CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323199 Beantwoording SV Ondersteuning van jongeren met een bijstandsuitkering

Commissie Samenleving 27 november 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Rekenkamerrapport inzake Armoede1.884 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN

11 november 2025 Ons kenmerk Onderwerp

Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de dames Baboeram en Holman, luidend: ‘Ondersteuning van jongeren met een bijstandsuitkering’

SZW/10958064 RIS323199

De raadsleden de dames Baboeram en Holman hebben op 9 september 2025 een brief met daarin 12 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt: Op 29 augustus 2025 schreef het NRC het artikel: ‘Meer mensen in de bijstand – en groei is het sterkste onder jongeren’1. Het aantal bijstandsontvangers nam relatief het sterkst toe bij mensen tot 27 jaar, met 6,2% (2.500 mensen). In Den Haag nam het aantal jongeren met een bijstandsuitkering toe van 1.476 jongeren tot 27 jaar op 1 januari 2023 naar 1.662 op 1 januari 2025 (RIS322799). Volgens Divosa spelen voor deze landelijke, stijgende trend verschillende factoren een rol, zoals een minder gunstige economie, waar jongeren als eerste door geraakt worden. Jongeren hebben vaak geen vast contract en hebben minder snel recht op een WW-uitkering (RIS321555, p. 9). Onderbelicht is dat de verblijfsduur van jongeren in de bijstand toeneemt, van gemiddeld 21 naar 25 maanden, iets wat volgens experts duidt op een complexere ondersteuningsbehoefte dan pure uitstroombegeleiding. 1.

Herkent het college dat de ondersteuningsbehoefte van Haagse jongeren in de bijstand complexer is geworden de afgelopen jaren?

Ja, het college herkent dat de ondersteuningsbehoefte van Haagse jongeren in de bijstand de afgelopen jaren complexer is geworden. We zien dat jongeren vaker te maken hebben met multiproblematiek. De aansluiting tussen de domeinen van onderwijs, zorg en werk is niet altijd toereikend. Daarom heeft de gemeente Den Haag de preventieve aanpak ontwikkeld waarin naast begeleiding naar werk ook aandacht is voor onderliggende problemen. 2.

Heeft het college de toename van jongeren in de bijstand in Den Haag onderzocht? Is daarin ook meegenomen of de toename (deels) te verklaren is doordat jongeren de gemeente beter weten te vinden?

Het is moeilijk om specifiek aan te duiden waardoor de toename van jongeren in de bijstand wordt veroorzaakt. Meerdere factoren kunnen hierbij een rol spelen, zoals economisch ontwikkelingen, arbeidsmarktkansen voor jongeren en persoonlijke omstandigheden. Er is tot op heden nog geen specifiek onderzoek gedaan naar de oorzaken van deze stijging. We weten dus ook niet of die te verklaren is doordat jongeren de gemeente beter weten te vinden. Omdat de stijging zich landelijk voordoet, wordt met andere gemeenten momenteel overlegd over het gezamenlijk starten van een onderzoek.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

SZW/10958064

3.

Welke ondersteuning biedt het college specifiek aan jongeren in de bijstand wanneer zij te maken hebben met een complexe ondersteuningsvraag?

Het college biedt jongeren in de bijstand met een complexe ondersteuningsvraag multidisciplinair, gerichte ondersteuning vanuit het Jongerenpunt070, met inzet op alle relevante leefgebieden. Te denken valt aan trajecten op het gebied van mentale gezondheid, schulden, werk en scholing. Zo kan bij problemen met mentale gezondheid een traject via Reakt worden ingezet, waarbij de jongeren gemiddeld 6 maanden aan de slag gaan met het persoonlijke herstelplan. Ook kan ondersteuning plaatsvinden via schuldhulpverlening of worden trajecten gericht op werken en leren ingezet, zodat de jongeren op meerdere leefgebieden tegelijk worden ondersteund. 4.

Wordt er door het college meteen ingezet op uitstroom uit de bijstand, ook wanneer jongeren bijvoorbeeld te maken hebben met schulden, mentale problematiek of een onzekere thuis- of woonsituatie?

In de dienstverlening staan de hulpvragen van de jongere centraal. Het kan dus per jongere verschillen wanneer wordt ingezet op uitstroom uit de bijstand. Ook wordt er nazorg geboden om te voorkomen dat jongeren op school uitvallen of terugvallen in de bijstand. De gemeente Groningen experimenteert met het inzetten van psychologen om jongeren die dat nodig hebben te ondersteunen bij mentale problematiek. Dit mede vanwege het feit dat er lange wachtlijsten voor de ggz bestaan. De gemeente is van plan om hiervoor een aantal psychologen in dienst te nemen. 5.

Hoe denkt het college over de inzet van psychologen om kwetsbare jongeren die in de bijstand zitten te ondersteunen?

Het college herkent de mentale problematiek bij jongeren, binnen en buiten de bijstand, en daarmee ook de behoefte aan psychische hulpverlening. Vanwege lange wachttijden in de reguliere GGZ heeft de gemeente partijen gecontracteerd die kortdurende trajecten aanbieden. Voor jongeren met minder complexe problematiek is dit effectief; voor specialistische GGZ blijft het aanbod beperkt en hebben jongeren te maken met wachtlijsten. De casemanagers van het Jongerenpunt laten de jongeren die wachten op hulpverlening niet los, maar bieden passende ondersteuning om de periode tot aan de behandeling te overbruggen. Daarnaast wordt ingezet op wachttijdondersteuning, zoals door Kompassie en Parnassia wordt aangeboden. Deze ondersteuning is bedoeld om jongeren die wachten op een plek in de reguliere GGZ niet zonder hulp te laten. Dit kan variëren van een luisterend oor en koppeling aan ervaringsdeskundigen tot lotgenotengroepen en activiteiten op de mentale agenda. Zij bieden themabijeenkomsten, trainingen en groepsactiviteiten die het mentaal welzijn, de structuur en sociale verbinding van jongeren versterken, zodat zij tijdens de wachttijd ondersteund worden en klachten niet verergeren. 6.

Hoe denkt het college over het in dienst nemen van psychologen bij bijvoorbeeld het Jongerenpunt070, zodat jongeren in de bijstand met mentale problematiek hier sneller toegang tot kunnen krijgen?

Het college heeft ervoor gekozen om geen psychologen in dienst te nemen, maar psychologische hulp in te kopen. Jongerenpunt070 richt zich primair op begeleiding richting werk, scholing en zelfstandigheid. Om mentale problematiek vast te kunnen stellen zijn arbeidsdeskundigen/psychologen gecontracteerd. Daarnaast zijn er, voor de lichte mentale problemen, diverse ondersteuningstrajecten ingekocht.

2/4

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

SZW/10958064

Het snel kunnen inschakelen van passende ondersteuning of hulpverlening is onderdeel van ons dienstverleningsconcept. We zetten in op samenwerking met specialistische partijen om zo de kwaliteit van de ondersteuning te waarborgen, terwijl jongeren profiteren van kortere wachttijden in de GGZ. Jongeren zijn vooral gebaat bij kortere wachttijden in de GGZ. Waar mogelijk kijken we naar aanvullende wachttijdondersteuning, zoals die door Kompassie of Parnassia wordt geboden. Jongeren tussen de 18 en 21 jaar krijgen een lagere bijstandsnorm, omdat hun ouders wettelijk gezien financiële verantwoordelijkheid hebben voor hun kind tot 21 jaar. N.a.v. de motie ‘Breid Stabiel Inkomen programma uit voor hoog risico jongeren’ (RIS316186) is de doelgroep die in aanmerking komt voor de financiële aanvulling vanuit het Stabiel Inkomen uitgebreid van enkel dak- en thuisloze jongeren naar andere kwetsbare jongeren die anderszins niet in hun woonkosten kunnen voorzien. In 2024 kregen hierdoor 14 zelfstandig wonende jongeren het Stabiel Inkomen. Ondanks de uitbreiding van de doelgroep voor Stabiel Inkomen, is het aantal verstrekkingen in 2024 afgenomen (RIS322995). 7.

Heeft het college in beeld welke andere kwetsbare jongeren tussen de 18 en 21 jaar, naast de 14 zelfstandig wonende jongeren die het Stabiel Inkomen ontvingen in 2024, in aanmerking zouden kunnen komen voor de uitbreiding van het Stabiel Inkomen en hoe groot deze groep jongeren is?

Op de peildatum 18 september 2025 ontvingen 43 jongeren een Stabiel Inkomen. In het verleden zijn jongeren echter niet altijd correct geregistreerd, waardoor er sprake was van onderrapportage ten opzichte van het werkelijke aantal verstrekkingen. In de Voortgangsrapportage 2024 Aanpak dakloosheid 2023-2030 ‘Den Haag geeft Thuis’ (RIS322995) is daardoor een lager aantal (14 jongeren) genoemd dan het aantal jongeren dat in werkelijkheid Stabiel Inkomen ontving. Het werkelijke aantal jongeren dat Stabiel Inkomen ontving, bedroeg: ➢ in 2023: 21 jongeren ➢ in 2024: 37 jongeren Hierbij valt op te merken dat het Stabiel inkomen niet meer wordt toegekend op het moment dat jongeren 21 jaar worden, zij krijgen dan de volledige bijstandsnorm voor een alleenstaande van 21 jaar en ouder. 8.

Hoe verklaart het college dat het aantal verstrekkingen van het Stabiel Inkomen is afgenomen ondanks de uitbreiding van de doelgroep en toename van het aantal jongeren in de bijstand?

Zie het antwoord op vraag 7. Daaruit blijkt dat eerdere cijfers niet volledig waren vanwege onvolledige registratie. In werkelijkheid neemt het aantal jongeren dat Stabiel Inkomen ontvangt toe en niet af. 9.

Wat verstaat het college precies onder het niet kunnen voorzien in woonkosten? Gaat het hierbij alleen over directe woonkosten als huur, of kijkt het college ook naar bredere kosten die essentieel zijn om te kunnen blijven meedoen in de samenleving?

Wij verstrekken uitwonende jongeren standaard de aanvulling op de jongerennorm. Daarnaast vragen wij proactief bij uitwonende jongeren die een bijstandsuitkering aanvragen of zij met dit bedrag in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Als dat niet het geval is, stemmen wij op basis van artikel 18 lid 1 van de Participatiewet de bijstandsuitkering af op de daadwerkelijke situatie van de jongere. Wij kijken dus breder dan enkel directe woonkosten zoals huur.

3/4

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

SZW/10958064

10. Heeft het college onderzocht of de jongeren in de doelgroep voor het Stabiel Inkomen wel in voldoende mate door de gemeente bereikt worden, gezien de afname van het aantal verstrekkingen? Zo ja, kan het college deze resultaten delen? Zoals toegelicht bij vraag 7, blijkt dat eerdere cijfers niet volledig waren vanwege foutieve registratie. Daarnaast is sinds oktober 2024 de werkwijze ten aanzien van Stabiel Inkomen aangepast: consulenten beoordelen sindsdien proactief of een jongere in aanmerking komt voor Stabiel Inkomen. Tenslotte is in oktober 2024 het volledige jongerenbestand doorgelicht. Jongeren die toen in aanmerking kwamen, hebben met terugwerkende kracht het Stabiel Inkomen ontvangen. In totaal zijn 61 jongeren uit het bestand op deze manier beoordeeld en, waar van toepassing, alsnog voorzien van de regeling. Het college geeft aan dat relatief weinig jongeren van 18 tot 21 jaar met een bijstandsuitkering zelfstandig (zijn gaan) wonen, o.a. door het woningtekort. In Den Haag bestaat een relatief groot aandeel van de totale woningvoorraad uit particuliere verhuur (RIS322995). Vaak worden er inkomenseisen gesteld bij particuliere verhuur van woningen, wat de positie van deze jongeren nog verder verzwakt op de woningmarkt. 11.

Is er ondersteuning vanuit de gemeente specifiek voor jongeren met een bijstandsuitkering die nog niet zelfstandig wonen maar dat wel graag zouden willen? Wanneer een jongere aangeeft zelfstandig te willen wonen, informeert de gemeente hen over de mogelijkheden. Zo kunnen jongeren die geen recht hebben op huurtoeslag vanwege de huurtoeslaggrens, in sommige gevallen in aanmerking komen voor woonkostentoeslag. Daarnaast kan de jongere in aanmerking komen voor het Stabiel Inkomen als zelfstandig wonen noodzakelijk is, ouders niet voldoen aan de onderhoudsplicht en de standaard bijstandsnorm - inclusief een eventuele aanvullende norm - niet toereikend is om de woonlasten te dekken. De gemeente informeert hen hierover en biedt ondersteuning als daar behoefte aan is. 12. Hoe denkt het college over het inzetten van het Stabiel Inkomen voor jongeren met een bijstandsuitkering die nog niet zelfstandig wonen, maar dat wel graag zouden willen? Het Stabiel Inkomen is in beginsel bedoeld voor jongeren die zelfstandig wonen en niet kunnen voorzien in hun woonlasten. In uitzonderingssituaties kan het ook worden ingezet voor jongeren die dringend een zelfstandige woonruimte nodig hebben, bijvoorbeeld bij (dreigende) dakloosheid.

Als een jongere tijdelijk alleen toegang heeft tot duurdere woonruimte en er uitzicht is op doorstroming naar een betaalbaarder alternatief, kan ter overbrugging aanvullende bijzondere bijstand in de vorm van Stabiel Inkomen worden verstrekt. Daarbij wordt altijd beoordeeld of de onderhoudsplicht van ouders nog van toepassing is. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16208962/1