RIS323666 Bijlage Ipsos I&O Rapport ervaringen omwonenden opvanglocaties Den Haag
Tekst van het document
ERVARINGEN VAN OMWONENDEN MET COMMUNICATIE EN PARTICIPATIE OPVANGLOCATIES DEN HAAG Rapport voor gemeente Den Haag
Amsterdam, september 2025
© 2025. All rights reserved. Contains Ipsos I&O confidential and proprietary information and may not be disclosed or reproduced without the prior written consent of Ipsos I&O.
Inhoudsopgave Samenvatting
Inleiding Aanpak van het onderzoek 1
Ervaringen en attitude
2
Waardering communicatie
3
Behoeften in communicatie en participatie
4
Conclusie Bijlagen
© 2025
2
Samenvatting Houding tegenover opvanglocaties positief; relatief weinig ontwikkeling Over het algemeen staan omwonenden neutraal of positief tegenover de opvanglocaties bij hen in de buurt. De meesten weten dat bij hen in de buurt nieuwkomers worden opgevangen, en ruim driekwart stond daar op voorhand neutraal of positief tegenover. Voor een even grote groep is de houding ook positief op het moment van bevragen. Er zijn verschillen tussen de locaties, maar voor alle locaties geldt dat een meerderheid er neutraal dan wel positief tegenover stond. Voor degenen die negatief tegenover de opvanglocaties staan, geldt vaak dat daarbij (ook) andere factoren meespelen zoals angst voor verschillende soorten overlast, de vraag ‘waarom hier?’. Voor de meeste mensen geldt dat de attitude hetzelfde blijft, ook al komen de eigenlijke ervaringen niet overeen met de (negatieve) verwachting. Het merendeel van de omwonenden heeft geen ervaringen met (de bewoners van) de opvanglocaties. Wanneer zij die wel hebben, betreft het overwegend positieve ervaringen. Het gaat dan bijvoorbeeld om het uitblijven van overlast of een vriendelijke begroeting van of leuk contact met één van de bewoners. Samenhang waardering communicatie en attitude De waardering voor de gemeentelijke communicatie hangt samen met de algemene attitude tegenover de opvanglocaties.
Omwonenden die zeggen informatie te hebben ontvangen, zijn vaker positief over de opvang dan de omwonenden die zeggen dat ze geen informatie hebben ontvangen. Omwonenden die negatief tegenover de opvanglocatie staan, zijn vaker ook niet te spreken over de communicatie daarover.
Het merendeel van de omwonenden vindt het (heel) belangrijk om geïnformeerd te worden wanneer er een nieuwe opvanglocatie in de buurt komt. Tegelijkertijd zegt een op vijf omwonenden niet geïnformeerd te zijn, nog eens een op vijf weet niet of dat gebeurd is. Degenen die wel zeggen geïnformeerd te zijn, herinneren zich vooral het ontvangen van de brief. Zij zijn over het algemeen positief over de duidelijkheid, juistheid, volledigheid en snelheid van de brief. In de gesprekken komt ook naar voren dat men het gevoel heeft dat de communicatie over nieuwe opvanglocaties vanuit de gemeente soms wat defensief is. Zij vermoeden dat brieven bijvoorbeeld bewust laat worden verstuurd of beperkte informatie bevatten, om onrust rondom de opening te voorkomen. Meeste omwonenden niet actief betrokken, animo is er wel De meeste omwonenden waren niet eerder betrokken bij de opvanglocatie bij hen in de buurt. Een deel geeft aan daar wel interesse in te hebben, bijvoorbeeld één op één contact of actief zijn als vrijwilliger. Er is een grotere groep die hier geen behoefte aan heeft. Verschillende omwonenden met een overwegend positieve houding geven in de gesprekken aan dat zij iets willen en kunnen betekenen voor (de bewoners van) opvanglocaties, maar daarover gericht en proactief benaderd willen worden.
Ze willen een concrete hulpvraag vanuit de opvanglocaties, zodat duidelijk is waar behoefte aan is en hoe zij daarop kunnen anticiperen. Ook sommige omwonenden die overwegend negatiever zijn, zouden op basis van een gerichte hulpvraag overwegen om hun steentje bij te dragen. De meeste omwonenden zijn niet op de hoogte van bestaande (buurt)initiatieven en hoe ze zich daarbij kunnen aansluiten. © 2025
3
Inleiding Aanleiding onderzoek Bij de start van het onderzoek zijn er in Den Haag 19 opvanglocaties voor nieuwkomers. Het gaat om de opvang van asielzoekers en van Oekraïense ontheemden. Het grootste deel van deze locaties heeft een tijdelijk karakter: van noodopvang in hotels tot het tijdelijk gebruik van gebouwen die bijvoorbeeld bestemd zijn voor herontwikkeling. Met het oog op het landelijke tekort aan opvang streeft de gemeente Den Haag ernaar de opvangcapaciteit in de gemeente te vergroten. De gemeente Den Haag heeft het Opgaveteam Nieuwkomers in het leven geroepen om nieuwe opvanglocaties te verwerven, op te zetten en deels ook te beheren. Dit doet ze vanuit een wettelijke taak, en omdat de gemeente mensen die op de vlucht zijn voor oorlog en geweld wil helpen. De gemeente vindt het van belang om te zorgen dat de mensen die op de locaties worden opgevangen goed worden begeleid en dat de buurt vanaf het begin goed wordt geïnformeerd en betrokken. Bij verschillende opvanglocaties bleek dat de aanvankelijke felle weerstand tijdens de opvangperiode gaandeweg verminderde. Er zijn zelfs voorbeelden dat omwonenden het sluiten van een tijdelijke opvanglocatie betreuren en zich inzetten voor de continuering ervan. Dit beeld werd deels bevestigd door het onderzoek dat Ipsos I&O in 2024 uitvoerde.
Een deel van de omwonenden gaf aan achteraf positiever aan te kijken tegen de aanwezigheid van de opvanglocatie dan zij op voorhand verwachtten. Sinds het afronden van het onderzoek in 2024 is er veel gebeurd in de gemeente Den Haag. De gemeente heeft sindsdien verschillende nieuwe beleidsinitiatieven ontwikkeld om de communicatie met, en ondersteuning van omwonenden rond opvanglocaties te verbeteren. De initiatieven hebben als doel (negatieve) verwachtingen bij omwonenden bespreekbaar te maken en zo nodig omwonenden gerust te stellen, maar dienen daarnaast ook om positieve ervaringen te faciliteren. Sommige opvanglocaties zijn niet langer in gebruik, en nieuwe locaties zijn geopend. De gemeente heeft behoefte aan een nieuwe meting om te weten hoe inwoners er bij zitten.
Onderzoeksvragen Het doel van het onderzoek is meer inzicht te verkrijgen in de algemene houding tegenover opvang, en hoe omwonenden de communicatie vanuit de gemeente beoordelen en welke wensen en behoeften zij daarin hebben.
Dit leidt tot twee hoofdvragen, en verschillende deelvragen: 1.
Hoe staan omwonenden tegenover opvanglocaties in hun buurt? a. In hoeverre zijn omwonenden bekend met opvanglocaties in hun buurt? b. Welke verwachtingen hadden ze vooraf? c. Welke ervaringen hebben omwonenden met (de bewoners van) de opvanglocaties? d. Hoe kijken omwonenden nu aan tegen de opvanglocaties?
2. Welke wensen en verwachtingen hebben omwonenden van de gemeente wat betreft communicatie en participatie rondom de opvanglocaties? a. Hoe beoordelen omwonenden de gemeentelijke communicatie over de opvanglocatie(s) in hun buurt? b. In hoeverre zijn omwonenden bekend met reeds bestaande initiatieven rondom de locatie en hoe beoordelen ze deze? c. Waar hebben inwoners behoefte aan als het gaat om informatieverstrekking, communicatie en initiatieven om actief betrokken te worden?
© 2025
4
Aanpak van het onderzoek Selectie en oriëntatie Allereerst zijn de verschillende opvanglocaties in kaart gebracht. Er is daarvoor gesproken met verschillende mensen binnen het opgaveteam Nieuwkomers. Daarmee is van de locaties onder andere in kaart gebracht waar ze zich precies bevinden, wie er worden opgevangen en hoe groot ze zijn. Ook is geïnventariseerd welke (buurt)initiatieven er hebben plaatsgevonden. Op basis daarvan is een selectie gemaakt van opvanglocaties. Deze zijn weergegeven in onderstaande tabel.
Focusgroepen
Enquête Voor de enquête is voor elke opvanglocatie een aselecte steekproef van 1.000 adressen getrokken uit het communicatiegebied (= het gebied dat de gemeente gebruikt als afbakening voor wie zij informeren)*. Deze huishoudens ontvingen een brief. Met deze brief konden zij één keer de enquête invullen tussen 7 en 22 juni 2025. Tussentijds is één keer een herinnering verstuurd. Om ook inwoners te bereiken die minder snel meedoen aan online enquêtes zijn daarnaast straatinterviews afgenomen rond de opvanglocaties. De vraagstelling tijdens deze straatinterviews was vergelijkbaar met de online enquête, maar was beknopter. Sommige vragen uit de online enquête zijn dus niet gesteld tijdens de straatinterviews. In het rapport staat boven de uitkomsten aangegeven wanneer dit het geval is. De straatinterviews zijn afgenomen op 11, 14, 17 en 19 juni.
Naam locatie
Doelgroep
ANWB-terrein
Oekraïense ontheemden
Fletcherhotel
Asielzoekers/Statushouders
Gulden Huis
Oekraïense ontheemden
Hennegras
Oekraïense ontheemden
Jordans Residence
Asielzoekers
Naam locatie
Respons
Maanweg
Asielzoekers
ANWB-terrein
162
Jordans Residence
163
Regulusweg
Asielzoekers
Fletcherhotel
280*
Maanweg
80
Zandvoortselaan
Oekraïense ontheemden
Gulden Huis
75
Regulusweg
111
Hennegras
187
Zandvoortselaan
181
*NB. Rondom het Fletcherhotel zijn in eerste aanleg twee keer zoveel brieven verstuurd als vooraf beoogd. Daarom is de respons hier hoger dan in andere gebieden. Om te voorkomen dat dit de totaalresultaten zou beïnvloeden, is hiervoor gecorrigeerd door een wegingsfactor 0,5 toe te passen. Naam locatie
Respons
Daarnaast zijn vier groepsgesprekken georganiseerd. Een groepsgesprek (ook wel: focusgroep) is een kwalitatieve onderzoeksmethode waarbij een doelgroep het gesprek aangaat over een centraal thema, onder leiding van een moderator. De groepsgesprekken in dit onderzoek focusten op het uitdiepen van de resultaten uit de enquête. De werving verliep dan ook via de enquête. In de groepsgesprekken is gebruik gemaakt van ‘associatieve technieken’ (associatiekaarten) en ‘projectieve technieken’ (tijdlijn). Twee groepen zijn uitgevoerd met omwonenden die overwegend positief tegenover de opvanglocaties bij hen in de buurt staan en twee groepen zijn uitgevoerd met omwonenden met een overwegend negatief sentiment over de opvanglocatie. In totaal namen 24 omwonenden deel aan de groepsgesprekken. Zij varieerden in sekse, leeftijd en de buurt waar zij wonen. De focusgroepen vonden plaats op 3 juli en 24 juli in de Stadskamer van het stadshuis Den Haag. Er waren bij deze gesprekken geen ambtenaren van de gemeente aanwezig.
© 2025
5
Leeswijzer De resultaten uit het kwantitatieve en kwalitatieve onderzoek zijn geïntegreerd in voorliggende rapportage. Met behulp van pictogrammen is op elke pagina aangegeven op welke data de uitkomsten zijn gebaseerd. Tevens is in het bijschrift van de figuren aangegeven wat de basis van de figuur is, en uit welke bron deze afkomstig is (alleen brief, of brief en straatinterviews). Bij citaten uit de focusgroepen met omwonenden wordt aangegeven bij welke opvanglocatie de betreffende respondent in de buurt woont. In de tekst verwijzen we naar ‘positieve omwonenden’ als het specifiek gaat over zaken die naar voren kwamen uit de groepsgesprekken met omwonenden met een overwegend positieve houding ten aanzien van opvanglocaties bij hen in de buurt, en naar ‘negatieve omwonenden’ wanneer het over de groepsgesprekken gaat met mensen die juist overwegend negatief zijn over de opvanglocaties. Verder maken we gebruik van aanduidingen zoals ‘sommigen’, ‘velen’, ‘enkelen’, ‘een groep’, om de variatie en diversiteit in standpunten en ervaringen te benadrukken. Deze termen helpen om nuances en individuele verschillen te begrijpen, zonder te streven naar kwantificeerbare resultaten.
Online enquête, uitnodigingen per brief (n=1.065)
Online verkorte enquête, afgenomen via straatinterviews op locatie (n=174)
Focusgroepen (n= 24)
In hoofdstuk 1 worden de bevindingen gepresenteerd die te maken hebben met de ervaringen en attitude van omwonenden tegenover de opvanglocatie bij hun in de buurt. Hoofdstuk 2 gaat over de waardering van de gemeentelijke communicatie rondom de opvanglocaties. In hoofdstuk 3 komen de wensen en behoeften op het gebied van communicatie en participatie van omwonenden aan bod.
© 2025
6
ERVARINGEN EN ATTITUDE
1
© 2025
1
Ervaringen en attitude
Meeste mensen kennen opvanglocatie in hun buurt •
De meeste mensen weten spontaan te benoemen dat in hun buurt nieuwkomers worden opgevangen. Wanneer hen wordt gevraagd of er in hun buurt één of meerdere opvanglocaties voor nieuwkomers zijn, zegt twee derde dat dit het geval is. Vooral voor omwonenden van het ANWB-terrein, de Maanweg en de Zandvoortselaan is dit geen nieuws.
•
Vervolgens kregen omwonenden dezelfde vraag op een ‘geholpen’ manier. Een kaartje met de opvanglocatie werd getoond met de vraag of ze weten dat daar nieuwkomers wonen. Dit is voor de meesten het geval (81%). Met name omwonenden van het ANWB-terrein, Regulusweg en de Zandvoortselaan zeggen dit te weten.
Figuur 1. Zijn er in uw buurt één of meerdere opvanglocaties voor nieuwkomers?
Figuur 2. U woont in de buurt van [locatie]. Wist u dat op die plek nieuwkomers wonen?
Basis: alle omwonenden (brief + straatinterviews), n = 1.239
Basis: alle omwonenden (brief + straatinterviews, n = 1.239
100%
100%
80%
49% 65%
60%
0%
21% 7%
19% 5%
80% 57%
60%
77%
40% 20%
51%
17% 1%
73%
64%
Ja, dat weet ik zeker
19% 5%
60%
83%
20% 7%
75%
72%
76%
75%
75%
90%
86%
91%
40%
Ja, dat wist ik
Ja, ik denk van wel
25% 4%
81%
16% 6%
24% 5%
Nee 8% 6%
Weet ik niet
Nee, dat wist ik niet
20% 18%
0%
24% 10%
28%
23%
24%
Wil ik niet zeggen
23%
14%
8%
© 2025
8
1
Ervaringen en attitude
Kennis over opvanglocatie ‘van een afstand’
•
•
•
Ook uit de groepsgesprekken blijkt dat de meeste omwonenden op de hoogte zijn van de aanwezigheid van een opvanglocatie in hun buurt. Ze geven aan dat zij dat weten doordat ze hierover een brief van de gemeente hebben ontvangen. De meesten kennen de opvanglocatie ‘van een afstand’, wat leidt tot aannames, vragen en soms een gevoel van vervreemding. Ze hebben weinig beeld bij of de locatie op dit moment in gebruik is als opvanglocatie, wie er wel (en niet) worden opgevangen en wat er precies gebeurt.
“Ik woon er vlak achter, maar ik kom niet zo veel langs die weg [...] eigenlijk zie je ze niet. Dus ik vraag me af wat doen ze daar. Dat is voor mij eigenlijk een beetje een vraag.” - Omwonende Fletcher Stadshotel
Een aantal omwonenden was zich niet of nauwelijks bewust van een opvanglocatie in hun directe omgeving tot ze de uitnodiging voor dit onderzoek ontvingen. Dat maakte hen nieuwsgierig en bereid om erover te praten.
"De opvanglocatie waar ik elke dag langs fiets, het heeft een half jaar geduurd voordat ik in de gaten had dat het een opvanglocatie was.“ - Omwonende Zandvoortselaan, refereert aan de voormalige opvanglocatie NH Atlantic Hotel Kijkduin
© 2025
9
1
Ervaringen en attitude
Ruim driekwart stond vooraf positief of neutraal tegenover opvang •
Aan degenen die zich nog kunnen herinneren dat de locatie werd geopend, is naar hun houding vooraf gevraagd. De helft stond toen positief tegenover de opvang van nieuwkomers in de buurt (52%). Een op vijf (18%) was hier niet over te spreken.
•
Er zijn verschillen in de houding van omwonenden tussen de locaties. Voor de Regulusweg, Maanweg en Jordans Residence geldt dat een kwart of meer op voorhand negatief tegenover de opvang van nieuwkomers in de buurt stond. Vooral onder omwonenden van het ANWB-terrein was het aandeel tegenstanders relatief klein (7%).
Figuur 3. Hoe stond u vóór de opening van de opvanglocatie tegenover de opvang van nieuwkomers in uw buurt?* Basis: omwonenden die zich de opening van de opvanglocatie nog kunnen herinneren (online + straatinterviews), n = 751 Totaal
52%
ANWB-terrein (n=116)
30%
18%
63%
Fletcherhotel (n=138)
28%
59%
Gulden Huis (n=40**)
24%
43%
Hennegras (n=122)
15%
35%
52%
Jordans Residence (n=105)
7%
22% 32%
34%
35%
15% 31%
Maanweg (n=40**)
50%
25%
25%
Regulusweg (n=56)
50%
26%
24%
Zandvoortselaan (n=134)
53% 0%
10%
(Zeer) positief
20%
30%
31% 40%
50%
60%
Niet positief, maar ook niet negatief
70%
16% 80%
90%
100%
(Zeer) negatief
* ‘Weet ik niet/Wil ik niet zeggen’ niet weergegeven in figuur (<0,5%). © 2025 10 ** Het aantal waarnemingen is beperkt. Deze resultaten dienen met voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd.
1
Ervaringen en attitude
Helft omwonenden verwachtte geen, of overwegend positieve gevolgen •
•
•
Een op de vijf verwachtte dat de komst van de opvanglocatie overwegend positieve gevolgen met zich mee zou brengen. Drie op tien gingen ervan uit dat de komst van de locatie überhaupt geen gevolgen met zich mee zou brengen. Voor 29 procent geldt dat ze met name negatieve gevolgen verwachtten. De locatie heeft invloed op de verwachtingen. Vooral omwonenden van Jordans Residence (47%), de Regulusweg (43%) en het Gulden Huis (43%) verwachtten negatieve gevolgen. In de tekstballonnen zijn enkele exemplarische citaten weergegeven van omwonenden en de positieve (groene tekstballon) en negatieve (rode tekstballon) gevolgen die zij voorzagen.
“Meer drukte in de wijk, druk op voorzieningen zoals o.a. huisarts.” “Aangezien het voornamelijk mannen zijn, wat op zich al op vallend is verwachtte ik veel overlast, met name op de boulevard door meisjes en dames lastig te vallen.” “Dat de buurt negatief zou zijn.” “Diefstal en overlast en dat is ook waarheid geworden.” “Onrust veroorzaakt door demonstranten dan wel door de mensen die worden opgevangen.”
Figuur 4. Verwachtte u met de komst van de opvanglocatie positieve of negatieve gevolgen? Basis: omwonenden die zich de opening van de opvanglocatie nog kunnen herinneren (online), n = 663 100% 22% 80% 16% 60% 29%
27%
14% 23%
26%
13%
29%
17%
21%
15%
19%
17%
25%
40%
22%
17% 43%
47%
22%
0%
“Bevordering diversiteit in de wijk en integratie van de nieuwkomers.” “Dat deze mensen een onderkomen hebben is gewoon menselijk.” “De positieve gevolgen zijn voor de nieuwkomers zelf. Zij hebben een (verdiende) plek om te wonen.” “Gebruik van leegstaand gebouw.” “Saamhorigheid in de buurt om de Oekraïners te helpen.”
28%
28%
38%
Evenveel positieve als negatieve gevolgen
22% Overwegend negatieve gevolgen
43% 20%
Overwegend positieve gevolgen
7%
16%
18%
19%
27%
32% 18%
33%
29%
11%
29% Ik verwachtte niet dat dit gevolgen zou hebben Weet ik niet/wil ik niet zeggen
* Het aantal waarnemingen is beperkt (Gulden Huis, n = 28; Maanweg, n = 36; Regulusweg, n = 42). Deze resultaten dienen met voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd.
© 2025
11
1
Ervaringen en attitude
Driekwart staat nu positief of neutraal tegenover opvang •
•
Op het moment van bevragen staat ruim de helft positief tegenover de opvang in de buurt. Dat geldt met name voor de omwonenden van het ANWB-terrein, het Fletcherhotel, de Zandvoortselaan, de Regulusweg, de Maanweg en Hennegras. Van de omwonenden van het Gulden Huis en Jordans Residence is minder dan de helft te spreken over de opvanglocatie. Voor zowel het Gulden Huis als Jordans Residence geldt dat de groep tegenstanders relatief gezien het grootst is (respectievelijk 28% en 32%).
Figuur 5. U woont in de buurt van [locatie]. Hoe staat u op dit moment tegenover de opvang van nieuwkomers op die locatie? Basis: omwonenden die weten dat op de betreffende locatie nieuwkomers worden opgevangen (online + straatinterviews), n = 996 Totaal
53%
ANWB-terrein (n=99)
63%
Fletcherhotel (n=134)
59%
Gulden Huis (n=28*)
41%
Hennegras (n=109)
19%
20% 12% 20%
52%
Jordans Residence (n=89)
17%
33%
10%
9% 7%
16%
12%
Niet positief, niet negatief
11%
(Zeer) negatief
28% 18%
28%
16%
14%
32%
8%
Maanweg (n=36*)
58%
13%
18%
10%
Regulusweg (n=42*)
54%
19%
17%
9%
Zandvoortselaan (n=126)
58%
13%
12%
0%
18%
(Zeer) positief
50%
* Het aantal waarnemingen is beperkt. Deze resultaten dienen met voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd.
Geen mening/ ik heb er nooit iets van gemerkt
Weet ik niet/wil ik niet zeggen
100% © 2025
12
1
Ervaringen en attitude
Een op zes positiever over opvanglocatie, kleinere groep juist negatiever
•
•
Een meerderheid van de omwonenden (58%) zegt dat zij vooraf dezelfde houding hadden tegenover de opvanglocatie als op het moment van bevragen. Een op de zes werd positiever (17%), een iets kleinere groep juist negatiever (12%). De verschillen tussen de locaties in verandering in attitude zijn beperkt. Voor alle locaties geldt dat een meerderheid bij zijn of haar oorspronkelijke houding blijft.
Figuur 6. Verandering in attitude Basis: omwonenden die weten dat op de betreffende locatie nieuwkomers worden opgevangen, en zich de opening nog kunnen herinneren (online + straatinterviews), n = 682 100% 13% 80%
9% 18%
16%
9%
14%
15%
14%
19%
18%
20%
13%
16% 17%
13% 13%
14%
18%
Positiever
60%
40%
58%
53%
60% 56%
63% 58%
56%
54%
Hetzelfde 58%
Negatiever
20%
12% 0%
Nu geen mening, nooit iets van gemerkt
15%
12%
20% 10%
15%
9%
* Het aantal waarnemingen is beperkt (Gulden Huis, n = 39; Maanweg, n = 37. Deze resultaten dienen met voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd.
13%
8%
© 2025
13
1
Ervaringen en attitude
Negatieve ervaringen of incidenten van invloed op verandering attitude •
•
•
•
De meeste omwonenden zijn naar eigen zeggen weinig veranderd in hun houding ten aanzien van opvanglocaties. Als mogelijke oorzaak noemen ze dat ze weinig directe (positieve dan wel negatieve) ervaringen hebben met de (bewoners van de) opvanglocatie die iets aan hun oorspronkelijke attitude zou kunnen wijzigen. Een initiële negatieve houding ten aanzien van opvanglocaties wordt vaak gevoed door een meer algemene angst voor overlast, veiligheid of maatschappelijke verandering. Omwonenden refereren bijvoorbeeld naar beelden die zij in de media zien van andere gemeenten. Tegelijkertijd benoemen sommigen ook het contrast tussen de negatieve mediarealiteit en de rustige lokale ervaring. Het uitblijven van (negatieve) ervaringen leidt bij sommigen tot een positieve verandering in attitude – omdat zij anders hadden verwacht. Daar staat tegenover dat bij een incident, zoals rondom de fatbikes bij Jordans Residence, juist wel de negatieve verwachtingen die men vooraf had worden bevestigd. In zowel de groepen met overwegend positieve als met overwegend negatieve omwonenden, geven sommigen aan dat ze voorafgaand aan de komst van de opvanglocatie daar niet echt op zaten te wachten. Ze benoemen onder andere het ‘not-in-my-backyard-gevoel’ en dat ze niet houden van verandering in hun vertrouwde omgeving.
“En dan hadden we de not in my backyard principle. Ja, dat je soms denkt van het kan toch ook in een andere wijk of ergens anders. Want het heeft gewoon effect op waar je woont.“
- Omwonende Fletcher Stadshotel “Het [fatbike-incident] escaleerde in berichten op Facebook. Er werd gelijk gezegd: ‘Richard de Mos en Geert Wilders kom daar maar in’ en ‘ze zijn allemaal hetzelfde en maken het hele land kapot’. Het ontplofte werkelijk. Het gaf het sentiment gewoon echt enorm aan van wat er leeft.“ - Omwonende Fletcher Stadshotel "En ik dacht heel even van, ik ga er iets van merken. Helemaal niets. Schatten zijn het dus, mijn stadsgenoten en ik heb er helemaal geen last van.“ - Omwonende ANWB-terrein "In de tijd constateer je ook dat er geen gekke dingen gebeuren. Dus ik krijg ongemerkt toch meer vertrouwen.” - Omwonende Fletcher Stadshotel “Ik kijk naar de televisie en daar krijg ik natuurlijk een heel ander beeld voorgeschoteld. Dan gaat alles in de hens. En als ik hier kijk, dan merk ik niets en denk ik: wordt me wel een gemiddeld beeld voorgehouden?” - Omwonende ANWB-terrein
© 2025
14
1
Ervaringen en attitude
Houding ten opzichte van asielzoekers meer beladen dan Oekraïners •
In de gesprekken komen verschillen naar voren in houding ten aanzien van de opvanglocatie, en het type bewoners. De houding van omwonenden van opvanglocaties waar Oekraïners wonen is over het algemeen wat genuanceerder, ook omdat ze aangeven er weinig van te merken. Uitspraken over locaties voor asielzoekers zijn meer beladen en vaker gekoppeld aan de vrees voor overlast, culturele afstand en fundamentele kritiek op het nationale asielbeleid.
•
Sommige omwonenden koppelen de opvang van asielzoekers in Den Haag aan het - volgens hun - falen van het landelijke beleid en een diep maatschappelijk ongenoegen. De opvang van Oekraïners wordt veel meer als een lokaal, afgebakend en minder controversieel onderwerp behandeld.
•
In de praktijk ervaren omwonenden rond de meeste opvanglocaties geen overlast. In de groepen die er in het algemeen wat negatiever tegenover staan, benoemen sommigen wel dat de sfeer is veranderd (in negatieve zin) en beschrijven ze een gevoel van vervreemding in de buurt. "En het falen van de landelijke politiek zie je nu ook terug in de gemeentes die door de landelijke politiek gedwongen worden om het probleem op te lossen, wat eigenlijk door hen veroorzaakt is.” - Omwonende Fletcher Stadshotel
"Daar zitten nu Oekraïners in. Ik geloof 200 en ik geloof dat er zelfs nog meer bij komen. En dat gaat in goede harmonie, kan ik wel zeggen. We hebben nooit geen problemen.“
- Omwonende Gulden Huis
“We hebben hier geen communicatieprobleem, maar het probleem dat deze stad overlopen wordt met mensen die geen culturele aansluiting hebben en die hun plek in deze maatschappij niet gaan vinden. En dat is uiteindelijk dodelijk, omdat daarmee eigenlijk alles waar we voor staan in het Westen onder druk komen te staan.“ - Omwonende Fletcher Stadshotel
“En continu zijn we het sentiment aan het voeden van ‘Nederland is niet meer voor de Nederlanders’. En dan gaat het eigenlijk niet meer over het feit dat daar 20 minderjarige asielzoekers zitten, maar het gaat over alle hoofddoekjes en huizen die niet meer voor onze kinderen zijn.“ - Omwonende Jordans Residence
“In alle eerlijkheid moet ik zeggen dat de feitelijke overlast niet erg groot is, behalve dan dat ik me soms in klein Syrië waan. Ik word omringd door mensen die toch enige culturele afstand hebben tot ons.“ - Omwonende Fletcher Stadshotel © 2025
15
1
Evaringen en attitude
Merendeel heeft geen, of overwegend positieve ervaringen •
Het merendeel van de omwonenden heeft geen ervaringen met de opvanglocatie of de bewoners daarvan. Een op vijf heeft vooral positieve ervaringen, een op tien juist overwegend negatieve ervaringen.
•
Het aandeel dat overwegend positieve ervaringen heeft, is het grootst onder de omwonenden van de locatie aan de Zandvoortselaan (36%) Een kwart van de bewoners rondom Jordans Residence heeft met name negatieve ervaringen met die locatie.
•
In de tekstballonnen zijn enkele exemplarische citaten weergegeven van omwonenden en de positieve (groene tekstballon) en negatieve (rode tekstballon) ervaringen die zij hadden.
“De bewoners hangen op straat, voor het hotel is het rommelig en de stoep staat helemaal vol met fietsen van de bewoners.” “Drugsgebruik, geschreeuw, aggressie, hangen, vrouwen lastig vallen, met fatbikes over de stoep scheuren enzovoort.” “Groepjes mensen die rondhangen en rondlopen. Er wordt niet gegroet, er is geen sociale cohesie.” “Lastig gevallen op straat, nagekeken door mannen.” “Weinig aanpassing aan onze waarde en normen. Veel slenteren door de buurt met relatief dure spullen.”
Figuur 7. Wat zijn uw eigen ervaringen met (de bewoners van) de opvang? Basis: omwonenden die weten dat op de betreffende locatie nieuwkomers worden opgevangen (online), n=874. 100% 90% 80% 70%
22% 3% 11%
60%
26% 4% 8%
22% 1% 10%
15% 5% 18%
25% 2%
6% 3% 24%
15%
16%
6% 6%
4%
36%
12%
7%
3% 6%
50% 40% 30% 20%
“Ik merk er eigenlijk niets van, zie soms een Oekraïense auto rijden.” “Houden zich aan de regels en niet luidruchtig.” “Vriendelijkheid en géén overlast zoals verwacht” “Gewoon zoals met andere buren.” “Heb twee bewoners gesproken en dat waren prettige mensen met een droevig verhaal.” “Overdag ervaar ik geen last van hen.”
61%
59%
62%
58%
61%
64%
74%
66%
53%
Overwegend positieve ervaringen Evenveel positieve als negatieve ervaringen Overwegend negatieve ervaringen Geen ervaringen
10% 0%
Geen antwoord
© 2025
* Het aantal waarnemingen is beperkt. Deze resultaten dienen met voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd.
16
1
Ervaringen en attitude
Weinig directe en persoonlijke ervaringen met bewoners •
De meeste omwonenden geven in de gesprekken aan dat ze weinig persoonlijke ervaringen hebben met de (bewoners van de) opvanglocaties. Voor sommigen geldt dat zij dit jammer vinden, voor anderen is dit prima: zij hebben geen behoefte aan contact.
•
De omwonenden hebben – zonder dat ze binnen zijn geweest of directe ervaringen – een treurig beeld van de opvanglocaties en hoe de mensen daar wonen. Sommigen geven aan te willen weten hoe het leven er echt in de locatie uitziet en wat de bewoners doen.
•
Sommige omwonenden in de positieve groepen hebben eigen ervaringen met nieuwkomers (niet specifiek van de opvanglocatie bij hen in de buurt): iemand heeft Oekraïners in huis gehad, de kinderen van een ander spelen met Oekraïense kinderen van de opvanglocatie in de buurt en die ook op dezelfde school, iemand heeft vrijwilligerswerk gedaan op de opvanglocatie, mensen zamelen spullen in etc.
“Dan loop ik langs de opvang en denk ik: ik heb echt geen idee wat er achter deze deur gebeurt. En zij weten misschien ook heel weinig van de mensen in de buurt. Het voelt zo gek om gewoon niks van elkaar af te weten, terwijl ze letterlijk naast mij zitten.” - Omwonende Fletcher Stadshotel
“En dan zeg ik goedenavond en dan zie ik mensen voorbij lopen en in hun taal doorpraten, en heb ik dus geen contact. Maar ook niet een begin van herkenning. Dat heeft iets vervreemdend vind ik.” - Omwonende ANWB-terrein “Ik heb het beeld dat ze een beetje gevangen zitten. Ze hebben een bed, maar wat is er nog meer eigenlijk. Kunnen ze zich verder ontwikkelen? Of zitten ze daar maar een beetje te zitten?” - Omwonende Fletcher Stadshotel “Want er zitten veel kinderen bij die locatie van ons en die spelen in de wijk en die spelen met mijn kinderen. Ze zitten op dezelfde school.“ - Omwonende Hennegras © 2025
17
WAARDERING COMMUNICATIE RONDOM OPVANGLOCATIES
2
© 2025
02
Waardering communicatie
Ruim de helft herinnert zich het ontvangen van informatie • Voor dit onderzoek hebben omwonenden van acht opvanglocaties in de gemeente Den Haag een uitnodiging ontvangen. Alle deelnemers wonen in het communicatiegebied van de gemeente. In principe informeert de gemeente iedereen in dit communicatiegebied over de plaatsing van een opvanglocatie.
Figuur 8. Bent u door de gemeente wel eens geïnformeerd over de opvang van nieuwkomers? Basis: alle omwonenden (brief + straatinterviews), n = 1.239 19%
Ja
• 61% van de deelnemers weet nog dat de gemeente hen heeft geïnformeerd, maar dit verschilt per locatie. Dit ging meestal om een brief (94%), inloopavond (14%) en/of via een huis-aan-huis blad (9%; niet in figuur). • Onder omwonenden van de Maanweg, het ANWB-terrein, de Zandvoortselaan en de Regulusweg is het percentage dat zegt geïnformeerd te zijn relatief hoog.
Nee Weet ik niet
20%
61%
Figuur 9. Percentage geïnformeerde omwonenden per opvanglocatie Basis: alle omwonenden (online + straatinterviews), n = 1.239) ANWB-terrein
72%
Fletcherhotel
55%
Gulden Huis
52%
Hennegras
62%
Jordans Residence
57%
Maanweg
75%
Regulusweg
68%
Zandvoortselaan
70% 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70% © 2025
80% 19
02
Waardering communicatie
Geïnformeerde omwonenden meestal tevreden over de communicatie •
•
•
Omwonenden die aangeven dat zij informatie ontvingen over de opvanglocatie, zijn over het algemeen tevreden daarover. Bij de meeste locaties beoordelen omwonenden de communicatie met een 8 of hoger. Onder omwonenden van Jordans Residence is het aandeel dat de gemeentelijke communicatie met een onvoldoende. beoordeelt relatief hoog (24%).
Sommige omwonenden van de Jordans Residence lichten in de gesprekken toe dat ze vooral de gemeentelijke communicatie over het fatbike-incident benedenmaats vonden.
Figuur 10. Alles bij elkaar genomen, hoe beoordeelt u de communicatie vanuit de gemeente over deze opvanglocatie? Basis: omwonenden die zeggen informatie te hebben ontvangen (brief), n = 704 100%
80%
42% 55%
60%
61%
40% 51%
55% 63%
60%
Weet niet
61%
(Zeer) goed (cijfer 8 - 10)
“Ik heb gelijk contact opgenomen met stadsdeel Scheveningen [na het zien van escalerende Facebook berichten over het fatbike-incident]. En gezegd, dit loopt uit de klauwen. Wat is er aan de hand? We horen niks. Geen reactie. Nul. […] De gemeente moet beter laten zien dat ze weten wat er leeft.“ - Omwonende Jordans Residence
35%
40% 39% 30%
20% 15% 0%
29%
29%
29%
8%
26%
13%
29% 16%
16%
24%
24%
19% 7%
Neutraal (cijfer 6 of 7)
(Zeer) slecht (cijfer 1 - 5)
9%
© 2025
* De resultaten voor de opvanglocatie Gulden Huis zijn indicatief, vanwege het beperkte aantal reacties (n=31)
20
02
Waardering communicatie
Onvrede met hoeveelheid informatie en tijdigheid •
Omwonenden vinden de informatie vanuit de gemeente over de opvanglocaties over het algemeen duidelijk (80%), juist (71%), voldoende (70%) en op tijd (68%).
•
Omwonenden die ontevreden zijn over de gemeentelijke communicatie, zijn met name negatief over de hoeveelheid informatie en de tijdigheid daarvan. Waaronder omwonenden met een positieve waardering 94 procent zegt voldoende informatie te hebben gekregen, geldt dat onder deze groep voor 16 procent. Van de inwoners die de communicatie over het algemeen voldoende beoordelen, zegt 91 procent dat ze de informatie op tijd ontvingen, onder de ontevreden groep is dat 12 procent.
•
Er zijn enkele verschillen tussen de locaties. Omwonenden van Jordans Residence waren vaker ontevreden over de duidelijkheid, (15% oneens), juistheid (19% oneens) en hoeveelheid van de informatie (20% oneens met stelling). Omwonenden van de Zandvoortselaan waren in mindere mate te spreken over de duidelijkheid (12% oneens) en de tijdigheid van de informatie (24% oneens).
Figuur 11. In hoeverre bent u het eens of oneens met de volgende stellingen? % mee eens. Basis: omwonenden die zeggen informatie te hebben ontvangen (brief), n = 704 80%
De informatie die ik over de opvanglocatie kreeg, was duidelijk
97% Allen (n=704)
35% 71% De informatie die ik over de opvanglocatie kreeg, was juist
90% 30%
Goede beoordeling communicatie (n=343) Slechte beoordeling communicatie (n=90)
70% Ik kreeg voldoende informatie over de opvanglocatie
94% 16% 68%
Ik ontving de informatie over de opvanglocatie op tijd
91% 12% 0%
50%
100%
© 2025
21
02
Waardering communicatie
Een op vijf voelt zich onvoldoende geïnformeerd • Omwonenden vinden dat de gemeente hen moet informeren over een potentiële nieuwe opvanglocatie (82%). Volgens de helft van de omwonenden gebeurt dat op dit moment voldoende (53%). Een op vijf is het daar niet mee eens (18%). • Iets minder dan helft vindt dat er voldoende mogelijkheid is om vragen te stellen over nieuwe opvanglocatie in de buurt. Een op vijf zegt dat dit niet het geval is (21%).
• Er zijn geen (grote) verschillen tussen de locaties. Het aandeel dat vindt dat zij niet voldoende wordt geïnformeerd, ligt relatief hoog onder omwonenden van Jordans Residence (29%). • Sommige omwonenden lichten in de gesprekken toe dat ze de informatie over de komst van de opvanglocatie te summier vonden, omdat er geen mogelijkheid was tot inspraak en het alleen een feitelijke mededeling betrof. “Ik herinner me dat ik een brief heb gekregen met de mededeling dat het dienst zou doen als een opvangplek voor jonge ontheemden. Maar niet om met elkaar in gesprek te gaan over de beweegredenen. Mensen hebben niet hun mening kunnen geven, en dan is het begin eigenlijk al nul."
Figuur 12. In hoeverre bent u het eens of oneens met de volgende stellingen? Basis: alle omwonenden (online + straatinterviews), n = 1.239
De gemeente moet mij informeren over een potentiële nieuwe opvanglocatie
82%
De gemeente informeert mij voldoende over opvanglocatie(s) bij mij in de buurt
53%
De gemeente biedt mij voldoende mogelijkheid om vragen te stellen over de nieuwe opvanglocatie(s) in de buurt
Niet eens, niet oneens
23%
40%
0% (Helemaal) eens
12% 5%
20%
24%
40%
(Helemaal) oneens
18%
21%
60%
80%
6%
15%
100%
Weet ik niet/wil ik niet zeggen
- Omwonende Jordans Residence © 2025
22
02
Waardering communicatie
Tevreden met brief voor opening, daarna gebrek aan informatie •
In de gesprekken komt naar voren dat de meesten inderdaad een gemeentelijke brief hebben ontvangen voor de opening van een opvanglocatie. Ze waarderen de informatie en verwachten van de gemeente een zo persoonlijke mogelijke benadering.
•
Na deze eerste aankondiging ervaren omwonenden een ‘opdroging van informatie’. Hierdoor hebben ze naar eigen zeggen geen actueel beeld van de situatie, wat leidt tot onduidelijkheid en vragen. Omwonenden weten vaak wel dat er nieuwkomers worden opgevangen, maar niet precies wie er wonen, hoeveel mensen het zijn, waar ze vandaan komen, wat ze overdag doen of wat hun behoeften zijn. Het gebrek aan informatie leidt niet zozeer tot negativiteit, maar wel tot een gevoel van afstand en gemiste kansen voor interactie en ondersteuning.
•
•
De positieve groepen ervaren de communicatie over het algemeen als goedbedoeld, maar onvolledig waar het gaat om ondersteuningsbehoeften. Zij zouden graag ook ná de eerste aankondiging informatie blijven ontvangen, en weten of en op welke manier ze zouden kunnen helpen. Zowel in de positieve als negatieve groepen ervaren sommigen de communicatie als strategisch. Ze vermoeden dat de gemeente kritische omwonenden vreest en daarom laat en slechts beperkt informeert. Ze ervaren gebrek aan lef en eerlijkheid vanuit de gemeente. De gemeente zou in hun ogen meer voor haar eigen beleid en keuzes moeten gaan staan.
“Het maakt natuurlijk uit of ik zo'n briefje gewoon zo dichtgevouwen in de bus krijg, of een gepersonaliseerde brief met een vensterenvelop van de gemeente Den Haag. Dat wordt anders behandeld dan als het een soort vlugschriftje is.“ - Omwonende Fletcher Stadshotel) “In het begin is er informatie, maar daar blijft het dan ook bij, want er is nooit opvolging van informatie. Maar de buurt natuurlijk wel behoefte aan heeft om te weten wat er gaande is en of ze iets kunnen doen.” - Omwonende Zandvoortselaan "In het begin ben ik wel twee keer binnen geweest. Maar ik weet echt niet of ze er nog zitten of hoeveel mensen er nog zitten. Daar worden we gewoon helemaal niet over geïnformeerd.” - Omwonende Zandvoortselaan “Bij mij is dan vlakbij ook zo'n opvanglocatie geopend waar we dan een brief over kregen, maar verder nooit meer iets over hebben gehoord. Het is gewoon geopend.“ Omwonende Jordans Residence
© 2025
23
02
Waardering communicatie
Verschillen in locaties qua waardering informatievoorziening • De tevredenheid over communicatie is in grote lijnen vergelijkbaar tussen de verschillende locaties. • Omwonenden van de Maanweg en de Regulusweg vinden vaker dat ze voldoende geïnformeerd worden. Bij beide locaties zijn begin 2025 initiatieven ontwikkeld om buurtbewoners in contact te brengen. Bij de Maanweg is ook een buurtgesprek georganiseerd. Mogelijkerwijs hebben deze initiatieven dus een positief effect gehad op de waardering van informatie door omwonenden. • Een omwonende van de Regulusweg heeft een brief van de gemeente over de sluiting meegenomen naar de focusgroep. Ze bekritiseert de onvolledigheid van de brief: er wordt niet vermeld waar de bewoners nu zullen verblijven. De communicatie richt zich volgens haar uitsluitend op de logistiek en praktische gevolgen (locatie sluit, nieuwe opent in 2026) maar negeert de menselijke consequenties. Anderen beamen dit. "En wat gebeurt er dan met die mensen in die drie tussenliggende maanden? Waarom wordt daar niks over gezegd? Dat is dan toch ook belangrijk?"
Figuur 13. In hoeverre bent u het eens of oneens met de volgende stellingen? % (helemaal) mee eens per opvanglocatie Basis: online + straatinterviews, per locatie tussen de 75 en 280 reacties ANWB-terrein
44%
Fletcherhotel
39%
Gulden Huis
35%
Hennegras
51%
De gemeente moet mij informeren over een potentiële nieuwe opvanglocatie
71%
83%
43%
36%
Jordans Residence
85%
60%
89%
52%
85%
40% 34%
Maanweg
75% 71%
Regulusweg
55%
Zandvoortselaan
42% 0%
20%
40%
De gemeente informeert mij voldoende over opvanglocatie(s) bij mij in de buurt
78% 70% 93%
55% 60%
83%
80%
De gemeente biedt mij voldoende mogelijkheid om vragen te stellen over de nieuwe opvanglocatie(s) in de buurt
100%
- Omwonende Regulusweg © 2025
24
02
Waardering communicatie
Kritische omwonenden minder vaak geïnformeerd en ontevredener met communicatie •
•
•
Omwonenden die zeggen niet te zijn geïnformeerd, zijn vaker negatief over de opvanglocatie in de buurt (36%) dan omwonenden die wel geïnformeerd zeggen te zijn (15%). Het al dan niet (denken) informatie (te) hebben ontvangen hangt dus samen met wat men van de opvanglocatie vindt. Ook is er een verband tussen de houding over de opvang van nieuwkomers en de algehele beoordeling van de communicatie. Omwonenden die negatief zijn over de opvanglocatie voor nieuwkomers bij hen in de buurt beoordelen ook de gemeentelijke communicatie hierover meestal met een onvoldoende (59%). Van de inwoners die positief tegenover de opvang staan, waardeert driekwart van de inwoners de communicatie hierover met een rapportcijfer acht of hoger.
Figuur 14. Bent u door de gemeente wel eens geïnformeerd over de opvang van nieuwkomers? Uitgesplitst naar houding tegenover opvang van nieuwkomers in de buurt. Basis: omwonenden die weten dat op de betreffende locatie nieuwkomers worden opgevangen (brief + straatinterviews), n = 996. Ja (n=737)
57%
Nee (n=129)
16%
35%
19%
Weet ik niet (n=130)
(Zeer) positief
Niet positief, niet negatief
11%
23%
20%
40% (Zeer) negatief
11%
36%
57% 0%
15%
11%
60%
9%
80%
Geen mening/ niks van gemerkt
100%
Weet niet/wil niet zeggen
Figuur 15. Hoe staat u op dit moment tegenover de opvang van nieuwkomers? Uitgesplitst naar rapportcijfer gemeentelijke communicatie. Basis: omwonenden die weten dat op de betreffende locatie nieuwkomers worden opgevangen, en zeggen hier informatie over te hebben ontvangen (brief), n = 672. (Zeer) positief 4% Niet positief, maar ook niet negatief
22%
74%
15%
49%
(Zeer) negatief Geen mening/ ik heb er nooit iets van gemerkt
59% 11% 0%
Onvoldoende (1-5)
Voldoende (6-7)
34% 31%
33% 20%
9%
55% 40%
(Zeer) goed (8-10)
60%
80%
100%
Weet ik niet/wil ik niet zeggen © 2025
25
02
Waardering communicatie
Communicatie vanuit gemeente lijkt defensief •
Verschillende omwonenden, met name in de negatieve groepen, hebben sterk het gevoel dat de gemeente handelt uit angst voor negatieve reacties en dat ze daarom omwonenden soms laat, en slechts beperkt informeert. Dat leidt in hun ogen tot defensieve, ontwijkende en uiteindelijk contraproductieve communicatie.
•
Sommige omwonenden ervaren de communicatie vanuit de gemeente als eenrichtingsverkeer: ze zenden alleen maar en luisteren niet naar wat omwonenden te zeggen hebben. Volgens hen zijn er geen concrete manieren om betrokken te raken, daardoor ontstaat er een grote afstand tussen burger en gemeente.
“Het werd op het laatste moment aangekondigd, zodat er niemand meer naar zo’n avond kan komen. Dat voelde een beetje als het voor de bühne doen. Dus wij hebben ook het gevoel dat de gemeente vaak enigszins defensief is in de informatie die gegeven wordt. Omdat er misschien angst is - maar dat is interpretatie – voor relletjes.” - Omwonende Jordans Residence
“Je wordt op een nette manier geïnformeerd dat er iets gebeurt. Maar het relationele ontbreekt, dus wat je ermee kunt. En dan merk je de grote afstand met het Stadhuis.” - Omwonende Fletcher Stadshotel
“Ik denk dat de mensen die een bek open trekken, goud waard zijn. Omdat ze dan zeggen wat ze denken, op die manier krijg je het gesprek. En als je als gemeente die discussie niet aankunt, dan is er veel meer loos. De communicatie vanuit de gemeente is nu te voorzichtig.” - Omwonende Fletcher Stadshotel
© 2025
26
BEHOEFTEN IN COMMUNICATIE EN PARTICIPATIE BIJ OPVANGLOCATIES
3
© 2025
03
Behoeften in communicatie en participatie
Omwonenden vinden informatie over opvanglocaties belangrijk •
Er zijn verschillen tussen de locaties, maar in alle onderzochte communicatiegebieden vindt een meerderheid het belangrijk dat de gemeente hen informeert over een nieuwe opvanglocatie in de buurt. Ook uit de groepsgesprekken blijkt dat omwonenden geïnformeerd willen worden.
•
Wat ze precies willen weten hangt samen met hun houding. Omwonenden willen graag informatie over de zaken waar ze zich zorgen om maken. De groep die kritisch is over de opvang maakt zich onder andere zorgen over de leefbaarheid van de buurt. Ze hebben daarom behoefte aan informatie over aantallen, periode en samenstelling van de bewoners. Omwonenden met een positieve houding over de opvanglocatie maken zich vaker zorgen over het welzijn van de bewoners, zij willen weten hoe het met ze gaat en of ze wat kunnen doen.
“Dat we ver vooraf geïnformeerd worden maar ook dat we invloed hebben op het besluit en invulling van het besluit.“ - Omwonende Jordans Residence
“Vooral hoe we kunnen helpen. Betrek de buurt op een positieve manier, laat mensen kennis maken met elkaar.“ - Omwonende Fletcher Stadshotel
“Achtergrond van de mensen dus uit welk land ze komen, geslacht, hoeveel mensen en of de opvang tijdelijk is. Zijn het alleenstaande mannen of jonge gezinnen.” - Omwonende Jordans Residence
“Dat het gebeurt, omvang, verwachte duur, soort opvang. En wat er gedaan wordt om de opgevangen mensen bezig te houden, te ondersteunen etc.”
Figuur 16. Hoe belangrijk of onbelangrijk vindt u het om door de gemeente geïnformeerd te worden wanneer er een opvanglocatie voor nieuwkomers in uw buurt komt? Basis: alle omwonenden (online + straatinterviews), n = 1.239 Totaal
44%
39%
12%
4%
ANWB-terrein
41%
41%
12%
3%
Fletcherhotel
47%
Gulden Huis
56%
Hennegras
37%
43%
Maanweg
41%
Regulusweg
20%
14%
43%
19% 41%
40%
8% 10% 2%
41%
46%
4% 6% 2%
43%
31%
Zandvoortselaan
14% 36%
34%
Jordans Residence
Zeer belangrijk
34%
3% 8%
10% 2%
0%
20%
60%
80%
Belangrijk
Niet belangrijk, maar ook niet onbelangrijk
100%
(Zeer) onbelangrijk
- Omwonende Hennegras © 2025
28
03
Behoeften in communicatie en participatie
Voorkeur aan informatie per brief •
•
•
•
Een ruime meerderheid van de omwonenden wordt het liefst via een brief geïnformeerd over opvanglocaties bij hen in de buurt (83%). Een kwart geeft (daarnaast) de voorkeur aan een buurtbijeenkomst of inloopavond (27%). Wanneer alle omwonenden worden vergeleken met de groep die negatief tegenover de opvanglocatie in de buurt staat, en de groep die zegt niet te zijn geïnformeerd, valt op dat de communicatiebehoeften niet significant van elkaar verschillen. Ook in de gesprekken stellen omwonenden dat een brief persoonlijk en belangrijk voelt. Mensen zijn dan meer geneigd om de brief te openen en voelen zich serieus genomen. De deelnemers aan de focusgroepen zijn minder te spreken over de informatiebijeenkomsten. Ze worden in hun ogen laat georganiseerd, vaak pas nadat de beslissing al is genomen of wanneer de bewoners er al zijn. Dit wekt de indruk dat het geen echte consultatie is, maar een poging om escalatie te voorkomen. Volgens sommigen wordt er ook geen terugkoppeling gegeven na afloop van de bijeenkomst. De meeste deelnemers aan de focusgroepen waren zelf niet aanwezig bij een dergelijke informatiebijeenkomst geweest. "Ik ben dus wel geweest. Het was heel erg druk, maar dat had te maken met dat ze veel te laat waren. Want de bewoners zaten al in het hotel, die stonden al op het balkon te kijken.” - Omwonende Zandvoortselaan
Figuur 17. Op welke manier wordt u het liefst geïnformeerd over opvanglocaties voor nieuwkomers in uw buurt? Basis: alle omwonenden (online + straatinterviews). n = 1.239 83% 82% 77%
Via een brief 27% 31% 22%
Via een buurtbijeenkomst of inloopavond
Totaal
Via de website van de gemeente
10% 5% 14%
Negatief over opvang
Via het lokale nieuws (bijv. krant, zender)
10% 7% 8%
Niet geïnformeerd
Via de sociale mediakanalen van het stadsdeel Op een andere manier
5% 5% 7% 6% 11% 9%
Ik wil niet geïnformeerd worden hierover
4% 4% 5%
Weet ik niet/wil ik niet zeggen
2% 1% 2%
© 2025
29
03
Behoeften in communicatie en participatie
Open en eerlijke communicatie is voornaamste wens Er komen een aantal wensen en behoeften naar voren voor wat betreft de wijze waarop de gemeente omwonenden informeert en met hen communiceert over de opvanglocaties voor nieuwkomers in de gemeente Den Haag. • Tijdstip van informeren: Omwonenden zijn niet altijd te spreken over het moment waarop de gemeente hen informeert. Zij geven aan dat dit soms redelijk laat in het proces plaatsvindt, waarbij het voor hen onduidelijk is waarom dat dan pas gebeurt. Sommige omwonenden vragen zich af of deze ‘defensieve’ communicatiestijl een strategische zet is: ze vermoeden dat de gemeente hiermee de weg van de minste weerstand kiest. • ‘Vaag’ beleid: Sommige omwonenden merken op dat het voor hen niet altijd duidelijk is waar, en vooral waarom de gemeente ergens voor kiest. Ook daarbij vermoeden ze dat de gemeente bang is voor tegengas door kritische omwonenden en daarom geen standpunt durft in te nemen. Ze geven aan dat het goed zou zijn als de gemeente sterker uitdraagt wat het opvangbeleid is, en daar vervolgens ook achter gaat staan. • Eerlijke communicatie: Verder vragen omwonenden zich af of ze altijd het volledige verhaal krijgen. Zo gaat het in communicatie bijvoorbeeld regelmatig om ‘tijdelijke’ opvang van (bijvoorbeeld) een jaar, terwijl ze vermoeden dat de gemeente eigenlijk al weet dat dit langer zal worden.
Omwonenden vinden het belangrijk dat de gemeente daar transparant over is. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de behoefte aan hulp: ‘Als er géén behoefte is aan hulp, dan horen we dat ook graag.‘ • (Continue) opvolging: Omwonenden benoemen dat de opvolging van informatie belangrijk is. Vaak horen ze iets wanneer er een nieuwe opvanglocatie komt, maar is informatie daarna schaars. Het gevolg is dat veel mensen niet weten wat er nu precies op de locatie wel/niet is.
• Regie over informatie: Sommigen zouden willen kunnen aangeven waarover je geïnformeerd wil worden in het kader van opvanglocaties, net als over andere beleidskwesties in de gemeente Den Haag. Dat je dat online kunt aanvinken en dan informatie per mail ontvangt.
“Het is maar één infoavond, één datum en daar krijg je opeens op korte termijn een uitnodiging voor. En dan kan ik helemaal niet, terwijl ik er wel naar toe had willen gaan. Iets van een keuze geven daarin zou fijn zijn.“ - Omwonende Fletcher Stadshotel
“Het is bijna een politieke keuze of je daarover [opvanglocaties] gaat communiceren of niet. En ik denk dat je daar stelliger in moet zijn. Dat je als politiek, als gemeente moet zeggen, wij staan voor het beleid. We laten ze niet aan het lot over.“ - Omwonende Jordans Residence
"Wij bewoners zijn gewoon niet gek. Zodra iemand het tijdelijk noemt, dan begin ik al te lachen. Zeg dan, we weten het niet, maar we beginnen waarschijnlijk in ieder geval met twee jaar.“ - Omwonende Zandvoortselaan
“Het begin is altijd wel goed; je wordt goed geïnformeerd. Maar als dat één keer gebeurd is, dan is er geen opvolging meer. Het blijft stil. En dan moet je zelf misschien op zoek gaan, maar dat doe je in het algemeen niet. Er is nooit een opvolging van het goede initiatief.“ - Omwonende Zandvoortselaan
© 2025
30
03
Behoeften in communicatie en participatie
Meeste omwonenden niet betrokken bij locatie, wel belangstelling • De meeste omwonenden waren (nog) niet eerder betrokken bij de opvanglocatie bij hen in de buurt (87%). De voornaamste reden daarvoor is dat zij niet wisten dat dit kon (37%). Een kwart noemt (ook) daar geen behoefte aan en/of geen tijd voor te hebben.
Ja, ik ben bij een (buurt)activiteit op de locatie geweest
• Ruim de helft vindt het leuk om te lezen wat er zoal gebeurt op de opvanglocatie (56%). Een kwart komt bovendien graag in contact met de bewoners van de locatie, bijvoorbeeld als taalmaatje, door te helpen met organiseren van activiteiten of door nieuwkomers wegwijs te maken in de stad. • Tot slot zou 18 procent graag actief betrokken zijn bij de opvanglocatie. In de tekstballonnen hieronder enkele voorbeelden van de manieren waarop zij aangeven dat te willen doen. “Bijwonen van informele bijeenkomsten, koffiedrinken, helpen met taallessen”
Ja, ik heb daar vrijwilligerswerk gedaan
Ja, op een andere manier
7%
1
Ik wist niet dat dit kon (37%)
3%
2
Ik heb daar geen behoefte aan (27%)
4%
3
Ik heb daar geen tijd voor (23%)
Nee
87%
Figuur 19. In hoeverre bent u het eens of oneens met de volgende stellingen? Basis: online + straatinterviews, n = 1.239 Ik vind het leuk om te lezen over de activiteiten die plaatsvinden op de opvanglocatie(s)
“Geen idee. Waar is behoefte aan?”
56%
Ik kom graag in contact met de bewoners van de opvanglocatie(s)
18% 0%
“Helpen met het leren van de taal of het zoeken naar werk”
(Helemaal) eens
Niet eens, niet oneens
23%
27%
Ik zou graag actief betrokken zijn bij de opvanglocatie(s)
“Ik hou van koken, maar vind lesgeven ook leuk. Als er behoefte is aan een van deze dingen, dan zet ik me hier graag voor in”
Tabel 1. Wat is/zijn daarvoor de belangrijkste redenen? Meerdere antwoorden mogelijk. Top 3.
Figuur 18. Was u wel eens betrokken bij de opvanglocatie? Basis: online + straatinterviews, n = 1.239
39%
26%
29% 20%
15%
43% 40%
(Helemaal) oneens
60%
6%
8%
10% 80%
100%
Weet niet/wil niet zeggen
© 2025
31
03
Behoeften in communicatie en participatie
Behoefte aan betrokkenheid verschilt per opvanglocatie •
De behoefte aan betrokkenheid bij de opvanglocaties verschilt naar locatie.
•
Omwonenden van het Gulden Huis hebben de minste behoefte om betrokken te zijn: 11 procent komt graag in contact met bewoners van de opvanglocatie, 8 procent zou zich actief willen inzetten.
•
•
Ook onder omwonenden van Jordans Residence is de bereidheid om zich actief in te zetten relatief laag (10%). Het aandeel dat graag in contact komt met bewoners van de locatie is relatief hoog onder omwonenden van de Maanweg (40%).
Figuur 20. In hoeverre bent u het eens of oneens met de volgende stellingen? % (helemaal) mee eens per opvanglocatie Basis: online + straatinterviews, per locatie tussen de 75 en 280 reacties ANWB-terrein
61%
31%
20%
Fletcherhotel
33%
11%
Gulden Huis
Ik vind het leuk om te lezen over de activiteiten die plaatsvinden op de opvanglocatie(s)
62%
34%
8%
Hennegras
17%
Jordans Residence
51%
23%
50%
22%
10%
Maanweg
24%
Ik kom graag in contact met de bewoners van de opvanglocatie(s)
66%
40% 57%
Regulusweg
Ik zou graag actief betrokken zijn bij de opvanglocatie(s)
12%
Zandvoortselaan
20% 0%
20%
60%
28% 40%
60%
80% © 2025
32
03
Behoeften in communicatie en participatie
Drempels om te participeren Uit de gesprekken met omwonenden komen een aantal drempels naar voren, die maken dat omwonenden die in principe bereidwillig zijn iets bij te dragen, dat op dit moment (nog) niet doen. • Gebrek aan kennis: Sommige omwonenden geven aan niet precies te weten waar de behoefte van de bewoners en de locatie ligt, en/of waar ze terecht kunnen om zich aan te melden voor bijvoorbeeld het doen van vrijwilligerswerk. Daarnaast hebben sommigen behoefte aan ervaringen van andere omwonenden/vrijwilligers om in te schatten wat het betekent om te participeren. Ook persoonlijke verhalen van/over de bewoners zouden het makkelijker maken om een beeld te vormen bij de mogelijkheden. • Concrete hulpvraag: Daarnaast noemen omwonenden dat het verlenen van hulp of bieden van ondersteuning het meest eenvoudig is wanneer dit een concrete hulpvraag betreft. Het ontbreekt hen nu aan een handelingsperspectief. Omwonenden willen wel, maar weten niet hoe en wat de behoefte is. Ze vinden de drempel om dat zelf uit te zoeken bovendien te hoog; omwonenden willen concrete, laagdrempelige opties aangeboden krijgen. • Aansluiten bij al bestaande activiteiten: Ook vinden sommigen het belangrijk om aansluiting te zoeken bij lokale evenementen en activiteiten die al worden georganiseerd (o.a. de buurt samen opruimen, buurtfeest).
Dan wordt het meer onderdeel van de gemeenschap, en is het risico dat mensen niet komen opdagen kleiner.
"Als ik mijn ideale communicatiemanier zou mogen aangeven, is dat de gemeente op regelmatige basis vertelt wat er in de buurt staat te gebeuren. En dat je ook een handelingsperspectief krijgt: als u wilt helpen, dan kunt u hier en hier kijken wat u kunt doen. Dan maak je veel meer gebruik van de kracht van de samenleving.“ - Omwonende ANWB-terrein
“Ik denk ook als je bijvoorbeeld inderdaad de ervaringen van taalmaatjes of van loopmaatjes er ook in zou hebben, dat het ook makkelijker maakt voor mensen om te bedenken, oh, dat is dus wat het inhoudt, dat is hoe iemand dat ervaart. Misschien dat ik dat ook wel wil gaan doen en dat die drempel ook minder hoog wordt.” - Omwonende Jordans Residence
"Je zou bijna net als vroeger van die sportlijstjes willen waar je je ook kon inschrijven, dat je bijvoorbeeld 10 weken iets kan doen. Zulke initiatieven zou ik ook zo hapklaar willen: kruis het maar aan en stuur het terug op.“ - Omwonende Jordans Residence
“Je voelt je soms als burger eigenlijk een beetje tekortschieten. Ook omdat ik zelf niet heel actief ga aanbellen. Dat moet ik ook bekennen. Kijk, ik ga niet naar de gemeente stappen van ik wil dit doen.“
- Omwonende Jordans Residence
© 2025
33
CONCLUSIE
4
© 2025
Conclusie Dit onderzoek geeft de Gemeente Den Haag meer inzicht in de algemene houding tegenover een aantal bestaande opvanglocaties, hoe omwonenden de communicatie vanuit de gemeente beoordelen en welke wensen en behoeften zij daarin hebben. Op basis van de resultaten uit de enquête en vier aanvullende focusgroepen met omwonenden, zijn de volgende conclusies te trekken. Incidenten van invloed op houding van omwonenden Over het algemeen is de houding ten aanzien van de opvanglocaties van de meeste omwonenden neutraal tot positief, en ze hebben vaak geen eigen ervaringen. De omwonenden van de opvanglocaties waar overlast of incidenten grotendeels zijn uitgebleven sinds de opening van de locatie, staan over het algemeen positiever tegenover die locatie dan de omwonenden van locaties waar dat niet het geval is. In zowel houding tegenover de opvanglocatie als waardering voor communicatie zijn omwonenden van Jordans Residence, de locatie waar zich recent wel een incident voordeed (het zogenaamde ‘Fatbike-incident’) negatiever wanneer zij worden vergeleken met omwonenden van de meeste andere locaties.
Hoewel de omwonenden van locaties waar het rustig is bevestigd worden in hun positieve verwachting (‘bevordering van diversiteit in de wijk’’) of ontkracht in hun negatieve verwachting (‘onrust door tegenstanders uit de buurt, of door nieuwkomers zelf’), zorgt een dergelijk incident onder omwonenden voor ophef en negatieve reacties. Attitude hangt samen met waardering communicatie Of men positief of negatief tegenover het opvangen van nieuwkomers op een locatie bij hen in de buurt staat, hangt samen met hoe zij de gemeentelijke communicatie waarderen. Omwonenden die negatief tegenover de opvang staan, zijn relatief vaak ook niet te spreken over de manier waarop de gemeente hen informeert. Omwonenden die positief tegenover de opvang staan, zijn dat juist wel.
Zowel omwonenden met een positieve als met een negatieve houding typeren de communicatie van de gemeente soms als ‘defensief’. Ze vermoeden dat de gemeente bang is voor kritische geluiden vanuit omwonenden en daarom niet het hele verhaal vertellen of ervoor kiezen om pas laat in het proces omwonenden te betrekken en/of te informeren. Open en eerlijke, en het opvolgen van informatie is voor het merendeel van de omwonenden de belangrijkste wens. Verschillen in communicatiebehoefte Omwonenden vinden het belangrijk om informatie over de opvanglocaties in hun buurt te krijgen, de voorkeur gaat uit naar een persoonlijke brief. Het verschil in attitude is ook terug te zien in de wensen en verwachtingen die omwonenden van de gemeente hebben voor wat betreft de manier van informeren en communiceren. De groep die kritisch is over de opvang maakt zich onder andere zorgen over de leefbaarheid van de buurt. Ze hebben daarom behoefte aan informatie over aantallen, periode en samenstelling van de bewoners. Omwonenden met een positieve houding over de opvanglocatie maken zich vaker zorgen over het welzijn van de bewoners, zij willen weten hoe het met ze gaat en of ze wat kunnen doen. De overgrote meerderheid van de omwonenden is niet actief betrokken bij de opvanglocatie, maar er is animo mits zij actief geïnformeerd worden over de concrete behoeften van de (bewoners van de) opvanglocatie.
Het helpt als initiatieven aansluiten bij bestaande buurtactiviteiten, zodat het meer een onderdeel van de gemeenschap wordt.
© 2025
35
© 2025