RIS323121 Bijlage ruimtelijke onderbouwing
Tekst van het document
Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil Malieveld, Den Haag Gemeente Den Haag
Prophys sterkmakers in planvorming
Colofon Rapport: onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil
Projectnummer: 24116
Datum: 23 april 2025 Versie: 3 Status: concept
Prophys B.V. Europalaan 6d 5232 BC 's-Hertogenbosch
088 40 40 101 info@prophys.nl prophys.nl
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
1
Inhoudsopgave Inhoudsopgave
2
1.
3
2.
3.
Inleiding
1.1
Aanleiding
3
1.2
Ligging plangebied
3
1.3
Omgevingsplan
4
1.4
Leeswijzer
5
Planvoornemen
6
2.1
Bestaande situatie
6
2.2
Beoogde situatie
6
Beleidskader. 3.1
9
3.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
9
3.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
9
3.2
3.2.1 3.3
3.3.1
4.
Rijksbeleid
9
Provinciaal beleid Omgevingsvisie Zuid-Holland Gemeentelijk beleid
Evenementenbeleid gemeente Den Haag
Omgevingskader
10 10
11 11
12
4.1
Milieueffectrapportage
12
4.2
Geluid door activiteiten
12
4.3
Geur.
15
4.4
Ecologie
16
4.5
Water
18
4.6
Kwaliteit van de buitenlucht
19
4.7
Bodemkwaliteit
20
4.8
Archeologie en cultuurhistorie
21
4.9
Omgevingsveiligheid.
22
4.10
Verkeer en parkeren
24
4.11
Kabels en leidingen
25
5.
Beperkingengebieden
26
6.
Uitvoerbaarheid..........
27
6.1
Economisch
27
6.2
Maatschappelijk
27
6.3
Omgevingsdialoog
27
7.
Belangenafweging en conclusie
Bijlagen
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
29 30
2
1.
Inleiding
1.1
Aanleiding
MOJO Concerts is voornemens om eind 2025 namens Cirque du Soleil Entertainment Group uit
Canada de rondreizende productie Kurios te organiseren op het Malieveld in Den Haag. Deze
productie zal gedurende de maanden oktober, november en december worden opgevoerd. Het Malieveld is een groot grasveld in het centrum van Den Haag welke bekend is vanwege de
verschillende concerten, evenementen, festivals en demonstraties die hier worden georganiseerd. In het bestemmingsplan is voor dit grasveld van ruim 10 hectare dan ook een functieaanduidingen
'evenemententerrein' opgenomen waarbinnen het onder voorwaarden is toegestaan het Malieveld aan te wenden voor het organiseren van evenementen. Vanwege de relatief lange periode waarover deze de voorgenomen productie van Cirque du Soleil
wordt opgevoerd is door gemeente Den Haag bepaald dat strikt genomen geen sprake is van een evenement, maar meer van een tijdelijke theaterfunctie. Een dergelijk gebruik is niet direct
toegestaan op basis van het (tijdelijk) omgevingsplan. Om dit plan toch mogelijk te maken wordt daarom een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa)
aangevraagd. Als onderdeel van de aanvraag van deze omgevingsvergunning moet een onderbouwing van de fysieke leefomgeving worden aangeleverd om aan te tonen dat het initiatief bijdraagt aan een
evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Voorliggend document voorziet in deze onderbouwing.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied ligt in het centrum van Den Haag en omvat de percelen kadastraal bekend gemeente 's-Gravenhage, sectie P, nummers 10815 en 10957. Navolgende afbeelding toont de
ligging van de locatie.
p
;$ 383 2N2
AM,Fg
-4
5
J-5,4 -
P
•
38 6:3
5
43
h*
W"
J*
“g
52
ey . —e -2 _
22
-
25
2) y I
9ag Za
. &, .
"F E
242
Ligging locatie
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
3
Het Malieveld is gelegen aan de zuidwestelijke rand van het Haagse Bos, gelegen in het noorden
van de stad. Gezien de relatief centrale ligging van de locatie wordt de omgeving gekenmerkt door een stevige menging van functies zoals wonen, detailhandel, kantoren en maatschappelijke functies. Het perceel grenst in het westen aan de Koningskade met daarachter de Prinsengracht. Aan de
noordzijde bevindt zich de Zuid-Hollandlaan. In het oosten grenst het Malieveld aan de A12 en aan
de zuidzijde ligt de Koekamp. Het perceel is verder volledig omzoomd door een bomenrijen. Ten zuidoosten van de locatie bevindt zich tot slot treinstation Den Haag Centraal met daarachter
het centrum van Den Haag.
1.3
Omgevingsplan
Op basis van de bestemmingsplannen 'Koekamp, Malieveld, Haagse Bos' (vastgesteld op 18 juli 2019) - welke onderdeel uitmaakt van het (tijdelijk) omgevingsplan van gemeente Den Haag - kent onderhavige locatie de volgende bestemmingen:
■
Bestemming 'Groen' (gehele locatie);
■
Functieaanduiding 'evenemententerrein' (gehele locatie);
■
Bestemming 'Waarde - Archeologie' (gehele locatie m.u.v. strook in het noorden van het
perceel); ■
Bestemming 'Waarde - Cultuurhistorie' (gehele locatie);
■
Gebiedsaanduiding 'overige zone - parkeergarage' (deel van de locatie aan de
Koningskade).
Onderstaande afbeelding toont een uitsnede van het geldende bestemmingsplan ter plaatse.
M N
. . Waarde - Archeologie
I
>
Waarde - Cultuurhistorie 1
• Groen
>
>
Functieaanduidingen (1)
: : evenemententerrein
>
Gebiedsaanduidingen (1)
I
overige zone - parkeergarage
e
>
*,è
tv
Uitsnede bestemmingsplan
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
4
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd groenvoorzieningen en ter plaatse van de
functieaanduiding
'evenemententerrein'
tevens
voor
een
evenemententerrein
en
aan
evenementen gerelateerde tijdelijke bouwwerken.
Het initiatief voorziet in de realisatie van een circusopstelling voor een periode van circa drie
maanden. Ondanks de grote gelijkenis van het beoogde gebruik met de reeds planologisch toegestane evenementen op dit terrein, kan vanwege de langdurigheid van deze shows worden gesteld dat geen sprake is van een evenement maar van een tijdelijke theaterfunctie. Voorliggend
plan is derhalve strijdig met het geldende bestemmingsplan. Om deze ontwikkeling toch mogelijk te maken, wordt middels een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa) van het (tijdelijk) omgevingsplan afgeweken. Voorliggend document omvat de hierbij horende onderbouwing van de fysieke leefomgeving.
1.4
Leeswijzer
Deze ruimtelijke onderbouwing bestaat uit 7 hoofdstukken. Na het voorliggende eerste hoofdstuk bestaat hoofdstuk 2 uit de planbeschrijving waarbij in wordt gegaan op de huidige en toekomstige situatie. In hoofdstuk 3 wordt een inventarisatie gemaakt van relevant ruimtelijk beleid op
nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 ingegaan op de
verschillende omgevingsaspecten die van invloed zijn op dit plan. Hoofdstuk 5 gaat in op beperkingengebieden en hoofdstuk 6 staat in het teken van de uitvoerbaarheid van het plan.
Hoofdstuk 7 tot slot omvat een algehele conclusie.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
5
2.
Planvoornemen
2.1
Bestaande situatie
Het Malieveld is onbebouwd en ingericht als grasveld met de mogelijkheid om hier jaarrond evenementen te organiseren. Het plangebied wordt buiten de evenementen om onderhouden als grasland en is onderdeel van het Haagse Bos. In deze hoedanigheid valt het beheer van de gronden dan ook onder de verantwoordelijkheid van Staatsbosbeheer.
Rondom het plangebied bevindt zich een verscheidenheid aan stedelijke functies behorende bij
het centrum van Den Haag.
i A
Hg
2 L Normale situatie Malieveld
2.2
Beoogde situatie
Gedurende eind 2025/begin 2026 zal (een deel van) het Malieveld in Den Haag ingericht en in
gebruik genomen worden voor het uitvoeren van de productie Kurios van Cirque du Soleil. De opbouw hiervan start op 20 september 2025 en zal gereed zijn op 22 oktober 2025. De voorstellingen vinden plaats van 24 oktober 2025 tot en met 4 januari 2026. De afbouw duurt van
5 januari 2024 tot en met 20 januari 2026. Er vinden maximaal 3 voorstellingen per dag plaats. In totaal zullen er maximaal 86 voorstellingen plaatsvinden met elk een capaciteit van 1A~n bezoekers. Het totaal aantal bezoekers bedraagt
naar verwachting dan ook 200.000. De shows wordt opgevoerd op woensdag tot en met zondag. Een enkele show is geprogrammeerd op maandag of dinsdag. Het maximaal aantal shows per week bedraagt acht.
Op doordeweekse dagen (met uitzondering van de kerstvakantie) start de show om 20.00 uur. Op
weekenddagen zijn twee tot drie shows geprogrammeerd waarvan de eerste show start om 12.30 en de laatste op 20.00 uur. Een show duurt circa twee uur. Bezoekers komen enkel voor de
voorstelling, er is een foyer met beperkte faciliteiten waar bezoekers voor aanvang van de show kunnen verblijven. Er zit minimaal 3,5 uur tussen de aanvang van de shows op weekenddagen.
De primaire doelgroep bestaat uit volwassenen tussen de 39 en 64 jaar, de gemiddelde leeftijd was in 2014 48 jaar en in 2016 44 jaar. Circa 60% van de bezoekers is vrouwelijk en 40% mannelijk.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
6
De shows in het weekend (overdag) kenmerken zich doordat ze bezocht worden door meer gezinnen met kinderen. De verwachting is dat bezoekers met name vanuit de randstad naar Den
Haag reizen, waarbij de nadruk ligt op grote omliggende steden zoals Utrecht, Amsterdam, Rotterdam en Den haag zelf. Het terrein van Cirque du Soleil ligt in de noordoostelijke hoek van het Malieveld. De entree is gelegen aan de oostzijde, ontsloten via de Koekamplaan. De backstage voor medewerkers en
artiesten is ontsloten via de Boorlaan, aan de westzijde van het terrein.
Ten behoeve van het circus wordt een viertal tenten opgericht. In het centrum van het plangebied
wordt de Big Top gerealiseerd. Hier zullen een podium en een tribune in worden geplaatst. De voorstellingen spelen zich af binnen deze Big Top. Daarnaast wordt er een ingangstent opgericht
welke functioneel verbonden wordt met de Big Top. Hier wordt de entree geplaatst en publiekshoreca gerealiseerd. Direct tegenover de ingangstent wordt de Big Top verbonden met de
artiestentent. Hier worden de kleedkamers en een repetitieruimte gefaciliteerd. Ten slotte wordt er naast de ingangstent een losstaande VIP tent gerealiseerd. In deze tent kan een aantal gasten
met een VIP arrangement worden opgevangen. Naast deze tentconstructies worden er ten behoeve van het personeel tijdelijke kantoren geplaatst
en wordt er ruimte gemaakt voor een keuken met dinerhal. Overige voorzieningen zoals opslag, technische ruimtes, wasruimtes etc., zullen ook aan de achterzijde van het plangebied worden opgericht.
Aan de entreezijde van het plangebied worden voorzieningen ten behoeve van o.a. catering, toiletten, beveiliging, winkels en horeca opgericht. Deze voorzieningen zijn voornamelijk gericht op
de bezoekers van Cirque du Soleil. Navolgende afbeelding toont de inrichtingstekening van het
plangebied. Gezien de detaillering van deze tekening is deze ook als separate bijlage bij de onderbouwing gevoegd.
!k-:
.N.
/6
-,oj 7263,
Y
K a e v a m g lo n n
•
ON30631:
80
O
8&
rend
,
. R
»0v 13% 8
+
1 2-
a
G 1i
£2 f
31
/
LE
24,7
■
.5
1
20/17
■
POSSIBIF SFWER CONNECTIOAPOMT 4 TBC
A E e u r;
r - 3 . ' . A-
V
“: H 1
.M66o *
I,.= I I
!
L
11
V /
ENTRANCE TEN1
■
BIG TOP
7,
4
■
, -E
3
E
r«50* .11 •
.
7
2
1
5,03
I
/VAd
16
I
1
CELLTOWER
SitFhEUE
: ■. h
HSSBL WATER D-ECTONPOMT
CONNECTIDN PONT
188
(
1Y: I 1■
)•
11-
•
)
r Inrichtingstekening Cirque du Soleil
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
7
Ten behoeve van het initiatief zal tijdelijk worden voorzien in 2.500 m2 verharding, welke tijdens de afbouwfase weer zal worden verwijderd. Deze verharding wordt aangebracht ter plaatse van de Big Top en Artistictent. Hiertoe zal de bovenste laag van het grasveld worden weg gefreesd en later weer worden hersteld. Deze verharding is nodig vanwege de lengte van de productie en de natte terreinomstandigheden tussen oktober en januari. Ook wordt bodemverdichting hiermee voorkomen. Het plangebied zal verder worden voorzien van een publieke ingang, meerdere nooduitgangen en een ingang ten behoeve van bezorging. Rondom de tenten bevindt zich tevens twee veiligheidslanen, waar vanuit elk punt van het plangebied goede toegang tot bestaat. Ten behoeve van dit plan is er een evacuatieplan alsmede een brandveiligheids- en noodgevalplan opgesteld. Door Crowd Care is een mobiliteitsplan opgesteld. Dit plan d.d. 12 december 2024 is als separate bijlage bij deze onderbouwing gevoegd en wordt nader uitgelicht in hoofdstuk 4 onder het kopje verkeer en parkeren.
NB. Belangrijk om te vermelden is dat de ruimtelijke impact van voorliggend initiatief ten aanzien van de reeds toegestane evenementen op het Malieveld minimaal is. De afwijking ten aanzien van het planologisch regime komt voort uit de relatief lange periode waarover de opbouw, uitvoering en afbouw van de shows plaatsvindt. Qua ruimtelijke impact is het voornemen vergelijkbaar met evenementen.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
8
3.
Beleidskader
3.1
Rijksbeleid
3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI geeft weer voor welke uitdagingen we staan, wat daarbij de nationale belangen zijn, welke keuzes we maken en welke
richting we meegeven aan decentrale keuzes. Die keuzes hangen samen met de toekomstbeelden
van de fysieke leefomgeving, de maatschappelijke opgaven en economische kansen die daarbij horen. Met de Nationale Omgevingsvisie geeft het Rijk een langetermijnvisie om grote opgaven
aan te pakken. Om samen ons land mooier en sterker te maken en daarbij voort te bouwen op het
bestaande landschap en de (historische) steden. Conclusie
Voorliggend initiatief past gezien de tijdelijkheid binnen de kaders van dit beleid.
3.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder voor duurzame verstedelijking (opgenomen in § 5.1.5.4 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (hierna Bkl) is een instrument dat stuurt op efficiënt ruimtegebruik. Artikel 5.129g
van het Bkl bepaalt dat de ladder betrekking heeft op stedelijke ontwikkelingen die voldoende
substantieel zijn. De aard en omvang van het plan in relatie tot de omgeving bepaalt of het plan voldoende substantieel is. Hierbij wordt geen ondergrens aangegeven.
Artikel 5.129g (zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand). 1.
Dit artikel is van toepassing op een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling
of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie,
kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening en die voldoende substantieel is.
2.
Voor zover een omgevingsplan voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling, wordt met
het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand in het omgevingsplan rekening gehouden met: a.
de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling; en
b.
als die stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het
stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied: de
mogelijkheden om binnen dat stedelijk gebied of binnen dat stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien.
3.
Voor de toepassing van het tweede lid, onder b, wordt tot het stedelijk gebied niet gerekend een stedelijke ontwikkeling waarvoor: a.
op
grond
van
het
omgevingsplan
een
omgevingsvergunning
voor
een
omgevingsplanactiviteit is vereist; en
b.
nog geen toepassing is gegeven aan het tweede lid.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
9
4.
Als een omgevingsplan voorziet in de vestiging van een dienst als bedoeld in artikel 1 van
de Dienstenwet en de beoordeling van de behoefte aan een stedelijke ontwikkeling betrekking heeft op de economische behoefte, de marktvraag of de mogelijke of actuele
economische gevolgen van die vestiging, heeft die beoordeling alleen tot doel na te gaan of de vestiging van een dienst in overeenstemming is met een evenwichtige toedeling van
functies aan locaties. Voorliggend plan voorziet in een relatief langdurig evenement op een reeds voor evenementen bestemde locatie, te weten het Malieveld in Den Haag. Gezien het geldende planologisch regime
en de tijdelijkheid van de ontwikkeling kan worden gesteld dat geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling en de ladder derhalve niet hoeft te worden doorlopen. Conclusie
Op basis van bovenstaande wordt geconcludeerd dat dit plan niet ladderplichtig is.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1 Omgevingsvisie Zuid-Holland De omgevingsvisie Zuid-Holland (vastgesteld 5 mei 2024) biedt een strategische blik op de lange(re) termijn voor de gehele fysieke leefomgeving en bevat de hoofdzaken van het te voeren integrale beleid van de provincie Zuid-Holland.
In deze visie worden acht sturingsprincipes voorgelegd om de ruimtelijke kwaliteit van de provincie te waarborgen. Deze principes luiden als volgt:
1.
Opgavegericht;
2.
Provinciaal belang;
3.
Netwerkaanpak;
4.
Maatwerk;
5.
Uitgaan van passend schaalniveau;
6.
Ruimte voor differentiatie;
7.
Lever meerwaarde;
8.
Effectief en betrouwbaar.
De visie heeft geen concrete standpunten ingenomen omtrent evenementen. De provincie stuurt
op regionaal niveau wel op 'de juiste ontwikkeling op de juiste plek' waarbij gemeenten zelf verantwoordelijk zijn voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties op lokaal niveau.
Om te bepalen of een ruimtelijke ontwikkeling passend is, is vooral de ruimtelijke impact van belang in relatie tot de gebiedsidentiteit. Gebiedsidentiteit is de aard of karakteristiek van een
gebied dat is ontstaan in de loop der jaren. Het Malieveld heeft over de afgelopen decennia landelijke bekendheid verworven vanwege de vele
demonstraties, circussen, openluchtconcerten en andere grootschalige evenementen die hier zijn/worden georganiseerd. Ook Cirque du Soleil is in het verleden reeds georganiseerd op het
Malieveld. De identiteit van het plangebied kenmerkt zich dan ook door deze evenementen,
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
10
hetgeen later is beklonken in het geldende bestemmingsplan middels het toekennen van de
functieaanduiding 'evenemententerrein'. Voorliggend initiatief waarbij gedurende drie maanden een theaterfunctie wordt gerealiseerd ten behoeve van voorstellingen van Cirque du Soleil past derhalve bij de identiteit van het Malieveld.
De
ruimtelijke
impact van
het
planvoornemen
in
relatie tot de
omgeving van
de
locatie/gebiedsidentiteit wordt in hoofdstuk 4 van dit document nader onderbouwd. Conclusie
Het initiatief voldoet aan de omgevingsvisie Zuid-Holland omdat het planvoornemen bij de
identiteit van het Malieveld past.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Evenementenbeleid gemeente Den Haag
Het evenementenbeleid van de gemeente Den Haag (vastgesteld 30 juni 2011), richt zich op diverse
aspecten. Evenementen zijn voor Den Haag, een stad die zich nationaal en internationaal met
toonaangevende evenementen wil onderscheiden, van groot belang. Evenementen moeten dan ook beeldbepalend zijn voor de stad. Het is de ambitie van de gemeente om in Den Haag ten minste twee internationaal onderscheidende topevenementen te hebben die bovendien zorgen voor economische spin-off in de stad. Om dit te realiseren wordt van evenementenorganisatoren
gevraagd om steeds opnieuw voor kwaliteit én vernieuwing te kiezen. De volgende elementen zijn daarbij leidend:
■
Den Haag kiest voor kwaliteit boven kwantiteit;
■
Den Haag vindt vernieuwing van evenementen of geheel nieuwe evenementen belangrijk;
■
Den Haag vraagt organisatoren om invulling te geven aan het internationale karakter van
de stad en het kwaliteitsimago dat hier bij hoort;
■
Er wordt ingezet op het vergroten van de economische spin-off van evenementen.
Organisatoren moeten meer gaan samenwerken met andere partijen in de stad; ■
We stimuleren organisatoren te kiezen voor locaties in de stad met veel horeca en voorzieningen;
■
De marketing van evenementen moet beter dan nu het geval is;
■
Evenementen moeten vaker een gemêleerd publiek trekken.
Conclusie
Voorliggend initiatief heeft weliswaar geen directe betrekking op een evenement, maar is qua aard
en impact op de omgeving vergelijkbaar met een (relatief langdurig) evenement. Cirque du Soleil is een wereldwijd bekend samenwerkingsverband van groepen artiesten. Dit past bij het
internationale karakter van de stad en het bijbehorende kwaliteitsimago. Vanwege het langdurige karakter en de centrale ligging in de stad Den Haag is sprake van een economische spin-off richting
horeca en andere voorzieningen in de omgeving. Het initiatief sluit daarmee aan op het
evenementenbeleid van de gemeente Den Haag.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
11
4.
Omgevingskader
4.1
Milieueffectrapportage
Inleiding Onderdeel van de beoordeling of een aanvraag om een Bopa volledig is, is een toets aan de regels
over een
milieueffectrapportage.
Dit gebeurt overeenkomstig paragraaf 16.4.2 van de
Omgevingswet en afdeling 11.2 van het Omgevingsbesluit. De beslissing over de m.e.r.-plicht of m.e.r.-beoordelingsplicht volgt uit bijlage V bij het Omgevingsbesluit, samen met de artikelen 11.6
en 11.8 van datzelfde besluit. In bijlage V wordt het project van de initiatiefnemer beschreven (eerste kolom), waarbij de bijbehorende m.e.r.-verplichtingen worden aangegeven (vierde kolom), voornamelijk betreffende de omgevingsvergunning voor milieubelastende activiteiten.
Er wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen formele en vormvrije m.e.r.-beoordelingen op basis van drempelwaarden onder de Omgevingswet. Dit betekent dat er slechts één m.e.r.beoordelingsprocedure is. Het bevoegd gezag neemt de beslissing over de mate van milieueffecten
in het besluit, zoals voorgeschreven in artikel 16.43, tweede lid van de wet, en bijbehorende
motivering, zowel in het definitieve besluit als in het ontwerpbesluit (artikel 11.11, lid 2 Omgevingsbesluit).
In de motivering van de beslissing wordt onder meer verwezen naar relevante criteria van bijlage
III bij de m.e.r.-richtlijn, en als er is besloten om geen milieueffectrapport op te stellen, wordt vermeld welke kenmerken en maatregelen zijn voorgesteld door degene die het project wil
uitvoeren, en wanneer deze maatregelen moeten zijn gerealiseerd (artikel 11.11, lid 3 Omgevingsbesluit).
Planspecifiek
Gelet op de tijdelijkheid van het project en de geldende bestemming welke het gebruik van het Malieveld als evenemententerrein regelt kan worden gesteld dat geen sprake is van een
ontwikkeling die tot aanzienlijke milieueffecten leidt. De effecten blijven beperkt tot het project en
zijn directe omgeving. Er is geen aanleiding of noodzaak voor het opstellen van een milieueffectrapportage Conclusie Uit de aanmeldnotitie is gebleken dat de gevolgen van het uitvoeren van de activiteit op de fysieke
leefomgeving resulteren in een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
4.2
Geluid door activiteiten
Inleiding In deze paragraaf komt aan de orde op welke wijze bij de activiteit rekening wordt gehouden met
het aspect geluid. Het betreft geluid door activiteiten (wegen, spoorwegen en industrieterreinen e.d.) en specifieke activiteiten (windturbines e.d.).
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
12
Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen De aanvaardbaarheid van de geluidsbelasting onder de Omgevingswet is vooral een decentrale afweging. Gemeenten geven met het omgevingsplan voor elke locatie in de gemeente de gewenste geluidskwaliteit vorm. Geluid kan van grote invloed zijn op het woon- en leefklimaat van mensen en op hun gezondheid. Het Bkl bevat geluidsregels die via het omgevingsplan zullen gelden voor individuele bedrijven die geluid voortbrengen. Voor de andere belangrijke geluidsbronnen zoals industrieterreinen, wegen en spoorwegen worden via de Aanvullingswet geluid en het Aanvullingsbesluit geluid regels toegevoegd aan de Omgevingswet en het Bkl. De regels voor geluid hebben een tweezijdige werking om de bescherming tegen geluidsbelasting vorm te geven. Enerzijds bij de aanleg of aanpassing van spoorwegen of industrieterreinen en anderzijds bij het mogelijk maken van nieuwe geluidsgevoelige gebouwen en locaties nabij een geluidsbron.
De geluidinhoudelijke doelstellingen zijn: ■ het voorkomen van een onbeheerste groei van de geluidsbelasting op en in geluidsgevoelige gebouwen en locaties; ■ het reduceren van geluidbelastingen op en in geluidsgevoelige gebouwen en locaties die blootstaan aan zeer hoge geluidsbelastingen; ■ het bevorderen van bronmaatregelen; ■ het scheppen van een beter toegankelijk en minder complex geheel van regels; ■ het beperken van de lasten bij de uitvoering van de regels. Geluidproductieplafonds Een geluidsproductieplafond geeft de maximale toegestane productie weer op een vast fictief punt, het referentiepunt, op korte afstand van de geluidsbron. Daarnaast voorziet afdeling 3.5 Bkl in het wettelijk kader omtrent de beheersing van het geluid afkomstig van wegen, spoorwegen en industrieterreinen. In Bijlage VII van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) zijn activiteiten aangewezen die in aanzienlijke mate geluid kunnen veroorzaken.
Geluidsgevoelige gebouwen De geluidsgevoelige gebouwen worden aangewezen in artikel 3.21 Bkl. Het betreft gebouwen, waaronder een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat een woonfunctie heeft. De geluidsnormen hebben betrekking op het geluid op de gevel van een geluidsgevoelig gebouw en hebben primair als doel het beschermen van de gezondheid door het stellen van eisen aan het geluid op en rond woningen, waar mensen langdurig verblijven en slapen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de voorgevel, zijgevel en achtergevel. Ter bescherming van de gezondheid zijn voor het aspect geluid instructieregels opgenomen in paragraaf 5.1.4.2a.3 Bkl. Het omgevingsplan bevat op grond van en in overeenstemming met instructieregels waarden voor geluid (immissienormen) die leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
13
Planspecifiek Het initiatief voorziet in een geluid belastende functie. Om de geluidsbelasting ter plaatse van
omliggende gevoelige objecten (woningen) in beeld te brengen is door Peutz een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek d.d. 17 april 2025 met kenmerk LL/LL/ /E 1142-3-RA is als separate bijlage bij deze onderbouwing gevoegd. In dit onderzoek zijn de geluidniveaus in de omgeving onderzocht als gevolg van de beoogde voorstellingen alsook het geluid samenhangend met de op- en afbouw. Onderstaand worden de
resultaten besproken. De gemeente Den Haag heeft gemeentelijk evenementenbeleid waarin o.a. een geluidnormering is opgenomen. Dit beleid, "Locatiebeleid, Evenementen in de openbare ruimte" van 2022 kent locatieprofielen waaronder voor evenementen op het Malieveld. Het locatieprofiel geeft een
maximale geluidbelasting per categorie evenement waarbij specifiek voor het Malieveld een categorie is opgenomen die passend is voor een evenement zoals Kurios:
Voor evenementen met een lange duur; >15 dagen exclusief op-en afbouwdagen(voorbeelden: kermis, circus): geldt een maximale gevelbelasting van 70dB(C).
Uit de bijlagen van het geluidbeleid is verder nog op te maken dat de geluidnorm een equivalent
geluidniveau over 3 minuten betreft waarbij het invallend geluidniveau bepaald wordt en geen meteocorrectie en bedrijfsduurcorrectie wordt toegepast. Voor wat betreft op- en afbouw is aangesloten bij de Beleidsregel bouw- en sloopgeluid Den Haag
2017.
De dichtstbijgelegen geluidgevoelige bestemmingen betreffen woningen in noordelijk richting aan de Jan van Nassaustraat op ca. 160 m afstand (afstanden tot midden Big Top). In westelijke richting liggen woningen aan de Prinsessegracht op ca. 385 m afstand. Verder is in oostelijke richting sprake
van een incidentele woning aan de Boslaan 10 op ca. 240 m afstand. Teneinde de geluidimmissie op de gevels van omliggende woningen te bepalen is een rekenmodel
opgesteld conform de meet- en rekenmethode geluid industrie. Geluid voorstellingen Met verwachte waarden die zoals uit het rapport op te maken tot 72 dB(C) kunnen bedragen wordt
de in het gemeentelijk beleid opgenomen norm, te weten 70 dB(C) beperkt overschreden. De
hoogste waarde treedt daarbij op bij woningen aan de Jan van Nassaustraat. In de overige richtingen, Prinsessegracht en Boslaan, wordt met waarden van resp. 68 en 64 dB(C) voldaan.
Hierbij wordt volledigheidshalve opgemerkt dat bij 72 dB(C) de waarde in dB(A) tot ca. 60 dB(A) kan
bedragen. Metingen verricht in 2019 bij een eerdere show van Cirque du Soleil tonen dat bij de hoogst belaste woningen, met name aan de Jan van Nassaustraat, het geluid ten gevolge van
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
14
wegverkeer op tijden dat de shows plaatsvinden minimaal 3 tot 5 dB(A) hoger is dan het geluid als
gevolg van Kurios. Op- en afbouw Met geluidniveaus die als gevolg van op- en afbouw tot 52 dB(A) kunnen bedragen, ook hier zijn
woningen aan de Jan van Nassaustraat maatgevend, wordt zeer ruim voldaan aan de conform de
Beleidsregel bouw- en sloopgeluid Den Haag 2017 geldende norm die tot 65 dB(A) bedraagt. Met betrekking tot de te verwachten geluidniveaus in de omgeving als gevolg van de show Kurios
van Cirque du Soleil op het Malieveld in Den Haag kan het volgende worden geconcludeerd: Geluid als gevolg van de op- en afbouw voldoet ruim aan de op dit punt geldende normering zoals
gehanteerd door de gemeente en vastgelegd in de Beleidsregel bouw- en sloopgeluid Den Haag 2017. Voor de voorstellingen zelf wordt, mede gezien ervaring met de Cirque du Soleil show Totem in
2019 alsmede naar aanleiding van de gevoerde omgevingsdialoog, een uitgebreid pakket van maatregelen getroffen om de geluidemissie, met name de muziekgeluidemissie, naar de (woon)omgeving te beperken. Deze maatregelen zijn in het rapport verwerkt.
Als gevolg van die maatregelen wordt uiteindelijk een geluidniveau gerealiseerd dat voor de hoogst belaste woningen 5 dB lager is dan het op dit punt geldende gemeentelijke evenementenbeleid,
Locatiebeleid, Evenementen in de openbare ruimte, van 2022. Conclusie
Indien de voorschriften uit het onderzoek worden gevolgd is vanuit het aspect geluid sprake van
een evenwichtige toedeling van functies.
4.3
Geur
Inleiding De gemeente moet in het omgevingsplan vastleggen welke gebouwen en locaties ze beschermt tegen geurhinder. De instructieregels in het Bkl wijzen geurgevoelige gebouwen aan die in ieder
geval beschermd moeten worden (artikel 5.91 Bkl). Onder deze categorie vallen onder andere gebouwen
met
een
woonfunctie,
onderwijsinstellingen,
gezondheidszorgfaciliteiten
en
kinderopvangcentra. Volgens artikel 5.92 lid 2 moet de geur van een activiteit aanvaardbaar zijn voor een geurgevoelig gebouw. Dit vereist dat de gemeente beoordeelt of de vastgestelde
waarden, afstanden of gebruiksregels in het omgevingsplan leiden tot een niveau van hinder dat
als aanvaardbaar wordt beschouwd. Het is aan de gemeente om te bepalen welke mate van geurhinder zij acceptabel acht.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
15
Planspecifiek
In voorliggend geval is geen sprake van de realisatie van geurgevoelige bebouwing. Ook is geen sprake van de realisatie van een nieuwe geurbelastende activiteit. Derhalve is een nadere
beschouwing van dit onderwerp niet noodzakelijk. Conclusie
Vanuit het aspect geur is sprake van een evenwichtige toedeling van functies.
4.4
Ecologie
Inleiding Ter bescherming van de natuur zijn in het Bkl diverse regels opgenomen. Deze regels komen
grotendeels overeen met de regels die zijn opgenomen in de huidige Wet natuurbescherming. Het gaat hierbij in de eerste plaats om regels voor de gebiedsbescherming van aangewezen Natura
2000-gebieden, regels voor de soortenbescherming van te beschermen planten diersoorten (waaronder vogels)
en
regels ter bescherming van
houtopstanden.
Het gebieds-
en
soortenbeschermingsregime vloeit voor een belangrijk deel voort uit twee Europese richtlijnen, te
weten de Vogelrichtlijn (79/409/EEG) en de Habitatrichtlijn (92/43/EEG). Gebiedsbescherming
De Europese Vogel- en Habitatrichtlijn beschermt Natura 2000-gebieden. De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit wijst de Natura 2000-gebieden aan. Op grond van artikel
2.43 Omgevingswet legt hij ook de instandhoudingsdoelstellingen vast. Dit gebeurt in een aanwijzingsbesluit. Als er naar aanleiding van projecten, plannen en activiteiten, afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten, mogelijkerwijs significante effecten optreden, dienen
deze bij de voorbereiding van een omgevingsplan in kaart te worden gebracht en beoordeeld.
Natura 2000-gebieden hebben een externe werking, zodat ook ingrepen die buiten deze gebieden plaatsvinden en verstoring kunnen veroorzaken, moeten worden getoetst op het effect van de
ingreep op soorten en habitats. Een ruimtelijk plan dat significante gevolgen kan hebben voor een
Natura 2000-gebied kan alleen worden vastgesteld indien uit een passende beoordeling de zekerheid is verkregen dat het plan de natuurlijke kenmerken van het gebied niet zal aantasten. Indien deze zekerheid niet is verkregen, kan het plan worden vastgesteld, indien wordt voldaan
aan de volgende drie voorwaarden:
1.
Alternatieve oplossingen zijn niet voorhanden;
2.
Het plan is nodig om dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van
redenen van sociale of economische aard; en
3.
De noodzakelijke compenserende maatregelen worden getroffen om te waarborgen dat de algehele samenhang van het Natura 2000-netwerk bewaard blijft.
In afdeling 8.6 Bkl staat het beoordelingskader voor de omgevingsvergunning voor Natura 2000-
activiteiten. Dit is door middel van het aanvullingsspoor Natuur gebeurd.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
16
Soortenbescherming
Onder de Omgevingswet zijn veel dier- en plantsoorten beschermd. De bescherming richt zich op soorten van Europees belang, die onder de reikwijdte van de Vogel- en Habitatrichtlijn vallen, als om bepaalde soorten van nationaal belang. Soortenbescherming vindt plaats binnen en buiten het natuurnetwerk Nederland. Het kan de vorm hebben van wet- en regelgeving, maar ook van fysieke
maatregelen die bescherming, vestiging of uitbreiding van een soortenpopulatie stimuleren. Op
grond van artikel 2.18 lid 1 sub f Omgevingswet zijn in beginsel de provincies hiervoor
verantwoordelijk. Echter, ook decentrale overheden kunnen hierover actief beleid voeren. Hierbij worden
kan
gedacht
aan
het
vaststellen
van
bijvoorbeeld
een
programma
voor
soortenbescherming. Door strikte formulering van een flora- en fauna-activiteit moet bij vrijwel alle activiteiten in de fysieke leefomgeving nagegaan worden of:
■
er soorten aanwezig zijn; en
■
welke soorten dat zijn.
In hoofdstuk 11 van het Besluit activiteiten leefomgeving wordt bepaald wanneer een vergunning
nodig is. Planspecifiek
Gebiedsbescherming Het dichtstbijzijnde Natura-2000 gebied (Meijendel & Berkheide) bevindt zich op circa 2.200 meter
afstand ten noorden van de locatie en het dichtstbijzijnde onderdeel van Natuurnetwerk
Nederland bevindt zich ter plaatse van het Haagse Bos op circa 70 meter afstand. Van een direct negatief effect op het Natuurnetwerk Nederland is geen sprake.
Om een negatief effect op Natura 2000-gebieden in de vorm van een toename in stikstofdepositie
uit te sluiten is door Waardenburg Ecology een AERIUS-stikstofberekening uitgevoerd. Deze rapportage d.d. 20 december 2024 met kenmerk 24-0923/LotLi/20241220 is als bijlage bij deze
onderbouwing gevoegd. Hieruit volgen geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/jaar.
Geconcludeerd mag worden dat geen sprake is van een significante toename in stikstofdepositie als gevolg van dit plan.
Soortenbescherming Om de aantasting van verblijfplaatsen van beschermde soorten uit te sluiten is door Tauw een natuurtoets uitgevoerd. De rapportage van dit onderzoek d.d. 8 januari 2025 met kenmerk R0011299634MHM-V01-agv-NL is als separate bijlage bij deze onderbouwing gevoegd. Onderstaand
worden de resultaten besproken. Het beoogde evenement heeft mogelijk negatieve effecten op door de Omgevingswet beschermde
soorten, namelijk vleermuizen. Door het nemen van mitigerende maatregelen kunnen negatieve effecten op vleermuizen worden voorkomen. Nader onderzoek naar deze soorten is daarom niet
nodig. Negatieve effecten door het voornemen op andere soortgroepen zijn uitgesloten.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
17
Indien tijdens de op- en afbouw van het evenemententerrein en tijdens het evenement geen
bomen, bomenrijen en watergangen direct belicht worden en er geen lichtshows buiten de circustent plaatsvinden, zijn negatieve effecten op verblijfplaatsen, foerageergebieden en
vliegroutes van vleermuizen uit te sluiten. Er zijn dan geen vervolgstappen nodig. Er heeft overleg plaatsgevonden over dit plan met Staatsbosbeheer. Hierin is aangegeven wat de ingrepen inhouden en is de aanpak voor ecologie voorgelegd. De resultaten van het ecologisch
onderzoek zijn met Staatsbosbeheer gedeeld. Hieruit zijn geen inhoudelijke opmerkingen naar voren gekomen. Conclusie
Vanuit het aspect ecologie is er sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
4.5
Water
Inleiding Met ingang van de Omgevingswet is de term 'watertoets' vervangen door 'weging van het
waterbelang' en volgt uit artikel 5.37 van het Bkl. Dit geldt in het algemeen voor alle waterbelangen. Waterschapsverordening Delfland Sinds 1 januari 2024 geldt de Omgevingswet en staan alle regels van het waterschap voor de leefomgeving in één digitale verordening: de waterschapsverordening. In deze verordening staan alle regels die bepalen welke activiteiten, waar in het gebied mogen plaatsvinden en onder welke
voorwaarden. De waterschapsverordening is volledig digitaal en de regels zijn specifiek geldend voor bepaalde gebieden en activiteiten. Dit via een 'ja, mits'-principe, wat betekent dat activiteiten
zijn toegestaan, mits er wordt voldaan aan voorwaarden in de verordening. Onder Artikel 4.33 van de Waterschapsverordening Delfland is bepaald dat het voorbereiden en
houden van een evenement omgevingsvergunningvrij is als wordt voldaan aan de voorwaarden zoals hierna gesteld; In, op, boven, over of onder de beschermingszone van de zeewering:
1.
vindt het evenement plaats op het strand;
2.
vindt het evenement plaats in de periode van 1 maart tot en met 1 november;
3.
duurt het evenement maximaal drie maanden;
4.
is de afstand tussen tijdelijke werken en de duinvoet minimaal 2 meter;
5.
is het vloeroppervlak van tijdelijke werken maximaal 20 vierkante meter;
6.
wordt niet ontgraven; en
7.
is het evenement geen gemotoriseerd evenement.
Het evenement wordt niet voorbereid en niet gehouden in, op, boven, over of onder:
1.
de zeewering;
2.
de Delflandsedijk of bijbehorende beschermingszones;
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
18
3.
een regionale waterkering of een polderkade, bijbehorende beschermingszones of een bijbehorend profiel van vrije ruimte;
4.
een oppervlaktewaterlichaam of bijbehorende beschermingszones;
5.
een bergingsgebied;
6.
een ondersteunend kunstwerk.
Planspecifiek Het initiatief wordt niet gehouden in, op, boven, over of onder een zeewering of ander beschermd
grondgebied en is hiermee niet vergunningplichtig. Er wordt 2.500 m2 tijdelijke verharding aangebracht onder de Big Top en Artistictent. Deze verharding wordt voorzien van extra afvoer
welke wordt aangesloten op de bestaande drainage van het Malieveld en de hemelwaterriolering aan de randen van het terrein vanuit waar het wordt afgevoerd naar het oppervlaktewater aan de Zuid-Hollandlaan. Conclusie
Vanuit het aspect water is er sprake van een evenwichtige toedeling van functies.
4.6
Kwaliteit van de buitenlucht
Inleiding hoofdlijnen voor regelgeving
De
rondom
luchtkwaliteitseisen
staan
beschreven
in
de
instructieregels opgenomen in het Bkl. Ter bescherming van de gezondheid zijn voor het aspect luchtkwaliteit instructieregels opgenomen in paragraaf 5.1.4.1 Bkl. Volgens deze regels gelden
zogeheten omgevingswaarden voor onder andere de
in de buitenlucht voorkomende
stikstofdioxide (NO2) en fijnstof [PM 10). Een activiteit is toelaatbaar als aan één van de volgende voorwaarden wordt voldaan:
■
er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde;
■
het project leidt per saldo niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit;
■
het project draagt niet in betekenende mate bij aan de luchtverontreiniging;
Uit artikel 5.53 en 5.54 Bkl volgt dat een project niet in betekende mate bijdraagt aan de
luchtkwaliteit als de toename van de concentratie NO2 en PM1c niet hoger is dan 1,2 ug/m3. Dat is
3% van de omgevingswaarde voor de jaargemiddelde concentraties. Planspecifiek
Op basis van artikel 5.54 van het Bkl geldt een aantal standaardgevallen waarbij sprake is van een
ontwikkeling die niet in betekenende mate bijdraagt aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. Hieronder staat geen standaardgeval voor evenementen. Derhalve wordt op basis van het aantal
aanvullende verkeersbewegingen bezien of sprake is van een ontwikkeling die in betekenende
mate bijdraagt aan een verslechtering van de luchtkwaliteit.
Op basis van de NIBM-tool is hiervan sprake vanaf circa 3.400 extra verkeersbewegingen per
etmaal. Het Malieveld is reeds bestemd voor evenementen en bevindt zich centraal in de stad op
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
19
korte afstand van het centraal station. De verwachting is dan ook dat het aantal extra verkeers- en vervoersbewegingen in een hoog stedelijke omgeving zoals Den Haag verwaarloosbaar is en niet
boven de grens van 3.400 bewegingen per etmaal uitkomt. Daar komt nog bij dat het een tijdelijke
ontwikkeling betreft. Om de luchtkwaliteit ter plaatse toch te bepalen is het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit geraadpleegd. Hieruit blijkt dat de grenswaarden voor NO2, PM10 en PM2.5 van respectievelijk 40, 40 en 25 pg/m3 ter plaatse van het meest nabijgelegen rekenpunt niet (zullen)
worden overschreden in 2023 en 2030. Conclusie
Voorliggend plan draagt niet in betekenende mate bij aan een verslechtering van de luchtkwaliteit
en ter plaatse is sprake van een voldoende luchtkwaliteit. Vanuit het aspect luchtkwaliteit is sprake
van een evenwichtige toedeling van functies.
4.7
Bodemkwaliteit
Inleiding Ter bescherming van de gezondheid en het milieu zijn voor het aspect bodem instructieregels in
het Bkl opgenomen. De inhoud van deze regels is via het Aanvullingsbesluit bodem Omgevingswet
opgenomen in paragraaf 5.1.4.5 Bkl. Het aanvullingsbesluit bepaalt voor welke activiteiten kan
worden volstaan
met een
melding.
Er worden
drie
basisvormen van
bodemgebruik
onderscheiden: landbouw/natuur, wonen en industrie. De kaders zijn gebaseerd op de
risicogrenswaarden die voor de betreffende situaties zijn afgeleid.
De algemene doelstelling van het bodembeleid is het waarborgen van de gebruikswaarde van de bodem en het faciliteren van het duurzaam gebruik van de functionele eigenschappen van de
bodem, door in onderlinge samenhang;
■
beschermen van de bodem tegen nieuwe verontreinigen en aantastingen;
■
evenwichtig toedeling van functies aan locaties, rekening houdend met de kwaliteiten van
de bodem;
■
duurzaam en doelmatig beheren van de resterende historische verontreinigingen en -
aantastingen. De gemeente stelt de waarde voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem vast. Deze waarde mag
niet hoger zijn dan het blootstellingsniveau van het maximaal toelaatbaar risico voor de mens. Dit is opgenomen in bijlage VA van het Bkl. De toelaatbare kwaliteit van de bodem is een voorwaarde voor bouwen op verontreinigde bodem en is geen omgevingswaarde. De beoordeling van de
mogelijke aanwezigheid van onaanvaardbare risico's voor de gezondheid voor bodemgevoelige gebouwen kan met de risicotoolbox bodem met de module Beoordelen van de bodemkwaliteit
voor een bodemgevoelig gebouw.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
20
Planspecifiek Het perceel is reeds aangeduid als evenemententerrein. Binnen deze bestemming worden reeds evenementen toegestaan. Gesteld mag dan ook worden dat de bodemkwaliteit ter plaatse
voldoende is voor het beoogde plan. Bodem die wordt weg wordt gefreesd in het kader van het
aanbrengen van tijdelijke verharding blijft op het perceel en wordt later weer teruggebracht. Om de kwaliteit van de bodem ter plaatse van de projectlocatie in beeld te brengen is door Tritium Advies een memo opgesteld. Deze memo d.d. 15 april 2025 met kenmerk 2501459TW-01 is als
separate bijlage bij deze onderbouwing gevoegd. De resultaten worden onderstaand besproken. De projectlocatie op het Malieveld is in 2018 gerenoveerd. Tijdens de werkzaamheden zijn diverse
bouwstoffen onder een productcertificaat toegepast. Van de toegepaste bouwstoffen (grond en menggranulaat) zijn productcertificaten afgegeven waaruit de milieuhygiënische (bodem)kwaliteit
blijkt. Tevens zijn ook leveratiebonnen meegezonden. Hieruit blijkt dat de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde activiteiten. Conclusie
Vanuit het aspect bodem is er sprake van een evenwichtige toedeling van functies.
4.8
Archeologie en cultuurhistorie
Inleiding
Wat onder cultureel erfgoed wordt verstaan is opgenomen in bijlage A (begrippen) van de
Omgevingswet. Het gaat hierbij om monumenten, archeologische monumenten, stads- en dorpsgezichten, cultuurlandschappen en, voor zover dat voorwerp is of kan zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het omgevingsplan, ander cultureel erfgoed als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet. De Erfgoedwet bevat de wet- en regelgeving voor behoud
en beheer van het cultureel erfgoed en archeologie in Nederland. Het is op basis hiervan verplicht
om de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie mee te nemen in de
belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. Voor de bescherming van het landschap geldt voor Nederland het Europees landschapsverdrag.
Dit verdrag erkent dat landschappen een onderdeel zijn van de fysieke leefomgeving. In artikel 1.2
lid 1 sub g Omgevingswet worden 'landschappen' als onderdeel van de fysieke leefomgeving aangemerkt. Het landschapsbeleid kan door Rijk, provincie of gemeente in een omgevingsvisie zijn
vastgelegd. Deels zijn landschapswaarden in instructieregels van het Bkl verankerd. Artikel 5.129 Bkl bevat bijvoorbeeld een instructieregel over het behoud van uitzicht op de vrije horizon van de
zee. Een ander voorbeeld is de instructieregel over het cultureel erfgoed over onder andere bescherming van cultuurlandschappen.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
21
Planspecifiek
Archeologie Het plangebied kent op basis van het (tijdelijk) omgevingsplan voor een groot deel de bestemming
'Waarde - Archeologie'. Op basis hiervan geldt een onderzoeksplicht bij ingrepen dieper dan 50 cm
over een oppervlakte van meer dan 50 m2. Aangezien de bodem niet dieper dan 50 cm wordt geroerd
als gevolg van
dit planvoornemen
is geen
sprake van
een
archeologische
onderzoeksplicht. Cultuurhistorie
In de provincie Zuid-Holland
dienen
in
het kader van het behoud van waardevolle
cultuurhistorische elementen en archeologische vindplaatsen, ruimtelijke plannen te worden getoetst aan de provinciale cultuurhistorische waarden.
Het plangebied wordt op basis van bijbehorende kaart aangeduid als 'cat. 1: kroonjuweel cultureel
erfgoed'. Uitgangspunt bij deze gronden is om bij toekomstige ontwikkelingen zowel de structuur
alsook fysieke elementen (gebouwen, waterlopen, kades, e.d.) te behouden en versterken door het herkenbaar houden van de ruimtelijke kenmerken hiervan (verkavelingspatroon, openheid, bebouwingsstructuur, profiel van kades, wegen en waterlopen). Daarnaast is op basis van het (tijdelijk) omgevingsplan de bestemming 'Waarde - cultuurhistorie 1'
van toepassing. Deze gronden zijn medebestemd voor behoud en bescherming van de cultuurhistorische waarden van het Rijksbeschermd stadsgezicht Uitbreiding 's Gravenhage.
Hieruit volgt een aantal aanvullende bouwregels. Deze regels zijn niet van toepassing op de realisatie van tijdelijke bouwwerken ten behoeve van evenementen ter plaatse van de
functieaanduiding 'evenemententerrein'. De tijdelijke realisatie van het Cirque du Soleil ter plaatse van het Malieveld zal niet afdoen aan de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse en behoudt de plaatselijke structuur en fysieke elementen.
Hiermee worden geen belemmeringen verwacht. Conclusie
Van de aspecten archeologie en cultuurhistorie is er sprake van een evenwichtige toedeling aan functies.
4.9
Omgevingsveiligheid
Inleiding De hoofdlijnen van het wettelijk kader omtrent de externe veiligheid zijn opgenomen in
instructieregels in afdeling 5.1.2 Bkl. In bijlage VII van het Bkl zijn activiteiten aangewezen als risicobronnen. Deze risicobronnen zijn van belang voor de regels over het plaatsgebonden risico
en aandachtsgebieden. Het betreft de volgende activiteiten:
■
Activiteiten met gevaarlijke stoffen bij bedrijven. Dit zijn verschillende milieubelastende
activiteiten uit het Besluit activiteiten leefomgeving; ■
Het basisnet vervoer gevaarlijke stoffen (weg, water en spoor);
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
22
■
Buisleidingen met gevaarlijke stoffen die zijn aangewezen als milieubelastende activiteit in het Besluit activiteiten leefomgeving;
■
Windturbines die zijn aangewezen als milieubelastende activiteit in het Besluit activiteit
leefomgeving. Gebouwen en locaties zijn ingedeeld in 3 categorieën:
1.
zeer kwetsbaar (alleen gebouwen);
2.
kwetsbaar (gebouwen en locaties);
3.
beperkt kwetsbaar (gebouwen en locaties).
In bijlage VI van het Bkl staat opgesomd welke gebouwen en locaties onder voorgenoemde
categorieën vallen. Planspecifiek Onderstaande afbeelding toont een uitsnede van de Atlas leefomgeving 'veilige omgeving'. Benoorcten
•*
O
\
sz WiHcmspafk
e9
o
ae9
*
Manahoeve
*
rk 1
o
Haagse Bos
‘ %
\ >
4
8 Essegegn
)4 BezutdGnhout o
o Centrum
‘9*
4
Bovenveen
* %
1LOO
«
Uitsnede risicokaart
Inrichtingen
In de omgeving van de locatie bevinden zich geen relevante inrichtingen welke nadere beschouwing verdienen in het kader van dit plan.
Hoogspanningsleidingen
Op circa 2.000 meter ten oosten van het plangebied bevindt zich een hoogspanningsleiding. Het betreft hier een 150kV leiding met een voorgeschreven afstand van 2x65 meter. Aan de
voorgeschreven afstand kan hiermee worden voldaan. Buisleidingen
Ten noordoosten van het plangebied bevindt zich een aardgasleiding op circa 1200 meter. De 1%
letaliteitsgrens van deze buisleiding is 170 meter. Hier valt het Malieveld ruim buiten.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
23
Transport gevaarlijke stojfen
Ten oosten van het plangebied, op ruim 3.200 meter, bevinden zich transportroutes voor
gevaarlijke stoffen (N14 en A4). Gezien de ruime afstand vormen deze transportroutes geen belemmering voor onderhavig plan. Te meer dat deze locatie reeds sinds lange tijd in gebruik is als
locatie voor de bijeenkomst van grote groepen mensen. Evacuatieplan
Ten behoeve van de organisatie van Cirque du Soleil is een uitgebreid evacuatieplan alsmede een
brandveiligheids- en noodgevalplan opgesteld. Dit plan voorziet in vluchtmogelijkheden in geval
van brand of nood voor zowel bezoekers als personeel. Deze rapporten zijn als separate bijlagen bij deze onderbouwing gevoegd. Conclusie
Vanuit het aspect externe veiligheid is er sprake van een evenwichtige toedeling van functies.
4.10 Verkeer en parkeren Inleiding Voorliggend plan brengt verkeersbewegingen en parkeerbehoefte teweeg. Bezien moet worden of
de aanwezige infrastructuur toereikend is om te voorzien in de afwikkeling van deze verkeersbewegingen en of het plan voorziet in voldoende parkeergelegenheid. Planspecifiek
Om te voorzien in een goede afwikkeling van de verwachte verkeersstromen en parkeerbehoefte, is door CrowdCare B.V. een mobiliteitsanalyse opgesteld. Dit rapport d.d. 4 april 2025 is als
separate bijlage bij de onderbouwing gevoegd. Verkeersbewegingen en parkeerbehoefte
gerelateerd aan voorliggend plan laten zich niet goed vangen in kentallen. Eerdere ervaringen met Cirque du Soleil en het Malieveld vormen een realistischer beeld van de te verwachten
verkeersstromen en parkeerbehoefte.
Verkeer Uit de analyses en doorrekeningen kan opgemaakt worden dat de shows van Cirque du Soleil op
het Malieveld een beperkte impact hebben op het omliggende wegennet en de directe omgeving. Hoewel er in zijn totaliteit ruim 200.000 bezoekers voor de show naar Den Haag reizen is het aantal
bezoekers per show (maximaal 2477 bezoekers) relatief beperkt. De verwachting is dat het aantal extra verkeers- en vervoersbewegingen in een hoogstedelijke omgeving zoals centrum Den Haag verwaarloosbaar is. Er wordt geen onbeheersbaar veiligheids- of bereikbaarheidsrisico verwacht. Het aantal voertuigen per show is laag, de shows vinden buiten kantoortijden of in het weekend plaats. Bij een instroompiek van 50% per uur zullen ca. 250 auto's per uur gelijktijdig Den Haag in
én uitrijden. De infrastructuur rondom het Malieveld én Den Haag is goed. Er wordt geen
onbeheersbaar verkeersbeeld verwacht.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
24
Parkeren Uit de mobiliteitsanalyse komt naar voren dat, afhankelijk van de dag, tussen de 470 en 635 auto's parkeren per show. Op weekenddagen kan er een beperkte overlap zitten tussen bezoekers die
vertrekken en arriveren.
Van het totaal aantal auto's parkeren er tussen de 85 en 129 op ongeorganiseerde
parkeerterreinen zoals parkeergarages van Interparking, op ParkBee locaties of parkeren op straat. Het Malieveld is centraal gelegen en de omliggende omgeving kent een hoogstedelijk
karakter met veel (parkeer)voorzieningen op loopafstand. Bovendien vinden de shows van Cirque
de Soleil plaats na een reguliere werkdag/spits of in het weekend. De verwachting is daarom dat
auto's die niet op de door de organisatie gefaciliteerde parkeerterreinen parkeren verdwijnen in het reguliere straatbeeld. Voor bezoekers die parkeren op een georganiseerde parkeerplaats heeft Cirque du Soleil een
samenwerking met Q-Park. Q-Park biedt haar restcapaciteit aan bezoekers van Cirque du Soleil aan. Een gegarandeerde parkeerplek kan vooraf worden gereserveerd via de website van Cirque
du Soleil. De beschikbare capaciteit van Q-Park hangt samen met de gemiddelde bezettingsgraad van de
omliggende parkeergarages. Omdat de shows aan het eind van de dag plaatsvinden of in het weekend is voldoende parkeercapaciteit beschikbaar.
Alle crew en artiesten verblijven in accommodaties in Den Haag vanwaar zij per fiets of openbaar vervoer naar het Malieveld reizen. Er worden geen extra parkeerplaatsen gefaciliteerd voor crew
en artiesten op of bij het Malieveld. Conclusie
Vanuit het aspect verkeer en parkeren is er sprake van een evenwichtige toedeling van functies.
4.11 Kabels en leidingen Op de planlocatie bevinden zich geen planologisch relevante kabels en leidingen. Dit aspect vormt daarmee geen belemmering.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
25
5.
Beperkingengebieden
Een beperkingengebied is een breed verzamelbegrip en wordt in de Omgevingswet gedefinieerd als een gebied dat bij of krachtens de wet (door Rijk of provincie) is aangewezen, waar vanwege de aanwezigheid van een werk of object, regels gelden over activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor dat werk of object.
De Omgevingswet verplicht Rijk en provincie om beperkingengebieden aan te wijzen, zoals zones
rond wegen,
hoofdspoorwegen, waterkeringen, rijkswegen en vaarwegen.
Binnen deze
beperkingengebieden stelt de provincie eisen aan aanduidingen, informatieborden en uitwegen.
Kortgezegd zijn dit de gebieden rondom wegen en water- staatswerken waar beperkingen gelden. Dit betekent dat er beperkingen gelden voor activiteiten van derden, ter plaatse van de weg of het
waterstaatswerk als ook in de daaraan grenzende (beschermings)zones. Een beperkingengebied
is in feite wat nu de (beschermings)zones onder de huidige wetgeving zijn en in veel gevallen omvat
het beperkingen- gebied ook de locatie van de weg of het waterstaatswerk of object zelf. Een concreet voorbeeld van een beperkingengebied is een oppervlaktewaterlichaam (bijvoorbeeld
een
primaire
watergang
of
een
A-watergang)
inclusief
de
(beschermings)zones
(onderhoudsstroken en eventueel natuurvriendelijke oevers).
Voorliggende ontwikkeling valt niet binnen een aangewezen beperkingengebied.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
26
6.
Uitvoerbaarheid
6.1
Economisch
De initiatiefnemer is zich ervan bewust dat alle kosten die gemaakt worden in of ten behoeve van de procedure en de uitvoering voor rekening van de initiatiefnemer komen. Dit betreft onder meer de kosten voor de benodigde onderzoeken en de kosten voor het opstellen van de onderbouwing. Ingeval voor realisatie van het onderhavige initiatief een schadeveroorzakend besluit nodig is als bedoeld in artikel 15.1, eerste lid de Omgevingswet, kan dit tot voor vergoeding in aanmerking
komende schade leiden. De door dit besluit veroorzaakte nadeelcompensatie die voor vergoedingen in aanmerking komt is verzekerd middels een schadevergoedingsovereenkomst
zoals bedoeld in artikel 13.3C Ow. Zodoende is voor wat betreft nadeelcompensatie de uitvoerbaarheid van het initiatief geborgd. Conclusie
Het plan is financieel uitvoerbaar.
6.2
Maatschappelijk
Op basis van de door het bevoegd gezag aangegeven (rand)voorwaarden is een onderbouwing
opgesteld. In deze onderbouwing is ingegaan op de ruimtelijke beleidskaders en de stedenbouwkundige en/of landschappelijke effecten van de gewenste ontwikkeling. Om een zo compleet mogelijk planologisch beeld te geven, is tevens aandacht besteed aan de ruimtelijke en milieuhygiënische (deel)aspecten.
Er is inzicht gegeven in zowel de fysieke als functionele aspecten van de planlocatie in relatie tot de omgeving c.q. het grotere geheel. Tevens vindt een beschrijving plaats van alle aspecten die direct met het plan te maken hebben.
De gemeente zal in het kader van de voorbereiding van de omgevingsvergunning overleg plegen
met haar vooroverlegpartners. Eventuele reacties voortkomend uit het vooroverleg worden in het kader van het ter inzage leggen van het ontwerpbesluit zorgvuldig afgewogen en verwerkt in het plan.
De omgevingsvergunning zal de wettelijke procedure doorlopen en conform de wettelijke
vereisten kenbaar worden gemaakt.
6.3
Omgevingsdialoog
MOJO heeft omwonenden per brief op de hoogte gesteld van de beoogde ontwikkeling, hen in de gelegenheid gesteld eventuele opmerkingen of bezwaren op voorhand te delen en tot slot uitgenodigd voor een bijeenkomst die begin 2025 zal worden georganiseerd.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
27
De voorlopige bevindingen en meer toelichting op de beoogde aanpak is opgenomen in de memo in de bijlage bij deze bijlage (memo participatie Cirque du Soleil Malieveld. Prophys, d.d. 20 december 2024, kenmerk 24116-1).
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
28
7.
Belangenafweging en conclusie
Voorliggende procedure kan enkel doorgang vinden met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (Etfal, artikel 8.0a, lid 2 Bkl).
Om dit te kunnen beoordelen zijn alle voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten (voorzover betrekking hebbend op de gevraagde activiteit) nader onderzocht en afgewogen in voorgaande hoofdstukken. Alles overwegende wordt geconcludeerd dat de ontwikkeling voorziet in een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Prophys B.V. / Onderbouwing van de fysieke leefomgeving Cirque du Soleil, Malieveld Den Haag
29
Bijlagen Cirque du Soleil in Den Haag, te verwachten geluidniveaus in de omgeving. Peutz, d.d. 17 aprik
2025, kenmerk LL/LL/ /E 1142-3-RA;
Memo stikstofdepositie. Waardenburg Ecology, d.d. 20 december 2024, kenmerk 24-
0923/LotLi/20241220; Natuurtoets Cirque du Soleil Den Haag 2025. Tauw, d.d. 8 januari 2025, kenmerk R0011299634MHM-V01-agv-NL; Onderbouwing bodemkwaliteit Malieveld te Den Haag. Tritium Advies, d.d. 15 april 2025,