RIS322634 Beantwoording SV Verbeter de participatie bij tijdelijke en permanente invulling Haga-complex
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN
9 september 2025 Ons kenmerk Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden mevrouw Van Doorn, mevrouw Mostert en de heer Noorlander luidend: ‘Verbeter de participatie bij tijdelijke en permanente invulling Haga-complex’
DSO/10933809 RIS322634
De raadsleden mevrouw Van Doorn, mevrouw Mostert en de heer Noorlander hebben op 16 juni 2025 een brief met daarin zeven vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. De gemeente Den Haag heeft, voor de participatie rondom de tijdelijke en de permanente invulling van het door haar aangekochte voormalig Haga-ziekenhuis aan de Sportlaan, een Participatieplan (RIS321119) opgesteld, als onderdeel van het nieuwe participatiebeleid. Een grote verbetering ten opzichte van de tijd voordat dit nieuwe beleidskader werd ontwikkeld. Het participatieplan Haga was het eerste participatieplan dat in de Haagse gemeenteraad werd besproken, waarvoor hulde. Een mijlpaal in de doorontwikkeling van het participatiebeleid in de gemeente Den Haag! Op de voorraadagenda staat dat de eerste uitkomsten van de Haga-participatie zullen worden besproken met de raad. De praktijk van de participatie blijkt, zoals altijd, weerbarstiger dan op papier. Via bewoners die actief deelnemen aan de participatie kreeg de D66-fractie een aantal signalen binnen, die we graag voorleggen aan het college, ter verdere aanscherping en verbetering van het participatieproces in het geval van Haga, maar ook in algemene zin. 1.
Is het college het met D66 eens dat een actieve bijdrage vanuit de buurt goud waard is en op waarde moet worden geschat?
Het college is het hiermee eens. Omwonenden zijn eerder geconsulteerd over de permanente herontwikkeling en veel bewoners hebben hier een uitgebreide bijdrage aan geleverd. 2.
Omwonenden zijn bezorgd dat eerdere input in de la verdwijnt. Kan het college deze zorgen van bewoners wegnemen?
Ja. In 2022 zijn twee bewonersbijeenkomsten georganiseerd met betrekking tot het op te stellen Planuitwerkingskader Haga Sportlaan (PUK). De reacties van de omwonenden waren destijds overwegend positief op het concept-PUK. De destijds opgehaalde reacties zijn gebruikt als input voor het participatieplan voor de Nota van Uitgangspunten Sportlaan (NvU) en worden ook gebruikt voor de inhoud van de Nota van Uitgangspunten en het vervolgtraject.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10933809
In het participatieplan voor Haga staan veertien groepen met belanghebbenden genoemd, maar in de werkgroep herontwikkeling Haga is maar ruimte voor twaalf personen. 3.
Deelt het college de mening van de D66-fractie dat het aantal van twaalf personen in de werkgroep herontwikkeling Haga krap is, wanneer de veertien groepen die als belanghebbenden worden aangemerkt in het participatieplan serieus betrokken moeten worden? Zo ja, waarom is niet gekozen voor een grotere werkgroep of een andere opzet om alle veertien groepen goed te betrekken?
Met woningbouwcorporatie Arcade en met het Centrum Groepswonen, beide genoemd als belanghebbende in het participatieplan, vindt in een ander verband afstemming plaats. De overige genoemde belanghebbenden zijn vertegenwoordigd. Vervolgens is, zoals aangegeven in het participatieplan, van grof naar fijn gewerkt. In fase 1 van de participatie is een website, denhaag.nl/ herontwikkelingsportlaan, online gegaan. Hier hebben zo’n 400 mensen de vragenlijst over de inhoud van de NvU ingevuld. Vervolgens is een inloopbijeenkomst in het voormalig ziekenhuis georganiseerd. Bewoners en belanghebbenden uit de omliggende wijken zijn hiervoor via een huis-aan-huisbrief uitgenodigd. Ook hier kon op de vragen worden gereageerd. Ca. 50 mensen waren hierbij aanwezig. Op basis van gesprekken met de voorzitters van de bewonersorganisaties is een adviserende werkgroep aan het participatieplan toegevoegd. Gekozen is voor 12 leden als een prettig werkbaar aantal deelnemers voor een werkgroep. Geïnteresseerden konden zich hiervoor via de website opgeven. Op de website en in de bewonersbrief is ook toegelicht hoe de selectie van de werkgroep, met 12 leden, plaats heeft gevonden. In de werkgroep is naast de bewonersvertegenwoordiging ruimte voor bewoners uit de wijken en voor belangenvertegenwoordigers van stadsbrede initiatieven. 35 mensen hebben zich als geïnteresseerden opgegeven.
Hieruit is, samen met de voorzitters van de bewonersorganisaties, de werkgroep geselecteerd. De werkgroep is drie keer samengekomen. Het college is van mening dat alle betrokkenen op deze manier serieus betrokken zijn en deelt de mening van de vragenstellers niet. 4.
In hoeverre zijn/worden belangstellenden meegenomen en betrokken bij de participatie voor de permanente invulling en bijvoorbeeld ook uitgenodigd voor de werkgroep herontwikkeling? Pagina 1 van 2
Zie het antwoord op vraag 3. Tijdens de eerste participatiebijeenkomst herontwikkeling Haga werden de twaalf deelnemers van de werkgroep in vier groepjes verdeeld, waardoor maar drie mensen over het onderwerp ‘wonen’ konden meepraten. Kennelijk was het wel de bedoeling te roteren zodat verschillende trio’s over verschillende onderwerpen konden meepraten, maar kwam dit er niet van. Tijdens de tweede participatiebijeenkomst mochten deelnemers in twee maal 40 minuten vier onderwerpen behandelen, wat 20 minuten tijd per onderwerp betekent.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10933809
5.
Deelt het college de mening van de D66-fractie dat de diepgang waarmee deelnemers aan de participatie worden geconsulteerd door deze opzet en uitvoering van het participatie-traject verbetering verdient? Zo ja, staat het college open om de opzet en uitvoering van participatiebijeenkomsten te verbeteren zodat meer mensen langer over de door hen gewenste onderwerpen kunnen meepraten? Zo ja, hoe? Zo nee, waarom niet?
De werkgroep bijeenkomst was zo opgezet dat de reacties op dezelfde vier thema’s van de website en inloopbijeenkomst nader konden worden uitgewerkt. Opzet was dat de verschillende adviezen vervolgens plenair zouden worden besproken. Een deel van de deelnemers had echter andere verwachtingen van de opzet van de eerste bijeenkomst. Zij willen met name op één thema, namelijk wonen en meer specifiek het woonprogramma, input leveren. Daarom is de opzet van de derde, voor deze fase, afrondende bijeenkomst vooraf met de deelnemers afgestemd. Dit betekent dat in plaats van één bijeenkomst, drie bijeenkomsten voor fase 1 van dit participatietraject zijn georganiseerd. Uit Radar-onderzoek ((RIS320063) blijkt een, in gemeentelijk beleidskader bewonersorganisaties erkende, diversiteit aan rollen die bewonersorganisaties kunnen vervullen: als organisator van activiteiten, als verbinder en als belangenbehartiger. Niet alle bewonersorganisaties zien zichzelf als belangenbehartiger. 6.
Heeft het college de bewonersorganisaties die in het participatieplan Haga worden genoemd en die deelnemen in de werkgroep herontwikkeling Haga gepolst of zij de rol van belangenbehartiger denken te kunnen vervullen?
De voorzitters c.q. de vertegenwoordigers van de bewonersorganisaties zijn vooraf betrokken bij de opzet van de participatie en de selectie van de werkgroep leden. Hun input in bijvoorbeeld de werkgroep is van belang. De daadwerkelijke participatie vindt echter in groter verband plaats en de rol van behartiger van alle belangen rust daarmee ook niet op de schouders van de bewonersorganisaties. De drie bewonersorganisaties in de werkgroep en uit het participatieplan geven bij de D66-fractie aan zich af te vragen wat hun mandaat is om namens de wijk te spreken (als belangenbehartiger). Zij zouden graag een betrouwbare enquête laten uitvoeren. 7.
Is het college bereid om betreffende bewonersorganisaties te faciliteren bij het consulteren van de bewoners in hun wijk middels de gevraagde enquêtes?
Op basis van de vragen op de website, de inloopbijeenkomst en de werkgroep bijeenkomsten zijn de belanghebbenden uitgebreid geconsulteerd. Het college schat in dat een enquête geen nieuwe input zal opleveren. De bewonersorganisaties hebben inmiddels op eigen initiatief een enquête uitgezet. Aan hen is toegezegd dat wanneer de uitkomst van de enquête in september bekend is dat deze naast de haalbaarheidsstudie van de Nota van Uitgangspunten wordt gelegd. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3