RIS323630 Beantwoording SV Maison Kelder hoort bij Den Haag
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
25 november 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid mevrouw Van Basten Batenburg, luidend: ‘Maison Kelder hoort bij Den Haag’
DSO/10971921 RIS323630
Het raadslid mevrouw Van Basten Batenburg heeft op 23 oktober een brief met daarin negen vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. De Haagse VVD hecht grote waarde aan het behouden van Haagse bedrijven, zeker ondernemingen met een rijke historie zoals Maison Kelder. Deze banketbakker, al bijna een eeuw in de stad gevestigd, vreest nu voor zijn voortbestaan door ontwikkelingen op de Binckhorst. Uit een artikel in het AD (“Deze banketbakker bakt ook voor de koning, maar vreest voor voortbestaan: ‘Dan is Maison Kelder dood’”) blijkt dat er onduidelijkheid bestaat over de communicatie tussen gemeente en ondernemer en over de toekomst van het bedrijf in de Binckhorst. 1.
Is het college het met de Haagse VVD eens dat karakteristieke bedrijven als Maison Kelder behouden moeten blijven voor de stad en de Haagse werkgelegenheid?
Ja, het college is ook van mening dat karakteristieke bedrijven als Maison Kelder behouden moeten blijven voor de stad en de Haagse werkgelegenheid. 2.
Hoe vaak is er ambtelijk en bestuurlijk contact met bedrijven op de Binckhorst, zoals Maison Kelder, die vanwege hun historie en positie een bijzondere betekenis hebben voor het gebied en voor de stad?
Er is de afgelopen jaren geregeld contact tussen Maison Kelder en de Programmamanager van de gemeente. Er zijn zowel fysieke overleggen geweest als via de mail, als telefonisch contact. Zoals in het debat van de commissie Ruimte van 15 oktober door het college is toegezegd, is er een afspraak gemaakt door wethouder Verschuure met de eigenaar van Maison Kelder. Deze afspraak zal op korte termijn plaatsvinden waarna een terugkoppeling volgt, onder voorwaarde dat Maison Kelder hiermee instemt. Verder zijn er in de Binckhorst diverse communicatiemomenten, zoals de halfjaarlijkse Binckmarkt, waarbij alle partijen uit het gebied worden uitgenodigd om mee te denken en te praten over de gebiedsontwikkeling.
3.
Is het college het met de Haagse VVD eens dat het onbestaanbaar is dat een ondernemer via een ter inzage gelegd plan moet vernemen dat de gemeente overweegt zijn bedrijf te onteigenen?
Het college herkent zich niet in de stellingname over onteigening. Op pagina 203 van het Intergemeentelijk Gebiedsprogramma is opgenomen dat voor Maison Kelder de inzet is om te onderzoeken of verplaatsing van de functie binnen de Binckhorst met hinderbeperkende maatregelen mogelijk is. Er wordt niet gesproken over onteigening.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10971921
Maison Kelder is daarbij al jaren bekend met dat huisvesting op de bestaande locatie niet goed samengaat met de beoogde woningbouw en dat het wenselijk is dat zij verplaatsen. De ondernemer stelt in het artikel dat hem verschillende alternatieven zijn aangeboden die niet voldeden aan noodzakelijke voorwaarden voor de bedrijfsvoering. 4.
Hoe beoordeelt het college het feit dat het ondanks meerdere pogingen niet is gelukt om Maison Kelder aan een geschikte alternatieve locatie te helpen?
Het college betreurt het feit dat er nog geen alternatieve locatie voor Maison Kelder is. Maison Kelder voert met verschillende private partijen gesprekken over alternatieve locaties. Dit zijn gesprekken tussen private partijen onderling waarbij de gemeente niet aanwezig is. 5.
Is het college het met de Haagse VVD eens dat het zeer betreurenswaardig is dat in de afgelopen jaren geen passende oplossing is gevonden voor deze onderneming?
Zie antwoord vraag 4. Zowel ondernemer als inspreker in de commissie ruimte van 15 oktober jl., die de onderneming vertegenwoordigt en namens de onderneming insprak, hebben aangegeven zich bij de gemeente te hebben gemeld met een alternatief plan. Uit het AD-artikel blijkt dat dit gaat om de transformatie van de Escherhal aan de Zonweg. 6.
Is bij de gemeente bekend dat de ondernemer met een aantal andere partijen een plan heeft voor transformatie van de Escherhal aan de Zonweg? Zo ja, wat heeft het college hiermee gedaan?
Uit navraag bij de eigenaar van de Esherhal blijkt dat de Maison Kelder een gesprek heeft gehad over de mogelijkheden voor huisvesting. Dit plan is echter nooit met de gemeente besproken. Als Maison Kelder en de eigenaar dit met de gemeente willen bespreken staat het college hier uiteraard voor open. 7.
Is het college het met de Haagse VVD eens dat de herontwikkeling van deze hal, met plek voor Maison Kelder, een grote bijdrage kan hebben aan de ontwikkeling van de Binckhorst tot een levendige en aantrekkelijke wijk met karakteristieke bedrijvigheid? Zo nee, waarom niet?
In het gebiedspaspoort Op de Centrale staat de Escherhal. Dit betreft het gehele terrein tussen de Binckhorstlaan en Melkwegstraat. In het Intergemeentelijk Gebiedsprogramma is opgenomen dat hier het centrum van de Binckhorst moet komen, met diverse voorzieningen zoals een grote supermarkt. Vanaf begin volgend jaar wordt er met de grondeigenaren in dit gebied een gebiedspaspoort gemaakt. Uit dit gebiedspaspoort zal moeten blijken hoe de locatie ruimtelijk en programmatisch het beste ingevuld kan worden. Of Maison Kelder hier in past is nu nog niet te beantwoorden. 8.
Hoe beoordeelt het college het signaal dat ontwikkelaars, bouwers en grondeigenaren moeite hebben om in contact te komen met de gemeentelijke diensten over kansrijke initiatieven?
Het college herkent zich hier niet. De programmaorganisatie Binckhorst heeft dagelijks contact met ontwikkelaars, bouwers en grondeigenaren.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10971921
9.
Kan het college toelichten hoe zij omgaan met serieuze (ontwikkel)-initiatieven uit de stad, die niet in het stadhuis zijn bedacht, maar wel bijdragen aan het oplossen van complexe ontwikkeldossiers in onze stad?
Initiatieven worden altijd serieus bekeken door de programmaorganisatie van het betreffende gebied. Indien plannen kansrijk zijn en passen binnen de ambities voor de stad zal hier altijd over in gesprek worden gegaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3