RIS324313 Afdoening motie Elk kind doet mee
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de gemeenteraad
OCW/11053659 RIS324313 Contactpersoon
Hedda Saas Dienst
Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling
OCW Stad en Bestuur Telefoonnummer
14070 E-mailadres
hedda.saas@denhaag.nl
Datum
26 mei 2026 Onderwerp
Afdoening motie: ‘Elk kind telt mee’
Uw raad heeft, tijdens de bespreking van het voorstel inzake ‘Haagse Educatieve Agenda 2026-2032’ (RIS323937) op 18 december 2025, de door het raadslid Ahraui ingediende motie: ‘Elk kind telt mee’ (RIS324313) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Overwegende, dat: de gemeente Den Haag gelijke kansen voor alle kinderen als belangrijk uitgangspunt hanteert; het belangrijk is dat alle kinderen kunnen meedoen aan alle lessen en activiteiten, ongeacht de financiële situatie thuis; andere gemeenten, zoals Utrecht, succesvol werken met een vorm van solidariteitsvoorziening om uitsluiting te voorkomen. Constaterende, dat: de nieuwe HEA inzet op brede ontwikkeling en deelname aan onderwijsactiviteiten; scholen in de praktijk beperkte middelen hebben voor activiteiten zoals excursies, projecten en cultuuraanbod; financiële drempels voor ouders nog steeds kunnen leiden tot uitsluiting van kinderen bij schoolactiviteiten.
Verzoekt het college: in samenwerking met scholen, schoolbesturen en partners te verkennen welke maatregelen nodig zijn om te borgen dat geen enkel kind wordt uitgesloten van onderwijsactiviteiten of brede ontwikkelingsprogramma’s vanwege financiële redenen; hierbij succesvolle voorbeelden uit andere gemeenten, waaronder het Utrechtse solidariteitsfonds, te betrekken; deze verkenning op te nemen in de uitvoeringsagenda van de HEA, inclusief een concreet voorstel voor invoering; en de raad hierover uiterlijk bij de aanbieding van de uitvoeringsagenda te informeren.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/11053659
Het college doet de motie op de volgende manier af: In de afdoening van uw motie maken we een onderscheid tussen de term ‘onderwijsactiviteiten’, zijnde activiteiten die onder schooltijd en binnen het onderwijsprogramma plaatsvinden en ‘ontwikkelingsprogramma’s’, activiteiten die buiten schooltijd plaatsvinden. Scholen en schoolbesturen geven aan dat leerlingen nooit voor onderwijsactiviteiten worden uitgesloten. Scholen staan hiervoor vanuit hun morele verantwoordelijkheid, maar worden ook ondersteund door de Wet Primair Onderwijs (WPO artikel 41) waarin staat vastgelegd dat leerlingen moeten deelnemen aan alle voor hen bestemde onderwijsactiviteiten. Daaronder vallen ook activiteiten die plaatsvinden buiten de school, zoals schoolzwemmen, excursies, sportdag en schoolreisjes, zolang deze onderdeel zijn van het onderwijsprogramma. In het geval er op een school via de vrijwillige ouderbijdragen te weinig middelen binnenkomen om de activiteiten uit te voeren, maakt de school over het algemeen gebruik van mogelijkheden via fondsen of andere ‘potjes’. Het onderwijs merkt op dat er de afgelopen jaren minder ouderbijdragen worden ontvangen en dat er, als gevolg daarvan, minder activiteiten worden gepland en uitgevoerd.
Brede ontwikkelingsactiviteiten die na schooltijd op school plaatsvinden, worden op veel Haagse scholen bekostigd via de Rijkssubsidie School & Omgeving en kunnen daardoor kosteloos worden aangeboden aan de leerlingen. De nieuwe subsidieregeling Uitvoering Haagse Educatieve Agenda Den Haag 2026 (RIS325414) biedt scholen de ruimte om naar eigen inzicht invulling te geven aan de HEA-doelstellingen en daarmee dus ook aan activiteiten die bijdragen aan brede ontwikkeling. Dit kan zowel tijdens als na schooltijd. De budgetten worden verdeeld aan de hand van CBS-scores, wat betekent dat de kwetsbaarheid van de populatie meetelt in de hoogte van de subsidie. Daarnaast ontvangt elk schoolbestuur een budget dat, in overleg met de scholen, kan worden ingezet op de scholen waar iets extra’s nodig is. Daarnaast kan het budget worden ingezet voor het stimuleren van samenwerkingsvormen tussen scholen onderling en/of tussen scholen en partners in de wijk. Ten slotte zijn er middelen beschikbaar via de ‘Stedelijke en collectieve opgaven’ waarin onder andere gebruik kan worden gemaakt van activiteiten op het gebied van cultuur en sport, zoals het aanbod cultuureducatie, de Sport en beweegclub of de Haagse Sporttuinen. Een nadere toelichting op de subsidieregeling is te vinden in de commissiebrief Uitvoering Haagse Educatieve Agenda 2026-2032 (RIS325415).
Het aanbod van brede ontwikkelingsprogramma’s kan ook via organisaties in de wijk plaatsvinden, zoals een sportclub, buurthuis of bibliotheek. Het college heeft niet in beeld voor welke ontwikkelingsprogramma’s een financiële bijdrage wordt gevraagd en of dat een drempel opwerpt voor deelname. In de Uitvoeringsagenda 2026-2027 (RIS325414) is mede op verzoek van uw raad vastgelegd dat we de komende periode een verkenning uitvoeren naar de toegankelijkheid van brede ontwikkelactiviteiten. En of er maatregelen nodig zijn tegen eventuele financiële uitsluiting. Daarbij betrekken we werkende voorbeelden uit andere gemeenten, waaronder het solidariteitsfonds in Utrecht. Op basis van deze verkenning wordt bezien hoe de situatie daadwerkelijk is, welke mogelijkheden er zijn en wat nodig is. De uitkomsten hiervan worden uitgewerkt en opgenomen in de Uitvoeringsagenda 2027-2028. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2