RIS323074 Beantwoording SV Aftakeling Theresiakerk
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
23 september 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Van den Bos, luidend: ‘Aftakeling Theresiakerk’
DSO/10947859 RIS323074
Het raadslid de heer Van den Bos heeft op 15 augustus een brief met daarin 28 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Op 9 augustus 2025 berichtte het AD over de Theresiakerk: er is sprake van inbraken, vandalisme, openstaande toegangsdeuren en dode dieren in het pand [1]. De kerk heeft cultuurhistorische en stedenbouwkundige waarde en het gebouw is geliefd bij veel omwonenden, maar lijkt slachtoffer te worden van structureel nalatig beheer. De huidige staat roept vragen op over toezicht, onderhoud, vergunningverlening, de bescherming van het gebouw en dierenwelzijn. 1.
Is het college op de hoogte van de situatie zoals beschreven in het AD-artikel van 9 augustus 2025 [1]?
Nee, het college was niet op de hoogte van de beschreven inbraak, vandalisme en dode dieren in het pand. Wel was bekend dat de politie eerder op 14 juni 2025 had geconstateerd dat het gebouw open stond. Uit navraag bij de ontwikkelaar op 17 juni 2025 bleek dat er ingebroken was in de kerk en dat er daarom nieuwe sloten op een geforceerde deur waren gezet. 2.
In de raadsvergadering op 3 april 2025 gaf het college het volgende aan: ‘wij zorgen er ten eerste voor dat die vergunningsaanvragen zo snel mogelijk worden afgerond, en ten tweede houdt de Pandbrigade het pand in de gaten. Mocht er dus wel actie moeten worden ondernomen, dan kunt u ervan op aan dat we alsnog actie zullen ondernemen.’ Hoe beoordeelt het college deze uitspraak in het licht van de huidige situatie? Staat het college nog steeds achter de toezegging dat bij een verergerde situatie actie wordt ondernomen?
De omgevingsvergunning is op 10 september 2025 verleend. De matige staat van het pand wordt door de ontwikkelaar aangepakt bij de uitvoering van het aangevraagde bouwplan. Op 3 april 2025 was het gebouw al in matige staat. Indien de staat van het gebouw zodanig verslechtert dat dit een gevaar oplevert, zal worden onderzocht of ingrijpen mogelijk is op basis van de daartoe relevante wettelijke grondslag. Vooralsnog ontbreekt een dergelijke wettelijke basis. 3.
Hoe heeft de Pandbrigade dit in de gaten gehouden sinds begin april? Zijn er inspecties uitgevoerd en wat waren de bevindingen? Is er gegeven de duidelijke verslechtering actie ondernomen? Zo niet, waarom niet?
Medewerkers van de Haagse Pandbrigade hebben in augustus 2025 de Theresiakerk geïnspecteerd en met de beheerders gesproken. Er zijn gebreken aan het gebouw, maar deze zijn niet van dien aard dat er, vooruitlopend op het verbouwingsproces, ingegrepen moet worden.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10947859
4.
Hoe beoordeelt het college de huidige staat van de Theresiakerk? Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat de staat van de Theresiakerk sinds 3 april 2025 fors verslechterd is?
De Theresiakerk verkeert in matige staat en gaat achteruit zolang er niets met het gebouw gebeurt. Zie ook het antwoord op vraag 3. De matige staat van het pand wordt door de ontwikkelaar aangepakt bij de uitvoering van het aangevraagde bouwplan. Toegang, veiligheid en onderhoud 5. Is het college bekend met het feit dat er op de dag van het indienen van deze schriftelijke vragen nog geen nieuw slot op de kerkdeur is geplaatst, ook niet na het AD-artikel? Na de tweede inbraak heeft de ontwikkelaar diverse uitgangen van binnenuit stevig dicht laten zetten en een nieuw slot laten plaatsen op de entree. Tijdens de inspectie door medewerkers van de Haagse Pandbrigade bleek dat alle deuren nog steeds afgesloten waren. De Haagse Pandbrigade heeft er bij de eigenaar nogmaals op aangedrongen om het gebouw deugdelijk afgesloten te houden. 6.
Acht het college het verantwoord dat de kerk in principe vrij te betreden is, terwijl er sprake is van schade, onveilige situaties en aanwezige opstallen?
Het gebouw is niet vrij te betreden. Zie ook de beantwoording van vraag 5. In algemene zin acht het college het niet verantwoord dat personen zich onrechtmatig toegang verschaffen tot andermans gebouw en al doende schade en mogelijk onveilige situaties veroorzaken. 7.
Is het college bekend met signalen over gaten door houtrot in het plafond, waardoor het binnen natregent? Erkent het college dat zulke waterschade erg slecht is voor het gebouw? Hoe wordt dit voorkomen?
Het college is bekend met de gebreken aan het gebouw en erkent dat langdurige waterschade niet goed is voor een gebouw. Deze gebreken worden door de ontwikkelaar aangepakt bij de uitvoering van het aangevraagde bouwplan. Voor het behoud van het gebouw is een spoedige onherroepelijke omgevingsvergunning voor het aangevraagde plan derhalve de beste remedie. 8.
Kan het college bevestigen dat veel goten en hemelwaterafvoeren (al jarenlang) lekken en/of verstopt zitten? Waarom is dit nog steeds niet hersteld?
Nee, het college heeft niet bijgehouden hoe vaak de particuliere eigenaar en ontwikkelaar de goten van hun eigen pand vegen. Zie verder de beantwoording van vraag 7. 9.
Hoe wordt door de gemeente de scheurvorming in het gebouw beoordeeld en hoe wordt de veiligheid daarvan gemonitord?
Medewerkers van de Haagse Pandbrigade hebben de scheurvorming bekeken en zijn van mening dat ingrijpen, vooruitlopend op het verbouwproces, op dit moment niet nodig is. Inspecteurs van de Haagse Pandbrigade houden vinger aan de pols door op momenten dat zij in de buurt zijn de situatie te bekijken.
2/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10947859
10. Kan het college schetsen bij wie hier de onderhoudsverplichting ligt? Is dit bij de eigenaar of is dit (deels) overgedragen aan de projectontwikkelaar? Waar bestaat de onderhoudsplicht uit? De eigenaar van een gebouw is verantwoordelijk voor het onderhoud van het gebouw. In beginsel moet de eigenaar ervoor zorgen dat het gebouw aan het Besluit Bouwwerken Leefomgeving voldoet. Met de uitvoering van de aangevraagde verbouwwerkzaamheden wordt ook in grootschalig onderhoud voorzien waardoor nu ingrijpen niet opportuun en ook niet nodig is. De gemeente is niet bekend met een andere onderhoudsverdeling tussen de eigenaar of projectontwikkelaar 11.
Vindt het college dat de verantwoordelijke de onderhoudsplicht momenteel nakomt? Zo ja, waar blijkt dat uit? Zo nee, welke stappen onderneemt het college?
Het college zal een handhavingsbesluit nemen als de veiligheid in het geding komt. Zie verder het antwoord op vraag 10. 12. Kan het college ingaan op de mogelijkheden om een aanschrijving op het pand te leggen? Zie de antwoorden op de vragen 9, 10 en 11. 13. Heeft het college dit instrument al toegepast bij de Theresiakerk? Zo nee, waarom niet? Is het college bereid dit alsnog zo spoedig mogelijk te doen? Nee, het college is op dit moment niet voornemens om een handhavingsbesluit te nemen. Zie ook de beantwoording van de vragen 9, 10 en 11. Cultureel erfgoed 14. Hoe kijkt het college aan tegen het verlies van glas-in-lood, muurschilderingen en andere bijzondere onderdelen dat al heeft plaatsgevonden? Kunnen hier beschermende maatregelen door de gemeente worden aangedragen of opgelegd? Het gebouw heeft geen beschermde status. Het college is daarom verheugd dat de eigenaar en ontwikkelaar een aanvraag voor een omgevingsvergunning hebben ingediend waarin het gebouw gehandhaafd kan worden. 15.
Worden bij een eventuele vergunningverlening afspraken gemaakt over zorgvuldige omgang met erfgoed en de bijzondere kwaliteiten van het gebouw?
Nee, in de omgevingsvergunning zijn geen voorschriften of aanwijzingen opgenomen met betrekking tot de omgang met erfgoed en de bijzondere kwaliteiten van het gebouw of specifieke gebouwdelen. 16. Hoe beoordeelt het college de risico’s van verdere aftakeling van het gebouw door achterstallig onderhoud en leegstand? Zie beantwoording van vragen 7 en 14. 17.
Hoe beoordeelt het college het risico dat door langdurige leegstand en nalatig onderhoud sloop later als ‘onvermijdelijk’ wordt gepresenteerd door de eigenaar? Vergunningverlening en fase tot herontwikkeling
Zie beantwoording van vraag 14
3/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10947859
18. In het AD-artikel geeft een gemeentewoordvoerder aan dat na de zomer de vergunning wordt verleend en gepubliceerd. Daarbij staat: “Dit gebeurt niet tijdens het zomerreces op verzoek van de gemeenteraad en omwonenden.” Kan het college toelichten wat hiermee wordt bedoeld? Welk verzoek van de gemeenteraad ligt hieraan ten grondslag? En wat is het verzoek van omwonenden? Op 30 oktober 2003 is een motie aangenomen over terinzagelegging in vakantieperiodes (RIS117154). Ter uitvoering van die moties heeft het college aangegeven dat aanvragen waarvan bekend is dat een deel van de bevolking moeite heeft met het betreffende project, het ongewenst is dat de terinzagelegging van voorgenomen besluitvorming plaatsvindt in een vakantieperiode. Van dit project is ons bekend dat de omgeving graag actief geïnformeerd wil worden over de besluitvorming en heeft het college, met inachtneming van voornoemde motie, gemeend de kennisgeving van de beslissing op de aanvraag buiten de vakantieperiode te publiceren. 19. Is de vergunning al verleend? Zo ja, wanneer? Zo niet, wanneer wordt dit verwacht? Over welke punten is nog geen duidelijkheid? Ja, de omgevingsvergunning is 10 september 2025 verleend. Voorafgaand aan de verlening is de aanvraag zorgvuldig getoetst aan de geldende wet- en regelgeving. Daarbij zijn geen gronden gevonden om de vergunning te weigeren. 20.
Welke garanties heeft het college dat er na vergunningverlening daadwerkelijk wordt gestart met werkzaamheden? Zijn hierover concrete afspraken gemaakt met de projectontwikkelaar? Na het verlenen van de omgevingsvergunning kan deze nog niet volledig worden benut. Aan de vergunning is een voorschrift verbonden dat het kappen van bomen pas is toegestaan zodra de vergunning onherroepelijk is. Een spoedige onherroepelijkheid van de vergunning draagt bij aan de voortgang van het plan en vergroot de kans op realisatie. De gemeente heeft bij dit particuliere initiatief geen rol in het maken van afspraken over de daadwerkelijke uitvoering van het plan. 21. Hoe voorkomt het college dat achterstallig onderhoud en leegstand blijven voortduren na verlening van de vergunning? Na onherroepelijke vergunningverlening is de ontwikkelaar voornemens om spoedig met de uitvoering te starten. Zie verder de beantwoording van vraag 7. 22. Kan het college bij vergunningverlening een uitvoeringsplicht met termijn opleggen? Zo ja, is het college bereid dit te doen? Nee, een omgevingsvergunning geeft een recht om te bouwen, geen verplichting. Er is geen wet- of regelgeving die een juridische grondslag biedt om de vergunninghouder te verplichten uitvoering te geven aan de afgegeven vergunning.
4/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10947859
Duiven 23. In het AD-artikel [1]1wordt beschreven dat er duiven leven in de Theresiakerk en dat er ook dode duiven zijn aangetroffen. Is het college hiermee bekend? Het college weet dat de toren door vogels gebruikt wordt. De klaarblijkelijke aanwezigheid van dode dieren was niet bekend. 24. Welke risico’s ziet het college voor de gezondheid van mensen en dieren in deze situatie? Het college ziet geen risico’s voor mens en dieren, mits niemand zich onrechtmatig toegang tot het gebouw verschaft. Zie ook de beantwoording van vraag 6. Uit navraag bij de ontwikkelaar blijkt dat in diens opdracht de ontlasting van de vogels in de toren regelmatig verwijderd wordt. Er is daarbij een enkele keer een dode duif aangetroffen en verwijderd. 25. De gemeente heeft een zorgplicht voor wilde dieren. Hoe zorgt het college ervoor dat de veiligheid van duiven in en rondom de Theresiakerk gewaarborgd wordt? Zie beantwoording van vraag 24. Toneelgroep 26. Heeft het college contact met de toneelgroep wiens spullen in de kerk zijn opgeslagen? Zo nee, is het college bereid dit contact op te nemen? Nee. Er is ook geen aanleiding om contact op te nemen met de toneelgroep. In het zicht van de vergunning heeft de ontwikkelaar het gebruik beëindigd. Theater Laak heeft het pand inmiddels verlaten en een nieuwe plek gevonden. 27.
Hoe kijkt het college naar de situatie voor deze toneelgroep, in een tijd waarin culturele instellingen vaak in uitdagende financiële situaties zitten, dat zij nu te maken hebben met een onveilige opslagplek en lijden onder vandalisme? Zie beantwoording van vraag 26. 28. Erkent het college dat de onveiligheid van de opslagplek verband houdt met gebrekkig onderhoud en beheer? Nee. Zie beantwoording van vraag 6. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
[1] https://www.ad.nl/den-haag/op-plek-waar-ooit-pastoor-stond-zit-nu-pop-met-clownsmaskerop-inbrekers-slaan-toe-in-oude-kerk~a61da593/ 1
5/5