CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS324414 Bijlage Conceptontwerp warmteprogramma

Commissie Leefomgeving 5 februari 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Debat over Energietransitie24.686 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

50 van 71

toepasbaar is voor (kleinschalige) collectieve systemen. Ook aquathermie uit drinkwaterleidingen kan een mogelijke bron zijn. In de buitengebieden en laagbouwbuurten wordt bodemenergie toegepast, mits de grondwaterbescherming dit toelaat. In gebieden met beschermd grondwater, zoals delen van Ockenburgh, is toepassing van bodemenergie beperkt en wordt gezocht naar alternatieve oplossingen. Buurten met extra ondersteuning voor 2035 Onderstaande tabel bevat de buurten in dit stadsdeel waar de gemeente extra faciliteert tot en met 2035 met de isolatieaanpakken/of warmteoplossing. Helemaal rechts in de tabel staan de concept warmteoplossingen richting 2050 voor deze buurten. De warmteoplossingen kunnen op basis van gesprekken met inwoners, bedrijven en stakeholders definitief gekozen worden.

Buurt (CBS)

Extra faciliteren vanuit de gemeente?

Houtwijk Kraayenstein Nieuw Waldeck

Warmteoplossing Warmteoplossing Isolatieaanpak & warmteoplossing Isolatieaanpak & warmteoplossing Isolatieaanpak & warmteoplossing Warmteoplossing Warmteoplossing Isolatieaanpak

5560 3005 3645

Isolatieaanpak

Rosenburg Waldeck-Zuid Vroondaal Ockenburgh Bohemen en Meer en Bos Waldeck-Noord

Aantal gebouwen

Waarvan extra te isoleren

Gemiddelde warmtebehoefte in 2026 (kWh/m2)

Beoogde warmtebehoefte in 2035 (kWh/m2)

Beoogde warmteoplossing richting 2050

230 (4%) 218 (7%) 252 (7%)

160 130 130

135 110 110

MT-warmtenet MT-warmtenet MT-warmtenet

1811

297 (16%)

160

135

MT-warmtenet

1194

205 (17%)

160

135

MT-warmtenet

3005 348 2932

218 (7%) 124 (19%) 630 (21%)

130 130 190

110 110 160

LT-oplossing LT-oplossing MT-warmtenet

2434

460 (19%)

160

135

MT-warmtenet

6.7 Scheveningen Scheveningen is een veelzijdig stadsdeel met een mix van vooroorlogse wijken, jonge buurten en buitengebieden. In veel buurten is dichte bebouwing en is de ruimte in de ondergrond beperkt. Dit maakt de aanleg van nieuwe kabels en leidingen moeilijk. In andere delen van Scheveningen staan gebouwen juist verder uit elkaar, wat andere technische en organisatorische uitdagingen met zich meebrengt. De combinatie van historische bebouwing, moderne ontwikkelingen, milieubescherming en actieve bewoners maakt dit stadsdeel tot een complexe, maar kansrijke opgave binnen de Haagse energietransitie. Lokale betrokkenheid van bewonersinitiatieven In stadsdeel Scheveningen zijn bewoners op verschillende plekken actief betrokken bij de warmtetransitie. Initiatieven als Buurtenergie Statenkwartier (BES), Duurzaam Duinoord en Gasvrij Scheveningen zijn goede voorbeelden. Zij organiseren informatiebijeenkomsten, adviseren buurtgenoten over isolatie en duurzame warmte en denken mee over wijkgerichte oplossingen die zo goed mogelijk aansluiten bij lokale behoeften. De gemeente werkt actief samen met deze bewonersgroepen. Warmteoplossing In sommige buurten zijn er al stappen gezet richting verduurzaming. Zo zijn jonge gebouwen aangesloten op een warmtenet met WKO. En in de buurt rond de Sleepnetstraat met een cluster van

Conceptontwerp Warmteprogramma

51 van 71

naoorlogse corporatieflats lijkt een lokaal warmtenet de meest logische optie. Ook zijn er actieve bewonersorganisaties die de haalbaarheid van collectieve warmteoplossingen onderzoeken. Voor de bedrijventerreinen, zoals Scheveningen-Haven en delen van het Visserijgebied, zijn LToplossingen (individueel of klein collectief) het meest duurzaam en betaalbaar. Door het relatief hoge elektriciteitsverbruik van bedrijven en de beperkte warmtevraag per vierkante meter, is de inzet van bodemenergie en WKO-systemen hier kansrijk. Uit de analyse (zie hoofdstuk 4) blijkt dat in acht buurten een MT-warmtenet de meest passende warmteoplossing is, bij vijf buurten een LT-oplossing en bij drie een mix van beide. Op de kaart hieronder is te zien welke buurten dat zijn en welke ondersteuning er is voor de buurten.

Isolatieniveau Het gemiddelde isolatieniveau in Scheveningen is slecht tot matig; er moeten nog veel isolatiestappen worden gezet. Voor deze woningen biedt de gemeente ondersteuning via het Actieprogramma met advies, begeleiding en een vergoeding voor isolatiemaatregelen. De slecht geïsoleerde buurten krijgen de komende tien jaar extra ondersteuning van de gemeente. Dit zijn: Rijslag, Oud Scheveningen, Scheveningen Badplaats, Vissershaven en Westbroekpark. Warmtebronnen Scheveningen heeft mogelijkheden voor verschillende duurzame warmtebronnen. Zo wordt er in de omgeving van de haven/Houtrust naar een locatie voor een geothermiebron gezocht. Het stadsdeel ligt in de buurt van de AWZI Houtrust en bijbehorende effluentleidingen. Die leidingen zijn potentiële bronnen voor aquathermie. De gemeente verkent samen met het Hoogheemraadschap van Delfland hoe deze bronnen kunnen worden ingezet voor collectieve systemen. Verder zijn er kansen voor aquathermie uit drinkwaterleidingen en uit zeewater. In nieuwbouwlocaties wordt gebruik gemaakt van bodemenergie. Dit is ook geschikt voor individuele systemen in de laagbouwbuurten. Binnen de boringsvrije zone van het waterbeschermingsgebied, zoals Belgisch Park en delen van het Westbroekpark en Duttendel, is de toepassing van bodemenergie niet toegestaan.

Buurten met extra ondersteuning voor 2035 Onderstaande tabel bevat de buurten in dit stadsdeel waar de gemeente extra faciliteert tot en met 2035 met de isolatieaanpak en/of warmteoplossing. Helemaal rechts in de tabel staan de concept warmteoplossingen richting 2050 voor deze buurten. De warmteoplossingen kunnen op basis van gesprekken met inwoners, bedrijven en stakeholders definitief gekozen worden.

Conceptontwerp Warmteprogramma

52 van 71

Buurt (CBS)

Extra faciliteren vanuit de gemeente?

Aantal gebouwen

Oostduinen Oud Scheveningen Scheveningen Badplaats Rijslag

Warmteoplossing Isolatieaanpak

0 1688

Isolatieaanpak

Westbroekpark

Waarvan extra te isoleren

Gemiddelde warmtebehoefte in 2026 (kWh/m2)

Beoogde warmtebehoefte in 2035 (kWh/m2)

Beoogde warmteoplossing richting 2050

0 1408 (83%)

n.v.t. 190

n.v.t. 160

LT-oplossing LT-oplossing

3334

2539 (76%)

160

135

LT-oplossing

Isolatieaanpak

977

667 (69%)

160

135

LT-oplossing

Isolatieaanpak

621

329 (53%)

160

135

LT-oplossing

6.8 Segbroek Stadsdeel Segbroek heeft overwegend vooroorlogse bebouwing in compacte woonwijken: de huizen en gebouwen staan dicht op elkaar. Lokale betrokkenheid van bewonersinitiatieven In stadsdeel Segbroek zijn bewoners op verschillende plekken actief betrokken bij de warmtetransitie. Initiatieven als Duurzame Vruchtenbuurt/Warm in de wijk, Vogelwijk Energiek, werkgroep Duurzame Bomen- en Bloemenbuurt en De Groene Regentes zijn goede voorbeelden. Zij organiseren informatiebijeenkomsten, adviseren buurtgenoten over isolatie en duurzame warmte en denken mee over wijkgerichte oplossingen die zo goed mogelijk aansluiten bij de lokale behoeften. De gemeente werkt actief samen met deze bewonersgroepen. Warmteoplossing In meerdere buurten zijn bewonersinitiatieven actief die de mogelijkheden van collectieve warmteoplossingen onderzoeken. Zo heeft de organisatie Warm in de Wijk in een deel van Segbroek de haalbaarheid van een warmtenet onderzocht. Uit dit onderzoek blijkt dat er een lokale bron beschikbaar is en dat een warmtenet vóór 2030 kansrijk is. Dit biedt perspectief voor toekomstige uitbreiding, op voorwaarde dat voldoende gebouweigenaren bereid zijn om aan te sluiten. De bedrijventerreinen - delen van de Bloemenbuurt en het Koningsplein - worden meegenomen in de gemeentelijke quickscan voor verduurzaming van werklocaties.

Voor de meeste bedrijfspanden is een LT-oplossing (individueel of klein collectief) het meest duurzaam en betaalbaar. Door het relatief hoge elektriciteitsverbruik van bedrijven en de beperkte warmtevraag per vierkante meter is de inzet van bodemenergie en WKO-systemen hier kansrijk. De gemeente stimuleert verduurzaming via de Subsidieregeling Isolatie Bedrijfspanden en zet in op lokale opwek van duurzame elektriciteit. Uit de analyse (zie hoofdstuk 4) blijkt dat in vijf buurten een MT-warmtenet de meest passende warmteoplossing is en in vijf andere buurten een LT-oplossing. In de Vruchtenbuurt is het bewonersinitiatief om een LT-warmtenet te realiseren goed op weg in het voorbereidende traject. Op de kaart is te zien welke buurten dat zijn en welke ondersteuning er is voor de buurten.

Conceptontwerp Warmteprogramma

53 van 71

Isolatieniveau Het gemiddelde isolatieniveau in Segbroek is matig tot slecht; er moeten nog veel isolatiestappen worden gezet. Voor deze woningen biedt de gemeente ondersteuning via het Actieprogramma. In het Valkenboskwartier biedt de gemeente extra ondersteuning. Hier zijn veel kleine VvE’s met lage isolatiescores. Voor deze VvE’s en voor grondgebonden woningen heeft het Rijk extra middelen beschikbaar gesteld. De slecht geïsoleerde buurten die nog veel isolatiestappen moeten zetten voor de warmteoplossing krijgen de komende tien jaar extra ondersteuning. Dit zijn: Vogelwijk, Valkenboskwartier, Bomenbuurt, Bloemenbuurt, Vruchtenbuurt en Heesterbuurt. Warmtebronnen Op en rond het De Constant Rebecqueplein wordt gezocht naar een locatie voor een geothermiebron. Ook is er is potentie voor aansluiting op restwarmte. Het stadsdeel ligt in de buurt van de afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI) Houtrust en zijn bijbehorende effluentleidingen. Die leidingen zijn potentiële bronnen voor aquathermie. De gemeente verkent samen met het Hoogheemraadschap van Delfland hoe deze bronnen kunnen worden ingezet voor collectieve systemen. In dit stadsdeel zou het beschikbare oppervlaktewater ook een bron voor aquathermie kunnen zijn.

Buurten met extra ondersteuning voor 2035 Onderstaande tabel bevat de buurten in dit stadsdeel waar de gemeente extra faciliteert tot en met 2035 met de isolatieaanpak en/of warmteoplossing. Helemaal rechts in de tabel staan de concept warmteoplossingen richting 2050 voor deze buurten. De warmteoplossingen kunnen op basis van gesprekken met inwoners, bedrijven en stakeholders definitief gekozen worden.

Conceptontwerp Warmteprogramma

54 van 71

Buurt (CBS)

Extra faciliteren vanuit de gemeente?

Aantal gebouwen

Vogelwijk Heesterbuurt

Isolatieaanpak Isolatieaanpak

5560 3642

Bomenbuurt

Isolatieaanpak

Valkenboskwarti er Vruchtenbuurt BloemenbuurtOost BloemenbuurtWest

Conceptontwerp Warmteprogramma

Waarvan extra te isoleren

Gemiddelde warmtebehoefte in 2026 (kWh/m2)

Beoogde warmtebehoefte in 2035 (kWh/m2)

Beoogde warmteoplossing richting 2050

902 (78%) 2892 (85%)

160 190

135 160

LT-oplossing LT-oplossing

3260

940 (29%)

190

160

Isolatieaanpak

6176

4868 (79%)

190

160

MT warmtenet LT-oplossing

Warmteoplossing Isolatieaanpak

3254 3410

2863 (88%) 842 (25%)

190 190

160 160

Isolatieaanpak

1120

360 (32%)

190

160

LT-oplossing MT warmtenet MT warmtenet

55 van 71

7 Monitoring en evaluatie De gemeente Den Haag wil zo snel mogelijk een aardgasvrije gemeente zijn. Om dat te realiseren monitoren we elk jaar de voortgang via het klimaatdashboard. Door onze aanpak regelmatig te evalueren en waar nodig bij te stellen, kunnen we leren van de warmtetransitie. Dat is nodig, omdat de gemeente heel zeker moet weten dat er een alternatief voor aardgas is vóórdat de levering van aardgas stopt: de zogeheten ‘vergewisplicht’. In dit hoofdstuk leggen we uit hoe we dat monitoren en hoe we die evaluatie aanpakken.

7.1 Monitoring van de uitvoering van het warmteprogramma De gemeente monitort de voortgang van het warmteprogramma aan de hand van een set kernindicatoren (zie tabel). De gegevens die hieruit voortkomen, geven inzicht in: • of woningen en gebouwen klaar zijn voor de overstap naar duurzame warmte; • of woningen en gebouwen al zijn overgestapt; • op welke bron zij zijn aangesloten. We monitoren zowel de transitiegereedheid van woningen als het daadwerkelijk aardgasvrij maken daarvan. De indicatoren zijn afgestemd op de vereisten uit het Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Bgiw), eigen data en monitoringsinstrumenten plus de aanbevelingen uit de handreiking van het NPLW. Als blijkt dat deze indicatoren onvoldoende inzicht bieden, of als er in de toekomst nieuwe relevante data beschikbaar komt, vult de gemeente de monitoring aan. Het ligt voor de hand om de voortgang van de isolatie van woningen te monitoren met (landelijke) data uit de energielabelaanpak. In de praktijk schetsen energielabels echter niet altijd het juiste beeld van de actuele isolatie van de woning. Het vaststellen van een energielabel kost enkele honderden euro’s. En omdat een energielabel alleen bij verkoop en verhuur verplicht is, zit er een flinke vertraging in de voortgang van het aantal actuele energielabels.

Daarom gebruiken we in Den Haag de isolatiemonitor waarmee we elk jaar de isolatiestappen in de stad en daarmee de warmtevraagreductie monitoren. We verwachten dat het gebruik van aardgas minder wordt vanwege de (op termijn) stijgende energieprijzen. Ook betere isolatie, de overstap naar koken op schone energie én meer inzet van warmtepompen en warmtenetten draagt daaraan bij. Indicator

Uitwerking

Frequentie

Bron/actiehouder

Voortgang isolatiescore woningen

Isolatiemonitor. Voortgang isolatiescore woningen (1-5). Zo monitoren we of het aantal bestaande woningen transitieklaar is. Voortgang op lokale realisatie van duurzame elektriciteit ter aanvulling op duurzame warmteoplossing Gebouwen met aardgasaansluiting

Jaarlijks

Gemeente

Jaarlijks

Gemeente

Jaarlijks

Stedin

Het (lokaal) opwekken van duurzame elektriciteit

Aantal gebouwen dat gas gebruikt voor verwarmen

Conceptontwerp Warmteprogramma

56 van 71

Aantal kookvoorzieningen op gas Aantal aansluitingen warmtenet Opt-out meldingen

Warmtevraag in gas Belasting elektriciteitsnet Hoofdverwarmingsins tallatie Eindgebruikerskosten Bewonersreis en tevredenheid

Voortgang aantal kookvoorzieningen op elektriciteit Aangesloten gebouwen per gebied/buurt Aantal gebouweigenaren dat gemeld heeft een alternatieve warmteoplossing te willen realiseren en het aantal dat dit al gerealiseerd heeft in een gebied waar een collectieve oplossing wordt gerealiseerd Aantal m3 gasverbruik

Jaarlijks

Stedin

Jaarlijks

Warmtebedrijf

Jaarlijks

Gemeente

Jaarlijks

Stedin

Gebruik netcapaciteit per gebied Verdeling CV, warmtenet, warmtepomp etc. Inschatting kosten per warmteoptie per buurt Kwalitatief en kwantitatief met een enquête/gesprekken over ervaringen bewoners die wordt afgenomen in samenwerking met bewonersinitatieven en maatschappelijke partners

Jaarlijks/halfjaarlijks

Stedin

Jaarlijks

CBS en Aedes

Incidenteel

Gemeente

Jaarlijks of indien relevant voor projecten of buurten

Gemeente

7.2 Evaluatie en herijking Minimaal elke vijf jaar herijken we het warmteprogramma. Bij het maken van de nieuwe plannen per gebied houden we rekening met wensen, zorgen en opgedane ervaringen die betrekking hebben op de overstap naar schone energie en die kunnen leiden tot aanpassingen in het volgende warmteprogramma. Hetzelfde geldt voor technische ontwikkelingen of toekomstige aanpassingen in de wetgeving. Denk aan de voortgang van warmtenet ontwikkelingen als gevolg van het Haags warmtebedrijf. Om dit allemaal bij te kunnen houden is het belangrijk te weten hoe die voortgang verloopt, waar plannen wijzigen en waar versnelling wenselijk is. We monitoren het warmteprogramma periodiek. Met het monitoringsverslag dat hieruit voortkomt geven we als gemeente: • duiding van de uitkomsten; • inzicht in de risico’s en kansen op het gebied van betaalbaarheid, netcapaciteit en maatschappelijk draagvlak; • aanbevelingen voor het tempo van uitvoering. Het klimaatdashboard wordt gedeeld met de gemeenteraad, inwoners, bedrijven en samenwerkingspartners. In het warmteprogramma van 2031 zal de voortgang van de gebieden waarin de gemeente de aanwijsbevoegdheid wil inzetten opgenomen zijn. De evaluatieresultaten vormen een belangrijke basis voor die actualisatie.

Conceptontwerp Warmteprogramma

57 van 71

8 Bijlagen

Bijlage A Begrippenlijst

Aquathermie is thermische energie uit het water: oppervlaktewater (rivieren, grachten, kanalen, meren), afvalwater (afvalwaterzuiveringsinstallaties, effluentleidingen, riolering), drinkwater (drinkwaterbergingen of -leidingen), zeewater. De diverse soorten worden vaak aangeduid als Thermische Energie uit Afvalwater (TEA), Thermische Energie uit Drinkwater (TED), Thermische Energie uit Oppervlaktewater (TEO) en Thermische Energie uit Zeewater (TEZ). Uit water kan warmte en koude worden gewonnen. Biobased isolatiemateriaal is isolatiemateriaal dat is gemaakt van hernieuwbare, biologische grondstoffen, zoals planten, bomen of reststromen uit de landbouw. Deze materialen zijn een duurzaam alternatief voor fossiele grondstoffen (plastic en glas- en steenwol) en kunnen vaak worden hergebruikt. Ook kunnen zij biologisch worden afgebroken. Bodemenergie is warmte en koude die vanuit de ondiepe ondergrond wordt gewonnen (tot 500 meter diepte). Er zijn open en gesloten bodemenergiesystemen. Hoe dieper in de aarde, hoe hoger de temperatuur van het grondwater. Zie ook: warmtepomp en WKO. Elektrodeboiler is een opslagvat voor warm water dat wordt opgewarmd met een elektrische gloeispiraal. Op momenten dat er veel elektriciteit beschikbaar is, wordt het omgezet in warmte. Die warmte wordt bewaard tot er vraag naar is.

Gebied verwijst naar een locatie met arbitraire omvang die niet of wel (geheel) overeenkomt met de grenzen van een wijk, buurt, stadsdeel of andere vastgestelde afbakening. Geothermie is warmte uit aardlagen dieper dan twee kilometer. Hoe dieper in de aarde, hoe hoger de temperatuur van het grondwater. Er zijn pompen nodig om het warme grondwater naar boven te krijgen. De warmte is geschikt voor MT-warmtenetten. Hoge temperatuur is temperatuur van meer dan tachtig graden. Deze temperatuur kan worden geleverd met een cv-ketel. Ook het stadswarmtenet in Den Haag levert voornamelijk hoge temperatuur warmte. Huizen en gebouwen zijn bijna altijd geschikt voor hoge temperaturen, ook als er weinig isolatie is. Zie ook Isolatie. Hoge temperatuur warmtenet (HT-net) is een warmtenet dat warmte levert van meer dan tachtig graden. Hybride warmtepomp is een warmtepomp die samenwerkt met een cv-ketel. De cv-ketel werkt alleen op de koudste dagen van het jaar en voor de verwarming van warm tapwater. Alle andere dagen levert de warmtepomp de warmte met behulp van ventilatielucht of buitenlucht. Interferentie tussen bronnen wil zeggen dat bronnen elkaar (negatief) kunnen beïnvloeden als ze te dicht bij elkaar worden aangelegd. Isolatie is onderdeel van een huis of gebouw, waardoor dit meer warmte vasthoudt en niet snel afkoelt wanneer het buiten koud is.

Voorbeelden van isolatie zijn: HR++-glas of triple glas, het vullen van een spouwmuur, vloerisolatie of het isoleren van het dak. Hoe beter een gebouw is geïsoleerd, hoe

Conceptontwerp Warmteprogramma

58 van 71

lager de temperatuur waarmee het gebouw kan worden verwarmd. Wanneer een huis of gebouw wordt geïsoleerd moet vaak de ventilatie worden aangepast. Lage temperatuur is temperatuur lager dan zestig graden. Dit zijn temperaturen die gemaakt worden door bijvoorbeeld een warmtepomp in de woning of die we in de ondiepe ondergrond vinden. Om een huis of gebouw geschikt te maken voor verwarming met lage temperatuur moet het voldoende zijn geïsoleerd en moeten bijna altijd de radiatoren worden aangepast. Zie ook Isolatie. Lage temperatuur warmtenet is een warmtenet dat warmte levert van minder dan zestig graden. Met een LT-warmtenet kunnen alleen goed geïsoleerde woningen direct worden verwarmd. Midden temperatuur is temperatuur tussen de zestig en tachtig graden. Dit zijn temperaturen die we bijvoorbeeld vinden in de diepere ondergrond (vanaf ongeveer twee kilometer diepte) en die we kunnen maken met grote wijkwarmtepompen. Om een huis of gebouw geschikt te maken voor midden temperatuur verwarming moet het voldoende zijn geïsoleerd en moeten soms de radiatoren worden aangepast. Zie ook Isolatie. Midden temperatuur warmtenet (MT-warmtenet) is een warmtenet dat warmte levert tussen de zestig en tachtig graden. Met een MT-warmtenet kunnen ook minder goed geïsoleerde panden comfortabel worden verwarmd.

Nachtventilatie is een techniek waarbij een gebouw ’s nachts geventileerd wordt met koelere buitenlucht om de binnenruimte te koelen. Opt-out betekent dat een woningeigenaar een eigen duurzame warmteoplossing mag kiezen en niet verplicht is om aan te sluiten op het collectieve warmtenet. Petajoule is een energie-eenheid. 1 Petajoule is gelijk aan 1 biljard joule. Dit komt overeen met ongeveer 32 miljoen kuub aardgas en is gelijk aan het jaarlijkse energieverbruik van ongeveer dertig duizend huishoudens. Planbureau voor de leefomgeving (PBL) is een overheidsorganisatie die strategische analyses maakt op het gebied van milieu, natuur en ruimte. Het PBL maakt de startanalyse voor het warmteprogramma. Restwarmte is warmte die vrijkomt bij bedrijfsprocessen in de industrie en bij verbranding van afval. Afhankelijk van de temperatuur van de restwarmte, kan de warmte wordt gebruikt in MT- of in LT-warmtenetten.. Retourwarmte Woningen die met een MT-warmtenet worden verwarmd gebruiken niet alle warmte. Het water dat terugkomt uit de woningen is vaak 50 graden of warmer. Deze retourwarmte kan worden gebruikt in goed geïsoleerde woningen. Schone energie is wat we in de Europese Unie ook wel hernieuwbare, groene of duurzame energie noemen. Dit is energie afkomstig uit bronnen, zoals de wind, zon, waterkracht, getijden, de aarde, restwarmte of biogrondstoffen.

Schone energie is een verantwoord alternatief voor fossiele energiebronnen. WarmtelinQ is een warmteproject van Gasunie waarbij restwarmte uit de Rotterdamse haven via transportleidingen naar (onder andere) Den Haag vervoerd gaat worden. Warmtenet is een netwerk van dubbele, geïsoleerde buisleidingen die warm water vervoeren tussen een bron en gebouwen en woningen. Het water wordt verwarmd door een warmtebron.

Conceptontwerp Warmteprogramma

59 van 71

Warmtepomp is een apparaat dat warmte haalt uit een bron, zoals buitenlucht, ventilatielucht, de ondiepe ondergrond of een LT-warmtenet. Met elektriciteit wordt de warmte op een temperatuur gebracht waarmee huizen en gebouwen kunnen worden verwarmd. Warmte uit de omgeving heet ook wel omgevingswarmte, en is warmte afkomstig uit bronnen in de directe omgeving, zoals de ondiepe ondergrond, buitenlucht, water uit kanalen en grachten, riolering of drinkwaterleidingen en uit zonne-energie. Warmte uit de omgeving heeft vaak een lage temperatuur en om deze nuttig te kunnen gebruiken is vaak ook een warmtepomp nodig. WKO, ook wel een open bodemenergiesysteem genoemd, staat voor warmte- en koudeopslag, waarbij warm en koud water wordt opgeslagen in de ondiepe ondergrond. Warm water wordt in de winter omhoog gepompt om te verwarmen. Koud water wordt in de zomer omhoog gepompt om te koelen. WKO werkt bijna altijd in combinatie met een warmtepomp.

Conceptontwerp Warmteprogramma

60 van 71

Bijlage B warmteoplossing per buurt: buurttabel

In deze bijlage staat een overzicht van alle buurten uit onze stad samen met de warmteoplossingen die wij op dit moment het meest haalbaar en betaalbaar achten voor een betreffende buurt. Tevens geven we aan welke mogelijke warmtebronnen voor de buurten van toepassing en beschikbaar zijn. Dit overzicht is bedoeld om bewoners en andere betrokkenen inzicht te geven in de richting die de gemeente op wil gaan met betrekking tot de overstap naar schone warmte. Om tot deze keuzes te komen hebben we gebruikgemaakt van het afwegingskader zoals beschreven in paragraaf 4.2.4 van het warmteprogramma. Kort samengevat streven we naar de oplossing met de laagste kosten, waarbij we de Haagse Transitievisie Warmte, de geactualiseerde Startanalyse Aardgasvrije Buurten van het PBL en buurt specifieke kenmerken naast elkaar leggen.7 In het onderstaande buurtoverzicht staat bij elke buurt een cijfer tussen haakjes: (1), (2) of (3). Deze cijfers geven aan hoe de keuze tot stand is gekomen: (1): De warmteoplossing komt overeen met de keuze uit de TVW en komt ook in de startanalyse van PBL naar voren als meest betaalbare optie. (2): In de TVW was de keuze hybride warmtepomp. Voor deze buurten hebben we de oplossing met de laagste kosten uit de startanalyse van PBL overgenomen. (3): Voor sommige buurten zijn buurtkenmerken doorslaggevend.

Dat is alleen als de kosten ongeveer gelijk zijn van de verschillende warmteoplossingen (rond de twintig procent verschil) volgens het PBL. Buurtkenmerken zijn hier kenmerken die niet in de startanalyse zijn meegenomen. Denk aan hittestress, het ontbreken van een geschikte bron of een sterk bewonersinitiatief. De buurten die het cijfer (3) hebben gekregen zijn: • Benoordenhout (Duinzigt, Waalsdorp, Arendsdorp, Nassaubuurt, Van Hoytemastraat e.o., Uilennest, Waalsdorp): hier is gekozen voor een LT-oplossing. De kosten liggen dicht bij die van een MT-warmtenet, maar er is geen duidelijke MT-bron beschikbaar. Bovendien is er veel lokaal initiatief en doen-vermogen in de wijk. • Binckhorst: vanwege de grote hoeveelheid nieuwbouw is een LT-oplossing in 2050 passend. Nieuwbouwwoningen zijn vaak goed geïsoleerd en geschikt voor lage temperatuurverwarming. • Rijslag, Scheveningen Badplaats, Westbroekpark: in deze buurten ligt de LT-oplossing binnen ongeveer twintig procent kostenmarge van de optie met de laagste kosten. Daarnaast speelt hittestress een belangrijke rol. LT-oplossingen kunnen ook koelen en dat draagt bij aan een comfortabel binnenklimaat in warme periodes. • Heesterbuurt, Valkenboskwartier, Vruchtenbuurt: ook hier ligt de LT-oplossing wat betreft kosten binnen de twintig procent-marge.

In de Vruchtenbuurt is bovendien een sterk bewonersinitiatief actief dat een lokale LT-bron wil gaan exploiteren. Die LT-bron kan dan ook voor andere woningen worden ingezet. De effluentleiding als bron van thermische energie uit afvalwater wordt onderzocht; die loopt dan door Heesterbuurt en Valkenboskwartier. • Marlot: hier is gekozen voor een MT-oplossing, ondanks dat deze niet als de optie met de laagste kosten uit de startanalyse van PBL kwam. De buurtkenmerken zijn belangrijk. Een MT-net lijkt hier toch de beste warmteoplossing vanwege de bouwkundige kenmerken van de buurt, het feit dat de buurt een beschermd stadsgezicht heeft en eveneens omdat in Mariahoeve een MT-warmtenet is gepland. Deze buurten krijgen extra ondersteuning van de gemeente om woningen beter te isoleren. Zo zorgen we ervoor dat bewoners klaar zijn voor de overstap naar schone warmte.

7

Zodra het advies van mili beschikbaar is, zullen we deze ook meewegen in de warmteoplossingen per buurt.

Conceptontwerp Warmteprogramma

61 van 71

8.1 Centrum Buurt

Beoogde warmteoplossing

Bronnen van toepassing

Archipelbuurt Groente- en Fruitmarkt Huygenspark Kortenbos Rivierenbuurt-Noord Rivierenbuurt-Zuid Schildersbuurt-Noord Schildersbuurt-Oost

MT-warmtenet (2) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (2) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen

Schildersbuurt-West Transvaalkwartier – West Transvaalkwartier-Midden Transvaalkwartier-Noord Transvaalkwartier-Zuid Uilebomen Voorhout

MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen

Willemspark Zeeheldenkwartier Zuidwal

MT-warmtenet (2) MT-warmtenet (2) MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen

8.2 Escamp

Buurt

Beoogde warmteoplossing

Bronnen van toepassing

De Uithof

LT-oplossingen (1)

Dreven en Gaarden

Mix (1)

Erasmus Veld

LT-oplossingen (1)

Hoge Veld Lage Veld

MT-warmtenet (1) LT-oplossingen (1)

Leyenburg

MT-warmtenet (1)

Moerwijk-Noord

MT-warmtenet (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht, of water. Warmte uit de bodem, restwarmte, lucht, of water. Warmte uit de ondiepe bodem, lucht, of water. Mix van MT-warmtebronnen Warmte uit de ondiepe bodem, lucht, of water. Mix van MT-warmtebronnen. Aan de Leyweg zit de eerste binnenstedelijke geothermiebron. Mix van MT-warmtebronnen

Moerwijk-Oost

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Moerwijk-West

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Moerwijk-Zuid

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Morgenstond-Oost

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Morgenstond-West Morgenstond-Zuid

MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen

Morgenstond-Zuid Oostbroek-Noord Oostbroek-Zuid Parkbuurt oosteinde

MT-warmtenet (1) MT-warmtenet (2) MT-warmtenet (2) LT-oplossingen (1)

Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water.

Rustenburg

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Conceptontwerp Warmteprogramma

62 van 71

Venen, Oorden en Raden

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Zijden, Steden en Zichten

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Zonne Veld

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water.

Zuiderpark

Mix (1)

Warmte uit de bodem, restwarmte, lucht of water.

8.3 Haagse Hout

Buurt

Beoogde warmteoplossing

Bronnen van toepassing

Arendsdorp

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water.

Bezuidenhout-Midden

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Bezuidenhout-Oost

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Bezuidenhout-West Burgen en Horsten Duinzigt

MT-warmtenet (2) MT-warmtenet (2) LT-oplossingen (3)

Mix van MT-warmtebronnen Mix van MT-warmtebronnen Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water.

Haagse Bos

Mix (1)

Is een park met beperkt aantal gebouwen. Voor een deel al aangesloten op warmtenet.

Kampen

MT-warmtenet (1)

Landen

MT-warmtenet (1)

Marlot

MT-warmtenet (3)

Nassaubuurt

LT-oplossingen (3)

Mix van MT-warmtebronnen. Er wordt in Mariahoeve gezocht naar een nieuwe geothermiebron. Mix van MT-warmtebronnen. Er wordt in Mariahoeve gezocht naar een nieuwe geothermiebron. Mix van MT-warmtebronnen. Er wordt in Mariahoeve gezocht naar een nieuwe geothermiebron. Warmte uit de ondiepe bodem, lucht, of water (TEO en TED).

Uilennest

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Van Hoytemastraat en omgeving

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Waalsdorp

LT-oplossingen (3)

Warmte uit lucht of water (TEO en TED).

8.4 Laak

Buurt

Beoogde warmteoplossing

Bronnen van toepassing

Binckhorst

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Laakhaven-Oost

Mix (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water(TEO en TED).

Laakhaven-West

Mix (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Laakkwartier-Oost

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Conceptontwerp Warmteprogramma

63 van 71

Laakkwartier-West

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Noordpolderbuurt

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Spoorwijk

Mix (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO, TED).

8.5 Leidschenveen – Ypenburg

Buurt

Beoogde warmteoplossing

Bronnen van toepassing

Bosweide

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

De Bras

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

De Lanen

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

De Reef

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

De Rivieren

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

De Velden

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

De Venen

MT-warmtenet (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

De Vissen

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Morgenweide

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Rietbuurt

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Singels

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Tedingerbroek

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Vliegeniersbuurt

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Vlietzoom-Oost

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht, of water (TEO en TED).

Vlietzoom-West

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Waterbuurt

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Conceptontwerp Warmteprogramma

64 van 71

8.6 Loosduinen

Buurt

Beoogde warmteoplossing

Bronnen van toepassing

Bohemen en Meer en Bos

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Bosjes van Pex

Mix (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Componistenbuurt

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Houtwijk Kerketuinen en Zichtenburg

MT-warmtenet (1) LT-oplossingen (1)

Mix van MT-warmtebronnen Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Kijkduin

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TED).

Kom Loosduinen

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Kraayenstein en Vroondaal

Mix (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEO en TED).

Nieuw Waldeck

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Ockenburgh

LT-oplossingen (1)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TED).

Rosenburg

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Waldeck-Noord

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Waldeck-Zuid

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

8.7 Scheveningen

Buurt

Beoogde warmteoplossing

Bronnen van toepassing

Belgisch Park

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Duindorp

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Duttendel

Mix (1)

Geothermie en warmte uit lucht of water.

Geuzenkwartier

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Oostduinen

LT-oplossingen (1)

Warmte uit lucht.

Oud Scheveningen

MT-warmtenet (1)

Mix van MT-warmtebronnen

Rijslag

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Scheveningen Badplaats

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Conceptontwerp Warmteprogramma

65 van 71

Stadhoudersplantsoen

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Statenkwartier

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Sweelinckplein en omgeving

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Van Stolkpark en Scheveningse Bosjes

Mix (2)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Visserijbuurt

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Vissershaven

Mix (2)

Westbroekpark

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED). In het havengebied wordt gezocht naar een nieuwe geothermiebron. Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Zorgvliet

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

8.8 Segbroek

Buurt

Beoogde warmteoplossing

Bronnen van toepassing

Bloemenbuurt-Oost

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Bloemenbuurt-West

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Bomenbuurt

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Eykenduinen

LT-oplossingen (2)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Heesterbuurt

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Koningsplein en omgeving

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Rond de Energiecentrale

MT-warmtenet (2)

Mix van MT-warmtebronnen

Valkenboskwartier

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Vogelwijk

LT-oplossingen (2)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Vruchtenbuurt

LT-oplossingen (3)

Warmte uit de ondiepe bodem, lucht of water (TEA en TED).

Conceptontwerp Warmteprogramma

66 van 71

Bijlage C Bronnenkaart

Den Haag heeft een goede uitgangspositie om de warmtesystemen met lokale bronnen te voeden. Voor zowel MT- als LT-oplossingen zijn er (potentiële) lokale bronnen voorhanden. Voor de MT-oplossingen zetten we primair in op lokale geothermie. Naar het voorbeeld van de geothermiecentrale aan de Leyweg willen we nieuwe centrales realiseren op tien verschillende locaties in de stad. Daarnaast maken we gebruik van restwarmte. Voor de LT-oplossingen gaan we aan de slag met een breed palet van lokale bronnen. We onderzoeken de mogelijkheden om warmte te winnen uit alle waterbronnen die de stad rijk is. Dat betekent niet alleen oppervlaktewater, maar bijvoorbeeld ook water uit afvalzuiveringsinstallaties en drink- en zeewaterwatersystemen. En waar de ondergrond het toelaat en er geen interventie is tussen bronnen stimuleren we de inzet van warmte uit de bodem via WKO-systemen en bodemwarmtepompen. Het aanbod van al deze bronnen maakt het mogelijk om invulling te geven aan ons uitgangspunt: duurzaam inzetten op lokale warmte. Ondanks de ruime beschikbaarheid is de realisatie van lokale bronnen allesbehalve vanzelfsprekend. Elke warmtebron neemt tenslotte schaarse (publieke) ruimte in beslag. In de gebiedsprogramma’s gaan we aan de slag om ruimte te vinden voor deze bronnen. Op de onderstaande kaart geven we inzicht in de zoekgebieden van lokale bronnen van warmte.

Conceptontwerp Warmteprogramma

67 van 71

Bijlage D Participatieverslag en aanzet vervolgaanpak participatie

Vooraf Om de overstap op schone energie voor de hele stad succesvol te laten verlopen, is het nodig om te weten wat inwoners en ondernemers belangrijk vinden. Bovendien is een participatieproces voor het warmteprogramma noodzakelijk vanuit juridische kaders van de Omgevingswet én gewenst gezien actuele ontwikkelingen rondom de energietransitie sinds de vaststelling van de Transitievisie Warmte. Daarom organiseert de gemeente tot het warmteprogramma eind 2026 wordt vastgesteld verschillende momenten waarop belanghebbenden kunnen meedenken. De participatieaanpakken worden gemaakt volgens de nieuwe Haagse participatieverordening. Tot aan de oplevering van het conceptontwerp warmteprogramma hebben al diverse participatiemomenten plaatsgevonden. In deze bijlage wordt allereerst kort verslag gedaan van de participatie die al heeft plaatsgevonden voor dit conceptontwerp warmteprogramma. Daarna wordt een globaal overzicht gegeven van hoe we vervolg willen geven aan participatie om te komen tot een definitief warmteprogramma. Bij het warmteprogramma dat eind 2026 moet worden vastgesteld, zal het complete participatieverslag worden toegevoegd als bijlage. Daarin wordt aangegeven wat er met de inbreng van deelnemers aan het proces is gedaan.

Verslag van de participatie vóór het conceptontwerp warmteprogramma Terugblik participatiemomenten tot en met juni 2025 In de zomer van 2024 is een participatieplan voor het warmteprogramma opgesteld met een overzicht van geplande participatiemomenten. In het participatieplan voor het conceptontwerp warmteprogramma is gekozen voor een stadsbrede raadpleging met als doel inwoners en ondernemers te bevragen op wat voor hen belangrijk is bij de overstap naar hernieuwbare warmte. Naar aanleiding van de resultaten van deze raadpleging is er vervolgens nog een onderzoek gedaan naar wat betaalbaarheid in de warmtetransitie inhoudt voor bewoners van Den Haag. Hieronder een overzicht van de participatiemomenten die hebben plaatsgevonden voor de totstandkoming van het conceptontwerp warmteprogramma: Toets op participatieplan (september 2024) - adviseren Voorafgaand aan de raadpleging is het participatieplan voorgelegd aan twaalf (voornamelijk externe) partijen, waaronder vertegenwoordigers van bewonersinitiatieven en een ondernemersvereniging, de Haagse Hogeschool, woningcoöperaties, energiebedrijven en energiecoaches. Per mail is feedback geleverd. Op basis daarvan is het participatieplan aangepast en vooral aangescherpt.

Participatie in de voorbereiding van de stadsbrede raadpleging • Samen ontwerpen concept raadpleging (oktober 2024) - adviseren In een ontwerpsessie met vijftien ’medewerkers van de gemeente van verschillende afdelingen en portefeuilles en een sessie met elf externe belanghebbenden georganiseerd om te komen tot een juiste vraagstelling, thema’s en manier van voorleggen van keuzes en dillema’s in de raadpleging. Dit heeft geresulteerd in een demoversie van de raadpleging. • Toets op de demoversie voor de raadpleging (november 2024) - adviseren De demoversie van de raadpleging is voorgelegd aan een brede vertegenwoordiging van belanghebbenden, bijna 30 personen, waaronder vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en bewonersorganisaties. Ook alle genodigden voor de twee ontwerpsessies, inclusief zij die verhinderd waren, is gevraagd nog een laatste check te doen. Er kon zowel in

Conceptontwerp Warmteprogramma

68 van 71

een online sessie als per mail feedback worden gegeven, hetgeen heeft geresulteerd in enkele laatste aanpassingen, met name op gebied van taalgebruik. Stadsbrede raadpleging (november 2024) - raadplegen Inwoners en ondernemers konden van 12 november tot 2 december via een online vragenlijst hun mening geven. Centrale vraag van de raadpleging luidde: ‘Welke (rand)voorwaarden vinden belanghebbenden in deze huidige tijd het belangrijkst om de overstap te maken naar de in de TVW voorgestelde warmteoplossing of een gelijkwaardig duurzaam alternatief?’ Belangrijk is hierbij te benadrukken dat de schone warmtealternatieven per wijk en de kaders uit de TVW het uitgangspunt waren. Daarop heeft in deze fase geen participatie plaatsgevonden. De oproep om deel te nemen aan de raadpleging is gedaan middels een persoonlijke uitnodiging aan 10.000 willekeurige adressen, met een grootschalige on- en offline mediacampagne, en door bezoekers te benaderen tijdens evenementen in de Haagse Klimaatweek. Daarnaast zijn mensen op straat, in bibliotheken en in wijkcentra uitgenodigd om ter plekke de vragenlijst in te vullen. Inwoners die minder digitaal vaardig zijn, hebben hulp gekregen bij het invullen. In totaal hebben 2.120 inwoners en ondernemers deelgenomen. Een bijzonder mooi aantal voor een complex onderwerp.

Met de raadpleging konden inwoners van Den Haag meedenken over de uitgangspunten en aandachtspunten die aan de basis liggen van het warmteprogramma. De resultaten geven inzicht in de gewenste prioritering van de uitgangspunten voor het warmteprogramma. De meerderheid van de deelnemers geeft prioriteit aan lage kosten voor de samenleving en voor extra hulp voor mensen met weinig geld. Bovendien gaf twee derde (66 procent) aan het eens te zijn met de beslissing te stoppen met aardgas. Over de volledige resultaten van deze raadpleging is de raad in maart 2025 geïnformeerd (RIS321588). Ook deelnemers aan de raadpleging hebben op verzoek het eindrapport ontvangen en het rapport is gepubliceerd op de website van gemeente Den Haag. De resultaten hebben geleid tot aanpassing, aanscherping en een nieuwe prioritering van de uitgangspunten. Dit is terug te lezen in hoofdstuk 2 van het conceptontwerp warmteprogramma. Landelijk onderzoek naar betaalbaarheid (juni 2025) - raadplegen De raadpleging van november 2024 liet overduidelijk zien dat betaalbaarheid het belangrijkst wordt gevonden bij de overstap naar aardgasvrij. Betaalbaarheid is een relatief begrip, omdat de ervaring hiervan per persoon kan verschillen. In de raadpleging is niet onderzocht wat deelnemers onder betaalbaarheid verstaan.

Om meer inzicht te verkrijgen in dit begrip, heeft Den Haag deelgenomen aan een landelijk onderzoek naar betaalbaarheid. In dit onderzoek zijn tussen maart en juni 2025 bewoners uit zestien gemeenten bevraagd. De wijze van uitnodigen was ongeveer gelijk aan de eerdere raadpleging. Uit Den Haag deden maar liefst 2.616 mee aan het onderzoek. De uitkomsten van dit onderzoek zijn in september 2025 gepubliceerd door EBN en worden, waar van toepassing, meegenomen in het ontwerp warmteprogramma dat nog ter inzage wordt gelegd.

Aanzet vervolgaanpak participatie tot aan vaststelling definitieve warmteprogramma, in combinatie met participatie voor een publiek warmtebedrijf Vooraf Naast de oplevering van het definitieve warmteprogramma, wordt er ook gewerkt aan de oprichting van een Haags warmtebedrijf dat verantwoordelijk wordt voor de aanleg, het beheer en de levering van duurzame warmte via warmtenetten in Den Haag. Het Haags warmtebedrijf speelt daarmee een belangrijke rol in de uitvoering van het warmteprogramma in de zogenaamde warmtenetwijken. Ook voor het Haags warmtebedrijf wordt participatie met Haagse inwoners, ondernemers en andere stakeholders georganiseerd.

Conceptontwerp Warmteprogramma

69 van 71

Op basis van gesprekken met een aantal bewoners is besloten om de participatie voor het warmteprogramma en het Haags warmtebedrijf waar mogelijk samen te voegen in het vervolgtraject. Enerzijds omdat enig begrip van beide grote onderwerpen noodzakelijk is om er inhoudelijk over mee te kunnen praten en denken. Anderzijds omdat het voor beide onderwerpen wenselijk geacht wordt om met een zorgvuldig samengestelde groep inwoners, ondernemers en stakeholders de diepte in te kunnen gaan. Op deze manier kunnen vragen over zowel het warmteprogramma als het Haags warmtebedrijf met diepgang besproken worden met de deelnemersgroep. Voorgestelde vervolgfases participatie december 2025 – juli 2026 Terugkoppeling verwerking raadpleging in ontwerp warmteprogramma en toets op vervolgfases (december 2025) – informeren + raadplegen In een bijeenkomst bestaande uit een brede vertegenwoordiging van belanghebbenden die eerder in het participatieproces voor het warmteprogramma zijn betrokken, wordt teruggekoppeld hoe de resultaten van de raadpleging van eind 2024 doorklinken in het (conceptontwerp) warmteprogramma. Daarnaast bespreken we welke participatiemomenten tot de vaststelling van het warmteprogramma zullen plaatsvinden. Feedback op het voorgestelde participatietraject wordt verwerkt in het definitieve participatieplan (voor zowel warmteprogramma als Haags warmtebedrijf).

Gesprekken met georganiseerde stakeholders (november-januari) – informeren + raadplegen Het conceptontwerp warmteprogramma zal worden gedeeld met georganiseerde stakeholders zoals Stedin, woningcoöperaties, (ver)huurdersverenigingen, ondernemersverenigingen en bewonersinitiatieven en -organisaties. Vooruitlopend op de focusgroep (zie hieronder) en de stadsdeelbijeenkomsten gericht op een breder publiek (idem) kunnen zij hun mening geven over het conceptontwerp warmteprogramma en suggesties doen om het document aan te scherpen. Dat kan ook nog tijdens de focusgroepbijeenkomsten/stadsdeelbijeenkomsten en de formele inspraakronde (ter inzage legging). Focusgroepbijeenkomsten van geselecteerde bewoners, ondernemers en andere stakeholders (Q1 /Q2 2026) – adviseren Om met inwoners, bewonersorganisaties, ondernemers en andere (georganiseerde) stakeholders verder de diepte in te gaan organiseren we focusgroepbijeenkomsten bestaande uit zorgvuldig geselecteerde deelnemersgroepen. We stellen hen vragen met betrekking tot de uitgangspunten, de voorgestelde warmteoplossingen voor de verschillende buurten en de manier waarop inwoners en ondernemers zich hierop voor kunnen bereiden zoals opgenomen in het conceptontwerp warmteprogramma.

Om bewoners te enthousiasmeren en in staat te stellen om mee te doen benaderen we ze op verschillende manieren, zoals per brief, tijdens bijeenkomsten en sleutelpersonen in de diverse wijken. Conclusies en adviezen voortkomend uit de focusgroepbijeenkomsten worden voorgelegd aan een bredere groep inwoners en stakeholders tijdens de stadsdeelgerichte bijeenkomsten. Stadsdeelbijeenkomsten (Q1 – Q2 2026) – informeren + raadplegen Om een bredere groep bewoners te informeren en met hen in gesprek te gaan over het warmteprogramma en het Haags warmtebedrijf wordt in elk stadsdeel minimaal één bijeenkomst georganiseerd. Het programma wordt toegespitst op wat er voor het betreffende stadsdeel in het warmteprogramma staat en wordt mede ingevuld op basis van wat er met de focusgroep is besproken. Per stadsdeel worden in ieder geval de bewonersorganisaties, ondernemersverenigingen en maatschappelijke organisaties uitgenodigd. Waar aanvullend op hetgeen al in het warmteprogramma is opgenomen, wordt de input meegenomen in de beschrijving van de waarden, opgaven en kansen per stadsdeel in het warmteprogramma.

Conceptontwerp Warmteprogramma

70 van 71

Formele inspraakronde en besluitvorming (Q2–Q3 2026) - raadplegen Voorafgaand aan vaststelling van het definitieve warmteprogramma wordt het ontwerp warmteprogramma, met daarin de uitkomsten uit de hierboven genoemde participatie, ter inzage gelegd voor een periode van zes weken. Tijdens de inzageperiode kunnen belanghebbenden zienswijzen indienen. Alle zienswijzen worden beoordeeld en reacties daarop gebundeld in een Nota van Beantwoording. Op basis van de zienswijzen kan het ontwerpplan nog worden gewijzigd. Definitieve vaststelling van het warmteprogramma is beoogd voor eind 2026. Aan het definitieve warmteprogramma zal ook een volledig participatieverslag toegevoegd worden. Daarin wordt opgenomen welke vraagstukken er precies zijn voorgelegd, op welke manier en aan wie, en hoe de uitkomsten van het participatieproces zijn verwerkt in het definitieve warmteprogramma.

Conceptontwerp Warmteprogramma

71 van 71

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16504422/1