CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS322785 Beantwoording SV Medemenselijk wonen

Commissie Ruimte 4 februari 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Nota Woningvoorraad 2025 én Verordening tot wijziging van de Huisvestingsverordening Den Haag 20231.883 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN

16 september 2025 Ons kenmerk Onderwerp

Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de dames Mostert, Butt en Arp en de heren Mekers, Van den Bos en Ahraui, luidend: ‘Medemenselijk Wonen’

DSO/10934695 RIS322785

De raadsleden de dames Mostert, Butt en Arp en de heren Mekers, Van den Bos en Ahraui hebben op 4 augustus 2025 een brief met daarin tien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Op maandag 1 juli 2025 heeft de Tweede Kamer ingestemd met het amendement Mooiman (nr. 30) op het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting. Dit amendement regelt dat statushouders voortaan niet langer in aanmerking mogen komen voor urgentie op grond van de Huisvestingswet. Concreet wordt met dit amendement wettelijk vastgelegd dat gemeenten statushouders niet langer als urgent woningzoekenden kunnen aanwijzen. Daarmee wordt de bestaande praktijk, waarin gemeenten statushouders via urgentie helpen een woning te vinden en gemeenten zelf kunnen voldoen aan de landelijke taakstelling voor huisvesting, ingrijpend beperkt. Hoewel het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting als geheel nog in behandeling is en naar verwachting in het najaar van 2025 in de Eerste Kamer zal worden behandeld, is het aannemen van dit amendement door de Tweede Kamer een belangrijke ontwikkeling.

Indien de wet in deze vorm wordt aangenomen, heeft dat directe gevolgen voor de manier waarop gemeenten — waaronder Den Haag — uitvoering kunnen geven aan hun wettelijke taakstelling voor de huisvesting van statushouders. De Haagse fracties van D66, PvdD, PvdA, GroenLinks en SP maken zich zorgen over de juridische en uitvoeringsruimte die deze wijziging overlaat aan gemeenten. Zij hechten aan een humaan en goed werkend asiel- en integratiebeleid en zien huisvesting als een cruciale voorwaarde voor succesvolle inburgering en maatschappelijke participatie. 1.

Deelt het college de zorgen van de vragenstellers over deze ontwikkeling t.a.v. de inhumane kijk op het recht op huisvesting voor iedereen, maar ook gezien de gevolgen die het heeft die het college heeft opgetekend in reactie op de internetconsultatie Wetsvoorstel nieuwe regels inzake huisvesting vergunninghouders?

Ja, het college deelt deze zorgen. Gemeenten blijven (vooralsnog) wettelijk verplicht om statushouders te huisvesten, maar met een verbod op voorrang worden de mogelijkheden om deze groep te huisvesten sterk ingeperkt. Als gemeente krijgen we hiermee, naar het oordeel van de vragenstellers, een onuitvoerbare taak. Daarnaast is de vrees van de vragenstellers dat een verbod op voorrang, nog voordat er voldoende realistische alternatieven beschikbaar zijn, zal leiden tot een opeenstapeling van problemen in onze stad.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10934695

2.

Is het college het met de vragenstellers eens dat het amendement strijdig is met de gedecentraliseerde eenheidsstaat van artikel 124 van de Grondwet, wat betekent dat het Rijk geen bevoegdheden van de gemeente mag beperken die zij nodig heeft voor het uitvoeren van haar wettelijke taken, in dit geval de taakstelling van het huisvesten van statushouders (Vreemdelingenbesluit en afspraken met het COA)?

Het amendement Mooiman sluit statushouders in alle gevallen uit van urgentiebeleid bij de toewijzing van sociale huurwoningen. Het college onderkent dat artikel 124 van de Grondwet de gemeentelijke autonomie waarborgt, maar wijst er tevens op dat lid 2 van het artikel bepaalt dat het Rijk bij of krachtens de wet taken en voorschriften kan opleggen aan provincies en gemeenten. In dat licht kan het Rijk dus kaders stellen voor de uitvoering. Provincies en gemeenten zijn zodoende wettelijk verplicht om deze taken uit te voeren. 3.

Is het college van oordeel dat vanwege die strijdigheid het verbod niet rechtsgeldig is?

Het college kan op dit moment niet stellen dat het verbod vanwege vermeende strijdigheid met artikel 124 automatisch niet rechtsgeldig is. Het amendement roept vragen op over de samenhang met andere wet- en regelgeving, in het bijzonder de wettelijke taakstelling voor het huisvesten van statushouders, en over mogelijke discriminerende onderdelen. Op 28 augustus heeft minister Mona Keijzer per brief aan de Eerste Kamer laten weten dat het amendement Mooiman reparatie behoeft omdat het discrimineert op grond van ras en nationaliteit en op deze manier geen doorgang kan vinden. Voor een reparatie is akkoord van de Tweede Kamer nodig. Het is nog onduidelijk hoe de minister verwacht de wet te repareren en welke consequenties dit heeft. Mogelijk zal de minister haar eigen wetvoorstel rondom het verbod op voorrang voor statushouders op sociale huurwoningen als reparatie voorstellen. Het college heeft in reactie op de internetconsultatie rondom dit Wetvoorstel aangegeven grote bezwaren te hebben tegen dit voorstel. Statushouders die gekoppeld zijn aan Den Haag zijn mensen die aan de start staan van een nieuw leven en hebben nog geen uitgebreid sociaal netwerk. Snelle huisvesting is belangrijk voor de integratie. Daarnaast is de verwachting dat het wetvoorstel tot vele precaire situaties zal leiden, zoals volle opvanglocaties, dakloosheid, bankslapen en/of over bewoning.

Dit alles heeft gevolgen voor de leefbaarheid van de stad en de openbare orde en veiligheid. 4.

Is het college bereid om dit aan te vechten bij de bestuursrechter en hierover spoedadvies aan te vragen bij de Raad van State?

De Minister van Volkshuisvesting heeft aangegeven dat het amendement reparatie behoeft. Over haar eigen wetvoorstel, die zij mogelijk als reparatie zal voorstellen, wordt in september advies van de Raad van State verwacht. Een spoedbehandeling van een adviesaanvraag bij de Raad van State kan slechts worden gedaan met machtiging van de ministerraad. Het college zal de juridische houdbaarheid van het Wetvoorstel verbod op voorrang zorgvuldig volgen en beoordelen. Wanneer er meer duidelijkheid is over de effecten en samenhang met bestaande wet- en regelgeving, kan overwogen worden de beschikbare en noodzakelijke juridische middelen zorgvuldig te inventariseren en deze, waar passend, doelgericht in te zetten.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10934695

5.

Is het college van oordeel dat, gezien het gestelde onder vraag 2 en 3 de voorrang voor statushouders in stand gehouden kan worden in Den Haag?

De toekomst van de wetvoorstellen rondom voorrang voor statushouders is op dit moment onduidelijk. De kern van het amendement Mooiman is een volledige uitsluiting van urgentie voor statushouders, dit amendement kan volgens minister Keijzer geen doorgang vinden. Het amendement hangt echter nauw samen met het Wetvoorstel nieuwe regels inzake huisvesting vergunninghouders die gemeenten verbieden om statushouders voorrang te geven op sociale huurwoningen. Dit Wetvoorstel vindt mogelijk wel doorgang. Het college is van mening dat een stabiele woonplek een essentiële voorwaarde is voor statushouders om een zelfstandig leven op te bouwen, te kunnen starten met inburgering en werk en om bij te dragen aan de samenleving. Als (nieuwe) inwoners van Den Haag is het college net als voor elke inwoner verantwoordelijk voor een goede huisvesting. In de Huisvestingsverordening Den Haag 2023 krijgen statushouders geen urgentie noch is het woord voorrang opgenomen in de verordening. Woningcorporaties kunnen statushouders via directe bemiddeling een woning aanbieden op basis van de wettelijke taakstelling. Deze wettelijke taakstelling is nog van kracht. Mogelijk kan het college statushouders blijven bemiddelen naar een woning, bijvoorbeeld door de juridische ruimte op te zoeken of door de verplichting van huisvesting op te nemen in afspraken met woningcorporaties of de regio Haaglanden.

Dit is afhankelijk van de reikwijdte van het eventuele verbod op voorrang. 6.

Is het college het met de vragenstellers eens dat gemeenten via de Woningwet ook via corporatie-afspraken of directe toewijzing woningen kunnen toewijzen aan statushouders buiten het reguliere woningverdeelsysteem om en op die manier amendement Mooiman kan omzeilen? Is het college bereid deze systematiek te gebruiken of alvast in gang te zetten, zodat de gemeente kan blijven voldoen aan de taakstelling huisvesting statushouders?

Zie antwoord op vraag 5. 7.

Is het college bereid om andere juridische mogelijkheden te onderzoeken om statushouders urgentie te verlenen door bijvoorbeeld een categorie in de huisvestingsverordening toe te voegen waar statushouders onder vallen en wat niet wordt genoemd in het amendement, denk bijvoorbeeld aan de categorie "mensen zonder woonadres vanwege overheidsbeleid”?

Het college acht het niet uitvoerbaar om een aparte urgentiecategorie op te nemen waar statushouders onder vallen omdat dit in strijd komt met het amendement. Het amendement zorgt ervoor dat aan alle vreemdelingen aan wie een verblijfsvergunning is verleend nooit urgentie mag worden verleend bij de toewijzing van een woonruimte. Dit is ook zo als ze aan dezelfde criteria voldoen waardoor anderen wél urgent worden, zoals dakloosheid of medische gronden. Een nieuwe categorie toevoegen in de huisvestingsverordening zoals voorgesteld achten we daarom niet kansrijk. Zoals aangegeven is het college van mening dat de voorrang voor statushouders op sociale huurwoningen van stand moet blijven. Het college is bereid juridische mogelijkheden te onderzoeken om, afhankelijk van (toekomstige wettelijke kaders en verplichtingen, tot het maximale voor de huisvesting van deze kwetsbare doelgroep in te spannen.

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10934695

8.

Is het college het eens dat het amendement Mooiman geen oplossing is voor de woningnood die Hagenaars ervaren?

Ja, het college deelt deze mening. De kern van de woningnood ligt in het structurele tekort aan betaalbare woningen; het wijzigen van de bestaande urgentiecriteria verandert niets aan het totaal beschikbare aanbod. Is het college het eens met de vragenstellers dat behoud van de urgentie voor huisvesting van statushouders de volgende knelpunten voorkomt: a. Oneerlijke en/of onevenredige verdeling van statushouders over het land; b. Vertraging van inburgering en participatie; c. Stagnatie in de doorstroom uit tijdelijke huisvesting met financiële risico’s voor gemeenten; d. Stagnatie in de doorstroom van asielopvang met hogere kosten voor asielopvang; e. Onevenwichtige uitbreiding van maatschappelijke opvangplekken voor statushouders en risico op dakloosheid en uitbuiting; f. Toenemende taakbelasting voor gemeenten; g. Hogere druk op gemeentelijke voorzieningen door gebrek aan zelfredzaamheid als huisvesting ontbreekt. Voor ieder onderdeel waarop het college ontkennend antwoord graag een motivatie. 9.

Zoals eerder aangegeven zou de gemeente Den Haag mogelijk ook zonder urgentie statushouders kunnen huisvesten binnen de bestaande wettelijke kaders. Het college onderkent dat bij het ontbreken van voorrang voor statushouders knelpunten kunnen ontstaan die het huisvesten van statushouders bemoeilijken. a.

b. c. d. e. f.

g.

Eens. De landelijke verdeling wordt nu geregeld via de wettelijke taakstelling. Echter, bij een verbod op voorrang is de inschatting dat statushouders vooral naar de G4 gemeenten zullen trekken, waardoor onevenwichtigheden ontstaan. Eens. Eens. Eens. Eens. Oneens. Dit is niet eenvoudig te kwantificeren. Waar statushouders niet meer gehuisvest kunnen worden in corporatievoorraad, vervalt een taak voor gemeenten. Naar verwachting zal de taakbelasting elders juist flink toenemen. Statushouders kunnen bijvoorbeeld proberen om (niet kansrijke) urgentieaanvragen te doen, met daaropvolgende, samenhangende bestuursrechtelijke procedures. Het effect op de taakbelasting is afhankelijk van de precieze uitwerking en beschikbare middelen. Eens. Als statushouders niet tijdig gehuisvest worden, kan dit leiden tot extra druk op gemeentelijke voorzieningen, zoals zorg, maatschappelijke begeleiding, volksgezondheid en daklozenopvang.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10934695

10. Op welke manier en op welke termijn is het college van plan om in G4- of VNGverband richting de minister zorgen en consequenties uit te spreken over deze ontwikkeling? Het college is voornemens om actief de zorgen over deze ontwikkeling bij de minister onder de aandacht te brengen. Het college streeft ernaar dit zo spoedig mogelijk, in lijn met de relevante overleggen binnen de G4 en VNG, te bespreken en gezamenlijk richting het Rijk te communiceren. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de locoburgemeester, Ilma Merx

Robert van Asten

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15972329/1