RIS322691 Bijlage PUK Park Bloemendaal
Tekst van het document
Op de kaart van Cruquius uit 1712 is de hofstede ‘Rust Hoeve’ duidelijk herkenbaar. Iets ten oosten daarvan ligt een eenvoudige hofstede met agrarische bebouwing. In 1721 wordt de hofstede aangekocht door jonkheer Hendrik Hooft, In de periode daarop wordt de waterpartij aangelegd, die in de as van het huis liep en wordt een nieuw landhuis gebouwd. In 1821 wordt de buitenplaats verkocht aan jonkheer Quarles van Ufford Het buitenhuis wordt dan ingrijpend verbouwd en de tuinen worden verlandschappelijkt. De rechte lijn wordt zoveel mogelijk uitgebannen. Het water is nog altijd in dezelfde vorm aanwezig. In 1877 wordt het naburige herenhuis van de buitenplaats Rusthoek gesloopt en wordt de grond verkocht als tuinbouwgrond Een gedeelte van de buitenplaats Rosenburg wordt in 1895 verkocht aan het ‘Geneeskundig Gesticht voor Krankzinnigen’ te ‘s-Gravenhage. Later zou de rest van het uitgestrekte landgoed volgen. Direct na de overdracht wordt gestart met de bouw van twee grote paviljoens aan weerszijden van het landhuis. Rond 1912 werden nog twee paviljoens in gebruik genomen. Rond 1920 wordt het westelijk deel, voormalig tuinbouwgebied,
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
33
aangekocht en in gebruik genomen. Op een gedeelte van het voormalige landgoed Rusthoek wordt woningbouw gerealiseerd (ter hoogte van de Houttuinen). Verder is de omgeving nog grotendeels in gebruik als tuinbouwgebied. Deze situatie blijft min of meer bestaan tot in de jaren ‘70 van de twintigste eeuw. In de jaren ‘70 en ‘80 verandert het nodige op het terrein. De opening van de Torenvalk in 1976 betekent een omwenteling in de zorg. De grote paviljoens aan weerszijden van het hoofdgebouw worden gesloten en begin jaren ‘80 verrijzen drie nieuwe paviljoens. In dezelfde tijd krijgen de nieuwe gebieden een nieuwe ontsluiting door de aanleg van de Albardastraat aan de noordzijde van het terrein en de aanleg van de Groen van Prinstererlaan aan de westzijde. De ingang wordt verplaatst van de Oude Haagweg naar de hoek Albardastraat/Groen van Prinstererlaan. Deze ingang is veiliger en biedt ruimte voor een grote parkeerplaats Door het verplaatsen van de medische en financiële administratie raakt het landhuis zowel ruimtelijk als functioneel op de achtergrond en het gebouw raakt in verval. Eind jaren ‘90 van de twintigste eeuw wordt het landhuis gerestaureerd. Het betreft een rijksmonument.
1
5
3 4
Monumenten op Landgoed Rosenburg
34
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
2
Monumenten Landgoed Oud Rosenburg is geen (onderdeel van een) beschermd stadsgezicht, wel staan er meerdere beschermde monumenten op het landgoed. Op het landgoed is één rijksbeschermd monument gelegen: 1. Dadelplein 1 – Huis Rosenburg, neoclassicistisch buitenhuis uit de eerste helft van de 19e eeuw. Daarnaast staan er vier gemeentelijke monumenten op het landgoed. De bescherming van de volgende vier gemeentelijke monumenten betreft een zogenaamde “vanwege bescherming” waarbij de te beschermen monumentale waarde is beperkt tot het exterieur van de panden. 2. Kiwistraat 30 – Voormalige portierswoning uit circa 1910 van het “Geneeskundig Gesticht voor Krankzinnigen OudRosenburg”, gebouwd langs de oprijlaan van landgoed OudRosenburg. 3. Kiwistraat 32 – Voormalige dokterswoning, in 1927 naar ontwerp van de Amsterdamse architect B.J. Ouëndag gebouwde dokterswoning van het “Geneeskundig Gesticht voor Krankzinnigen Oud-Rosenburg”, gebouwd langs de oprijlaan van landgoed Oud-Rosenburg. 4. Kiwistraat 36 – Voormalige directeurswoning, in 1909-1910 als directeurswoning gebouwde villa van het “Geneeskundig Gesticht voor Krankzinnigen Oud-Rosenburg”, gebouwd langs de oprijlaan van landgoed Oud-Rosenburg. De in 1989 nieuw gebouwde vleugel aan Kiwistraat 36 en niet nader genoemde opstallen op het terrein vallen buiten de bescherming van het gemeentelijk monument. 5.
Kiwistraat 43 – Voormalige dokters/directeurswoning, rond 1910 als dokterswoning gebouwde villa van het “Geneeskundig Gesticht voor Krankzinnigen Oud-Rosenburg”, gebouwd langs de oprijlaan van landgoed Oud-Rosenburg. Wijzigingen van beschermde monumenten zijn vanuit de ‘Erfgoedwet’ en de ‘Monumentenverordening Den Haag 2010’ vergunningsplichtig. Voor zowel rijks- als gemeentelijke monumenten is de gemeente het bevoegd gezag. De Welstandsen Monumentencommissie wordt bij een vergunning gevraagd te adviseren. Bij ingrijpende wijzigingen aan een rijksmonument zal ook de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed om advies gevraagd worden. Vooroverleg met de afdeling Monumentenzorg en Welstand is bij plannen voor de bovenstaande panden aan te raden.
6.10 Externe veiligheid Externe veiligheid richt zich op het beheersen van activiteiten die een risico voor de omgeving kunnen opleveren, zoals milieurisico’s, transportrisico’s en risico’s die kunnen optreden bij de productie, het vervoer en de opslag van gevaarlijke stoffen in inrichtingen. Bij de (her)inrichting van een gebied bepaalt de externe veiligheidssituatie mede de ruimtelijke (on) mogelijkheden. Er zijn geen risicobronnen aanwezig of geprojecteerd waarvan de veiligheidscontouren op grond van het Besluit externe veiligheid inrichtingen en de bijbehorende regeling geheel of gedeeltelijk in het plangebied zijn gelegen. Er hoeft geen nader onderzoek naar groepsrisico uitgevoerd te worden.
6.11 Ondergrond (kabels en leidingen) Wettelijk is het verplicht om vooraf aan graafwerkzaamheden een KLIC-melding te doen, zodat duidelijk is waar eventuele kabels en leidingen liggen en hiermee rekening gehouden kan worden bij de graafwerkzaamheden.
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
35
36
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
7. FINANCIERING EN UITVOERINGSASPECTEN 7.1
Financiering
De locatie is volledig privaat eigendom en de ontwikkeling vindt volledig voor rekening en risico van de initiatiefnemer plaats. Voor deze ontwikkeling worden in het gebied aanpassingen gedaan om de openbare toegankelijkheid, de groenstructuur en de waterstructuur te verbeteren. Deze aanpassingen vinden op eigen terrein plaats en de kosten hiervoor komen voor rekening van de ontwikkelaar. Mocht het landgoed openbaar gebied worden dan is het wenselijk om aante sluiten op het Handboek openbare ruimte. Daarnaast zullen er (plan)kosten worden gemaakt voor de noodzakelijke ambtelijke inzet in verband met de beoordeling van dit privaatrechtelijke initiatief. Ook zal een eventuele planologische inpassing kunnen leiden tot voor vergoeding in aanmerking komende schade ex artikel 6.1 Wro (planschade). Kostenverhaal Om het planinitiatief mogelijk te maken, moet een uitgebreide Wabo-procedure (omgevingsvergunning) doorlopen te worden. Voor een particuliere ontwikkeling dient de gemeente te borgen dat de (toerekenbare) kosten die de gemeente maakt voor o.a. de plankosten en de (mogelijke) onder- en bovengrondse infrastructuur en planschade worden verhaald op de initiatiefnemer (afd. 6.4 Wro). Dit initiatief betreft een sloop-nieuwbouw ontwikkeling, bestaande uit sociale woningbouw in een beschutte omgeving en een nieuw bestuurscentrum met kantoorfuncties.
De ontwikkeling is hiermee een bouwplan in de zin van art. 6.2.1 van het Bro. Hiermee is afdeling 6.4 Wro van toepassing. Omdat het bij deze ontwikkeling private percelen betreft en er nog geen anterieure overeenkomst is gesloten, is het kostenverhaal nog niet anderszins verzekerd. De gemeente is verplicht het kostenverhaal te verzekeren. Het betreft hierbij zowel gemeentelijke plankosten, uitvoeringskosten en toe te rekenen bovenwijkse kosten die zij maakt om het gebied te transformeren zodat de ontwikkeling mogelijk wordt. Bovendien zullen we bijzondere afspraken willen maken met de initiatiefnemer waaronder het afwentelen van planschade. De gemeente kan deze kosten verhalen door een exploitatieplan op te stellen, maar het sluiten van een anterieure overeenkomst geeft vooraf zekerheid voor alle partijen en heeft sterk de voorkeur. Hierover is reeds gesproken in de overleggen tussen gemeente en ontwikkelaar. Dit betekent dat een anterieure (voor vaststelling bestemmingsplan of voor verlening van de omgevingsvergunning indien er een uitgebreide Wabo procedure gevoerd gaat
worden) exploitatieovereenkomst zal worden gesloten met de initiatiefnemer waarin voor de niet gedekte kosten een exploitatiebijdrage zal worden overeengekomen, door initiatiefnemer te voldoen aan de gemeente. Het sluiten van een anterieure overeenkomst is noodzakelijk voordat een omgevingsvergunning kan worden verleend. Als deze afspraken gemaakt zijn is het kostenverhaal vooraf volledig verzekerd en kan het besluit worden genomen om geen exploitatieplan vast te stellen. Vervolgproces Het PUK geeft de kaders om het plan verder te ontwikkelen. Voor de uiteindelijke realisatie van het plan dient de initiatiefnemer de verdere procedure te volgen via het Omgevingsloket. Er dient dan een aanvraag voor een omgevingsvergunning gedaan te worden. De aanvraag wordt vervolgens beoordeeld op een goede ruimtelijke onderbouwing, de aanpassing van het bestemmingsplan en de bijbehorende verzekering van het kostenverhaal. De gemeente brengt hiervoor separaat de kosten in rekening bij de initiatiefnemer. De verzekering van het kostenverhaal is de verrekening van kosten voor het mogelijk maken van de ontwikkeling. De gemeente is op grond van artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening verplicht deze kosten bij het opstellen van een nieuw juridisch-planologisch kader bij de initiatiefnemer in rekening te brengen.
Het uiteindelijke bedrag van de te verhalen kosten legt de gemeente – zoals hierboven is beschreven - met de initiatiefnemer vast in een anterieure overeenkomst. Indien de gemeente niet met de initiatiefnemer tot overeenstemming komt over het sluiten van een anterieure overeenkomst, is de gemeente verplicht een exploitatieplan op te stellen op grond waarvan de exploitatiekosten bij de initiatiefnemer in rekening worden gebracht.
7.2
Juridische en planologische procedure
Op basis van dit PUK kan de initiatiefnemer zijn planvoorstel verder uitwerken. De initiatiefnemer is zelf verantwoordelijk dat zijn planuitwerking voldoet aan de kaders uit het PUK en voor het opstellen van een goede ruimtelijke onderbouwing. De initiatiefnemer blijft ook zelf verantwoordelijk voor al die aspecten die niet in het PUK zijn geregeld. De vigerende weten regelgeving zijn van toepassing. Om het planinitiatief mogelijk te maken, moet een uitgebreide Wabo-procedure (omgevingsvergunning) doorlopen te worden.
7.3
Planning en fasering
Na het vaststellen van de PUK door het college, wordt het plan door de initiatiefnemer verder uitgewerkt.
Voorbehoud gemeente Wij benadrukken dat tegen vaststelling van bestemmingsplannen, omgevingsvergunningen en alle andere besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht belanghebbenden bestuursrechtelijke rechtsmiddelen van bezwaar en/of beroep kunnen instellen. Eventuele gerechtelijke procedures, (gewijzigd) bestuurlijk besluitvormingsproces en externe omstandigheden kunnen, ondanks de ambtelijke inspanningen ten behoeve van uw planvorming, de totstandkoming en de inwerkingtreding van het nieuwe juridisch-planologische regime beïnvloeden. Hiervoor is de gemeente nimmer aansprakelijk.
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
37
38
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
BIJLAGE 1 - COMMUNICATIEPLAN Bij het uitwerken en realiseren van bouwinitiatieven is goede communicatie met de omgeving erg belangrijk. Dit document geeft aan waar u allemaal bij stil moet staan om die communicatie goed vorm te geven. Hebt u plannen voor het uitwerken van een bouwinitiatief dan ligt de verantwoordelijkheid voor de communicatie met omwonenden en belanghebbenden en de gevolgen daarvan bij u als de particuliere initiatiefnemer. Het is van belang dat de communicatie met belanghebbenden goed gebeurt. Zoals een oud Hollands spreekwoord zegt: “Beter een goede buur, dan een verre vriend”. Een open en transparante communicatie met de omgeving vergroot de kans op een breder draagvlak voor uw plan. Wanneer u het niet of niet goed doet is er een grote kans dat u overvallen wordt door de reactie van de omgeving en ontstaat er weerstand tegen het initiatief. Het gaat erom dat u vertrouwen wint in de buurt. Dit document is geen blauwdruk, maar geeft aan bij welke zaken u als initiatiefnemer stil moet staan om tot een goede communicatie aanpak te komen. Start communicatie Wanneer de gemeente uw initiatief kansrijk acht en u besluit uw plan verder uit te werken, is het moment aangebroken om de communicatie met de omgeving en met de belanghebbenden op te starten.
Om te inventariseren hoe de omgeving op uw initiatief reageert en te peilen of er draagvlak is, is het van belang om (direct) belanghebbenden in een vroegtijdig stadium te informeren. Omdat uw initiatief nog (lang) niet is uitgewerkt, is de informatieverstrekking natuurlijk nog onvolledig. Wel is het mogelijk om eventuele weerstand tegen of verbeterpunten voor uw initiatief in een vroeg stadium te traceren. Verder is het van groot belang goed op de hoogte te zijn van de voorgeschiedenis van de omgeving: wat heeft er gespeeld en wat speelt er momenteel. Hoe kijkt de buurt aan tegen veranderingen in de wijk. Bespreek deze punten ook met uw contactpersoon bij de gemeente. En voorkom misverstanden door helder en open te communiceren en duidelijkheid te verschaffen. Het is noodzakelijk inzicht te krijgen welke belangengroepen/verenigingen en -organisaties er zijn. Wie zijn de hoofdrolspelers in de wijk. Breng daarom in kaart wie de belanghebbenden zijn zoals de wijkvereniging, bewoners, ondernemers etc. En bepaal welk(e) belang(en) zij hebben bij het plan. De belangen van bewoners kunnen haaks staan op die van winkeliers of bedrijven. Het stadsdeel kan u hierbij helpen. U kunt hierover contact opnemen met uw contactpersoon bij de gemeente. Benader het bestuur van de wijk- of bewonersvereniging, wijkberaad en/of de directe buren om het initiatief toe te lichten.
Zij zijn dan niet verrast wanneer de informatie over de plannen hen via een ander kanaal bereikt. Al
snel zal duidelijk worden hoe uw initiatief ‘landt’ in de wijk. Gevoeligheden Een initiatief kan ook weerstanden oproepen. Breng de gevoeligheden zo duidelijk mogelijk in kaart. En bedenk of communicatie kan bijdragen aan een mogelijke oplossing. Indien de weerstand tegen het plan groot is, koppel dit dan terug met uw contactpersoon bij de gemeente. Bepaal vervolgens de inzet van communicatiemiddelen. Afhankelijk van de impact van het plan en de belangen die er spelen, is in het ene geval een informatieve brief voldoende, in het andere geval zijn één of meerdere informatiebijeenkomsten een gepaster middel. Bedenk bij de organisatie van een informatiebijeenkomst of een bijeenkomst met plenaire presentaties en vragenronde de voorkeur heeft, of dat juist een inloopbijeenkomst met informatiepanelen en meer 1-op-1 contact met de doelgroep handiger is. Participatie Omdat uw initiatief zich nog in de uitwerkfase bevindt en het plan binnen de randvoorwaarden van de gemeente nog diverse kanten op kan, kunt u er voor kiezen de omgeving bij de verdere planvorming te betrekken. Bepaal in deze fase of en zo ja, hoe u belanghebbenden (wijkvereniging of -organisaties) wilt laten participeren bij de uitwerking van het plan. Ideeën en voorstellen van belanghebbenden kunnen het draagvlak voor een plan vergroten, knelpunten oplossen en zelfs een plan verbeteren.
Ga dus goed na of er ruimte is voor participatie en wees duidelijk over hoe groot die ruimte is. Hier valt veel winst te behalen. Denk ook na of het mogelijk is om met verschillende alternatieven te werken, waarbij de keuze voor één van de alternatieven bij de belanghebbenden ligt. Dit vergroot het draagvlak voor het gekozen alternatief. Start Bouw Gedurende de bouw informeert u de omgeving regelmatig over de voortgang van het project. Dit kan door middel van bijvoorbeeld een bewonersbrief, een Nieuwsbrief of een informatiebijeenkomst voor de bewoners. Los klachten en vragen tijdens de bouw zo spoedig mogelijk op. Stel hiervoor een klachtennummer beschikbaar en stel een aanspreekpunt voor de wijk aan. Overweeg de mogelijkheid van installatie van een bouwbegeleidingsgroep ofwel ‘burenoverleg’ om met regelmaat de voortgang van de bouw te bespreken.
u per stadsdeel een overzicht van organisaties in de wijken. Bedenk of u aan bepaalde belangen tegemoet wilt komen door uw plan aan te passen. • Zoek eerst contact met de direct belanghebbenden zodat zij niet verrast zijn. Dit kunnen toekomstige buren, de wijkvereniging of de ondernemersvereniging zijn. Informeer ze over uw plan en peil hun reacties en vraag naar de (te verwachten) reacties van de wijk. • Breng in kaart wat mogelijke gevoeligheden in het project zijn en bepaal hoe communicatie een bijdrage kan leveren om deze op te lossen. Bespreek uw bevindingen met uw contactpersoon bij de gemeente. • Sta van te voren uitvoerig stil bij de vraag of de doelgroep mag meedenken of eventueel zelfs mag meebeslissen in de uitwerking van het project? Is er ruimte voor participatie? Kan men kiezen uit verschillende alternatieven? Vormen van participatie kunt u nalezen in de participatieverordening van de gemeente. U kunt deze verordening vinden op www.denhaag.nl via de zoekterm ‘participatieverordening’. • Bepaal uw strategie op basis van voorgaande stappen. Afhankelijk van de impact van het project en de belangen die er spelen kan in het ene geval een informatieve brief aan belanghebbenden toereikend zijn. In een ander geval zijn één of meerdere informatiebijeenkomsten of een participatietraject gepaste middelen.
• Bedenk vooraf bij het organiseren van een informatiebijeenkomst of een bijeenkomst met plenaire presentaties en vragenronde de voorkeur heeft, of dat juist een inloopbijeenkomst met informatiepanelen en meer 1-op-1 contact met de doelgroep handiger is. Bij 1 op 1 contact is meer tijd voor uitleg en individuele vragen. Bij plenaire sessies hebt u te maken met een groepsproces, waarbij niet altijd iedereen aan het woord komt. Zorg in ieder geval bij plenaire sessies voor een goed gekwalificeerde gespreksleider. • Betrek belanghebbenden bij de voortgang van het bouwproces en los overlast zo snel mogelijk op. • Neem bij vragen over het communicatietraject contact op met uw contactpersoon bij de gemeente.
Samengevat de stappen in de communicatie aanpak: • Breng alle belanghebbenden in kaart en inventariseer welk(e) belang(en) zij hebben bij het project? Op www.denhaag.nl vindt
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
39
Monumentale bomen
40
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
afbeeldingen Vollmer & Partners
BIJLAGE 2 - BOOMINVENTARISATIE Ondanks de vrij omvangrijke zorggebouwen heeft de locatie Albardastraat een groene uitstraling. In sommige delen heeft het een open parkachtig karakter, maar in andere delen een vrij besloten karakter door dichte begroeiing en/of bouwmassa. Met name de karakteristieke assenstructuur komt daardoor onvoldoende uit de verf. De locatie kent enkele zeer fraaie en omvangrijke solitairen en boomgroepen. Direct rond het landhuis staan imposante beuken, kastanjes, lindes en een breed uitstoelende vleugelnoot. Langs de zuidrand bevinden zich minder forse, maar toch zeker waardevolle parkbomen, met name rond het dierenverblijf en bij de villa’s aan de zuidoostzijde. Aan de Singel aan de noordoostzijde staan eveneens enkele fraaie bomen, met name lindes. De locatie kent ook zeker mindere delen. Ten westen van het landhuis bevindt zich rond de singel een dichtgegroeid geheel van populieren, wilgen en opvallend genoeg ook enkele dennen. De groenstructuur aan de oostzijde is zeer dicht, waardoor de Singel nauwelijks zichtbaar is en onvoldoende licht krijgt. Tussen de begroeiing bevinden zich interessante bomen zoals enkele grote eiken, maar ook verwilderde bamboe en rododendron. In de afgelopen jaren zijn bomen bijgeplant die als toekomstboom kunnen dienen, met name lindes.
Onder andere is getracht de hoofdstructuur meer naar voren te halen, iets wat door het gemis aan omvang nog onvoldoende is gelukt. Alleen voor een geoefend oog zullen de rudimenten van oude laanstructuren herkenbaar zijn.
Boominventarisatie
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
41
Gesloopte en te slopen bebouwing
42
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
afbeeldingen Vollmer & Partners
BIJLAGE 3 - OPPERVLAKTE HUIDIGE EN NIEUWE BEBOUWING Huidige situatie Nieuw plan Verschil Verharding 15.711m² 12.734m² 2.977m² afname Gebouwen 8.283m² 7.161m² 1.122m² afname Water 12.616m² 14.160m² 1.544m² toename
Nieuwe bebouwing
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
43
44
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
BIJLAGE 4 - NATUURINCLUSIEF BOUWEN Tabel Natuurinclusief Bouwen
Tabel met maatregelen voor Natuurinclusief bouwen. Voor deze locatie geldt dat er in totaal minimaal 16 punten moeten worden behaald (6+4+6).
Ambitie te behalen puntenscore Punten
6
4
6
Aspect
Maatregel
1
gevel/dak
Geveltuin
1
gevel/dak
Geen lichtuitstraling vanuit gebouw
1
gevel/dak
Groen dak met sedum (> 5 – 7 cm) /30%
2
gevel/dak
Groen dak met sedum, grassen, kruiden (7 - 15 cm) /30%
3
gevel/dak
Groen dak met (sedum), grassen, kruiden, dwergheesters (15 - 30 cm) /30%
4
gevel/dak
Groen dak met (grassen), kruiden, dwergheesters en struiken (30 - 50 cm) /30%
4
gevel/dak
Groen dak met kruiden, dwergheesters, struiken en bomen (> 50 cm) /30%
2
gevel/dak
Gevelgroen
4
gevel/dak
1
verblijf
Alleen bij hoogbouw (>50m) verplicht: minimaal 100% van de footprint van de stedelijke laag komt terug als horizontale buitenruimtes zoals daktuinen. Daarvan moet minimaal 40% ingericht worden met groen dat een bijdrage levert aan biodiversiteit. Insectenstenen
1
verblijf
Nestplaatsen voor gierzwaluwen
1
verblijf
Nestplaatsen huismus bij groene tuinen/pleinen
1
verblijf
Zomerverblijfplaats voor vleermuizen
1
verblijf
Winterverblijfplaats voor vleermuizen
1
omgeving
Geen buitenverlichting bij groen
1
omgeving
Cluster van 3 inheemse bomen
1
omgeving
Cluster van inheemse struiken 50m2
1
omgeving
Groene tuin met aansluiting op ecologische structuur
1
omgeving
Insectenhotel
1
omgeving
Voor vlinders geschikte struiken
1
omgeving
Droog bloemrijk grasland > 10m2
1
omgeving
Faunapassage onder hekwerk
2
omgeving
Natuurlijke haag > 25 meter
2
omgeving
Natuurlijke verharding 25% areaal
2
omgeving
Boomgaard met > 10 fruitbomen
2
omgeving
Grasland met inheems bloemenmengsel > 500 m2
2
omgeving
Groen >25% onbebouwde areaal
2
omgeving
Zoomvegetatie langs perceelsranden
3
omgeving
Natuurlijke poel
3
omgeving
Pocketpark (minipark)
1
omgeving
Muurplanten in oude (kade)muur
1
omgeving
Doorstroming van open water
1
omgeving
Rustzone fauna langs wateroever
2
omgeving
Rij van >10 inheemse bomen (zo mogelijk gemixt)
2
omgeving
Natuurvriendelijke of drijvende oever > 10 m
2
omgeving
Ecologische wadi
PUK PARNASSIA ROSENBURG - DECEMBER 2019
45
Colofon Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Stedenbouw & Planologie
december 2019