RIS322880 Afdoening motie Een boom is geen decorstuk
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de gemeenteraad
DSB/10934740 RIS322880 Contactpersoon
Martin van den Hoorn Dienst
Dienst Stadsbeheer Afdeling
DSB BAS Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
9 december 2025
martin.vandenhoorn@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Een boom is geen decorstuk’
Uw raad heeft tijdens de behandeling van het voorstel inzake Programmarekening 2024 (RIS321975) op 9 juli 2024 de, door het raadslid de heer Smit, ingediende motie ‘Een boom is geen decorstuk’ (RIS322880) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende, dat: de gemeente in 2024 in totaal 4.131 bomen heeft geplant; een groot deel daarvan bestaat uit doorgekweekte siervariëteiten, zoals meidoorns met roze bloemen die geen stuifmeel of bessen voortbrengen.
-
Overwegende, dat: - sommige sierbomen functioneel zijn, bijvoorbeeld omdat bepaalde variëteiten beter bestand zijn tegen verharding of beperkte groeiruimte; - er ook doorgekweekte variëteiten worden aangeplant vanwege hun kleur of vorm, terwijl ze vrijwel geen ecologische waarde meer hebben; - bomen van nature een belangrijke bron van voedsel zijn voor vogels, bijen, vlinders en andere dieren, en dat dit in een versteende stad juist van grote waarde is. Verzoekt het college: om standaard te kiezen voor bomen met zo veel mogelijk natuurwaarde, en het gebruik van doorgekweekte siervariëteiten alleen toe te passen als het functioneel echt noodzakelijk is; en de raad jaarlijks te informeren over het aandeel bomen met natuurwaarde ten opzichte van doorgekweekte sierbomen.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10934740
Het college doet de motie op de volgende manier af: Het college beseft dat bomen een scala aan ecosysteemdienstendiensten leveren en onderkent dat deze ecosysteemdiensten in hoge mate bijdragen aan de leefbaarheid in onze stad. Een van de ecosysteemdiensten is de bijdrage aan de stedelijke biodiversiteit. Met het vaststellen van de Nota Stadsbomen (RIS307827) is het doel vastgesteld om in 2030 75% van het aantal stadsbomen een ecologisch passend score van 4, 3 of 2 te laten hebben. Aan dit besluit ligt ten grondslag dat het college de eetbaarheid van het blad van bomen door herbivore insecten de meest belangrijke ecologische eigenschap vindt. Naast dat deze insecten een eigen intrinsieke waarde hebben, staan ze aan de basis van de voedselketen van het stedelijk ecosysteem. Het Haagse systeem van ecologisch passende bomen ligt ook ten grondslag aan de Leidse bomenlijst van ecologisch waardevolle bomen. De gemeente Leiden legt boven op de eetbaarheid van blad, meer nog dan Den Haag, de nadruk op de overige ecologische aspecten zoals het leveren van stuifmeel, nectar, noten, bessen en zaden en het voorzien in schuilgelegenheid. De gemeente Leiden werkt samen met de gemeente Den Haag, de stichting Natuur en Milieu en andere gemeenten aan een nieuwe landelijke lijst waarin alle bekende bomen met hun cultivars op ecologische waarde worden beoordeeld.
Het ligt in de lijn er verwachting dat op termijn de nieuwe landelijke lijst het Haagse systeem van ecologisch passend en de Leidse bomenlijst van ecologisch waardevolle bomen gaat vervangen. Het verzoek in de motie om te kiezen voor bomen met zoveel mogelijk natuurwaarde is al bestaand beleid. Volgens de Nota Stadsbomen (pagina 30) moet primair gekozen worden voor de boom met de hoogste ecologische waarde. Dit gebeurt binnen de mogelijkheden van de groeiplaats, zoals bodemtype, ruimte, invloed van zeewind, grondwaterstand en klimaatbestendigheid. Ook moet er genoeg variatie in het lokale bomenbestand blijven om voldoende weerbaar te zijn tegen ziekten en plagen. In de praktijk blijkt dat genoemd beleidsuitgangspunt uit de Nota Stadsbomen nog niet altijd voldoende doorwerkt in de dagelijkse praktijk. Het komt bijvoorbeeld voor dat een uitgevallen boom vervangen wordt door de soort die er al stond, en er dus geen nieuwe afweging ten aanzien van soortkeuze is gemaakt. De keuze voor de juiste boom, zoals voorgeschreven in de Nota Stadbomen, is bij de betrokkenen in het proces van het selecteren van bomen opnieuw onder de aandacht gebracht. De Beleidsafdeling van de Dienst Stadsbeheer draagt er vanaf heden zorg voor dat het onderwerp van de juiste boomkeuze structureel wordt geborgd in de processen, door bewustwording te stimuleren en naleving van richtlijnen te blijven agenderen.
Het college gaat hier jaarlijks over rapporteren. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2