RIS323011 Beantwoording SV Last onder dwangsom Veerkracht Jeugdhulp BV in Den Haag
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
2 september 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de dames Baboeram, Holman en Verduin, luidend: ‘Last onder dwangsom Veerkracht Jeugdhulp B.V. in Den Haag’
OCW/10932298 RIS323011
De raadsleden de dames Baboeram, Holman en Verduin hebben op 25 juli 2025 een brief met daarin tien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Op 15 juli 2025 schreef Omroep West ‘Behandeling ontbreekt, diploma's vervalst: inspectie grijpt in bij jeugdzorginstelling’, dat Veerkracht Jeugdhulp B.V. in Den Haag een last onder dwangsom van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) heeft gekregen. In 2021 en 2024 was de IGJ ook al op bezoek bij Veerkracht, toen had de IGJ er ook weinig vertrouwen in dat Veerkracht zou verbeteren. In de rapportbrief van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) stond o.a. dat Veerkracht beweerde dat vijf begeleiders beschikten over een mbo-niveau 4 Social Work diploma. Echter was een medewerker niet bezig met een opleiding, de ander beschikte niet over het juiste diploma gericht op jeugdhulp en de andere drie medewerkers hadden vervalste diploma’s. Zoals aangegeven in de schriftelijke vragen ‘Verscherpt toezicht JeugdhulpPlus Schakenbosch Leidschenveen en aanwijzing Veerkracht Jeugdhulp B.V.’ (RIS321619) staat Veerkracht in de ‘Productencatalogus per 28-02-2025’ van Jeugdhulp Haaglanden.
De gemeente Den Haag koopt de regionale jeugdhulp in met andere gemeenten uit de regio Haaglanden via het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden op basis van de Regiovisie Jeugdzorg Haaglanden 2021-2026 (RIS309874). Volgens het college is er in Artikel 24.4 (lid b en lid c) van de resultaatovereenkomst opgenomen dat een opdrachtnemer een opdrachtgever op de hoogte stelt van een lopend onderzoek door de IGJ en de desbetreffende Inspectierapporten (RIS321619, p. 3). Het college gaf aan niet op de hoogte te zijn gebracht door Veerkracht in het accountgesprek over de misstanden, wat niet in lijn is met de afspraken (RIS321619, p. 2). 1.
Is het college bekend met de last onder dwangsom van Veerkracht Jeugdhulp B.V.? Zo ja, hoe is het college hiermee bekend geworden?
Ja, het college is bekend met de last onder dwangsom van Veerkracht Jeugdhulp B.V.. Op 8 juli jl. heeft Veerkracht Jeugdhulp B.V. het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden en de gemeente op de hoogte gesteld. Op 9 juli is de last onder dwangsom gepubliceerd door de IGJ.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10932298
2.
Hoe reflecteert het college over de berichtgeving van vervalste diploma’s bij Veerkracht? Hoe controleert het Jeugdbureau Haaglanden hierop?
Het college vindt het ernstig dat vervalste diploma’s voorkomen in de jeugdhulp. Dit is helaas een landelijk probleem. Het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden heeft op 16 april 2025, naar aanleiding van de berichtgeving van de valse diploma’s bij het SKJ-registraties, alle aanbieders geïnformeerd over hun verantwoordelijkheid voor zorgvuldige screening. De eindverantwoordelijkheid voor personeelscontrole ligt bij de aanbieder zelf, de gemeente kan als opdrachtgever controleren dat aanbieders dit goed doen. Het college neemt de signalen serieus en zal dit in de toekomst vaker aangrijpen om gerichter te controleren. 3.
Wat voor escalatiemaatregelen tegenover Veerkracht zijn er tot nu toe ingezet door het college en Jeugdbureau Haaglanden? Is beëindiging of ontbinding van het contract met Veerkracht in lijn met stap 5d in de escalatieladder overwogen (RIS321619, p. 3)?
De gemeente heeft minimaal elke 4 weken een gesprek met Veerkracht Jeugdhulp B.V. gevoerd. In deze gesprekken is specifiek stilgestaan bij de voortgang en borging van de verbeterpunten uit het verbeterplan. Aanvullend op deze gesprekken is op 16 juni 2025 een cliëntenstop opgelegd door het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden. Dit biedt de ruimte om, ook als de IGJ zou besluiten om de cliëntenstop op te heffen, hier als regio vanaf te wijken. Naar aanleiding van de last onder dwangsom hebben de 4 gemeenten waarvan op dit moment jeugdigen bij Veerkracht in zorg zijn, de verwijzers van deze jeugdigen geïnformeerd over de last onder dwangsom. Vanuit deze gemeenten is het verzoek aan verwijzers gedaan om in overleg met jeugdigen en ouders te beoordelen of lopende plaatsingen bij Veerkracht Jeugdhulp B.V. nog verantwoord zijn. Het kan zijn dat een plaatsing als onverantwoord wordt gezien, dit leidt dan tot een vrijwillige uitplaatsing. Voor Den Haag gaat het om twee geplaatste jongeren. De gemeente heeft constructief contact met de betrokken verwijzers van deze jongeren. Vooralsnog is niet gekozen voor beëindiging of ontbinding van het contract, omdat de IGJ betrokken is en aan Veerkracht Jeugdhulp B.V. de ruimte biedt tot verbetering. De situatie wordt nauwlettend gemonitord, in nauwe afstemming met de verwijzers.
Verdere escalatie blijft mogelijk indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) verbindt een last onder dwangsom van €5.000,- voor iedere vier weken waarin Veerkracht niet volledig aan de genoemde last heeft voldaan, waarbij het maximumbedrag aan mogelijk te verbeuren dwangsommen ten aanzien van de last in totaal €10.000,- is. 4.
Kan het college bevestigen dat Veerkracht deze last onder dwangsom zelf betaalt en dit niet via de regeling Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden wordt bekostigd?
Ja, dit kan het college bevestigen. Het Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ- Register) is het beroepsregister voor jeugdprofessionals in Nederland. Volgens het college dient al het personeel dat direct contact heeft met jeugdigen te beschikken over een BIG/SKJ-registratie of onder toezicht van een BIG/SKJ geregistreerde (art. 11.5) (RIS321619, p. 6).
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10932298
Volgens de rapportbrief van de IGJ zou één van de vijf begeleiders van Veerkracht beschikken over een mbo-niveau 4 Social Work diploma en een SKJ-registratie. Echter had deze begeleider een mboniveau 3 Helpende in de zorg diploma en was de begeleider geschrapt van het SKJ-register wegens vermoeden van fraude met EVC’. 5.
Deelt het college de mening dat voldoende gekwalificeerd personeel essentieel is voor de veiligheid en de zorgvraag van de jeugdigen?
Ja, het college deelt de mening dat voldoende gekwalificeerd personeel essentieel is voor de veiligheid en de zorgvraag van jeugdigen. 6.
Is het SKJ-Register al een vereiste voor de jeugdprofessionals van de lokale en regionale ingekochte jeugdhulp in lijn norm 2.1 en 2.2 van het JIJ-kader van de IGJ? Indien ja of nee, graag een uitleg.
Ja, voor de uitoefening van bepaalde functies is een SKJ-registratie vereist. De Jeugdwet verplicht aanbieders tot het verlenen van verantwoorde hulp. Deze verplichting is uitgewerkt in de norm verantwoorde werktoedeling en opgenomen in het Besluit Jeugdwet. Het uitgangspunt van deze norm is dat professionals geregistreerd zijn, tenzij de aanbieder aannemelijk kan maken dat de inzet van een niet-geregistreerde professional niet afdoet aan de kwaliteit van de hulp, of aannemelijk kan maken dat de inzet van een niet-geregistreerde professional noodzakelijk is voor de kwaliteit van hulp. 7.
Gaat het college een registratie in het SKJ-Register in de Regiovisie Jeugdzorg Haaglanden vanaf 2027 en in de monitoring van het ‘Bovenregionaal plan JeugdzorgPlus Zuidwest’ (RIS321302) verplicht maken? Indien ja of nee, graag een uitleg.
Nee, het college maakt een SKJ-registratie niet voor iedereen verplicht. Het college erkent het belang van SKJ-registratie als middel om de deskundigheid van professionals in de jeugdhulp aan te tonen. Tegelijkertijd is SKJ-registratie niet in alle functies wettelijk verplicht of noodzakelijk voor het bieden van de juiste hulp. Het uitgangspunt blijft dat aanbieders voldoende deskundig personeel inzetten, conform de wettelijke kaders. Zie voor overige beantwoording vraag 6. Het certificaat van HKZ (Harmonisatie Kwaliteitsbeoordeling in de Zorgsector) staat voor duurzame kwaliteitsverbetering in zorg en welzijn. Momenteel hebben Veerkracht en Jeugdhulp Haaglanden geen HZK-certificaat volgens het openbare register. Het college geeft aan dat het HZK-certificaat niet als vereiste is opgenomen in de resultaatovereenkomsten voor de regionaal ingekochte jeugdhulp (RIS321619, p. 7). 8.
Hoe gaat het college ervoor zorgen dat het HZK-certificaat wordt opgenomen in de kwaliteitseisen voor de regionaal ingekochte jeugdhulp van 2027?
In de beantwoording van de eerdere raadsvragen met betrekking tot Veerkracht (RIS321619) is aangegeven dat er binnen het inkooptraject 2027 goed wordt gekeken naar kwaliteitseisen. Duidelijke kwaliteitscriteria en bijbehorende certificeringen dragen bij aan een hoog niveau van jeugdhulp. Het HKZ-certificaat is daarbij een herkenbaar voorbeeld van hoe aanbieders kwaliteit kunnen aantonen. Binnen het traject wordt breder gekeken naar manieren waarop kwaliteit geborgd en inzichtelijk gemaakt kan worden.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10932298
In het ‘Bovenregionaal plan JeugdzorgPlus Zuidwest’ (RIS321302) wordt ervoor gepleit en JONG doet mee! pleit ervoor dat een verklarende analyse, in samenspraak met de jeugdige, ouders en het onderwijs, altijd wordt uitgevoerd voordat een uithuisplaatsing wordt overwogen. Volgens de rapportbrief van de IGJ gaven begeleiders bij Veerkracht aan dat het niet lukt om jeugdigen te plaatsen, omdat de diagnostiek ontbreekt. Uit dossiers blijkt dat Veerkracht niet is gestart met diagnostiek om een beter beeld te krijgen welke hulp passend is voor deze jeugdigen6. De doelen in behandelplannen lijken niet altijd aan te sluiten bij de hulpvraag en de problematiek van de jeugdigen. Ook is er niet duidelijk hoe jeugdigen worden begeleid en wordt er niet tot nauwelijks gerapporteerd over de voortgang van hulp. Het college geeft aan dat volgens de resultaatsovereenkomsten met betrekking tot kwaliteit van zorg dat, “de levering van jeugdhulp wordt veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht uitgevoerd en wordt afgestemd op de reële behoefte van de Jeugdige en/of ouder binnen de resultaten die vooraf zijn geformuleerd en voldoet voorts aan de geldende kwaliteitseisen die wettelijk en door nadere regelgeving aan jeugdhulp worden gesteld. (art. 1.3)” (RIS321619, p. 3). 9.
Deelt het college de mening dat een verklarende analyse/diagnostiek essentieel is voor de juiste hulp voor kwetsbare jeugdigen?
Ja, het college deelt de mening dat een verklarende analyse en perspectiefplan essentieel is voor het bieden van de juiste hulp aan de meest kwetsbare jeugdigen, in ieder geval voor jeugdigen die gebruik maken van jeugdhulp met verblijf of bij wie een uithuisplaatsing dreigt. Op welke wijze de verklarende analyse het beste ingezet kan worden, wordt nu (boven)regionaal in kaart gebracht. 10. Deelt het college de mening dat Veerkracht n.a.v. de rapportbrief van het IGJ de levering van jeugdhulp (nog steeds) niet veilig, doeltreffend, doelmatig en clientgericht uitvoert? Zo ja, wat voor consequenties verbindt het college hieraan? Ja, het college deelt de mening dat Veerkracht Jeugdhulp B.V. op dit moment niet voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen. Zie voor overige beantwoording vraag 3. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
4/4