CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323946 Beantwoording technische vragen Nota Vastgoed

Commissie Ruimte 10 december 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Nota Vastgoed 20259.835 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Saskia Bruines

Wethouder van Financiën, Cultuur en Economische ontwikkeling

dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Ruimte

DSO/10970549 RIS323946 Contactpersoon

Robin van Maris Dienst

Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling

Centrale Vastgoedorganisatie Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

26 november 2025

robin.vanmaris@denhaag.nl

Onderwerp

Beantwoording technische vragen Nota Vastgoed (RIS322370)

Geachte voorzitter, De stad Den Haag ontwikkelt zich in rap tempo. Het grootste deel van de te bouwen woningen komt de komende decennia terecht in drie lopende gebiedsontwikkelingen: het Central Innovation District (CID), de Binckhorst en Zuidwest. Naast deze gebieden voegen we in de hele stad op kleinschalige wijze woningen toe. En dat terwijl we nu al de meest verdichte stad van Nederland zijn. Het betekent dat we moeten puzzelen met de beschikbare ruimte en scherpe keuzes moeten maken om de ontwikkeling in goede banen te leiden. Om de stad economisch vitaal te houden, de Hagenaars te huisvesten en te zorgen voor een gezonde en groene leefomgeving met voldoende voorzieningen voor bewoners en bedrijven. Een van de instrumenten die de gemeente daarvoor in zet is het gemeentelijk vastgoed. De Nota Vastgoed 2025 (RIS322370) (hierna: nota) geeft de uitvoeringskaders aan waarbinnen de gemeente opereert om te komen tot een efficiënte en effectieve gemeentelijke vastgoedportefeuille. Hierin staat omschreven hoe de gemeente omgaat met verhuur, leegstand, aankoop, ontwikkeling, onderhoud en verduurzaming. De nota zelf is nadrukkelijk beleidsarm: de benutting van het gemeentelijk vastgoed is de resultante van bestuurlijke richtingen en keuzes die zijn of worden vastgelegd in beleidsvisies als wonen, woonzorg, sport, cultuur, welzijn en economisch vestigingsklimaat.

De nota geeft daarvoor wel (beheersmatige) handvatten (toolbox) met een afwegingskader/proces om te borgen dat de inzet van het vastgoed optimaal plaatsvindt. Op verzoek van de commissie is voorafgaande aan de behandeling van de nota in de commissie, een technische vragenronde ingelast. Tot uiterlijk 6 oktober 2025 konden raadsleden technische vragen indienen. Met deze brief beantwoordt het college de schriftelijke technische vragen over de nota die door de partijen ChristenUnie/SGP, Partij voor de Dieren, GroenLinks, SP en Hart voor Den Haag zijn ingediend. Met vriendelijke groet, de wethouder van Financiën, Cultuur en Economische ontwikkeling Saskia Bruines

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

Technische vragen ChristenUnie/SGP 1.

Bij verhuur van vastgoed: wordt hiermee rekening gehouden met het maximaal benutten van het vastgoed voor de maatschappelijke opgaven? Voorbeeld: een pand wordt verhuurd aan partij x die 3 dagen gebruik maakt van het pand. Wordt in verhuurvoorwaarden dan iets opgenomen over de resterende dagen, zodat het pand maximaal benut wordt? Het is in het belang van maatschappelijke organisaties om het gemeentelijk vastgoed maximaal (optimaal) te benutten. Panden worden zoveel mogelijk verdeeld in zogenaamde verhuurbare eenheden (VHE) om optimaal gebruik van het pand te kunnen realiseren en om daarmee leegstand te vermijden. Uitgangspunt bij verhuur is wel het volledig gebruik per VHE omdat eenzelfde VHE twee keer te verhuren gedurende een periode (gedeeld gebruik), complex is wanneer het onder meer gaat om het toerekenen van kosten als nutsvoorzieningen. Daarom zal in dergelijke situaties sprake zijn van een hoofdhuurder in combinatie met een onderhuurder. De gemeente dient daarvoor wel toestemming te geven waarbij vooral gelet wordt of de onderhuur past bij de doelstelling van de inzet van de VHE.

2. In hoeverre kan en wordt bij verkoop in de verkoopstrategie rekening gehouden met de maatschappelijke waarde van een pand? Eerder werd hierover een motie (RIS306821) ingediend. Hoe wordt dit nu meegewogen? De verkoop van een pand geschiedt met toepassing van de Didam-procedure. In de publicatie van de verkoop wordt opgenomen met welk maatschappelijk doel het pand wordt verkocht en onder welke voorwaarden (zo kan een anti-speculatiebeding zijn opgenomen). Uiteraard zijn de te stellen voorwaarden afhankelijk van het geldende bestemmingplan/omgevingsvergunning van het pand. De inschrijvers (kandidaat-kopers) op de Didam-publicatie worden vervolgens beoordeeld op de mate waarin wordt voldaan aan de voorwaarden van de Didam-publicatie. In geval van gelijke uitkomst op maatschappelijke waarde en financiële bieding, zal de koper worden geselecteerd via loting. Technische vragen Partij voor de Dieren 3. Hoe is het vastgoed van de gemeente Den Haag verdeeld over de stad? Kan er bij de vastgoedmonitor een overzicht van het aantal panden per stadsdeel gegeven worden met de huidige invulling van het pand daarbij vermeld? Via https://www.denhaag.nl/nl/verbouwen-en-wonen/gemeentelijk-vastgoed/ is een digitale kaart met al het vastgoed van de gemeente, zowel koop als huur, te raadplegen. Het huidige gebruik van het vastgoed is daarbij aangegeven/omschreven.

2/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

4. “Voor braakliggende terreinen, bestaat de mogelijkheid om initiatieven in te dienen voor tijdelijk gebruik zoals bijvoorbeeld stadslandbouw, opslag of evenementen.” (p.9) Welke regels of voorwaarden worden in dergelijke gevallen meegegeven aan initiatiefnemers? Is hier ergens een overzicht van? E.e.a. is sterk situationeel bepaald: per casus worden hier in goede samenspraak met alle interne betrokken afdelingen uitgangspunten geformuleerd die dienen als toetsingscriteria. 5. “Welk vastgoed in aanmerking komt om (strategisch) te behouden” (p.9) Wat betekent strategisch behoud van vastgoed concreet? Kunnen hier een aantal voorbeelden van worden gegeven? Strategie kan zijn om een gebouw aan te houden, vooruitlopend op een geplande gebiedsontwikkeling of plotontwikkeling. Strategie kan ook zijn om invloed te blijven houden op het gebruik van een locatie en te sturen op gewenst gebruik van een gebouw. 6.

“Daarom wordt jaarlijks het geldende huurtarief geïndexeerd met de consumentenprijsindex (CPI).” (p.12) Hoe vaak komt het voor dat maatschappelijke en/of culturele organisaties in de financiële problemen komen door jaarlijkse stijgingen van de huurprijs? Zo ja, hoe ondersteunt de gemeente organisaties hierbij? Is ook overwogen om bijvoorbeeld een meerjarig gemiddelde van het CPI te hanteren, zodat het schokbestendiger is? Zo ja, waarom is daar niet voor gekozen? De gemeente volgt de landelijke regels met betrekking tot huurindexatie. Subsidies worden ook jaarlijks geïndexeerd. In buitengewone omstandigheden zoals de COVID periode zijn afwijkende indexaties toegepast om de huurders te ondersteunen. Er zijn daarom in de recente historie geen voorbeelden bekend waarbij de jaarlijkse stijging van de huurprijs tot onoplosbare problemen leidde. Er is niet eerder overwogen om een meerjarig gemiddelde van het CPI te hanteren, om de indexatie meer schokbestendig te maken. Met uitzondering van de COVID periode was de jaarlijkse indexering per jaar niet significant afwijkend. 7.

“Het risico van niet-maatschappelijke verhuur is dat de marktconforme huurprijs niet kostprijsdekkend kan zijn waardoor de exploitatie verliesgevend is.” (p.12) Wat is de reden dat er dan toch soms wordt gekozen voor een nietmaatschappelijke invulling? Dit kan zijn omdat we nog in afwachting zijn van de maatschappelijke doelstellingen voor een specifieke locatie en er zich kansen voordoen om het tijdelijk niet-maatschappelijk in te zetten. Het kan ook zijn dat er geen maatschappelijke organisaties interesse hebben in de locatie. Dit is mede afhankelijk van de locatie/bestemming.

3/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

8. Waarom wordt er gekozen voor een definitie van langdurige leegstand vanaf 5 jaar? Waarom niet bijvoorbeeld 2 of 3 jaar? Dit relateert aan de gebruikelijke termijn van de in te zetten strategische voorraad voor gebiedsontwikkeling. Deze termijn is grofweg nodig om te komen tot gebiedsontwikkeling, indien langer wordt dit als langdurige leegstand gezien. Dezelfde termijn wordt ook gehanteerd voor de Reserve Strategisch Vastgoed. 9. “In deze gevallen zoeken we naar een passend tijdelijk en - zoveel mogelijk maatschappelijk en/ of cultureel initiatief.” (p.15) Hoe vaak is het in de afgelopen 10 jaar voorgekomen dat tijdelijke leegstand in een gemeentepand is benut door een maatschappelijk en/of cultureel initiatief? Kan hier een overzicht van gegeven worden? Structureel wordt altijd al een deel van de voorraad gezien haar karakter (t.b.v. ontwikkeling) tijdelijk ingezet voor maatschappelijke en/of culturele initiatieven. Dit gebeurt veelal middels gecontracteerde leegstandsbeheerorganisaties die een veelvoud aan initiatieven faciliteert. De gemeente maakt afspraken met de leegstandsbeheerders over invulling van de panden, waarbij de verantwoordelijkheid en regie over de invulling bij de leegstandsbeheerders komt te liggen. Daarom beschikt het college niet over een actueel overzicht. 10.

“Bij het toepassen van de opzegtermijn wordt indien nodig rekening gehouden met de tijd dat gebruik is gemaakt van het pand (tot maximaal 6 maanden). Hiermee wordt de bruiklener tijd geboden om een ander locatie te vinden.” Op welke wijze ondersteunt de gemeente maatschappelijke en/of culturele organisaties bij het vinden van een nieuwe locatie? Het vinden van een geschikte locatie/pand is de verantwoordelijkheid van een organisatie zelf. Voor het gemeentelijk vastgoed, publiceert de gemeente op haar website welk vastgoed op dat moment in de verkoop en/of verhuur is. Daarnaast verwijst zij op die site naar verschillende gemeentelijke bedrijfsverzamelgebouwen, waar organisaties zich tot kunnen wenden. De gemeente heeft, in samenwerking met Makelpunt Nederland, ook een Haags Makelpunt waar het aanbod van winkel-, kantoor- en bedrijfsruimte inzichtelijk wordt gemaakt. Als er direct met de afdeling CVDH contact wordt gezocht, wordt ook verwezen naar verschillende makelaarsdiensten die in de stad worden aangeboden. Maatschappelijke organisaties kunnen zich ook tot hun contactpersonen van de stadsdeelorganisatie wenden in hun zoektocht naar locaties of zelf een makelaar inschakelen. 11.

“De gemeentelijke vastgoedportefeuille kent een aantal objecten dat de status van monument of van beschermd stadsgezicht heeft.” (p.19) Welke maatregelen worden getroffen indien de gemeente een object met monumentale status verkoopt? Is er dan bijvoorbeeld sprake van een clausule in de verkoopovereenkomst? Graag een toelichting. De monumentale status van een pand is gekoppeld aan het pand, niet aan de eigenaar. Een nieuwe eigenaar zal zich aan dezelfde regels en eisen met betrekking tot monumenten moeten houden, of dit nu een Rijksmonument of gemeentelijk monument betreft.

4/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

In het geval de gemeente een monumentaal pand verkoopt, zal altijd getoetst worden met welk doel het monument gekocht wordt en/of wat de plannen zijn. 12. “We streven ernaar om voor panden die structureel onderdeel uitmaken van de vastgoedportefeuille de gewogen conditiescore minimaal op niveau 3 (redelijk) te krijgen of te houden en per bouwelement in te grijpen wanneer conditie 4 wordt geconstateerd.” (p.19) Wat is de reden dat er niet wordt gestreefd naar een minimum van niveau 2 (goed)? En wat betekenen de kwaliteitsscores concreet? Op basis waarvan worden de scores toegekend? Het Meerjarigonderhoudsplan (MJOP) van een pand wordt in een cyclus van drie jaar op Basis van een herinspectie geactualiseerd en aangepast aan de conditie waarin de bouwdelen van een pand zich op dat moment bevinden. Met deze werkwijze conform de NEN 2767 wordt onderhoud uitgevoerd wanneer dat nodig is en niet alleen omdat het in de planning staat. Daarnaast worden de consequenties van eventuele nieuwe wet- en regelgeving met betrekking tot onderhoud geïnventariseerd voor zover deze betrekking hebben op de verantwoordelijkheid van de gebouweigenaar. De conditiescore 3 als uitgangspunt is gekozen omdat dit een langdurig goed operationeel vastgoed garandeert, waarbij de kosten in relatie tot de kwaliteit in voldoende verhouding tot elkaar staan en daarmee tot betaalbare huurtarieven leidt.

De financiële consequentie van het verhogen van de ambitie naar conditiescore 2 is een investering die een factor 2 tot 3 groter gaat zijn, zowel in directe investeringen in de MJOP als in de inzet van capaciteit wat zich vertaalt in onbetaalbare huurtarieven. De conditiescore 3 is het standaard uitgangspunt voor zowel het Rijk als het merendeel van de gemeenten in Nederland. De conditiescores zijn conform NEN2767: (1) Uitstekend (2) Goed (3) Redelijk (4) Matig (5) Slecht (6) Zeer slecht De scores worden bepaald op basis van: aantal gebreken, ernst van de gebreken en urgentie van herstel. 13. “Voor onderhoud/herstel als gevolg van schade door brand, storm, vandalisme heeft de gemeente voor de gehele portefeuille een opstalverzekering afgesloten met een beperkt eigen risico.” (p.19) Wat betaalt de gemeente jaarlijks aan de opstalverzekering? De jaarlijkse kosten van het verzekeringspakket voor het gemeentelijk Vastgoed bedragen in 2025 € 1,35 mln. Op jaarbasis fluctueert dit vanwege de mutaties in het vastgoed (aan- en verkoop, nieuwbouw en renovaties).

5/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

14. “Het uitgangspunt is dat de panden voldoen aan de Paris Proofnorm met daarnaast een energielabel conform de Renovatiestandaard van het Rijk.” (p.20) Is dit, naast dat het als uitgangspunt gehanteerd wordt, ook daadwerkelijk het geval voor alle panden van de gemeente? Zo nee, voor hoeveel panden is dit niet het geval? Het energieverbruik en daarmee de CO2-uitstoot van onze gehele vastgoedportefeuille is meer dan gemiddeld afgenomen de afgelopen jaren (CBS index, zie ook de portefeuilleroutekaart RIS321314 figuur 5, bladzijde 14); onze gebouwen voldoen echter nog niet aan de Paris Proof– norm en aan het energielabel conform renovatiestandaard, uitzonderingen daargelaten. Binnenkort komt het Uitvoeringsplan 2030 voor het verduurzamen gemeentelijk vastgoed naar de raad, waarin het Paris Proof maken van enkele bestaande panden binnen de portefeuille is opgenomen. 15. “Panden die we (op termijn) afstoten, worden in principe niet verduurzaamd. Het is economisch niet verantwoord om duurzaamheidsmaatregelen te treffen omdat onbekend is wat de plannen zijn van de nieuwe eigenaar. Het is verspilling van materialen om aangebrachte verduurzamingsmaatregelen weer te verwijderen.” (p.20) Is het mogelijk om in een verkoopovereenkomst als voorwaarde te stellen dat verduurzamingsmaatregelen niet verwijderd worden? Juridisch is dit mogelijk.

Gezien de schaarste aan middelen voor verduurzaming is het echter op dit moment geen realistisch scenario dat we panden gaan verduurzamen die op termijn afgestoten zullen worden. In de portefeuilleroutekaart hebben we de criteria opgenomen op basis waarvan we keuzes maken met betrekking tot verduurzaming. De panden waar de meeste winst valt te behalen voor wat betreft kilo’s bespaarde CO₂, afgezet tegen de meest efficiënte inzet van geldelijke middelen, komen als eerste in aanmerking voor verduurzaming. Hiernaast voeren we via koppelkansen werk met werk uit, waarbij we ook hier prioriteren in panden die voor de langere toekomst bij het eigen bezit zullen blijven horen. Natuurlijk is het altijd mogelijk dat een pand dat verduurzaamd is, op enig moment afgestoten zal worden. Ook voor een koper zal het echter in veel gevallen niet logisch zijn verduurzamingsmaatregelen te verwijderen. Die maatregelen werken bijna altijd waarde vermeerderend op het vastgoed en verwijdering ervan zal een desinvestering zijn. 16. “Onttrekken van vastgoed aan de markt om onbedoeld gebruik van een pand te vermijden.” (p.23) Wat zouden alternatieven zijn om onbedoeld gebruik van een pand tegen te gaan? De meest geëigende methode om onbedoeld gebruik tegen te gaan is handhaven op het toegestaan gebruik.

Soms wordt een pand gebruikt conform bestemmingsplan/omgevingsvergunning, maar leidt voortschrijdend inzicht tot de zienswijze dat de gemeente gebruik liever anders ziet. In dat geval zal de bestemming van het pand gewijzigd moeten worden.

6/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

17. “Vastgoed kan na verloop van tijd de functie waarvoor het is ingezet verliezen. Dat kan verschillende oorzaken hebben. Een voorbeeld is een schoolgebouw dat vanwege vervanging door nieuwbouw terugvalt bij de gemeente” (p.23) In welke mate heeft de raad invloed op het al dan niet verkopen van gemeentelijk vastgoed of het geven van een nieuwe invulling van een pand? De bevoegdheid tot verkoop van Vastgoed vloeit voort uit artikel 160 lid e van de gemeentewet en ligt bij het college. Dat geldt ook bij het geven van een andere invulling aan het pand, uiteraard voor zover dat past binnen de omgevingsvergunning en de door uw raad vastgestelde kader, anders volgt een bopa. Bij scholen zal als eerste bezien worden of het gebouw zijn schoolbestemming moet behouden om bijv. ingezet te worden als wissellocatie of herontwikkelingslocatie voor een andere school. Als dit niet het geval is zal in eerste instantie bezien worden of er behoefte is aan een andere maatschappelijke functie. Technische vragen GroenLinks 18. - pagina 4: "Vastgoed van de gemeente voldoet aan duurzaamheidseisen en aan een bepaald kwaliteitsniveau van onderhoud en toegankelijkheid" Welk niveau van toegankelijkheid wordt hierbij als minimum aangehouden? De gemeente hanteert de eisen die zijn opgenomen in het geldende regime van wetgeving ten tijde van de bouw. 19.

- pagina 5: "Wanneer een schoolbestuur aangeeft dat een schoolgebouw niet langer gebruikt wordt, valt het juridisch eigendom op grond van de onderwijswetgeving - om niet- terug naar de gemeente en onderzoeken we of het pand voor andere doeleinden kan worden benut". Wordt er in eerste plaats gekeken of het pand opnieuw gebruikt kan worden voor onderwijsdoeleinden, of hebben maatschappelijke doelen op andere beleidsterreinen hierbij gelijke prioriteit als opnieuw gebruik van het pand voor onderwijs? In eerste plaats wordt er gekeken of het pand opnieuw gebruikt kan worden voor onderwijsdoeleinden. Dit is mede ingegeven door kosten: logischerwijs valt te verwachten dat er in het geval van onderwijsinvulling, de investeringskosten voor (her)gebruik minimaal zijn. Kiezen voor een andere invulling, kan mogelijk ook leiden tot kosten met betrekking tot verbouwing, herinrichting en om aan te sluiten bij de wensen en eisen van het bestemde nieuwe gebruik. Zie ook het antwoord op vraag 17.

7/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

20. - pagina 9: "Vooral in omvangrijke gebiedsontwikkelingen waarbij de gemeente actief heeft opgekocht worden bestaande verhuringen bij de koop overgenomen (koop breekt geen huur)". Hoe wordt bij dergelijke gebiedsontwikkelingen, waarbij de actieve aankoop beoogd wordt om de gebiedsontwikkeling te dienen, het principe "koop breekt geen huur" gewaarborgd? Het principe koop breekt geen huur is vastgelegd in artikel 7:226 van het BW. Indien de bestaande huurverhouding een belemmering vormt voor de beoogde gebiedsontwikkeling, wordt (afhankelijk van de bepalingen in de huurovereenkomst omtrent opzegging) beoordeeld of en op welke gronden de overgenomen huurovereenkomst kan worden beëindigd. Als beëindiging op grond van de overeenkomst niet mogelijk blijkt, kan in overleg met de huurder worden gezocht naar een minnelijke oplossing om tot huurbeëindiging te komen. Technische vragen SP Leegstand 21. In de nota staat dat langdurige leegstand (>5 jaar) kan leiden tot verkoop van panden of tijdelijk ander gebruik (p.15–16).

Wordt in het geval van mogelijke verkoop standaard vooraf nagegaan of een pand ook structureel beschikbaar kan worden gesteld ten behoeve van de huisvesting van maatschappelijke / culturele organisaties of herontwikkeld kan worden tot betaalbare woonruimte? Zo ja, kan het college inzichtelijk maken welk afwegingskader hierbij wordt gehanteerd? Zo nee, waarom niet? Uitgangspunt bij gemeentelijk vastgoed is dat de gemeente pas optreedt als de markt zelf achterblijft. Alvorens de gemeente overgaat tot verkoop heeft een afweging plaatsgevonden of het in bezit houden gekoppeld aan een maatschappelijk invulling niet de voorkeur heeft. Daarbij wordt ook gekeken of de verkoop onder bepaalde voorwaarden moet plaatsvinden. Zoals bij woningen in het sociale domein om ze daarvoor blijvend te behouden. 22. Gaat de gemeente uitsluitend met leegstandsbeheerders met een maatschappelijke doelstelling in zee, of ook met leegstandsbeheerders met winstoogmerk? Op basis van welke criteria en op welke wijze worden deze leegstandsbeheerders geselecteerd? De gemeente heeft recent een Europese openbare aanbestedingsprocedure doorlopen voor het uitbesteden van het leegstandbeheer van vastgoed dat de gemeente in eigendom heeft. De gemeente heeft in deze aanbesteding geen voorwaarde gesteld dat uitsluitend leegstandbeheerders met een maatschappelijk doelstelling in aanmerking komen voor gunning.

Zowel leegstandbeheerders met een maatschappelijke doelstelling als leegstandbeheerders met een winstoogmerk konden een inschrijving indienen. Wel is in de beoordeling van de inschrijvingen betrokken op welke wijze de leegstandbeheerder invulling geeft aan maatschappelijke initiatieven. De gemeente heeft immers diverse beleidsdoelen die zij met de maatschappelijke invulling van leegstaand vastgoed wenst te realiseren. Van de leegstandbeheerders wordt daarom verwacht dat zij proactief bijdragen aan het verwezenlijken van deze doelen.

8/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

De inschrijvingen van de marktpartijen zijn door een beoordelingscommissie beoordeeld op basis van de in de inschrijvingsleidraad gestelde geschiktheidseisen en gunningscriteria. De gemeente heeft voor deze aanbesteding verschillende geschiktheidseisen gesteld met betrekking tot de financiële en economische draagkracht, de technische bekwaamheid en de beroepsbevoegdheid van de leegstandbeheerders. Als gunningscriterium is in deze aanbesteding de beste prijs-kwaliteitverhouding gehanteerd. Het onderdeel kwaliteit is onderverdeeld in twee subgunningscriteria, te weten: 1. Subgunningcriterium 1: Beheerplan Van leegstandbeheerders is gevraagd om in een plan van aanpak zo concreet mogelijk inzicht te geven in hun werkwijze met betrekking tot het beperken van de beheerkosten. 2. Subgunningscriterium 2: Maatschappelijke initiatieven Van leegstandbeheerder is gevraagd om in een plan van aanpak te beschrijven hoe zij invulling geven aan maatschappelijke initiatieven in het leegstandbeheer. Ten aanzien van het onderdeel prijs heeft de gemeente een vaste afdracht van €50 per object per maand gehanteerd. Voor een volledig overzicht van de geschiktheidseisen, gunningscriteria en beoordelingssystematiek die de gemeente heeft gehanteerd, wordt verwezen naar de inschrijvingsleidraad (zie: https://www.tenderned.nl/aankondigingen/overzicht/342730). 23.

De nota erkent dat leegstand negatieve effecten heeft op de omgeving en dat dit afstraalt op de eigenaar (p.15). Welke verantwoordelijkheid neemt de gemeente richting omwonenden, die geconfronteerd worden met leegstand en mogelijke verloedering, terwijl panden bewust leeg worden gehouden in afwachting van herontwikkeling of verkoop? Om verloedering zoveel mogelijk tegen te gaan worden panden die niet worden verhuurd direct of via leegstandbeheerders ingezet voor maatschappelijke organisaties. Daarnaast wordt minimaal onderhoud uitgevoerd omdat er geen huurbaten zijn voor deze panden. Als het echter niet anders kan zal de gemeente toch meer dan minimaal onderhoud uitvoeren, Vooral aan de schil van het pand. Vastgoedverkoop 24. In de nota wordt benadrukt dat verkoopopbrengsten kunnen dienen als aanvulling op het budget of als revolving fund voor nieuwe aankopen (p.24). Hoe garandeert de gemeente dat deze opbrengsten ook echt worden ingezet voor het aanwerven van vastgoed ten behoeve van sociale en maatschappelijke functies, en niet verdwijnen in de algemene middelen? Dit revolving fund bestaat op dit moment alleen op het gebied van de Reserve Strategisch Vastgoed. De middelen van ander vastgoed dat verkocht wordt, vloeit in principe terug naar de Algemene Middelen.

Onderdeel van de verkenning naar het wel of niet introduceren van een Programma Vastgoed zou zijn of er een revolving fund voor nieuwe aankopen/renovaties zou moeten komen.

9/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

25. Welke rechten heeft de huurder wanneer de gemeente ervoor kiest om een verhuurd pand te verkopen? In Nederland geldt het beginsel “koop breekt geen huur” (artikel 7:226 Burgerlijk Wetboek). Dit betekent dat bij de verkoop van een verhuurd pand de koper de bestaande huurovereenkomst overneemt en in de rechten en verplichtingen van de verhuurder c.q. verkoper (lees: de gemeente) treedt.

26. De gemeente zegt dat bij verkoop het principe Transparant, Openbaar en Marktconform (TOM) geldt (p.24). Hoe voorkomt de gemeente dat dit leidt tot speculatie door commerciële partijen, waardoor belangstellende maatschappelijke / sociale initiatieven die niet over de financiële middelen beschikken om te kunnen overbieden geen kans maken? De verkoop wordt procesmatig ingestoken via Didam-publicatie. In die publicatie neemt de gemeente voorwaarden op die van toepassing zijn op de verkoop. Afhankelijk van het pand wordt altijd de maatschappelijke functie van het pand benadrukt. In de beoordeling van de inschrijvers wordt hier rekening mee gehouden. 27. Het Didam-arrest verplicht tot open en gelijke kansen bij verkoop (p.25–26). Welke mogelijkheden zijn er met inachtneming van het Didam-arrest om woningcorporaties en culturele / maatschappelijke initiatieven een voorkeurspositie te geven bij verkoop, juist omdat hun inzet vaak beter aansluit bij publieke belangen dan commerciële investeerders? De verplichting uit het Didam-arrest om mededingingsruimte te bieden bij de verkoop van een onroerende zaak geldt niet in het geval dat vooraf vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangekomen dat er op grond van objectieve, toetsbare en redelijke criteria slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt voor de verkoop.

Uit rechtspraak vloeit voort dat woningcorporaties vanwege hun bijzondere wettelijke positie onder omstandigheden als enige serieuze gegadigde kunnen worden beschouwd bij de verkoop van een onroerende zaak voor sociale woningbouw. Dit is echter niet per definitie het geval. Van geval tot geval zal onderbouwd moeten worden waarom een specifieke corporatie de enige serieuze gegadigde is. Zoals blijkt uit rechtspraak kan dit het geval zijn indien de koop van een onroerende zaak nodig is voor een corporatie om te voldoen aan de prestatieafspraken die zij met de gemeente is overeengekomen. Daarbij dient tevens rekening te worden gehouden met de positie van andere corporaties die in hetzelfde werkgebied actief zijn. Een vergelijkbare uitzondering kan ook gelden voor maatschappelijke en culturele organisaties. Indien op basis van objectieve, toetsbare en redelijke criteria kan worden onderbouwd dat een specifieke culturele of maatschappelijke organisatie als enige serieuze gegadigde kan worden aangemerkt hoeft de gemeente eveneens geen mededingingsruimte te bieden. De motivering dat er slechts één serieuze gegadigde is, dient door de gemeente in het Gemeenteblad te worden gepubliceerd. Dit geldt ook in het geval een woningcorporatie als enige serieuze gegadigde wordt aangemerkt.

10/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

In deze publicatie dienen eventuele derden die menen, op grond van de aangevoerde argumentatie van de gemeente, ook te kwalificeren als gegadigde een termijn te worden geboden om zich te melden bij de gemeente met het verzoek ook in aanmerking te komen voor de betreffende verkoop. In het geval de gemeente van oordeel is dat met het verzoek kan worden ingestemd kan alsnog een openbare aanbiedingsprocedure worden gehouden. Technische vragen Hart voor Den Haag Algemeen en Bestuurlijk 28. Op diverse plekken wordt gesteld dat de nota "beleidsarm" is, maar dat het college wel de "ambtelijke en bestuurlijke regie" gaat verstevigen. Kunt u concreet toelichten welke organisatorische maatregelen en instrumenten het college gaat ontwikkelen om deze regierol te verstevigen, en binnen welke termijn de raad hierover een voorstel kan verwachten? De regie die hier bedoeld wordt is dat intern, binnen de gemeentelijke organisatie, gekeken wordt hoe opdrachtgeverschap en opdrachtnemerschap beter ingevuld kunnen worden. Zoals bekend, is veel van het vastgoed gebonden aan begrotingsprogramma's en zijn de beleidsafdelingen derhalve leidend in keuzes met betrekking tot de inzet van het vastgoed. De Centrale Vastgoedorganisatie is een uitvoeringsorgaan dat daar vervolgens praktisch invulling aan geeft.

De verbetering van ambtelijke en bestuurlijke regie gaat om het beter invullen van het portefeuillemanagement richting die opdrachtgevende diensten, zodat die betere keuzes kunnen maken op basis van completere informatie. Een ander traject is het onderzoek dat gestart wordt naar het integraal aansturen van het vastgoed middels een programma Vastgoed op de begroting. Zie ook het verdere antwoord op vraag 29 hierover. 29. Het college stelt voor om de nut en noodzaak van een apart begrotingsprogramma "Vastgoed" te verkennen. Aangezien de conceptprogrammabegroting voor 2026 reeds ter behandeling voorligt, wil ik het college het volgende vragen: a.) Binnen welke termijn kan de raad de definitieve resultaten van deze verkenning verwachten? b.) Kan het college toezeggen de raad over de voortgang van deze verkenning te informeren in de eerstvolgende bestuursrapportage (burap)? c.) Is het college bereid om, vooruitlopend op de definitieve resultaten, de financiële en bestuurlijke voor- en nadelen van een dergelijk programma alvast te schetsen, zodat de raad deze inzichten kan meewegen bij eventuele amendementen op de voorliggende begroting? Het onderzoek wordt uitgevoerd in de periode Q4 2025 – Q1 2026 door een extern bureau, waarbij de gemeente de regie voert over de onderzoeksvragen en aanspreekpunt is voor het adviesbureau.

Gezien de verkiezingen in maart 2026 is de verwachting dat een voorstel met betrekking tot wel/niet bundelen van het Programma Vastgoed onderdeel wordt van de inhoudelijke coalitieonderhandelingen.

11/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

Gezien de relatief korte doorlooptijd van het onderzoek, zal de raad hier niet tussentijds over worden geïnformeerd. De financiële en bestuurlijke voor- en nadelen kunnen nog niet worden gedeeld, vooruitlopende op de voorliggende begroting, omdat deze onderdeel zijn van de onderzoeksvraag en derhalve nog niet bekend zijn bij het college. 30. In het afwegingskader voor de inzet van bestaand vastgoed (pagina 10) wordt een lijst met twaalf parameters genoemd, zoals "urgentie", "kosten" en "invloed op de leefbaarheid". Hoe worden deze parameters objectief gewogen? Is er een puntensysteem, en hoe wordt voorkomen dat de uiteindelijke keuze een subjectieve blijft? Kunt u een geanonimiseerd voorbeeld geven van hoe dit kader recent is toegepast? Na vaststelling van de nota Vastgoed door de Raad zal het kader worden toegepast. De toewijzing van de punten zal komen te liggen bij de Ruimtelijke Regietafel (een multidisciplinair team samengesteld uit de beleidsdiensten) ten behoeve van advisering aan het college voor besluitvorming. Het kader wordt in deze vorm op dit moment niet toegepast, dus een geanonimiseerd voorbeeld is niet te geven. Vastgoedportefeuille en Publiek Belang 31. De nota stelt dat de gemeente alleen vastgoed inzet als de markt dit onvoldoende oppakt vanuit een publiek belang.

Hoe monitort het college structureel of de markt bepaalde functies wel of niet oppakt, en op basis van welke concrete criteria wordt besloten dat een marktfalen dusdanig is dat de gemeente moet interveniëren? De gemeente denkt na over hoe zij die monitoring wil invullen. Dit mede naar aanleiding van de door u aangenomen motie ‘Breng huisvesting van maatschappelijke organisaties in beeld’ (RIS321437). In het tussenbericht op deze motie kunt u lezen dat we de raad in Q1 2026 hierover zullen informeren. Zoals ook in dat tussenbericht genoemd, werden niet bij alle afdelingen ruimtevragen goed gedocumenteerd. Toch kan er gemiddeld genomen ingeschat worden welke hulpvragen en behoefte met betrekking tot vastgoed structureel door stichtingen, organisaties en andere individuen en rechtspersonen het meest aan ons gesteld worden. Omdat de gemeente ook goed overleg heeft met marktpartijen, wordt op basis daarvan een grove inschatting gemaakt welke functies wel en welke functies niet in voldoende mate door de markt worden opgepakt. De gemeente beoogt de registratie van ruimtevragen in de toekomst over alle afdelingen beter te kunnen documenteren en opvolgen.

12/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

32. Op 31 december 2024 omvatte de portefeuille 1.262 objecten. Kunt u een overzicht verstrekken van deze objecten, gecategoriseerd naar type vastgoed (bv. sport, cultuur, commercieel, gronden), de huidige conditiescore (NEN 2767), en het huidige energielabel? Het vastgoed is verzameld en op een kaart geplot via https://www.denhaag.nl/nl/verbouwenen-wonen/gemeentelijk-vastgoed/. Hier staat niet op wat de huidige conditiescore is, noch het energielabel. Als aan het verstrekken van het energielabel behoefte aan is, kan dit ook worden gepubliceerd. Energielabels zijn overigens openbaar opvraagbaar (openbare data). 33. In de nota staat de ambitie uit het coalitieakkoord om "actief vastgoed op te kopen voor maatschappelijk gebruik". Is er een specifiek budget gereserveerd voor deze actieve aankoopstrategie? Zo ja, hoe hoog is dit budget jaarlijks? En welke stadsdelen of typen vastgoed hebben hierbij prioriteit? Nee, daar is geen budget voor gealloceerd in de begroting. Individuele aankopen zullen, afhankelijk van hun waarde, aan het college of de gemeenteraad worden voorgelegd. Denk bijvoorbeeld aan Spui 130 of de Brasserskade 237H. 34. Kunt u een actueel overzicht geven van de totale huurachterstand binnen de gemeentelijke vastgoedportefeuille? Graag gespecificeerd naar: a.) Het totale bedrag in euro’s.

Het openstaande saldo met een vervaltermijn > 30 dagen is op 3 november 2025 € 2,4 mln. Zie onderstaande specificatie:

Voor de contracten die beëindigd zijn is een betalingsregelingen getroffen met de exhuurders of is er sprake van een (lopende) gerechtelijke procedure en/of invordering via belastingszaken of de deurwaarder. Ook met de huurders van de nog lopende huurcontracten zijn/worden betalingsregelingen getroffen. b.) Het percentage dat dit bedrag vormt van de totale jaarlijkse huursom. Uitgaande van de bruto jaaromzet van ± € 40 mln. betreft het 6%. Echter, in de huurachterstand zit ook een deel van de omzet van voorgaande jaren en afrekeningen servicekosten van voorgaande jaren. Het werkelijke % ligt dus lager.

13/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

c.) Het aantal huurders dat het betreft, uitgesplitst naar maatschappelijk en niet-maatschappelijk vastgoed. Het betreft 148 huurders waarvan 67 Maatschappelijk, 81 Niet Maatschappelijk. Zie onderstaande specificatie

35. Welk beleid en welke concrete procedures hanteert het college bij het innen van huurachterstanden? a.) Vanaf welke termijn wordt een incassotraject gestart? Vanaf de dag na de vervaldatum van de factuur worden er herinneringen en aanmaningen gestuurd. Conform de uniforme gemeentelijk invorderingsprocedure, worden na elke 14 dagen herinneringen en aanmaningen gestuurd en zijn er contactmomenten met de debiteur. Een incassotraject na ± 90 dagen wordt o.b.v. inhoud en omstandigheden voorbereid en uitgevoerd: dossieropbouw, gerechtelijke procedure en executie vonnis rechtbank. b.) Wordt hierbij onderscheid gemaakt tussen maatschappelijke en commerciële huurders? Nee, maar maatschappelijke huurders kunnen een subsidierelatie met de gemeente hebben dat het invorderingstraject kan beïnvloeden. De huurders van woningen krijgen speciale aandacht. c.) Hoe verhoudt het gemeentelijk beleid zich tot de landelijke afspraken over vroegsignalering van schulden en het voorkomen van huisuitzettingen? Voor de huurders van woningen van de gemeente geldt dat het om doelgroepen (statushouders, uitstromers uit begeleid wonen/opvang) gaat die in beeld zijn bij SZW en/of OCW via die lijn worden gemonitord op de eventuele opbouw van schulden. Voor huurders met een participatiewet uitkering wordt middels een machtiging de te innen huur direct verrekent met de uitkering.

Voor mensen met andere bron van inkomsten is de mogelijkheid om budget beheer in te zetten om achterstanden te voorkomen. Dit kan ook indien men huurt van een woningcorporatie of een particuliere verhuurder, wel is altijd de toestemming van de huurder voor nodig. Woningcorporaties hebben ook de plicht om huurachterstanden vroeg te signaleren bij afdeling vroegsignalering. In het grootste deel van de gevallen wordt hiermee een huisuitzetting voorkomen. In enkele gevallen is sprake van andere juridische redenen dan een achterstand wat maakt dat er tot huisuitzetting overgegaan (moet) worden.

14/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

36. Kunt u de ontwikkeling van de huurachterstanden over de afgelopen drie jaar schetsen? a.) Is er een stijgende of dalende trend zichtbaar in de betalingsbereidheid? Er is een dalende trend zichtbaar in de betalingsbereidheid. b.) Welke analyse of verklaring heeft het college voor deze ontwikkeling en welke risico's ziet het college voor de toekomstige exploitatie van het vastgoed? Een verklaring is de nasleep van de Coronacrisis: ondernemers hebben nog steeds schulden en kunnen geen externe financiering krijgen, zodat meer vraag is naar coulance van de gemeente. Het (sinds 2020) steeds vaker voorkomende thuiswerken heeft bij bedrijven ervoor gezorgd dat er minder bedrijfsruimte hoeft te worden gehuurd en er meer leegstand ontstaat. Ook zijn de hoge energieprijzen en de algehele inflatie van de afgelopen jaren nog steeds een belangrijke factor van financiële zorg voor zowel ondernemers in de bedrijfsruimten als voor bewoners van woningen (i.c. statushouders). Huurprijs en Verhuurbeleid 37. Op pagina 12 wordt onderscheid gemaakt tussen exploitatielastendekkende huur en kostprijsdekkende huur. Bij maatschappelijk vastgoed wordt de exploitatielastendekkende huur gehanteerd en wordt de rest gedekt uit het beleidsprogramma.

Wordt dit verschil in de begroting inzichtelijk gemaakt als een vorm van "huursubsidie", zodat de raad kan zien hoeveel de gemeente jaarlijks bijdraagt aan de kapitaallasten van maatschappelijk vastgoed? De door de beleidsdiensten verstrekte subsidies kunnen een huisvestingscomponent bevatten maar dat wordt niet apart inzichtelijk gemaakt in de gemeentelijke begroting. 38. Voor niet-maatschappelijk vastgoed wordt een marktconforme huur gehanteerd, "tenzij de marktconforme huur lager blijkt te zijn" dan de kostprijsdekkende huur. Voor hoeveel panden in de portefeuille is dit momenteel het geval, en wat is het totale jaarlijkse exploitatietekort dat hieruit voortvloeit? Er worden 11 vastgoedobjecten verhuurd tegen een marktconforme huur lager dan de kostprijs. Het totale exploitatietekort in 2024 was € 0,4 mln. Leegstandsbeleid 39. De nota maakt een onderscheid tussen langdurige (> 5 jaar) en tijdelijke (< 5 jaar) leegstand. Wat is de onderbouwing voor de termijn van exact vijf jaar? Zie beantwoording vraag 8.

15/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

40. Bij tijdelijk gebruik geldt in principe een korte opzegtermijn van één maand. Hoe verhoudt deze korte termijn zich tot de wens om stabiele maatschappelijke en culturele initiatieven te faciliteren, die vaak een langere zekerheid nodig hebben om te kunnen investeren en programmeren? Bij bruikleen is het mogelijk (vastgelegd in de overeenkomst) om een opzegtermijn van 1 maand te hanteren, Echter wordt in de praktijk een termijn gehanteerd die recht doet aan de tijd dat van de locatie gebruik is gemaakt. De inzet van de gemeente is om de bruiklener voldoende tijd te geven om andere huisvesting te vinden. Daarbij geldt wel dat dit moet passen in de planning van de herontwikkeling van het pand/locatie. 41. Op pagina 16 wordt overwogen om tijdelijk gebruik te begrenzen tot maximaal 2 of 3 jaar om daarna een nieuwe selectieprocedure te starten. Hoe wordt voorkomen dat een succesvol en gewaardeerd buurtinitiatief moet vertrekken uit een pand, terwijl de herontwikkeling van dat pand mogelijk nogmaals wordt uitgesteld? Zie beantwoording vraag 46. Onderhoud en Duurzaamheid 42. Het streven is een onderhoudsniveau van minimaal NEN 2767 conditiescore 3 ("redelijk").

Welk percentage van de panden die structureel in de portefeuille blijven, voldoet momenteel niet aan deze norm? Wat is de totale investering die nodig is om de gehele portefeuille op dit minimumniveau te brengen en binnen welke termijn wordt dit gerealiseerd? Het onderhoudsniveau conditiescore 3 is een generiek streven, dat voor het grootste deel van de portefeuille passend is om na te streven en uit te voeren. Er kunnen een veelvoud aan redenen zijn om dit streven niet te halen. Voor een deel zijn dat technische redenen (technisch niet haalbaar), voor een deel zijn dat financiële redenen (er is geen dekking vanuit de beleidsdiensten, of de kosten wegen niet op tegen de baten). Soms wordt ervoor gekozen om, vooruitlopend op herontwikkeling, het onderhoud slechts minimaal uit te voeren. De gemeente zorgt er echter altijd voor dat de veiligheid gegarandeerd wordt en dat het pand operationeel gehouden wordt. In inschatting van de totale investering die nodig is om de gehele portefeuille naar dit minimumniveau te brengen is niet te geven. Dit hangt van teveel variabelen af, los van het feit dat er dus ook bewust voor gekozen wordt bepaalde panden niet naar dit niveau te brengen om moverende redenen. Omdat de ambitie niet portefeuille breed geldt, kan er ook geen planning/termijn meegegeven worden. 43. De ambitie is dat alle panden voldoen aan de "Paris Proofnorm".

Wat is de definitie van "Paris Proof" die de gemeente hanteert in termen van kWh/m²/jaar per type vastgoed? En wat is de geschatte totaal-investering die nodig is om de gehele portefeuille Paris Proof te maken? De Paris Proof-norm is ontwikkeld door het Dutch Green Building Counsel, de landelijke maatschappelijke organisatie die zich inzet om de gebouwde omgeving in hoog tempo toekomstbestendig te maken. In deze norm is bepaald welk aandeel gebouwen dienen te nemen in de totale vermindering van broeikasgassen.

16/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

Er wordt, afhankelijk van het gebouwtype en de grootte van het gebouw, nog maar een kleine hoeveelheid (duurzame opgewekte) energie toegestaan. Als ook dat niet nodig is, spreken we over een werkelijk energieneutraal gebouw (WENG). De rekenmethodiek is die van de Werkelijke Energie Intensiteit Indicator (WEII). Daar worden de volgende klassen gehanteerd.

Om tot een degelijke raming te komen om de gehele portefeuille Paris Proof te maken moet per gebouw een strategie worden opgesteld, bestaande uit op het specifieke gebouw toepasbare maatregelen en gebaseerd op het werkelijke energieverbruik. Dit hebben we voor de 60 grootste panden gedaan (RIS321314 Bijlage Portefeuilleroutekaart voor verduurzaming). Voor de overige maatschappelijke gebouwen (circa 400) moeten we varen op grove kentallen. De aanname is dan dat de totale Haagse opgave zo'n €450 mln. zal kosten. 44. Panden die op de nominatie staan om verkocht te worden, worden "in principe niet verduurzaamd". Hoe strookt dit met de wettelijke verplichting dat kantoorgebouwen per 1 januari 2023 minimaal energielabel C moeten hebben? Wordt er bij verkoop een uitzondering gemaakt voor deze categorie? De gemeente heeft op dit moment geen kantoorpanden in bezit die niet voldoen aan de energielabelplicht voor kantoorgebouwen. De enkele kantoorgebouwen die niet voldoen, vallen onder de uitzonderingscategorieën (zoals monumenten). Aan- en Verkoop en het Didam-arrest 45. Op basis van het Didam-arrest moet de gemeente bij verkoop een openbare selectieprocedure organiseren. De selectiecriteria moeten "objectief, toetsbaar en redelijk" zijn.

Kan het college een recent voorbeeld geven van een verkoopdossier waarin naast de prijs ook andere maatschappelijke criteria zijn gehanteerd, en hoe deze criteria objectief zijn getoetst en gewogen? In iedere publicatie in het kader van een openbare aanbiedingsprocedure zijn eisenopgesteld. Tevens is aangegeven hoe het team wat de inschrijving beoordeeld is samengesteld. Bij grote aanbiedingsprocedures is tevens een uitgebreid toetsingskader in de publicatie toegevoegd. In een beoordelingsoverleg weegt het team de inschrijving van gegadigden, door de wijze waarop een inschrijver stelt te voldoen aan de eisen te vergelijken, te vergelijken met de vereisten uit de publicatie. Een recent voorbeeld hiervan betreft de uitgifte van het recht van erfpacht met betrekking tot filmtheater aan het Helena van Doeverenplantsoen. De publicatie waarin het voornemen tot de uitgifte van het recht van erfpacht is bekendgemaakt is op Tenderned gepubliceerd. (zie: Openbare verkoopprocedure (uitgifte in erfpacht) Filmtheater De Helena Den Haag)

17/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

46. De nota beschrijft de uitzonderingspositie waarbij mag worden aangenomen dat er slechts "één serieuze gegadigde" is. Hoe vaak heeft de gemeente sinds het Didam-arrest (november 2021) van deze uitzondering gebruikgemaakt en wat was in die gevallen de motivering om geen openbare procedure te starten? Wanneer de gemeente een beroep doet op de uitzonderingsgrond ‘enige serieuze gegadigde’ wordt dit in een publicatie gemotiveerd aan de hand van objectieve, toetsbare en redelijke criteria. Deze publicatie wordt in het Gemeenteblad gepubliceerd. In het bijgevoegde overzicht vindt u de publicaties waarin de gemeente van deze uitzonderingsgrond gebruik heeft gemaakt. Uit het overzicht blijkt dat de gemeente circa 77 keer een beroep heeft gedaan op de uitzonderingsgrond. Voor de motivering van elk beroep op de uitzonderingsgrond verwijzen wij u naar de links in het overzicht (zie hieronder). Deze verwijzen naar de betreffende publicaties in het Gemeenteblad.

2021 Geen publicaties in het Gemeenteblad gepubliceerd. 2022 1.

2.

3.

4.

5.

6.

Voorgenomen vestiging zakelijke rechten door de gemeente Den Haag ten behoeve van OCKJ Beherend Vennoot B.V., NS Vastgoed B.V. en Stedin Netbeheer B.V.. E.e.a. gelegen aan het Koningin Julianaplein te Den Haag (kenmerk DSO/10424702) (Gemeenteblad 2022, 516628 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) Voorgenomen uitgifte in erfpacht van grond door de gemeente Den Haag aan Ontwikkelingscombinatie Vroondaal V.O.F. gelegen in Dames van Vroondaal fase 4 (kenmerk DSO/10401612) (Gemeenteblad 2022, 459821 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) Voorgenomen uitgifte van grond door de gemeente Den Haag aan de Staat der Nederlanden, gelegen aan de Juliana van Stolberglaan 1 / Prinses Beatrixlaan 3 te ’s-Gravenhage (kenmerk DSO/10381631 (Gemeenteblad 2022, 403134 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) Voorgenomen uitgifte in erfpacht van grond door de gemeente Den Haag aan Ontwikkelingscombinatie Vroondaal V.O.F. gelegen in Vroondaal Zuid Ontwikkelveld 10 (kenmerk DSO/10367473) (Gemeenteblad 2022, 370609 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) Voorgenomen uitgifte in erfpacht van grond door de gemeente Den Haag aan Ontwikkelingscombinatie Vroondaal V.O.F. gelegen in Vroondaal Westmadepark (kenmerk DSO/10326524) (Gemeenteblad 2022, 249946 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) Voorgenomen uitgifte in erfpacht van grond door de gemeente Den Haag aan BPD Ontwikkeling B.V.

gelegen in Erasmusveld Midden (kenmerk DSO/10323617) (Gemeenteblad 2022, 248775 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 2023

7.

Bekendmaking van voorgenomen verhuur van het pand gelegen aan de Delftselaan 10-12-14 te ’s-Gravenhage aan Stichting Jeugdwerk Den Haag (Gemeenteblad 2023, 555525 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen)

18/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

8.

Voorgenomen uitgifte in erfpacht van grond door de gemeente Den Haag aan de stichting: WONINGSTICHTING HAAG WONEN, gelegen aan en nabij de WESTERBAENSTRAAT 106/108 te Den Haag (kenmerk DSO/10647699) (Gemeenteblad 2023, 538559 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 9. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van onbebouwde perceel grond aan de Alphons Diepenbrockhof 75 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2023, 521279 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 10. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van onbebouwde perceel grond aan de Haringkade 6 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2023, 521251 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 11. Bekendmaking voorgenomen verkoop snippergroen gelegen aan de Herschelstraat 56 te ‘sGravenhage door de gemeente Den Haag aan bewoner (Gemeenteblad 2023, 513938 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 12. Bekendmaking van voorgenomen verhuur van het dak - met het daarna te vestigen huurafhankelijk recht van opstal - van het Haags Openbaar Vervoer Museum gelegen aan de Parallelweg 224 te ’s-Gravenhage aan de energiecoöperatie Haagse Stroom Coöperatieve vereniging U.A. (Gemeenteblad 2023, 495357 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 13.

Bekendmaking voorgenomen verkoop snippergroen gelegen aan de Seinpoststraat 8 te ‘sGravenhage door de gemeente Den Haag aan bewoner (Gemeenteblad 2023, 459198 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 14. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van onbebouwde perceel grond aan de Badhuisweg 150 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2023, 432059 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 15. Bekendmaking voorgenomen verhuur van het pand gelegen aan de Hoek van Hollandlaan 15 te ’s-Gravenhage aan de Veiligheidsregio Haaglanden (Gemeenteblad 2023, 255761 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 16. Bekendmaking van voorgenomen verhuur van de Noodzetel aan de Schedeldoekshaven 522 te 's-Gravenhage aan de stichting de Noodzetel (Gemeenteblad 2023, 236506 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 17. Bekendmaking voorgenomen verhuur van onbebouwde grond gelegen aan de Wegastraat 0 te ‘sGravenhage door de gemeente Den Haag aan BAM Bouw en Techniek B.V. (kenmerk DSO10524320) (Gemeenteblad 2023, 199835 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 18. Bekendmaking van voorgenomen verhuur leegstaande kinderopvanglocatie aan de Jaap Edenweg 9 aan kinderopvang Olles Huis (Gemeenteblad 2023, 104668 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 2024 19.

Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van onbebouwde perceel grond aan de Frederik Hendriklaan 228C met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 543571 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 20. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van onbebouwde perceel grond aan de Kijkduinsestraat 801met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 537084 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen)

19/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

21. Bekendmaking van het voornemen tot tijdelijke ingebruikgeving van het gebouw gelegen aan het Lange Voorhout 102 te ’s-Gravenhage ten behoeve van Anna Vastgoed Beheer B.V. (Gemeenteblad 2024, 537997 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 22. Bekendmaking van voornemen tot vestiging opstalrecht en oplegging kwalitatieve verplichting ten behoeve van Eneco Warmtenetten B.V. (Gemeenteblad 2024, 486314 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 23. Voorgenomen uitgifte in eigendom van grond door de gemeente Den Haag aan Laan van NOI BV. Deze grond is gelegen aan en nabij de Laan van Nieuw Oost-Indië en de De Carpentierstraat te Den Haag (kenmerk DSO/10805458) (Gemeenteblad 2024, 429527 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 24. Bekendmaking van het voornemen tot verhuur van een perceel grond aan de Statenlaan 38 K met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 420761 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 25. Bekendmaking van het voornemen tot verhuur van een perceel grond aan het Azaleaplein 1K met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 386266 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 26.

Bekendmaking van het voornemen tot verhuur van twee nog te realiseren standplaatsen (ongenummerd) nabij de Madepolderweg 59C te ’s-Gravenhage met het daarna te vestigen huurafhankelijk recht van opstal (Gemeenteblad 2024, 382305 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 27. Bekendmaking van het voornemen tot verhuur van een perceel grond aan de Anna Polakweg 2 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 343593 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 28. Bekendmaking van het voornemen tot ingebruikgeving 2e verdieping van het gebouw gelegen aan het Helena van Doeverenplantsoen 3 te ’s-Gravenhage (Gemeenteblad 2024, 308703 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 29. Bekendmaking van voornemen tot verhuur van percelen grond gelegen aan en nabij de Dintelstraat te ’s-Gravenhage (Gemeenteblad 2024, 308620 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 30. Voorgenomen levering in eigendom door de gemeente Den Haag aan Ontwikkelingscombinatie Vroondaal V.O.F. gelegen in Helden Vroondaal fase 1 (kenmerk DSO/10776072) (Gemeenteblad 2024, 302552 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 31.

Bekendmaking van het voornemen tot verhuring onbebouwd perceel en grond aan de Van Boetzelaerlaan 13E met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 269535 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 32. Bekendmaking van het voornemen tot ingebruikgeving begane grond van het gebouw gelegen aan het Helena van Doeverenplantsoen 3 te ’s-Gravenhage (Gemeenteblad 2024, 268457 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 33. Bekendmaking van het voornemen tot verhuur van bedrijfsruimte aan het Koningin Julianaplein 10 gelegen op het busplatform Den Haag Centraal Station te ’s-Gravenhage (Gemeenteblad 2024, 259125 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 34. Bekendmaking van het voornemen tot ruil van twee percelen grond aan de Beeklaan te ’sGravenhage (Gemeenteblad 2024, 252910 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 35. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring onbebouwd perceel en grond aan het Jonckbloetplein 92 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 247554 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen)

20/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

36. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring onbebouwd perceel en grond aan het Erasmusweg 1161 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 247585 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 37. Voorgenomen economische levering restant percelen Vroondaal Zuid IIB en exporteursbaan ten behoeve van voetpad door de gemeente Den Haag aan de GEM Vroondaal gelegen in Vroondaal Zuid (kenmerk DSO/10734882) (Gemeenteblad 2024, 160562 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 38. Voornemen tot verhuur van de locatie gelegen aan het Lange Voorhout 102 te Den Haag (Gemeenteblad 2024, 157107 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 39. Bekendmaking van het voornemen tot verhuur van onbebouwde perceel grond aan de Badhuisweg 8-F te 's-Gravenhage met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal (Gemeenteblad 2024, 142465 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 40. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van onbebouwde perceel grond aan de Leyweg 299K met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 135237 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 41.

Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van onbebouwde perceel grond aan de Troelstrakade 58 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 108247 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 42. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring onbebouwde perceel en grond aan De Stede 19A met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve de kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 108289 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 43. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring onbebouwde perceel en grond aan De Stede 34 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve de kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 93490 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 44. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring onbebouwde perceel en grond aan het Lorentzplein 6K met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve de kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 93516 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 45. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van een gemeentelijk pand aan de Lauwersstraat 22 in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 93189 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 46.

Bekendmaking van verhuring onbebouwde perceel grond aan de Rijswijkse Waterweg ongenummerd met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een antennemast in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 93443 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 47. Voorgenomen levering in eigendom door de gemeente Den Haag aan Ontwikkelingscombinatie Vroondaal V.O.F. gelegen in Dames van Vroondaal fase 5 Veld D3 (kenmerk DSO/10704349) (Gemeenteblad 2024, 83398 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 48. Bekendmaking van voorgenomen verhuur van panden aan het Hoge Zand 42 en de Prinsegracht 27 te s'-Gravenhage, aan Anna Vastgoed Beheer B.V. (Gemeenteblad 2024, 75499 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 49. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van onbebouwde perceel grond aan de Scheveningseweg 23 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van kiosken in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2024, 71199 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen)

21/24

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10970549

2025 50. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van een perceel grond aan het Soestdijkseplein 8 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2025, 427745 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 51. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van een perceel grond aan de Loevesteinlaan 515 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2025, 427739 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 52. Voorgenomen levering in eigendom door de gemeente Den Haag aan eigenaar van Madepolderweg 19 gelegen in Vroondaal (kenmerk DSO/10949322) (Gemeenteblad 2025, 402622 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 53. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van een perceel grond aan de Erasmusweg 850 met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2025, 399823 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 54. Bekendmaking van het voornemen tot verhuring van een perceel grond aan de Van Boetzelaerlaan 13E met het daarna vestigen van een huurafhankelijk recht van opstal ten behoeve van een kiosk in de gemeente Den Haag (Gemeenteblad 2025, 399792 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen) 55.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16290658/1