CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323100 Bijlage 1 Jaarverslag 2024 DeHaagseScholen

Commissie Samenleving 11 december 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Haagse Educatieve Agenda (HEA) 2026-203233.665 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

12 alinea's met “openstaande”: 3165 3166 3215 3225 3229 3240 3341 3364 3713 3771 3778 3808

Voorziening groot onderhoud De onderhoudsvoorziening betreft een voorzienig welke is opgenomen om aan

Voorziening toekomstige jubilea uitkeringen

toekomstige onderhoudsverplichtingen te voldoen. De gevormde onderhoudsvoorziening

Deze voorziening is gevormd conform de richtlijnen van de jaarverslaglegging om alle

heeft als doelstelling alle gebouwen te voorzien van kwalitatief onderhoud om

toekomstige verplichtingen voor jubilea-uitkeringen van het personeel te dekken.

deze gebouwen op langere termijn in stand te houden en dient ter egalisering van

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

de onderhoudskosten. Kosten van groot onderhoud zijn kosten voortvloeiend uit

De Haagse Scholen heeft de verplichtingen inzake de pensioenrechten van haar

(periodieke) werkzaamheden na een lange gebruiksperiode om de huidige staat van

personeel ondergebracht bij stichting Pensioenfonds ABP. De Haagse Scholen betaalt

een actief in stand te houden, die niet als vervanging van belangrijke bestanddelen

hiervoor premies, waarvan 2/3 door de werkgever worden betaald en 1/3 door de

van het materieel vast actief zijn aan te merken en die niet kwalificeren als frequent

werknemer.

84

voorkomende onderhoudskosten. Frequent voorkomende onderhoudskosten, klein onderhoud en onderhoudscontracten worden ten laste van de exploitatierekening

De pensioenrechten worden jaarlijks geïndexeerd, indien en voor zover de

gebracht.

dekkingsgraad van het pensioenfonds (het vermogen van het pensioenfonds gedeeld door haar financiële verplichtingen) dit toelaat. Pensioenfondsen moeten vanaf 2015

Kwalitatieve verbeteringen en uitbreidingsinvesteringen dienen te worden geactiveerd.

gebruikmaken van de zogenaamde ‘beleidsdekkingsgraad’. De beleidsdekkingsgraad is

Hieronder worden die uitgaven verstaan die kunnen leiden tot toekomstige economische

het gemiddelde van de laatste twaalf dekkingsgraden. De beleidsdekkingsgraad was

voordelen. Denk aan uitbreidingen van capaciteit en kwalitatieve verbeteringen zoals

eind 2024 113,1%.

besparing van energiegebruik. Om de pensioenen (gedeeltelijk) te kunnen indexeren moet de beleidsdekkingsgraad De voorziening is gewaardeerd tegen nominale waarde. De toevoegingen aan de

minimaal 110% zijn en voor volledige indexatie moet de beleidsdekkingsgraad 123% zijn.

voorziening vinden plaats op basis van het geschatte bedrag per onderhoudscomponent

Het pensioenfonds heeft per januari 2024 de premie verlaagd naar 27,0%. Het ABP

en de periode die telkens tussen de werkzaamheden voor groot onderhoud verloopt.

heeft medio 2017 een geactualiseerd herstelplan ingediend bij De Nederlandse Bank

De kosten van verricht groot onderhoud worden verwerkt ten laste van een

(DNB). De belangrijkste punten uit het herstelplan zijn:

onderhoudsvoorziening voor zover deze is gevormd voor de beoogde kosten. Indien

•

de kosten van verricht groot onderhoud afwijken van de boekwaarde van de voor de betreffende onderhoudscomponent aangehouden voorziening, dan wordt dit verschil in

Zolang de dekkingsgraad lager is dan 104% worden de pensioenen niet aangepast aan de loonontwikkeling.

•

één keer verwerkt in de winst- en verliesrekening.

De premie moet minimaal kostendekkend zijn en bij een lage dekkingsgraad (dekkingstekort) bijdragen aan herstel van het fonds. Om de financiële positie te verbeteren geldt er een tijdelijke herstelopslag op de premie voor ouderdoms- en

Pensioenen

nabestaandenpensioen.

Op grond van de Nederlandse pensioenwet worden de Nederlandse regelingen primair

•

Het beleggingsbeleid is aangepast waardoor het beleggingsrisico lager is.

volgens een “verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering” in deze jaarrekening

•

In het herstelplan is ruimte opgenomen om tegenvallers op te vangen. Als het

verwerkt. In deze benadering wordt de verplichting voortvloeiende uit een door de

herstel trager verloopt dan verwacht, kunnen bijvoorbeeld de pensioenen worden

rechtspersoon gedane pensioentoezegging gebaseerd op de financieringsafspraken

verlaagd.

zoals vastgelegd in de uitvoeringsovereenkomst tussen De Haagse Scholen en pensioenuitvoerder.

De Haagse Scholen heeft geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij het pensioenfonds, anders dan het effect van hogere

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

toekomstige premies. De Haagse Scholen heeft daarom alleen de verschuldigde

Niet-geoormerkte OCW-subsidies (subsidies die volledig vrij besteedbaar zijn) worden

premies tot en met het einde van het boekjaar in de jaarrekening verantwoord.

in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft volledig als baten verwerkt in de

Schulden

85

staat van baten en lasten. De niet bestede niet-geoormerkte OCW-subsidies worden verantwoord als vooruit ontvangen OCW-subsidies (overlopende passiva).

De waardering van kortlopende schulden is toegelicht onder het hoofd Financiële instrumenten.

Geoormerkte OCW-subsidies met een vrij besteedbaar overschot (G1-doelsubsidies

voor een specifiek doel waarbij het overschot geen verrekening-clausule heeft), worden

Opbrengsten algemeen

naar rato van de verrichte werkzaamheden als baten verantwoord. De subsidies

Als baten worden de bedragen verwerkt die de stichting voor eigen rekening ontvangt.

waarvoor nog niet alle activiteiten of prestaties per balansdatum zijn verricht, worden

Bedragen die de stichting voor derden ontvangt worden niet als opbrengsten verwerkt.

ook verantwoord als vooruit ontvangen OCW-subsidies (overlopende passiva), zolang

Wanneer de stichting in een transactie in plaats van als hoofdpartij als tussenpersoon

de bestedingstermijn niet is verlopen.

optreedt, betreffen de in de staat van baten en lasten verwerkte baten het saldo van de door de stichting voor de transactie ontvangen commissies.

Geoormerkte OCW-subsidies (G2-doelsubsidies met verrekening clausule) worden ten gunste van de staat van baten en lasten verantwoord in het jaar waarin de werkelijke

Baten uit het verlenen van diensten worden opgenomen in de staat van baten en lasten

subsidiabele lasten komen (naar rato van de aan het verslaggevingsjaar toe te rekenen

tegen de reële waarde van de ontvangen of te ontvangen vergoeding, na aftrek van

werkelijke subsidiabele uitgaven).

tegemoetkomingen en kortingen. De niet bestede middelen worden verantwoord als schuld aan het ministerie van OCW Baten uit het verlenen van diensten worden in de staat van baten en lasten verwerkt wanneer het bedrag van de baten op betrouwbare wijze kan worden bepaald, de inning

onder de kortlopende schulden zodra de bestedingstermijn is verlopen.

van de te ontvangen vergoeding waarschijnlijk is, de mate waarin de dienstverlening op

Samenwerkingsverbanden

balansdatum is verricht betrouwbaar kan worden bepaald en de reeds gemaakte kosten

Onder de ontvangen rijksbijdragen SWV worden de ontvangen doorbetalingen van de

en de kosten die (mogelijk) nog moeten worden gemaakt om de dienstverlening te

samenwerkingen opgenomen. De ontvangen bijdragen worden in het jaar waarop de

voltooien op betrouwbare wijze kunnen worden bepaald.’

toekenning betrekking heeft volledig als baten verwerkt in de staat van baten en lasten.

Rijksbijdragen

Overige overheidsbijdragen

Onder de rijksbijdragen worden de vergoedingen voor de personele en materiële

Dit betreft subsidies van gemeenten en andere overheidsinstanties m.u.v. het

exploitatie opgenomen, die verstrekt zijn door het ministerie van OCW. De ontvangen

ministerie van OCW voor zover de bijdragen niet als doelsubsidies in het kader van

(normatieve) rijksbijdragen uit hoofde van de basisbekostiging (lumpsum) worden in het

de huisvestingsverordening in mindering zijn gebracht op de lasten.

jaar waarop de toekenning betrekking heeft volledig als baten verwerkt in de staat van baten en lasten.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

Overige baten

Huisvestingslasten

Onder de overige baten worden opgenomen alle overige baten die kunnen

Onder de huisvestingslasten worden de kosten van huisvesting opgenomen.

worden toegerekend aan de exploitatie van het bevoegd gezag. Huuropbrengsten

De lasten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben.

worden lineair in de staat van baten en lasten opgenomen op basis van de duur van de huurovereenkomst. Vergoedingen ter stimulering van het sluiten van

Overige lasten

huurovereenkomsten, worden als integraal deel van de totale huuropbrengsten

De overige lasten, die voortvloeien uit aangegane afspraken dan wel noodzakelijk zijn

verwerkt.

voor het geven van onderwijs, worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze

Personeelslasten en personeelsbeloningen

86

betrekking hebben.

Onder de personele lasten zijn opgenomen de lonen en salarissen van het personeel

Leasing

in dienst van het bevoegd gezag verminderd met ontvangen uitkeringen van

De stichting kan financiële en operationele leasecontracten afsluiten. Een lease-

uitkeringsinstanties. Tevens zijn onder deze noemer opgenomen de kosten van

overeenkomst waarbij de voor- en nadelen verbonden aan het eigendom van het

Personeel niet in loondienst en de overige personele lasten.

leaseobject geheel of nagenoeg geheel door de lessee worden gedragen, wordt aangemerkt als een financiële lease. Alle andere leaseovereenkomsten classificeren als

De beloningen van het personeel worden als last in de staat van baten en lasten

operationele lease. Bij de leaseclassificatie is de economische realiteit van de transactie

verantwoord in de periode waarin de arbeidsprestatie wordt verricht en, voor zover

bepalend en niet zozeer de juridische vorm. Als de stichting optreedt als lessee in een

nog niet uitbetaald, als verplichting op de balans opgenomen. Als de reeds betaalde

operationele lease, wordt het leaseobject niet geactiveerd. Leasebetalingen inzake de

bedragen de verschuldigde beloningen overtreffen, wordt het meerdere opgenomen als

operationele lease worden lineair over de leaseperiode ten laste van de staat van baten

een overlopend actief voor zover er sprake zal zijn van terugbetaling door het personeel

en lasten gebracht

of van verrekening met toekomstige betalingen door de stichting.

Rentebaten en rentelasten

De verplichting uit hoofde van beloningen tijdens dienstverband wordt gewaardeerd

Rentebaten worden verantwoord in de periode waartoe zij behoren, rekening

tegen nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de

houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende actiefpost. Rentelasten

verplichting af te wikkelen

en soortgelijke lasten worden verantwoord in de periode waartoe zij behoren.

Afschrijvingen De afschrijvingslasten worden berekend over de aanschaffingsprijs op basis van de onder materiële vaste activa vastgelegde criteria rekening houdend met de economische levensduur.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

87

Toelichting op de onderscheiden posten van de balans

1.2 Materiële vaste activa

De specificatie van de in de tabel genoemde categorieën is als volgt: •

Materiële vaste activa

Cat. 1.2.2

Cat. 1.2.3

Cat. 1.2.4

Totaal

Aanschafprijs cumulatief 1-1-2024

20.995.595

8.398.301

576.833

29.970.730

Afschrijving cumulatief 1-1-2024

-8.921.101

-4.797.780

-

-13.718.881

Boekwaarde per 1-1-2024

12.074.494

3.600.522

576.833

16.251.849

1.2.2. Inventaris en apparatuur (meubilair, ICT-hardware, gymzaal- en speellokaalinrichting en vervoermiddelen)

•

1.2.3. Andere vaste bedrijfsmiddelen (onderwijsleerpakketten en de digiborden)

•

1.2.4. In uitvoering en vooruitbetalingen

Voor de gehanteerde afschrijvingstermijnen en –percentages wordt verwezen naar de grondslagen voor de waardering van de activa en passiva.

Investeringen 2024

5.240.413

911.291

Desinvesteringen aanschafprijs

-993.575

-865.269

-1.858.844

Desinvesteringen cum. Afschrijvingen

942.132

844.173

1.786.305

voor € 5,2 mln. en investeringen in onderwijsleerpakketten en digiborden bedroegen

-2.119.082

-924.545

-

-3.043.628

€ 0,9 mln. het overige deel van € 0,5 mln. zijn in uitvoering of vooruitbetalingen.

Reclassificaties

511.859

64.973

-576.833

-

Mutaties 2024

3.581.747

30.623

-111.154

3.501.216

Afschrijvingen 2024

465.678

6.617.383

In totaal is in het boekjaar 2024 voor € 6,6 mln. geïnvesteerd in vaste activa. Deze investeringen hadden voornamelijk betrekking op meubilair en ICT-hardware,

Per eind van het boekjaar zijn op basis van opgaves van de scholen desinvesteringen gedaan. Het betreft items die per ultimo 2024 niet meer op de scholen aanwezig c.q. in gebruik waren. De boekwaarde van de desinvesteringen ad € 72.539 heeft betrekking

Aanschafprijs cumulatief 31-12-2024

25.754.293

8.509.297

Afschrijvingen cumulatief 31-12-2024

-10.098.051

-4.878.152

Boekwaarde per 31-12-2024

15.656.242

3.631.145

465.678

34.729.268 14.976.203

465.678

19.753.065

op diverse items die per 31 december 2024 niet volledig afgeschreven waren en als boekverschil genomen zijn. Van de totale afschrijvingslast heeft € 39.494 betrekking op items die vóór 2010 zijn aangeschaft. Dit bedrag is via de resultaatverdeling onttrokken aan de herwaarderingsreserve eerste waardering activa.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

88

1.5 Vorderingen De specificatie van de per balansdatum openstaande vorderingen is als volgt:

Ouderdomsanalyse openstaande debiteuren

Vorderingen

Aantal dagen

Bedrag

%

Korter dan 30 dagen

363.433

50%

31-12-2024

31-12-2023

725.172

2.643.110

1.5.1

Debiteuren

1.5.2

Ministerie van OCW

0

0

Tussen 30 en 60 dagen

22.219

3%

1.5.6

Overige overheden

17.178.103

16.880.308

Tussen 60 en 90 dagen

100.300

14%

1.5.7

Overige vorderingen

998.084

624.523

Langer dan 90 dagen

239.219

33%

1.5.8

Overlopende activa

2.347.553

3.085.493

Totaal debiteuren

725.172

100%

1.5.9

Af: Voorzieningen wegens oninbaarheid

-6.431

-21.135

21.242.481

23.212.298

Totaal vorderingen

Van de openstaande posten per 31 december 2024 was op 6 februari 2025 31% voldaan.

Dit betreffen vorderingen met een looptijd korter dan een jaar. De stichting loopt

Het grootste deel van de debiteuren die langer dan 90 dagen openstaan zijn

kredietrisico over vorderingen. De vorderingen hebben hoofdzakelijk betrekking op

subsidieverstrekkers die een beschikking hebben afgegeven, maar nog niet volledig

kortlopende vorderingen op de gemeente Den Haag. Als gevolg hiervan is het rente –

betaald hebben, omdat volledige beta-ling slechts geschied na verantwoording aan de

en kredietrisico dat de stichting loopt als laag aan te merken.

subsidieverstrekkers of naar looptijd.

De totale vorderingen zijn met € 2 mln. afgenomen ten opzichte van 2023.

Er is binnen de openstaande posten per 31-12-2024 sprake van enkele dubieuze

De afzonderlijke onderdelen van de vorderingen worden in het onderstaande nader

debiteurenposten.

toegelicht

1.5.1 Debiteuren De post debiteuren betreft vorderingen op derden, niet zijnde het ministerie van OCW of gemeentelijke instellingen. Het betreft vorderingen met betrekking tot detacheringen, huur en werkzaamheden in het kader van Passend Onderwijs. De ouderdomsanalyse van de openstaande posten is als volgt:

Deze posten worden in 2025 verder uitgezocht en we hebben hiervoor een voorziening van +/- € 6.400 gevormd.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

1.5.2 Ministerie van OCW

De Blokpoelschool is opgeleverd in september 2024 en wordt halverwege 2025

Onder deze post worden de vorderingen met betrekking tot de beschikkingen van

afgerekend met de gemeente.

89

het ministerie van OCW opgenomen die vallen onder het boekjaar 2024, maar die per jaareinde nog niet volledig zijn ontvangen in verband met het gehanteerde betaalritme.

In de vordering nog te declareren WOZ en overige zitten facturen voor de kosten van de

Openstaande vorderingen worden conform het in de beschikkingen opgenomen

inhuizing van basisschool AIDA bij de Baanbrekerschool die de gemeente gaat vergoeden.

betaalritme afgewikkeld. Per jaareinde 2024 is er geen vordering op het ministerie van OCW.

De post vorderingen overige overheden is licht gestegen ten opzichte van 2023.

1.5.6 Overige overheden

1.5.7 Overige vorderingen

Onder deze post zijn voornamelijk de vorderingen opgenomen op de gemeente Den Haag,

De specificatie van de post overige vorderingen is als volgt:

Dienst OCW, in verband met gedeclareerde en nog te declareren huisvestingsprojecten. De vordering op de gemeente valt uiteen in een aantal onderdelen: Vorderingen op overige overheden

Overige vorderingen

31-12-2024

31-12-2023

-8.071

1.022.110

16.902.747

15.816.885

Reeds ingediende schadedeclaraties

-21.665

27.670

Nog te declareren WOZ en overige

305.092

13.642

17.178.103

16.880.308

Reeds ingediende einddeclaraties en voorschotnota's Onderhanden werk lopende bouwprojecten

Totaal vordering overige overheden

31-12-2024

31-12-2023

Waarborgsommen

179.639

225.119

Nog door te berekenen aan derden

576.640

303.474

Overige vorderingen

241.805

95.931

Totaal overige vorderingen

998.084

624.523

De post waarborgsommen heeft voornamelijk betrekking op geleasede tablets waarvoor bij inlevering de borgsom wordt terugontvangen. Onder de post nog door te berekenen aan derden vallen kosten die in verband met

De post Onderhanden werk betreft nieuwbouw- of renovatieprojecten bij de Annie M.G.

het medegebruik van panden aan derde partijen in rekening kunnen worden gebracht.

Schmidtschool, Galvanischool en de Blokpoelschool waarvan wij de kosten hebben

Deze bedragen voor het medegebruik van de diverse panden worden in het eerste

voorgeschoten.

kwartaal van 2025 gefactureerd.

De Annie M.G. Schmidtschool is opgeleverd eind 2023 en de kosten zijn in oktober 2024

De overige vorderingen bevatten met name recent ingediende UWV

ingediend bij de gemeente ter controle en uitbetaling.

transitievergoedingen die nog niet zijn ontvangen.

De Galvanischool is opgeleverd februari 2024, de facturen zijn ingediend in

De totale overige vorderingen zijn met bijna € 0,4 mln. toegenomen ten opzichte van

november 2024.

2023.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

1.5.8 Overlopende activa

1.7 Liquide middelen

De overlopende activa bestaan uit vooruitbetaalde of nog te vorderen bedragen.

De specificatie van de per balansdatum aanwezige liquide middelen is als volgt:

Overlopende posten

Liquide middelen

1.5.8.1

31-12-2024

31-12-2023

Vooruitbetaalde kosten

2.067.943

2.830.898

1.7.1

Nog te ontvangen rente

279.610

254.595

2.347.553

3.085.493

Overlopende activa

De overlopende activa hebben betrekking op vooruitbetaalde kosten voor de boekjaren 2025 en verder. Deze zijn afgenomen ten opzichte van vorig jaar met € 0,7 mln.

90

31-12-2024

31-12-2023

Kasmiddelen

10.167

18.240

1.7.2

Tegoeden op bankrekeningen

237.622

238.242

1.7.3

Schatkistbankieren

39.230.491

55.917.105

1.7.4

Kruisposten

31.212

36.405

39.509.492

56.209.993

Totaal liquide middelen

De nog te ontvangen rente is begin 2025 ontvangen en heeft betrekking op 2024. Conform het treasurystatuut houdt De Haagse Scholen uitsluitend gelden aan in

1.5.9 Voorziening wegens oninbaarheid

de vorm van lopende banktegoeden of spaartegoeden met een zo hoog mogelijke

Deze voorziening heeft betrekking op een aantal openstaande debiteurenposten

opnamevrijheid. De stichting bewaakt de liquiditeitspositie door middel van opvolgende

per 31-12-2024 die mogelijk oninbaar zijn. Het verloop van de voorziening wegens

liquiditeitsbegrotingen. Het management ziet erop toe dat voor de stichting steeds

oninbaarheid is als volgt:

voldoende liquiditeiten beschikbaar zijn om aan de verplichtingen te kunnen voldoen. De tegoeden op bankrekeningen betreffen de ING-bankrekeningen die door scholen

Voorziening wegens oninbaarheid

31-12-2024

31-12-2023

21.135

22.635

-817

-1.500

Dotatie

-

-

Vrijval

-13.886

-

6.431

21.135

Stand per begin boekjaar Onttrekking

Stand per einde boekjaar

Er is binnen de openstaande posten per 31-12-2024 sprake van enkele dubieuze debiteurenposten. Deze posten worden in 2025 verder uitgezocht en we hebben hiervoor een voorziening van +/- € 6.400 gevormd.

worden aangehouden. Bij de schatkist wordt ook een deel van het saldo in deposito’s gezet om een beter rendement op de spaarrekening te ontvangen. Deposito’s overzicht per 31-12-2024

Productnummer

RC-nummer

Ingangsdatum

Einddatum

Rente

Hoofdsom (€)

D341373

RC17631

19-08-2024

18-08-2025

2,82%

10.000.000,00

D030208

RC17631

26-11-2024

25-11-2025

2,21%

10.000.000,00

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

2.1 Eigen vermogen De algemene reserve betreft een buffer ter waarborging van de continuïteit van het bevoegd gezag en wordt opgebouwd uit resultaatbestemming van overschotten die ontstaan uit het verschil tussen de baten en lasten. De samenstelling en het verloop van het eigen vermogen zijn als volgt (na resultaatbestemming): Eigen vermogen

31-12-2023

Stelselwijziging

Stand per 1-1-2024

Resultaat

31-12-2024

2.1.1

Algemene reserve publiek

46.339.740

-13.804.833

32.534.907

-139.416

32.395.491

2.1.1

Algemene reserve privaat

-

-

-

-

-

2.1.2

Bestemmingsreserve NPO (publiek)

9.437.679

-

9.437.679

-6.184.695

3.252.985

2.1.3

Bestemmingsreserve (privaat)

1.033.278

-

1.033.278

260.968

1.294.245

2.1.6

Herwaarderingsreserve eerste waardering activa

184.330

-

184.330

-39.494

144.836

56.995.027

-13.804.833

43.190.194

-6.102.637

37.087.557

Totaal Eigen vermogen

Het in het boekjaar behaalde negatieve resultaat is volledig ten laste gebracht van het eigen vermogen. De onderscheiden posten van het eigen vermogen worden onderstaand toegelicht.

91

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

2.1.1 Algemene reserve (publiek)

2.1.3 Bestemmingsreserve privaat

Binnen De Haagse Scholen kennen de scholen financieel zelfbeheer voor de aan hen

Het verloop van de Bestemmingsreserve privaat is als volgt:

92

toegekende budgetten. Voor het opvangen van schommelingen in het schoolgebonden exploitatieresultaat is het noodzakelijk dat scholen de beschikking hebben over een adequate school-gebonden algemene reserve. Daarnaast zijn binnen De Haagse

Bestemmingsreserve (privaat)

31-12-2023

Resultaat

31-12-2024

2.1.3.

Legaat

5.523

-

5.523

exploitatie van de schoolgebouwen de omvangrijkste is. Voor de schommelingen in de

2.1.3.

Overige

1.027.754

260.968

1.288.722

bovenschoolse budgetten is een adequate algemene reserve wenselijk. De omvang van

Totaal bestemmingsreserve privaat

1.033.278

260.968

1.294.245

Scholen een aantal budgetten bovenschools georganiseerd, waarvan de totale

de algemene reserves publiek van De Haagse Scholen bedraagt ultimo 2024 € 32,4 mln. (ultimo 2023 € 46,3 mln.). Dit verschil komt door de stelselwijziging op de voorziening De bestemmingsreserve privaat bestaat voor een deel uit een, in een ver verleden,

groot onderhoud per 2024. Deze mutatie bedroeg € 13,8 mln.

ontvangen legaat. In 2016 is de eeuwigdurende rente op dit legaat door de gemeente

2.1.2 Bestemmingsreserves (publiek)

Den Haag afgekocht en dat bedrag is aan het legaat toegevoegd. Het overige deel van de bestemmingsreserve privaat bestaat uit het resultaat van de scholen van de TSO

Bestemmingsreserve Publiek 2.1.2

Bestemmingsreserve NPO (publiek)

Totaal bestemmingsreserve publiek

31-12-2023

Resultaat

31-12-2024

9.437.679

-6.184.695

3.252.985

9.437.679

-6.184.695

3.252.985

In de bestemmingsreserve NPO worden alle niet-bestede NPO middelen opgenomen na resultaatbepaling. De scholen zijn vrij deze middelen weer te onttrekken aan deze reserves voor de uitvoering van NPO activiteiten in hun exploitatie, Uit de publiekelijk bestemmingsreserves hebben wij de extra bestede NPO gelden in 2024 voor € 6,2 mln. onttrokken.

gelden en de vacatiegelden i.v.m. invulling van bestuursfuncties door leden van het CvB voor derden.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

93

2.1.6 Herwaarderingsreserve eerste waardering activa Als gevolg van de invoering van de methodiek van activering en de daarbij behorende 1e waardering van de aanwezige activa heeft De Haagse Scholen per 1 januari 2010 herwaarderingsreserves moeten vormen die in omvang gelijk waren aan de boekwaarde van de vaste activa per die datum. Dit betrof een administratieve handeling die wel invloed heeft op de samenstelling van het vermogen maar geen resultaateffect kent. Deze herwaarderingsreserves zijn dus geoormerkt en niet vrij inzetbaar. Jaarlijks worden de afschrijvingen op deze activa via de resultaatverdeling in mindering gebracht op de herwaarderingsreserve eerste waardering activa en daarmee ten gunste van de algemene reserve. Deze methodiek zal worden gecontinueerd totdat de herwaarderingsreserves nul zijn (respectievelijk de activa van voor 2010 geheel is afgeschreven). Naar verwachting zal dit uiterlijk in het jaar 2028 het geval zijn. In 2024 had van de totale afschrijvingslast € 39.494 betrekking op items die vóór 2010 zijn aangeschaft. Dit bedrag is via de resultaatverdeling onttrokken aan de herwaarderingsreserve eerste waardering activa. De specificatie van de bestemmingsreserve eerste waardering activa is als volgt: Herwaarderingsreserve 1e waardering activa

31-12-2023

Resultaat

31-12-2024

171.089

-35.794

135.295

146

-146

-

2.1.6.

Bestemmingsreserve 1e waardering Meubilair

2.1.6.

Bestemmingsreserve 1e waardering ICT bekabeling

2.1.6.

Bestemmingsreserve 1e waardering inrichting gymzalen

1.525

-1.092

433

2.1.6.

Bestemmingsreserve 1e waardering inrichting speellokalen

11.570

-2.462

9.108

184.330

-39.494

144.836

Totaal herwaarderingsreserve

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

94

2.2 Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd om toekomstige kosten en risico’s te dekken en/of om bepaalde kosten gelijkmatig over de jaren te spreiden. De samenstelling en het verloop van de voorzieningen zijn als volgt: Voorzieningen

31-12-2023

Stelselwijziging

Stand per 1-1-2024

Dotaties

Onttrekkingen

Vrijval

Rente mutatie (bij contante waarde)

31-12-2024

Kortlopend deel<1 jaar

2.820.029

598.226

255.225

407.684

-364.552

2.390.795

647.847

2.2.1

Personeelsvoorzieningen

2.820.029

2.2.3

Egalisatievoorz. planmatig onderhoud

9.778.990

13.804.833

23.583.823

1.947.203

787.883

-

-

24.677.903

896.769

12.599.019

13.804.833

26.403.852

2.545.429

1.043.109

407.684

-364.552

27.068.698

1.544.616

Totaal Voorzieningen

De onderscheiden posten van de voorzieningen worden hierna toegelicht.

2.2.1 Personeelsvoorzieningen De personeelsvoorzieningen bestaan uit een aantal elementen. De samenstelling en het verloop van de personeelsvoorzieningen zijn als volgt: Personeelsvoorzieningen

31-12-2023

Donaties

Onttrekkingen

Vrijval

Rente mutatie (bij contante waarde)

31-12-2024

Kortlopend deel<1 jaar

96.680

6.934

-

-

-2.694

100.921

5.000

1.447.011

362.290

133.165

108.949

-334.310

1.232.877

100.000

2.2.1

Voorziening spaarverlof

2.2.1

Voorziening jubilea

2.2.1

Voorziening personele risico's

264.167

148.273

110.560

147.424

-4.016

150.440

150.457

2.2.1

Voorziening duurzame inzetbaarheid

220.661

80.728

-

-

-7.836

293.554

73.388

2.2.1

Voorziening geschillen

55.000

-

11.500

18.500

-

25.000

25.000

2.2.1

Voorziening langdurig zieken

736.510

-

-

132.811

-15.696

588.003

294.002

2.820.029

598.226

255.225

407.684

-364.552

2.390.795

647.847

Totaal Personeelsvoorzieningen

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

Voorziening spaarverlof

Voorziening geschillen

Binnen het onderwijs heeft het personeel de mogelijkheid om te sparen voor een

De voorziening geschillen heeft betrekking op de juridische risico’s die De Haagse

extra lange verlofperiode. Op basis van een spaarcontract worden afspraken gemaakt

Scholen loopt met betrekking op mogelijke (toekomstige) claims.

95

over de spaarperiode en het tijdstip waarop het verlof opgenomen zal gaan worden. In de voorziening spaarverlof is het bedrag opgenomen dat De Haagse Scholen

Voorziening langdurige zieken

verschuldigd is om in de toekomst tijdens de opname van het gespaarde verlof het

De voorziening langdurige zieken heeft betrekking op personeel waarvan de

salaris door te betalen.

verwachting is dat ze na een periode van 2 jaar ziek geweest te zijn, niet meer terugkomen in hun functie. Hiervoor wordt een overzicht aangeleverd door de afdeling

Voorziening toekomstige jubilea uitkeringen

Verzuim door aan te geven wat per zieke de kans op herstel is. De voorziening wordt

Deze voorziening is in 2008 gevormd conform de richtlijnen van de jaarverslaglegging

opgenomen tegen de nominale waarde van de verwachte loonkosten van de langdurige

om alle toekomstige verplichtingen voor jubilea-uitkeringen van het personeel in

zieken tot het verwachte moment van uit dienst gaan.

vaste dienst te dekken. Per ultimo 2024 is de (toekomstige) verplichting voor De Haagse Scholen berekend op basis van het op dat moment aangestelde personeel, rekening houdend met inschaling en ingeschatte vertrekkans. De in 2024 verstrekte jubileumuitkeringen zijn direct op de voorziening in mindering gebracht. Voorziening personele risico’s De voorziening personele risico’s heeft betrekking op de personele juridische risico’s die De Haagse Scholen loopt met betrekking tot oude claims van het Participatiefonds betreffende (het niet voldoen aan) de instroomtoets en het eigen risico bedrag van de nieuwe WW regeling die per 1 augustus 2022 is ingegaan. Naar gelang van de omstandigheden van het ontslag bedraagt dit 10% of 50%. Het Participatiefonds stuurt hiervoor maandelijks een factuur. Voorziening duurzame inzetbaarheid Medewerkers van 57 jaar en ouder kunnen maximaal 130 + 40 = 170 uren per jaar sparen (deeltijders naar rato). Op basis van de afgesloten “spaarovereenkomsten” is een voorziening gevormd ter dekking van de kosten van de gespaarde uren.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

96

2.2.3 Overige voorzieningen

De gevormde onderhoudsvoorziening heeft als doelstelling alle gebouwen te voorzien

Deze was tot en met 2023 gevormd om de jaarlijkse schommelingen in de omvang van

van kwalitatief onderhoud om deze gebouwen op langere termijn in stand te houden en

het planmatig onderhoud te elimineren (egalisatiemethode). De Haagse Scholen heeft

dient ter egalisering van de onderhoudskosten. Kosten van groot onderhoud zijn kosten

in 2024 besloten om opbouw van de voorziening te wijzigen van egalisatievoorziening

voortvloeiend uit (periodieke) werkzaamheden na een lange gebruiksperiode om de

naar componenten voorziening. Dit is verwerkt op de balans per 31/12/2024 als

huidige staat van een actief in stand te houden, die niet als vervanging van belangrijke

stelselwijziging.

bestanddelen van het materieel vast actief zijn aan te merken en die niet kwalificeren als frequent voorkomende onderhoudskosten.

Jaarlijks worden de werkelijke onderhoudskosten ten laste van de voorziening gebracht. Op basis van de meerjaren onderhoudsbegroting wordt een bedrag aan de voorziening

De voorziening is gewaardeerd tegen nominale waarde. De toevoegingen aan de

planmatig onderhoud gedoteerd. Voor verwachte onderhoudsuitgaven wordt per

voorziening vinden plaats op basis van het geschatte bedrag per onderhoudscomponent

onderhoudscomponent per schoolgebouw jaarlijks (lineair) een vast bedrag gedoteerd,

en de periode die telkens tussen de werkzaamheden voor groot onderhoud verloopt.

zodat op moment van uitvoering het benodigde bedrag is opgenomen in de voorziening.

De kosten van verricht groot onderhoud worden verwerkt ten laste van een onderhoudsvoorziening voor zover deze is gevormd voor de beoogde kosten. Indien de kosten

Onder de overige voorziening zit de onderhoudsvoorziening. Dit betreft een voorzienig

van verricht groot onderhoud afwijken van de boekwaarde van de voor de betreffende

welke is opgenomen om aan toekomstige onderhoudsverplichtingen te voldoen.

onderhoudscomponent aangehouden voorziening, dan wordt dit verschil in één keer verwerkt in de winst- en verliesrekening.

Overige voorzieningen

2.2.3 Totaal

Voorziening planmatig onderhoud

31-12-2023

Stelselwijziging

Stand per 1-1-2024

Dotaties

Onttrekkingen

Vrijval

Rente mutatie (bij contante waarde)

31-12-2024

Kortlopend deel<1 jaar

9.778.990

13.804.833

23.583.823

1.947.203

787.883

-

-

24.677.903

896.769

9.778.990

13.804.833

23.583.823

1.947.203

787.883

-

-

24.677.903

896.769

Het saldo van de voorziening is ten opzichte van vorig boekjaar flink toegenomen, aangezien we per 2024 een stelselwijziging voor de voorziening planmatig onderhoud hebben. Dit zorgt voor een toename van € 13,8 mln. aan de voorziening.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

2.4 Kortlopende schulden

2.4.4.3 Schulden SWV

De specificatie van de per balansdatum openstaande kortlopende schulden is als volgt:

De schulden SWV hebben betrekking op in 2024 betaalde subsidies die overlopen

97

naar volgend jaar. Het bedrag is ten opzichte van 2023 toegenomen. Kortlopende schulden

31-12-2024

31-12-2023

2.4.7 Belastingen en sociale lasten

2.4.3

Crediteuren

1.023.795

5.135.093

2.4.4.1

Ministerie van OCW

5.939.878

11.324.087

2.4.4.3

Overlopende post inkomsten SWV

181.513

53.665

2.4.7

Belastingen en premies sociale verzekeringen

106.197

295.322

2.4.8

Schulden ter zake van pensioenen

2.315

3.371

2.4.7.1

2.4.9

Overige kortlopende schulden

4.470.264

4.784.792

2.4.10

Overlopende passiva

4.624.821 16.348.783

Totaal kortlopende schulden

Dit betreft verschuldigde betalingen betreffende loonheffing, premies en omzetbelasting aan de Belastingdienst. De specificatie van deze post is als volgt: Belastingen en premies sociale verzekeringen

31-12-2024

31-12-2023

Loonheffing

84.760

129.841

2.4.7.2

Omzetbelasting

39.865

160.455

4.483.764

2.4.7.3

Premies sociale verzekeringen

-18.428

5.026

26.080.094

Totaal belastingen en premies sociale verzekeringen

106.197

295.322

Het betreft uitsluitend schulden met een looptijd korter dan een jaar. De afzonderlijke

De verschuldigde bedragen voor loonheffing en premies sociale verzekeringen zijn lager

onderdelen van de kortlopende schulden worden in het onderstaande nader toegelicht.

ten opzichte van ultimo 2023. De openstaande posten Loonheffing bevat een bedrag

De post kortlopende schulden is op totaalniveau met € 9,7 mln. afgenomen ten opzichte

van € 135K voor nog te betalen eindheffing voor WKR, vanwege het overschrijden van

van ultimo 2023.

de vrije ruimte in 2024. In december is een extra salarisrun gedaan van een te

2.4.3. Crediteuren

ontvangen bedrag ad € 57K.

De post crediteuren bevat de nog openstaande facturen per balansdatum die al wel zijn

De omzetbelasting is lager dan vorig jaar, aangezien het vorig jaar extra hoog was

geautoriseerd, maar nog niet betaald. De meeste facturen zijn in januari 2025 betaald.

in verband met btw afdracht van diensten geleverd door de Loodsboot aan Samen-

2.4.4.1 Schulden ministerie van OCW

werkingsverbanden in het laatste kwartaal van 2023 (€ 59K afdracht) en verlegde btw (buitenlandse leveranciers en inkoop laptops boven de € 10K (€ 93K).

De nog af te rekenen subsidies hebben betrekking op in 2024 of daarvoor toegekende en betaalde subsidies van het Rijk, die overlopen naar volgend jaar. Dit geldt met name

De premies sociale verzekering betreffen enkel de extra salarisrun van 2024. Dit betreft

voor de Dusi subsidie verbeteringsvaardigheden, brugfunctionaris en de subsidie G5

een negatieve aangifte. De nog te ontvangen bedragen zijn in februari 2025 ontvangen,

zij-instroom. In 2024 is er een afname geweest van ongeveer € 5,4 mln. ten opzichte

behalve de loonheffing WKR die in februari 2025 is aangegeven en betaald.

van 2023.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

98

2.4.8 Schulden ter zake van pensioenen

De post overige nog te betalen bedragen heeft betrekking op facturen die per jaareinde

Dit betreft per balansdatum verschuldigde pensioenpremies aan het pensioenfonds ABP.

nog niet zijn ontvangen maar nog worden verwacht in verband met reeds aan derden verstrekte opdrachten. Hieronder vallen bijvoorbeeld verwachte afrekeningen met

Schulden terzake pensioenen 2.4.8

Schulden ter zake van pensioenen

Totaal schulden terzake pensioenen

31-12-2024

31-12-2023

2.315

3.371

2.315

3.371

betrekking tot energie en andere facilitaire zaken (totaal € 2,3 mln.). Tevens zijn hier de naar 2025 overlopende overige subsidies voor een bedrag van € 0,7 mln. opgenomen. In totaliteit zijn de overige kortlopende schulden afgenomen met € 315k. in vergelijking tot 2023.

De post schulden ter zake pensioenen is per balansdatum iets afgenomen in vergelijking tot voorgaand jaar. De openstaande post betreft slechts de extra salarisrun van 2024.

2.4.10 Overlopende passiva

De nog verschuldigde bedragen zijn in januari 2025 afgewikkeld en betaald Overlopende passiva

2.4.9 Overige kortlopende schulden Deze post bevat alle overige kortlopende schulden. Alle overige kortlopende schulden hebben een looptijd korter dan een jaar. De specificatie van deze post is als volgt: Overige kortlopende schulden

31-12-2024

31-12-2023

2.4.9.1

Nog af te rekenen / te besteden subsidies Gemeente

197.594

295.686

2.4.9.5

Nog niet geautoriseerde facturen

780.080

578.841

2.4.9.5

Overige nog te betalen bedragen

3.492.589

3.910.265

4.470.264

4.784.792

Totaal overige kortlopende schulden

De nog af te rekenen gemeentelijke subsidies per 31-12-2024 hebben betrekking op de afrekening van de door de gemeente in de 2023 en 2024 toegekende subsidies. De post nog niet geautoriseerde facturen betreft facturen die wel reeds zijn ontvangen maar per balansdatum nog niet door de budgetverantwoordelijke zijn geaccordeerd. Deze facturen zijn voorzichtigheidshalve wel reeds als kosten in de jaarrekening verantwoord.

2.4.10.5

Vakantiegeld en -dagen

Totaal overlopende passiva

31-12-2024

31-12-2023

4.624.821

4.483.764

4.624.821

4.483.764

Deze post bevat uitsluitend de verplichting met betrekking tot opgebouwde rechten betreffende vakantiegeld, inclusief de daarover verschuldigde sociale lasten.

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

99

Toelichting op de onderscheiden posten van de staat van baten en lasten Toelichting baten

3.1.1. Rijksbijdragen OCW

3.1 Rijksbijdragen

Realisatie 2024

Begroting 2024

Realisatie 2023

130.044.780

126.953.642

123.248.187

-

-

652

Aanvullende bekostiging arbeidsmarkttoelage

4.240.357

-

-

Aanvullende bekostiging onderwijsachterstandenbeleid

14.934.663

14.910.965

14.944.344

-

-

12.278

1.589.327

1.515.394

1.519.556

-

25.139

10.558.529

1.696.090

-

3.707.648

Overig

20.417

-

79.595

Totaal

152.525.633

143.405.140

154.070.790

De rijksbijdragen bestaan uit de reguliere personele bekostiging, de overige subsidies OCW en de ontvangen rijksbijdragen van de verschillende samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs. Rijksbijdragen

Personeels- en arbeidsmarktbeleid Realisatie 2024

Begroting 2024

Realisatie 2023

3.1.1

Rijksbijdragen OCW

152.525.633

143.405.140

154.070.790

3.1.2

Overige subsidies OCW

10.399.304

14.114.960

10.132.731

3.1.3

Ontvangen rijksbijdrage SWV

4.927.685

4.802.547

4.408.084

167.852.623

162.322.646

168.611.605

Totaal Rijksbijdragen

Personele bekostiging lumpsum

Basisbekostiging personeel Bijzondere bekostiging professionalisering en begeleiding starters en schoolleiders Nationaal programma onderwijs Bijzondere bekostiging vreemdelingen

Jaarverslag 2024

Start | Voorwoord | Deel I / Bestuursverslag | Deel II / Jaarrekening | Deel III / Overige gegevens

De Rijksbijdragen OCW zijn ten opzichte van 2023 gedaald met 1% (€ 1,5 mln.).

De geoormerkte subsidies zijn als volgt te specificeren:

Per 1 januari 2023 is de vereenvoudiging van de bekostiging van start gegaan. In de

Overige subsidies OCW (geoormerkt)

100

Realisatie 2024

Realisatie 2023

Doorstroomprogramma po/vo 21/22 22/23

-

18.218

Doorstroomprogramma po/vo 22/23 23/24

37.042

89.958

en 25% op de nieuwe manier van bekostigen. De verschillende bekostigingen zijn sinds

Doorstroomprogramma po/vo 23/24 24/25

123.820

13.072

2023 samengevoegd tot de basisbekostiging.

Doorstroomprogramma po/vo 23-11 25-03

-

14.434

Subsidieregeling Expertisedeling Nieuwkomers 22+23

-

100.312

G5 Zijinstroom PO

408.803

184.629

Impuls en innovatie bewegingsonderwijs

24.792

60.208

Internationalisering funderend onderwijs

-

22.500

Instroom schoolleiders van buiten

30.000

27.000

Lerarenbeurs

101.760

152.897

4.179.964

781.272

Brugfunctionaris

400.000

-

Subsidie zij-instroom

570.962

397.342

-

31.360

4.370.396

3.162.947

-

235.980

SOOL

148.364

-

Overige

3.403

833

10.399.304

5.292.963

eerste drie jaren ontvangen besturen de bekostiging voor een deel via de oude en voor een deel via de nieuwe manier. Vanaf het eerste jaar 2023 wordt er 75’% ontvangen op de oude manier van bekostigen

De daling wordt voornamelijk veroorzaakt door het geheel wegvallen van de NPO gelden (€10,0 mln.) en minder bekostiging opvang vreemdelingen (€ 2,1 mln.), daarentegen is de aanvullende bekostiging arbeidsmarkttoelage gestegen (€ 4,2 mln.).

3.1.2. Overige subsidies OCW Dit betreft rijksbijdragen voor specifieke doelen of doelgroepen. Deze vallen niet onder lumpsumbekostiging.

School en omgeving

In de jaarrekening dienen geoormerkte subsidies met verrekeningsclausules verantwoord te worden in bijlage G2 en geoormerkte subsidies zonder verrekeningsclausules in bijlage G1. We hebben zowel in 2024 als in 2023 zijn er geen geoormerkte subsidies met verrekeningsclausules ontvangen.

Tegemoetkoming Vervangingskosten Schoolleiders Verbetering basisvaardigheden

Overige subsidies OCW

Realisatie 2024

Realisatie 2023

3.1.2.2.1

Geoormerkte subsidies

10.399.304

5.292.963

3.1.2.3.1

Overige subsidies OCW

-

4.839.767

10.399.304

10.132.731

Overige subsidies OCW

Vrijroosteren leraren

Totaal geoormerkte subsidies

Ten opzichte van 2023 zijn de geoormerkte subsidies met € 5,1 mln. gestegen. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door Subsidie school en omgeving (€ 3,4 mln. stijging) en de subsidie Verbetering basisvaardigheden (€ 1,2 mln.).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15916076/1