RIS323009 Beantwoording SV Deelmobiliteit levert nauwelijks iets op, maar kost wél parkeerplekken en subsidie
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
7 oktober 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Meinesz, luidend: ‘Deelmobiliteit levert nauwelijks iets op, maar kost wél parkeerplekken en subsidie’
DSO/10932757 RIS323009
Het raadslid de heer Meinesz heeft op 16 juli 2025 een brief met daarin acht vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
De wethouder verwijst in zijn brief naar landelijke cijfers over het opgeven van de eigen auto. Kan het college concreet aangeven hoeveel bewoners in Den Haag hun parkeervergunning hebben ingeleverd vanwege overstap op deelvervoer?
Nee, bij het inleveren van een parkeervergunning wordt de beweegreden niet bijgehouden. Op basis van eerder onderzoek en het totaal aantal deelauto’s in Den Haag schat het college in dat er tussen de 750 en 1250 parkeervergunningen zijn ingeleverd door de aanwezigheid van deelvervoer. 2.
Kan het college aangeven hoeveel eigen auto’s er aantoonbaar zijn verdwenen in Den Haag door deelname aan deelmobiliteit? Is hierover een nulmeting of effectmeting beschikbaar?
Nee, tijdens de invoering van deelvervoer (meer dan 25 jaar geleden) is geen nulmeting gedaan. Hoeveel eigen auto's er zijn verdwenen (de vervangingsratio) is niet eenvoudig te berekenen, omdat dit afhankelijk is van de omstandigheden. In het centrum is de vervangingsratio bijvoorbeeld hoger dan in Leidschenveen. Een commerciële deelauto heeft ook een andere vervangingsratio dan een deelauto die gedeeld wordt binnen een groep. Hierdoor ontstaat een bandbreedte waarbij elke deelauto voor 4 tot 11 minder auto’s zorgt. In totaal komt dat met 600 deelauto’s in de stad uit op 2400 tot 6600 minder auto’s in Den Haag. 3.
Kan het college aangeven hoeveel parkeerplaatsen er sinds 2020 in Den Haag opgeofferd zijn ten behoeve van deelauto’s, deelscooters, deelfietsen en deelbakfietsen?
In Den Haag zijn 274 parkeerplaatsen ingericht voor deelauto’s en 51 voor deeltweewielers. Dat is 0,17 procent van het totaal aantal openbare parkeerplaatsen.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10932757
4.
Kan het college aangeven wat de bezettingsgraad (gebruik per dag of per week) van deelauto’s is in Den Haag? En hoeveel deelauto’s rijden er gemiddeld tegelijk op een doorsnee dag?
Deelauto’s worden gemiddeld 2 uur per dag gebruikt. Het is niet bekend hoeveel deelauto's er tegelijk gebruikt worden. De deelauto's zijn gemiddeld 30% van de tijd in gebruik. Dit is een veel hoger percentage dan het gemiddelde gebruik van privéauto's. Die worden gemiddeld 5% van de tijd gebruikt. 5.
Kan het college aangeven hoeveel subsidie er sinds 2020 verstrekt is aan aanbieders van deelmobiliteit (deelauto’s, deelscooters, deel(bak)fietsen), uitgesplitst per jaar en modaliteit?
Sinds 2020 zijn de volgende subsidies verstrekt: • Commerciële deelauto’s: geen • Coöperatieve deelauto’s: € 136.000 • Deelscooters: geen • Deelbakfietsen: geen (subsidieregeling staat sinds augustus 2025 open) • Deelfietsen: geen 6.
Kan het college aangeven waarom er subsidie verstrekt wordt aan commerciële aanbieders van deelvervoer, terwijl tegelijkertijd duizenden bewoners op wachtlijsten staan voor een parkeervergunning?
Het subsidiëren van deelvervoer heeft verschillende redenen. Deelvervoer vermindert bijvoorbeeld de afhankelijkheid van eigen (auto)bezit en draagt daarmee bij aan het beperken van eventuele wachtlijsten voor parkeervergunningen. Echter, op dit moment zijn er geen wachtlijsten voor parkeervergunningen. Inwoners die recht hebben op een parkeervergunning komen nu nog in aanmerking voor een parkeervergunning voor hun eerste en ook voor hun tweede en derde auto. 7.
Is het college bereid een onafhankelijke evaluatie te laten uitvoeren naar het daadwerkelijke effect van deelmobiliteit op autobezit, parkeerdruk en leefbaarheid in Den Haag?
Nee. Dergelijke onderzoeken worden reeds in landelijk verband gedaan. De gemeente Den Haag is aangesloten bij het Programma Natuurlijk Deelmobiliteit, waarin verschillende onderzoeken en evaluaties worden uitgevoerd. Het college zal vragen om bij effectonderzoeken onderscheid te maken tussen steden. 8.
Kan het college aangeven waarom er geen rem wordt gezet op nieuwe deelmobiliteitsinitiatieven zolang het daadwerkelijke effect op autobezit en ruimtegebruik niet aantoonbaar is?
Het college ziet grote meerwaarde in het stimuleren van deelmobiliteit. Deelmobiliteit draagt aantoonbaar bij aan een lager autobezit en een efficiënter gebruik van de openbare ruimte. Het college verwijst graag naar de samenvatting van de onlangs aangenomen Strategie Deelmobiliteit 2030 (RIS319377).
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10932757
“Den Haag groeit. Ondanks dat het al de dichtstbevolkte stad van Nederland is, zal het aantal inwoners, forenzen en toeristen naar verwachting toenemen tegen 2040. Deze groei legt een grotere druk op de schaarse openbare ruimte. Tegelijkertijd streeft de stad ernaar om tegen 2030 klimaatneutraal te zijn. Om deze uitdagingen aan te pakken en de leefbaarheid te verbeteren, wordt er sterk ingezet op een verschuiving naar duurzame en efficiënte vervoersmethoden. De nadruk ligt op het promoten van het gebruik van voertuigen boven het bezit ervan. We moedigen schone en ruimte-efficiënte transportopties aan, zoals wandelen, fietsen, openbaar vervoer en gedeelde mobiliteit. Recente ervaringen met gedeelde mobiliteit hebben waardevolle inzichten opgeleverd over wat effectief is en wat niet. Zo blijkt bijvoorbeeld dat deelauto’s bijdragen aan de mobiliteitstransitie doordat ze ruimte vrijmaken in de straten. Deelbakfietsen dragen ook bij doordat ze korte autoritjes in de stad vervangen. Zowel inwoners als bezoekers van Den Haag gaan gedeelde mobiliteit steeds meer zien als een volwaardig alternatief voor hun dagelijkse verplaatsingen. Als onderdeel van de strategie voor 2030 wil de gemeente Den Haag deze trend omarmen en stimuleren om de stad leefbaar en bereikbaar te houden.” Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3