CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS324167 Evaluatie instrument Wijkagenda

Algemene Raadscommissie 24 juni 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Programma 14: Stadsdelen, integratie en dienstverlening1.666 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Co Engberts Wethouder van Volkshuisvesting, Welzijn, Wijken en Zuidwest

dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Bestuur

DPZ/10973997 RIS324167 Contactpersoon

Michelle van Geffen Dienst

Dienst Publiekszaken Afdeling

DPZ Directie en DOA Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

19 december 2025

michelle.vangeffen@denhaag.nl

Onderwerp

Evaluatie instrument Wijkagenda

Geachte voorzitter, Met deze brief bieden wij u de evaluatie van de wijkagenda’s aan, zoals toegezegd voor het vierde kwartaal van 2025 (RIS320446). De huidige evaluatie heeft betrekking enkel op het instrument wijkagenda, maar de bevindingen zijn ook relevant voor de aanpak in investeringsgebieden. De evaluatie is uitgevoerd in acht Haagse wijken en bevestigt dat wijkagenda’s breed worden gewaardeerd en steeds beter functioneren als instrument, om via samenwerking en participatie thema’s zoals leefbaarheid, veiligheid en sociale cohesie te versterken. Bewoners ervaren dat hun stem ertoe doet, mits er zichtbare resultaten volgen. Waar dat gebeurt, groeit het vertrouwen in de gemeente; waar dit uitblijft, neemt het risico op afhaken toe. Het verschil tussen wijkagenda en investeringsgebied De wijkagenda is een instrument waarmee de verschillende diensten van de gemeente Den Haag, samen met bewoners, ondernemers en wijkpartners, de wijkprioriteiten bepalen. Elke wijkagenda is gebaseerd op objectieve data en inbreng van belanghebbenden. Bewoners en ondernemers dragen zelf bij via activiteiten in hun wijk. Wijkpartners, zoals welzijnsorganisaties en politie, committeren zich aan de gekozen thema’s en de verschillende diensten van de gemeente zetten hun expertise en reguliere middelen in.

De inzet van wijkpartners en gemeente wordt begrensd door de beperkt beschikbare capaciteit en financiële middelen. Door deze middelen anders in te zetten – namelijk gerichter en in nauwere samenwerking – realiseren we met de wijkagenda’s meer resultaat zonder extra kosten. Door regelmatig te monitoren en bij te sturen, ontstaat een flexibele en participatieve aanpak die beleid en uitvoering dichter bij elkaar brengt, met als doel het behalen van het beoogde resultaat. Deze aanpak vergroot de betrokkenheid, benut de kracht van de wijk, en versterkt de samenwerking binnen de gemeenschap en de gemeente.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DPZ/10973997

Voor wijken of specifieke gebieden die aanzienlijk meer aandacht vragen, zijn extra middelen vrijgemaakt om de leefbaarheid te verbeteren. Deze wijkagenda’s noemen we investeringsgebieden. In de investeringsgebieden is dezelfde nauwe samenwerking met bewoners, ondernemers en wijkpartners, de basis. De wijkagenda’s en de acht investeringsgebieden vervullen een sleutelrol in het gebiedsgericht werken. Uitkomst evaluatie De evaluatie laat zien dat deze aanpak niet alleen gewaardeerd wordt, maar ook concrete resultaten oplevert. Zo is de bekendheid van de wijkagenda’s gestegen naar 40% van de inwoners en ervaart 63% van de inwoners ruimte om mee te praten over wijkplannen1. Daarnaast blijkt uit een analyse van 227 acties, dat alle acties uitvoerbaar zijn binnen de bestaande gemeentelijke structuren, mits goed afgestemd en gericht ingezet. In de praktijk zien we dat dit leidt tot zichtbare verbeteringen: vergroening van pleinen, plaatsing van bankjes, verkeersaanpassingen en initiatieven voor jongeren. Tegelijkertijd laat de evaluatie zien dat er ruimte is voor verdere professionalisering van deze aanpak. Het instrument werkt, maar is kwetsbaar. Het succes van het instrument is momenteel sterk afhankelijk van een zorgvuldig proces en de inzet van sleutelfiguren. Deze afhankelijkheid vormt een risico voor continuïteit en borging.

Het instrument vraagt om heldere kaders, vaste evaluatiemomenten, voldoende uitvoeringskracht en een sterke koppeling aan de bredere gemeentelijke beleidsdoelen. Aandachtspunten 1. Vertrouwen en zichtbaarheid van resultaten De wijkagenda wordt breed gewaardeerd, maar verwachtingen zijn soms hoog en terugkoppeling over voortgang ontbreekt soms. Dit kan leiden tot onduidelijkheid over haalbaarheid en resultaten. 2. Afhankelijkheid van sleutelfiguren Het succes van de wijkagenda hangt sterk samen met de inzet van projectleiders en andere sleutelpersonen. Hun aanwezigheid en continuïteit blijken bepalend voor samenwerking en voortgang. 3. Capaciteit en middelen De uitvoering van acties vraagt veel van de beschikbare capaciteit en middelen. In de praktijk blijkt dat personele druk en beperkte financiële ruimte de voortgang kunnen beïnvloeden. 4. Afstemming en governance De verbinding tussen wijkagenda’s en werkplannen van gemeentelijke diensten is niet altijd stevig. Dit maakt het lastig om acties integraal en consistent uit te voeren. 5. Monitoring en evaluatie Er is nog weinig sprake van structurele evaluatie en meetbare doelstellingen. Hierdoor blijft inzicht in impact en voortgang beperkt. Het vertrouwen van bewoners groeit waar resultaten zichtbaar zijn, maar neemt af wanneer terugkoppeling of concrete effecten uitblijven.

Om het vertrouwen van bewoners vast te houden en samen verder te bouwen aan sterke, leefbare wijken, is het belangrijk dat we de onderstaande aanbevelingen uit de evaluatie opvolgen.

1 Inwoners kunnen plannen en activiteiten in de wijk kennen zonder deze expliciet te koppelen aan de term ‘wijkagenda’. De stijging in

bekendheid (40%) laat zien dat deze herkenning wel groeit.

2/4

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DPZ/10973997

Aanbevelingen 1. Stel heldere kaders en doe aan verwachtingsmanagement – We doen al veel om bewoners goed te betrekken en daar bouwen we graag op voort. Door vooraf nog duidelijker te maken wat bewoners kunnen verwachten, versterken we het vertrouwen en voorkomen we misverstanden. Zo ontstaat er meer ruimte voor echte samenwerking en gedeeld eigenaarschap. 2. Werk aan structurele evaluatie en terugkoppeling – Wijkagenda’s hebben een looptijd van vier jaar. Jaarlijks worden er actieplannen opgesteld. Reflectie en leren zijn al onderdeel van onze manier van werken. Door meer vaste momenten in te bouwen om samen terug te kijken én vooruit te plannen, blijven we wendbaar en kunnen we successen benutten en verbeterpunten tijdig oppakken. Zo werken we aan een uniforme rapportagesystematiek, waarmee we jaarlijks in Q2 zullen rapporteren en bijsturen. 3. Zorg voor voldoende uitvoeringskracht in de gebieden – De gebiedsteams (vertegenwoordiging vanuit verschillende diensten, stadsdeelmedewerkers, en project- en programmamedewerkers) vormen het hart van de uitvoering en leveren nu al waardevolle resultaten. Om deze lijn vast te houden en verder te versterken, is het belangrijk dat zij over voldoende capaciteit en ondersteuning beschikken. Zo ontstaat er meer zekerheid dat afspraken kunnen worden waargemaakt en ontstaat er meer ruimte voor vernieuwing en samenwerking. 4.

Verbind de wijkagenda’s aan stedelijke doelen In de wijken werken we al aan thema’s die bijdragen aan de bredere stedelijke ambities. Door de wijkagenda’s nog beter te koppelen aan deze doelen, vergroten we de samenhang en impact van onze gezamenlijke inspanningen – van wijkniveau tot stedelijk niveau. Wisselwerking tussen wijkagenda’s en omgevingsvisie/gebiedsvisies Op 18 september 2025 is de Omgevingsvisie Den Haag 2050 vastgesteld (RIS322469). De bestaande wijkagenda’s zijn gebruikt bij het opstellen van de omgevingsvisie. De wisselwerking was bij het opstellen van de omgevingsvisie nog beperkt mede door het grote verschil in abstractieniveau en tijdshorizon. De omgevingsvisie gaat over het hele grondgebied van de gemeente en kijkt op z’n minst 25 jaar voorruit. De wijkagenda’s hebben een looptijd van vier jaar en bevatten concrete doelen voor de ontwikkeling en leefbaarheid van wijken. Er liggen kansen om de wisselwerking tussen wijkagenda’s en omgevingsvisie te vergroten. Enerzijds door de wijkagenda’s beter te laten aansluiten op stedelijke ambities, zoals hierboven is aangegeven. Anderzijds door wijkagenda’s te gebruiken bij het concretiseren van de omgevingsvisie in gebiedsvisies per stadsdeel. Het vaststellen van een Gebiedsvisie zal steeds gepaard gaan met een partiële herziening van de omgevingsvisie.

Daarmee wordt de omgevingsvisie meer sturend als ruimtelijkprogrammatisch kader. Deze concretisering ondersteunt bovendien de gewenste ontwikkeling naar integraal gebiedsgericht werken. De wijkagenda’s bieden een belangrijke bron van informatie bij het opstellen van de gebiedsvisies. Ze geven inzicht in lokale kennis, initiatieven en prioriteiten. De inzet om de wisselwerking tussen wijkagenda’s en omgevingsvisie te versterken is ook opgenomen in de omgevingsvisie Den Haag 2050. Vervolg en toekomst Sinds de start met het werken met wijkagenda’s vier jaar geleden, heeft dit instrument al heel wat ontwikkelingen doorgemaakt. Door de aanbevelingen verder op te volgen, kunnen we deze positieve ontwikkeling bestendigen en dit instrument nog krachtiger maken. Structurele keuzes helpen ons om de opgebouwde energie, het vertrouwen en de betrokkenheid duurzaam te verankeren.

3/4

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DPZ/10973997

Het uitgangspunt bij wijkagenda’s is dat de actieplannen binnen de reguliere capaciteit en financiële middelen van de verschillende diensten worden uitgevoerd. Door slimmer, meer integraal te werken, bereiken we meer resultaat. Het uitgangspunt bij investeringsgebieden is dat er extra middelen beschikbaar worden gesteld.. De extra middelen fungeren als smeerolie om samenwerking te versterken en gezamenlijke resultaten mogelijk te maken. Samenwerken in de wijk is geen vanzelfsprekendheid — het vraagt om inzet van alle betrokken diensten én om middelen die deze samenwerking faciliteren en verbinden. De continuïteit van deze aanpak is niet vanzelfsprekend. Een belangrijk deel van de inzet rust op tijdelijke financiering die binnen afzienbare tijd afloopt. Van de 8 huidige investeringsgebieden (RIS319429) hebben 5 gebieden incidentele middelen toegekend gekregen. Deze middelen lopen binnenkort af, wat betekent dat de inzet in deze gebieden wordt beëindigd2. Het college werkt daarom aan een integraal toekomstvoorstel, waarin de koers voor wijkagenda’s en investeringsgebieden op de lange termijn wordt uitgewerkt. Dit wordt gekoppeld aan de bestaande omgevingsvisie en de concretisering van de omgevingsvisie in gebiedsvisies. In het voorstel wordt ook aandacht besteed aan de organisatorische randvoorwaarden en een uniforme rapportagesystematiek.

Wijkagenda’s zijn en blijven een belangrijk instrument om samen met bewoners verbeteringen in de wijken vorm te geven. In Q2 zult u de contouren van het integraal toekomstvoorstel ontvangen. Wij vertrouwen erop u hiermee voorlopig voldoende te hebben geïnformeerd en zien uit naar bespreking in uw commissie. Met vriendelijke groet, de wethouder van Volkshuisvesting, Welzijn, Wijken en Zuidwest Co Engberts

2 Het gaat om de volgende gebieden: Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat (Escamp), Beeklaan/Zevensprong (Segbroek), Duindorp

(Scheveningen), Kaapseplein (Centrum), Rustenburg/Oostbroek (Escamp). Vanuit de structurele middelen kunnen maximaal 3 gebieden gefinancierd worden. De inzet in de structureel aangewezen gebieden — Schilderswijk en Transvaal - wordt in principe voortgezet tot en met 2028. Voor Laak geldt dit tot eind 2026. Daarna kan er opnieuw bekeken worden in welke gebieden de structurele middelen worden ingezet.

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16421391/1