CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323942 GRIP-rapportage Q2 2025

Algemene Raadscommissie 17 juni 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Grondbeleid (paragraaf 3.8)2.179 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

DSO/10963381 RIS323942 Contactpersoon

Aan de gemeenteraad

Randa Alic Dienst

Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling

DSO Projecten Datum

Telefoonnummer

2 december 2025

14070 E-mailadres

randa.alic@denhaag.nl

Onderwerp

GRIP-rapportage Q2 2025

Geachte voorzitter, Hierbij ontvangt u de GRIP-rapportage Q2 2025. De afgelopen jaren is de raad met enige regelmaat geïnformeerd over ontwikkelingen met betrekking tot het verder professionaliseren van projectbeheersing en de rapportage naar de raad over de zogenoemde GRIP-projecten. De GRIPrapportage betreft een overzicht per project op de zogenoemde GROTIK+M projectbeheersingaspecten (geld, risico’s, organisatie, tijd, informatie, kwaliteit en maatschappelijke effecten) en informeert de raad twee keer per jaar over de voortgang van de projecten (Q2 en Q4). De GRIP-rapportage Q2 2025 is gebaseerd op informatie zoals die bekend was tot en met 30 juni 2025. De hele projectenportefeuille van het fysieke domein is langs een aantal selectiecriteria gelegd, die samen 12 kenmerken vertegenwoordigen (zie RIS309058 voor de totstandkoming van de 12 kenmerken van de selectiecriteria). Alle projecten met een score van 9 of hoger op de kenmerkenlijst zijn meegenomen in de GRIP-rapportage. In deze rapportage wordt er daarmee over 9 projecten gerapporteerd. De selectiecriteria worden initieel bij de startbeslissing voor de eerste keer aan een project toegewezen, ook als deze in de verkennings- of initiatiefase verkeert. Hierdoor kan het aantal GRIP-projecten per jaar wisselen en dit laat zich onder andere verklaren door het afronden en opleveren en het toevoegen van nieuwe projecten.

Als de lijst met GRIP-projecten wijzigt, wordt dit aan de raad toegelicht in de eerstvolgende rapportage. Volledigheidshalve zijn hieronder de GRIP-projecten 2025 vermeld. GRIP-projecten 2025: 1. Haagpoortvliet The Grace (Laakpoort) 2. Grotiusplaats Overkluizing 3. Waldorpstraat HS Kwartier 4. GAVI 1a : HTM Tramremise Guldenlaan 5. NvU Gebiedsontwikkeling HS/Laakhavens 6. Middenboulevard Scheveningen Fase 1 7. Hildebrandplein 8. INTHR-tramlijnen 6 en 12

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10963381

9.

Dreven, Gaarden, Zichten fase 1

De projecten Binnenhof, Colijnplein en Schedeldoekhaven maken o.b.v. de nieuwe scores niet langer deel meer uit van de GRIP. Nieuwe projecten in de GRIP-rapportage 1. INTHR, Vernieuwing tramlijnen - Den Haag lijn 6 en lijn 12 INTHR is een programma, waarbij in enkele jaren verschillende tramlijnen (1, 16, 12, 6) geschikt gemaakt worden voor de nieuwe trams. Hierbij wordt waar nodig een herontwerp van de infrastructuur en omgeving gemaakt. De verschillende en soms tegenstrijdige belangen (OV, milieu, auto, leefbaarheid, ondernemingen) hierbij zijn groot, maar er is onvoldoende ruimte in de stad om aan alle belangen en wensen te voldoen. Dit heeft gevolgen voor de totstandkoming van het VO. 2. Hildebrandplein Het project kent een hoge mate van complexiteit, zowel in de voorbereidingsfase, als in de realisatiefase. Het vastgestelde schetsontwerp bevat een aantal aandachtpunten dat nader uitgewerkt wordt in een voorlopig ontwerp (VO). Zo bevindt zich in de ondergrond een 125 KV-voedingskabel die verlegd moet worden en behoeft de ruimtelijke inpasbaarheid van de oplossing uit de schetsontwerpfase nadere uitwerking. Ook mag de oplossing voor een goede en veilige infrastructuur voor voertuigen, fietsers, voetgangers en openbaar vervoer op het Hildebrandplein geen nadelige effecten hebben op het omliggend wegennet.

De realisatiefase is ook complex en vraagt aanzienlijk ruimtegebruik en een doordachte bouwfasering. De realisatiefase vraagt ook goede afstemming over bouwverkeer en omleidingsroutes om delen van Den Haag bereikbaar te houden en overlast voor de omgeving te beperken. Hier zal extra aandacht aan worden besteed. Bij de nadere uitwerking van het ontwerp richting VO, zal inzichtelijk worden welk budget benodigd is. De verwachte kosten liggen hoger dan het geprognotiseerde budget bij het SO van 25 miljoen euro. 3. GAVI 1a. HTM Tramremise en Guldenlaan De rood-beige ‘GTL8’-trams van HTM naderen het einde van hun levensduur en worden vervangen door nieuwe ‘lagevloertrams’. Hiervoor is uitbreiding van remise- of stallingsplekken noodzakelijk. De nieuwe trams moeten in 2027 operationeel zijn. De aanbesteding van de trams is gegund. Op 21 april 2022 is de concept-nota van uitgangspunten voor de realisatie van een tramremise Ypenburg op een deel van de GAVI-kavel (fase 1a) door de raad vastgesteld (RIS311712, RIS312403). Het voorlopig ontwerp van de remise en het schetsontwerp voor de openbare inrichting zijn inmiddels uitgewerkt. De planning binnen dit project luistert zeer nauw en vormt daarmee het voornaamste risico.

Project Dreven Gaarden Zichten Onder verwijzing naar de brief van Rekeningencommissie aan de commissie Ruimte van 15 mei 2025 (RC/2025.28), is het voorstel GREX-projecten in de toekomst niet langer onderdeel uit te laten maken van de GRIP-rapportage. Over GREX-projecten wordt gedurende het jaar in het MPG en bij de begroting gerapporteerd. Daarnaast wordt er in sommige gevallen ook via (aparte) voortgangsrapportages gerapporteerd over de projecten/gebieden (Voortgangsrapportage Grondexploitaties) en bij wijzigingen in scope. Project Dreven Gaarden Zichten wordt na 2025 opgenomen in de Voortgangsrapportage Grondexploitatie en zal daarom dan niet meer behoren tot de GRIP-projecten.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10963381

Programma Modernisering Bedrijfsvoering Systemen Het programma Modernisering Bedrijfsvoering Systemen (MBS) richt zich op het vervangen van bestaande bedrijfsvoering systemen (Oracle EBS en ADP-salarisadministratie) door een SaaSoplossing (Software as a Service). In de Rekeningencommissie van 11 juni 2025 (RIS322616) is de afspraak gemaakt om dit programma langs de toetsingscriteria van de GRIP-systematiek te leggen, om aan de hand daarvan te bepalen of programma MBS opgenomen kan worden in de GRIP-rapportage. Daarbij is tevens afgesproken de uitkomsten te delen samen met GRIP-rapportage Q2 2025. Door eventuele opname in de GRIP-rapportage (naast de reguliere Planning- en Control cyclus), hoopt de Rekeningencommissie op meer inzicht en adequaat toezicht op de financiële voortgang en de financiering van het programma. Op 4 september 2025 heeft de wethouder van Onderwijs, Jeugd, Sport en Dienstverlening de Rekeningencommissie geïnformeerd over de toepassing van de GRIPtoetsingscriteria op programma MBS. De conclusie is dat programma MBS aan drie (hooguit vier) van de twaalf criteria voldoet. Volgens de regels van de GRIP-systematiek komt een project pas bij een score van negen of hoger in aanmerking voor opname in de GRIP-rapportage. Daarom is de conclusie dat programma MBS niet als GRIP-project gekwalificeerd kan worden. (RIS323104).

Voor de uitleg van de criteria en de beoordeling GROTK+M-aspecten, verwijzen wij naar bijlage 1 ‘Uitleg criteria en beoordeling GROTIK-M-aspecten’. Wijzigingen in GROTIK+M ten opzichte van GRIP Q4 2024 In vergelijking met de GRIP-rapportage Q4 2024, is te zien dat één project van geel naar rood is veranderd, één project van groen naar geel en één project van rood naar geel. De overige projecten blijven ongewijzigd op totaalscore of zijn voor de eerste keer in de rapportage opgenomen. De score per aspect kunnen wel per project verschillen ten opzichte van Q4 2024. Hieronder wordt een toelichting gegeven op de GRIP-projecten die in Q2 2025 anders scoren dan in GRIP Q4 2024: 1. NvU Gebiedsontwikkeling Laakhavens (van geel naar rood) Door onvoldoende dekking als gevolg van de complexiteit van het project, vindt er over 2025 en 2026 een fasering plaats. Het afronden van de kaderstellende documenten kost veel tijd. Ook omdat er commitment van marktpartijen nodig is voor de uiteindelijke realisatie van de woningen. Dit heeft gevolgen voor totaalplanning van de ontwikkeling. De woningbouwprojecten zijn afhankelijk van de aanleg van twee ringtracés voor de middenspanning i.v.m. de stroomcapaciteit. Met name in Laakhaven Centraal kan dit tot vertraging leiden.

Daarnaast wordt een TAM Omgevingsplan (Tijdelijke Alternatieve Maatregel) voor Laakhaven Centraal opgesteld die voor eind van het jaar ter inzage moet worden gelegd. Het niet halen van deze deadline heeft consequenties voor planning van de verdere ontwikkeling en realisatie van Laakhaven Centraal. 2. Middenboulevard Scheveningen Fase 1 (van rood naar geel) In het afgelopen jaar is veel tijd en aandacht besteed aan het beheersen en volgen van het risicoprofiel. Het risicoprofiel kan in Q3 worden verlaagd omdat een aantal voorziene risico's zich daadwerkelijk heeft voorgedaan met de daarbij horende financiële impact (handhaven bouwbrug, verrekenbare hoeveelheden, effect van vertragingskosten, werkzaamheden Stedin en meerwerk). Budgettair heeft er een verschuiving plaatsgevonden van de risicoreservering naar het bouwkostenbudget. Er is een (aanvullend) dekkingsvoorstel opgenomen in de (concept) programmabegroting 2026-2029 (RIS323103). In het project is geen rekening gehouden met de nadeelcompensatie. Er lopen momenteel aanvragen voor nadeelcompensatie op de Scheveningse Middenboulevard. Eerder zijn hierover schriftelijke vragen gesteld en beantwoord (RIS323022).

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10963381

3. Grotiusplaats Overkluizing (van groen naar geel) De raad heeft op 11 juli 2024 ingestemd met het raadsvoorstel Overkluizing Grotiusplaats (RIS319104). In september 2024 is de aanbesteding gestart. Aanvankelijk hebben zes partijen zich aangemeld voor de aanbestedingsprocedure. Een aantal partijen hebben zich lopende de procedure teruggetrokken. De inschrijving is inmiddels gesloten en beoordeling vindt nu plaats. Analyse van GRIP-scores (2021 – 2024) In de Rekeningencommissie van 9 april 2025 (RIS322058) werd een analyse aangekondigd van GRIPscores van de afgelopen jaren. De focus hierbij ligt met name op verschuivingen in GROTIK+Maspecten Geld en Tijd. De GRIP-rapportage is een van de instrumenten voor de raad om haar controlerende taak uit te voeren. Het doel van de GRIP-rapportage is om inzicht te geven in de voortgang en (mate van) beheersing van grote projecten (GAD.2021.06). Om dit doel beter te kunnen dienen, is de opzet van rapportage in de afgelopen jaren steeds aangepast en verbeterd. Wij hebben GRIP-rapportages die over de jaren 2021 tot en met 2024 zijn opgesteld naast elkaar gelegd, om een beeld te vormen van factoren die als oorzaken van verschuivingen van zogenaamde stoplicht kleuren (GROTIK-Maspecten) aangemerkt kunnen worden. Verschuivingen in Tijd Vertragingen in onze projecten ontstaan door uiteenlopende interne en externe factoren.

Zo ontstond in 2021 vertraging in project Haagpoortvliet The Grace, doordat de afhandeling van de Waboprocedure (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) langer duurde dan aanvankelijk verwacht. In 2023 werd project DKG Middenboulevard tijdelijk stilgelegd door een uitspraak van de Hoge Raad inzake stikstof. Verschuivingen in aspect Geld In 2023 hadden projecten te maken met prijsstijgingen, zowel in de sfeer van apparaats- en programmakosten. Dit was onder andere het geval bij project Grotiusplaats Overkluizing. Bij project DKG Middenboulevard zorgde dit voor druk op het beschikbare budget. In 2023 werd project Colijnplein opgenomen in de GRIP-rapportage. Door wijzigingen in het plan en vertraging in het proces ontstonden er knelpunten in de personele bezetting. Daarnaast heeft er een zwaardere toetsing van het buitenruimteplan plaatsgevonden waar extra kosten en uren voor zijn gemaakt. Het nemen van beheersmaatregelen Verschuivingen in projecten zijn niet altijd negatief. Positieve effecten kunnen resultaat zijn van genomen beheersmaatregelen. In 2024 veranderde de kleur van aspect van Geld voor project Grotiusplaats Overkluizing van rood naar geel, doordat het ontstane tekort gedekt kon worden door vrijgekomen middelen uit project OKZ (RIS31910). Bij project Binnenhof werd actief omgevingsmanagement ingezet om zorgen en ontevredenheid vanuit de omgeving te verlagen.

Veranderingen en onvoorziene risico’s die optreden en gevolgen in projecten zijn vaak met elkaar verbonden, maar kwamen in de periode 2021 tot en met 2024 in de GRIP-rapportages het vaakst tot uiting in GROTIK-M-aspecten Geld en Tijd. In 2024 deed de Gemeentelijke Accountants Dienst (GAD) onderzoek naar motivatie van begrotingswijzigingen. In het naar aanleiding van dat onderzoek opgestelde rapport (RIS320218), trok ook de GAD de conclusie dat de belangrijkste oorzaken van onvoorziene wijzigingen in budgetten gevolg zijn van prijsstijgingen en inflatie, veroorzaakt door onder andere de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne. Langere doorlooptijden van projecten leiden veelal tot forser dan op voorhand ingecalculeerde, prijsstijgingen en inflatie.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10963381

Dit beeld is ook zichtbaar in de doorkijk naar de GRIP-projecten over de afgelopen jaren. De combinatie van tijd én geld leidt tot de meeste wijzigingen de status van de projecten. Soms heeft vertraging tot ‘voordeel’ dat via Werk met Werk noodzakelijke ingrepen tegelijkertijd kunnen worden uitgevoerd. Ook leiden aspecten in de zin van tijd en geld tot scope uitbreidingen die uiteindelijk voor de stad beter zijn. De verwachting is dat de ook in komende jaren de combinatie van tijd en geld zal leiden tot wijzigingen van kleuren in de GRIP-rapportages. Derhalve is de verwachting dat het beeld vanuit de jaren 2021 – 2024 niet (veel) zal wijzigen. Tenslotte is natuurlijk de vraag of wij, binnen de scope van de gemeentelijke invloed, wijzigingen en dan met name in negatieve zin kunnen voorkomen. Zeker niet altijd maar door een strakkere projectsturing, nauwkeuriger interne besluitvorming, w.o. allocatie van mensen en middelen en in bestuurlijke zin anticiperen op besluitvorming door de raad, kan wel degelijk in positieve zin op een aantal aspecten worden gestuurd. De Haagse Standaard Projectmatig Werken alsmede en het doornemen van projecten tijdens kwartaalgesprekken zijn elementen in het verscherpen van de sturing op projecten.

Wij hopen u met deze GRIP-rapportage voldoende te hebben geïnformeerd en een overzichtelijk beeld te hebben geven van de grote projecten binnen het fysiek domein. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16319641/1