RIS324200 Inzet politiecamera’s demonstraties, VOS-aanpak, uitingsdelicten, financiering prioritaire thema's en 'Kinderen veilig online'
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Jan van Zanen Burgemeester
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Bestuur
BSD/10979875 RIS324200 Contactpersoon
Job Steenbergen Dienst
Bestuursdienst Afdeling
BSD Veiligheid Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
31 december 2025
bestuurlijkezaken.veiligheid@denhaag.nl
Onderwerp
Toezeggingen burgemeester over inzet politiecamera’s bij demonstraties, de VOS-aanpak, uitingsdelicten, financiering prioritaire thema’s en 'Kinderen veilig online'
Geachte voorzitter, Tijdens de het veiligheidsdebat op 1 oktober jl. en de bespreking van de programmabegroting 20262029 op 5 november jl. in de commissie Bestuur deed de burgemeester verschillende toezeggingen (1087, 1088 en 1139). Daar wordt in deze brief op teruggekomen. Inzet van politiecamera’s bij demonstraties Tijdens het Veiligheidsdebat in de commissie Bestuur hebben GroenLinks en het CDA verzocht om inzicht in het handelingskader van de politie met betrekking tot de inzet van camera’s bij demonstraties, evenals om informatie over de uitfasering van Chinese hardware en software in politiecamerasystemen (toezegging 1088). De inzet van camera’s, waaronder videovoertuigen en drones, kan bij demonstraties plaatsvinden en is ten behoeve van de beeldvorming, oordeelsvorming en besluitvorming bij de handhaving van de openbare orde rondom demonstraties. Het draagt bij aan een beter beeld van de demonstratie. Wanneer het informatiebeeld dit vereist en het noodzakelijk is voor de handhaving van de openbare orde en veiligheid, kunnen camera’s worden ingezet. Het doel hierbij is niet het registreren van demonstranten. De inzet van camera’s vindt bij de meeste demonstraties overigens niet plaats. Het uitgangspunt is dat in beginsel bij demonstraties niet wordt gefilmd. Burgers moeten zich vrij voelen om het grondrecht op demonstreren uit te oefenen.
De gemaakte beelden vallen onder de Wet politiegegevens en mogen niet voor onbepaalde tijd bewaard worden. De politie, eenheid Den Haag bewaart ze maximaal 28 dagen. Als er strafbare feiten hebben plaatsgevonden, kunnen de beelden langer bewaard worden en verwerkt ten behoeve van de opsporing van verdachten. Alleen in dat geval, kan er achteraf gezichtsherkenningstechnologie worden toegepast ten behoeve van de opsporing van de verdachten. Dit heeft dan niet meer met het demonstreren te maken, maar met het gepleegde strafbare feit. Ook kunnen beelden langer bewaard worden als geweld is toegepast door de politie en hierover verantwoording plaatsvindt.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10979875
Uitfasering van Chinese hardware en software De politie is gestart met het uitfaseren van Chinese camera’s. Naar verwachting is dit proces medio 2026 afgerond. Daarnaast zijn de systemen momenteel voorzien van aanvullende beveiligingsmaatregelen. Tot slot wordt bij de plaatsing van nieuwe openbare-ordecamera’s gekozen voor een ander merk en type. Stand van zaken aanpak Veilig over Straat (VOS) Tijdens het Veiligheidsdebat in de commissie Bestuur heeft HvDH gevraagd om een meldpunt ‘onveilige plekken’ in te richten, de zichtbaarheid hiervan te vergroten door middel van een communicatiecampagne en de raad hierover te informeren (toezegging 1087). Sinds september 2025 is, aanvullend op de bestaande maatregelen tegen straatintimidatie, de aanpak Veilig Over Straat (VOS) van start gegaan. Met VOS verbeteren we de veiligheidsbeleving op plekken die door inwoners als onveilig worden ervaren. Dit doen we met gerichte, kleinschalige en vaak snel uitvoerbare ingrepen in de openbare ruimte, zoals: het aanpakken van verloedering (graffiti, weesfietsen, kapotte verlichting, enz.) en het creëren van betere zichtlijnen door bijvoorbeeld het aanpassen van verlichting. Werkwijze De aanpak is gebaseerd op de internationaal erkende ‘CPTED-methode’ (Crime Prevention Through Environmental Design).
Een multidisciplinair VOS-actieteam, bestaande uit Veiligheid, Beheer & Onderhoud, Ingenieursbureau en Inclusie, werkt binnen deze aanpak informatiegestuurd en gebiedsgericht samen. Op basis van data uit de wijkagenda’s, de veiligheidsmonitor en signalen uit de stadsdelen is een eerste set prioritaire locaties vastgesteld. Op deze plekken zijn integrale schouwen in de avonduren gepland en deels al uitgevoerd. Tijdens deze schouwen brengen de verschillende disciplines gezamenlijk de knelpunten in kaart en bepalen ze welke maatregelen direct of op korte termijn mogelijk zijn. De volgende locaties zijn reeds geschouwd: • Station Laan van NOI; • Heeswijkplein; • Koekamp; • Park Bokkefort; • Scheveningen Dorp (wijk). Maatregelen die uit deze schouw voortkomen, zijn onder andere: • het verplaatsen en eventueel vervangen van bankjes. Het wijzigen van de positie van het bankje kan ervoor zorgen dat het veiligheidsgevoel wordt vergroot. Bankjes worden bijvoorbeeld tegenover elkaar geplaatst in plaats van met de ruggen tegen elkaar, om ontmoeting en sociale cohesie te stimuleren.
Hiernaast worden bankjes met de rug naar een (fiets)pad geplaatst, zodat voorbijgangers zich niet bekeken voelen; • het bijdraaien van lichtmasten, zodat meer licht op straat en voetpaden valt; • het verwijderen van (door bewoners zelf aangebrachte) maatregelen op straatlantaarns om het inschijnen in woningen tegen te gaan; • het snoeien van bosschages; • het beter faciliteren en verwijzen naar alternatieve fietsroutes; • het verwijderen van graffiti; • het weghalen van weesfietsen en –scooters; • het herstellen of vervangen van kapotte of verouderde borden en NS-lichtbakken.
2/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10979875
In Scheveningen Dorp is de verlichting al direct aangepast. De overige maatregelen worden vanaf januari 2026 uitgevoerd. Meldpunt ‘Onveilige plek melden’ Sinds 14 november 2025 is het meldpunt ‘Onveilige plek melden’ operationeel. Inwoners kunnen hier eenvoudig en laagdrempelig een locatie melden waar zij zich onveilig voelen. Meldingen komen binnen bij de veiligheidsregisseurs, die vervolgens contact opnemen met de melder om de situatie te bespreken en te kijken welke oplossingen mogelijk zijn. Het meldpunt heeft veel aandacht gekregen: op 17 november verscheen een persbericht en diverse lokale en landelijke media besteedden er aandacht aan. Uit onderzoek van Pointer (KRO-NCRV) blijkt dat Den Haag momenteel als enige gemeente in Nederland een specifiek meldpunt voor onveilige plekken heeft. In de eerste twee weken na de lancering zijn al ruim 120 meldingen binnengekomen, goed voor in totaal 170 gemelde locaties. Deze locaties worden geregistreerd, beoordeeld, gemonitord en waar nodig opgepakt met passende maatregelen. In 2025 is circa € 40.000 beschikbaar binnen de bestaande middelen. Voor 2026 heeft de gemeenteraad € 200.000 incidenteel vrijgemaakt, zodat de aanpak kan worden opgeschaald. Met partners zoals vervoersbedrijven (HTM, NS) en woningcorporaties worden mogelijkheden voor aanvullende (financiële) samenwerking verkend.
Zoals uit het voorgaande blijkt, worden met een combinatie van ingrepen, een meldingsmogelijkheid en extra middelen voor 2026 concrete stappen gezet om Den Haag veiliger en prettiger te maken – samen met inwoners en partners. Uitingsdelicten Tijdens het Veiligheidsdebat in de commissie Bestuur op 1 oktober 2025 heeft de VVD verzocht om inzicht in de cijfers over vervolgingen van uitingsdelicten in Den Haag, met daarbij een specifieke terugkoppeling over de mogelijke vervolging van de personen die spandoeken aan de Kijksteiger hebben opgehangen (toezegging 1087). De cijfers over uitingsdelicten worden bijgehouden en gerapporteerd door het Landelijk Expertisecentrum Discriminatie (LECD), het interne expertisecentrum van het Openbaar Ministerie. Conform de Aanwijzing Discriminatie van het OM publiceert het LECD jaarlijks, na afloop van het kalenderjaar, het rapport Strafbare Discriminatie in Beeld. Op dit moment is het uitsluitend mogelijk inzicht te geven in delicten die in 2024 hebben plaatsgevonden. Uit de rapportage over 2024 blijkt dat binnen het arrondissementsparket Den Haag 14 discriminatiefeiten zijn geregistreerd. Deze feiten omvatten zowel uitingsdelicten als uitsluitingsdelicten. Kijkstijger Donderdag 11 september 2025 zijn aan de uitkijktoren naast het Binnenhof een tweetal banners opgehangen van aan elkaar geplakte vellen papier.
Op de banners was ‘Hup Hamas' en 'Hup PLFP' te lezen. PLFP verwijst naar de Engelstalige naam van het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina. De beveiliging van het Binnenhof heeft de banners snel verwijderd. Op een later moment is de politie hiervan in kennis gesteld. De politie heeft hierbij aangegeven dat er aangifte kon worden gedaan. Uit onderzoek is gebleken dat er geen camerabeelden waren van het incident.
3/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10979875
Tot op heden is er geen aangifte gedaan en zijn er geen verdere aanknopingspunten voor een onderzoek. Aangiftes van geweld tegen vrouwen Tijdens het debat over de Programmabegroting 2026-2029 in de commissie Bestuur op 5 november 2025 heeft de HSP verzocht om een reactie van de politie op het signaal dat aangiftes van geweld tegen vrouwen niet altijd worden opgenomen en dat vrouwen bij het doen van aangifte onvoldoende begeleiding krijgen (toezegging 1087). Binnen de politie krijgt de veiligheid van een slachtoffer bij het doen van een melding en aangifte brede aandacht. Zowel bij de agenten op straat als bij de medewerkers van intake & services die de aangiften opnemen. Tijdens de werkbespreking heeft de politiechef antwoord gegeven op vragen van de HSP en D66 over het signaal dat aangiften van geweld tegen vrouwen niet altijd worden opgenomen. Vrouwen die aangifte willen doen moeten daar altijd de mogelijkheid toe hebben. Het is niet de werkwijze van de politie om vrouwen die aangifte willen doen weg te sturen. Als er signalen zijn dat dit toch gebeurt, wordt dit met de politie-Eenheid Den Haag opgenomen. In sommige gevallen kiest een slachtoffer ervoor om nog geen aangifte te doen. Ook bij het doen van melding, is er aandacht voor de veiligheid van het slachtoffer. Het wordt niet geregistreerd in hoeveel gevallen er na een melding geen aangifte wordt gedaan.
Aangifte kan, indien dit gewenst is, ook op locatie worden opgenomen. Bij het doen van aangifte wordt het slachtoffer op de eigen rechten gewezen. Indien het slachtoffer op een ander adres verblijft, kan er, om dit adres geheim te houden, een alternatief adres als domicilie worden opgegeven. Tijdens het doen van aangifte wordt besproken welke maatregelen er direct of op een later moment genomen kunnen worden. Bij een zeer onveilige situatie, kan de verdachte ambtshalve aangehouden worden, ook wanneer er geen aangifte gedaan wordt of kan worden. Indien het huiselijk geweld betreft, wordt ook Veilig Thuis betrokken en in geval van acute zorg ook de crisisdienst. Financiering prioritaire thema's Tijdens het debat over de Programmabegroting 2026–2029 in de commissie Bestuur, heeft HvDH verzocht om een nadere toelichting op het antwoord op technische vraag 218. HvDH heeft daarbij specifiek gevraagd toe te lichten waarom een deel van de beschikbare €1 miljoen voor prioritaire thema’s wordt geïnvesteerd in ambtelijke capaciteit en niet uitsluitend in inzet in de wijk (toezegging 1139). Om de veiligheid in Den Haag te vergroten zijn goedopgeleide professionals nodig. Een deel van die professionals, wordt door de gemeente en de politie in de wijken ingezet.
Resultaten in de wijk kunnen echter alleen worden behaald wanneer deze professionals goed voorbereid te werk kunnen gaan, ondersteund door een zorgvuldig onderbouwd beeld van de lokale situatie, passende plannen en adequate bestuurlijke instrumenten. Ook hiervoor is voldoende en deskundige ambtelijke capaciteit noodzakelijk. De aanwezigheid van de juiste medewerkers, zowel op straat als op kantoor, is daarmee essentieel voor de veiligheid in de Haagse wijken.
4/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10979875
Daarnaast is het veiligheidsdomein voortdurend in ontwikkeling. Recent zijn nieuwe aanpakken gestart, zoals de Stratenaanpak, de aanpak van overlast door kwetsbare personen (waaronder mensen met verward of onbegrepen gedrag) en de inzet van een last onder dwangsom voor jonge straatdealers. Tevens wordt in toenemende mate gebruikgemaakt van bestuurlijke maatregelen, zoals gebiedsverboden, waarschuwingen en tijdelijke sluitingen bij ernstig geweld. Voor de uitvoering van deze aanpakken en het tijdig en zorgvuldig toepassen van deze maatregelen in de Haagse wijken is juridische expertise noodzakelijk. Om bovengenoemde redenen worden de beschikbare financiële middelen voor prioritaire thema's deels geïnvesteerd in personeel dat op kantoor werkzaam is. Initiatiefvoorstel Kinderen veilig online Tijdens het debat over de Programmabegroting 2026-2029 in de commissie Bestuur heeft de PvdA verzocht om een reactie op het initiatiefvoorstel 'Kinderen Veilig Online' uit Amsterdam, met daarbij een toelichting op welke onderdelen van het voorstel in Den Haag kunnen worden overgenomen (toezegging 1139). Deze nota is besproken in het licht van recente zorgen over online extremistische content, waaronder de zogenoemde sadistische netwerken.
Vanuit dat perspectief is gekeken welke maatregelen uit het voorstel ook toepasbaar zijn in Den Haag voor het tegengaan van schadelijke polarisatie, radicalisering en extremisme. In de komende periode zal het Informatiepunt Preventie Polarisatie en Radicalisering (IPPR) de online aanpak verder versterken. Een aantal initiatieven uit het voorstel sluit goed aan bij deze ambitie en bestaande plannen en zal in Den Haag worden opgepakt. De onderdelen die voor het IPPR relevant zijn, zullen worden uitgewerkt langs drie ambities: Inzet op bewustwording van ouders over de gevaren van het online domein Het IPPR ziet een belangrijke rol voor ouders in het vergroten van de weerbaarheid van hun kinderen tegen negatieve invloeden van het internet, waaronder extremisme. Daarom start het IPPR volgend jaar een test-bewustwordingscampagne die ouders inzicht en handelingsperspectief biedt. Daarnaast zal, in samenwerking met het programma Preventie met Gezag, het verdiepingsprogramma “Opvoeden in een online wereld” van het weerbaarheidsproject Trias Pedagogica volgend jaar als aanvulling op het bestaande aanbod worden aangeboden aan oudergroepen in Den Haag.
Het versterken van de samenwerking binnen de Haagse grenzen en daarbuiten Omdat de online wereld zich niet laat begrenzen door gemeentegrenzen, intensiveert het IPPR momenteel zijn samenwerking met andere gemeenten en organisaties om online radicalisering tegen te gaan. Het IPPR ondersteunt daarom het Amsterdamse voorstel om de samenwerking te versterken. In de afgelopen periode zijn er diverse initiatieven gestart waar professionals ervaringen en 'best practices’ voor het online domein kunnen uitwisselen. Het IPPR zoekt, waar het kan, de aansluiting hierop. Daarnaast verkent het IPPR of een internationale online coalitie kan worden opgezet, waarin verschillende Europese landen kennis en ervaringen kunnen uitwisselen over online schadelijke polarisatie en extremisme. Deze coalitie zou tevens de mogelijkheid bieden om het belang van online weerbaarheid op Europees niveau te agenderen.
5/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10979875
Verstevigen van de meldstructuur bij incidenten Het IPPR deelt de zorgen dat online incidenten en extremistische of terroristische content niet altijd snel worden opgepakt en/of verwijderd. Het beschreven initiatief in de nota, Helpwanted, kan hier een waardevolle bijdrage aan leveren. Ook het recent gestarte meldpunt van de Autoriteit Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal (ATKM) kan bijdragen aan het sneller oppakken van meldingen. Het IPPR zal bezien hoe dergelijke meldpunten kunnen worden ingebed in de huidige aanpak, bijvoorbeeld door ze onder de aandacht te brengen binnen de eerder beschreven online bewustwordingscampagne die volgend jaar uitgevoerd zal worden. Met vriendelijke groet, Jan van Zanen
6/6