CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323961 Bijlage concept met wijzigingen gemarkeerd

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Verordening financieel beleid en beheer 2026 (RIS323961)9.506 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In de Kadernota begroting en verantwoording Overhead stelt de gemeenteraad regels inzake de toerekening van overheadkosten. Artikel 5:14 Programma’s, taakvelden en activiteiten 1. Het college geeft de ramingen van de lasten en baten weer, inclusief toevoegingen en onttrekkingen aan reserves, op de door de gemeenteraad vastgestelde begrotingsprogramma’s en neemt het overzicht van de lasten en baten, inclusief toevoegingen en onttrekkingen aan reserves, per taakveld op in de programmabegroting en programmarekening. 2. De programma’s en taakvelden zijn hiertoe opgesplitst in activiteiten. Elke activiteit is uniek gekoppeld aan één programma, één taakveld en één portefeuillehouder. Artikel 5:15 Rechtmatigheidsverantwoording 1. Het college biedt de gemeenteraad jaarlijks uiterlijk op 31 december ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan. Dit kader bestaat uit alle relevante wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien. 2. In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteert het college aan de gemeenteraad over afwijkingen het totaal aan fouten en onduidelijkheden met een verantwoordingsgrens van 1 2% van de totale lasten van de gemeente, inclusief exclusief de toevoegingen aan de reserves. 3.

In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen, zowel fouten als onduidelijkheden, van meer dan 3% van de verantwoordingsgrens nader toegelicht. In de paragraaf bedrijfsvoering worden fouten en onduidelijkheden die boven de rapporteringsgrens uitkomen, nader toegelicht. De rapporteringsgrens wordt gesteld op 1,5% van de verantwoordingsgrens. 4. Voor de rechtmatigheidsverantwoording gelden drie criteria: a. het voorwaardencriterium: het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen.

21/23

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10818876

5. 6.

7.

De eisen of voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur; b. het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium: het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen; en c. het begrotingscriterium: het criterium van rechtmatigheid dat inhoudt dat overschrijdingen van lasten op programmaniveau onrechtmatig zijn. Onderschrijdingen van lasten of afwijkingen van baten, die uiterlijk in de programmarekening zijn gemeld, zijn rechtmatig en worden niet opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. Het college stelt nadere regels vast met betrekking tot het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen. Het begrotingscriterium houdt tevens in dat een overschrijding van het vastgestelde investeringskrediet onrechtmatig is. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaalbedrag van het krediet, wordt als rechtmatig beschouwd.

In de programmarekening en de rechtmatigheidsverantwoording wordt aandacht besteed aan begrotingsonrechtmatigheden, waarbij iedere overschrijding van de lasten op programmaniveau ten opzichte van de programmabegroting na wijziging onrechtmatig is, maar acceptabel is indien: a. de afwijking past binnen het door de gemeenteraad geaccordeerde beleid en kleiner is dan de rapporteringsgrens of kleiner is dan 10% van het programmatotaal of het investeringsbudget; b. de afwijking tot stand komt door lasten die worden gedekt door direct gerelateerde baten; c. de afwijking is toegelicht in de najaarsnota; d. de afwijking ontstaat binnen het bestaande beleid, maar de informatie zo laat bekend was dat een raadsbesluit of begrotingswijziging niet meer mogelijk was; e. de afwijking is gemeld aan de gemeenteraad middels een raadsinformatiebrief; of f. de afwijking voortvloeit uit een raadsbesluit.

Artikel 5:16 Trend-voor-trend 1. Jaarlijks past de gemeenteraad op voorstel van het college de programmabegroting aan voor de ontwikkeling van de lonen en de prijzen (trend) om de programmabegroting op peil te houden. De trend geldt als een tegemoetkoming in de inflatie, maar vormt geen volledige compensatie voor inflatie. 2. De loon- en prijscompensatie die door de Rijksoverheid wordt verstrekt en de extra middelen die beschikbaar komen door het indexeren van de eigen inkomsten, vormen het financiële kader voor het indexeren van de uitgaven en inkomsten van de programmabegroting. 3. De trend van de gemeente wordt gebaseerd op de accressen van de Rijksoverheid, waarbij het loon- en prijscompensatiegedeelte wordt gebaseerd op het gewogen gemiddelde van de volgende indices van het Centraal Planbureau: a. 60% loonvoet sector overheid; b. 20% prijs bruto overheidsinvesteringen; en c. 20% prijs materiële overheidsconsumptie. 4. De overige algemene dekkingsmiddelen worden met ditzelfde gewogen percentage geïndexeerd. 5. De loon- en prijsbijstelling van de Rijksoverheid en de extra eigen inkomsten die volgen uit de indexatie van de overige algemene dekkingsmiddelen worden vervolgens verder verdeeld naar

22/23

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10818876

6.

de loon- en prijsgevoelige uitgaven van de programmabegroting. Dit geldt niet voor uitgaven waar geen eigen inkomsten tegenover staan. De gemeentelijke inkomsten niet zijnde algemene dekkingsmiddelen worden waar mogelijk ook aangepast met de trend. De extra opbrengsten worden vervolgens gebruikt om de uitgaven die hier tegenover staan te indexeren.

Hoofdstuk 6

Slotbepalingen

Artikel 6:1 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2026. Artikel 6:2 Intrekking en overgangsrecht 1. De Algemene verordening Financieel Beheer en Beleid gemeente Den Haag 2025 wordt ingetrokken bij inwerkingtreding van de Verordening Financieel Beheer en Beleid gemeente Den Haag 2026. 2. De bepalingen van Algemene verordening Financieel Beheer en Beleid gemeente Den Haag 2025 blijven van kracht voor de tijdvakken waarvoor zij hebben gegolden. Artikel 6:3 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening financieel beheer en beleid Den Haag 2026. Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van [datum], De griffier,

De voorzitter,

23/23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16334722/1