RIS324247 Bijlage Beleidskompas Besluit veilige jaarwisseling
Tekst van het document
Beleidskompasformulier voor internetconsultatie
Besluit veilige jaarwisseling ∞ Wie zijn belanghebbenden en waarom? -
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW): verantwoordelijk voor de wet- en regelgeving over vuurwerk;
-
Ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV): verantwoordelijk voor de jaarwisseling en de openbare orde en veiligheid;
-
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK): verantwoordelijk voor het openbaar bestuur en de bestuurlijke verhoudingen;
-
Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT): markttoezichthouder. De ILT is verantwoordelijk voor het toezicht op het transport van vuurwerk en onderzoekt ook de productveiligheid en kwaliteit van vuurwerk;
-
Politie: strafrechtelijke opsporing van vuurwerkdelicten;
-
Openbaar Ministerie: bevoegd gezag strafrechtelijke opsporing en vervolging;
-
Gemeenten, Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), Genootschap van burgemeesters: burgemeesters krijgen met het voorstel van wet een mogelijkheid tot het verlenen van een ontheffing voor het afsteken van vuurwerk tijdens de jaarwisseling. Gemeenten houden het toezicht op de naleving van de voorwaarden van een ontheffing;
-
Veiligheidsregio’s, brandweer: in verband met de (brand)veiligheid van vuurwerkopslag en vuurwerkontbrandingen;
-
Landelijke Vuurwerkcoördinatoren (LWVC): bevoegd gezag voor het verlenen van vergunningen en het houden van toezicht met betrekking tot vuurwerkopslagen (gemeenten) en professionele vuurwerkontbrandingen (provincies);
-
Vuurwerkbranche (detailhandel, importeurs, professionele bezigers);
-
RIVM: expertise op het gebied van vuurwerk;
-
Verzekeraars: in verband met de aansprakelijkheid bij schade en letsel;
-
(Koepel)organisaties van buurt- en sportverenigingen;
-
Vuurwerkliefhebbers;
-
Verenigingen;
-
Burgers;
-
Tweede Kamer, Eerste Kamer.
1. Wat is het probleem? Op 8 april 2025 is de Wet veilige jaarwisseling aangenomen in de Tweede Kamer. De Wet is een initiatiefwetsvoorstel van de leden Klaver (GroenLinks-PvdA) en Ouwehand (PvdD). Daarbij zijn ook twee amendementen en een aantal moties aangenomen. Het voorstel van wet is op 1 juli 2025 aangenomen in de Eerste Kamer. Het voorstel regelt een algeheel vuurwerkverbod voor consumenten. Het afsteken van F1vuurwerk blijft gedurende het hele jaar toegestaan. Ook professionele vuurwerkontbrandingen blijven mogelijk. In het voorstel van wet is – door aanneming van een amendement van de leden Bikker, Stoffer en Boswijk (35 386, 17) – een ontheffingsmogelijkheid voor het afsteken van aangewezen F2-vuurwerk tijdens de jaarwisseling opgenomen. De uitwerking daarvan gebeurt via een algemene maatregel van bestuur. IenW staat aan de lat voor het opstellen hiervan.
2. Wat is het beoogde doel? Publicatie van de algemene maatregel van bestuur per 1 juli 2026, waarin (zoals voorgeschreven in de Wet veilige jaarwisseling): -
regels zijn gesteld over de voorwaarden waaronder door de burgemeester op aanvraag ontheffing kan worden verleend voor het tijdens de jaarwisseling tot ontbranding brengen van aangewezen F2-vuurwerk;
-
regels zijn gesteld over de voorschriften die aan de ontheffing kunnen worden verbonden;
-
het F2-vuurwerk waarvoor ontheffing kan worden verleend is aangewezen;
-
regels zijn gesteld over de verkoop van vuurwerk van het aangewezen F2-vuurwerk aan de koper die in het bezit is van een ontheffing.
Daarbij is er aandacht geweest voor: -
de veiligheid van de opslag en het vervoer van F2-vuurwerk;
-
de veiligheid van afstekers en publiek;
-
de bevoegdheden op lokaal niveau (burgemeester);
-
de handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid;
-
de relatie met bestaande wet- en regelgeving;
-
de politieke en maatschappelijke wensen;
-
de belangen van relevante stakeholders (o.a. gemeenten, branche).
En waarbij: -
er zoveel mogelijk draagvlak is voor de uitwerking en waarbij alle relevante stakeholders voldoende zijn gehoord in het proces.
3. Wat zijn opties om het doel te realiseren? Landelijk vs lokaal De burgemeester krijgt de mogelijkheid voor het verlenen van een ontheffing voor het afsteken van aangewezen F2-vuurwerk tijdens de jaarwisseling, binnen de bij AMvB vastgestelde kaders. Het is een keuze om zoveel mogelijk nationaal te regelen en weinig beslissingsruimte over te laten voor de burgemeester, of om zoveel mogelijk ruimte aan de burgemeester over te laten.
Voorwaarden en voorschriften Uitwerking van de AMvB , rekening houdend met alle aspecten zoals onder vraag 2 benoemd, is complex. Er zijn veel opties om het doel te realiseren, waarbij elk scenario zijn eigen voor- en nadelen kent. Hierna volgt een aantal scenario’s die dienen als basis voor het uitgangspunt dat kan worden gehanteerd bij het invullen van de ontheffingsmogelijkheid. Het gaat om basisscenario’s. Bij elk scenario bestaan diverse subscenario’s, waarbij er veel knoppen zijn waaraan kan worden gedraaid.
In het kort
Hoeveelheid vuurwerk Type vuurwerk Verkoop, transport/ terbeschikkingstelling Afsteektijden Vereisten aanvraag en aanvrager Afsteekeisen Voordelen Nadelen
In het kort
Hoeveelheid vuurwerk Type vuurwerk Verkoop, transport/ terbeschikkingstelling Afsteektijden Vereisten aanvraag en aanvrager
Scenario 1 Burgemeester wijst een locatie aan, daar mag door iedereen (variant A) / of door leden vereniging (variant B) vuurwerk worden afgestoken zoals nu. In veel gevallen ook evenementenvergunning van toepassing, afhankelijk van regels gemeente. Per persoon mag maximaal 25 kilo consumentenvuurwerk worden afgestoken (zoals nu) In Rac aangewezen F2-vuurwerk (zoals nu) Zoals nu (verkoop via reguliere verkooppunten; huidige regels transport en voorhanden hebben 25 kg) Tussen 31 december 18.00u en 1 januari 02.00u Niet van toepassing. Zoals op gebruiksaanwijzing Sluit aan bij huidige regels; juridisch het meest simpele (geen/beperkt aantal aanvullende regels nodig voor afsteken, transport en opslag) Aannemelijk risico op chaos en incidenten vanwege grote aantrekkende beweging; ondermijnt mogelijk het doel van de Wet veilige jaarwisseling; vermoedelijk lastig handhaafbaar Scenario 2 Burgemeester verleent een ontheffing aan een vereniging voor het afsteken van consumentenvuurwerk op een bepaalde locatie (mini-vuurwerkshow). In veel gevallen ook evenementenvergunning van toepassing, afhankelijk van regels gemeente.
Per ontheffing mag maximaal 200 kilo consumentenvuurwerk worden afgestoken In Rac aangewezen F2-vuurwerk (zoals nu) Terbeschikkingstelling op 31 december; vervoer binnen gedeeltelijke vrijstelling ADR Tussen 31 december 18.00u en 1 januari 02.00u Aanvrager moet ingeschreven staan bij de Kamer van Koophandel.
Afsteekeisen Voordelen Nadelen
Aanvrager moet een veiligheidsplan overleggen en een aansprakelijkheidsverzekering hebben. Afsteekeisen vergelijkbaar met professionele ontbranding (veiligheidsafstanden, eisen aan afsteekterrein, brandpreventiemaatregelen, schoon opleveren terrein) Het is duidelijk wie aansprakelijk is bij schade; vermoedelijk het beste te handhaven; voldoet vermoedelijk het meest aan de verwachtingen Complexe vragen als gevolg van eisen o.a. opslag en vervoer; mogelijk beperkt business model voor branche
Zoals hiervoor aangegeven bestaan er meerdere mogelijke tussen- en subvarianten. Er zijn namelijk verschillende knoppen waaraan gedraaid kan worden. Waaronder: -
hoeveelheid vuurwerk: op dit moment is het voor consumenten toegestaan om 25 kilo (consumenten)vuurwerk in bezit te hebben en af te steken, zonder aanvullende regels voor opslag en vervoer. Wanneer aan de knop ‘hoeveelheid vuurwerk’ wordt gedraaid, betekent dit dat nagedacht moet worden over welke aanvullende vereisten noodzakelijk zijn;
-
vereisten met betrekking tot de verkoop/terbeschikkingstelling: er kan worden gekozen om bij AMvB te regelen waar de verkoop plaats kan vinden, of het aan de markt over te laten. Ook kan worden gekozen voor het limiteren van de periode waarin de terbeschikkingstelling aan de ontheffinghouder kan plaatsvinden (bijvoorbeeld enkel op 31 december);
-
opslag/nederlegging van het vuurwerk (vgl ook huidige regelgeving). Er kan gekozen worden om de periode waarin nederlegging van het vuurwerk mag plaatsvinden te limiteren (bijvoorbeeld enkel op 31 december) en eisen te stellen aan de nederlegging;
-
vereisten aan het tot ontbranding brengen en de locatie (waaronder veiligheidseisen);
-
vereisten met betrekking tot de aanvraag/ontheffinghouder, o.a. het al dan niet vereisen van rechtspersoonlijkheid en/of een bepaalde rechtsvorm;
-
al dan niet vereisen van een aansprakelijkheidsverzekering;
-
al dan niet vereisen van deskundigheid van ontbranders en eventuele supervisors;
-
al dan niet vereisen van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG);
-
al dan niet landelijk bepalen van het maximum aantal ontheffingen per gemeente.
4. Wat zijn de gevolgen van de opties? Als gevolg van de Wet veilige jaarwisseling neemt de vuurwerkverkoop in Nederland af. Enkel F1vuurwerk mag nog worden verkocht aan consumenten. Aangewezen F2-vuurwerk mag alleen nog verkocht worden als de koper in het bezit is van een ontheffing. Dit heeft gevolgen voor burgers in Nederland, nu niet iedereen tijdens de jaarwisseling meer consumentenvuurwerk mag afsteken. Het heeft ook gevolgen voor de branche. In een separaat traject wordt gewerkt aan een nadeelcompensatieregeling voor de vuurwerkbranche. Als gevolg van scenario 1 mag afhankelijk van de gekozen subvariant in geval van een door de burgemeester verleende ontheffing iedereen (subvariant A) dan wel leden van de vereniging (subvariant B) maximaal 25 kilo vuurwerk kopen en afsteken tijdens de jaarwisseling. In scenario 2 mag in geval van een door de burgemeester
verleende ontheffing, een vereniging maximaal 200 kilo vuurwerk kopen en afsteken tijdens de jaarwisseling. Bij beide scenario’s kan een burgemeester een ontheffing verlenen, en moet een ontheffing worden aangevraagd. Dit brengt extra regeldruk met zich mee. Er is naar gestreefd de regeldruk voor burgemeesters zo minimaal mogelijk te maken, door zoveel mogelijk voorwaarden en voorschriften op nationaal niveau (bij AMvB) vast te leggen. Het lokale bevoegde gezag stelt de wijze vast, waarop de aanvraag bij een burgemeester kan worden ingediend.
5. Wat is de voorkeursoptie? Lokaal vs nationaal Er bestaat een breed gedragen wens vanuit het veld om waar dat kan zoveel mogelijk vereisten, zoals veiligheidsvereisten, nationaal vast te leggen. Hiermee wordt onwenselijke versnippering voorkomen, maar wordt de burgemeester wel de ruimte geboden om binnen die kaders met zijn expertise en kennis van zijn gemeente in overleg met de lokale driehoek te beslissen of, op welke locatie en hoeveel ontheffingen worden verleend.
Voorwaarden en voorschriften De voorkeursoptie betreft scenario 2. Dit scenario voldoet naar verwachting het meeste aan de bedoeling van de ontheffingsmogelijkheid. Ook kan bij dit scenario de veiligheid van de opslag, het transport, de afsteker en het publiek via voorwaarden en voorschriften zo goed mogelijk worden geborgd. Ook wordt hierbij zo veel mogelijk aangesloten bij huidige regelgeving, zoals de regelgeving die geldt voor het bedrijfsmatig tot ontbranding brengen van vuurwerk. 1 Zie hieronder een samenvatting van Scenario 2. In de wijziging van het Vuurwerkbesluit wordt het nader uitgewerkt.
1
Regeling bedrijfsmatig tot ontbranding brengen van vuurwerk.
In het kort Voorwaarden waaronder een burgemeester een ontheffing kan verlenen Hoeveelheid vuurwerk Type vuurwerk Verkoop en terbeschikkin gstelling
Afsteektijden Voorschriften met betrekking tot de locatie
Voorschriften mbt supervisor en ontbranders
Voorschriften mbt het ontbranden
Evenement
Burgemeester verleent een ontheffing aan een vereniging of stichting voor het afsteken van consumentenvuurwerk op een bepaalde locatie de aanvrager is een vereniging of stichting die staat ingeschreven in de KvK in een adres in de desbetreffende gemeente; bij de aanvraag zit een veiligheidsplan, incl situatietekening en een overzicht van het vuurwerk dat afgestoken gaat worden; vuurwerk wordt niet in een binnenruimte afgestoken, en de locatie moet goed bereikbaar zijn voor hulpdiensten. Ook bevinden er zich geen kwetsbare gebouwen, bedrijfsmatig gehouden dieren, brandbare objecten of voer- of vaartuigen. Per ontheffing maximaal 200 kilo F2-vuurwerk In de Regeling aanwijzing consumentenvuurwerk (Rac) aangewezen F2-vuurwerk. Dit komt overeen met het huidige toegestane consumentenvuurwerk. Verkoop is toegestaan op de laatste drie dagen van het jaar; vooraf bestellen is net zoals nu mogelijk. De ter beschikkingstelling van vuurwerk aan een vereniging die over een ontheffing beschikt, is enkel toegestaan op 31 december. Vuurwerk dat niet tijdens de jaarwisseling is afgestoken om wat voor reden dan ook, wordt op 1 januari teruggeleverd aan de verkoper. Het is namelijk verboden om gedurende het jaar vuurwerk voorhanden te hebben.
Tussen 31 december 18.00 uur en 1 januari 02.00 uur Vuurwerk wordt uitsluitend afgestoken op het in de ontheffing aangegeven terrein, conform het veiligheidsplan. De veiligheidszone heeft een minimale grootte waarbij rekening wordt gehouden met de vereiste minimale veiligheidsafstanden. Voordat het vuurwerk op het afsteekterrein wordt neergelegd, wordt het afsteekterrein afgesloten voor publiek. Het vuurwerk (maximaal 200 kilo F2) wordt op het afsteekterrein bewaard en de vereniging houdt hier permanent toezicht op. Op de afsteekplaats is een aantal documenten verplicht aanwezig (ontheffing, factuur met ingekocht vuurwerk). In de veiligheidszone is geen open vuur aanwezig, wordt niet gerookt, en er zijn voldoende handblusapparaten aanwezig. Tijdens het tot ontbranding brengen van vuurwerk mag de veiligheidszone alleen worden betreden door de supervisor(s), de ontbranders en de toezichthouder. Het afsteekterrein wordt na afloop schoon opgeleverd. Het vuurwerk mag tot ontbranding worden gebracht door maximaal 8 personen, en er worden maximaal één of twee supervisors vanuit de vereniging aangewezen. Deze personen zijn aangewezen bij de aanvraag. De supervisor is minimaal 18 jaar oud; de ontbranders minimaal 16 jaar. De ontbranders en de supervisors moeten kennis hebben van het veilig afsteken van vuurwerk.
Hiertoe wordt namens het Rijk een e-learning of voorlichtingspakket opgesteld. De supervisor en de ontbranders dragen een vuurwerkbril en de ontbranders gebruiken aansteeklonten. De supervisor en de ontbranders zijn niet onder invloed van alcohol of andere verdovende middelen. Het vuurwerk wordt afgestoken zoals opgenomen in het veiligheidsplan. Het vuurwerk mag niet worden bewerkt en alleen handmatig (niet elektronisch) worden afgestoken. Het afsteken moet plaatsvinden volgens de gebruiksaanwijzing. Vuurwerk moet stabiel en op de grond worden opgesteld. Het is niet toegestaan om vuurwerk op bijvoorbeeld stellages te plaatsen of op bewegende objecten. De ondergrond mag niet brandbaar te zijn. Ook zijn handelingen nabij het vuurwerk die kunnen leiden tot statische elektriciteit, brand, brandgevaar of onbedoelde ontsteking verboden. Bij het afsteken moeten minimale veiligheidsafstanden in acht worden genomen, ter bescherming van omstanders en het publiek. Wanneer publiek of omstanders nabij de veiligheidszone ander vuurwerk afsteken, dan wordt het afsteken van vuurwerk gestaakt. Ook indien weers- of andere omstandigheden het veilig tot ontbranding brengen van vuurwerk bemoeilijken of belemmeren, wordt het tot ontbranding brengen van vuurwerk gestaakt. In veel gevallen zal ook een evenementenvergunning nodig zijn, afhankelijk van de APV van de gemeente.