RIS323227 Beantwoording SV Vrouwenopvang op orde
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
4 november 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid mevrouw Faïd, luidend: ‘Vrouwenopvang op orde’
OCW/10952415 RIS323227
Het raadslid mevrouw Faïd heeft op 11 september 2025 een brief met daarin elf vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Naar aanleiding van de beantwoording van onze eerder gestelde schriftelijke vragen over de crisis bij de vrouwenopvang (RIS322647) heeft de Haagse Stadspartij aanvullende vragen betreft de zorgelijke situatie bij de vrouwenopvang. Het college stelt dat Den Haag voldoet aan de norm van het Verdrag van Istanbul, terwijl er structureel gebruik wordt gemaakt van hotelplekken. 1.
Ziet het college dit niet als een aanwijzing dat de internationale norm ontoereikend is voor de Haagse praktijk?
Het college voldoet aan het Verdrag van Istanbul (1 opvangplek per 10.000 inwoners), maar het aantal vrouwenopvangplekken dat wij hebben is alsnog structureel onvoldoende. De Haagse Stadspartij heeft signalen ontvangen dat vrouwen, die opgevangen worden in een hotel, dat zonder begeleiding moeten doen. 2.
Kan het college aangeven of bij verblijf in een hotel (noodopvang) wordt voorzien in passende begeleiding en faciliteiten, zoals 24/7 aanwezigheid van personeel, waarborging van veiligheid, kinderfaciliteiten, privacy en expertise op het gebied van vrouwenopvang op locatie?
De begeleiding en faciliteiten in een hotel komen redelijk overeen met die in de vrouwenopvang, maar verschillen op twee punten. Net als in een aantal vrouwenopvanglocaties is in het hotel geen 24/7 woonbegeleiding aanwezig. Dit is ook niet noodzakelijk als de locatie veilig genoeg wordt bevonden. Daarnaast zijn er in het hotel helaas minder faciliteiten voor de kinderen aanwezig dan in de vrouwenopvang. Samen met de vrouwen wordt de intensiteit van de begeleiding in het hotel afgestemd en worden veiligheidsafspraken gemaakt, net als in de vrouwenopvang. 3.
Kan het college aangeven hoeveel vrouwen en hoeveel kinderen op dit moment verblijven op een hotelplek?
Het college reserveert structureel dertien hotelkamers om de piekmomenten goed op te kunnen vangen. Bij maximale bezetting in het hotel verblijven daar drie vrouwen (met kinderen) code rood en tien vrouwen (met kinderen) code oranje. Echter, door de in-, door- en uitstroom in de vrouwenopvang fluctueert dit aantal tussen de zeven vrouwen en ongeveer veertien kinderen, en dertien vrouwen en ongeveer zesentwintig kinderen in een hotel.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10952415
4.
Kan het college de gemiddelde en mediane verblijfsduur bij hotelopvang in de afgelopen drie jaren aangeven?
Gemiddeld blijven de vrouwen (met kinderen) rond de drie weken in het hotel alvorens zij de vrouwenopvang instromen of door omstandigheden toch geen gebruik maken van de vrouwenopvang. 5.
Kan het college de kosten van de afgelopen drie jaar aangeven die gepaard gaan met de opvang in hotels?
De hotelkosten voor code rood zijn de afgelopen drie jaar gestegen van € 144.000, - in 2023 naar € 120.000, - in 2024 naar (prognose) € 188.000, - in 2025. Voor de code oranje zijn de hotelkosten gestegen van € 78.000, - in 2024 naar (prognose) € 464.000, - in 2025. De kosten voor code oranje zijn in 2023 niet geregistreerd. 6.
Is het college het met de Haagse Stadspartij eens dat hotelopvang doorgaans onveiliger en ongeschikter is voor deze doelgroep (gebrek aan begeleiding, instabiele omgeving voor kinderen, gedeelde kamers)?
Het college is het eens dat een vrouwenopvang geschikter is dan een hotelopvang. Wij zouden de hotelopvang op termijn graag afbouwen en de financiële middelen die nu worden ingezet voor hotelopvang gebruiken voor structurele vrouwenopvang bij de aanbieders Arosa en het Leger des Heils. Samen met Arosa en het Leger des Heils willen wij in 2026 starten met het realiseren van extra capaciteit. Echter hebben we extra middelen nodig om de exploitatie kostendekkend te krijgen. Het Rijk stelt vanaf 2026 landelijk structureel € 12 miljoen extra middelen beschikbaar in de DUVO. Dit is echter lang niet voldoende om het landelijke te kort aan vrouwenopvangplekken op te lossen. Het college is in gesprek met het Rijk en de VNG daar het nog onduidelijk is hoe de middelen over de centrumgemeenten worden verdeeld. Als dit middels de huidige verdeelsleutel gebeurt, ontvangt het college € 840.000, -. Deze middelen gaan wij in 2026 meteen investeren in extra opvangplekken. Echter heeft het college totaal € 1,3 miljoen nodig om het aantal vrouwenopvangplekken op orde te krijgen. 7.
Waarom stelt het college in de beantwoording op eerdere vragen van de Haagse Stadspartij kosten boven veiligheid en passende zorg in hun afweging tussen hotel- en reguliere opvang?
Het college neemt zowel de veiligheid, als de passende zorg, als de kosten mee in de besluitvorming rondom het opvangen van vrouwen (met kinderen) in de vrouwenopvang. 8.
Waarom kijkt het college niet veel actiever naar leegstaande panden in Den Haag om het tekort aan opvangplekken op te vangen? Wat zijn de overwegingen die het college daarbij maakt?
Op initiatief van het college is Arosa momenteel in gesprek met HaagWonen om op de langere termijn een nieuwe locatie voor een Oranjehuis concept te realiseren. En het Leger des Heils opent eind 2026 een nieuwe locatie de Saffierhorst met extra vrouwenopvangplekken. Arosa en het Leger des Heils zijn zelf verantwoordelijk voor het vinden en/of benutten van een bestaand en/of een leegstaand pand. Het college kan hen hierin faciliteren en (financieel) ondersteunen. 9.
De Haagse Stadspartij hoort dat werken in de vrouwenopvang niet aantrekkelijk is omdat de beloning achterblijft bij de Cao-afspraken. Is het college bereid om extra maatregelen te nemen of extra middelen in te zetten om het werk aantrekkelijker te maken?
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10952415
Het college heeft geen invloed op de CAO-afspraken van de aanbieders Arosa en het Leger des Heils. Het belonen van de medewerkers is een verantwoordelijkheid van de aanbieders zelf. 10. Kan het college garanderen dat vrouwen in de praktijk nooit tijdelijk worden teruggestuurd naar hun eigen (onveilige) omgeving of buiten de regio moeten uitwijken? Het college garandeert dat een vrouw die recht heeft op vrouwenopvang nooit wordt teruggestuurd naar haar onveilige thuissituatie. Het is echter wel zo dat een vrouw in een andere vrouwenopvang buiten de regio kan worden geplaatst bij een te kort aan vrouwenopvangplekken en/of een levensbedreigende situatie. 11. Kan het college uitleggen hoe dit gemonitord wordt? Kan het college de cijfers hierover met de raad delen zoals terugverwijzingen, plaatsingen buiten de regio en wachttijden? In opdracht van Valente en de VNG is de eerst landelijke- en regionale monitor vrouwenopvang 2022 – 2023 op 31 maart 2025 opgeleverd. Het college ontvangt ieder jaar een landelijke- en regionale monitor vrouwenopvang van Valente en de VNG waarin een deel van de gevraagde gegevens zijn opgenomen. Deze landelijke monitor is openbaar en de regionale monitor kan met de raad worden gedeeld. Valente en de VNG zijn met de vrouwenopvangorganisaties in gesprek om de monitoren te optimaliseren.
Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3