RIS323907 Toegankelijkheid kraamzorg moet in iedere Haagse wijk zijn geborgd
Tekst van het document
GEMEENTERAAD RIS-nummer: 323907 Schriftelijke vragen: Toegankelijkheid kraamzorg moet in iedere Haagse wijk zijn geborgd. Indieners: Caroline Verduin (D66 Den Haag) en Janneke Holman (PvdA) Datum: 14 November 2025 Aan de voorzitter van de gemeenteraad, Naar aanleiding van het NOS-artikel ‘Niet meer overal kraamzorg: organisaties mijden sommige wijken’ (11 november 2025), waarin wordt beschreven dat kraamzorgorganisaties in delen van Nederland bepaalde wijken mijden, maakt de fractie van D66 Den Haag zich zorgen over de mogelijke gevolgen voor gelijke toegang tot kraamzorg in onze stad. Kraamzorg is een essentieel onderdeel van een gezonde start voor moeder en kind. Den Haag kent wijken met uiteenlopende sociaaleconomische omstandigheden en bevolkingssamenstellingen, waardoor het risico bestaat dat ongelijkheid in de kraamzorg zich juist hier manifesteert. Overeenkomstig artikel 32 van het Reglement van orde stellen Caroline Verduin (D66 Den Haag) en Janneke Holman (PvdA) de volgende vragen: 1. Is het college op de hoogte van de signalen dat kraamzorgorganisaties in delen van Nederland wijken mijden, onder meer vanwege taalbarrières, hogere zorgbehoefte of logistieke uitdagingen? 2.
Heeft het college inzicht in de beschikbaarheid van kraamzorg in Den Haag? Zo ja, worden er binnen Den Haag wijken of postcodegebieden gemeden door kraamzorgaanbieders? Welke wijken betreft dit en wat zijn de oorzaken? 3. Zijn er signalen vanuit het Haags Verloskundig Samenwerkingsverband (VSV), de GGD of kraamzorgorganisaties dat Haagse vrouwen moeilijker toegang hebben tot kraamzorg of minder uren ontvangen dan geadviseerd? 4. Hoe wordt binnen Den Haag samengewerkt tussen gemeente, zorgverzekeraars, kraamzorgorganisaties en verloskundigen om de geboortezorgketen toegankelijk te houden? 5. Welke rol ziet het college voor zichzelf om te voorkomen dat ongelijkheid in kraamzorg toeneemt in kwetsbare wijken, bijvoorbeeld via preventie of gerichte ondersteuning? 6. Kan het college inzicht geven in de mate van wachttijd of uitval bij kraamzorgaanbieders in Den Haag (bijvoorbeeld gezinnen die niet direct een kraamzorgbureau toegewezen krijgen)?
- Zo ja, wat zijn de oorzaken? - Zo nee, is het college bereid om deze data te verzamelen en met de raad te delen? 7. Zijn er gemeentelijke initiatieven of samenwerkingen die kraamzorgaanbieders stimuleren om actief te blijven in wijken met een hogere zorgbehoefte, taaldiversiteit of logistieke uitdagingen? 8. In hoeverre is het college bereid om samen met zorgverzekeraars, kraamzorgaanbieders en de GGD te onderzoeken of de dekking van kraamzorg binnen Den Haag voldoende is. Zo ja, binnen welke termijn verwacht het college hier de raad over te informeren? Caroline Verduin
Janneke Holman
D66
PvdA
nos.nl/nieuwsuur/artikel/2590007-niet-meer-overal-in-nederland-gegarandeerdekraamzorg
Niet meer overal in Nederland gegarandeerde kraamzorg De landelijke dekking van kraamzorg staat onder druk. En dat terwijl vrouwen recht hebben op minimaal 24 uur kraamzorg. Voornaamste oorzaak is dat sommige grote zorgorganisaties stoppen in bepaalde gebieden, met name in sociaaleconomische achterstandswijken. In de stad Utrecht zijn nog maar een paar kraamzorgorganisaties actief. Terwijl net buiten de stad veel meer keuze is. Gevolg: lange wachtlijsten en in sommige gevallen zelfs helemaal geen kraamzorg. Maar Utrecht is niet de enige stad die last heeft van dit zogenoemde 'cherry picking' door kraamzorgorganisaties, zo blijkt uit een rondvraag van Nieuwsuur. Je ziet dat de marktwerking hier echt geen goeds brengt. Wethouder Eerenberg Koen Jansen van Bo, de brancheorganisatie van geboortezorg, erkent dat sommige leden besluiten in bepaalde postcodes geen zorg te bieden. Het is aan de zorgverzekeraar om daar iets aan te doen, zegt hij. Ook zorgverzekeraar Zilveren Kruis herkent het probleem, maar kan kraamzorgorganisaties niet verplichten om in alle postcode-gebieden in hun regio zorg te verlenen. De Inspectie van Gezondheidszorg komt vandaag met een publicatie waaruit blijkt dat kwetsbare gezinnen minder kraamzorg krijgen. Dit komt volgens hen onder meer omdat zij later kraamzorg aanvragen.
"Wij zien dat kraamzorgverleners bepaalde postcodegebieden uitsluiten, daar niet willen werken om wat voor reden dan ook", zegt Janet Helder, hoofdinspecteur bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. "Dat zijn vaak postcodegebieden waar meer mensen in een kwetsbare situatie wonen."
Hoe groot dit probleem is, daar heeft de inspectie geen onderzoek naar gedaan. Dit willen ze naar aanleiding van de vragen van Nieuwsuur wel gaan doen.
'Moeilijke wijken' Eén gemeente, Utrecht, bracht de problemen wel in kaart. Daaruit blijkt vooral een tekort in twee wijken: Kanaleneiland en Overvecht. Juist daar wonen gezinnen in kwetsbare situaties. "Waar relatief veel zorg nodig is, is er juist minder kraamzorg. Dat komt door cherry picking van kraamzorgorganisaties", zegt Eelco Eerenberg, wethouder Volksgezondheid. Zorgbureaus willen hun personeel niet dwingen om naar 'moeilijke wijken' te gaan uit angst voor meer verzuim, zegt Bo-directeur Jansen. Hij vindt dat marktwerking de sector in de weg zit. "Het is een ongelijk speelveld van partijen die wel en niet die lastige postcodes doen."
Rendement Gwendolyn van Strien werkt in Kanaleneiland en Overvecht als verloskundige. "We moeten nu ook vaak meer basisdingen vertellen: hoe maak je het flesje, hoe werkt borstvoeden. Maar ook de kraamcontroles en medische controle van de moeder worden niet gedaan." In haar ervaring vragen gezinnen in achterstandswijken meer tijd van de kraamverzorgenden. "Als er taalbarrières zijn, moet je een tolktelefoon gebruiken. Dan ben ik twee keer zoveel tijd kwijt als bij een regulier consult." Het tekort in Utrecht is ontstaan toen twee grote partijen zich uit de stad terugtrokken, zo'n drie jaar geleden. Wethouder Eerenberg vermoedt dat de twee bureaus, die zijn overgenomen door private equityinvesteerders, er te weinig winst konden maken. "Je ziet dat de marktwerking hier echt geen goeds brengt, want het zorgt ervoor dat bureaus kijen naar plekken waar je met het minste werk het meeste rendement haalt. Misschien moeten we kraamverzorgenden beter betalen als zij werken in een gezin waar ook meer te doen is?" Verloskundige Van Strien: "Iedereen heeft recht op goede medische zorg, daar zou geen commerciële afweging achter mogen zitten. We
weten dat goede kraamzorg een enorm effect heeft op de lange termijn." Eerste 1000 dagen van een kind Utrecht houdt via een dashboard bij hoe het de eerste duizend dagen gaat met de gezondheid van Utrechtse kinderen en hun gezinnen. De cijfers laten zien dat de zuigelingensterfte in twee wijken in Utrecht hoger ligt: Kanaleneiland en Overvecht. Niet een-op-een toe te schrijven aan een tekort aan kraamzorg, maar het laat volgens de gemeente wel zien hoe groot het belang is dat er juist in die wijken kraamzorg is. Bo-directeur Jansen denkt dat kraamzorgbureaus stadsdelen mijden vanwege reistijd of parkeerproblemen. Ook willen sommige gezinnen zelf geen kraamverzorgenden: of vanwege de eigen bijdrage van 5,40 euro per uur, of ze lossen de zorg voor een pasgeboren kind liever binnen de familie op. Een onwenselijke ontwikkeling: uit onderzoek blijkt dat kinderen zonder kraamzorg eerder te maken krijgen met medische problemen.
Personeelstekort Naviva Kraamzorg, één van de bureaus in Utrecht die is overgenomen door een investeerder, zegt dat het bedrijf kampt met een personeelstekort in de regio Utrecht. "Jarenlang heeft Naviva kunnen uitrijden vanuit omliggende regio's om de cliënten in Utrecht te kunnen voorzien van kraamzorg. Dit is onhoudbaar geworden", aldus een woordvoerder. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), die zorgaanbieders en zorgverzekeraars controleert, zegt dat zorgverzekeraars met de zorgaanbieders in de regio op zoek moeten gaan naar oplossingen. NZa deed onderzoek naar het probleem. Daarin kwam ook het afstoten van postcodewerkgebieden door zorgaanbieders aan de orde. "In Nederland kunnen we kraamzorgaanbieders niet verplichten om zorg te blijven leveren in een bepaald gebied. Wel kunnen zorgverzekeraars hen stimuleren of verleiden om dat te blijven doen, bijvoorbeeld door hen meer te belonen."