RIS323020 Beroepstermijn Willem Royaardsplein tijdens de zomervakantie
Tekst van het document
GEMEENTERAAD
RIS-nummer: 323020 Schriftelijke vragen: beroepstermijn Willem Royaardsplein tijdens de zomervakantie Indieners: Lotte van Basten Batenburg en Rutger de Ridder, Haagse VVD Datum: 18 juli 2025 Aan de voorzitter van de gemeenteraad, Op 16 juni 2025 heeft het bestuur van de VvE Theo Mann-Bouwmeesterlaan een raadsadres gestuurd over de ontwikkeling van het Willem Royaardsplein (RA 10912637). In dit raadsadres werd aangegeven dat publicatie van het bestemmingsplan vlak voor het zomerreces het voor belanghebbenden moeilijk maakt om tijdig juridisch advies in te winnen en, indien gewenst, beroep aan te tekenen. Het college heeft op 15 juli 2025 een reactie gestuurd (kenmerk DSO/10923576), waarin wordt gesteld dat het bestemmingsplan na vaststelling door de gemeenteraad “zo spoedig mogelijk gepubliceerd [dient] te worden”. De beroepstermijn valt derhalve, zoals de omwonenden vreesden in hun raadsadres, grotendeels in de zomervakantie. Naar aanleiding hiervan en overeenkomstig art. 32 van het Reglement van orde stellen de raadsleden Lotte van Basten Batenburg en Rutger de Ridder van de Haagse VVD de volgende vragen: 1.
Is het college ermee bekend dat veel andere overheden, zowel lokale overheden als de Rijksoverheid, zomer- en kerstvakanties niet betrekken bij de participatie, omdat veel mensen in deze periode met vakantie zijn en derhalve niet in de gelegenheid zijn om te participeren?
Artikel 2.2 van de participatieverordening 2024 stelt: "Deze verordening heeft als doel een helder, transparant en zorgvuldig proces rond participatie vorm te geven met expliciete keuzes en afwegingen over doel, vorm en beïnvloedingsruimte van deelnemers aan die participatie." 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Vindt het college dat participatie tijdens de zomer- en kerstvakantie passen bij een "helder, transparant en zorgvuldig proces"? Graag een toelichting. Is het college het met de Haagse VVD eens dat het onwenselijk is om tijdens het zomer- en kerstreces consultatie, inspraak of participatie te laten plaatsvinden? Is het college het met de Haagse VVD eens dat het publiceren van een besluit, waarna de beroepstermijn ingaat, in onze rechtstaat nog een zwaarder belang kent dan participatieprocessen, aangezien deze periode mensen toegang tot het recht geeft? Heeft het college er begrip voor dat bewoners en ondernemers zich, als zij juridische stappen zetten, juridisch laten bijstaan? Heeft het college er begrip voor dat het voor bewoners en ondernemers een hele organisatie is om, zeker gezamenlijk, met juridische bijstand in beroep te gaan tegen een besluit? Kan het college toelichten hoe de antwoorden op de twee voorgaande vragen zich verhouden tot zijn reactie op raadsadres 10962637?
Het college stelt in de beantwoording van het raadsadres: “Na vaststelling door de gemeenteraad dient het bestemmingsplan zo spoedig mogelijk gepubliceerd te worden, zodat de beroepstermijn start en alle belanghebbenden op gelijke wijze hun recht kunnen uitoefenen. Dit draagt bij aan de transparantie en rechtszekerheid voor alle belanghebbenden en om deze reden kunnen wij niet aan uw verzoek voldoen.” 8. 9.
Hoe draagt een beroepstermijn die grotendeels samenvalt met het zomerreces bij aan de rechtszekerheid voor alle belanghebbenden? Kan het college toelichten hoe een beroepstermijn die grotendeels samenvalt met de zomervakantie in de regio bijdraagt aan transparantie voor alle belanghebbenden?
Op de website van de VNG is over terinzagelegging te lezen: “De wettelijke termijnen voor de terinzagelegging van dergelijke stukken betreft een minimum. Dus is het alleen al in het kader van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur prima als u dergelijke termijnen op eigen initiatief verlengt. U moet in het besluit duidelijk motiveren waarom u bent afgeweken van de wettelijke termijn en wat dan de termijnen zijn voor het indienen van zienswijze.”
Pagina 1 van 2
10. Is het college het ermee eens dat wettelijke termijnen voor terinzagelegging een wettelijk minimum betreffen? 11. Is het college het met de Haagse VVD en de VNG eens dat het in het kader van de beginselen van behoorlijk bestuur past om rekening te houden met de zomer- en kerstvakantie bij de ter inzage legging van stukken? 12. Is het college met de Haagse VVD van mening dat het zeker de Internationale Stad van Vrede en Recht past om haar inwoners en ondernemers in staat te stellen om van hun recht gebruik te kunnen maken? 13. Is het college bereid om de terinzagelegging te verlengen, waardoor minimaal driekwart van de wettelijke inzagetermijn buiten het reces valt? Zo nee, waarom niet? 14. Is het college bereid om dit voortaan bij besluitvorming als regel te hanteren en hier alleen bij hoge, gemotiveerde noodzaak van af te wijken? Zo nee, waarom niet? 15. Is het college bereid om deze vragen zo snel mogelijk, doch uiterlijk 1 september a.s. te beantwoorden? Lotte van Basten Batenburg Haagse VVD
Rutger de Ridder Haagse VVD
Pagina 2 van 2