RIS322702 Beantwoording SV Snoeiwerkzaamheden in het broedseizoen
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
9 september 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Van den Bos, luidend: ‘Snoeiwerkzaamheden in het broedseizoen’
DPZ/10924827 RIS322702
Het raadslid de heer Van den Bos heeft op 9 juli 2025 een brief met daarin 10 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 32 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Begin mei zijn door een uitvoerder (privaat bedrijf) tijdens het broedseizoen rigoureuze kap- en snoeiwerkzaamheden uitgevoerd in Bezuidenhout. Bezorgde bewoners hebben de Partij voor de Dieren hierop geattendeerd. Zij maken zich zorgen om de vogels die in de bomen leven en om het grote aantal gezonde takken dat is gesnoeid. 1.
Is het college op de hoogte van de snoeiwerkzaamheden die begin mei hebben plaatsgevonden aan verschillende bomen bij het Van Imhoffplein?
Ja, het college is hiermee bekend. Deze zijn onderdeel van de driejarige snoeicyclus ‘wijkgerichte aanpak snoeien van stadsbomen’, waarbij de snoeibehoefte in iedere straat van de wijk wordt beoordeeld en indien noodzakelijk direct uitgevoerd. 2.
Heeft de uitvoerende firma een vergunning aangevraagd voor de kap- en snoeiwerkzaamheden? Heeft de gemeente die vergunning verleend? Zo ja, wat is het kenmerk van de vergunning?
Nee, er is geen vergunning aangevraagd. Het uitgevoerde snoeiwerk is niet vergunning-plichtig, omdat er niet meer dan 30% van het kroonvolume verwijderd is tijdens de snoeibeurt. 3.
Klopt het dat de gemeente Den Haag de firma opdracht heeft gegeven om snoeiwerkzaamheden uit te voeren in de wijk Bezuidenhout? Zo ja, waarom? Wat was de opdracht en waarom wordt die in deze tijd van het jaar uitgevoerd?
Ja, dit klopt. Met een omlooptijd van drie jaar worden alle stadsbomen geïnspecteerd en indien nodig gesnoeid. Deze werkzaamheden, welke volgen uit een centrale opdracht, richten zich op een gezond bomenbestand en een groenere stad. Door minder, maar consequente snoei willen we meer bladmassa en kroonoppervlak bereiken, en zo bijdragen aan biodiversiteit, een gezonde leefomgeving en het welzijn van bewoners. De opdracht is om alle bomen volgens de gemeentelijke snoeirichtlijnen te snoeien. Als bomen al voor het snoeien voldoen aan de richtlijnen, worden bomen niet gesnoeid. Een korte opsomming van de belangrijkste richtlijnen voor het snoeien: probleemtakken snoeien, snoeien voor voldoende doorrijhoogte, ruimte tussen kroon en gevels snoeien, rond ORAC’s snoeien t.b.v. lediging. Het snoeien van bomen gebeurt jaarrond (m.u.v. de bomen die daar niet tegen kunnen, de zogenoemde ABC Bomen, een groep bomen welke bekend staan om hun gevoeligheid voor bloeden tijdens de snoei, vooral in het voorjaar).
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/10924827
Voorafgaand aan het snoeien wordt iedere boom gecontroleerd op de aanwezigheid van nesten. Als een nest geconstateerd wordt, dan wordt een boom niet gesnoeid. Voor de zogenoemde ABC-bomen is het juist van belang om deze in de bladrijke periode te snoeien vanwege bloedingsgevaar. Daarbij komt dat het in principe voor alle bomen beter is om ze te snoeien in de bladrijke periode, omdat dan de snoeiwonden beter herstellen. 4.
Heeft het college inzichtelijk welke snoeiwerkzaamheden in opdracht van de gemeente gedurende de afgelopen drie jaar gedurende het broedseizoen hebben plaatsgevonden? Zo ja, kan het college deze informatie met de raad delen? Zo nee, kan het college toezeggen deze informatie vanaf nu te gaan registreren?
Nee, aangezien er geen noodzaak is tot het bijhouden van deze gegevens, is dit ook niet gebeurd. Bij het snoeien van de bomen wordt gewerkt volgens de geldende wet- en regelgeving. Het broedseizoen van vogels in Nederland vindt plaats tussen begin februari en eind augustus. Gedurende deze periode is het wettelijk verboden om vogelnesten te verstoren. [1] Snoeien in het broedseizoen kan leiden tot vernieling van nesten en verstoring van vogels en hun jongen. Snoeiwerkzaamheden kunnen daarom het beste uitgesteld worden tot na het broedseizoen. Een voorafgaande inventarisatie van de aanwezigheid van nesten is namelijk een bijzonder lastige opgave. Zelfs een geoefende nestzoeker zal lang niet alle nesten vinden. Bovendien is het enkel vrijwaren van de betreffende boom of struik is ook niet altijd voldoende, omdat verstoring in de omgeving ertoe kan leiden dat de vogel het nest alsnog verlaat. [2] 5.
Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat het in principe onwenselijk is dat er snoeiwerkzaamheden tijdens het broedseizoen hebben plaatsgevonden?
Nee. Voor alle bomen geldt dat deze vorm van snoei het beste kan plaatsvinden in het groeiseizoen. Het groeiseizoen loopt grofweg van begin april tot en met eind september. Hierdoor is er een grote overlap met het broedseizoen en is het werken volgens de ecologische werkprotocollen ook de norm. Zie ook antwoord op vraag 6. 6.
Kan het college uiteenzetten hoe is nagegaan of er broedende vogels in de bomen aanwezig waren? Hoe wordt er omgegaan met vogelsoorten waarvan de nesten zeer goed gecamoufleerd, in aanbouw, erg klein of verstopt zijn en daardoor slecht vindbaar voor mensen?
Ja. De bomen zijn voorafgaand aan de werkzaamheden geschouwd op de aanwezigheid van nesten zoals vastgesteld in de ecologische werkprotocollen. Vrijwel alle stadsbomen zijn loofbomen en hebben een relatief open structuur waardoor nesten betrekkelijk goed vindbaar zijn en straatbomen hierdoor juist minder aantrekkelijk zijn voor diverse vogelsoorten om te nestelen. Tijdens de snoeiwerkzaamheden op het Imhoffplein is er in de gewone linde (Tilia x Europaea, boomnummer 8) inderdaad een nest geconstateerd, deze boom is daarom niet gesnoeid. Slechte snoei kan verschillende negatieve effecten op de gezondheid, stabiliteit en de veerkracht van bomen hebben [3]. Bomen verzwakken vaak door snoei. 7.
Erkent het college dat snoeien ook negatieve effecten kan hebben? Hoe kijkt het college hier tegenaan? Wordt er ingezet op het minimaliseren van snoei, zo ja, hoe?
Nee, er wordt gesnoeid volgens landelijk erkende principes welke enerzijds letten op het voorkomen van probleemtakken bij bomen en veiligheidsaspecten, maar welke ook duidelijk aan geven wanneer bomen niet gesnoeid hoeven te worden.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DPZ/10924827
8.
Worden er vanuit de gemeente specifieke instructies of stelregels gehanteerd bij het snoeien van bomen? Wordt bijvoorbeeld meegewogen dat de takken van de boom en het wortelsysteem in balans moeten blijven? Wordt daarbij rekening gehouden met het minimaliseren van snoei binnen de druppellijn?
Zie vraag 7 9.
Zijn er ook stadsbomen die tijdens hun levensduur nooit gesnoeid worden? Ziet het college een risico dat bij veel bomen die eenmaal gesnoeid zijn, deze na de snoei altijd extra aandacht nodig blijven hebben omdat ze altijd zwakke punten blijven houden? Hoe wordt hiermee omgegaan?
Nee, alle stadsbomen hebben een bepaalde mate van snoei nodig gedurende de gehele levensduur. Hierbij is het niet zo dat gesnoeide bomen altijd zwakke punten blijven houden. Stadsbomen staan vaak langs wegen, trambanen of nabij gevels. Hierdoor moeten de onderste takken regelmatig worden verwijderd (opkronen) om vervoer veilig te laten passeren of schade aan gevels te voorkomen. Daarnaast sterven er jaarlijks kleine en soms ook grotere takken af bij bomen. Dat is een heel natuurlijk fenomeen. Die takken moeten tijdig verwijderd worden om schade of letsel te voorkomen. 10. Is het college bekend met veranderende opvattingen over snoeien, waarbij niet snoeien en/of minder snoeien steeds meer onderbouwing en steun krijgt? Zo nee, is het college bereid om zich te laten informeren door experts op dit gebied om zo toekomstige snoeiwerkzaamheden aan de hand van deze nieuwe kennis vorm te geven? Ja, zie ook vraag 9. Afhankelijk van de locatie wordt steeds minder gesnoeid. De toegepaste snoei is noodzakelijk om het bomenbestand duurzaam in stand te kunnen houden en de veiligheid te kunnen waarborgen. Hierbij gebruikt de gemeente reeds externe deskundigheid en worden de boomverzorgers bijgeschoold naar de landelijke richtlijnen. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3