RIS323026 Hittestress in de Olieberg
Tekst van het document
RIS-nummer: 323026 Schriftelijke Vragen: Hittestress in de Olieberg Indiener: Lesley Arp (SP) Datum: 21 juli 2025 Aan de voorzitter van de gemeenteraad, In 2006 werd op de plaats van de voormalige Magneetstraat een nieuw complex gebouwd: de Olieberg. Een complex met een mix van bewoners, waaronder ongeveer 22 cliënten van Middin. De SP heeft signalen ontvangen dat in het complex bij een buitentemperatuur van 20 graden de temperatuur in de hal op de derde verdieping kan oplopen tot 36 graden en in de appartementen tot 30 graden. Dit zou onder andere te maken hebben met het feit dat het een complex betreft met een vide en veel glas, waaronder glazen koepels op het dak. Overeenkomstig artikel 32 van het Reglement van orde stelt raadslid Lesley Arp (SP) de volgende vragen: 1. Kan het college nagaan of verhuurder Hof Wonen bekend is met deze problemen? 2. Is het college het met de SP eens dat dergelijke hitteproblemen, zeker wanneer deze meerdere dagen achter elkaar voortduren, tot gezondheidsschade kunnen leiden en dat zeker kwetsbare bewoners hier goed tegen moeten worden beschermd? Zo nee, waarom niet? De SP heeft vernomen dat het feit dat de warmte zich in de hal verzamelt niet alleen te maken heeft met de ramen en koepels, maar ook met het feit dat er nagenoeg geen ventilatie is: met name tussen twee branddeuren die hermetisch gesloten moeten blijven. 3.
Klopt het dat er in de Olieberg wel sprake is van mechanische luchtverversing in de appartementen, maar niet in de gangen? In hoeverre is het verplicht om mechanische luchtverversing in het hele wooncomplex te hebben, dus ook in de collectieve ruimtes? 4. Is het college bereid om met Hof Wonen in gesprek te gaan over de oorzaken van de hitteproblematiek in de Olieberg en na te gaan wat de corporatie op korte termijn gaat doen om de ernst van de problematiek te verminderen? Zo nee, waarom niet? 5. Is er een inventarisatie gemaakt van de hoeveelheid Haagse corporatie-complexen waar sprake is van hittestress, met hierin een aparte categorie van complexen waar oudere en / of kwetsbare huurders wonen? Zo ja, wat is de uitkomst van deze inventarisatie? Zo nee, is het college bereid om de Haagse woningcorporaties te vragen om deze inventarisatie alsnog te doen? 6. Is het voorkomen van hittestress in complexen van woningcorporaties waar ook senioren en / of kwetsbare mensen worden gehuisvest onderwerp van gesprek tussen het college en de woningcorporaties? Zo ja, worden hier ook afspraken over gemaakt en wat behelzen deze afspraken? Zo nee, is het college alsnog bereid hierover het gesprek aan te gaan en concrete afspraken hierover te maken? Lesley Arp SP