RIS322572 Advies rekenkamer aan raad over programmarekening 2024
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 16079, 2500 BB Den Haag
Aan
Uw kenmerk
De gemeenteraad Ons kenmerk
RK/2025.14 / RIS322572 Doorkiesnummer
070-3532048 E-mailadres
rekenkamer@denhaag.nl Aantal bijlagen Datum
16 juni 2025 Onderwerp:
Advies om bij de programmarekening niet te besluiten over de opvolging van rekenkameronderzoeken
Geachte leden van de raad, Via deze brief adviseren wij u om bij de vaststelling van de Programmarekening 2024 niet integraal akkoord te gaan met de status van de opvolging van de aanbevelingen van rekenkameronderzoeken zoals opgenomen in de programmarekening. Voor de besluitvorming over de opvolging van raadsbesluiten over rekenkameronderzoeken doen wij in deze brief een alternatief procesvoorstel .1 Op 7 mei heeft u van het college de concept Programmarekening 2024 (RIS321975) ontvangen. In lijn met de Wet versterking decentrale rekenkamers2 en de Verordening op de rekenkamer rapporteert het college in de paragraaf bedrijfsvoering (vanaf p. 261) over de opvolging van de aanbevelingen van recente rekenkameronderzoeken. Het college geeft daarbij aan, dat als de raad de programmarekening vaststelt, de raad akkoord gaat met de door het college in de programmarekening opgenomen status van de opvolging van de aanbevelingen. Wanneer de raad hiermee instemt gaat dit echter ten koste van een zorgvuldige besluitvorming over de opvolging van besluiten van de raad over rekenkameronderzoeken. Concreet zou het nu instemmen met het voorstel van het college voor de opvolging van het raadsbesluit over ons rapport ‘Werk aan welzijn’ (RIS315975) bijvoorbeeld betekenen, dat de raad ermee akkoord gaat dat alle aanbevelingen van de rekenkamer zijn opgevolgd.
Het college geeft in de programmarekening namelijk aan dat de aanbevelingen uit dat onderzoek inmiddels zijn
1
Het college neemt in de programmarekening de aanbevelingen van de rekenkamer als uitgangspunt. De rekenkamer gaat bij opvolgingsonderzoeken altijd uit van het besluit dat de raad over de aanbevelingen heeft genomen. Zo heeft de raad via twee amendementen het raadsvoorstel van de rekenkamer voor het onderzoek Werk aan welzijn aangevuld. 2
Zie ook RIS314731 Brief rekenkamer aan de gemeenteraad van 8 maart 2023 over de Wet versterking decentrale rekenkamer, onderdeel 7
1
opgevolgd. Deze instemming zou niet in lijn zijn met uw motie van 13 maart 2025 (RIS321652), waarin u de rekenkamer verzoekt onderzoek te doen naar de opvolging van het raadsbesluit. De rekenkamer zal u over de uitkomsten van dit opvolgingsonderzoek nog voor het zomerreces informeren (RIS321950). Daarnaast geven wij aan u mee, dat het nemen van een raadsbesluit over de opvolging van de aanbevelingen uit rekenkameronderzoeken mogelijk ondersneeuwt bij alle andere punten die uw aandacht vragen bij de behandeling van de programmarekening. Het zou onze voorkeur hebben dat u op voorstel van het college over de afdoening van een raadsbesluit beslist, zodra het college in het kader van de opvolging een of meerdere stukken naar de raad stuurt of de rekenkamer hier een opvolgingsonderzoek over heeft gepubliceerd. Dit geeft u als raad meer ruimte om hier inhoudelijk aandacht aan te besteden en geeft de rekenkamer de gelegenheid u gevraagd of ongevraagd hierover te adviseren. Mocht u dan besluiten dat het raadsbesluit is opgevolgd, dan kunt u dat in de eerstvolgende programmarekening laten opnemen en hoeft het college hier daarna niet meer over te rapporteren. Met vriendelijke groet,
H.A. (Manus) Twisk voorzitter
2