CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323175 Vaccinatiegraadcijfers op stadsdeel- en wijkniveau in Den Haag (verslagjaar 2025)

Commissie Samenleving 6 november 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Programma 8: Zorg, Welzijn, Jeugd en Volksgezondheid2.272 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekst Typ tekstTyp tekst

out

Uw brief van kenmerk Ons kenmerk dienst: dienstcode

OCW/10942025 RIS323175 Contactpersoon Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Marijn de Raadt Dienst

Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn

Aan de gemeenteraad

Afdeling

OCW Stad en Bestuur Telefoonnummer

14070 E-mailadres

marijn.deraadt@denhaag.nl Aantal bijlagen

Datum

9 september 2025 Onderwerp

Vaccinatiegraadcijfers op stadsdeel- en wijkniveau in Den Haag (verslagjaar 2025)

Hierbij informeert het college uw raad over de tussentijdse positieve resultaten van het programma ‘Laagdrempelig Voorlichten en Vaccineren’ en over de nieuwe vaccinatiegraadcijfers van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) op stadsdeel- en wijkniveau in Den Haag. In juni 2025 heeft het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) landelijke cijfers over de vaccinatiegraad gepubliceerd. 1 Om een beter beeld te krijgen hoe de vaccinatiegraad zich in onze stad per stadsdeel en wijk ontwikkelt, heeft GGD Haaglanden op basis van deze RIVM-cijfers een aanvullende rapportage opgesteld2. In deze brief lichten wij dit rapport toe. De vaccinatiegraad is, zoals in juni (RIS322580) gemeld, nog altijd zeer zorgelijk. Tegelijkertijd zien we dat onze inzet van de afgelopen tijd zijn vruchten begint af te werpen. Zo heeft de tweede fase van de pilot, waarbij de maternale kinkhoestvaccinatie (22-wekenprik) door verloskundigen bij verloskundigenpraktijken wordt gezet, ertoe geleid dat er fors meer prikken zijn gezet bij zwangere vrouwen. Naast een toelichting op deze pilot staan we in deze brief stil bij de voorlopig positieve resultaten van het programma. Algemeen – zorgwekkende ontwikkeling basisvaccinaties BMR en DKTP Het beeld dat uit de analyse wederom naar voren komt, is dat de vaccinatiegraad voor alle RVPvaccinaties in Den Haag (veel) te laag is.

Geen enkel stadsdeel haalt de door de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) geadviseerde vaccinatiegraad voor zuigelingen van 95% voor BMR en met uitzondering van stadsdeel Segbroek ook niet de 90% voor DKTP. Hoewel alle RVP-vaccinaties belangrijk zijn voor de volksgezondheid en beschermen tegen zeer besmettelijke en potentieel levensgevaarlijke infectieziekten, is met name de lage vaccinatiegraad voor de DKTP en BMR-zuigelingen zeer ernstig. Juist deze jonge kinderen vormen een kwetsbare doelgroep, met een verhoogd risico op ernstige complicaties bij het doormaken van deze infecties. Bovendien zijn mazelen en kinkhoest zeer besmettelijk en kunnen zich snel verspreiden binnen de gemeenschap. Voor bijvoorbeeld het cohort 2022 - waar circa 5.300 zuigelingen in aanmerking komen voor de BMR en DKTP-vaccinatie - is er sprake van een vaccinatiegraad van 81%.

1

Vaccinatiegraad Rijksvaccinatieprogramma Nederland. Verslagjaar 2025 | RIVM. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de vaccinatiegraadcijfers gaan over de jaren 2022, 2023 en 2024.

2

https://gezondheidsgids.ggdhaaglanden.nl/handlers/ballroom.ashx?function=download&id=229

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10942025

Dat betekent concreet dat van deze 5.300 zuigelingen er 1.000 onbeschermd zijn tegen deze zeer besmettelijke infectieziekten. Daarnaast zijn er groepen (nog) ongevaccineerden die een verhoogd risico lopen op besmetting, zoals baby’s jonger dan 14 maanden en een groep kwetsbare kinderen die om medische of praktische redenen niet gevaccineerd kunnen worden. Zij kunnen zich (nog) niet beschermen maar wel (ernstig) ziek worden, met alle gevolgen van dien.

Afbeelding 1 Vaccinatiegraad RVP-vaccinaties in procenten – verslagjaar 2025

2/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10942025

Afbeelding 2 Gemiddeld gewogen vaccinatiegraad op wijkniveau Hoofdbevindingen GGD Haaglanden rapport vaccinatiegraadcijfers stadsdeel- en wijkniveau – verslagjaar 2025 • De vaccinatiegraad van alle RVP-vaccinaties is in Den Haag (veel) lager dan de WHO-norm, die van BMR en DKTP-zuigelingen zijn het meest zorgwekkend.

3

•

De afgelopen jaren is de BMR-vaccinatiegraad voor de zuigelingen ongekend snel gedaald van 92,9% naar 80,9%.3 In vrijwel alle Haagse stadsdelen zet deze dalende trend zich voort. Geen enkele wijk haalt de WHO-norm van 95%, en in minstens 11 wijken ligt de vaccinatiegraad onder de 80%, met uitschieters zoals de Groente- en Fruitmarkt (<60%). In de Schilderswijk, Morgenstond, Bouwlust en Vrederust en Laakkwartier wonen ongeveer een kwart van alle zuigelingen in Den Haag. Deze cijfers illustreren dat slechts circa 2/3 van de zuigelingen in deze wijken is gevaccineerd voor BMR en DKTP, wat zorgelijk is gezien recente uitbraken van mazelen en kinkhoest.

•

De afgelopen jaren is de DKTP-vaccinatiegraad bij zuigelingen eveneens zeer snel gedaald van 92,3% naar 81,0%. Voor DKTP-zuigelingen lijkt de scherpe daling enigszins af te zwakken, met in enkele stadsdelen zelfs een stabilisatie of zelfs een lichte stijging (Segbroek).

Dit zijn prikken die gezet zijn in 2022 (zuigelingen) en 2023 met herhaaloproepen in 2024.

3/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10942025

4

•

Centrum, Escamp en Laak hebben al vijf jaar op rij de laagste vaccinatiegraad van Den Haag, met een steeds grotere kloof ten opzichte van de andere stadsdelen. Binnen deze drie stadsdelen is er sprake van het hoogste percentage gezondheidsachterstanden binnen onze stad. Ook dit jaar zijn de percentages voor zuigelingen in deze gebieden het laagst: Centrum (DKTP 71,9%; BMR 72,9%), Escamp (DKTP 77,9%; BMR 76,4%) en Laak (DKTP 77,7%; BMR 75,2%). Daarnaast zien we dat de vaccinatiegraad voor zuigelingen in stadsdeel Leidschenveen-Ypenburg steeds sterker daalt. In dit stadsdeel is de vaccinatiegraad voor zuigelingen wederom gedaald ten opzichte van vorig jaar met BMR van 87,2% naar 82,2% en DKTP van 85,8% naar 82,7%. Daarmee komt Leidschenveen-Ypenburg steeds dichter in de buurt van de drie stadsdelen Centrum, Escamp en Laak. Deze zorgelijke ontwikkeling vraagt nadere analyse om te bepalen of dit een incidentele of structurele ontwikkeling is. Dat zal in Q3 nader door het programmateam worden onderzocht. Bij vaccinaties op oudere leeftijd, zoals HPV en MenACWY, wordt het verschil van de stadsdelen Centrum, Escamp en Laak met de andere vijf stadsdelen ook steeds groter. Voor de MenACWY adolescenten vaccinatie zijn deze drie stadsdelen hekkensluiter met een vaccinatiegraad van onder de 50%, waar de overige vijf stadsdelen op de 65% of daarboven zitten.

•

Een positieve ontwikkeling is dat we voor alle vaccinaties die kinderen vanaf 9 jaar krijgen, zien dat ten opzichte van verslagjaar 2024 een stabilisatie van de vaccinatiegraad of zelfs een stijging heeft plaatsgevonden. Het betreft hier BMR en DTP 10 jaar, MenACWY en HPV. Sinds 2024 worden deze vaccinaties individueel aangeboden op het CJG in de buurt, in plaats van op groepsniveau. Deze andere aanpak lijkt van invloed te zijn geweest op de stijging in vaccinatiegraad onder deze groep. Al zien we tegelijkertijd in de stadsdelen Centrum en Laak dat de cijfers nog altijd onder de 60% liggen. Bij de wijken Transvaalkwartier en Groente- en Fruitmarkt is zelfs sprake van een daling tot onder de 50%.

•

De vaccinatiegraad voor HPV-jongens is in alle stadsdelen gestegen en voor HPV-meisjes geldt dat voor bijna alle stadsdelen behalve Laak en Centrum. Daarnaast is het verschil in vaccinatiegraad tussen jongens en meisjes kleiner geworden sinds vorig jaar. De HPVvaccinatiegraad voor meisjes is toegenomen van 34% in verslagjaar 2024 naar 42% in verslagjaar 2025, en bevindt zich in veel wijken tussen de 45% en 60%. De vaccinatiegraad van de jongeren (voor zowel HPV als MenACWY) neemt dus weer toe, maar is nog niet op het oude niveau en de stijging verschilt per wijk.

•

RIVM-data over de laatste twee jaar laten verschillen zien in vaccinatiegraad naar herkomstland. 4 Het betreft in het buitenland geboren kinderen, of in Nederland geboren kinderen waarvan één of beide ouders zijn geboren in het buitenland. Deze data laten zien dat er verschillen zitten in de toe- of afname in vaccinatiegraad en het land van herkomst. Wat hier bijvoorbeeld uitspringt is dat de HPV-vaccinatiegraad dit verslagjaar niet is gestegen bij Nederlandse kinderen van Marokkaanse herkomst, dit in tegenstelling tot kinderen van andere herkomst waar wel een toename wordt geobserveerd. Bij BMR-zuigelingen zien we, ten opzichte van vorig verslagjaar, de grootste daling bij kinderen van Marokkaanse herkomst, -15 procentpunt tot een vaccinatiegraad van nog geen 49%. Dit wordt gevolgd door kinderen van Turkse herkomst (-6 procentpunt naar 67%) en kinderen van Nederlandse herkomst (-3 procentpunt naar 82%).

Onderzoek: kenmerken die samenhangen met vaccinatiebereidheid en vaccinatiedeelname | RIVM

4/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10942025

Programma ‘Laagdrempelig Voorlichten en Vaccineren’ Het college heeft uw raad meerdere keren geïnformeerd over de wijze waarop wij dit maatschappelijke probleem aanpakken (RIS319207, RIS319890, RIS321725, en RIS322580). We zullen de raad ook blijvend op de hoogte houden van de ontwikkelingen met betrekking tot het in 2024 gestarte programma ‘Laagdrempelig Voorlichten en Vaccineren’. De cijfers die u ziet gaan over de vaccinatiegraadcijfers over de periode 2022, 2023 en 2024. Deze geven dus geen volledige doorkijk naar de periode waarin het programma is gestart en zijn niet een directe reflectie van het aantal gezette prikken tijdens het programma. Wel kunnen we de eerste effecten van het programma reeds zien. Zo zien we door interventies een trendbreuk ontstaan tussen 2023 en 2024 in het aantal gezette prikken van een aantal basisvaccinaties: de maternale kinkhoestvaccinatie + 14%, BMR1 + 4% en DKTP +9%. Een van de interventies is de samenwerking met scholen. We zien dat voorlichten en vaccineren op scholen effectief kan werken en blijven in gesprek met scholen over hoe zij bij kunnen dragen aan het verhogen van (de bekendheid met) het vaccineren. In deze gesprekken wordt onder andere verkend of uitgebreidere voorlichting en vaccineren op locatie mogelijk is. Dit komt bovenop de reguliere betrokkenheid van de JGZ op basisscholen.

In het bijzonder staan we stil bij de voortgang van de pilot ‘Maternale Prik bij verloskundigen’ waarbij de maternale kinkhoestvaccinatie (MATK 22-wekenprik) bij verloskundigenpraktijken wordt aangeboden. Bij de eerste fase van de pilot werd de MATK-prik gezet door een JGZ-verpleegkundige bij de verloskundigenpraktijk. Bij de tweede fase zet de verloskundige zelf de prik. Zoals eerder met u gedeeld heeft de eerste fase (periode september 2024 tot en met mei 2025) veelbelovende resultaten laten zien. In deze fase zijn in 9 maanden tijd 198 5 prikken gezet door een JGZ-deskundige bij vijf deelnemende verloskundigenpraktijken in de stadsdelen Laak, Centrum en Escamp. In de tweede fase (juni tot half oktober) van de pilot zijn in drie zomermaanden tijd 157 prikken gezet door de verloskundigen zelf bij de betrokken verloskundigenpraktijken. Deze voor Nederland unieke pilot- die in samenspraak met het RIVM is opgezet- laat veelbelovende resultaten zien waarbij het versterken van de keten dus tot zichtbaar resultaat leidt. De definitieve resultaten van deze pilot worden in december verwacht. De stijging in het aantal gezette prikken toont aan dat de vertrouwensrelatie tussen aanstaande moeders en hun verloskundige een belangrijke rol kan spelen. Het aanbieden van de prik op locatie bij de verloskundige neemt eveneens logistieke belemmeringen weg voor aanstaande ouders.

Dit neemt bij aanstaande moeders de twijfels weg om zich nu wel te laten vaccineren, waardoor er straks minder zeer jonge en kwetsbare kinderen het risico lopen op kinkhoest. Deze pilot laat zien dat een dergelijke laagdrempelige werkwijze zijn vruchten afwerpt. De veelbelovende resultaten vragen daarom om deze aanpak verder uit te rollen in de stad. Het programma laagdrempelig voorlichten en vaccineren bereikt bewoners op plekken waar dat tot eerder niet mogelijk was, maar waar het wel het hardst nodig is. Door de laagdrempelige contacten met bijvoorbeeld scholen en verloskundigenpraktijken en het uitgebreide netwerk van het team fijnmazig voorlichten en vaccineren hebben we Haagse bewoners weten te bereiken die zich mogelijkerwijs niet hadden gevaccineerd.

5

Bij nadere telling is dit getal gecorrigeerd ten opzichte van het aantal prikken dat genoemd werd in RIS321725

5/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10942025

Data business analytics Conform uw verzoek van de commissie Samenleving van 17 april 2025 informeren wij u over de inzet van herhaalprikken en de inzet van Business Analytics (Toezeggingnummer 909). Sinds 2025 beschikt de gemeente Den Haag via haar business analytics afdeling over realtime rapportages die gekoppeld worden aan het digitale kind dossier (KD + dossier). Deze data bieden sturingsinformatie voor de uitvoering en kunnen daarbij ondersteunen in de aanpak van een dalende vaccinatiegraad. Met deze data heeft de JGZ een maandelijks inzicht in het aantal gezette prikken per vaccinatie en of dit toe- of afneemt ten opzichte van voorgaande jaren. Deze maandelijkse data zijn zeer relevant om te kunnen sturen op de korte en middellange termijn. Deze informatie is, zoals hierboven toegelicht, niet direct te relateren aan de vaccinatiegraadcijfers. Tot slot De vaccinatiegraad blijft over de hele linie in Den Haag (veel) te laag, en is met name zorgwekkend voor de zuigelingen die in aanmerking komen voor de DKTP- en BMR-prik. Hoewel er bij oudere kinderen enkele positieve ontwikkelingen zichtbaar zijn, blijft de algehele vaccinatiegraad ver onder de WHO-streefwaarden.

Juist door de verschillende initiatieven die zijn ontplooid binnen het programma laagdrempelig voorlichten en vaccineren zien we in bepaalde gebieden en bij bepaalde vaccinaties (bijvoorbeeld de maternale kinkhoestvaccinatie) een trendbreuk ontstaan. Dit vraagstuk is echter een proces van de lange adem en de recente cijfers onderstrepen nog steeds de noodzaak van een blijvende, wijkgerichte en laagdrempelige aanpak. Structurele financiering vanuit het Rijk is essentieel om de ingezette en effectieve interventies voort te zetten en een duurzame stijging van de vaccinatiegraad te realiseren. De eenmalige middelen die in 2025 vanuit het Rijk beschikbaar zijn gesteld, hebben het mogelijk gemaakt om te experimenteren en te leren wat werkt. Maar zijn onvoldoende om die lerende aanpak voort te zetten, uit te breiden en te versnellen zodat we een duurzame stijging van de vaccinatiegraad realiseren. We blijven daarom zowel vanuit Den Haag als in G4-verband het belang benadrukken bij het Rijk om structurele financiële middelen beschikbaar te stellen. Het ombuigen van de dalende vaccinatiegraad in onze stad is en blijft van de hoogste prioriteit. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15947862/1