is ontstaan over de verenigbaarheid van de tendervoorwaarden met de aanvraag van de omgevingsvergunning aanleiding voor het college om de tender te staken? 11. Kan het college deze vragen vóór de eerstvolgende raad van 29 januari beantwoorden? En kan de tenderprocedure worden gepauzeerd en kunnen er geen onomkeerbare stappen genomen worden tot de gemeenteraad de kans heeft gekregen zich erover uit te spreken?

Lesley Arp

Robin Smit

SP

Partij voor de Dieren

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16499563/1