RIS323769 Discussienota GroenLInks Haags vocht- en schimmeloffensief
Tekst van het document
RIS323769
Vocht en schimmel: feiten & cijfers •
In hadden 2024 van alle sociale huurwoningen in Den Haag 24.400 vocht en schimmel1. Dat komt neer op bijna 3 op de 10 sociale huurwoningen
•
In 86% van de gevallen van vocht en schimmel geheel of deels door installatietechnische oorzaken2
•
Mensen met longaandoeningen zoals COPD, Astma en Longkanker zijn extra gevoelig voor de gevolgen van vocht en schimmel
•
In het centrum heeft woningcorporatie Hof Wonen geen enkele woning die geschikt is voor bewoners met zware vormen van astma
•
De armste 20% in Nederland heeft 24 jaar minder gezonde levensjaren dan de rijkste 20%3. Vocht en schimmel draagt daaraan bij
•
Op basis van het huidige budget kan de Haagse vocht & schimmelexpert, die bindende adviezen geeft over het aanpakken van schimmel, 90 woningen per jaar checken4
•
Momenteel worden maar 2% van de meldingen bij woningcorporaties doorgezet naar een onafhankelijke deskundige.
•
Op dit moment is er geen jaarlijkse monitor van schimmel in Den Haag en is er geen overzicht van het effect van de schimmelaanpak van corporaties.
https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2025/04/10/kernpublicatiewoon-24/Tussen+wensen+en+wonen+Resultaten+van+het+WoonONderzoek+Nederland+2024.pdf Zie evaluatie vocht- en schimmelexpert 2020-2024 (RIS319349) 3 https://www.ser.nl/nl/Publicaties/sociaal-economische-gezondheidsverschillen 4 Bron: RIS323461 Beantwoording technische vragen programmabegroting 2026-2029 (Vraag 242) 1
2
Aanleiding Zo’n 24.400 van de Haagse sociale huurwoningen bevat vocht en/of schimmel. Het overgrote aandeel hiervan komt, onder andere, door de fysieke staat van de woning. Dit is een groot onrecht richting bewoners: het is onacceptabel dat huurders ziek worden van hun eigen woning. Schimmel is niet alleen een woonprobleem: het vergroot ook de gezondheidskloof tussen arme en rijke inwoners van Den Haag. Een gezonde woning is zo bovendien beste vorm van gezondheidspreventie: we geven als gemeente terecht veel geld uit om mensen voor te lichten over een gezonde levensstijl, maar als ze vervolgens ziek worden van hun eigen huis heeft dit weing zin. In de huidige Haagse aanpak tegen vocht en schimmel staat de vocht- en schimmelexpert centraal. Deze geeft bindende adviezen die corporaties moeten opvolgen. In theorie klinkt dat goed, maar de praktijk blijkt weerbarstiger. Uit de ervaringen van veel huurders blijkt dat corporaties de schuldvraag van vocht- en schimmelproblematiek vaak onterecht bij huurders neerlegt, en dat de onafhankelijke expert niet vaak in actie komt. Op basis van die huurderservaringen, eerdere evaluaties, de vaak ondoorgrondelijke werkwijze van woningcorporaties en de grote schaal van het probleem is GroenLinks ervan overtuigd dat het anders moet. De huidige aanpak moet slagkrachtiger, grootschaliger en meer gefocust op fysieke problemen in de woning.
Daarom stellen we een andere aanpak voor. Hieronder staat een samenvatting van onze aanpak, in het vervolg van het document is een verdieping hierop te vinden. Probleem
Toelichting
Maatregelen
Aanpak is niet
Elke woningcorporatie heeft nu een andere
Eén gezamenlijke aanpak van
transparant
aanpak. Het is vaak een blinde vlek wat zij
woningcorporaties, inclusief
doen.
dienstverleningsstandaard met wat huurders wel en niet kunnen verwachten
Daarmee is het onduidelijk waar bewoners recht op hebben, wat wel en wat niet
Standaard schriftelijk terugkoppelen, voor
werkt, en waar het probleem zich nou
een betere rechtsbescherming van huurders
precies afspeelt. Alle meldingen worden centraal verzameld, zodat er een jaarlijkse monitor komt en de problemen via een Haagse schimmelkaart in beeld komen
Meldingsbereidheid aanjagen, zodat de problemen beter in kaart komen
Aanpak is te
Naar schatting heeft Den Haag 24.400
Meer capaciteit voor de onafhankelijke
kleinschalig
schimmelwoningen. Op basis van de
schimmelexpert
huidige capaciteit van de onafhankelijke
expert kunnen die woningen pas in het jaar 2296 allemaal technisch gekeurd worden.
Ook collectief aanpakken
Problemen worden
Vaak krijgen huurders onterecht zelf de
Standaard eerst een fysieke keuring van de
afgeschoven op
schuld van de schimmelproblematiek,
woning, dan pas kijken naar
huurders
terwijl hier achteraf toch fysieke oorzaken
bewonersgedrag
in de woning achter blijken te zitten. Als de corporatie niet binnen drie weken Er lijkt een financiële prikkel te zijn voor
iemand voor de technische keuring kan
corporaties om op bewoners af te schuiven,
langs sturen, gaat het automatisch naar de
te ontmoedigen of symptoommaatregelen te nemen.
onafhankelijk expert
Bewoners kunnen vanaf het begin al de onafhankelijke expert aanvragen
Aanpak is te
Nu moet elke bewoner individueel melden
Complexen met veel meldingen worden
individualistisch
(en de strijd aangaan) terwijl problemen
gezamenlijk aangepakt
vaak breder in complexen spelen en buren tegen hetzelfde aanlopen. Op basis van de Haagse schimmelkaart worden jaarlijks bij de prestatieafspraken Daarmee is de aanpak geïndividualiseerd
complexen geïdentificeerd die met prioriteit
en wordt de aanpak ook minder efficiënt.
worden aangepakt
Toelichting: onze probleemanalyse Het probleem is groot en de aanpak (te) klein Te veel huurders worden ziek van hun eigen woning. Volgens recent onderzoek van Woon hebben 29% van de sociale huurders last van vocht en schimmel in hun huis. Omgerekend naar de Haagse situatie komt dat neer op zo’n 24.400 woningen (al zou dat met het oog op de slechte financiële posities van corporaties en de gevolgen daarvan voor onderhoud, ook hoger kunnen liggen). Mensen met longaandoeningen als astma en COPD zijn extra gevoelig voor de gevolgen van vocht en schimmel. Het kan onder andere leiden tot hoofdpijn, benauwdheid en longontstekingen. Zeker bij allergieën en langdurige blootstelling zijn de gezondheidsgevolgen groot. Den Haag werkt nu met de vocht- en schimmelexpert. Dit is een deskundige, deels gefinancierd door de corporaties en deels door de gemeente. De expert kan huizen van bewoners met schimmel
checken en een bindend advies geven aan de woningcorporatie: dit advies moet dus worden opgevolgd. Het probleem is echter: volgens ons huidige budget kan de vocht- en schimmelexpert 90 woningen per jaar onderzoeken. Een schamele 0,4% van het totale aantal schimmelwoningen dus. Ervan uitgaande dat er geen schimmelwoningen bij komen betekent dit dat pas over 271 jaar, in het jaar 2296 dus, alle schimmelwoningen in Den Haag gecheckt kunnen zijn. Huidige aanpak geeft bewoners vaak onterecht de schuld De oorzaak van schimmel kan met bewonersgedrag te maken hebben. Toch weten we ook uit eerdere onderzoeken dat de oorzaken bijna altijd volledig of deels door de fysieke staat van de woning komt. Zo is 86% van de vocht- en schimmelgevallen in een eerdere evaluatie door installatietechnische problemen te komen, en zat in 75% van de gevallen (ook) een bouwkundige oorzaak achter. Toch is de huidige aanpak grotendeels gericht op voorlichting en te weinig op het onafhankelijk keuren- en het aanpakken van de woningen.
Corporatie wijst vaak naar huurder Bewoners mogen in de huidige werkwijze pas een beroep doen op de vocht- en schimmelexpert wanneer zij eerst een melding hebben gedaan bij de corporatie. Woningcorporaties, zo weten we uit veel praktijkvoorbeelden, hebben echter regelmatig de neiging om problemen te bagatelliseren of de oorzaak van problemen relatief vaak bij huurders neer te leggen. Het aanpassen van gedrag is immers gratis, het aanpakken van bouwkundige- of ventilatieproblemen kost geld. De corporatie is bovendien poortwachter voor de onafhankelijke check en moet er dan ook nog aan meebetalen. In combinatie met financiële positie van de Haagse woningcorporaties is de financiële prikkel om op huurders af te schuiven en om aan goedkopere symptoombestrijding te doen, reeël.
Geen gezamenlijke standaard voor dienstverlening Er is geen gezamenlijke aanpak van corporaties. Daarmee is het proces voor elke verhuurder anders en is het voor huurders vaak onduidelijk welke hulp zij kunnen verwachten. In de praktijk is de dienstverlening vaak niet op peil. Het is onduidelijk wat er met meldingen gebeurd: vaak wordt er niet teruggekoppeld. Ook is bij veel huurders niet bekend dat er ook een onafhankelijke expert is waar zij uiteindelijk een beroep op kunnen doen.
GGD doet alleen maar aan voorlichting Ook de rest van de aanpak is vrij eenzijdig gericht op voorlichting. De GGD richt zich middels deze voorlichting enkel op de huurder als veroorzaker van vocht en schimmel. Uit een rapportage van Den Haag Centraal blijkt dat dit een trendbreuk is ten opzichte van de situatie van een aantal jaren geleden: in het verleden spande de GGD regelmatig samen met huurders juridische zaken aan als problemen niet werden opgepakt. Nu komt dat niet meer voor. Als er ook technische problemen achter de schimmel zitten, heeft enkel voorlichten van huurders geen enkele zin. Huidige aanpak is gefragmenteerd, niet transparant en te geïndividualiseerd
Haagse schimmelproblematiek is nu één grote blinde vlek Bijna 9 op de 10 vocht- en schimmelprobemen worden niet door gedrag van bewoners, maar
(deels of volledig) door de staat van de woning veroorzaakt. De vraag is dan hoe zinvol het is om zo sterk te focussen op individueel gedrag van huurders. Dat kan er deels mee te maken hebben dat we geen overkoepelend beeld hebben van de problematiek. Daarmee blijft het een blinde vlek. De meldingen bij corporaties worden niet overkoepelend in beeld gebracht. Sterker nog: er is überhaupt geen sprake van een gedeelde aanpak, omdat iedere corporatie zijn eigen werkwijze heeft. Er is geen jaarlijkse schimmelmonitor, terwijl de GGD op allerlei andere gezondheidsterreinen wel structureel monitort. Daarom hebben is er simpelweg geen overzicht van de spreiding van schimmel voer complexen en is gerichte aanpak niet mogelijk.
Er is geen schimmelaanpak op complexniveau Op dit moment pakken we in Den Haag vocht en schimmel alleen aan op basis van individuele gevallen, met een grote mate van zelfregulering van woningcorporaties. Dat kan anders. Als op stad- en complexniveau in beeld gebracht wordt welke complexen relatief veel schimmelwoningen hebben - in Amsterdam registreert men bijvoorbeeld in welke complexen minstens 10% van de woningen een schimmelmelding heeft – kan dit ook gericht aangepakt worden. Dit kan jaarlijks worden vastgelegd in de prestatieafspraken. Dat scheelt veel gedoe voor bewoners, omdat zij dan niet allemaal individueel de strijd aan hoeven gaan; het scheelt uiteindelijk ook kosten voor de corporaties, omdat zij meerdere woningen tegelijkertijd kunnen aanpakken in plaats van steeds individueel een aannemer in te moeten huren.
Vocht- en schimmeloffensief: onze maatregelen Het goede nieuws: een andere aanpak is mogelijk. We kunnen als Den Haag opschalen, de aanpak transparanter maken, complexen gerichter aanpakken en de focus verleggen naar de fysieke staat van de woning. GroenLinks stelt de volgende maatregelen voor. Eén werkwijze voor alle woningcorporaties We maken met woningcorporaties en in samenspraak met huurdersorganisaties afspraken over een gezamenlijke norm voor de aanpak van schimmel en die maken we transparant voor bewoners. Zo weten huurders wat zij kunnen verwachten, waar zij recht op hebben en gaan we willekeur tussen corporaties tegen. Dit betekent ook dat er één dienstverleningsstandaard komt. Met één vast meldingsformulier, en meer rechtsbescherming door alle meldingen op papier te registreren, ook als bewoners telefonisch melden. Verhogen van de meldingsbereidheid Momenteel weten veel bewoners niet waar zij hun schimmel moeten melden, of hebben zij vanwege slechte communicatie met de verhuurder weinig vertrouwen dat er iets mee gebeurt. Daarom komt er een informatiecampagne die het melden aanmoedigt en dankzij de nieuwe aanpak het vertrouwen in het oppakken daarvan verhoogt. Vocht- en schimmelexpert komt vaker en sneller in actie Binnen twee weken na een melding komt er een vocht- en schimmelmedewerker van de corporatie langs.
Die maakt altijd eerst een fysieke keuring van de woning voordat er naar het gedrag wordt gekeken, en de bevindingen uit die keuring worden altijd op papier geregistreerd. Is er binnen die twee weken geen medewerker beschikbaar? Dan wordt de onafhankelijke expert direct ingeschakeld. Ook kunnen bewoners aan de voorkant al de vocht- en schimmelexpert aanvragen, zonder tussenkomst van de corporatie. Dit betekent wel dat er meer geïnvesteerd moet worden in de capaciteit bij de vocht- en schimmelexpert. Ook de gemeente draagt daar extra financieel aan bij. Er komt een Haagse schimmelkaart De gemeente slaat de handen ineen met de corporaties om in beeld te brengen in welke complexen schimmelproblematiek spelen. Alle meldingen worden op één plek verzameld en in beeld gebracht in de vorm van een Haagse Schimmelkaart. Deze wordt jaarlijks, in combinatie met de ‘Haagse schimmelmonitor’ gepubliceerd; zo ontstaat er overzicht. Die monitorende rol kan worden opgepakt door de GGD, maar ook door de gemeente zelf. Woningen niet alleen individueel, maar ook op complexniveau aanpakken Op basis van de Haagse schimmelkaart worden jaarlijks via de prestatieafspraken gerichte afspraken gemaakt voor de aanpak van complexen met structurele schimmelproblematiek. Naar Amsterdams voorbeeld ligt de focus in ieder geval op de complexen waar van minstens 10% van de woningen schimmelmeldingen bekend zijn.
Bij die afspraken wordt ook gekeken welke rol de gemeente verder kan spelen om die collectieve aanpak te versterken.
Daarmee ontstaan er dus twee verschillende routes binnen de aanpak: •
Individuele hulp aan huurders die een melding doen
•
Het collectief aanpakken van wooncomplexen waar relatief veel meldingen van binnenkomen
Overkoepelend doel voor een schimmelvrije stad Op basis van de Haagse schimmelkaart spreken gemeente en corporaties samen af te streven naar een schimmelvrije bebouwing. Daarbij komen zij tot een gezamenlijk doel voor in welk jaar in Den Haag de fysieke staat van alle woningen op orde is om vocht en schimmel te voorkomen.
Route 1: Hoe krijgen huurders hulp? In het Haagse schimmeloffensief worden twee routes gevolgd; deze versterken elkaar. De eerste is de individuele route, die aansluit op de huidige aanpak en deze verder verbetert. Deze is erop gericht om (sociale) huurders een laagdrempelige mogelijkheid te bieden om schimmelproblemen te melden. Zodra de melding wordt gemaakt wordt er binnen twee weken een afspraak gemaakt voor een technische keuring. Deze route bevat vier stappen: Stap 1: de melding De huurder doet een melding via een formulier dat je kan vinden op de website van de woningcorporaties, gemeente en GGD. Dit formulier is zo toegankelijk mogelijk en legt goed uit hoe schimmel is te herkennen, voorkomen en aankaarten. De melding kan ook telefonisch worden gedaan: dan vult de medewerker het formulier in. De melding wordt niet alleen bij de woningcorporatie zelf geregistreerd, maar ook op één centrale plek, ten behoeve van de Haagse schimmelkaart. Op het moment van de melding wordt er binnen twee weken iemand langs voor de technische keuring. Als er binnen de woningcorporatie geen deskundig personeel beschikbaar is, wordt de vocht en schimmelexpert gelijk ingeschakeld. Als de bewoner dat sowieso gelijk wil, kan dat ook. Stap 2: technische keuring Wanneer de medewerker of onafhankelijk expert langskomt, wordt allereerst de fysieke staat van de woning gekeurd.
Met een vast formulier wordt gecheckt of de ventilatie en de bouwkundige staat van de woning op orde zijn. Zo wordt het beste geborgd dat de woning op de lange termijn schimmelproof is – ongeacht wie er woont. Ook voorkom het heen-en-weer wijzen tussen huurder en verhuurder. Dit komt nu te vaak voor, en ontmoedigt huurders om iets met hun problemen te doen. Stap 3: voorlichting Als dat nodig wordt geacht, wordt er na de technische keuring ook voorlichting gegeven aan de huurder, over hoe diegene zelf via gedrag schimmel kan voorkomen. Gedrag is nooit een grond om benodigde technische maatregelen niet te nemen. Stap 4: nazorg Een maand na de technische keuring wordt de huurder contacteert om te checken of de technische maatregelen zijn genomen en of het heeft geholpen. Als die technische maatregelen nog niet zijn genomen, wordt er contact opgenomen met de woningcorporatie.
Route 2: hoe gaan we complexen aanpakken De aanpak op het niveau van het wooncomplex heeft twee voordelen. Het voorkomt ten eerste dat schimmelproblematiek die duidelijk op complexniveau veroorzaakt wordt, bijvoorbeeld door fouten bij de renovatie, wordt geïndividualiseerd. Tegelijkertijd sluit het ook beter aan op de planmatige werkwijze die corporaties doorgaans toch al hebben en ontstaat er een goed uitlegbaar kader over waarom complexen wel of niet worden aangepakt. Kosteneffectief, efficiënt en uitlegbaar dus. Deze route bevat de volgende vier stappen: Stap 1: de Haagse schimmelkaart. Dankzij de centrale registratie van schimmelmeldingen maakt de GGD Haaglanden een jaarlijkse vocht en schimmelmonitor, inclusief een Haagse schimmelkaart. Die schimmelkaart brengt de spreiding van schimmelmeldingen over sociale huurwoningen in Den Haag in kaart. Stap 2: prioritering aanpak op basis van schimmelkaart. Uit de schimmelkaart wordt opgehaald in welke complexen de problematiek het meest structureel is. Deze worden prioritair aangepakt. In ieder geval de complexen waar bij meer dan 10% van de woningen is gemeld worden met prioriteit aangepakt. Hier kan, als daar op basis van gegevens aanleiding voor is, ook een gebiedsgerichte aanpak uit voortkomen. Stap 3: verwerking prioritaire complexen in prestatieafspraken.
In de jaarlijkse prestatieafspraken komt een duidelijk overzicht van welke complexen de corporaties met prioriteit schimmelproof gaan maken. Als er ‘10% complexen’ zijn die nog niet in het komende jaar aan bod komen, wordt aangegeven in welk jaar dat wel zo gaat zijn. Stap 4: nazorg Wanneer een complex is aangepakt, vindt er nazorg plaats. Bewoners wordt gevraagd of de schimmelproblemen blijvend zijn opgelost en of de technische maatregelen goed zijn afgewerkt. Wanneer het complex een bewonerscommissie heeft, wordt er met hen hierop samengewerkt.
Bijlage: wat kunnen we leren van de Amsterdamse ervaringen? Dit voorstel voor een Haags vocht en schimmeloffensief is ook inspiratie opgedaan bij de Amsterdamse aanpak. Hier is een uitgebreide evaluatie van gemaakt. Hieronder zijn een aantal punten die relevant zijn voor Den Haag op een rij gezet. Probleem Den Haag
Lessen Amsterdam
Een aanpak die recht doet aan de schaal
15.000 meldingen van 10.000 woningen
van he probleem
verwerkt, dankzij genoeg personele capaciteit en gestroomlijnd proces
(Gemiddelde tijd tussen stappen melding – inspectie – afhandeling is 24 tot 38 dagen)
Contact bewoners – corporaties
Bewoners moeten niet eerst langs bij corporaties om te ‘bewijzen’ dat hun woning technisch gekeurd wordt. Meldingen worden verwerkt en leiden automatisch tot een check van de woning
Afschuiving op gedrag om kostbare
Er wordt eerst gekeken naar techniek, dan naar
maatregelen aan woningen te
gedrag. Bevinding: 62% van de problemen
voorkomen
komen door technische oorzaken.
Aanpak is individueel. Elke bewoner
Overkoepelende aanpak. Centrale registratie,
moet individueel de strijd aangaan
centraal in kaart gebracht. Gebiedsgerichte focus als meldingen daar aanleiding toe geven.
Bevinding: 42% van de meldingen in complexen met meer dan 10% schimmel
Fragmentatie. Elke corporatie heeft een
Gedeelde aanpak. AFWC (Amsterdamse
eigen aanpak
samenwerking corporaties) doet coördinatie en monitoring, inclusief naleving afspreken woningcorporaties. Elke zes weken overkoepelend overleg.