RIS324224 Halfjaarrapportage 2025 Wmo
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
v
Mariëlle Vavier Wethouder van Armoede, Inclusie, Zorg en Internationale Zaken
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Samenleving
OCW/10963884 RIS324224 Contactpersoon
Theo Bovenlander Dienst
Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling
OCW Stad en Bestuur Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
16 december 2025
theo.bovenlander@denhaag.nl
Onderwerp
Halfjaarrapportage 2025 Wmo
Geachte voorzitter, Inleiding en inhoud Hierbij presenteren wij u de Halfjaarrapportage 2025 Wmo. Daarin doen wij verslag van de behaalde resultaten in het eerste halfjaar van 2025. De halfjaarrapportage is bij deze brief gevoegd. Voor financiële en budgettaire informatie wordt, zoals gebruikelijk, verwezen naar andere stukken. Bijvoorbeeld de Programmarekening 2024 (RIS321975), de Programmabegroting 2025-2028 (RIS319799) en de Voorjaarsnota 2025 (RIS322212). Hierna geven wij eerst een toelichting op actuele ontwikkelingen (1). Daarna gaan wij in op de toezeggingen (2). 1. Actuele ontwikkelingen 1.1. Voorkomen diefstal scootmobielen Eerder werd u geïnformeerd over de scootmobielen. In de eerste helft van 2025 werden 282 scootmobielen gestolen (geheel 2024: 227). Er was een piek in de maanden februari en maart. Sindsdien vertoont de trendlijn een daling. Dankzij de GPS-chip konden 39 scootmobielen worden teruggevonden en weer in gebruik genomen. De afgelopen tijd zijn verschillende preventieve maatregelen genomen. • Preventieve maatregelen. Hierbij kan worden gedacht aan het bevestigen van muurankers, het uitleveren van nieuwe scootmobielen met een GPS-chip, flyeren van folders in de openbare ruimte met tips om de scootmobiel veilig te stallen, en inzetten van een lok-scootmobiel door de politie.1 • Technologische mogelijkheden.
Vanuit het programma ‘Technologie voor Thuis’ werden technologische mogelijkheden verkend samen met Medipoint. Het blijft een uitdaging dat fabrikanten volgens de Europese verordening ‘Medical Device Regulation’ (MDR) verplicht zijn risico’s (zoals bij stroomuitval) te analyseren en te beperken. Het technisch aanpassen is complex omdat de scootmobiel daarmee de wettelijke goedkeuring kan verliezen om in de openbare ruimte 1
Commissiebrief ‘Jaarrapportage 2024 Wmo’ (RIS321758) van 1 april 2025.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10963884
•
•
te worden gebruikt. De verkenning leidde tot een overzicht van sloten, alarmsystemen en trackers. Bekeken wordt welke oplossing kan worden toegepast, bijvoorbeeld door het stuurslot te vervangen met een slim slot die eenvoudig is te hanteren met een “druppel.” Ook is de leverancier uitgenodigd een innovatieverzoek in te brengen bij de ‘Startup in Residence.’2 Extra hangsloten. Medipoint heeft extra hangsloten ingekocht. Hiermee kan de scootmobiel worden vastgezet aan een vast voorwerp, zoals een lantaarnpaal. De hangsloten zijn inmiddels beschikbaar. Vanaf oktober 2025 worden deze uitgereikt bij de levering van nieuwe scootmobielen. Of tijdens het onderhoud of reparatie van scootmobielen die al in gebruik zijn. Voorlichting scootmobielgebruikers. Tenslotte gaan we onze scootmobielgebruikers in de wijken waar de meeste diefstallen plaatsvinden (Centrum, Schilderswijk en Transvaal) een brief sturen om hen te informeren en tips te geven. Dit gebeurt voor het einde van 2025.
Het college houdt de actuele ontwikkelingen in de gaten, en bepaalt aan de hand daarvan welke vervolgacties nodig zijn. Uiteraard wordt u daarover geïnformeerd via de (half)jaarrapportage Wmo en de voortgangsrapportage van het programma ‘Technologie voor Thuis.’
1.2. Pilot ‘Collectief gebruik scootmobielen’ Een pilot is voorbereid en start voor het eind van 2025. Het idee is om de gemeentelijke dienstverlening uit te breiden met een nieuwe Wmo-maatwerkvoorziening: collectief gebruik van een scootmobiel met breng- en haalservice. Het doel is het bevorderen van slimmer deelgebruik en een efficiëntere bezetting van scootmobielen. Tegelijk kan dit initiatief stallingsproblemen voorkomen (de opstellocatie voldoet aan alle brand- en veiligheidseisen), het onderhoud vergemakkelijken (meerdere scootmobielen op een centrale plek met toezicht) en het risico van vandalisme of diefstal in de openbare ruimte verminderen (minder scootmobielen die dagen ongebruikt op dezelfde plek staan). De pilot is uitsluitend bestemd voor inwoners die zich melden met een nieuwe hulpvraag. Wanneer zij een vervoersbehoefte hebben waarbij collectief gebruik van een scootmobiel passend is, dan wordt de collectieve scootmobiel geïndiceerd met een Wmo-beschikking.
2
Commissiebrief ‘Zorginnovatie en beveiligen scootmobielen’ (RIS322717) van 8 juli 2025.
2/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10963884
Overigens blijft het mogelijk dat in plaats daarvan een individuele scootmobiel wordt verstrekt. Dat hangt helemaal af van de omstandigheden van het geval. Dit is een individuele beoordeling van de Wmo-professional die volgt uit het zorgvuldige onderzoek. De evaluatie van de pilot gebeurt eind 2026. 1.3. Landelijke ontwikkelingen Wmo Uw raad wordt op uw verzoek periodiek geïnformeerd over landelijke ontwikkelingen bij de Wmo.4 Hierna volgen enkele belangrijke actualiteiten. •
Inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage (ivb) Wmo Eerder besloot het Rijk tot herinvoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage (ivb) Wmo. De beoogde datum van inwerkingtreding is 1 januari 2027. Echter de Tweede Kamer verklaarde het wetsvoorstel controversieel. Daarmee wordt de behandeling aangehouden in afwachting van een nieuw kabinet. De VNG wees erop dat daardoor een kans bestaat op uitstel. 3 Want de gegevensuitwisseling met het CAK, die de eigen bijdragen voor de gemeenten int, kan pas starten nadat het wetsvoorstel inwerking is getreden. Wij blijven deze landelijke ontwikkelingen volgen.
•
Verlenging van vitaliteit Het SCP publiceerde recent een onderzoek over de verlenging van vitaliteit en uitstel van zware zorg in een verouderende samenleving. Hierin werd gekeken naar welke factoren van invloed zijn op twee cruciale levensmomenten voor ouderen, het moment van zorgafhankelijkheid en van sociale afhankelijkheid. De factoren die onderzocht zijn, zijn het hebben van hulpbronnen (zoals gezondheid of inkomen), participatiemogelijkheden (zoals aan werk, zorg, sport of cultuur) en het welbevinden van ouderen. De levensloop van ouderen is slechts ten dele voorspelbaar, maar gelukkig zijn er factoren die kunnen helpen om het moment uit te stellen waarop ouderen afhankelijk worden van zorg. Deze factoren zijn een actief leven en het blijven sporten en bewegen. Deze studie geeft gemeenten, die sociale én zorgafhankelijkheid van oudere inwoners willen uitstellen aanknopingspunten om ouderen te faciliteren in het goed ouder worden in hun buurt. 4
•
Houdbaarheidsonderzoek Wmo Het Rijk en de gemeenten hebben met het Houdbaarheidsonderzoek Wmo 2015 een gezamenlijk beeld neergezet over hoe de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (hierna: Wmo) zich heeft ontwikkeld. De eindrapportage “Tijd voor stevige keuzes” wijst erop dat de Wmo buitengewoon sterk wordt beïnvloed en onder druk wordt gezet door ontwikkelingen buiten de invloeds- en werkingssfeer van de maatschappelijke ondersteuning zelf. Gemeenten hebben daar slechts gedeeltelijk grip op. Ook wordt een duidelijke richting (voor de toekomst) gemist: waar is de Wmo van, en voor wie is de wet bedoeld? Want de vergrijzing en de druk in andere stelsels (met name Ggz en Wlz) leiden ertoe leidt dat fors meer mensen een beroep doen op de Wmo. En tegelijk neemt het beschikbare aantal mantelzorgers en professionals af. Het Rijk en de gemeenten moeten daarom samen investeren in zorgzame gemeenschappen, collectieve ondersteuning en de sociale basis. Het Rijk en de VNG trekken gezamenlijk op om de conclusies uit het onderzoek opvolging te geven na het aantreden van het nieuwe kabinet.5
3
Zie Wet afschaffen abonnementstarief controversieel verklaard | VNG
4
Zie Kamerbrief over houdbaarheidsonderzoek Wmo 2015 en aanbieden analyses | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl en Verlengen vitaliteit
draagt bij aan uitstel van zware zorg ouderen | Nieuwsbericht | Sociaal en Cultureel Planbureau 5
Zie Onderzoek naar houdbaarheid Wmo: politieke keuzes nodig | VNG
3/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10963884
2. Toezeggingen Uw raad wordt hierna geïnformeerd over de afdoening of de stand van zaken van verschillende toezeggingen. 2.1. Doelgroepenvervoer Tijdens het Tweeminutendebat in de commissie Samenleving van 27 maart 2025 werd toegezegd om in de volgende voortgangsrapportage nader in te gaan op hoe het contractmanagement geregeld is. 6 Om goed vinger aan de pols te houden vindt er vanuit contract- en relatiemanagement maandelijks een managementoverleg en een uitvoeringsoverleg plaats met Noot. Hierin worden actuele zaken besproken en wordt de kwaliteit getoetst aan de hand van de afgesproken KPI’s zoals de afgesproken normen in de bovenstaande tabel. Ook vindt er overleg op afroep plaats als er zaken spelen die niet kunnen wachten tot het overleg. Een voorbeeld hiervan is afstemming over de gevolgen van de NAVO-top die in juni 2025 plaats heeft gevonden en hoe we gebruikers van het doelgroepenvervoer zo goed mogelijk kunnen informeren en adviseren over de gevolgen die dit kan hebben voor het vervoer. Ook gaan we bijvoorbeeld met scholen in gesprek om een oplossing te vinden als ritten structureel te laat komen. 2.2. Trends in Wmo-maatwerkarrangementen Tijdens het Wmo-themadebat in de commissie Samenleving van 19 juni 2025 werd een vraag gesteld over de trends in aantallen en intensiteiten van de indicaties. Ook werd gevraagd meerdere jaren terug te kijken.
Toen werd toegezegd hierop in te gaan in deze Halfjaarrapportage 2025 Wmo.7 Ontwikkeling en analyse vanaf 2015 De Programmabegroting 2020 schetste de ontwikkeling van budgetten, kosten en aantallen van de Wmo en Jeugdhulp in de periode van 2015 t/m 2020. Ook startte het college een maatregelpakket van 5 verbeterlijnen. Hierin waarin langs verschillende lijnen de inzet op preventie vergroot door een stevig integraal welzijnswerk, preventief jeugd- en zorgbeleid en slimme maatregelen om zware vormen van zorg te voorkomen. De Rekeningencommissie werd periodiek geïnformeerd over de voortgang.8 Verbeterlijnen en ingrepen Hierna volgen een paar voorbeelden van concrete ingrepen uit die verbeterlijnen. In de genoemde voortgangsrapportages zijn er nog meer terug te lezen: Wegsnijden dubbele financiering. In de subsidies voor maatschappelijke opvang zat bijvoorbeeld een onderdeel begeleiding. Vaak werd echter ook begeleiding vanuit de Wmomaatwerkarrangementen ingezet, waardoor ongewenste overlap in financiering kon ontstaan;9 Wmo-leidraad. Er is een Wmo-leidraad opgesteld. Dit genormeerde afwegingskader werd ontwikkeld om de Wmo-wijkteams nog beter te ondersteunen in hun professionele afwegingen. Dit helpt hen om de gemaakte afwegingen inzichtelijk te maken. Meer uniform waar het kan, maatwerk waar het moet.
Ook werden digitale hulpmiddelen ontwikkeld (e-learning modules en gamification) om Wmo-casemanagers te leren hoe zij de leidraad in de praktijk kunnen toepassen;10
6
Toezeggingen commissies, toezegging 888 is hiermee afgedaan.
7
Toezeggingen commissies, toezegging 969 is hiermee afgedaan.
8
Zie Programmabegroting 2020-2023 (RIS304372).
9
Zie Eerste voortgangsrapportage kostenbeheersing Wmo en Jeugd 2020 (RIS304947).
10
Zie Derde voortgangsrapportage kostenbeheersing Wmo en Jeugd 2020 (RIS306285)
4/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10963884
-
Handreiking Jeugd. Er is een ‘Afwegingskader 16-23 jaar’ opgesteld om bij de aanvragen van verlengde jeugdhulp te onderzoeken of een Wmo maatwerkarrangement beter past bij de beantwoording van de hulpvraag van jongeren tussen de 18 en 23 jaar.11
Resultaten in aantallen Het college rapporteerde in september 2021 o.a. over het aantal lopende Wmo-indicaties tot en met 2021. Ook werd aangegeven dat het college op koers lag voor de verbeterlijnen op de Wmo.12 En eerder werd al geconstateerd dat tijdens de corona-periode geen sprake bleek van uitgestelde Wmozorgvraag.13 Uw raad werd met de voortgangsrapportages kostenbeheersing geïnformeerd tot 2022. Daarom gaan wij hierna verder in op de situatie sindsdien. Terugkijkend naar 2022 valt op dat bij vrijwel alle maatwerkarrangementen sprake lijkt te zijn van een geleidelijke stijging. • Bij hulp in het huishouden past dit binnen het landelijke beeld van de demografische en maatschappelijke ontwikkelingen. Bijvoorbeeld vanwege de demografische groei, die gaat zowel over veranderingen in de leeftijdssamenstelling (“dubbele vergrijzing”) als de omvang van de bevolking. En vanwege de toename van het aantal chronische zieken, ouderen die langer thuis blijven wonen en een stijging van het aantal eenpersoonshuishoudens. • Bij begeleiding (Sociaal en Persoonlijk Functioneren (= SPF) en Zelfzorg en gezondheid (= ZZG)) is geen uitsplitsing gemaakt tussen indicaties die zijn afgegeven door de Wmo-wijkteams en het team Wonen. Voor de indicaties vanuit het Wmo-wijkteam geldt dat deze indicaties gelijk gebleven.
De indicaties voor begeleiding die zijn ingezet door team Wonen aan cliënten met een beschermd of begeleid wonen-indicatie namen toe. • Het gebruik van dagbesteding blijft door de jaren heen stabiel. Eén van de verbetermaatregelen is dat mensen eerst naar een Haags Ontmoeten-locatie worden begeleid in plaats van direct een indicatie voor dagbesteding. De bekendheid en het gebruik van (onder meer) Haags Ontmoeten werd daarom vergroot.14 Ook werd het dienstverleningsniveau verhoogd van de Haags Ontmoeten-locaties. Ouderen kunnen daar dan ook al jaren terecht voor indicatieloze dagbesteding. Deelnemers geven aan zich door Haags Ontmoeten minder eenzaam te voelen. Ook kunnen mantelzorgers elkaar daar ontmoeten (lotgenotencontact). Mogelijk positief neveneffect is de dempende werking op reguliere dagbesteding. • Het gebruik van specialistische ondersteuning bij financiën vlakt af. Dit wordt verklaard door een scherpere afbakening binnen het inkoopcontract. Voor complexe situaties werden hogere kwaliteitseisen gesteld aan de aanbieders. Eenvoudigere taken zoals ordenen administratie en sorteren post werden sindsdien ondersteund vanuit het resultaatgebied SPF. Aanbieders kregen niet langer automatisch een dubbele indicatie. 15 Bovendien zorgden wetswijzigingen ervoor dat de toegang tot de wettelijke schuldsanering is vereenvoudigd.
Hierdoor zijn sneller curatieve oplossingen mogelijk. Ook is er in Den Haag veel (informele) ondersteuning beschikbaar in de wijk. Bijvoorbeeld via de Helpdesk Geldzaken, budget- en schuldhulpmaatjes, en (onafhankelijke) cliëntondersteuning.16
11
Zie Vierde voortgangsrapportage kostenbeheersing Wmo en Jeugd 2020 (RIS308034).
12
Zie Eerste voortgangsrapportage kostenbeheersing Wmo en Jeugd 2021 (RIS310077).
13
Zie Aanbieding 8-maandrapportage, Maatschappelijke Impactanalyse en Sociaaleconomisch herstelplan corona (RIS306618).
14
Zie Overige bestuurlijke stukken Programmabegroting 2020-2023 Gemeente Den Haag, vanaf pag. 80.
15
Zie Tweede voortgangsrapportage kostenbeheersing Wmo en Jeugd 2020 (RIS305690).
16
Zie Schulden - Sociale Kaart Den Haag
5/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10963884
Resultaten in intensiteiten Bij de verhouding tussen de intensiteiten valt op dat bij dagbesteding en hulp in het huishouden een verschuiving plaatsvond naar relatief minder indicaties met een hogere intensiteit. Voor dagbesteding wordt dit verklaard door de invoering van een nieuwe intensiteit: ‘start.’ Dagbesteding ‘start’ is ingevoerd om cliënten de gelegenheid te bieden eerst laagdrempelig uit te proberen welke locatie en activiteiten passend zijn. Dagbesteding wordt in principe altijd de eerste 3 maanden gestart in de intensiteit ‘start.’ Bij bereik- en beschikbaarheid is er een soortgelijke verklaring voor de verschuiving. Ook daar werd een nieuwe intensiteit toegevoegd: ‘basis.’ Die was beschikbaar vanaf 2023 en is bedoeld voor cliënten die in avond, nacht of weekend hulpvragen hebben die niet kunnen worden uitgesteld tot de volgende werkdag, maar voor wie telefonisch of digitaal contact voldoende is. Bij hulp in het huishouden is wel een stijging te zien in het absolute aantal indicaties, maar ook een daling van het aantal indicaties ‘intensief.’ Het uitgangspunt is dat ‘intensief’ altijd tijdelijk wordt ingezet om de problematiek te stabiliseren. Zodra dat is gebeurd, wordt afgeschaald. Vergeleken met de halfjaarrapportage 2023 blijft het aantal indicaties met intensiteit ‘intensief’ stabiel.
Dit komt overeen met de werkvoorraad en doorlooptijden bij de uitvoering vanaf 2023. Cliënten hoeven minder lang te wachten op hulp, waardoor deze intensiteit ook minder vaak nodig is. De gemiddelde beleving van cliënten bij geleverde huishoudelijke hulp varieert in de tijd. Over het gehele jaar 2022 was dat een 6,9. Dat was in 2023 een 7,9. In 2024 een 7,1. En over de eerste helft van 2025 een 7,3. Een verschuiving in de afgegeven intensiteiten leidt dus niet tot een afname van de cliëntbeleving. Overigens bestaat de intensiteit ‘start’ alleen bij dagbesteding. Daarom vermeldt deze kolom een kruis bij de overige resultaatgebieden. Waakvlambegeleiding kent één soort intensiteit. Daarom vermeldt deze rij eerst vier kruisen en daarna het totale aantal.
6/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10963884
Toekomstverwachting en perspectief Het Haagse Wmo-voorspelmodel blikt 4 jaar vooruit tot en met 2028. Het voorspelde totaal aantal Wmo-gebruikers stijgt van 36.940 in 2024 naar 38.330 in 2028. Dit is een stijging van 3,76% in 5 jaar. Ter vergelijking: in diezelfde periode stijgt de verwachte ontwikkeling van inwoners in Den Haag van 566.731 in 2024 naar 583.003 in 2028. Dat is een stijging van 2,87%. Wel is het goed om te bedenken dat er veel exogene factoren zijn. Hiervoor werd aangegeven (in par. 1.3) dat het Houdbaarheidsonderzoek Wmo 2015 erop wijst dat de Wmo buitengewoon sterk wordt beïnvloed en onder druk wordt gezet door ontwikkelingen buiten de invloeds- en werkingssfeer van de maatschappelijke ondersteuning zelf. Gemeenten hebben daar slechts gedeeltelijk grip op. Het college volgt daarom de ontwikkelingen tussen het Rijk en de VNG nauwgezet. 2.3. Inclusiviteit actielijn ‘Seniorvriendelijke stad’ Tijdens het Wmo-themadebat in de commissie Samenleving van 19 juni 2025 werd ook toegezegd de voortgang op het gebied van inclusiviteit toe te lichten, met specifiek aandacht voor senioren met een beperking.17 Vanuit de actielijn ‘Seniorvriendelijk Den Haag’ (RIS322179) wordt er ingezet op een seniorvriendelijke stad voor iedereen. De voortgang op het gebied van inclusiviteit is als volgt:
17
Toezegging commissies, toezegging 969 is hiermee afgedaan.
7/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10963884
1.
2.
3.
Inspraak verbeteren. Een belangrijke voorwaarde voor inclusief beleid is dat een diverse groep senioren over het beleid kan meepraten. De gemeente faciliteert daarom al geruime tijd de Stedelijke Ouderencommissie (SOC), die ook de samenwerking opzoekt met Voorall. Daarnaast is er sinds 2025 een ervaringsraad opgericht om ervaringskennis op te halen bij laaggeletterde senioren en senioren met een migratieachtergrond. Elke 6 weken komt de ervaringsraad samen en sluit(en) één of meerdere ambtenaren aan om input voor hun eigen werkterrein op te halen. Onderwerpen die aan bod kwamen zijn o.a. huishoudelijke hulp en vervoer. Aanbod verbeteren. De subsidieregeling ‘Haags Ontmoeten’ (RIS322104) is aangepast. Omdat het college ook graag ruimte wil bieden voor cultuurspecifieke Haags Ontmoeten-locaties is het mogelijk gemaakt subsidie aan te vragen voor een locatie die zich richt op ouderen die zich hier beter thuis voelen vanwege hun cultuur, geloof of manier van leven. Om eveneens aan te sluiten bij de behoeften van senioren met een beperking wordt er met de actielijn ‘Seniorvriendelijk Den Haag’ (RIS322179) aangesloten bij de Beleidsagenda ‘Iedereen doet onbeperkt mee’ (RIS318989), bijvoorbeeld door een gezamenlijke actie om meer openbare toiletten te realiseren. Bereik verbeteren.
De gemeente organiseert voorlichtingen samen met maatschappelijke partners die zich inzetten voor senioren die een informatieachterstand ervaren. Er is onder andere een voorlichting vanuit de Helpdesk Geldzaken uitgevoerd in de Haags Ontmoeten-locatie ‘De Burcht.’
2.4. Wisselwerking Jeugdhulp en Wmo Tijdens het Wmo-themadebat in de commissie Samenleving van 19 juni 2025 kwam ook de wisselwerking ter sprake tussen de Jeugdhulp en Wmo. De vragen die o.a. naar voren kwamen: Hoe houden we de zorg beheersbaar? En wat zien we voor wisselwerking tussen beide wetten? Dat zijn best grote vragen. In Den Haag hebben we het “Afwegingskader 16-23.” Hierin is het uitgangspunt dat bij jongeren gekeken wordt wat het meest passend is. Inzetten van jeugdhulp als er behoefte is aan gezinsgerichte ondersteuning of verblijf in een pedagogische setting. En inzetten van een Wmomaatwerkarrangement als de jongere behoefte heeft aan ondersteuning naar zelfstandigheid. In aanvulling daarop wordt het afwegingskader momenteel geactualiseerd en wordt een breder handelingskader ontwikkeld (de Big 5-aanpak).18 Allereerst om de betrokken jeugdhulppartijen te helpen de Big5 bij jongeren beter op orde te krijgen. Maar ook om alles wat de gemeente doet voor deze groep, integraal voor hen in beeld te brengen. Denk aan Wmo, beschermd wonen, voorkomen van dak- en thuisloosheid, geldproblemen, schuldhulpverlening, Ooievaarspas- en minimaregelingen. De jeugdhulpconsortia worden hierover geconsulteerd en hun input wordt meegenomen. 2.5.
Spreiding ouderenconsulenten Tijdens het Wmo-themadebat in de commissie Samenleving van 19 juni 2025 stelde de fractievertegenwoordiger de heer Fekkes een vraag over het ontbreken van een ouderenconsulent in de wijk Wateringse Veld op de website van Wijkz. Het college heeft dit verder uitgezocht. Voor iedere wijk in Escamp is een ouderenwerk beschikbaar en inmiddels heeft Wijkz de naam van de ouderenconsulent in Wateringse Veld geplaatst op hun website. 2.6. Fraudeproeftuinen Tijdens het Wmo-themadebat in de commissie Samenleving van 19 juni 2025 werd de screening genoemd met een nieuw beoordelingsinstrument waarmee ervaring werd opgedaan in de fraudeproeftuinen. U vroeg te kijken naar goede voorbeelden in het land. Zoals eerder ook aangegeven staat het college altijd open voor ervaringen en successen die elders worden geboekt. Waar mogelijk kijken wij of onze eigen maatregelen die we dus al hebben genomen, nog kunnen worden aangevuld. Daarom onderhouden wij contacten met lokale, regionale en landelijke partners en instanties. 18
Zie Afdoening motie ‘Wat is jeugdhulp en wie betaalt ervoor?’ (RIS321647) van 17 juli 2025.
8/9
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10963884
Zoals via het Regionaal Informatie- en Expertisecentrum (RIEC) Den Haag en het Landelijk Informatie- en Expertisecentrum (LIEC). Hierin worden informatie, expertise en capaciteit van verschillende overheidsinstanties gebundeld. Zorgfraude vormt één van de relevante aandachtsgebieden. En juist daarom ook is het team M&O sinds medio 2024 aangesloten bij de Proeftuin Aanpak Zorgfraude (Hart van Brabant) en de daarbij behorende VNG-community.19 Wij hebben verschillende van onze eigen werkwijzen gedeeld, en ook kennisgenomen van andere methoden. Ook hebben wij meegedacht en vragen gesteld. Bijvoorbeeld over de mogelijkheden om binnen de bestaande privacyregels een samenwerkingsverband op te zetten tussen verschillende gegevensbanken. Een bruikbaar resultaat uit de proeftuin is bijvoorbeeld het idee locatiebezoeken uit te voeren in het kader van preventief toezicht. Dit idee hebben wij overgenomen en lokaal uitgewerkt. 2.6. Onderzoeken mogelijk bid Europese Vrijwilligershoofdstad Tijdens het debat over de Programmabegroting 2026 in de commissie Samenleving van 6 november 2025 vroeg fractievertegenwoordiger mevrouw Frey of het college bereid is te onderzoeken of de gemeente kan meedoen met de competitie voor Europese vrijwilligershoofdstad van het jaar.
Het college heeft aangegeven samen met PEP te bezien of het meerwaarde heeft hiernaar mee te dingen, en gaf aan hierop terug te komen. Het gesprek met PEP vraagt enig voorwerk vanuit PEP en moet derhalve nog plaatsvinden. Het college verwacht een nadere voortgang te kunnen bieden bij de Jaarrapportage 2025 Wmo. Afsluiting Ten slotte hopen wij dat deze halfjaarrapportage u een goed overzicht biedt van de resultaten die wij halverwege 2025 samen met vele maatschappelijke partners en inwoners in de stad hebben geboekt voor de zorg, begeleiding en ondersteuning van de mensen in onze stad die dat nodig hebben. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, de wethouder van Armoede, Inclusie, Zorg en Internationale Zaken Mariëlle Vavier
9/9