RIS323607 Samenwerking netbeheerders en inwoners in de openbare ruimte en Bodemkansenkaart
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Robert Barker Wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Leefomgeving
DSB/10922985 RIS323607 Contactpersoon
Alex Schipperheijn Dienst
Dienst Stadsbeheer Afdeling
DSB BAS Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
28 november 2025
alex.schipperheijn@denhaag.nl
Onderwerp
Samenwerking netbeheerders en inwoners in de openbare ruimte en Bodemkansenkaart
Geachte voorzitter, Eind 2024 is de Visie op de Ondergrond (RIS318970) door uw raad vastgesteld. Tijdens de behandeling van de visie is toegezegd u te informeren over de volgende zaken: − de samenwerking met de netbeheerders en inwoners (toezegging 733); − het bodemleven en het gebruik van de kansenkaart hiervoor (toezegging 734). Met deze brief wordt aan deze toezeggingen voldaan. Aanleiding voor de Visie is het steeds intensievere gebruik van de Haagse ondergrond. De druk van de groeiende stad en de sterke uitbreiding van de ondergrondse netwerken hebben geleid tot bodemcongestie in grote delen van de stad. Waar in het verleden onder de straten en wegen voldoende ruimte was voor straatbomen en de verschillende nutsvoorzieningen moeten wij nu constateren dat deze ruimte op veel plekken vol zit. Dit heeft gevolgen voor doelstellingen van het gemeentelijk beleid. De maatregelen voor het klimaatadaptief maken van de stad worden gehinderd door het grote ruimtebeslag van kabels en leidingen. Ook de netbeheerders worden geraakt door deze ondergrondse drukte. Nieuwe energiesystemen kunnen niet of moeizaam worden ingepast en het onderhouden en vervangen van de ondergrondse netwerken kost steeds meer tijd.
De gegroeide complexiteit die de beheerders in de ondergrond aantreffen vertaalt zich ook in grotere overlast voor onze inwoners, bijvoorbeeld door meerdere en langere opbrekingen in hun straat. De nieuwe drukte in de ondergrond vraagt om nieuwe werkwijzen en de daarbij horende regelingen. Het af te sluiten convenant met de netbeheerders Stedin en Dunea is hier een voorbeeld van. Het maakt het mogelijk nauwer samen te werken met de netbeheerders van ontwerp van nieuwe tracés tot de wijze van uitvoering. Hiermee verbonden is het opstellen van een nieuwe verlegregeling voor ondergrondse infrastructuur ter vervanging van de huidige regeling die dateert van 1974. En met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is participatie van inwoners duidelijker in beeld gekomen. Op deze onderwerpen ga ik in deze brief nader in.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10922985
Convenant Lerend Samenwerken in de Haagse Ondergrond Samen met de netbeheerders Dunea en Stedin zijn wij bezig een convenant op te stellen. Met het convenant erkennen en onderschrijven de gemeente en de netbeheerders de noodzaak om in de drukker wordende stad nauwer samen te werken om deze bereikbaar, groen en leefbaar te houden. Binnen de huidige werkwijze is het niet meer mogelijk om, naast het prioriteren van de verschillende ruimteclaims, al de nodige werkzaamheden tijdig afgestemd, gekoppeld en uitgevoerd te krijgen. In het convenant zal worden opgenomen dat deze opgaven gezamenlijk aangepakt zullen worden. Doel is het versterken van de maakbaarheid en uitvoerbaarheid van de projecten in de openbare ruimte. Gelijktijdig is de inzet om de overlast voor de inwoners te beperken en het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte bovengronds. Voor het gezamenlijk oppakken en uitvoeren van vervanging en uitbreiding van de stedelijke ondergrondse infrastructuur wordt de huidige samenwerking gestructureerd en geïntensiveerd. Als eerste worden projecten langjarig vooruit gepland. Actief wordt gewerkt aan het bundelen van werken. Gecoördineerd zullen de netbeheerders en de gemeente vervolgens aan de slag gaan. Dit betekent dat tijdelijk de overlast toeneemt door een langere uitvoeringsduur.
Voordeel is dat daarna voor een lange periode geen werkzaamheden in het betreffende gebied van Stedin, Dunea en de gemeente mogen plaatsvinden. Hiervoor worden afspraken over ontwerp, uitvoeringsperiode, coördinatieverplichting tussen aannemers tussen de partijen vastgelegd. De verwachting is dat het convenant dit jaar formeel wordt vastgesteld en ondertekend. Goed opdrachtgeverschap De problemen van onderaanneming en de gebrekkige controle op de naleving van vergunningsvoorwaarden zijn ook voor de nutsbeheerders een groeiend probleem. In lijn met het convenant is daarom met netbeheerders overeengekomen om in te zetten op de verbetering van de kwaliteit van de uitvoering van werkzaamheden in de openbare ruimte. Er worden nadere afspraken uitgewerkt om ervoor te zorgen dat de werkzaamheden in de openbare ruimte in elke fase van het graafproces samenhangend, kenbaar en begrijpelijk zijn voor de uitvoerders. Hiermee kunnen de werkzaamheden zorgvuldiger worden uitgevoerd en zijn deze beter controleerbaar voor opdrachtgevers en toezichthouders in de stadsdelen. De door de gemeente ontwikkelde Haagse Werkwijze Veiligheid Fysieke domein (die bij projecten van de gemeente aan opdrachtnemers wordt meegegeven) zal hiervoor als leidraad dienen. De daarin opgenomen risico-inventarisatie en het stappenplan om de risico’s te mitigeren, die op grond van het Arbeidsomstandighedenbesluit (art.
2:30) moet worden opgesteld zal de gemeente ook aan de netbeheerders vragen. De uitwerking van het opdrachtgeverschap zal dit najaar met de netbeheerders worden afgerond en in de praktijk worden getoetst. Nieuwe verlegregeling en herstraattarieven De huidige verlegregeling van de gemeente dateert uit 1974 en is aan vervanging toe. Deze regeling stamt uit de tijd dat de netbeheerders nog gemeentelijke diensten waren en gaat uit van een 50% vergoeding voor het verleggen van kabels en leidingen bij gemeentelijke projecten. Na het afschaffen van het recht op het heffen van precariobelasting op leidingen per 1 januari 2022, is de regeling vooral voordelig voor de netbeheerders. Ook voor zeer oude kabels en leidingen, die in principe zijn afgeschreven, krijgen zij bij verlegging nog een vergoeding.
2/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10922985
Landelijk wordt al langer een andere methodiek van kostenberekening gehanteerd. Die van een afschrijvingsmethodiek. Vanaf 5 jaar na aanleg wordt de vergoeding voor het verleggen van de kabels of leidingen stapsgewijs afgebouwd. Na aflopen van de vastgestelde afschrijvingstermijn heeft de netbeheerder geen recht meer op een vergoeding bij verlegging. De termijn wordt bepaald aan de hand van het type leiding; categorie I zijn de distributieleidingen en huisaansluitingen; categorie II zijn de transportleidingen op het schaalniveau van de stad en categorie III zijn de zware hoofdtransportleidingen, zoals de Delfluent en de 150kv-leidingen van Tennet. Grote transportleidingen kennen een langere afschrijvingstermijn vanwege de langere levensduur en de hogere kosten die zijn gemoeid met de aanleg. De afschrijvingsmethodiek zal in de nieuwe Haagse verlegregeling worden vertaald. De inzet is niet het verleggen voor de gemeente makkelijker te maken, immers kabels en leidingen dienen zoveel als mogelijk een toekomstbestendige ligging te hebben. De kosten van de verlegging moeten in relatie met de afschrijving van de waarde van kabels en leidingen worden gebracht. De nieuwe verlegregeling is met de nutsbeheerders besproken. Zij kunnen zich vinden in de voorgestelde Haagse opzet.
Doelstelling is de nieuwe regeling nog dit jaar richting de raad te brengen en in 2026 van kracht te laten worden. Naast een nieuwe verlegregeling wordt gewerkt aan een herijking van de herstraattarieven, ook wel degeneratiekosten genoemd. Deze tarieven worden in rekening gebracht bij werkzaamheden van derden, zoals netbeheerders. Landelijk worden de herstraattarieven door het Gemeentelijk Platform Kabels leidingen (GPKL) vastgesteld en gepubliceerd. De landelijke hertstraattarieven blijken al langer de door de gemeente gemaakte kosten niet te kunnen dekken. Dit heeft o.a. te maken met de hogere loon -en materiaalkosten en het benodigde toezicht. De hogere kosten maken het noodzakelijk om af te wijken van het landelijk voorgestelde tarief. Over de nieuwe tarievenstructuur wordt u later dit jaar in een aparte brief geïnformeerd. Participatie en Informatievoorziening naar inwoners Veel van de werkzaamheden aan de ondergrondse infrastructuur vinden plaats zonder participatie met inwoners. Voor kleine werken is dit, gezien het noodzakelijke karakter en de geringe impact ervan ook niet nodig. Met de ambitie om meer werken te combineren en ook de kwaliteit van de openbare ruimte te verbeteren zal ingezet worden op een actievere betrokkenheid van de buurt. Dit wordt o.a. ingevuld in de gezamenlijke buurtaanpak met Stedin voor de verzwaring van het laagspanningsnetwerk.
Hiervoor zullen vele nieuwe trafohuisjes in de stad worden geplaatst. Juist om de impact van dergelijke voorzieningen op de stad te beperken is een inpassingskader opgesteld. Voor die trafo’s waarvoor geen inpandige locatie kan worden gevonden zal in de buitenruimte een plek gezocht moeten worden. Een plek die goed is ingepast in de omgeving, bij voorkeur op eigen terrein. De ene keer kan dit met een haag en voor de meer in het oog springende locaties kan met de inbreng van de buurt tot creatieve en kunstzinnige aankleding worden gekomen. Hiervoor wordt een stedelijke aanpak opgesteld, in de vorm van en inpassingskader. Ook voor de uitvoering van de werkzaamheden die samenhangen met de verzwaring van het elektranetwerk zullen de buurten actiever en vooral eerder worden benaderd. Via buurtbijeenkomsten, buurtkranten, brieven en de bouwapp zullen inwoners worden geïnformeerd. Door transparant en tijdig te communiceren over de impact en de duur van de werkzaamheden wordt gewerkt aan begrip en steun voor de werkzaamheden in de buurt.
3/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10922985
Opzetten Kansenkaart Vitale Ondergrond/Gezonde Bodem De bodem draagt in belangrijke mate bij aan het realiseren van een gezonde omgevingskwaliteit. Via de filtering van regenwater, het versterken van de gezondheid van kinderen door het spelen met aarde, het bieden van een voedingsbodem voor flora en fauna en het dempen de gevolgen van klimaatverandering. Deze kwaliteiten (ecosysteemdiensten) staan steeds vaker onder druk door het intensief stedelijk grondgebruik. De ruimte in de ondergrond wordt steeds intensiever gebruikt voor functies zoals parkeren, opslag, energievoorziening, kabels & leidingen en natuurlijk boomwortels. Om de ecosysteemdiensten van bodem te kunnen benutten en versterken is meer inzicht en kennis over de werking van de stedelijke bodem. Naar de stedelijke bodems wordt steeds meer onderzoek gedaan en komen steeds meer inzichten beschikbaar. Bodemleven Wij weten dat een gezonde bodem rijk is aan bodemorganismen en biodiversiteit. Dit bodemleven draagt in belangrijke mate bij aan belangrijke functies als waterretentie en een sterke kwaliteit van het groen dat erin groeit. De stedelijke bodem is door de vele ingrepen die hierin plaatsvinden niet veerkrachtig meer. Het duurt erg lang voordat het natuurlijk bodemleven zich na een ingreep heeft hersteld of kan herstellen.
Als de bodem door bijvoorbeeld bouwwerkzaamheden verdicht raakt, dan dringen zuurstof en water minder goed door waardoor bomen en struiken traag groeien of zelfs doodgaan. Kansenkaart Met het opstellen van een bodemkansenkaart brengen wij data over de bodem bij elkaar maken wij een instrument om het herstel van bodems gericht op te pakken. De kansenkaart heeft als doel inzichtelijk te maken wat de eigenschappen van de oorspronkelijke bodem zijn (zand-klei en veen) en hoe deze eigenschappen gebruikt en versterkt kunnen worden in het kader van het realiseren van een toekomstbestendige stad. Door bestaande gegevens over de grondslag, het grondwaterpeil, het (historisch) gebruik te bundelen en visueel inzichtelijk te maken, kunnen we concrete kansen identificeren, constateringen doen en kennisleemtes identificeren. Voor het opstellen van de kansenkaart wordt gewerkt via twee sporen. Een ruimtelijk ordeningsspoor en een kennisspoor: 1.
2.
Het ruimtelijke ordeningsspoor. Bij zowel ontwerp als planologie wordt rekening gehouden met de drukte in de ondergrond. Het driedimensionaal ontwerpen en planologie inclusief ondergrond wordt verrijkt met de bodemkansenkaart. Daarmee kunnen boven- en ondergrondse functies goed afgewogen worden. En kunnen we bodems borgen waar juist niéts in de grond ligt, behalve een gezonde levende bodem met klimaatbestendige en soortenrijke vegetatie. Het kennisspoor. Een levende bodem is essentieel voor klimaatadaptatie, biodiversiteit en circulariteit. Veel informatie over wat de bodem kan betekenen is bij veel stakeholders in de ontwikkeling van de stad onbekend. Kennis over de levende bodem die door kennisinstituten wordt verkregen moet naar de stedelijke omgeving overgebracht.
De eerste resultaten van de Haagse bodemkansenkaart worden begin 2026 verwacht. Tot slot Hoewel de ondergrond weinig zichtbaar is, is deze wel belangrijk voor onze stad. Alle nutsvoorzieningen liggen in deze ondergrond. Een toekomstbestendig waterleidingnet, extra elektriciteitskabels om netcongestie op te lossen, warmtenetten voor energietransitie naast de riolering en het glasvezelnet vragen allemaal om een plek in de ondergrond. Allemaal ook hard nodig om de on.
4/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10922985
Daarnaast willen de stad ook vergroenen en willen we de buitenruimte klimaatbestendig maken. We willen ook nog weleens vergeten dat de ondergrond rijk is aan bodemorganismen en een prachtige biodiversiteit kent, die we graag willen uitbreiden. Dit zorgt ervoor dat er de komende jaren lastige keuzes gemaakt moeten worden hoe we met onze ondergrond willen omgaan, want niet alles zal overal mogelijk zijn. Met vriendelijke groet, de wethouder van Buitenruimte, Dierenwelzijn en Milieu Robert Barker
5/5